9.a Technische vragen en antwoorden RV Langjarige opvanglocatie Wageningselaan 2 - Veenendaal
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN Raadscyclus
Maart 2025
Naam fractie:
VVD, ProVeenendaal, D66, SP, CDA
Onderwerp:
Raadsvoorstel Langjarige opvanglocatie Wageningselaan 2 - Veenendaal
Vragen VVD 1. Wat zijn de totale kosten geweest voor het magazine (inclusief ontwerp, foto’s, tekstschrijvers, drukkosten, verspreiding, etc.)? De totale kosten voor het magazine (digitale versie + papieren oplage van 500 stuks) bedragen € 7.753,-. 2. Waarom wordt de datum van ingebruikname als startpunt gehanteerd? Is het niet logischer om de datum van vergunningverlening als startdatum te hanteren aangezien de gemeente de datum van ingebruikname niet in de hand heeft. Dit is het uitgangspunt dat het COA bij alle opvanglocaties die zij verbouwen, hanteert. Ook is de businesscase van het COA gebaseerd op de periode dat het pand in gebruik is. 3. Wat is de beoogde datum van ingebruikname? Het COA gaat nu uit van medio 2027. 4. Het COA moet blijkbaar een hoge prijs betalen voor het pand en daarom is 20 jaar gebruik nodig, zo staat in de stukken. Wat is het verschil tussen de marktwaarde en prijs die COA betaalt? Deze exacte informatie is bij ons niet bekend. 5. Welke verhouding geldt er voor de verdeling van de flexwoningen qua doelgroepen? Op dit moment zijn er nog geen concreet uitgewerkte afspraken hierover. Wel gaan we uit van een mix van doelgroepen bestaande uit jongeren, spoedzoekers en 30% statushouders. Het aantal statushouders komt voort uit eerdere gesprekken met het Rijk omtrent de flexwoningen die geplaatst worden op het voorterrein. 6.
Bij de kanttekeningen staat: In de afgelopen periode hebben wij meerdere mogelijke locaties onderzocht om te kijken of het mogelijk is daar een tweede opvanglocatie te beginnen. Tot op heden zijn er zeer weinig geschikte opvanglocaties en bij een geschikte locatie is het COA helaas niet tot (financiële) overeenstemming gekomen met de eigenaar. Graag ontvangen wij een overzicht van de onderzochte locaties en een beoordeling van het college welke wat betreft de gemeente geschikte alternatieven zijn maar waar het COA geen overeenstemming met de eigenaar heeft bereikt? De gemeente Veenendaal heeft samen met het COA verschillende locaties onderzocht om te beoordelen of deze locaties geschikt zijn voor opvang. Daarnaast hebben ook enkele vastgoedeigenaren zelf locaties aan het COA aangeboden. Het COA heeft een Quick Scan binnen onze gemeente uitgevoerd en bij al deze locaties zijn er al andere plannen in de nabije toekomst. Daarnaast heeft het COA onderhandeld over een pand in de nabije omgeving van de Wageningselaan 2. Echter, hierover is uiteindelijk geen overeenstemming bereikt met de eigenaar. Gezien de privacy en de gevoeligheid van deze informatie worden specifieke adressen niet bekend gemaakt. 7.
Is de gemeente bekend met de ervaringen van de gemeente Amsterdam met gemengde woonvormen, zoals gedeeld in een informatiebrief van 22 november 2022? Zijn de ervaringen die hierin zijn opgenomen, betrokken bij de besluitvorming? Binnen de provincie Utrecht is er een Utrechtse aanpak opgesteld. Eén van de uitgangspunten hierbij is dat er gewerkt wordt aan gemengde woonvormen. Er is door zowel de provincie als de gemeente, onderzoek gedaan naar gemengde woonvormen en zo zijn wij bekend met het feit dat het zogenaamde percentage dragers en vragers bij gemengde woonvormen in balans moet zijn. Deze inhoudelijke informatie benutten wij als het gaat over een evenwichtige verdeling. De brief van de gemeente Amsterdam is ons niet bekend. Wel hebben wij contact gehad met diverse andere gemeenten waar gemengde woonvormen succesvol zijn.
