CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

LIS2024.11 ODRU inzake Kadernota 2025 en uurtarief 2024

Gemeenteraad 25 januari 2024, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Ingekomen stukken7.612 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

nr. LIS2024.11 \ cat. A

i IM~INIiiiIII

15 jan 2024 /001025 vrrconaen:

Aan: CC: Onderwerp: Bijlagen:

Bestuurssecretariaat ODRU <bestuurssecretariaat@odru.nl> vrijdag 12 januari 2024 17:52 Bestuurssecretariaat Veenendaal; Info Veenendaal Babette Behrens - Benne; Gemeenten; Marlieke Smit Vastgestelde Kadernota 2025 en Uurtarief 2024 Omgevingsdienst regio Utrecht Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)-INT20.1011-2143.pdf; Aanbiedingsbrief vastgestelde Kadernota 2025 ODRU-INT20.1011-2154-VEE.pdf

Let op: Deze e-mail komt van buiten de organisatie. Klik niet op links en open geen bijgevoegde documenten, tenzij je de afzender herkent en weet dat de inhoud veilig is.

Aan: de gemeenteraad, ter attentie van het College van B&W Hierbij doen wij u de aanbiedingsbrief toekomen met de vastgestelde Kadernota 2025 en uurtarief 2024' van de Omgevingsdienst regio Utrecht (ODRU). De Kadernota 2025 en het uurtarief voor 2024 is door het algemeen bestuur van de ODRU op 14 december jl. vastgesteld Wij hebben ervoor gekozen om de stukken digitaal aan u te versturen; u ontvangt geen exemplaar per post. Met vriendelijke groet, Hanneke van Haandel Bestuurssecretaresse

( ((omgevingsdienst regio Utrecht

Archimedeslaan 6 l 3584 BA Utrecht Postbus 13101 3507 LC Utrecht 088 - 0225027/088 - 0225000 l bestuurssecretariaat@odru.nl Bereikbaar op maandag t/m vrijdag (woensdag- en vrijdagmiddag afwezig) 'f ®

`, or, . ;)or ..

0

om

er nabijhewd

Privacy vinden wij belangrijk. Lees er hier meerover.

1

((~Orngevingsdienst regio Utrecht Bezoekadres

Arch~medeslaan 6

Gemeente Veenendaal Aan de gemeenteraad, ter attentie van het College van B&W Postbus 1100 3900 BC VEENENDAAL

3584 BA Utrecht Postadres: Postbus 13101 3507 LC Utrecht 088 — 0225000 infoCa)odru.nl www.odru.nl

kvk 55523544

btw NL85 1750 126 B01 iban NL3S BNGH 0285 1555 71

DIGITAAL VERZONDEN 12-1-2024

Utrecht, 12 januari 2024 Ons kenmerk: Behandeld door:

INT20.1011-2154 A.E. van Vuuren

Onderwerp:

Kadernota 2025 ODRU en uurtarief 2024

Geacht college, Het algemeen bestuur van de Omgevingsdienst regio Utrecht heeft in zijn vergadering van 14 december 2023 de Kadernota 2025 vastgesteld. Daarmee is ook het tarief voor 2024 naar boven bijgesteld. Door het nemen van diverse maatregelen is het de ODRU gelukt om het tarief voor zowel 2024 als 2025 aan te passen, waardoor deze minder hard hoeven te stijgen dan in september 2023 verwacht. Bij de besluitvorming in het algemeen bestuur zijn de van gemeenten ontvangen zienswijzen betrokken. Met deze brief informeren we u over de uitkomsten van deze besprekingen door het algemeen bestuur op 14 december 2023. Ontvangen zienswijzen gemeenten en uitkomsten onderzoek besparingen ODRU Veertien eigenaargemeenten hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid een zienswijze in te dienen. Het algemeen bestuur heeft kennisgenomen van alle ontvangen reacties. De reacties van de gemeenten zijn kritisch maar constructief en geven ook richting aan de discussie en aanpak van de beteugeling van de kostenstijging voor de komende jaren. We bedanken de gemeenten dan ook die gebruik hebben gemaakt van de mogelijkheid een zienswijze in te dienen voor hun inbreng. Hun boodschap is goed gehoord. Door het nemen van diverse maatregelen is het de ODRU gelukt om het tarief voor zowel 2024 als 2025 aan te passen, waardoor het minder hard hoeft te stijgen dan in september 2023 verwacht.

Dit valt te lezen uit onderstaande samenvattende tabel: Tarief voor jaar 2024 2025

Vastgesteld tarief (Kadernota 224) € 110,50

Voorgesteld tarief september 2023 € 120,50 € 126,00

Nieuw voorgesteld tarief december 2023 E 116,00 E 123,00

Door het algemeen bestuur is waardering uitgesproken voor de inspanningen van de ODRU om het uurtarief minder te laten stijgen dan in september was voorgesteld. Dit is onder meer gelukt door uitstel van de aanpassing van het functiehuis en een latere invulling van (moeilijk vervulbare) vacatures. De nieuw voorgestelde tarieven zijn in het algemeen bestuur uiteindelijk unaniem vastgesteld. Hierbij is de financiële situatie van alle gemeenten in acht genomen, welke door de vertegenwoordigers van Wijk bij Duurstede en IJsselstein extra werden benadrukt. Verdere informatie vindt u in de vastgestelde Kadernota 2025, zoals u deze bij deze brief aantreft. Gemeenten als eigenaar en gemeenten als opdrachtgever van de ODRU Gemeenten zijn eigenaar van de ODRU. Vanuit hun eigenaarsrol zijn gemeenten ervoor verantwoordelijk om de ODRU dusdanig toe te rusten zodat zij de taken die zijn overgedragen naar behoren kunnen uitvoeren (voldoende mensen en middelen). Ook is het vanuit deze rol belangrijk om te voldoen aan de wettelijke eisen die op organisaties zoals de ODRU van toepassing zijn (archiefwet, privacy, gegevensbescherming, alle arbeidsrechtelijke zaken, Besluit begroten en verantwoorden, etc.). Deze taken worden door de ODRU kostenbewust uitgevoerd; daarvan zijn de directie en het bestuur doordrongen, mede gezien de financiële situatie waarin gemeenten zich bevinden.

De verhoging van het (vastgestelde) tarief voor 2024 en de stijging van het tarief voor 2025 is vanuit dit perspectief gezien onvermijdelijk, zoals hiervoor ook al benoemd. Gemeenten zijn ook opdrachtgever van de ODRU door het afsluiten van de Uitvoeringsprogramma's. In deze rol bepalen ze de hoeveelheid van in te kopen producten en diensten, zowel individueel als gezamenlijk. Hiervoor zijn door de eigenaren spelregels afgesproken, waar (nog) niet alle gemeenten aan voldoen. Als alle gemeenten voldoen aan de 80-20% regel (verhouding vaste-flexibele uren), dan geeft dat nog een verlaging van het tarief. Alle gemeenten hebben hier dus direct profijt van. Ook het overdragen van de wettelijke basistaken draagt bij aan een robuuste organisatie en een minder hard stijgen van het tarief. Namens de ODRU ontvangen de gemeenten die (nog) niet voldoen aan de 80-20% regel en die (nog) niet de wettelijke basistaken aan de ODRU hebben overgedragen een brief van de voorzitter van de ODRU met het verzoek deze spelregels na te leven. Instellen werkgroep Gezien de ontvangen zienswijzen van gemeenten en ook de wens van de ODRU om kostenbewust te handelen heeft het algemeen bestuur ingestemd met het instellen van een werkgroep onder leiding van een directielid van een van de gemeenten.

