6. Ontwerp omgevingsplan, deel 1 - commentaarnota inspraakreacties
Tekst van het document
OMGEVINGSPLAN VEENENDAAL Deel I Verordeningen
Commentaarnota inspraakreacties
Veenendaal, augustus 2021
Inhoudsopgave 1.
Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Inhoud van deze nota 1.3 Procedure 1.4 Leeswijzer 2. Vooroverleg en inspraakreacties 2.1 Vooroverleg 2.2 Inspraakreacties 2.3 Conclusie overleg- en inspraakreacties 3. Ambtshalve wijzigingen
1 1 1 1 1 2 2 4 9 9
1. Inleiding 1.1 Aanleiding Deze nota heeft betrekking op de inspraakprocedure van het Omgevingsplan Veenendaal. In het omgevingsplan zijn lokale regelgeving uit de huidige verordeningen met betrekking tot de fysieke leefomgeving, de bruidsschatregels en de instructieregels van het rijk opgenomen. Daarnaast zijn er regels opgenomen voor de bescherming van beeldbepalende panden. Het plangebied van het omgevingsplan omvat de hele gemeente Veenendaal. 1.2 Inhoud van deze nota Na deze paragraaf zullen in de Nota achtereenvolgens aan de orde komen: • de stand van zaken met betrekking tot de procedure van het omgevingsplan; • een overzicht van de inspraakreacties en de beantwoording van deze reacties; • een aantal veranderingen dat ambtshalve (door de gemeente op eigen initiatief) wordt voorgesteld. 1.3 Procedure Het voorontwerp omgevingsplan heeft van 17 juni 2021 t/m 28 juli 2021 (zes weken) ter inzage gelegen. Van de ter inzage legging is kennisgegeven op de gebruikelijke wijze: bekendmaking via de Rijnpost, de Staatscourant, het Gemeenteblad en op de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Voor een ieder bestond de gelegenheid hiertegen inspraakreacties in te dienen. In deze commentaarnota komen de binnengekomen inspraakreacties evenals de reactie daarop aan bod. Er zijn drie inspraakreacties ontvangen.
De raad is het bevoegde bestuursorgaan om te beslissen over de vaststelling van een omgevingsplan. Vanwege de grote stelselomslag is besloten dat de raad al eerder wordt meegenomen in het proces. Over instemming met het ontwerp omgevingsplan wordt niet door burgemeester en wethouders, maar door de raad besloten. De raad gaat dan ook over de vraag welke inspraakreacties voor wijzigingen zorgen in het ontwerp omgevingsplan ; een en ander op voorstel van burgemeester en wethouders. Een week na het besluit over het ontwerp omgevingsplan wordt het plan bekend gemaakt in het Gemeenteblad en op de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. De dag na bekendmaking wordt het ontwerp omgevingsplan voor zes weken ter inzage gelegd. Een ieder kan binnen deze zes weken een zienswijze tegen het ontwerp omgevingsplan indienen. 1.4 Leeswijzer De beantwoording van de binnengekomen overlegreacties en inspraakreacties zijn verwerkt in hoofdstuk 2. De reacties zijn samengevat weergegeven. Hoofdstuk 3 gaat in op de voorgestelde aanpassingen in het omgevingsplan.
