CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

6. Bijlage 1d bestemmingsplan bijlagen

Raadscommissie 16 januari 2024, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan ‘Emmalaan 59-89’22.881 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Veenendaal, Klimaattoets Emmalaan 59 - 89 – Woningstichting Veenvensters

7

KLIMAATTOETS

Ter vergroening van het plan zijn groene parkeervakken voorzien. Onder deze parkeervakken kan waterberging gerealiseerd worden in het substraat en de fundering daaronder. Hierbij wordt gerekend met de volgende opbouw:

 30 cm substraat met 20% holle ruimte;  35 cm waterbergende fundering (steenslag) met 40% holle ruimte.

4.1. Thema wateroverlast

De beschikbare waterberging onder de parkeervakken wordt daarmee:

4.1.1. Wateropgave Op basis van de eisen vanuit het waterschap Vallei en Veluwe is geen compensatie over het verhard oppervlak nodig. Het totaal verhard oppervlak binnen het plangebied neemt namelijk af met 180 m², zie ook paragraaf 2.1.

Tabel 4-1: Overzicht waterberging in groenblauwe structuren plangebied TYPE VOORZIENING

Substraat Waterbergende fundering Totaal

Vanuit de gemeente Veenendaal geldt een bergingseis van minimaal 25 mm op eigen terrein, de bergingsopgave is daarmee als volgt:

 2.955 m² * 25 mm = 74 m³ In aanvulling op bovenstaande geldt een bergingseis van 2 m³ per 100 m² bebouwd oppervlak (hoogbouw). De aanvullende bergingsopgave is daarmee:

 1.640 m² / 100 m² * 2 m³ = 33 m³ Om meer punten volgens het omgevingsplan te verdienen, kan per 10 mm extra berging 4 punten verdiend worden met een maximum van 12 punten, hiervoor dient per 4 punten extra gerealiseerd te worden:

 1.640 m² * 10 mm = 17 m³

4.1.2. Invulling verplichte wateropgave Voor het plangebied geldt een verplichte wateropgave van 74 m³ + 33 m³ = 107 m³. Het plangebied is volledig gelegen op particulier terrein in eigendom van Woningstichting Veenvensters, de waterberging moet daarom volledig op eigen terrein gevonden worden. Aan de verplichte wateropgave wordt invulling gegeven door middel van:

 Het voorzien van waterbergende fundering en substraat onder de

OPPERVLAK (M²)

DIKTE (M)

HOLLE RUIMTE

739 477

0,30 0,35

20% 40%

STATISCHE BERGING (M³) 38 88 126

Uitgaande van een klinkerdikte van 12 cm is de totale constructiedikte 77 cm. Bij een maaiveldhoogte van NAP +6,70 komt de onderzijde op NAP +5,93. Dit is 13 cm boven GHG. Vanwege de grondwaterstand wordt geadviseerd een drain onder het waterbergende pakket aan te leggen. Op de drain kunnen enkele slokops aangesloten worden. Het is hierbij van belang dat de bovenkant van de drain 10 cm onder de RLG wordt aangebracht om ijzerafzettingen te voorkomen. Ter hoogte van de aansluiting op het HWA moet de drain ingesteld worden op het niveau van de gemiddelde grondwaterstand om te voorkomen dat de grondwaterstand wordt verlaagd. Momenteel is rondom het plangebied alleen gemengde riolering aanwezig. Op termijn wordt de wijk opnieuw ingericht waarbij HWA riolering wordt aangelegd. Tijdelijk kan, met een terugslagklep, aangesloten worden op het gemengde riool. Vervolgens kan de aansluiting worden overgezet op de toekomstige HWAriolering. De geadviseerde maatregelen staan in geschetst in figuur 4-1 met een zwarte arcering.

groenparkeervakken;

Veenendaal, Klimaattoets Emmalaan 59 - 89 – Woningstichting Veenvensters

8

De hoeveelheid punten die hiervoor behaald kunnen worden staan gelijk aan 47 mm extra berging, waarmee ruimschoots de maximum van 12 punten wordt behaald.

