5.d Vaststelling bestemmingsplan Dennenlaan 23 tot 73 - Geanonimiseerde zienwijze reclamant 4
Tekst van het document
INGEKOMEN n 7 JUNI 2023
~~~~t001008ii
GEMEENTE VEENENDAAL Aantekenen R222085381
Gemeente Veenendaal t.a.v. de gemeenteraad Postbus 1100 3900 BC VEENENDAAL
Datum
Ons zaaknummer
Behandeld door
6 juni 2023 Onderwerp
Uw kenmerk
zienswijze ontwerpbestemmingsplan Dennenlaan 27 tot 73
Geachte heer, mevrouw, , wonend aan de
in Veenendaal, vroegen ons om
juridische hulp. Cliënten zijn het niet eens met het ontwerpbestemmingsplan "Dennenlaan 27 tot 73" De woning van cliënten grenst direct aan het plangebied. Het plan heeft voor hen zodanige ruimtelijke negatieve gevolgen dat zij zich vooralsnog niet met het plan kunnen verenigen. Via deze weg willen cliënten u laten inzien waarom het plan op bepaalde punten thans niet voldoet. Het bestemmingsplan laat veel meer hoofdbebouwing toe dan klaarblijkelijk is beoogd In het voortraject is aan cliënten medegedeeld dat het de bedoeling is om op de gronden bebouwing te realiseren in een U-vorm of in een dubbele L-vorm, met in het midden van de gronden een parkeerplaats. Deze wens volgt ook uit de aan de omwonenden gepresenteerde ruimtelijke en programmatische kaders en uit bijvoorbeeld figuur 4.1 en 4.2 zoals opgenomen in de plantoelichting. In het ontwerpbestemmingsplan is aan nagenoeg de gehele gronden de bestemming "wonen" en de aanduidingen "gestapeld" en "maximum aantal wooneenheden: 34" toegewezen. Het bouwvlak beslaat ook bijna de hele percelen. In artikel 4.2 van de planregels, waarin de bouwregels staan opgenomen, is verder geen maximum bebouwingspercentage opgenomen of een regel die anderszins borgt dat niet het gehele bouwvlak wordt volgebouwd met bebouwing tot maximaal 12 meter hoog.
Het bovenstaande leidt er toe dat cliënten, uitgaande van de maximale planologische bouwmogelijkheden, geconfronteerd kunnen worden met een hoofdgebouw van 12 meter hoog en
Vervolg op de brief van
Bladnummer
6 juni 2023
2
circa 92,50 meter breed op ongeveer 0,5 meter van de erfgrens. Dit leidt tot aanzienlijke negatieve ruimtelijke consequenties, zoals een vermindering van het zonlicht in de tuin en in de woning van cliënten en direct zicht op de tuin en woning van cliënten, op nog geen meter van de erfgrens. Met deze negatieve gevolgen is in het voorliggende plan tot heden nog geen dan wel onvoldoende rekening gehouden. Zo ontbreekt een bezonningsstudie waarin inzichtelijk is gemaakt welke negatieve gevolgen de bebouwing precies voor de woonsituatie van cliënten heeft. Voor zover uw raad voor het bouwvlak aansluiting heeft willen zoeken bij het bouwvlak dat is opgenomen in het huidige geldende bestemmingsplan "Woongebieden 2018", dan geldt dat in dat plan regels zijn opgenomen die de bouwmogelijkheden aanzienlijk beperken en daarmee ook de ruimtelijke impact van het plan verregaand verminderen. Zo mag in de huidige situatie gelet op artikel 13.2.2 van de planregels enkel in de bouwgrens worden gebouwd en mag het hoofdgebouw maximaal 10 meter diep zijn, een goot- en bouwhoogte van 6 en 10 meter hebben en dient het hoofdgebouw op minimaal 2,5 meter van de perceelsgrens te worden gebouwd.