2. Vooroverleg en inspraakreacties 2.1 Vooroverleg Op grond van artikel 3.1.1 Bro is het voorontwerp omgevingsplan aan verschillende instellingen toegezonden. In de begeleidende e-mail is gevraagd om een reactie te geven op het voorontwerp omgevingsplan. De volgende instanties zijn benaderd: 1. Provincie Utrecht; en 2. Waterschap Vallei en Veluwe. Van het waterschap is geen reactie ontvangen. Reactie provincie Utrecht Onderdeel flora en fauna A. Artikel 5.132: er mist een definitie in artikel 1.1 van de begrippen; natuur- en
landschappelijke waarde, houtopstand en beeldbepalende cultuurhistorische waarde van bomen. B. Artikel 5.137: geldt dit artikel, doelend op het vellen van houtopstanden voor het gehele grondgebied van de gemeente Veenendaal? C. Artikel 5.139: er mist een definitie van houtopstand in artikel 1.1. D. Artikel 5.139: wat wordt er verstaan onder een gemeentelijke houtopstand? Kunnen particuliere etc. hierdoor wel zonder omgevingsvergunning kappen? E. Artikel 5.139: er mist een definitie in artikel 1.1 van de begrippen; coulisselandschap; karakteristiek verkavelingspatroon; landschapswaarde; bos; natuur en waarde-ecologie ontbreken. F. Artikel 5.139: "Het verbod in het eerste en tweede lid is niet van toepassing voor het vellen van een houtopstand in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen." Wie bepaalt dit spoedeisende belang of directe gevaar, de gemeente of de initiatiefnemer? G. Artikel 5.142: voorstel: verplaatsen of combineren met art. 5.137. Artikel 5.137 is niet duidelijk waar de grens (houtopstandengrens) ligt. Geldt dit artikel voor de gehele gemeente (dus binnen en buiten bebouwde kom) of sluit de grens aan bij artikel 4.1 van de Wnb? Het is verstandig om hierover in het omgevingsplan ook duidelijkheid te geven. H. Artikel 5.144: valt deze contour binnen de bebouwde kom? I.
Artikel 5.144: "Het is verboden jacht uit te oefenen met een geweer" Strijdig met wetgeving, dit is toegestaan via artikel 3.21. Onderdeel archeologie A. Art. 22.22: de zin onder 1 is onvolledig, waardoor de strekking van het artikel onduidelijk
blijft. B. Art. 22.28: verwijzing onder 1 naar 22.28 moet waarschijnlijk naar 22.27 zijn. C. Art. 22.28 onder 4 verwijst naar 22.27 a en b, moet dit ook niet verwijzen naar 22.27 e en g? D. Art. 22.28 onder d vraagt om een PvE voor opgraving of proefsleuven of -putten. Ook voor
archeologische begeleiding is echter een PvE benodigd. E. Art. 22.291 "verplaatsen van een gemeentelijke monument voor zover het gaat om een
monument": dit is wat onduidelijk geformuleerd, waarschijnlijk wordt hier bedoeld een gebouwd monument in tegenstelling tot een archeologisch monument. F. Art. 22.292: titel loopt niet; hierdoor is niet duidelijk waartoe dit artikel dient. Reactie gemeente
commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -2-
Onderdeel flora en fauna Ad A. Deze begrippen zijn lastig te vatten in een standaard definitie, omdat zij locatie- en gebiedsspecifiek zijn. De aanwezige natuur- en landschappelijke waarden zijn verder uiteengezet in ons landschapsontwikkelingsplan. In het omgevingsplan gaat het er nu vooral om dat ze aangewezen zijn op kaart, zodat te zien is waar de regels gelden. De definitie van een houtopstand is opgenomen in de Omgevingswet. De VNG adviseert om begrippen die gedefinieerd zijn in de Omgevingswet niet op te nemen in het omgevingsplan. Ad B. Deze regel is niet gekoppeld aan een werkingsgebied, dit betekent dat de regel automatisch geldt voor het hele grondgebied van de gemeente. Ad C. Zie het antwoord onder A. Ad D. Dit zijn bomen in eigendom van de gemeente Veenendaal. Ad E. Deze begrippen zijn moeilijk te definiëren, wel zijn ze te omschrijven en aan te wijzen op kaart. Bij de vaststelling van het omgevingsplan wordt een omschrijving van de verschillende soorten gebieden opgenomen in de artikelsgewijze toelichting. Ad F. In de praktijk zal het waarschijnlijk de gemeente en de initiatiefnemer zijn, omdat de initiatiefnemer in de meeste gevallen contact zal opnemen met de gemeente voordat er gekapt wordt. De initiatiefnemer kan echter de boom kappen zonder toestemming, omdat het verbod in spoedeisende gevallen niet aan de orde is. Ad G.