Deze werkgroep krijgt de opdracht een advies op te stellen voor het dagelijks bestuur van de ODRU èn de afzonderlijke gemeenten met daarin de maatregelen die aanvullend genomen kunnen worden door zowel de ODRU als door gemeenten om kosten te besparen. Hierbij wordt onder meer gevraagd te kijken of de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden in de keten wel optimaal belegd zijn in de keten vanuit het perspectief van kosten en kwaliteit. Mogelijkheden voor efficiëntere processen, de 80-20% regel (evt. aanpassen in 90-10 of 100- 0%) en bijvoorbeeld knellende afspraken die maken dat gemeenten niet genegen zijn de DVO-uren op te hogen zijn ook onderwerp van onderzoek. Ook de suggestie van de gemeente IJsselstein om drie processen in de hele keten te uniformeren en daarvan het effect te kapitaliseren is onderdeel van de opdracht. De adviezen van de werkgroep worden opgesteld voor de zomer van 2024. Het financiële effect van deze adviezen, inclusief de 80-20% regel, de loon-prijscompensatie (CPB zomer 2024) en het effect van de effectuering van het functiehuis op het tarief 2025, worden besproken in de septembervergadering van het algemeen bestuur.

2 van 3

De ODRU vertelt u graag meer over het werk De medewerkers en het bestuur van de ODRU werken in opdracht van en veelal ook samen met de gemeenten dagelijks aan een gezonde, veilige en duurzame leefomgeving. Wij laten u graag zien hoe we dat doen. Zo kunt u met ons mee op inspectie en nodigen we u uit om ons te volgen op Linkedln. Op onze website vindt u hier meer informatie over: nttps:1/www.odru.nliover-onsiopen-hLr; . Hier vindt u onder meer ook de ervaring van Michel Heijdra, directeur-generaal Energie en Klimaat van EZK. Hij ging in december mee op een energiecontrole. We vertrouwen erop dat we met deze brief de belangrijkste punten hebben kunnen toelichten. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de heer A.E. van Vuuren, directeur, via telefoonnummer 088 - 0220 50 00 of via het e-mailadres bestuurssecretariaat@odru.nl.

Met vriendelijke groet, Het algemeen bestuur Omgevirigsdienst regio Utrecht, narr~ens deze-

() Sjorfs F5hlich ~ Voorzitter

bijlage c.c.

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief bespraringen)-INT20.1011-2143 Regievoerder(s)

3 van 3

Omgevingsdienst r 2gin

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen) OMGEVINGSDIENST REGIO UTRECHT

0mgevingsdienst regio Utrecht 15 november 2023

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

Colofon Titel

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

Revisie

4

Datum

15 november 2023

Aantal pagina's

16 (inclusief titelpagina)

Auteurs

Omgevingsdienst regio Utrecht

Contactpersoon

Planning & Control

ODRU

Archimedeslaan 6, 3584 BA Utrecht

Copyright

© Omgevingsdienst regio Utrecht

Orngevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter.

opgesteld door

Planning & Control

beoordeeld door

managementteam 15 en 22 augustus 2023

beoordeeld door

directeur

besproken door

dagelijks bestuur 7 september 2023

besproken door

algemeen bestuur 28 september 2023

aangepast n.a.v.

ontvangen zienswijzen

besproken door

dagelijks bestuur 23 november 2023

vastgesteld door

algemeen bestuur 14 december 2023

2 van 14. Akkoord secretaris

i `

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

Inhoudsopgave Samenvatting

4

1.

Inleiding

6

1.1

Omgevingsdienst regio Utrecht (ODRU)

6

1.2

Koers 2023-2028

7

1.3

Proces

7

1.4

Leeswijzer

7

2.

Meest relevante ontwikkelingen voor 2025

8

2.1

De invoering van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen

8

2.2

Stikstof, woningbouwopgave en landbouwakkoord

8

2.3

Uniform werken en gelijkluidend mandaatbesluit

8

2.4

lnterbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel

9

2.5

De verkenning van één Omgevingsdienst voor heel Utrecht

9

2.6

Personeel en organisatie

9

2.7

Bedrijfsvoering

10

3.

Financiële ontwikkelingen

11

3.1

Uitgangspunten voor de berekening van het uurtarief en de meerjarenbegroting

11

3.2

Ontwikkeling van de structurele lasten

12

3.3

Berekening van de gewogen loon-/prijscompensatie

12

3.4

Gegarandeerde uren uit de dienstverleningsovereenkomst

13

3.5

Berekening van het uurtarief

13

3.6

Onderbouwing van het uurtarief

13

3.7

Bijdrage van de eigenaar gemeenten

14

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

3 van 14- / Akkoord secretaris/~

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

Samenvatting Het doel van de Kadernota 2025 is om het bestuur van de Omgevingsdienst regio Utrecht in staat te stellen zich uit te spreken over de verwachtingen en kaders mee te geven voor de (ontwerp)begroting 2025-2028. Deze meerjarenbegroting wordt in het voorjaar van 2024 opgesteld en een belangrijk kader hiervoor is het door het bestuur vastgestelde uurtarief voor 2025. Uurtarief en financiële bijdrage in algemene zin De uiteindelijke financiële bijdrage die de gemeente in 2025 betaalt, wordt, naast het uurtarief, bepaald door het aantal producten en diensten die worden afgenomen en het aantal uren dat daarmee is gemoeid (dus q maal p). Het aantal producten en diensten en het aantal uren worden op uiterlijk 1 december 2024 door de gemeenten bij de vaststelling van de Uitvoeringsprogramma's (UVP's) bepaald. Daarnaast nemen de gemeenten gedurende het jaar nog aanvullende opdrachten af. Daarbij geldt een tariefopslag van 10%. Op het uurtarief hebben de volgende drie factoren een mogelijk effect: a. Loon- en prijsontwikkelingen (index opgave CPB). b. De ontwikkeling van de structurele lasten: deze kunnen het gevolg zijn van ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving, de interne bedrijfsvoering en de maatschappelijke eisen die aan Omgevingsdiensten worden gesteld. c. Aantal gegarandeerde uren uit de dienstverleningsovereenkomsten van de eigenaar gemeenten.