Waterbergende fundering

Waterkelder ten behoeve van hergebruik regenwater Regenwater kan goed hergebruikt worden via regenwatersystemen binnenshuis in bijvoorbeeld toiletten, wasmachine en douche. Om in voldoende watervoorraad te voorzien, dient de waterkelder voldoende groot te zijn, afhankelijk van het aangesloten dakoppervlak. De benodigde waterberging is berekend met de volgende vuistregels, afkomstig van mijnwaterfabriek.nl:

 650 mm netto neerslag per jaar;  Berging 8% van het jaarvolume;  Dakoppervlak (exclusief groendak) 1.535 m² De waterkelder dient daarmee 1.535 m² * 650 mm * 8% = 80 m³ te kunnen bevatten. Hiermee kunnen 8 punten behaald worden.

Figuur 4-1: schetsontwerp invulling verplichte wateropgave

Beplante wadi’s aanleggen De twee grote groenvakken tussen de parkeervakken in kunnen omgevormd worden tot een beplante wadi. Vanwege de soortenrijke beplanting kunnen de taluds uitgevoerd worden als 1:1 taluds en is de belevingswaarde t.o.v. een graswadi groter. Binnen de plantvakken kunnen wadi’s gemaakt worden met de volgende eigenschappen: Tabel 4-2: Overzicht waterberging in groenblauwe structuren plangebied

4.1.3. Extra waterberging

TYPE

Om binnen het puntensysteem van de gemeente Veenendaal extra punten te behalen kan de hoeveelheid waterberging verhoogd worden met 10 mm. Zoals aangegeven in paragraaf 4.1.1 bedraagt deze extra berging 16 m³. Binnen het plangebied kan ingezet worden op de volgende voorzieningen om extra berging te creëren: Waterbergende fundering onder de rijbaan Onder de rijbaan in de parkeerkoffers kan een waterbergende fundering toegepast worden, al dan niet in combinatie met waterpasserende bestrating. De rijbanen hebben in totaal een oppervlak van 570 m². Bij een pakketdikte van 0,35 m en een porositeit van 40% wordt de berging: 570 m² * 0,35 m * 40% = 80 m³.

VOORZIENING

Beplante wadi noordzijde Beplante wadi zuidzijde Totaal

106

BODEMOPPERVL AK (M²) 83

MAXIMALE DIEPTE (M) 0,40

STATISCHE BERGING (M³) 38

83

62

0,40

29

BOVENOPPER VLAK (M²)

67

De hoeveelheid punten die hiervoor behaald kunnen worden staan gelijk aan 40 mm extra berging, oftewel 12 punten. Ten behoeve van de ontwatering dienen de wadi’s voorzien te worden van een drain. Ook wordt per wadi een slokop aangelegd. Groendak waterbergend maken Aan de voorzijde van het appartementencomplex wordt een groendak gerealiseerd. Dit groendak levert punten op voor het thema ‘Natuurinclusief bouwen’. In

Veenendaal, Klimaattoets Emmalaan 59 - 89 – Woningstichting Veenvensters

9

aanvulling hierop zijn 4 punten te verdienen door 50 mm water te bergen op het groene dak, met een minimaal oppervlak van 50 m². Het groene dak heeft een oppervlak van 80 m². Als op dit groene dak 80 m² * 50 mm = 4 m³ geborgen wordt, wordt hiermee 4 punten verdiend. Hoe het dak waterbergend gemaakt kan worden, staat beschreven in paragraaf 4.2.1.

4.1.4. Wijze van afwatering Binnen het plangebied wordt geadviseerd het hemelwater af te laten wateren naar de dichtstbijzijnde voorziening, uitgaande van de voorzieningen zoals beschreven in paragraaf 4.1.2. Dit betekent dat de rijbanen zoveel mogelijk oppervlakkig af zullen wateren naar de parkeervakken. Geadviseerd wordt de HWA afkomstig van de daken oppervlakkig af te laten wateren naar de parkeervakken. Hiermee wordt het water zoveel mogelijk binnen het plangebied geborgen in plaats van dat het rechtstreeks naar bestaand gebied afgevoerd wordt. Geadviseerd wordt om bij de parkeervakken en eventuele wadi’s slokops te plaatsen en deze aan te sluiten op de drain. Om te zorgen dat het hemelwater gedurende extreme situaties niet tot overlast leidt, wordt geadviseerd een oppervlakkige noodoverloop te realiseren richting openbaar terrein. Om dit te kunnen realiseren is het noodzakelijk dat het wegpeilen van het plangebied hoger is dan het maaiveld van het aangrenzende openbaar terrein.