Zoals reeds vermeld zijn in het ontwerpbestemmingsplan geen regels opgenomen omtrent het maximale bebouwingspercentage, een afstand tot de perceelsgrens, een maximaal dakhellingspercentage en/of een maximale bebouwingsdiepte, zodat het plan tot op heden nog onvoldoende borgt dat cliënten geen onevenredige negatieve ruimtelijke gevolgen van het plan zullen ondervinden. Gelet op het vorenstaande verzoeken cliënten u het plan aan te passen en in de planregels te borgen dat enkel de bebouwing kan worden gerealiseerd die daadwerkelijk door uw raad op deze locatie wordt beoogd. Het bestemmingsplan Iaat veel meer bijbehorende bouwwerken toe dan klaarblijkelijk is beoogd Ingevolge artikel 1.24 zijn bijbehorende bouwwerken uitbreidingen van een hoofdgebouw dan wel functioneel daarmee verbonden gebouwen, al dan niet aangebouwd, of een ander bouwwerk met een dak. In artikel 4.2.3 zijn de planregels opgenomen die gelden voor bijbehorende bouwwerken bij onder andere de beoogde gestapelde woningen achter cliënten hun woning. Voor wat betreft de maximale oppervlakte van bijbehorende bouwwerken bepaalt artikel 4.2.3, sub b onder 3 het volgende: "3. de oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken gelegen binnen de in artikel 13.2.2 maximale begrenzing van het hoofdgebouw blijft hierin buiten beschouwing;"
Veivolg op de brief van
Bladnummer
6 juni 2023
3
De bepaling is naar het lijkt overgenomen uit artikel 13.2.3 van het huidige bestemmingsplan "Woongebieden 2018". Met artikel 13,2.2 wordt om die reden waarschijnlijk bedoeld artikel 4.2.2. Een begripsomschrijving van "maximale begrenzing" ontbreekt in het plan. De terminologie zorgt voor onduidelijkheid. Om die reden wordt verzocht om "maximale begrenzing" te vervangen voor "bouwvlak" dan wel om in de begripsomschrijving aan te geven wat onder "maximale begrenzing" wordt volstaan. Voor zover met "maximale begrenzing" het bouwvlak wordt bedoeld en gelet op het feit dat bijna het gehele perceel uit een bouwvlak bestaat, betekent dit dat het gehele perceel volgebouwd kan worden met bijbehorende bouwwerken. Dat kunnen schuurtjes zijn, maar het kan ook een (latere) uitbreiding van het beoogde appartementencomplex betreffen. Voor wat betreft de hoogte van aangebouwde bijbehorende bouwwerken bij de gestapelde woningen geldt dat artikel 4.2.3, sub e en f van de planregels het volgende bepaalt: "e. voor de aangebouwde bijbehorende bouwwerken geldt een maximale bouwhoogte van 0,3 meter boven de aansluitende verdiepingsvloer óf maximaal 3, 3 meter; f.
in afwijking van het bepaalde onder e, geldt voor een bijbehorend bouwwerk van meer dan één bouwlaag aan de zijgevel van het hoofdgebouw dat: 1.de goothoogte maximaal3,3 meterbedraagt; 2.de maximale bouwhoogte niet meer bedraagt dan 80% van de bouwhoogte van het bestaande hoofdgebouw met een maximum van 7, 5 meter; 3.indien sprake is van een hogere bouwhoogte dan 3,3 meter, de achtergevel van het bijbehorende bouwwerk tot maximaal 1 meter achter de achtergevel van het hoofdgebouw mag zijn gesitueerd; 4. de dakhelling dient gelijk te zijn aan die van het hoofdgebouw." Deze planregels kunnen er voor cliënten toe leiden dat, indien de voorgevel van de hoofdbebouwing zich bevindt aan de Dennenlaan en/of over de gehele breedte van het bouwvlak aan de Coniferenlaan, aangebouwde bijbehorende bouwwerken aan de achtergevel enkel moeten voldoen aan de bouwregel uit artikel 4.2.3 onder e. Dat betekent dat het gehele bouwblok volgebouwd kan worden met een bouwwerk met een maximale bouwhoogte van 0,3 meter boven de aansluitende verdiepingsvloer. Dat leidt bij een maximale planologische invulling wederom tot bouwwerken met een aanzienlijke omvang op ca. 0,5 meter van de erfgrens van het perceel van cliënten, zonder dat de ruimtelijke impact van deze bouwwerken voldoende in beeld is gebracht en/of is onderzocht.