8. Hoeveel woningen per jaar (onderbouwd met berekening) zullen er naar verwachting opgenomen worden door statushouders of anderen die doorstromen vanuit het AZC? Welk aandeel hiervan is sociaal? Elke gemeente krijgt vanuit Den Haag een jaarlijkse taakstelling huisvesting statushouders opgelegd. Dit aantal wordt in Veenendaal niet hoger doordat er lokaal een langjarige opvanglocatie komt. Het aantal mensen dat wij huisvesten in Veenendaal blijft gelijk aan de taakstelling, echter gaan wij er met de gemaakte afspraken en de VISA Veenendaal aanpak vanuit dat er sprake is van een meer soepele integratie omdat deze statushouders al langer in Veenendaal bekend zijn en mogelijk ook al een netwerk hebben en de taal spreken. Vrijwel alle statushouders komen in eerste instantie in een sociale huurwoning terecht. De taakstelling is ongeveer 135 personen per jaar. Met gemiddeld 2,5 personen per woning betreft dit 54 woningen.
Vragen ProVeenendaal 1. Wat maakt dat een aankoop van de locatie door het COA noodzakelijk is om de tijdelijk opvang te realiseren? Momenteel wordt er ook opvang door het COA gefaciliteerd op de locatie. Er is op dit moment sprake van een crisisnoodopvang gecoördineerd door en onder verantwoordelijkheid van de gemeente Veenendaal, in samenwerking met de VRU. De opvang zoals deze op dit moment plaatsvindt, is gericht op een kortere periode en niet geschikt voor langjarige opvang. Het pand is in een dusdanige staat (zowel qua elektra, riolering als bijvoorbeeld de installaties (CV)) dat alleen een grootschalige verbouwing kan leiden tot goede langjarige humane opvang. 2. Op welke wijze zou de gemeente Veenendaal de locatie kunnen kopen, verbouwen, en langdurig verhuren aan het COA? Is dit scenario in eerder stadia overwogen? Zo ja/nee, waarom niet voor deze route gekozen? In afstemming met het COA is de totale afspraak tot stand gekomen. Bij een dermate hoge investering (zowel aankoop als verbouwing) krijgt het COA alleen toestemming als zij het pand verwerft. Onderdeel van de afspraken is dat de gemeente het eerste recht van koop heeft. Dit biedt in de toekomst mogelijkheden in het gebied. In een eerder stadium is door de gemeente samen met Veenvesters gekeken of het pand gekocht en verbouwd kon worden. Die businesscase kon niet rendabel gemaakt worden.
Vragen D66 1. Klopt onze beleving dat Veenendaal op een andere manier werkt dan de COA gewend is (bijv. op het gebied van maatschappelijke partners & werkgelegenheid)? En zo ja, welke controle mechanismes zijn er om te borgen dat dit op de lange termijn bestendigd blijft? Veenendaal heeft de afgelopen 2,5 jaar op allerlei onderdelen van opvang ervaring opgedaan. Die ervaring, onze visie op opvang en de Utrechtse aanpak hebben geleid tot de aanpak VISA Veenendaal. Om te borgen dat we hierin de regie houden, wordt er elk jaar een uitvoeringsplan opgesteld en vindt er op regelmatige basis overleg plaats tussen het COA en de gemeente. Dit is zowel op bestuurlijk als ambtelijk niveau. Indien we constateren dat de wensen hierin anders zijn dan de uitvoering, wordt dit door de betrokken mensen (ambtelijk en indien nodig bestuurlijk) opgepakt. 2. Hoe zijn de vrijwilligers en andere betrokken organisaties meegenomen in deze plannen? Zijn ze bereid om ook met het COA voor de lange termijn op eenzelfde wijze samen te werken als nu met de gemeente? Er is met vrijwilligers regelmatig gesproken over de langjarige opvang en ook gesproken over de wens om de huidige aanpak door te zetten. Dat is één van de redenen dat VISA Veenendaal is ontwikkeld. De basis van VISA Veenendaal is namelijk de huidige werkwijze. 3.