Op het eerste effect hebben wij geen invloed. De andere twee kunnen wij gezamenlijk - ODRU en eigenaargemeenten — beïnvloeden. Berekening uurtarief en meest relevante ontwikkelingen Bij het berekenen van het uurtarief 2025 hebben wij de volgende afspraken met het bestuur in ogenschouw genomen: De norm voor overhead (aantal FTE) is voor de ODRU vastgesteld op maximaal 25%. Al jaren zien wij dat we onder deze norm blijven. Wij elkaar afgesproken om het aantal gegarandeerde uren in de hebben met dienstverleningsovereenkomsten minimaal 80% van de totale uren uit het uitvoeringsprogramma van de eigenaar-gemeente te laten zijn. Deze norm wordt nog niet door alle eigenaar-gemeenten gehaald. Door de berekeningssystematiek en het feit dat het aantal gegarandeerde uren altijd fors lager is dan de uren die daadwerkelijk afgesproken en geleverd worden (door aanvulling met tijdelijke en uren) is er te weinig structurele ruimte in de overhead om de ODRU te blijven ontwikkelen. De afgelopen jaren kon dit worden opgelost door tijdelijke bestemmingsreserves en de marge tussen ODRU tarief en het inhuurtarief (voor vooral de incidentele opdrachten). Dat is een dure en kwalitatief minderwaardige oplossing die in 2025 naar verwachting ook minder makkelijk gaat. In het tarief van 2024 is er door het algemeen bestuur enige ruimte geboden voor het absorberen van structurele effecten: -

In eerdere jaren is reeds geconstateerd dat een deel van de incidentele lasten structureel zijn geworden en zijn conform BBV voor het jaar 2024 meegenomen in het structurele gedeelte. Invloed van maatschappelijke eisen op het functiehuis waarbij sommige functies op uitvoerend niveau qua taakinhoud en functie-eisen verzwaard worden.

De scheefgroei die in de loop van de jaren is ontstaan in de verhouding structurele overhead en totale formatie is daarmee helaas nog niet structureel opgelost. Dit leidt tot hogere kosten door tijdelijke inhuur en minder efficiënt werken vanwege die tijdelijke inhuur. Daarnaast zien wij verdergaande specialisatie op meerdere gebieden binnen de overhead vanwege nationale wetgeving. Dit maakt dat wij voor 2024 en 2025 structurele ruimte vragen voor de overhead (in plaats van incidenteel), waarmee de overhead (in aantal FTE) binnen de gestelde norm van 25% blijft. Een ander punt dat extra structurele ruimte vraagt (al vanaf 2024) is de herziening van contracten met onze leveranciers. Over het algemeen ligt dat in het feit dat er meer eisen worden gesteld aan de dienstverlening. Net zoals dat voor de ODRU het geval is.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

4 van 14

Akkoord secretaris air

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

Samengevat verwachten we dat 2025 (en ook 2024) in het teken zal staan van: a. Het verder werken aan de implementatie van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen; b. Het omgaan met de (nu nog) onzekerheden omtrent stikstof, woningbouwopgave en landbouwakkoord; c. Het uniform werken in het kader van het nog vast te stellen mandaatbesluit; d. Het verder werken aan de versterking van het VTH-stelsel; e. Het realiseren van één robuuste omgevingsdienst voor heel Utrecht per 1 januari 2026, mits de besturen van de ODRU en de RUD daar in het najaar van 2023 mee instemmen; f. Personeel en organisatie: het vinden, boeien en binden van medewerkers, inclusief het meer in balans brengen van de verhouding vast en tijdelijk personeel, het investeren in uniforme afspraken met onze gemeenten; g. Bedrijfsvoering: het optimaliseren van de werkprocessen en overhead en de komende jaren een flinke stap maken in het data-gestuurd werken. De overhead brengen naar een niveau dat past bij de jaarlijkse omvang van de opdrachtenportefeuille en wetgeving op gebied van o.a. informatiebeveiliging, open overheid en archivering. Van bovenstaande ontwikkelingen zijn de structurele effecten van 6 en 7 in de herrekening van het maximale integrale uurtarief 2024 meegenomen en daarmee ook in het maximale uurtarief van 2025.

De overige ontwikkelingen moeten worden gefinancierd vanuit de reguliere begroting, via aanvullende opdrachten en via externe financiering (voor bijvoorbeeld de incidentele kosten van de weg naar één robuuste Omgevingsdienst voor heel Utrecht). Het structurele kosteneffect 2024 betreft een stijging van maximaal €537.900 en voor 2025 €93.500 (prijspeil 2024). Door deze structurele effecten mee te nemen in het tarief voldoen we aan wet en regelgeving en ontstaat er een overhead die structureel past bij totale opdrachtenportefeuille (en dus niet alleen bij de gegarandeerde uren). De concept Macro Economische Verkenningscijfers (MEV) van het CPB, gepubliceerd op 17 augustus 2023, geeft aan dat de economische groei terugvalt. Aangezien de inflatie sterker is gestegen dan waar in de Kadernota 2024 mee is rekening gehouden, is er op het tarief voor 2024 een correctie (voor 2023 en 2024) voor de gewogen compensatie toegepast. De gewogen compensatie (voor 2023, 2024 en 2025) ten behoeve van het tarief voor 20251 is in totaal voor de: • Lonen 8,20%; Prijzen 3,20%; • • Loon-/prijscompensatie 7,27%. Het aantal gegarandeerde uren uit de dienstverleningsovereenkomsten 2023 bedraagt 151.379 uur. Het voorgestelde tarief voor 2025 is maximaal €123,002. Voor aanvullende opdrachten is dit maximaal €1 35,25.

Het voorgestelde tarief voor 2024 is maximaal €116,00 (inclusief eenmalige korting van €1 op het standaard tarief voor eigenaar gemeenten vanwege het temporiseren van de ontwikkeling van het functiehuis). Voor aanvullende opdrachten is dit maximaal €128,75. De stijging van de totale bijdrage en/of het uurtarief kan door de gemeenten verminderd worden door het aantal gegarandeerde uren te verhogen door een deel van de r**izoi.twiwtttss tijdelijke uren van de afgelopen jaren als structureel te bestempelen en dus onder te brengen in de dienstverleningsovereenkomst (dus een verschuiving van incidentele uren naar structurele). De overige kaders die als basis dienen voor de meerjarenbegroting 2025 staan in paragraaf 3.1. ..~,.._....~ _,..~....d., ' Voor de berekening van de loon-/prijscompensatie wordt verwezen naar paragraaf 3.3. ' Voor de berekening van het tarief wordt verwezen naar paragraaf 3.5. Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

5 van 14 ~ Akkoord secretaris~f

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

1.

