CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Gewijzigde vaststelling 1e wijziging Omgevingsplan, deel I - Motivering instructieregels

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling 1e wijziging Omgevingsplan, deel I1.416 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Motivering instructieregels Instructieregel

Hoe voldoen we hieraan?

Besluit kwaliteit leefomgeving § 5.1.4.2 Geluid door activiteiten

Regels die gaan over geluid die zijn opgenomen in hoofdstuk 1 t/m 12 van het omgevingsplan voldoen aan de standaardwaarden en grenswaarden uit het Bkl. De overige geluidsregels staan nog in de bruidsschat. Bij overheveling van het tijdelijk deel van het omgevingsplan (bruidsschat en bestemmingsplannen) naar het definitieve omgevingsplan worden de geluidsregels uit het tijdelijk deel afgestemd op de instructieregels uit het Bkl. In Omgevingsplan, deel I hebben we wat betreft geluid door hinderlijke of schadelijke dieren een specifieke zorgplicht opgenomen waarin staat dat dieren binnen worden gehouden, geplaatst worden in een geluidswerende ruimte of geplaatst worden in een nachthok tussen 22:00 uur en 08:00 uur indien door burgemeester en wethouders schriftelijk bekend is gemaakt aan de rechthebbende van het dieren dat er klachten zijn over de geluidproductie van het dier gedurende die tijden. Door het opnemen van deze specifieke zorgplicht wordt rekening gehouden met het geluid van activiteiten op geluidgevoelige gebouwen.

Artikel 5.92 (geur door activiteiten – rekening houden met een aanvaardbaarheid)

1. In een omgevingsplan wordt rekening gehouden met de geur door activiteiten op geurgevoelige gebouwen. 2. Een omgevingsplan

In Omgevingsplan, deel I hebben we wat betreft geur door hinderlijke of schadelijke dieren een specifieke zorgplicht opgenomen waarin staat dat dagelijks zorg wordt gedragen

Artikel 5.130 (behoud cultureel erfgoed)

voorziet erin dat de geur door een activiteit op geurgevoelige gebouwen aanvaardbaar is.

voor het opruimen van uitwerpselen, voedselresten en schadelijke overlastgevende geuren en stoffen. Indien mogelijk dienen deze schadelijke overlastgevende geuren en stoffen worden voorkomen. Door het opnemen van deze specifieke zorgplicht wordt rekening gehouden met geur van activiteiten op geurgevoelige gebouwen.

In een omgevingsplan wordt rekening gehouden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed, met inbegrip van bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten.

In Omgevingsplan, deel I is een verbod opgenomen om zonder omgevingsvergunning een gemeentelijk monument te slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen of zo te gebruiken of herstellen waardoor het ontsierd of in gevaar wordt gebracht. Verder hebben we in Veenendaal beeldbepalende panden aangewezen waarvoor een verbod is opgenomen om zonder omgevingsvergunning het pand te slopen, de bestaande omvang te wijzigen of de goothoogte, bouwhoogte, dakhelling, kapvorm of de gevelindeling van gevels gelegen aan de zijde van de openbare ruimte te wijzigen. Voor de bescherming van de omgeving van monumenten is een lid aan de zorgplicht opgenomen waarin staat: “De zorgplicht, bedoeld in Artikel 5.4, houdt in ieder geval in dat een gemeentelijk monument niet wordt beschadigd of vernield en wordt onderhouden als dat voor de instandhouding daarvan noodzakelijk is.”

Artikel 5.161c (aanwijzing woningbouwcategorieën)

In een omgevingsplan kunnen regels worden gesteld over te realiseren categorieën woningen

Omgevingsplan, deel I bevat regels over sociale huurwoningen, sociale koopwoningen en

Een omgevingsplan bepaalt dat het gebruik van de bedoelde woningen voor een in het omgevingsplan omschreven doelgroep gedurende een in het omgevingsplan bepaalde termijn.

middenhuurwoningen. In deze regels zijn instandhoudingstermijnen opgenomen die voldoen aan de instructieregel.

Artikel 5.165 (lozen industrieel afvalwater in openbaar vuilwaterriool)

Als industrieel afvalwater dat niet afkomstig is van een milieubelastende activiteit die in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving is aangewezen, wordt geloosd op het openbaar vuilwaterriool, laat een omgevingsplan die lozing alleen toe, als wordt voldaan aan de eisen van bijlage I, afdeling C, bij de richtlijn stedelijk afvalwater.

In het omgevingsplan is een algemene regel opgenomen voor het lozen van industrieel afvalwater buiten milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 Bal in opvangsystemen en waterzuiveringsinstallaties waarin wordt verwezen naar bijlage 1, afdeling C van de richtlijn stedelijk afvalwater.

Artikel 5.165a (bebouwingscontour jacht)

In een omgevingsplan wordt voor de toepassing van de artikelen 11.71, vierde lid, en 11.76, derde lid, aanhef en onder a, van het Besluit activiteiten leefomgeving een bebouwingscontour jacht aangewezen aansluitend aan stedelijk gebied en aansluitend aan lintbebouwing langs wegen, waterwegen of waterkeringen.

In hoofdstuk 4 van het omgevingsplan is een bebouwingscontour jacht aangewezen en gekoppeld aan een werkingsgebied.

Artikel 5.165b (bebouwingscontour houtkap)

In een omgevingsplan wordt voor de toepassing van artikel 11.111, tweede lid, aanhef en onder a, van het Besluit activiteiten leefomgeving een bebouwingscontour houtkap aangewezen aansluitend aan stedelijk gebied.