4.1.7. Grondwater Uitgaande van het huidige maaiveldniveau wordt verwacht dat de achterzijde wordt aangelegd op een aanlegniveau van NAP +6,60 m, dit sluit goed aan op de bestaande achtertuinen. De RHG van het plangebied is in paragraaf 2.2 beschreven en wordt geschat op NAP +5,80. Dit betekent een ontwatering van 0,80 m aan de achterzijde van de bebouwing. Dit is voldoende ontwatering volgens de gangbare toetsingscriteria zoals opgenomen in de Kennisbank Stedelijk Water (GHG 0,70 m onder wegen). Voor woningen met kruipruimte wordt een ontwateringsdiepte van 0,90 m geadviseerd. Het vloerpeil komt daarbij op minimaal NAP +6,70 m. Dit is 30 cm hoger dan de as van de rijbaan aan de voorzijde.

4.1.8. Oppervlaktewater Het plan veroorzaakt geen nadelige oppervlaktewatersysteem in de omgeving.

gevolgen

voor

of

door

het

4.1.9. Waterveiligheid Het plan ligt niet binnen de kern- of beschermingszone van een waterkering of watergang.

4.1.5. Overige randvoorwaarden Om vervuiling van het hemelwater te beperken, wordt geadviseerd het gebruik van uitlogende bouwmaterialen te voorkomen conform beleid gemeente en waterschap.

4.1.6. Vuilwater Het vuilwater dient onder vrijverval aangesloten te worden op de gemeentelijke riolering rondom het plangebied. Binnen het plangebied worden 48 appartementen gerealiseerd. Bij een gemiddelde bezetting van 2,5 personen per woning en een afvalwaterproductie van 12 liter/uur/persoon, wordt de verwachte afvalwaterproductie 48 * 2.5 * 12 = 1,44 m³/uur of 0,4 l/s.

Veenendaal, Klimaattoets Emmalaan 59 - 89 – Woningstichting Veenvensters

10

4.2. Thema droogte Vanwege de klimaatverandering neemt de kans op langere periodes van droogte toe, met name in de zomer. De gevolgen in een stedelijke omgeving zijn onder meer het uitdrogen van beplanting, zakken van de (grond)waterstand en toename van de bodemdaling in veengebieden. Om deze gevolgen te verminderen neemt de vraag naar water toe, bijvoorbeeld om te sproeien. Om de gevolgen van droogte te verminderen, zijn maatregelen gericht op het in het plangebied vasthouden en hergebruik van regenwater en beperken van vochtverlies. In dit plan zijn de volgende maatregelen toepasbaar:

4.2.1. Vasthouden en hergebruik regenwater Hergebruik water; In de appartementen kan regenwater hergebruikt worden in toiletten, de wasmachine en douche, zie ook paragraaf 4.1.3. Dit water kan ook ingezet worden om de groenzone rondom het appartementencomplex te besproeien. Retentiedaken; Het opvangen en bergen van hemelwater kan direct op de locatie waar het valt door middel van retentiedaken, zie ook paragraaf 4.1.3. Binnen het plan is een groendak voorzien waar dit toegepast kan worden. Deze daken zijn opgebouwd uit een vegetatie- en substraatlaag welke door middel van een filtermat gescheiden wordt van een drainagelaag en afvoer. Hierdoor wordt water vastgehouden en vertraagd afgevoerd terwijl het de vegetatie van water voorziet. Infiltratiestroken (groenstroken) met bovengrondse opslag; Deze voorzieningen kunnen diep of minder diep uitgevoerd worden, in combinatie met het oppervlak van de groenvakken bepaald het de beschikbare waterberging. Naast de waterbergende werking van de groenvakken kan hemelwater in de ondergrond infiltreren en het grondwater aanvullen. De verdamping door planten, struiken en bomen heeft tevens een verkoelend effect.

Waterdoorlatende verhardingen bestaan uit poreus materiaal waar water doorheen kan zakken. Waterpasserende verhardingen worden gelegd met brede voegen die het water laten infiltreren.