Vervolg op de brief van
Bladnummer
6 juni 2023
4
Uitgaande van de eerder genoemde verbeeldingen zoals opgenomen in de plantoelichting is het ook ten aanzien van de bijbehorende bouwwerken waarschijnlijk niet de bedoeling van uw raad om een dergelijke hoeveelheid bouwwerken toe te staan. Dat is bij gestapelde woningen ook helemaal niet nodig. Vaak zijn geplande bergruimtes al in het hoofdgebouw voorzien. Tot slot wijzen cliënten nog op een onjuistheid in de plantoelichting. In paragraaf 6.3 staat omtrent het bouwen van bijbehorende bouwwerken het volgende vermeld: "Bij gestapelde woningen zijn de maximale bouwhoogten op de verbeelding aangeduid. Bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan tot 3,3 meter (goothoogte) en 5 meter (bouwhoogte). " Deze vermelding klopt niet. Op de verbeelding staan de maximale bouwhoogten niet opgenomen. Daarnaast geldt dat, zoals hiervoor is aangegeven, artikel 4.2.3 aanzienlijke oppervlakten en bouwhoogten toelaat voor aangebouwde bijbehorende bouwwerken bij gestapelde woningen. Cliënten vragen u om bovengenoemde redenen in de planregels de mogelijkheid tot het oprichten van (aangebouwde)bijbehorende bouwwerken te verwijderen of duidelijk te begrenzen, in ieder geval zodanig dat cliënten hiervan geen onevenredige ruimtelijke gevolgen ondervinden.
Een bezonningsstudie ontbreekt ten onrechte Hierboven is al aangegeven dat het plan aanzienlijke bouwmogelijkheden mogelijk maakt; waarschijnlijk (veel) meer dan door uw raad wordt beoogd. Cliënten kunnen door de planvorming geconfronteerd worden met een muur van 12 meter hoog, 92,50 meter breed op circa. 0,5 meter van de erfgrens. Dit leidt tot een aanzienlijke vermindering van (zon)licht op het perceel en in de woning van cliënten. In het kader van een zorgvuldige beoordeling van de ruimtelijke gevolgen van dit plan ligt het om die reden op de weg van uw raad om middels een bezonningsstudie inzichtelijk te maken welke gevolgen de ruimtelijke plannen hebben voor het verlies van (zon)licht op het perceel en in de woning van cliënten en aan de hand daarvan te beoordelen of een voldoende woon- en leefklimaat nog is geborgd. Een bezonningsstudie is niet uitgevoerd. Het ontwerpbestemmingsplan is om die reden vooralsnog onzorgvuldig voorbereid. Cliënten vragen u om die reden om alsnog een bezonningsstudie uit te (laten) voeren.
Vervolg op de brief van
Bladnummer
6 juni 2023
5
Ter borging van het woon- en leefklimaat verzoeken cliënten om binnen 12 meter van hun erfgrens geen hoofdbebouwing te realiseren De te realiseren gebouwen zullen volgens de plantoelichting worden gebouwd in een U-vorm of in een dubbele L-vorm. Dit betekent dat wordt beoogd hoofdbebouwing van maximaal 12 meter hoog aan de Coniferenlaan, direct achter de woning van cliënten, te realiseren. Hiervoor is al benoemd dat de ruimtelijke gevolgen van het plan onvoldoende inzichtelijk zijn gemaakt. Cliënten zullen worden geconfronteerd met een verlies van zonlicht op het perceel, maar zij zullen ook op zeer korte afstand van hun perceel direct zicht in hun tuin en in hun woning moeten dulden. Dit past niet binnen de stedenbouwkundige opzet van de wijk. Weliswaar moet enig inzicht op het perceel worden geduld, maar over het algemeen is de woningbouw laag en zijn achtergelegen woningen op enige afstand gelegen. Zicht vanuit een appartementencomplex dat op enkele meters van de erfgrens wordt gebouwd vindt in de directe omgeving eigenlijk niet plaats, past om die reden niet goed binnen de stedenbouwkundige kaders en past en past het woon- en leefklimaat onevenredig aan. Het is ook niet nodig; de bebouwing die op de Dennenlaan is georiënteerd volstaat voor het beoogde aantal woningen. Daarop wordt later in dit schrijven nog nader ingegaan.
Ter borging van het woon- en leefklimaat vragen cliënten aan u om binnen 12 meter van de erfgrens met hun woning geen hoofdbebouwing te realiseren. De 12 meter sluit aan bij de diepte van de tuin van cliënten en van andere omliggende woningen. Cliënten verzoeken u het bouwvlaklde bouwgrens aan de Coniferenlaan terug te leggen Op grond van artikel 4.2.2 onder b moet het hoofdgebouw in de bouwgrens worden gebouwd als geen gevellijn is aangeduid. In het plan is geen gevellijn opgenomen. De bouwvlakken en daarmee de bouwgrenzen zijn aan de Dennenlaan, de Boslaan en de Sparrenlaan afgestemd op de rooilijnen van de daar aanwezige hoofdbebouwing. Dat leidt ertoe dat de bebouwing aan al deze straten niet direct grenst aan de straat maar iets naar achter komt te liggen Dit biedt ruimte voor het aanleggen van groen aan de voorzijde van het pand. Aan de Coniferenlaan ligt de bouwgrens echter direct aan de straat, zodat de bebouwing direct aan de straat zal grenzen. Van enig groen aan de voorzijde of van een voortuin is daarmee geen sprake. Dit is in afwijking van datgene voor de rest van de bebouwing geldt en in de directe omgeving stedenbouwkundig gebruikelijk is.