Ja, dit geldt voor het hele grondgebied van de gemeente. De regels van het omgevingsplan zijn een aanvulling op het Bal. Inmiddels is er een toelichting per artikel opgenomen waaruit blijkt hoe de regels worden toegepast. Ad H. Zie het antwoord onder I. Ad I. Artikel 3.21 van de Wet natuurbescherming is beleidsneutraal verwerkt in artikel 11.58 lid 4 van het Bal jo artikel 5.165a Bkl. Het is aan de gemeenteraad om in het omgevingsplan een bebouwingscontour jacht aan te wijzen die aansluit bij stedelijk gebied en lintbebouwing. Bij nadere bestudering van de bovenstaande artikelen is gebleken dat de bebouwingscontour jacht nu te ruim is aangewezen omdat deze het hele grondgebied van Veenendaal beslaat. Het werkingsgebied wordt teruggebracht naar de bebouwde kom. Overigens staat in artikel 11.71 lid 4 van het Bal dat ook niet met een geweer mag worden gejaagd op de terreinen aangrenzend aan de bebouwingscontour jacht. In Veenendaal betekent dat in de praktijk dat op het gehele grondgebied van Veenendaal niet met een geweer mag worden gejaagd. Onderdeel archeologie Ad A t/m F. De bruidsschatregels worden naar verwachting in oktober 2021 aangepast door het Rijk. Bij de vaststelling van het omgevingsplan wordt de actuele versie van de bruidsschatregels ingevoegd, voor zover van toepassing op de gemeente Veenendaal.
Bij de uitgezette versie is de omzetting naar de pdf niet helemaal correct gegaan, dit is inmiddels verholpen. Conclusie
Commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -3-
Op basis van de reactie van de provincie wordt het werkingsgebied bebouwingscontour jacht beperkt tot de bebouwde kom.
2.2 Inspraakreacties De volgende inspraakreacties zijn ingediend: 1. Clou Beheer B.V., Laan der Techniek 5. 3903 AS, Veenendaal; 2. Buddingh Natuursteen, Kanaalweg 11, 3901 ET, Veenendaal; en 3. TenneT TSO B.V., Utrechtseweg 310, 6812 AR, Arnhem. De inspraakreacties zijn op juiste wijze ingediend binnen de reactietermijn van 17 juni tot en met 28 juli 2021. De inspraakreacties zijn daarom tijdig ingediend en in beschouwing genomen. De reacties worden hieronder verwoord en beantwoord. Inspraakreactie 1 Clou Beheer B.V. Schriftelijke inspraakreactie, per mail van 9 juli 2021, (ingekomen 9 juli 2021). Samenvatting inhoud De inspraakreactie heeft betrekking op het pand aan Patrimoniumlaan 28. In de reactie komen de volgende inhoudelijke punten naar voren: A. Clou Beheer B.V. heeft op 8 juni 2021 een bouwplan ingediend voor het transformeren van het pand aan de Patrimoniumlaan 28 tot appartementen. Voorafgaand is een conceptaanvraag gedaan waarop door de gemeente een standpunt is ingenomen. De gemeente gaat niet akkoord met het ingediende plan, maar heeft aangegeven dat met enkele aanpassingen in het ontwerp ze mogelijkheden ziet om een principe akkoord te geven. Door de aanwijzing van het pand als beeldbepalend pand voorziet Clou Beheer B.V. beperkingen ten aanzien van de uitvoering en de financiële haalbaarheid van de transformatie.