Inleiding

Het doel van de Kadernota 2025 is om het bestuur van de Omgevingsdienst regio Utrecht in staat te stellen zich uit te spreken over de verwachtingen en kaders mee te geven voor de (ontwerp)begroting 2025-2028. Het belangrijkste kader voor de meerjarenbegroting, die in het voorjaar van 2024 wordt opgesteld, is het uurtarief voor 2025. 1.1 Omgevingsdienst regio Utrecht (ODRU) De ODRU is een gemeenschappelijke regeling van vijftien gemeenten in de provincie Utrecht. Los van landelijke ontwikkelingen hebben middelgrote en kleine Utrechtse gemeenten al eerder hun krachten gebundeld in twee milieudiensten, die in 2012 de ODRU vormden. Deze bundeling op het gebied van het omgevingsrecht leverde voor de gemeenten samen en voor elke gemeente afzonderlijk betere garanties voor: • de kwaliteit en beleidsneutraliteit van de uitvoering; • financiële schaalvoordelen; • een vermindering van kwetsbaarheid. Door deze 'shared service'-gedachte is de ODRU naast de VTH-taken3 ook kenniscentrum voor milieu en duurzaamheid. Vanuit deze positie heeft de ODRU een breed palet aan adviserende en uitvoerende taken in huis. Denk aan onze centra voor natuur- en en duurzaamheidscommunicatie onze advisering bij ruimtelijke projecten en voor bodembeleid. Voor de gemeenten IJsselstein en De Ronde Venen voeren we ook bouwtaken' uit. De ODRU houdt toezicht op 15.000 actieve bedrijven.

Hun risicoprofiel in de vijftien deelnemende gemeenten is relatief beperkt, omdat geen sprake is van zware industrie. Dus is het risico op grote incidenten (milieurampen) laag. Aan de andere kant is het risico op voortdurend doorsijpelende milieuschade - met op langere termijn grote schade - veel meer aan de orde. Het naleefgedrag van de ondernemers is onvoldoende, van administratieve onvolkomenheden tot milieurisico's, waardoor hercontroles en handhaving nodig zijn. Grote risico's bespreken we met de betreffende gemeente. Om efficiënter toezicht te houden, met een zo groot mogelijk maatschappelijk effect, werken we inmiddels met programmatisch en risico gestuurd toezicht, naast keten- en gebiedstoezicht. Onze gemeenten kennen een diversiteit aan bedrijven. Een beperkt aantal bedrijven valt onder de Brzoinrichtingen5. De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied verzorgt bij deze bedrijven de vergunningverlening, toezicht en handhaving. De provincie is bevoegd gezag voor de bouw- en milieuaspecten van een bepaalde categorie bedrijven. Een deel van de bijbehorende, uitvoerende bouwtaken wordt waarschijnlijk overgebracht van de gemeenten naar de Omgevingsdiensten RUD6 en ODRU. Grote verkeersstromen over weg en spoor zorgen voor een forse druk op de fysieke leefomgeving. De ODRU regisseert de uitvoering van projecten voor geluidssanering (c.q. gevelaanpassingen).

Ook zijn we alert op ondermijning en de risico's daarvan.

Vergunningverlening, toezicht en handhaving. Onder deze taken verstaan wij het toetsen van omgevingsvergunningen aan alle onderdelen die nodig zijn: van welstand, bestemmingsplan/omgevingsplan tot constructieveiligheid. En het houden van toezicht op de naleving hiervan en waar nodig handhavend optreden. 5 Besluit risico zware ongevallen, waar gevaarlijke stoffen worden opgeslagen in bepaalde omvang. 6 Regionale Uitvoeringsdienst Utrecht. Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

6 van 14. / Akkoord secretaris,lir

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

1.2 Koers 2023-2028 Het algemeen bestuur heeft op 6 juli 2023 de Koers voor de jaren 2023-2028 van de ODRU vastgesteld. Deze Koers geeft aan welke toegevoegde waarde van de ODRU gevraagd wordt en wat dat betekent voor de positionering, taken en instrumenten. Hieraan gekoppeld zijn ambities die de agenda voor de verdere ontwikkeling van de organisatie in de genoemde periode vormen. In de Koers heeft het algemeen bestuur benoemd dat deze agenda omvangrijk is en dat niet alles tegelijk kan. Afgesproken is dat er per begrotingsjaar de prioriteiten vastgesteld worden. In de Koers is beschreven met welke ontwikkelingen de ODRU en gemeenten te maken hebben en wat deze ontwikkelingen voor de ODRU betekenen. Zes rode draden zijn benoemd: 1. Het beroep op externe samenwerking wordt groter. 2. Met de RUD verkennen we de mogelijkheden van één Omgevingsdienst voor heel Utrecht. 3. Beoordelingen gebeuren binnen ruimere beleidskaders (Omgevingswet). 4. Investeren in specialismen (bijvoorbeeld externe veiligheid, grondwater, stikstof, afval als grondstof, (nieuwe) zeer zorgwekkende stoffen, gedragsbeïnvloeding en effectiviteit van het toezicht, publieke informatievoorziening). 5. Vragen komen bij de ODRU binnen via de regievoerders van de gemeenten.

De ontwikkelingen leiden ook tot een complexere opgave voor deze regievoerders, individueel binnen de eigen gemeente en gezamenlijk als verbond van opdrachtgevers van de ODRU. 6. Vereenvoudigen van de bedrijfsvoering en moderniseren van het functiegebouw. Vanuit de maatschappelijke opgaven worden de eisen aan de ODRU - voor een deel van de taken — zwaarder. Dat moet doorwerken in de eisen die aan sommige functies gesteld worden en wij willen medewerkers meer ontwikkelmogelijkheden bieden om de kennis in de organisatie niet alleen te ontwikkelen, maar ook vast te houden. 1.3 Proces De Kadernota 2025 vormt de opmaat naar de (ontwerp) Begroting 2025-2028. Het aangepaste tarief voor 2024 doet dat voor de (ontwerp) Begrotingswijziging 2024. Zienswijzen op deze (ontwerp) Kadernota worden meegenomen in de besluitvorming door het algemeen bestuur op 14 december 2023 en tegelijkertijd verwerkt met de (ontwerp) Begroting 2025 en de (ontwerp)Begrotingswijziging 2024. De leden van het algemeen bestuur (AB) stellen de Kadernota 2025 en het uurtarief van 2024 vast. Uiterlijk acht weken voor de voorgenomen datum van vaststelling wordt de (ontwerp)Kadernota toegezonden aan de raden. Deze raden kunnen binnen acht weken bij het dagelijks bestuur (DB) hun zienswijzen naar voren brengen.