4.2.2. Beperken vochtverlies Droogtebestendige beplanting; Door te kiezen voor een juiste balans van droogtebestendige beplanting op plekken waar beperkte hoeveelheden water beschikbaar is, zal deze begroeiing beter bestand zijn tijdens langdurige perioden van droogte. Deze beplanting zal minder snel haar bladeren verliezen, van meerwaarde blijven voor de lokale flora en fauna en schaduw creëren. Beperken vochtverliezen van de bodem; Als de bodem bedekt blijft door takken, mulch of bodembedekkers wordt uitdrogen van de bodem beperkt. Niet alleen wordt zo verdamping verminderd, door het voorkomen van uitdroging en door de doorworteling wordt de opnamecapaciteit van de bodem bij regen na droogte vergroot.

4.3. Thema hittestress en schaduw Door klimaatverandering wordt het vaker heet in de zomer. In steden is het vaak al warmer dan de landelijke omgeving vanwege onder andere de aanwezige verhardingen, ook wel het stedelijk hitte eiland effect genoemd. Dit heeft invloed op de gezondheid, buitenruimte, leefbaarheid, water en netwerken. Om de effecten van toegenomen hitte te verminderen, zijn maatregelen te nemen gericht op de ‘hittetrits’: blokkeren, ventileren en verkoelen. In het huidige ontwerp zijn reeds een aantal schaduwrijke plekken aanwezig, deze zijn schetsmatig aangegeven met zwarte vlakken in figuur 4-3. De achterzijde van het plangebied krijgt veel schaduw van het appartementencomplex. Aan de voorzijde zorgen de bomen, indien volgroeid, voor schaduw. Om meer schaduw, bijvoorbeeld ten behoeve van de appartementen, te realiseren, kunnen onderstaande maatregelen overwogen worden.

Waterdoorlatende verhardingsmaterialen; Waterdoorlatende, waterpasserende en doorgroeibare verhardingsmaterialen en halfverhardingen hebben diverse voordelen: het regenwater kan in de bodem wegzakken, het grondwater aanvullen en het riool ontlasten.

Veenendaal, Klimaattoets Emmalaan 59 - 89 – Woningstichting Veenvensters

11

schaduwvoorzieningen kunnen bestaan uit klimplanten over spandraden, schaduwdoeken of pergola’s. Deze voorzieningen kunnen met name bij het voetpad langs de noordelijke parkeerkoffer worden toegepast.

Schaduw

Dubbele gevel / klimaatgevel; Een dubbele gevel fungeert als een soort spouw met een luchtlaag ertussen. Deze spouw kan aan de onder- en bovenzijde geopend of juist gesloten worden waarmee de luchtstroming gereguleerd kan worden. In de winter wordt de spouw gesloten en werkt dit isolerend. In de zomer worden de openingen geopend waardoor het ‘schoorsteen effect’ de warmte afvoert. Dit kan tevens in combinatie met zonwering. Bomen aanplanten; Stadsbomen vormen onder hun bladerdak ruimte, geven verkoeling, produceren zuurstof en bieden leefruimte aan veel vogels en verschillende soorten insecten. Bomen hebben maar één nadeel: ze groeien langzaam. Daarom is het ook van groot belang dat bestaande bomen behouden en beschermd worden. Het plan voorziet in de aanplant van 13 bomen.

4.3.2. Verkoelen Figuur 4-2: inschatting schaduwplekken in ontwerp bij middagzon op 21 juni (luchtfoto PDOK is van een ander tijdstip).