D66 Veenendaal maakt zich zorgen om de afspraak om 80% statushouders binnen de provincie Utrecht te plaatsen. Dit zou betekenen dat een statushouder die hier een netwerk heeft opgebouwd naar bijvoorbeeld Vleuten moet verhuizen en niet naar bijvoorbeeld Ede. Dit lijkt ons niet logisch. Is het mogelijk dit aan te passen naar bijvoorbeeld maximaal 25 km van Veenendaal vandaan? Daarnaast vragen wij ons af of het mogelijk is om een voorkeursregeling af te spreken dat statushouders die hier werk hebben of waar kinderen van naar school gaan binnen Veenendaal kunnen blijven. Het was tot voor kort helemaal niet mogelijk om hier afspraken over te maken. In de Utrechtse aanpak hebben gemeenten uit Utrecht uitgesproken zich hier hard voor te willen maken, dat maakt dat we deze afspraak nu ook op kunnen nemen.
4. We maken ons zorgen dat de afspraken zoals vastgelegd in de bestuursovereenkomst niet toereikend genoeg zijn om de hoge kwaliteit en succesformule van Veenendaal voor de lange termijn te borgen. Welke andere mogelijke afspraken hebben in de onderhandelingen nog meer de revue gepasseerd? En welk takenpakket en mandaat krijgt de relatiemanager? In de onderhandelingen hebben wij hoog ingezet en gekeken naar onze ervaring, maar ook naar de mogelijkheden die het COA hierin heeft. De hoge kwaliteit en de succesformule is vastgelegd in de aanpak VISA Veenendaal. Het COA ondersteunt deze aanpak, anders werken zij niet mee aan een jaarlijks uitvoeringsplan. Het COA betaalt ook de kosten van VISA Veenendaal. Er is nog geen volledig uitgewerkt functieprofiel van de relatiemanager. De belangrijkste taak van deze persoon is, fungeren als de brug tussen het COA, de stakeholders, vrijwilligers, omwonenden en de gemeente. Inspelen op signalen vanuit deze partijen en zorgen dat er op elk moment uitvoering gegeven wordt aan de aanpak VISA Veenendaal. 5. Welke maatregelen om het gebouw zo duurzaam mogelijk te maken worden er meegenomen in de verbouwing van het pand en het plaatsen van de flexwoningen? De exacte inhoud van de verbouwing is ons niet bekend. Wij brengen dit bij het COA onder de aandacht. 6.
D66 is ontzettend blij dat er zo straks 14 meer mensen opgevangen kunnen worden in dezelfde ruimte. Maar tegelijkertijd vragen wij ons af hoe het en humaner, schoner en moderner kan op datzelfde oppervlakte. Kan er meer toelichting worden gegeven op de toekomstige woonsituatie? Dit aantal is naar voren gekomen op basis van programma van eisen van het COA. Er is, als het COA het pand koopt, meer ruimte beschikbaar voor maar een beperkt aantal meer mensen. Een grote belangrijke stap is dat de douchegelegenheden in het pand komen, waar deze nu nog in een sanitaire unit aan de zijkant van het pand ondergebracht zijn. Daarnaast komen er meer kleinere slaapkamers en geen slaapkamers meer voor bijvoorbeeld 10 personen. Door de verbouwing kan het pand efficiënter worden ingericht, waardoor er meer mensen kunnen verblijven.
Vragen SP 1. Onder het pand zit een zeer ruime kelder, zou het mogelijk zijn om deze (naast de beschikbaarheid voor het coa) ook (gedeeltelijk) in te zetten voor opslag voor Veense verenigingen en organisaties (zoals het stadsmuseum)? Wij brengen deze suggestie onder de aandacht van het COA. De kelder is, zoals wij begrepen hebben, niet meegenomen in de verbouwplannen van het COA en daarmee waarschijnlijk niet heel goed toegankelijk. 2. Welke bevoegdheden heeft de relatiemanager naast het in contact staan met beide partners? In de bestuursovereenkomst en de werkafspraken is de relatiemanager opgenomen en staat dat deze persoon niet alleen de relaties met alle betrokken partijen onderhoudt, maar ook zorgt dat er uitvoering gegeven wordt aan VISA Veenendaal. Indien (onverhoopt) door de relatiemanager wordt gesignaleerd dat het COA bijvoorbeeld geen of te beperkt medewerking verleend aan zaken dan wordt dit tijdens een bestuurlijk overleg besproken. 3. Op welke wijze en op welk moment ontvangt de raad de geplande evaluatie van de relatiemanager (na een jaar)? Zodra de evaluatie heeft plaats gevonden brengen wij u hiervan op de hoogte.