Het dagelijks bestuur (DB) voegt de ingebrachte zienswijzen bij de Kadernota 2025 ten behoeve van de definitieve vaststelling van zowel het uurtarief voor 2025 als die van 2024 door het AB. De planning voor de vaststelling van de Kadernota 2025 is als volgt: • Ontwerp is besproken door AB op 28 september 2023; • Zienswijze termijn gemeenteraden (8 weken) op 27 november 2023 (uiterlijk retour) • Definitief besluit door het algemeen bestuur op 14 december 2023. De Kadernota 2025 vormt hierna het financiële kader voor de (meerjaren) Begroting 2025, die in het voorjaar van 2024 wordt opgesteld. Het aangepaste tarief voor 2024 vormt het financiële kader voor de Begrotingswijziging 2024, die tevens in het voorjaar van 2024 wordt opgesteld. Het AB stelt de Kadernota en Begroting vast vanuit de rol van eigenaar. De gemeenten hebben de rol van opdrachtgever bij de totstandkoming van de Dienstverlenings-overeenkomst (DVO) en het jaarlijkse Uitvoeringsprogramma (UVP). 1.4 Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden de meest relevante ontwikkelingen voor 2025 beschreven. De financiële ontwikkelingen en een toelichting op de berekeningen worden beschreven in hoofdstuk 3.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

7 van 14 ,, Akkoord secretaris,i~E

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

2.

Meest relevante ontwikkelingen voor 2025

In deze kadernota voor 2025 worden de meest relevante ontwikkelingen voor 2025 geschetst, op basis van de informatie die in de zomer 2023 (het moment van het opstellen van deze kadernota) bekend is. We zien om ons heen dat we in onzekere tijden leven en dat er veel onbekend is. De val van het kabinet Rutte 4 in juli 2023 versterkt deze onzekerheid. Samengevat zien we dat 2025 in het teken zal staan van: a. Het verder werken aan de implementatie van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen (§2.1). b. Het omgaan met de (nu nog) onzekerheden omtrent stikstof, woningbouwopgave en landbouwakkoord (§2.2). c. Het uniform werken in het kader van het nog vast te stellen mandaatbesluit (§2.3). d. Het verder werken aan de versterking van het VTH-stelsel (§2.4). e. Het realiseren van één robuuste omgevingsdienst voor heel Utrecht per 1 januari 2026, mits de besturen van de ODRU en de RUD daar in het najaar van 2023 mee instemmen (§2.5). f. Personeel en organisatie: het vinden, boeien en binden van medewerkers, inclusief het meer in balans brengen van de verhouding vast en tijdelijk personeel, het investeren in uniforme afspraken met onze gemeenten (§2.6). g. Bedrijfsvoering: het optimaliseren van de werkprocessen en overhead en de komende jaren een flinke stap maken in het data-gestuurd werken (§2.7).

2.1 De invoering van de Omgevingswet en Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen Per 1 januari 2024 wordt de Omgevingswet en later de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen ingevoerd. Gemeenten, andere overheden en ook de ODRU moeten leren werken binnen deze nieuwe kaders. Er komen nieuwe taken naar gemeenten en de ODRU, waarvan de financiering landelijk nog niet geregeld is (provinciale bodemtaken). De impact van deze wetten is niet precies te voorspellen. Zowel landelijk als regionaal wordt de invoering goed gemonitord. Het werken op basis van de Omgevingswet vergt ook in 2025 van de ODRU nog een (door)ontwikkeling in de eigen processen, samenwerking met gemeenten en ketenpartners en de ontwikkeling van medewerkers (andere competenties, zoals digitaal werken, samenwerken et cetera). De ODRU voert anno 2023 voor twee gemeenten bouwtaken uit. De ODRU zal de dienstverlening voor bouwtaken onder de nieuwe wettelijke kaders goed beschrijven en met enkele andere gemeenten in onze regio in gesprek gaan om te kijken of deze taken voor hen bij de ODRU belegd kunnen worden. Enerzijds kunnen gemeenten hiermee de kwaliteit borgen en de uitvoeringskosten zo laag mogelijk houden. Anderzijds versterkt dit de robuustheid van onze bestaande bouwtaken.

2.2 Stikstof, woningbouwopgave en landbouwakkoord Met het stoppen van de onderhandelingen rond het landbouwakkoord in juni 2023 en de val van het kabinet in juli 2023 is nog onduidelijk hoe het landelijk beleid voor de landbouw en voor de stikstofaanpak eruit gaat zien En daarmee is ook het effect op bouwopgaven (woningen, energiemaatregelen et cetera) en intensieve veehouderij nog niet duidelijk. Voor de ODRU betekent dit dat we — zomer 2023- niet precies weten hoe dit uitwerkt op het werk in 2025. We gaan ervan uit dat de bouw in 2025 weer aantrekt en dat de uitvoering van het stikstofbeleid nieuwe producten en diensten van ons zal vragen. Uniform werken en gelijkluidend mandaatbesluit 2.3 Voor de kwaliteit en efficiency is het belangrijk dat er één uniform mandaatbesluit komt voor alle 15 deelnemende gemeenten. Alle wettelijke basistaken en de in onze regio afgesproken koerstaken worden in hetzelfde mandaat ondergebracht. Ook de bijbehorende werkafspraken tussen ODRU en gemeenten zijn vanaf 2025 uniform voor alle gemeenten. Hiermee verhoogt de ODRU enerzijds haar kwaliteit (medewerkers hoeven niet meer na te denken over welk rol zij hebben bij welk product; adviserend of beslissend). Anderzijds geeft de ODRU hiermee (mede) invulling aan de door gemeenten veel en vaak genoemde wens richting de ODRU om efficiënter te werken.

In 2024 wordt de Producten- en dienstencatalogus hier al op aangepast en het mandaatbesluit wordt eind 2023 door het algemeen bestuur aangeboden aan alle Omgevinysdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

8 van 14. / Akkoord secretaris:ì~

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

gemeenten. De verwachting is dat 2024 een overgangsjaar is en dat vanaf 2025 de ODRU haar dienstverlening uniform geregeld heeft. Het te verwachten effect hiervan is dat bij gemeenten wat minder uren nodig zijn en bij de ODRU wat meer, waarbij per saldo een kostenbesparing gerealiseerd zal worden voor gemeenten (die nu nog niet te ramen is). lnterbestuurlijk programma versterking VTH-stelsel 2.4 De kwaliteit van de leefomgeving is van groot maatschappelijk belang, maar is toch onvoldoende geborgd in het stelsel van omgevingsdiensten, inclusief hun eigenaren, opdrachtgevers en het Rijk als stelselverantwoordelijke. Dit was de hoofdconclusie van de Commissie van Aartsen in maart 2021. De Commissie gaf tien indringende aanbevelingen voor verbeteringen. Het Rijk heeft hiervoor, samen met VNG, ODNL, IPO en inmiddels ook de waterschappen een interbestuurlijk programma in uitvoering gebracht. De resultaten van het interbestuurlijk programma kunnen leiden tot nieuwe keuzes voor gemeenten en de ODRU en/of aangepaste wetgeving die moet worden doorgevoerd. Zo heeft de staatssecretaris in haar voortgangsrapportage van juni 2023 al laten weten de robuustheidscriteria uit dit programma te omarmen. Ook ten aanzien van het mandaat voor omgevingsdiensten, financiering, arbeidsmarkt en informatievoorziening zijn of worden stappen gezet.

