CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

6. Technische vragen en antwoorden RV Zienswijze ontwerp GR Jeugdhulpregio JeugdFV

Gemeenteraad 15 april 2025, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV712 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TECHNISCHE VRAGEN Raadscyclus

April 2025

Naam fractie:

VVD, D66

Onderwerp:

Raadsvoorstel Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV

Vragen VVD 1.

Klopt het dat dit raadsbesluit alleen gaat over de ontwerpregeling GR Jeugdhulpverleningregio JeugdFV en niet over de intergemeentelijke samenwerkingsovereenkomst? Antwoord: ja, de informatie over de IGS is ter achtergrondinformatie naar de gemeenteraden verzonden. Als regio hebben wij ervoor gekozen om alle gemeenten deze informatie te verstrekken, zodat de raden dezelfde informatie ontvangen en ook beeld hebben hoe de BVO en de IGS samenwerken met de diverse gemeenten.

2.

Zo ja, wordt de intergemeentelijke samenwerkingsovereenkomst ook nog voorgelegd aan de gemeenteraad? Antwoord: nee, dit is geen onderdeel van de procedure en het college kan zelfstandig beslissen over het aangaan van een samenwerkingsovereenkomst tussen colleges. Dit is bij wet zo geregeld via art. 160 van de Gemeentewet.

3.

Voor de uitvoering van deze GR worden twee formatieplaatsen opgevoerd. Zijn dit surplus formatieplaatsen of vindt er een verschuiving van gemeentelijke formatieplaatsen plaats naar de GR? Antwoord: Op pagina 7 van het raadsvoorstel benoemen wij dat:”De stijging van de kosten in 2025 ten opzichte van 2024 heeft met name te maken met uitbreiding van 2 fte voor doel- en rechtmatigheidscontroles en verhoogde overheadkosten”. Dit betreft een surplus voor een nieuwe taak aangezien deze controles nog niet expliciet waren belegd bij de gemeentelijke organisaties.

4.

In het raadsvoorstel wordt vermeld op blz. 7: “Daarnaast brengt de intensivering van de samenwerking efficiencyvoordelen met zich mee. Het regionaal oppakken van taken verlaagt interne kosten van individuele gemeenten.” En op blz. 8: “Als Veenendaal zelfstandig deze taken had moeten uitvoeren, waren de kosten vele malen hoger geweest.” Kunnen deze beweringen inzichtelijk (=gestaafd met cijfers) worden gemaakt? Antwoord: diverse taken zoals contractmanagement, recht- en doelmatigheidsonderzoeken alsook handhaving worden door de GR uitgevoerd. Als elke gemeente dit zelfstandig zou uitvoeren, mist dit de voordelen van schaalgrootte en efficiëntie. Er is geen onderzoek gedaan naar de kosten als elke gemeente dit zelfstandig zou moeten doen, aangezien wij uitgaan van de wettelijke taak om gezamenlijk jeugdhulp in te kopen als Jeugdhulpregio’s. Bij dit punt (en punt 5 en de vraag van D66) is ook stilgestaan tijdens de recente regionale bijeenkomst over de GR vorming. Gemakshalve verwijzen we ook naar de toen gegeven presentatie.

5.

De huidige intergemeentelijke samenwerking komt op diverse onderdelen nogal tekort, zoals we lezen in de analyse in het Plan Intergemeentelijke samenwerking en zal dus moeten worden doorontwikkeld. a. Welke knelpunten is de gemeente in het verleden bij deze samenwerking tegengekomen? b. Hoe is de insteek bij deze doorontwikkeling? c. Hoe gaat de gemeente erop toezien dat de uitgangspunten van doelmatigheid en doeltreffendheid worden behaald?

Antwoord: Deze vragen gaan over de intergemeentelijke samenwerking en vallen buiten de scope van deze zienswijze en wij stellen voor om dit verder buiten deze procedure te houden om verwarring te voorkomen. Inhoudelijk verwijzen wij u naar het ‘Plan intergemeentelijke samenwerking’; hoofdstuk 2, 3 en 4. 6.

Welke KPI’s liggen ten grondslag wat bepaalt of de doorontwikkelde intergemeentelijke samenwerking en de GR een succes wordt/is en wanneer niet? Met andere woorden, wanneer is er sprake van een versterking en verbetering van de Jeugdhulp? Antwoord: zie ook het antwoord wat wij geven op vraag 4. De oprichting van de GR is een wettelijke taak en een verdere ontwikkeling van de huidige samenwerking in de jeugdhulpregio JeugdFV. Daarbij is een verplichting van de GR om de kadernota en ontwerpbegroting voor zienswijze voor te leggen aan de betrokken gemeenteraden. De door u gestelde vragen, worden in deze stukken onderwerp van gesprek. Voor de volledigheid wijzen wij u erop dat er dan geen vergelijk gemaakt zal worden hoe de situatie er uit zou kunnen zien, zonder de GR.

Vragen D66 1. De huidige bestuurlijke aansturing op de twee verschillende vormen van samenwerking komt best bureaucratisch over. Kan het bestuurlijk overleg circuit niet efficiënter of anders georganiseerd worden? Antwoord: er is gekozen voor deze opzet, zodat de BVO een uitvoerende rol heeft en de IGS een voorbereidende beleidsmatige rol. In beide besturen nemen dezelfde wethouders deel. Waar mogelijk worden zaken dan ook gecombineerd. Door deze opzet is de legitimatie van de samenwerking belegd bij de deelnemende gemeenten (college & gemeenteraad). Daarmee wordt voorkomen dat de BVO als zelfstandige entiteit een beleidsbepalende rol zou aannemen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15375750/2