Cliënten willen u om vorenstaande reden verzoeken om, overeenkomstig de stedenbouwkundige principes van de wijk, de bouwgrens en het bouwvlak aan de Coniferenlaan terug te leggen zodat ook hier ruimte voor groen ontstaat aan de voorzijde. Dit sluit tevens aan bij het in uw Omgevingsvisie Veenendaal 2030 gestelde doel om meer groen om, op en aan gebouwen te realiseren.
Vervolg op de brief van
Bladnummer
6 juni 2023
6
Onduidelijk in hoeverre het plan voldoet aan de doelen van uw raad omtrent het realiseren van groen Een doel van het gemeentelijke Groenstructuurplan is onder andere:
"groen bij nieuwe ontwikkelingen als bouwsteen en leidend principe gebruiken" Daarnaast staat in de Omgevingsvisie Veenendaal 2030 dat het uw doel is om meer groen om, op en aan gebouwen te realiseren. In paragraaf 3.4.3 van de plantoelichting wordt tot de slotsom gekomen dat aan het Groenstructuurplan wordt voldaan. Het plan bevat echter geen (duidelijke) groene accenten, laat staan dat duidelijk is hoe dit als leidend principe is gebruikt bij de ontwikkeling. Daarnaast ontbreekt een landschappelijk inrichtingsplan dat middels een voorwaardelijke- en instandhoudingsverplichting in de planregels is geborgd. Voor zover er dus al sprake is van het beoogde gebruik van groen, dan is de uitvoering en instandhouding daarvan vooralsnog onvoldoende in het bestemmingsplan geborgd. Voldoende groen zorgt voor een gezondere leefomgeving door onder andere het voorkomen van hittestress. Hiervoor heeft u diverse visies en doelen opgenomen in uw gemeentelijke plannen, onder ander in uw Omgevingsvisie en in uw Groenstructuurplan. Cliënten vragen u om die visies en doelen actief na te streven, ook in dit plan, door alsnog duidelijk uit te leggen hoe en op welke wijze groen als bouwsteen en leidend principe is gebruikt en het beoogde groen te borgen door een landschappelijk inpassingsplan middels een voorwaardelijke- en instandhoudingsverplichting aan het bestemmingsplan te binden.
U zorgt er op deze wijze voor dat het plan daadwerkelijk bijdraagt aan een groener en daarmee gezondere stad. Een passend alternatief is niet beoordeeld Cliënten hebben in reactie op het in november 2020 door uw gemeente uitgebrachte plan "Dennenlaan 27-73 & Sparrenlaan 27-29, Ruimtelijke en programmatische kaders" een e-mail gestuurd aan de desbetreffende behandelende ambtenaar, mevrouw Van de Weerdhof (bijlage l). Hierin hebben cliënten gemotiveerd gesteld dat op deze locatie goed woningen kunnen worden gerealiseerd die passen en aansluiten bij de uitgangspunten die door uw gemeente zijn gesteld zonder dat daarvoor appartementen in een U- of L-vorm hoeven te worden gerealiseerd. Cliënten hebben helaas nooit een reactie op dit schrijven mogen ontvangen, terwijl het toen gepresenteerde plan nagenoeg ongewijzigd is gebleven gelet op de bij het plan behorende toelichting. Om die reden voeg ik het destijds aan uw gemeente gestuurde schrijven bij deze zienswijze. Het dient te worden gelezen als onderdeel van deze zienswijze.