In hoofdstuk 4 van het omgevingsplan is een bebouwingscontour houtkap aangewezen en gekoppeld aan een werkingsgebied.

1.Voor zover een omgevingsplan voorziet in het realiseren of wijzigen van bouwwerken binnen het Beperkingengebied bouwwerken provinciale weg, wordt rekening gehouden met het belang van de

Omgevingsplan, deel I maakt het via een vergunning mogelijk om wijzigingen aan te brengen in gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden. Er wordt in dit omgevingsplan echter geen mogelijkheid

Omgevingsverordening provincie Utrecht Artikel 4.7 Instructieregel bouwwerken bij provinciale weg

instandhouding en uitbreiding van de provinciale weg. 2.De motivering van een omgevingsplan bevat een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met de instandhouding en uitbreiding van de provinciale weg.

Artikel 7.9 Instructieregel beschermen en benutten van de Cultuurhistorische hoofdstructuur

1.In een omgevingsplan dat betrekking heeft op locaties gelegen in de Cultuurhistorische hoofdstructuur wordt rekening gehouden met de waarden van de Cultuurhistorische hoofdstructuur en worden regels gesteld ter bescherming en benutting van deze waarden. 2. De waarden van de Cultuurhistorische hoofdstructuurzijn per gebied vastgelegd in de Bijlage XV Cultuurhistorie bij deze verordening. 3.De motivering van een omgevingsplan bevat: a. een beschrijving van de in het plangebied aanwezige cultuurhistorische waarden; en b. een beschrijving van de wijze waarop rekening is gehouden met deze waarden.

geboden tot het bouwen van nieuw bouwwerk. Het wijzigen van een bouwwerk staat de instandhouding en uitbreiding van de provinciale weg niet in de weg.

In Veenendaal komen de volgende cultuurhistorische gebieden voor: 1.Prattenburg-Remmerstein (historische buitenplaatszone) Kenmerkend voor deze zone is het landgoederenlandschap waarbij bosbouw dominant was. Dat uit zich in een typerende combinatie van lange laanstructuren door de uitgestrekte bossen met parkaanleg die rond de huizen is geconcentreerd. De waarden binnen de historische buitenplaatszone worden beschermd door regels in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, specifiek in het bestemmingsplan Buitengebied. Hierin is de zone voor het grootste deel bestemd als natuur waarbinnen het belangrijkste doel is om de ter plaatse voorkomende dan wel daaraan eigen landschaps-, natuur- en cultuurhistorische waarden in stand te houden en te ontwikkelen. Het overige deel van de gronden heeft veelal de bestemming Agrarisch met waarden waarin naast agrarische activiteiten wordt gestreefd naar het in standhouden en ontwikkelen van landschaps- natuur- en cultuurhistorische waarden. 2.Grebbelinie (Militair erfgoed)

De grebbelinie bevat de volgende kernkwaliteiten die behouden moeten worden: a. Het unieke, in samenhang met het landschap ontworpen negentiende en twintigste-eeuwse hydrologische en militairverdedigingssyst eem, bestaande uit een samenhangend stelsel van onder andere forten, dijken, kanalen en inundatiekommen; b. groen en overwegend rustig karakter; c.

openheid.

De gronden die zijn aangewezen als militair erfgoed worden via regels in het tijdelijke deel van het omgevingsplan beschermd. In het tijdelijke deel (de bestemmingsplannen) is een dubbelbestemming opgenomen Waarde – Grebbelinielandschap waarin de herkenbaarheid en de leefbaarheid van de cultuurhistorische waarden, deeluitmakende van de Grebbelinie niet onevenredig mogen worden aangetast.

3.Archeologisch waardevolle zone De gronden die in de provinciale omgevingsverordening zijn aangewezen als archeologische waardevolle zone zijn in het Parapluplan 2022 (tijdelijk deel omgevingsplan) beschermd met de dubbelbestemmingen Waarde-Archeologie-Hoog en Waarde-ArcheologieMiddelhoog. Binnen de regels van deze dubbelbestemmingen is opgenomen dat er archeologisch onderzoek uitgevoerd dient te worden wanneer de bouwwerken

binnen de ontwikkeling boven een bepaalde oppervlakte uitkomen.

Artikel 9.27 Instructieregel geluidsniveau in stiltegebied

Artikel 9.29 Instructieregel activiteiten aandachtsgebied stiltegebied

1. Een omgevingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen Stiltegebied bevat regels die rekening houden met de doelstellingen voor het geluidsniveau bedoeld in Artikel 9.26.

In bestemmingsplannen is al rekening gehouden met de stiltegebieden door geen bestemmingen toe te staan waar veel geluidhinder kan worden veroorzaakt.

2. De motivering van een omgevingsplan bevat een beschrijving van het door de gemeente te voeren beleid ter zake en de wijze waarop met de doelstelling voor het geluidsniveau is omgegaan.

Tijdelijke geluidhinder bij festiviteiten en evenementen kan worden gezien als een exces.

1.Een omgevingsplan dat betrekking heeft op locaties binnen Aandachtsgebied stiltegebied bevat regels die rekening houden met de doelstellingen voor het geluidsniveau bedoeld in Artikel 9.26.

In bestemmingsplannen is al rekening gehouden bij het toestaan van bestemmingen.

2.De motivering van een omgevingsplan bevat een beschrijving van het door de gemeente te voeren beleid ter zake en de wijze waarop met de doelstelling voor het geluidsniveau is omgegaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13494982/1