De verwachting is dat dit ook de ODRU en haar deelnemende gemeenten zal raken. De verkenning van één Omgevingsdienst voor heel Utrecht 2.5 In het najaar van 2023 worden er principebesluiten voorgelegd aan de algemeen besturen van de RUD en de ODRU om beide omgevingsdiensten op te heffen en op te gaan in één robuuste omgevingsdienst voor heel Utrecht. Belangrijkste reden hiervoor is de omvang en complexiteit van de maatschappelijke opgaven die op beide omgevingsdiensten afkomen. Hiertoe heeft in het najaar van 2022 en de eerste helft van 2023 een uitgebreide verkenning plaatsgevonden met de managementteams, besturen en regievoerders. Het landelijke lnterbestuurlijke Programma Versterking VTH-stelsel heeft in de zomer van 2023 een aantal robuustheidscriteria vastgesteld. Deze zijn een steun in de rug voor de ontwikkeling in de provincie Utrecht. Met de vorming van één robuuste Omgevingsdienst voor heel Utrecht kan voldaan worden aan deze landelijk criteria. Afhankelijk van de besluitvorming in de besturen zal in 2025 de voorbereiding van de oprichting van de nieuwe omgevingsdienst een belangrijke activiteit zijn. Medio 2023 is de verwachting dat de financiering van voorbereidings-, transitie- en frictiekosten hoofdzakelijk van provincie en rijk verkregen wordt. 2.6 Personeel en organisatie De arbeidsmarkt is krap en ook de ODRU merkt dit.

Tot op heden is het op enkele uitzonderingen na steeds goed gelukt om de bezetting (minimaal) op orde te houden, maar dit vergt veel inspanning. De verwachting is niet dat deze situatie zal verbeteren. Al enige jaren wordt ingezet op het vinden, boeien en binden van voldoende personeel. De ODRU pakt dit op door het bieden van opleidingen, trainingen, proactief werven, korte lijnen met relevante opleidingen. De ODRU zet in op een stevige arbeidsmarkstrategie, samen met andere omgevingsdiensten in het land en in de regio. Door middel van een strategische personeelsplanning, een programma voor Young Professionals en het werken aan duurzame inzetbaarheid van onze mensen geven we in 2024 een extra impuls aan het vinden en behouden van mensen. Dat krijgt in 2025 mogelijk een vervolg. Indien de dienstverlening van de ODRU in de knel komt ten gevolge van het personeelstekort is dit uiteraard een onderwerp van gesprek met de deelnemende gemeenten en ons bestuur. De verhouding tussen vast personeel en inhuur is uit balans. Uit cijfers van de afgelopen jaren blijkt dat het de ODRU lukt om structureel 85-90% van de vaste posities te bezetten. Door vacatures en de situatie op de arbeidsmarkt is het erg moeilijk om de gewenste bezetting van 100% van de vaste toegestane formatie te realiseren.

Door middel van het aantrekken van inhuurmedewerkers lukt het de ODRU tot op heden om de dienstverlening op niveau te houden. De aanvullende en tijdelijke opdrachten (maximaal 20% van de orderportefeuille) wordt met inhuurmedewerkers ingevuld. Dat betekent dat 30-35% van de medewerkers bij de ODRU niet in vaste dienst is. Dit zorgt voor veel administratie, is (vaak) duurder, zeker met de stijging van de inhuurtarieven van de afgelopen jaren. Ook komt de continuïteit van de dienstverlening in het geding. De ODRU streeft ernaar de verhouding tussen vaste medewerkers en inhuurmedewerkers terug te brengen naar 85%/15% op het totaal van de opdrachtenportefeuille. Hiervoor is inzet aan twee kanten nodig. Eerste is dat de ODRU de huidige extra inzet op werving & selectie structureel moet maken, wat een verhogend Omgevrngsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

9van14 Akkoord secretaris:d~

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

effect heeft op het uurtarief. Het tweede is dat met de gemeenten in gesprek wordt gegaan om de DVO-uren op te hogen naar een niveau dat aansluit bij de uren die zij de afgelopen jaren in de praktijk van de ODRU hebben afgenomen. Want uit de afgesproken systematiek volgt dat alle structurele kosten gedeeld door de gegarandeerde uren het uurtarief van de ODRU oplevert. Als het aantal gegarandeerde uren stijgt (doordat een verschuiving plaatsvindt en waardoor dus het aantal tijdelijke uren daalt), gaat het gemiddelde uurtarief naar beneden. 2.7 Bedrijfsvoering De ODRU genereert en werkt steeds meer met data als basis voor haar dienstverlening. Ontwikkelingen als de Omgevingswet en de kaderrichtlijn water zijn belangrijke stimulansen om dit op orde te hebben. Ook naar burgers streeft de ODRU naar een betere en in de regio afgestemde informatieverstrekking. In 2024 zetten we stappen gericht op een GIS-Geo team'dicht bij de inhoudelijke expertise. De verwachting is dat we dit in 2025 een vervolg kunnen geven. De gevolgen voor de ICT8-functie van de ODRU worden in 2024 in beeld gebracht. Belangrijk is dat de archiefinspecteur heeft aangegeven dat een investering in het informatiebeheer voor de ODRU noodzakelijk is. Ook andere contracten zullen vanwege wettelijke eisen en maatschappelijke ontwikkelingen moeten worden uitgebreid.

Dat heeft een verhogend effect op de structurele lasten en dus het uurtarief.

Team dat zich bezig houdt met het beheren van geografische data in het .; ograï .,r l Informatie- en communicatie technologie Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

10 van 14. Akkoord secretaris

i

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

3.

Financiële ontwikkelingen

Het uurtarief wordt jaarlijks op basis van het structurele gedeelte van de begroting berekend: beqrote vaste toeqestane formatie plus vaste overiqe kosten (bron: meerjarenbeqrotinq) huidige gegarandeerde (G-) uren (bron: DVO) plus vaste contracten De financiële bijdrage (p maal q) van de eigenaar-gemeenten wordt bepaald door: • het uurtarief (p); • het aantal uren (q). Het aantal uur wordt uiterlijk 1 december 2024 vastgesteld door de gemeente in het uitvoeringsprogramma (UVP). Voor eventuele aanvullende opdrachten geldt een tariefopslag van 10%. Op het uurtarief hebben de volgende drie factoren een mogelijk effect: a. Loon- en prijsontwikkelingen (index opgave CPB). b. De ontwikkeling van de structurele lasten9: deze kunnen het gevolg zijn van ontwikkelingen op het gebied van wet- en regelgeving, de interne bedrijfsvoering en de maatschappelijke eisen die aan Omgevingsdiensten worden gesteld. c. Aantal gegarandeerde uren uit de dienstverleningsovereenkomsten van de eigenaar gemeenten. Wanneer het aantal door gemeenten gegarandeerde uren stijgt, dan kan het uurtarief dalen (afhankelijk van de oorzaak van stijging: bijvoorbeeld een verschuiving van incidentele naar structurele uren of door een toename van extra werk). Het eerste effect hebben wij geen invloed op. De andere twee kunnen wij gezamenlijk - ODRU en eigenaargemeenten — beïnvloeden.