Vervolg op de brief van
Bladnummer
6 juni 2023
7
U kunt planschade voorkomen door een aanpassing van het plan Cliënten worden door het plan geconfronteerd met aanzienlijke bouwmogelijkheden direct achter hun woning. Dit terwijl blijkens de plantoelichting niet zoveel bebouwing wordt beoogd. De waarde van de woning van cliënten zal door de vaststelling van dit plan en uitgaande van de maximale planologische mogelijkheden naar verwachting aanzienlijk dalen. Een goede ruimtelijke ordening vraagt dat u het nadeel voor omwonenden zo klein mogelijk houdt. Om die reden verzoeken cliënten u om enkel de beoogde plannen ruimtelijk mogelijk te maken en om ook alternatieven te onderzoeken, waardoor er geen of minder planschade ontstaat. Cliënten vragen u het bestemmingsplan niet vast te stellen In ieder geval vragen zij u rekening te houden met deze zienswijze en het plan aan te passen. Cliënten gaan desgewenst graag met u in gesprek om het plan verder te bespreken. Bel of mail mij gerust als u nog vragen heeft U bereikt mij op telefoonnummer
. Mailen kan naar . Ons zaaknummer is
noemen als u belt of mailt? Wij kunnen u dan sneller helpen. Met vriendelijke groet,
bijlage: I.
reactie ruimtelijke en programmatische kaders d.d. 17 maart 2021.
. Wilt u dit nummer altijd
1
Ruimtelijke en proqrammatische kaders Dennenlaan 27-73 & Sparrenlaan 27-29
Inteiding Ruimtelijke en programmatische kaders zijn opgesteld als kader voor een mogelijke herontwikkeling aan de Dennenlaan 27-73 en Sparrenlaan 27-29. Het voorziet in een uitbreiding van het huidige aantal van 52 woningen. Om meer woningen te kunnen realiseren worden het te bebouwen oppervlak fors uitgebreid en de rooilijnen/zichtlijnen aangepast. Tegen met name deze veranderingen bestaan grote bezwaren vanuit de omgeving. Er is echter een uitstekend alternatief. (citaten uit de Ruimtelijke en Programmatische Kaders zijn cursief toegevoegd)
Bouwoppervlak De gedachte is dat uitsluitend door vergroting van het bouwoppervlak meer woningen kunnen worden gerealiseerd. Door het toevoegen van appartementen op de "kopse" kanten bij de Coniferentaan, Sparrenlaan en Boslaan ontstaat echter een door bebouwing omsloten binnenterrein. Dit vormt een potentieel risico op allerlei problemen, ook voor de toekomstige huurders. Te denken valt aan: • • • • • •
Derving van woongenot en inbreuk op privacy. Geluidsoverlast Hangplek / criminaliteit / veiligheid. Uitzicht op blinde muren. Sterk verminderde lichtinval / zon. Etc. etc. (zie
)
Appartementen met platte daken passen voor wat betreft vorm en uitstraling helemaal niet in de bestaande omgeving. De plannen komen bovendien niet overeen met de uitgangspunten van de omgevingsvisie. Omgevingsvisie (citaat) "De Omgevingsvisie zet in op een koerswijziging van kwantiteit naar kwaliteit: beter en slimmer inrichten van de leefomgeving met gebruik van innovatie, kennis en creativiteit". (citaat) "Voor Veenendaal staan hierbij de principes gezondheid, duurzaamheid en veiligheid voorop" (citaat) "Ruimtelijke ontwikkelingen moeten een bijdrage leveren aan een Gezonde, Duurzame en Veilige leefomgeving." (citaat) "We voorkomen dat negatieve gevolgen van ontwikkelingen afgewenteld worden op de omgeving." (citaat) "!n de openbare ruimte en om, op en aan gebouwen wordt meer groen gerealiseerd." (citaat) "De fysieke leefomgeving dient veilig ingericht te worden en niet uit te nodigen tot criminaliteit. Bij het inrichten van de leefomgeving is aandacht nodig voor overzicht, eenduidigheid, goede oriëntatiemogelijkheden, zichtbaarheid en toegankelijkheid."
Rooilijnen/Zichtlijnen In de stedenbouwkundige context zijn duidelijke rooilijnen aanwezig. De huidige bebouwing in het plangebied staat met de voorgevels en de westelijke zijgevel op de doorlopende rooilijn die deze zijde van de Dennenlaan karakteriseert (zie foto's). Onduidelijk is waarom de nieuwbouw buiten de bestaande rooilijnen worden geplaatst, anders dan ruimte te maken voor de appartementen. (citaat) "Door op andere plekken aan te sluiten op de aanwezige rooilijnen ontstaan er kansen voor de architectuur".