Zij voorzien stagnatie en/of kostenverhogende voorwaarden bij de uitwerking van het plan. Een aantal praktische zaken waar zij tegenaan lopen zijn: i. Wanneer het pand volledig behouden moet worden, zorgt dit voor de bouwfysische-, duurzaamheids- en geluidsaspecten voor uitdagingen om tot een acceptabel niveau te komen; ii. Er zal een andere puivulling op de zijgevel moeten komen. Voorheen waren achter de huidige glaspuien kantoren gesitueerd. In de nieuwe situatie komen daar de badkamer, bergruimte en de slaapkamer. Door aangewezen te worden als beeldbepalend pand, moet de nieuwe puivulling passen binnen de karakteristieke kenmerken van het pand. Clou Beheer B.V. voorziet hierin een obstakel in eisen en kosten; iii. Het gebouw achter het hoofdgebouw dient gesloopt te worden ten behoeve van het realiseren van parkeerplaatsen, een fietsenberging, opstelplekken voor containers en drie woningen aan de Gerard Doustraat. B. Tot slot deelt Clou Beheer B.V. een aantal in het beleidsstuk genoemde architectuurhistorische en cultuurhistorische waarden niet. Het gaat om de volgende aspecten: i. De geglazuurde gevelstenen zijn op erg veel plaatsen aangetast door de atmosferische invloeden en tijd. Dit is met name goed zichtbaar in de voorgevel en de rechter zijgevel; ii. Er zitten op diversen scheuren in het gevelmetselwerk. C. Bereidheid voor het behoud van het pand is er.
Hiervoor moeten er wel gezonde, praktisch uitvoerbare en financieel betaalbare uitgangspunten met de gemeente en de commissies worden overeengekomen om de transformatie tot appartementen niet te frustreren.
commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -4-
Reactie gemeente Bij het opstellen van de beleidsnota kon nog geen rekening worden gehouden met de op 3 mei 2021 ingediende conceptaanvraag. In de door u genoemde standpuntbrief heeft het college aangegeven dat aan het ontwerp zoals het op 3 mei 2021 is ingediend geen medewerking wordt verleend. Wanneer aanpassingen worden gedaan in onder andere het gevelbeeld en de derde bouwlaag, zijn er mogelijkheden om medewerking te verlenen. Inmiddels is een nieuw plan door u ingediend, welke nog beoordeeld moet worden door onze stedenbouwkundige. Een conceptaanvraag wordt, nadat er een akkoord is vanuit de stedenbouwkundige, voorgelegd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (welstandscommissie). Zij beoordelen of het plan voldoet aan de gestelde welstandseisen. Er wordt gekeken of de architectuur past binnen het straatbeeld en er wordt bekeken op welke manier karakteristieke kenmerken van panden behouden kunnen worden. De beleidsnota ‘Van cultuurhistorische waardering naar beleid’ gaat na vaststelling onderdeel uitmaken van de Welstandsnota en geeft de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit handvaten om karakteristieke kenmerken op een juiste manier te beoordelen. Bij de beoordeling van het op 3 mei door u ingediende plan is reeds vanuit deze karakteristieke kenmerken beoordeeld.
Voor de beoordeling van de conceptaanvraag maakt het dus geen verschil of het pand als beeldbepalend is aangewezen of niet. Daarnaast is het niet zo dat het bij een beeldbepalend pand niet mogelijk is om veranderingen aan te brengen aan het pand. Er moet alleen voldoende onderbouwd worden op welke manier de wijzigingen passen binnen de karakteristieken van het pand. Conclusie De inspraakreactie leidt niet tot een aanpassing van het omgevingsplan. In het ontwerp omgevingsplan blijft het pand aan Patrimoniumlaan 28 aangewezen als beeldbepalend pand.
Commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -5-
Inspraakreactie 2 Buddingh Natuursteen. Schriftelijke inspraakreactie, per mail van 23 juli 2021, (ingekomen 26 juli 2021). Samenvatting inhoud De inspraakreactie heeft betrekking op het pand aan Kanaalweg 11 waar Buddingh Natuursteen eigenaar van is. In de reactie komen de volgende inhoudelijke bezwaren naar voren: A. Het juridisch kader van het Omgevingsplan Veenendaal en daarmee ook van de beleidsnota is niet op orde nu de Omgevingswet niet van kracht is. Daarom is het zonder meer vaststellen van de Beleidsnota in deze fase niet mogelijk; B. Het gebruik van de termen ‘beeldbepalend’ en ‘historische bebouwing’ als kwalificatie voor het pand is weinig zeggend en hebben geen inhoud of onderscheidende betekenis gekregen in de nota. Deze termen slaan op heel veel panden zonder dat het leidt tot een beschermde status in de beleidsnota. De onderbouwing waarom het pand een beeldbepalend pand is, is willekeurig, slecht onderbouwd en is op een aantal punten feitelijk onjuist. Het gaat om de volgende punten: i. Het pand heeft geen mansardekap, zoals abusievelijk wordt beschreven. Het betreft een zadeldak met wolfseind; ii. De bedrijfsnaam is niet in de voorgevel verwerkt, dit betrof een losse plaat die niet meer op de gevel aanwezig is; iii. Het schilderwerk is niet de oorspronkelijke kleur groen, maar is al een lange tijd bruin van kleur; iv.
De aanbouw aan de oostzijde is niet historisch, maar van latere datum en heeft de oorspronkelijke (historische) architectuur doorbroken; v. Het betreft geen bedrijfspand, maar een woning. De woning staat inmiddels al vele jaren leeg en door het ontbreken van sanitaire voorzieningen is het pand niet bewoonbaar. Het verkeert in bouwtechnische slechte staat. De fundering is zwak en leidt tot scheurvorming in de gevels. vi. Het betreft geen expressionistische architectuur zoals in de beleidsnota wordt gesuggereerd. Bij expressionistische architectuur is er sprake van typische kenmerken van de oorspronkelijke beweging, zoals distorsie, fragmentatie of de vertaling van gewelddadige of over benadrukte emotie. Al deze kenmerken zijn niet terug te vinden in het pand. Binnen het expressionisme valt het baksteen expressionisme. De Nederlandse variant is terug te vinden in de Amsterdamse school en bij architectuur beïnvloed door de antroposofie. Van beide is bij het pand aan de Kanaalweg 11 totaal geen sprake. In dat kader is de beschrijving van het pand in de beleidsnota, als zou het karakteristiek materiaal- en kleurgebruik en kenmerkende detaillering betreffen, een misplaatste beschrijving, omdat daarvan in specifieke en onderscheidende zin geen sprake is, zeker niet in relatie tot de vermeende expressionistische architectuur. C. Voor het pand is een sloopmelding gedaan.
Er is kennelijk geen grond gevonden om in te grijpen op het voornemen tot sloop, waardoor juridisch niet in de weg staat om te slopen. Het opnemen van het pand op de lijst is daarom nu mosterd na de maaltijd. Reactie gemeente Ad A. De Omgevingswet is inderdaad nog niet in werking getreden. Dit vindt naar verwachting plaats op 1 juli 2022. Het omgevingsplan treedt pas in werking vier weken na de dag dat het besluit ter inzage is gelegd. Het is de bedoeling het omgevingsplan direct na de inwerkingtreding van de Omgevingswet bekend te maken en ter inzage te leggen. Als gemeente bereiden we echter zowel het omgevingsplan als de beleidsnota goed voor. Ook willen we meerdere momenten hebben waarop het mogelijk is dat belanghebbenden reageren op het plan.
commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -6-
Het ter inzage leggen van een voorontwerp en ontwerp omgevingsplan is mogelijk voordat de Omgevingswet in werking treedt. Ad B. Voor de cultuurhistorische waardenkaart zijn ruim 600 panden en objecten bekeken en gewaardeerd, waarbij het label hoog, positief (middel) en laag is toegekend door bureau RAAP. Voor de panden met het label hoog en positief, bij elkaar zo’n 380 panden, is vervolgens een verdiepingsslag gemaakt om te beoordelen welke panden in aanmerking komen om te beschermen. Bij de verdiepingsslag zijn de 380 objecten langs een meetlat met vastgestelde criteria gelegd. Het gaat om de volgende criteria: 1. Cultuurhistorische en wetenschappelijke waarde (CH): Door aspecten van plaats, tijd en / of functie vormt het object een tastbare herinnering aan belangrijke historische gebeurtenissen of ontwikkelingen in de gemeente Veenendaal; 2. Architectuurhistorische en esthetische waarde (AH): Het belang van het object vanwege een kenmerkende / bijzondere bouwstijl, typologie, vorm, materiaalgebruik en constructie; het belang binnen het oeuvre van een architect; 3. Ensemble waarde (ST): Het belang van het object als onderdeel van de ontwikkelingsgeschiedenis van het gebied of een bijzondere stedenbouwkundige ontwikkeling of planvorming; en/of als onderdeel van cultuurhistorische gebiedskarakteristiek en/of ensemblewaarde, een waardevol gebied en beschermde monumenten; 4.
Gaafheid (GH): Het belang van het object wegens de authenticiteit / oorspronkelijkheid van hoofdvorm, gevelindeling en/of detaillering; 5. Herkenbaarheid (HH): Het belang van het object vanwege de herkenbaarheid van het oorspronkelijke concept en de oorspronkelijke (bijzondere) functie, in relatie tot de ontwikkelingsgeschiedenis en de historische gelaagdheid van het gebied; relatie met voor de gemeente Veenendaal belangrijke personen, gebeurtenissen en activiteiten; 6. Zeldzaamheid (ZH) in architectuur- en/of bouwhistorisch, stedenbouwkundig, typologisch, functioneel of historische opzicht. 7. Veense criteria (V): Religie, agrarische ontginningsgeschiedenis, militair erfgoed, industrieel erfgoed, lokale architecten en elementen die uitdrukking geven aan bepaalde gebeurtenissen of personen (herinneringswaarde). Het pand aan Kanaalweg 11 heeft op basis van deze criteria hoog genoeg gescoord om als beeldbepalend pand aangewezen te worden. Ad C. Ondanks dat er een sloopmelding is ingediend, blijft het pand aan Kanaalweg 11 op de lijst met beeldbepalende panden staan. Mede omdat niet is aangegeven wanneer de sloopwerkzaamheden plaatsvinden. Daarnaast is het niet zo dat het bij een beeldbepalend pand niet mogelijk is om veranderingen aan te brengen aan het pand of het pand te slopen.
Er moet alleen voldoende onderbouwd worden op welke manier de wijzigingen of de nieuwbouw passen binnen de karakteristieken van het pand. Conclusie De inspraakreactie leidt niet tot aanpassing van het omgevingsplan.
Commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -7-
Inspraakreactie 3 TenneT TSO B.V. Schriftelijke inspraakreactie, per mail van 27 juli 2021, (ingekomen 28 juli 2021). Samenvatting inhoud A. TenneT verzoekt de gemeente om op een passende wijze rekening te (blijven) houden met de aanwezigheid van de bestaande vitale infrastructuur in de doorwerking naar een omgevingsplan. Op dit moment wordt er in samenwerking met andere netbeheerders een staalkaart ‘Elektriciteit en gas in het omgevingsplan’ opgesteld. In deze staalkaart zijn de bouwstenen voor het behouden en beschermen van het elektriciteitsnet, het creëren van ruimte voor het elektriciteitsnet en het waarborgen van de omgevingskwaliteit rondom het elektriciteitsnet verder uitgewerkt. TenneT geeft aan graag in gesprek te gaan met de gemeente over de inrichting van het omgevingsplan rondom dit aspect. B. Het eerste deel van het omgevingsplan omvat alleen die onderwerpen die momenteel in verordeningen zijn geregeld. TenneT geeft aan dat daarmee geen duidelijkheid bestaat over de regeling van haar verbindingen en stations wanneer het omgevingsplan volledig is ingericht. Het is voor hen daarom ingewikkeld om een oordeel te vormen over het eerste deel van het omgevingsplan.