Binnen het plangebied zijn vooral maatregelen gericht op blokkeren en verkoelen kansrijk:

4.3.1. Blokkeren Bouwkundige zonwering Grote raamoppervlakken leveren gedurende koudere periode welkome verwarming door binnenvallend licht als de zon schijnt. Dit kan in de zomer echter een negatief effect hebben om de binnentemperatuur door sterke opwarming. Door te kiezen voor kleinere raampartijen of pergola’s, lamellen en overstekken te installeren, kan schaduw en koelte in en rondom het gebouw gecreëerd worden. Schaduwvoorzieningen Op plekken waar langzaam verkeer verplaatst en de zon langdurig op verharding schijnt kunnen schaduwvoorzieningen aan een prettig milieu bijdragen. Deze

Koele gevels met hoge albedo Lichte oppervlakken nemen de warmte van de zon minder op waardoor de oppervlakte niet als een soort van bakplaat opwarmt. Hierdoor blijven gevels, muren en ook de directe omgeving koeler en prettiger om te verblijven. Groene gevels Groene gevels zorgen ervoor dat gevels minder opwarmen en ook minder warmte verliezen. De planten zorgen tevens voor verdamping wat eveneens bijdraagt aan een koeler stadsklimaat. Daarnaast heeft het een geluiddempend effect en kunnen insecten zich hier vestigen. De groene gevels kunnen bestaan uit klimplanten, hangende planten of groene geveltuinen. Daktuinen en groene daken Daktuinen hebben een verkoelend effect op de onderliggende panden. Ze houden minder warmte op waardoor de omgeving minder snel opwarmt en de vegetatie zorgt voor verdamping voor verkoeling. In zomer en winter hebben deze systemen een isolerende werking.

Veenendaal, Klimaattoets Emmalaan 59 - 89 – Woningstichting Veenvensters

12

Daktuinen (intensieve groendaken) hebben een dikkere opbouw waar extensieve groendaken een lichtere opbouw hebben van mos/sedumbegroeiing met evt. kruiden en grassen.

Koele verhardingsmaterialen Door de grote mate van verharding in de openbare ruimte heeft dit een groot aandeel in het stedelijke hitte-eiland effect.

Koele daken Nog steeds wordt in Nederland het traditionele zwarte dakleer toegepast. Dit warmt gedurende de zomer op tot hoge temperaturen.

Lichte, water- en luchtdoorlatende verharding warmt minder snel op en houdt minder warmte vast ten opzichte van traditionele materialen als beton of asfalt. Een nadeel is de grotere vatbaarheid voor vervuiling. Voorbeelden hiervan zijn verhardingen met een lichte kleur, bijvoorbeeld lichtgrijze klinkers. Daarnaast zijn halfopen verhardingsmaterialen zoals grind, schelpen en grasbetontegels een mogelijkheid.

Door daken te bedekken met lichte materialen warmt het oppervlak minder op, wat zorgt voor een koeler binnenklimaat, lagere omgevingstemperaturen en, indien van toepassing, hogere opbrengst van zonnepanelen, zie ook figuur 4-4.

4.4. Thema waterveiligheid Bij extremen neerslag, maar ook bij calamiteiten zoals dijkdoorbraken, bestaat het risico dat water in de panden treedt. Omdat vanwege de klimaatverandering de buien steeds intensiever worden en kans hierop toeneemt, neemt de kans op waterschade toe. Om de effecten hiervan te verminderen, zijn een aantal maatregelen te treffen aan de woningen en installaties. Verhoogd vloerpeil Door het toekomstige vloerpeil boven de omliggende weghoogten te leggen wordt voorkomen dat water naar binnen treedt en schade veroorzaakt. Waterbestendige installaties In het geval water op straat tot een dermate hoogte komt, kan water het pand binnentreden. Op het de begane grond kan dit leiden tot enkele centimeters waterdiepte. In eventuele kelders zal dit echter aanzienlijk dieper zijn. Schade kan beperkt worden door meterkasten, stroompunten of andere vitale installaties niet in de kelder te situeren maar deze verhoogd aan te leggen. Ook op de begane grond wordt geadviseerd de stroompunten verhoogd aan te leggen. In de openbare ruimte is het van belang dat de trafo voldoende hoog wordt aangelegd, zodat bij inundatie van het gebied, de trafo droog blijft. Afsluitbare gebouwen Door gebouwen afsluitbaar te maken met bijvoorbeeld schotten of luiken kan het water buiten het bouwvolume worden gehouden.

Figuur 4-3: praktijkvoorbeeld koele daken i.c.m. zonnepanelen

Dit is specifiek van toepassing ter plaatse van de voordeuren waar als eerste het water naar binnen kan treden.

Veenendaal, Klimaattoets Emmalaan 59 - 89 – Woningstichting Veenvensters

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13623170/1