8. Toegezegde technische reactie op inspraak - RV Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Jan Steenlaan 4
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN / REACTIE – n.a.v. toezegging raadscommissie d.d. 5 september 2023 Raadscyclus d.d.
September 2023
Onderwerp:
Technische vragen n.a.v. raadscommissie 5-9-2023 voor agendapunt: “Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan “Jan Steenlaan 4”
N.a.v. inspreker 2 tijdens de raadscommissie van 5-9-2023 heeft Dhr. Stroobosscher aan de Dhr. Van der Bij (SP) toegezegd een technische reactie te geven op de zogenoemde feitelijke onjuistheden in de stukken van “Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan “Jan Steenlaan 4”. Hieronder de opmerkingen van inspreker 2 inclusief technische reactie: Opmerking inspreker: “Er wordt gesteld: het wordt niet hoger dan de aangegeven 10, 13 en 16 meter, maar in het bestemmingsplan zit nog steeds een regeling die toestaat om middels een omgevingsvergunning van binnenplans afwijken 20% te verhogen. Dit betekent 3 meter 20 extra waardoor alsnog een extra bouwlaag toegevoegd kan worden.” Reactie: Het binnenplanse afwijken waarnaar gerefereerd wordt staat in artikel 8 Algemene afwijkingsregels onder lid c: “Burgemeester en Wethouders kunnen, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.6 van de Wet ruimtelijke ordening van het plan afwijken ten aanzien van: de regels van het plan ten aanzien van de maximum (bouw)hoogte van gebouwen om toe te staan dat de (bouw)hoogte van de gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische installaties wordt vergroot, mits de vergroting leidt tot een hoogte welke niet meer bedraagt dan 1,2 maal de maximum (bouw)hoogte van het betreffende gebouw;”.
Er is dus inderdaad een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid om het gebouw met 20% te verhogen maar deze is slechts bestemt voor plaatselijke verhogingen, zoals luchtkokers, liftkokers en andere technische installaties. Een extra bouwlaag kan met deze regeling niet worden gerealiseerd. Opmerking inspreker: “De parkeerregeling in het bestemmingsplan en de onderbouwing daarvan kan de juridische toets niet doorstaan.” Reactie: De onderbouwing van de parkeerregeling is geregeld in Artikel 10.1 “Voorwaardelijke verplichting parkeren”. Hierin is opgenomen dat een omgevingsvergunning slechts verleend wordt als voldaan wordt aan het geldende parkeernormenbeleid ten tijde van de indiening van de aanvraag. Dit zorgt er dus niet alleen voor dat het plan ten tijde van vaststelling van het bestemmingsplan voldoet aan het parkeernormenbeleid maar ook ten tijde van de omgevingsvergunningsaanvraag. Daarnaast wordt in artikel 10.3 geregeld dat het niet voldoen aan de parkeerbehoefte, wordt gerekend tot ‘strijdig gebruik’. Worden de parkeerplaatsen na vergunningverlening alsnog onttrokken, dan kan daar op grond van artikel 10.3 op gehandhaafd worden. Deze regeling zit juridisch goed in elkaar en zorgt ervoor dat het plan dient te voldoen aan de Notitie Parkeernormen Veenendaal.
Opmerking inspreker: “Het is onduidelijk hoeveel parkeerplaatsen daadwerkelijk worden onttrokken en er wordt gerekend met verkeerde normen.” Reactie: Wat betreft het gebruik van de normen refereren wij aan de Notitie Parkeernormen Veenendaal Artikel 4.2. Hierin staat dat de norm voor een appartement (koop) en woningen ≤ 60 m 2 gvo respectievelijk 0,7 en 0,4 is mits het gehele gebied openbaar toegankelijk is. De parkeerplaatsen bij het plan Jan Steenlaan 4 zijn openbaar toegankelijk en dus zijn de goede normen toegepast. Als de parkeerplaatsen uit de openbaarheid worden gehaald, is er sprake van strijdigheid met het bestemmingsplan en kan worden gehandhaafd (zie het vorige antwoord). Op basis van het beoogde plan, 17 appartementen <60m2 en 6 koopappartementen >60m2, zijn er (17 x 0,4 = 6,8 en 6 x 0,7 = 4,2) 11 parkeerplaatsen nodig excl. dubbelgebruik. Inclusief dubbelgebruik en conform de Notitie Parkeernormen Veenendaal dient de ontwikkelaars 10 parkeerplaatsen te realiseren. Het plan voorziet in de realisatie van 12 parkeerplaatsen aan de achterzijde van het terrein, maar als gevolg van de realisatie van de nieuwe inrit naar het achter terrein verdwijnen 2 parkeervakken langs de Jan Vermeerstraat. Deze parkeervakken worden op het achter terrein gecompenseerd. Tot slot mogen 2 openbare parkeer plekken aan de voorzijde meetellen inzake het huidig gebruik.