Het uurtarief dient tenminste de structurele lasten te dekken. Er wordt naar gestreefd om de structurele lasten zo laag mogelijk te houden door heldere afspraken en een efficiënte bedrijfsvoering. Uitgangspunten voor de berekening van het uurtarief en de meerjarenbegroting 3.1 Hieronder zijn de uitgangspunten opgenomen die als basis dienen voor het begrotingsjaar 2025: a. De meerjarenbegroting 2024 en de structurele effecten nadien vastgesteld vormen de basis. b. Bij de begroting 2025 wordt uitgegaan van de huidige wijze van tariefberekening (gebaseerd op het van de begroting en de gegarandeerde uren uit de structurele kostengedeelte dienstverleningsovereenkomst per 2023). c. Formatie wordt doorgerekend op basis van het maximum schaalniveau. d. Gewogen loon/ prijscompensatie berekening die sinds jaar en dag wordt gehanteerd. e. In de kadernota 2024 is maximaal €2,0410 structureel in het tarief opgenomen voor de ontwikkeling van het functiehuis waarover medio 2024 pas definitief besloten wordt aan de hand van concrete uitwerking. f. Voor de invoering van de Omgevingswet is afgesproken om de hiermee samenhangende uren als tijdelijke uren in 2024 op te nemen. Effect op de uren voor 2025 is niet meegenomen. g. Verkenning van of eventueel samengaan met RUD Utrecht is niet meegenomen, omdat we daarvoor financiering van provincie en Rijk verwachten. h.

Naast dat in de begroting 2025 wordt uitgegaan van de zekere omzet vanuit de dienstverleningsovereenkomsten en de structurele kosten brengen wij - ten behoeve van een reële begroting - ook de incidentele omzet en kosten in beeld. i. Het voorstel is om het standaardtarief voor 2025 vast te stellen op maximaal €123,00 per uur en het aanvullende tarief op maximaal €135,25 per uur. j. Als de omvang van de weerstandscapaciteit en bestemmingsreserves het toelaat worden financiële resultaten achteraf verdeeld via het jaarrekeningresultaat over de eigenaren.

9 10

Kan ook effect hebben op het aantal uren en/of het incidentele gedeelte van de begroting. Prijspeil 2022.

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

11 van 14 / Akkoord secretaris.Wr

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

Ontwikkeling van de structurele lasten 3.2 Onderstaand de onderbouwing van de extra maximale structurele lasten 2024 en 2025: ~ tructureel effect

2024*

Herziening contracten personeel en organisatie

€152.000

Herziening contracten bedrijfsvoering

€1S5.S00

Formatieve uitbreiding overhead

€230.400

2025**

€93.500

Dit is vooral het gevolg van meer structurele inzet bij gecontracteerde partners mede door wettelijke eisen (bijvoorbeeld structurele inzet op werving & selectie en archivering) en overhead die structureel past bij totale opdrachtenportefeuille (en dus niet alleen bij de gegarandeerde uren). Door de berekeningssystematiek en het feit dat het aantal gegarandeerde uren altijd lager is dan de uren die daadwerkelijk afgesproken en geleverd worden (door aanvulling met tijdelijke opdrachten en uren) is er te weinig structurele ruimte in de overhead om de ODRU te blijven ontwikkelen. De afgelopen jaren kon dit worden opgelost door tijdelijke bestemmingsreserves en de marge tussen ODRU tarief en inhuurtarief (voor vooral de incidentele opdrachten). Dat is een dure en kwalitatief minderwaardige oplossing die in 2024 naar verwachting ook minder makkelijk gaat . In het tarief van 2024 is er door het algemeen bestuur enige ruimte geboden voor het absorberen van structurele effecten: In eerdere jaren is reeds geconstateerd dat een deel van de incidentele lasten structureel zijn geworden en zijn conform BBV voor het jaar 2024 meegenomen in het structurele gedeelte. Invloed van maatschappelijke eisen op het functiehuis waarbij sommige functies op uitvoerend niveau qua taakinhoud en functie-eisen verzwaard worden.

De scheefgroei die in de loop van de jaren is ontstaan in de verhouding structurele overhead en totale formatie is daarmee helaas nog niet structureel opgelost. Dit leidt tot hogere kosten door tijdelijke inhuur en minder efficiënt werken vanwege die tijdelijke inhuur. Daarnaast zien wij verdergaande specialisatie op meerdere gebieden binnen de overhead vanwege nationale wetgeving. Dit maakt dat wij voor 2024 structurele ruimte vragen voor de overhead (in plaats van incidenteel), waarmee de overhead in FTE binnen de gestelde norm van 25% ten opzichte van totaal opdrachtenportefeuille blijft. Een ander punt dat structurele ruimte vraagt is de herziening van contracten met onze leveranciers. Over het algemeen ligt dat in het feit dat er meer eisen worden gesteld aan de dienstverlening. Net zoals dat voor de ODRU het geval is. De stijging van het uurtarief (paragraaf 3.5) kan verminderd worden door het aantal gegarandeerde uren (paragraaf 3.4) te verhogen door een deel van de tijdelijke uren van de afgelopen jaren als structureel te bestempelen en dus onder te brengen in de dienstverleningsovereenkomst. Berekening van de gewogen loon-/prijscompensatie 3.3 Onderstaand het overzicht van de loon- en prijscorrectie over de jaren heen om te komen tot de te hanteren • ewo•en loon-/pri•scompensatie voor het tarief van 2025: Prijzen

Gewogen

Schatting kadernota Voorlopige nacalcuiatie

5,00%

4,30%

4.86%

Werkelijke nacalculatie

5,00%

3,90%

4,78%

Loon correctie

0,00%

Prijs correctie Gewogen loon-/prijscompensatie

Orngevingsdienst regio Utrecf~t Akkoord voorzitter:

Tarief

2024

2023

Lonen

Lonen

Prijzen

Gewogen

3, 00%

4,30%

3,26%

6.50%

3,80'f6

6,03%

3,50% -0,08%

-0,90% 2,77%

2025

Lonen 4,70%

3,50% -0,50%

-0,40%

2024

2,69%

Tarief

Prijzen

Gewogen

4,10%

2025

4,58%

4,70%

4,70% 4,10%

4,10% 4,58%

4,58%

12 van 14 Akkoord secretaris'~

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

3.4

Gegarandeerde uren uit de dienstverleningsovereenkomst Aantal uur

Dienstverleningsovereenkomst (DVO) Gegarandeerde uren uit DVO "3nel 3 O-ir'rz'rht '.'an .r

2023 151.379 uur

I,rra.t-a+'r{er'rrie' uren tnt de dienstv

~Pr

, k;irr - „

tj

Berekening van het uurtarief 3.5 Onderstaand het overzicht van de berekening van het maximale tarief voor 2024 en 2025. Voor- en nacalculatie

