8. Technische vragen en antwoorden RV Stedenbouwkundig Masterplan nieuw theater - Vervolg
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN - Vervolg Raadscyclus:
Mei 2024
Naam fractie:
SGP
Onderwerp:
Raadsvoorstel Stedenbouwkundig Masterplan nieuw theater in de Duivenweide
SGP We danken het college voor de beantwoording van onze technische vragen m.b.t. het agendapunt ‘Masterplan theater’, te bespreken in de commissievergadering van 23 mei 2024. Op het punt bezoekersaantallen hebben we vragen gesteld. Omdat deze ons inziens niet of onvolledig zijn beantwoord vragen we het college om een verduidelijking. Onze vraag en het antwoord luidde als volgt:
Om onduidelijkheid te voorkomen een paar vervolgvragen:
1. We zijn er blijkbaar te snel vanuit gegaan dat onder de Businesscase theatercomplex, zoals bij de stukken opgenomen als bijlage 2, een raming van toekomstige bezoekersaantallen is gemaakt. Is er binnen de voorliggende businesscase geen raming van de verwachte bezoekersaantallen? Antwoord: Er is wel een raming van de toekomstige bezoekersaantallen alleen is er geen nieuwe raming gemaakt. Zo ja, is het in uw optiek mogelijk een businesscase te maken zonder raming van bezoekersaantallen? Antwoord: Voor de businesscase van het theater is een inschatting van de bezoekersaantallen noodzakelijk. Zo nee, kunt u de raming van het aantal toekomstige bezoekers alsnog delen? Antwoord: De raming van het bezoekersaantal is gebaseerd op de businesscase van het theater van vorig jaar (zie onderstaande afbeelding). De raming van het bezoekersaantal is nog actueel omdat het aantal stoelen ongewijzigd is gebleven voor de grote en kleine zaal.
De Businesscase theatercomplex (bijlage 2 bij het raadsvoorstel) ziet op de verdere uitwerking van het theatergebouw, waarin een financiële actualisatie en verdieping is gemaakt op basis van het verder uitgewerkt programma van eisen van het gebouw. De businesscase van het theater maakt hier financieel onderdeel van uit. 2. In de beantwoording wordt voor een inschatting van toekomstige bezoekersaantallen verwezen naar de drie exploitatiescenario’s zoals in februari 2023 opgesteld door Buijs Culturele profielen. Puttend in dit stuk en dan vooral kijkend naar scenario D (uit het BMC-rapport) komen we dan uit bij de onderstaande tabel. Daaruit blijkt dat het aantal bezoekers van professionele voorstellingen zich rond 2030 op 55.000 bevindt. Het totaal aantal bezoekers ontwikkelt zich van 159.000 (in 2027) naar zo’n 193.000 (in 2031). Graag ontvangen we alsnog een antwoord op onze vraag over de raming van het verwachte aantal bezoekers op grond van het nu voorliggende scenario. Mocht dat deze tabel zijn dan horen we dat ook graag.
Antwoord: In de businesscase ‘Nieuwbouw Theater Lampegiet Veenendaal: drie exploitatiescenario’s’ zijn verschillende scenario’s opgenomen. Scenario D ziet op een theatergebouw inclusief een bioscoop met vier zalen. Het nu voorliggende voorstel sluit aan bij Scenario C (zie beantwoording vraag 1 voor het overzicht met bezoekersaantallen), met als toevoeging een filmfunctie in één zaal in de vorm van het Filmhuis. Aan het Scenario C van vorig jaar is het Filmhuis toegevoegd. Het Filmhuis heeft op dit moment circa 10.000 bezoekers per jaar, met een beperkte programmering. Over het algemeen wordt nu maar 1 of 2 keer per week een film getoond. In de nieuwe situatie kan over de hele week film getoond worden. De verwachte bezoekersaantallen voor het filmhuis liggen in een bandbreedte van 20.000 tot 30.000 bezoekers per jaar. 3. In relatie tot bovenstaande vragen we eveneens uw reactie op de verhouding van het geraamde aantal bezoekers en gemeentelijke bijdrage voor elke bezoeker: betalend en niet betalend. In mei 2023 hebben we onderstaande vraag gesteld en het in blauw weergegeven antwoord ontvangen van het college. De subsidie per bezoeker kwam volgens het college uit op € 19,90 per bezoeker: zowel betalend als niet betalend.
Afhankelijk van het antwoord op vraag 1 en 2 hierboven de vraag wat de gemeenschappelijke bijdrage is aan een toegangskaartje uitgaande van de uitgangspunten van het nieuwe voorliggende voorstel waarbij de exploitatiebijdrage van de gemeente geen € 3.175.000 meer bedraagt maar € 4.780.000. Is onze veronderstelling juist dat naar analogie van het antwoord een jaar geleden dit € 4.780.000 : 159.519 = € 29,97 moet zijn? We ontvangen graag de bevestiging of uw berekening. Antwoord: In de beantwoording van de technische vragen vorig jaar is per abuis het exploitatiesaldo van de vastgoedexploitatie ter hoogte van € 1.130.000 niet opgenomen. Destijds is het exploitatiesaldo van het theater van € 3.175.000 als uitgangspunt genomen maar het was beter geweest om de totale gemeentelijke kostprijs van € 4.305.000,- als uitgangspunt te nemen. Bovengenoemde bedragen zijn ook opgenomen in de financiële tabel in het raadsvoorstel van vorig jaar. De kostprijs per bezoeker zou daarmee € 26,99 bedragen. De huidige berekening voor scenario A met bioscoop (vergelijkbaar met het eerdere Scenario D) is als volgt: € 5.080.000,/ 159.519 bezoekers = € 31,85 per bezoeker. Ten opzichte van vorig jaar is dit bedrag toegenomen als gevolg van de gestegen rente en bouwkosten. Vorig jaar is ook een variant zonder bioscoop meegenomen. Daarin lagen de jaarlasten op €4.322.000,-.
Het bezoekersaantal lag op dat moment op 67.234 bezoekers. Per saldo bedraagt de gemeentelijke bijdrage dan € 64,28 per bezoeker. De huidige berekening voor scenario B is bij 20.000 bezoekers voor het Filmhuis € 4.780.000,- / 87.234 bezoekers = € 54,80 per bezoeker. De huidige berekening voor scenario B is bij 30.000 bezoekers voor het Filmhuis € 4.780.000,- / 97.234 bezoekers = € 49,15 per bezoeker. Het verschil ten opzichte van scenario A (met bioscoop) ontstaat doordat de plaatsen van een bioscoop goedkoper te realiseren zijn dan die van een theater (meer inkomsten ten opzichte van de vastgoedlasten). Bovengenoemde aantallen betreffen het aantal bezoekers in het 1e jaar na opening. De verwachting is dat het aantal bezoekers bij scenario B de jaren na opening van het theatergebouw groeit naar 106.020 tot 116.020 bezoekers.