Opmerking inspreker: “Extra opmerkelijk daarbij is vervolgens dat in de anterieure overeenkomst nog een inrichtingsplan moet komen maar aan welke criteria die getoetst wordt, Joost mag het weten.” Reactie: Dit is behandelt tijdens de raadscommissie. Hier kort een geparafraseerde reactie van Dhr. Stroobosscher: Het inrichtingsplan wordt bij de omgevingsvergunning getoetst. Daar moet het voldoen aan ons beleid: zaken als de Notitie Parkeernormen, de IVOR (inrichtingseisen Veenendaal openbare ruimte) enzovoorts. Anders wordt de omgevingsvergunning niet verleend. Dit is een standaard regeling in de bestemmingsplannen voor nieuwe ontwikkelingen in Veenendaal. Op deze manier wordt er een extra toetsingsmoment ingebouwd waarbij gekeken wordt of het uitgewerkte plan nog steeds voldoet aan het geldende beleid. Opmerking inspreker: “Het plan zit op een kruispunt met een drukke straat met zowel auto’s als fietsers. Een grote fietsroute gaat erdoorheen met onoverzichtelijke uitritconstructies en daar is op geen enkele manier over nagedacht.” Reactie: In de planvorming is bewust gekozen voor een ontsluiting via de Jan Vermeerstraat. Er is hiervoor gekozen zodat geen conflicten kunnen ontstaan tussen in- en uitrijdend verkeer van en naar het plangebied. Hiermee wordt ook het fietsverkeer op de Frans Halslaan beschermd. Opmerking inspreker: “Ook de plantoelichting bevat gebreken.
Er is niet getoetst aan de evenredigheid en er zitten verschillende onduidelijke argumenten in.” Reactie: In de toelichting van het bestemmingsplan wordt getoetst aan het beleid van het Rijk, Provincie en Gemeente. Ook zijn er onderzoeken naar diverse ruimtelijke aspecten uitgevoerd. Uit zowel de toetsing van het beleid als de onderzoeken is gebleken dat het plan geen onevenredige nadelige gevolgen zal hebben op de omgeving. Dit wordt verder bevestigd doordat de milieukundige onderzoeken beoordeeld en goedgekeurd zijn door de Omgevingsdienst Regio Utrecht. Opmerking inspreker: “Het participatieproces is bijzonder rommelig verlopen tot en met de uitnodiging voor deze bijeenkomst aan toe.” “Er zouden brieven zijn verstuurd maar mijn client heeft deze nooit ontvangen.”
“Het bestemmingsplan is driekwart jaar van tevoren gepubliceerd is op de digitale voorziening ruimtelijkeplannen.nl waardoor de aanmelding, het signaal dat het plan ter inzage ligt, niet klopt met de inzageperiode.” Reactie: Middels een brief zijn directe omwonenden op de hoogte gesteld van de ontwikkelplannen. Hierbij werd verwezen naar de omgevingsdialoog website, waar vragen gesteld konden worden en gereageerd kon worden op de plannen. Door de regels met betrekking tot covid-19 was een fysieke bijeenkomst niet verantwoord. Er zijn in totaal vijf reacties/vragen binnengekomen waar ook op gereageerd is. Waar mogelijk zijn deze opmerkingen verwerkt in het plan. Er stond inderdaad een veel vroegere datum op de digitale voorziening ruimtelijkeplannen.nl. Deze datum is echter niet aan de officiële publicatiedatum (6 oktober 2022) te linken. Er waren geen stukken beschikbaar en er is geen publicatie geweest. Deze vroegere datum is de opening van het plan/dossier in ruimtelijkeplannen.nl geweest. De publicatiedatum is leidend en de vroegere datum heeft dus ook geen enkel signaal afgegeven dat het plan buiten de officiële inzageperiode ter inzage heeft gelegen. Opmerking inspreker: “Het is na het indienen van de zienswijzen driekwart jaar stil geweest. Geen enkele informatie wat is de status, hoe wordt het aangepast, wanneer wordt het voorgelegd aan de raad 0,0.
Uiteindelijk zijn de stukken ook niet toegestuurd maar slechts bij de agenda van deze commissie naar voren gebracht. Het is ook niet gepubliceerd of wat dan ook alleen op de agenda. En daadwerkelijk dat wij dat hebben gezien is dus op het moment van voorbereiden van de inspraak en dat was dus gisteren.” Reactie: In de afgelopen periode sinds het aflopen van de inzageperiode op 16 november 2022 is er herhaaldelijk contact geweest met niet alleen cliënt van inspreker 2, maar met alle indieners van zienswijzen en zelfs met inspreker 2 persoonlijk. - 8-11-2022 en 13-11-2022: e-mailcontact met inspreker 2 over de hiervoor genoemde datum in de digitale voorziening ruimtelijkeplannen.nl; - 23-11-2022: een ontvangstbevestiging is gestuurd dat de zienswijze in goed orde zijn ontvangen en wij hier nauwkeurig mee aan de slag zullen gaan; - 6-4-2023: een update-email is gestuurd over de voortgang van de behandeling van de zienswijzen en de status van het project; - 11-7-2023: in deze mail is de concept zienswijzennota doorgestuurd met een vooraankondiging voor de raad van september ’23; - 30-8-2023: definitieve uitnodiging voor de raadscommissie van 5-9-2023. Ook zijn in deze periode apart de gemeente en ontwikkelaar persoonlijk langs geweest bij cliënt van inspreker 2, om naar haar verhaal te luisteren en om te kijken of er al zaken opgelost konden worden.
Alle zienswijze indieners zijn dus goed op de hoogte gehouden en hebben bovendien 2 maanden voor de vergadering de concept zienswijzennota ontvangen. Door deze communicatie is het dus heel duidelijk wat de precieze status van het project was, wat er precies aangepast ging worden en wanneer het plan aan de raad voorgelegd ging worden.