Ze geven aan dat het nogal een verschil maakt of de nu opgenomen regeling ten aanzien van kabels en leidingen uiteindelijk de enige regeling is of dat er in het resterende deel van het omgevingsplan aanvullend regels worden opgenomen over dit onderwerp. Ze gaan er in hun beoordeling vanuit dat de regeling inderdaad aanvullend is op wat nu in de bestemmingsplannen is geregeld en wat bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswege onderdeel van het omgevingsplan wordt. C. Het omgevingsplan vult de regelingen in de bestemmingsplannen aan met een vergunningstelsel waarin het aanleggen van kabelverbindingen in openbare gronden vergunningplichtig wordt. Tevens is geregeld dat de vergunning kan worden ingetrokken ‘als dit noodzakelijk is voor de uitvoering van werken’. Ondanks dat in de regeling is opgenomen dat de netbeheerder in het kader van een voorgenomen intrekking moet worden gehoord, laat de regeling die nu luidt volgens Tennet geen ruimte voor een belangenafweging waarin het belang van de elektriciteitsvoorziening is meegewogen. TenneT verzoekt de gemeente om naar aanleiding van bovenstaande punten contact op te nemen met Tennet. Reactie gemeente Ad A. Wanneer de staalkaart voor ‘Elektriciteit en gas in het omgevingsplan’ gereed is, zal gekeken worden of dit nog leidt tot aanvullingen of wijzigingen in het vast te stellen omgevingsplan.
Vooraf zal contact op worden genomen met Tennet. Ad B. De regeling over kabels en leidingen in het omgevingsplan is inderdaad een aanvulling op de huidige set aan regels die is opgenomen in de vigerende bestemmingsplannen. Deze bestemmingsplannen maken, zoals TenneT al aangeeft, vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet van rechtswege onderdeel uit van het omgevingsplan. De dubbelbestemmingen en de vergunningstelsels blijven daarmee geldend. Ad C. Uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb) geldt dat indien de gemeente een besluit neemt, alle rechtstreeks bij het besluit betrokken belangen worden afgewogen (artikel 3:4 Awb). Ook het horen van belanghebbenden (in dit geval de netbeheerder) is geregeld in artikel 4:8 Awb. De belangenafweging is dus al geregeld in andere wetgeving. Conclusie De vragen die in de inspraakreactie van TenneT zijn gesteld, worden in bovenstaande reactie beantwoord. Op basis van de inspraakreactie vinden geen wijzigingen plaats in het omgevingsplan.
commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -8-
2.3 Conclusie overleg- en inspraakreacties Op basis van de reactie van de provincie wordt het werkingsgebied bebouwingscontour jacht beperkt tot de bebouwde kom. De overige inspraakreacties hebben niet geleid tot wijzigingen in het omgevingsplan. 3. Ambtshalve wijzigingen In het ontwerp omgevingsplan heeft een aantal ambtshalve wijzigingen plaatsgevonden ten opzichte van het voorontwerp omgevingsplan. Zo zijn een aantal uitvoerings- en aanwijzingsbesluiten in de regels geïntegreerd. Het gaat om de volgende besluiten: • Aanwijzingsbesluit inzamelaar oud papier en karton; • Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal houdende de vaststelling van de lijst waardevolle bomen 2018; • Aanwijzingsbesluit inzake het houden van hinderlijke of schadelijke dieren binnen de bebouwde kom Gemeente Veenendaal 2017; • Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening; • Beleid tijdelijke reclame-uitingen (2010); • Aanwijzingsbesluit fietsparkeren; • Regels voor uitstallen gemeente Veenendaal; en • Uitvoeringsbesluit parkeervergunningen Veenendaal. Daarnaast is er een artikelsgewijze toelichting toegevoegd. De regels zijn tot slot beoordeeld door een externe deskundige op het gebied van het omgevingsrecht. Naar aanleiding van deze beoordeling zijn diverse aanpassingen gedaan.
Commentaarnota inspraakreacties Omgevingsplan, deel I -9-