De rooilijn aan de kant van de Coniferenlaan wordt verlegd (citaat) "om ongewenst zicht op de
achtertuinen te laten verdwijnen". Er bestaat straks helemaal géén zicht meer op de achtertuinen omdat: (citaat) "De erfafscheidingen tussen de percelen en de noordelijk gelegen achtertuinen van opgaande beplanting worden voorzien". Zoals nu het zicht op de achtertuinen van woningen aan Dennenlaan wordt onttrokken door openbaar groen. (rode pijl op foto 1). Door deze aanpassing ontstaan juist nieuwe ongewenste zichtlijnen. (zie foto's)
...~ ~. ,,.,,~ ,.!!!!!"' --<..........1......,...~.ð.u.,..
Foto 1: Zicht vanuit Coniferenlaan.
Foto 2: Zicht vanuit Groenelaan. Alternatief (citaat) "De beoogde functie voor de locatie is, net als de huidige functie, Wonen." "De nieuwe bebouwing zal op een eigentijdse manier aansluiten op de architectuur van deze wederopbouw bebouwing. In dit geval is het doel om belangrijke karakteristieken van de huidige bebouwing op een hedendaagse manier te implementeren." "Het gebouw sluit zich qua verschijningsvorm aan bij de omliggende bouwblokken." Hierin passen door hun verschijningsvorm, geen appartementen.
Tegemoet komend aan de eis het aantal woningen uit te breiden (verdichting) is heel goed mogelijk zonder de bouw van de appartementen en de daarbij behorende bezwaren. Dit kan door de 1e woonlaag enigszins te verlagen en als souterrain uit te voeren. Hierdoor ontstaat ruimte voor 3 woonlagen (totaal ca. 70 woningen) binnen de beoogde historische vorm en de maximale bouwhoogte. Door de woningen ook wat dieper te maken ontstaat voldoende vloeroppervlak naar hedendaagse maatstaven. De aanwezigheid van voor- en achtertuinen geeft ruime mogelijkheden voor voldoende daglicht waardoor een volwaardige woonfunctie ontstaat. Voordelen •
Het historische karakter blijft behouden. (citaat) "karakteristiek door de rode pannendaken en de bakstenen gevels. De beneden- en bovenwoningen aan de Dennenlaan zijn voor Veenendaal typologisch bijzonder. (citaat) "Het ensemble heeft een middelhoge waarde toegekend gekregen." (citaat) "Verder betreft het karakteristieke onderdelen (gebouwen, objecten en ensembles) die vanwege de voornamelijk hoge én positieve ruimtelijke waarden, historische waarden en objecten van grote betekenis zijn voor de gemeente Veenendaal en daarin gelegen karakteristieke gebieden. lnstandhouding van het gevelbeeld en/of hoofdvormen is wenselijk." (citaat) "Karakteristieke elementen in de huidige bebouwing zijn: • De bebouwing is vormgegeven in de traditionalistische stijl van de Delftse School, met een voor die periode relatiefsteile kap. • !n de bebouwing is een heldere ritmiek te herkennen, veroorzaakt door de dakkapellen en de schoorstenen. • Er is gebruik gemaakt van een verfijnde detaillering van het metselwerk. • Tot slot zijn er de kleine dakkapellen, bekleed met zink." (citaat) "Het op een eigentijdse manier implementeren van bovenstaande karakteristieken is, samen met de cultuurhistorische en stedenbouwkundige aspecten, een randvoorwaarde voor de nieuwbouw."
Appartementen passen hier niet in. •
Het "open" karakter van de huidige leefomgeving blijft behouden, met minder risico op overlast.
•
Meer Duurzaamheid door Minder Bouwvolume.
•
Goedkoper. Het zou zomaar kunnen dat de totale bouwkosten lager uitvallen.
•
Meer mogelijkheden voor groen. Door het weglaten van de appartementen en in plaats daarvan invulling door groen ontstaat minder hittestress. (citaat) "Groen in het algemeen heeft in een warme periode een positieve invloed op de nachttemperaturen. !n een versteende omgeving koelt het 's-nachts minder af dan in een groene omgeving."
Dit is ook gunstig voor de (regen)water beheersing. •
Tot slot: Door het ontbreken van een omsloten binnenruimte wordt een belangrijk deel van de bezwaren van omwonenden (en toekomstige huurders) weggenomen.
PostNL Port Betaald Port Payé Pays-Bas
R Aangetekend
D-A-1
Frankering betaald
Gemeente Veenendaal Postbus 1100
3SXFXR7610329
3900BC VEENENDAAL
Recommandá
ENC5-01- 2301
NL
N O N N
a
N 11 i 3SXFXR7610329
95