Vragen CDA 1. We lezen in de beslispunten niet specifiek dat gevraagd wordt akkoord te gaan met de verkoop van het pand aan COA, dit is wel in de verdere toelichting te lezen. a. Vraag: is gemeente Veenendaal volledig eigenaar van het pand? Nee, de gemeente is geen eigenaar van het pand. b. Vraag: betekent instemming met de bestuursovereenkomst in juridische zin akkoord gaan met verkoop van het pand? Nee, zie antwoord vraag a. Er is mondelinge overeenstemming over de verkoop tussen het COA en de eigenaar van het pand. c. Vraag: op welk moment wordt verwacht dat de formele verkoop (en daarmee overdracht) zal plaatsvinden? Na instemming van de gemeenteraad met de langjarige opvang gaat het COA op zeer korte termijn over tot het verwerven van het pand en wordt het COA binnen afzienbare tijd eigenaar. 2. We zijn benieuwd of een optie, waarbij het pand niet wordt verkocht, maar wordt verhuurd is onderzocht en wat daarvan de uitkomsten zijn?
a. Vraag: hoe ziet het ‘business model’ (lees: kostenplaatje) eruit als wel alle voorgenomen activiteiten plaatsvinden, maar waarbij de eigendom van het pand niet overgaat op COA, bijv. in geval van langdurige huur van 20 jaar? COA krijgt voor dermate hoge investeringen (verbouwing) alleen toestemming als het pand door het COA verworven wordt en er geen sprake is van huurovereenkomsten. b. Vraag: wat zijn de argumenten om niet te kiezen voor verhuur, maar voor verkoop? Zie a. c. Vraag: is overwogen de kavel kadastraal te splitsen, waarbij het gedeelte waar de flexwoningen zijn gepland alsnog in eigendom van de gemeente blijft? We hebben met het COA deze afspraken gemaakt en hebben vastgelegd dat de gemeente (of de partij die de woningen verhuurt) de ondergrond van het COA moet huren. Het kan heel goed zijn dat het perceel daar sowieso voor gesplitst moet worden. Dit is onderdeel van de vervolgstappen en de verdere concrete uitwerking. d. Vraag: hoe verhoudt zich de ontwikkeling van de grondprijs t.o.v. afspraken over huur van de grond voor de flexwoningen? Er is geen relatie tussen de grondprijs en de huursom. Over de huur van de grond is met de COA de tot nu toe de afspraak gemaakt dat deze marktconform zal zijn. Dit wordt nog nader ingevuld op basis van het woningwaarderingsstelsel. 3.
Er is veel duidelijk wat de wederzijdse verantwoordelijkheden zijn in de periode van 20 jaar. Na deze periode is een aantal zaken minder duidelijk. a. Vraag: Kan het COA na 20 jaar besluiten het pand niet te gebruiken of te verhuren? (met als gevolg leegstand) In principe is dit mogelijk, echter wij zijn als gemeente ook betrokken bij de uitvoering zowel vanuit VISA Veenendaal, als vanuit de bestuurlijke overleggen. Daarin bespreken we ook eventuele vervolgplannen met het COA en acteren daar in een vroeg stadium op. b. Vraag: Gemeente Veenendaal behoudt het recht tot eerste koop. Ons inziens heeft de gemeente geen rechtsmiddelen om verkoop af te dwingen, is dat correct? Het eerste recht van koop is opgenomen in de bestuursovereenkomst en maakt daarmee onderdeel uit van de juridische afspraken. Na 20 jaar hebben wij, los van het eerste recht van koop, ook mogelijkheden om het COA tot verkoop van het pand te bewegen. Deze mogelijkheden zien wij voornamelijk op het bestuurlijke vlak. Het eerste recht van koop kan ook eerder dan over 20 jaar in beeld komen, wanneer het COA de locatie eerder wil verkopen.