Tarief

Vastgesteld standaard tarief 2024

TARIEFONTWIKKELING

€110,50

Structureel effect 2024*

ct:lAG

€3,75

Subtotaal

€114,25

Gewogen loon-/prijscompensatie t/m 2024

2,69%

Herrekend standaard tarief 2024**

€117,00

Structureel effect 2025*

Va,iperrrldt.,nl

€0,50

Gewogen loon-/prijscompensatie 2025

2an +.,,g.rreid,ariel

yurlr 2 Ontwlkkeliing v.vt hel uurtarief

€117,50

Subtotaal

2024

2025

4,58% E123,00

Aanvullend tarief 2025***

E135,25

Zie toelichting in paragraaf 3.6 Onderbouwing van het uurtarief

** Exclusief eenmalige korting van €1 op het standaard tarief voor eigenaar gemeenten. "'Afgerond op € 0,25

Voor de structurele doorrekening naar 2025 is het standaarduurtarief 2024 van €117,00 gehanteerd. Voor de eigenaar gemeenten is het standaard tarief 2024 €1 16,00 inclusief voorgestelde, eenmalige korting van €1 vanwege het temporiseren van de ontwikkeling van het functiehuis. Onderbouwing van het uurtarief 3.6 Onderstaande tabel geeft de onderbouwing van het maximale uurtarief weer: Tarietopbouw

Directe personeelskosten

Meerjaren

Structureel effed

begrotmg2024•

2024•

Effect loon/prljs compensatie tot , en met 2024

C13.388.500

(266.000

E775.000

C152.000

Benodlgd budget 2024 o.b.v. Structureel effect

:

C478.000

loon/priis ontwikkelíng C14.132.500

2025" C93.500

Eflect loon/prijs compensatie 2025

Benodigd budget 2025 o.b.v. loon/pnls ontwikkeling

C668.500

C14.894.500

C37.500 E4.000 (71.000 C29.500 (15.500 •CS00

C956.000 f 102.000 C1.797.500 t753.000 C391.000 C6.000 -C16.500

t10.000 e t.'š. ...1*i

C257.000 -'{

Inhuur derden

Indirecte personelelasten

E8.500

E918.500

C99.000

-

E 1 000

C98.000

(1.591.500

C150.500

-C15.500

C1.726.500

Huisvestingskosten

C725.000

E5.000

E6.500

E723.500

Kapitaallasten

E379.000

-C3.500

E375.500

Bestuurskosten Algemene kosten

Oiversen Taakstelling

~-i

Totale opbrengsten niet uren gerelateerd

E6.000

C6.000

-C16.000

{ 16.000 t443.000

-b8:I

t41S.G0B

150.957 uur

t17.964.S00 t247.000 a2.71Z.soB

•(2.000

t249.000 t1i.699.00B

Uren

tS73.500

-

151.379 uur

422 uur

t93.S00

s53soB

151.379 uur

~

Prysnrveau 2023 ••Pnisnrveau 2024 • 'n1Rr,undnP(0,25 Vuur202J

vrinrirlrenmal,gekortingvi.i(lup1,l.tand-i,rrdlanefvnrneigenaargemeenten

i` 1<,'.', a11't i . Ì ,,.

Door DVO verhoging van 422 uur in 2023 (extra werk) zijn de structurele lasten voor de vaste toegestane formatie gestegen met € 35.500. Dit is verwerkt bij de eerste bijgestelde begroting 2023, maar niet in het vastgestelde tarief voor 2024 omdat dit toen nog niet was geformaliseerd. Dit heeft een verhogend effect van €0,25 op het tarief van 2024. Het totale effect op dit tarief is daardoor € 3,75 (verhogend structureel effect van 537.900 naar 573.500).

Omgevingsdienst regio Utrecht Akkoord voorzitter:

13 van 14, ~ Akkoord secretaris:,lff

Kadernota 2025 en uurtarief 2024 (inclusief besparingen)

3.7

Bijdrage van de eigenaar gemeenten

Naast het uurtarief is het van belang om te kijken naar de totale bijdrage die de eigenaar-gemeenten betalen en het voldoen aan de gestelde kwaliteitscriteria VTH die richtlijnen geeft voor de inrichting van de organisatie voor wat betreft de kwantiteit en kwaliteit. Op dit moment zijn de aard en omvang van producten en diensten die van de ODRU worden gevraagd onzeker vanwege beleidsmatige, landelijke ontwikkelingen zoals de Omgevingswet, woningbouwopgave en energietransitie. Met name de Omgevingswet zal een grote impact hebben op zowel de kwantiteit als de kwaliteit van de gevraagde producten en diensten. En daarmee ook op wat van onze medewerkers wordt gevraagd. Uiteraard blijft de ODRU zich onverminderd inzetten om zijn producten en diensten aan te bieden met de gewenste kwaliteit en tegen zo laag mogelijke kosten. De ODRU investeert daarom in het realiseren van efficiëntie door het digitaliseren en het optimaliseren van processen Echter, de ODRU signaleert ook dat de hoge mate van inhuur het behalen van efficiëntiedoelen bemoeilijkt. Daarom blijft de ODRU ook inzetten op versterking van de werving van vast personeel. Dit heeft een structureel effect op de lasten voor werving & selectie. Onderstaand in tabel 6 het overzicht van de maximale bijdragen van de eigenaar gemeenten voor de gegarandeerde uren over 2025 (DVO) en figuur 3 de verhouding DVO/UVP 2023. Gemeente

DVO uren

DVO Bijdrage

2023

2025

Gemeente Bunnik

4.359 uur

€536.157

Gemeente De Bilt

8.507 uur

€1.046.361

Gemeente De Ronde Venen

22.859 uur

€2.811.657

Gemeente IJsselstein

15.626 uur

€1.921.998

Gemeente Montfoort

5.553 uur

€683.019

Gemeente Oudewater

4.300 uur

€528.900

Gemeente Renswoude

3.310 uur

€407.130

Gemeente Rhenen

4.425 uur

€544.275

Gemeente Stichtse Vecht

15.923 uur

€1.958.529

Gemeente Utrechtse Heuvelrug

10.178 uur

€1.251.894

Gemeente Veenendaal

7.362 uur

€905.526

Gemeente Vijfheerenlanden

13.100 uur

€1.611.300

Gemeente Wijk bij Duurstede

4.716 uur

€580.068

Gemeente Woerden

13.679 uur

€1.682.517

Gemeente Zeist

17.482 uur

€2.150.286

151.379 uur

€18.619.617

Tahel 6 Overzicht van de maxinrale DVO bildraqe v,in cle e;qen,iar qerneenten

[11 Figuur 3 Verl:ou,Jiny yeydr andeerdr:

Omgevingsdienst regro Utrecht Akkoord voorzitter:

Venccudi•rg DVO/UVP 2023

'

I

' ri ten oPzr~.rh!c ,r.:ìn yr;..;o,rtrncteerde urer~

14 van 14 Akkoord secretaris,4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13722839/1