5. Bestuurlijke reactie rekenkamerrapport ‘Onderzoek beleid jeugdhulp gemeente Veenendaal’
Tekst van het document
Team Behandeld door Telefoonnummer
SBC P.W. Bannink (0318) 538 792
Documentnummer Ons kenmerk Uw brief van
Zaaknummer 1850788 25 mei 2021
Uw kenmerk Verzenddatum
30 juni 2021
Datum
30 juni 2021 Definitieve bestuurlijke reactie rekenkamerrapport ‘Onderzoek beleid jeugdhulp gemeente Veenendaal’
Onderwerp
De Voorzitter van de Rekenkamercommissie Veenendaal De heer prof. dr. J. Telgen Postbus 1100 3900 BC Veenendaal
Geachte heer Telgen,
Op 25 mei jl. ontvingen wij het Rekenkamerrapport ‘Onderzoek beleid jeugdhulp gemeente Veenendaal’ over het tot stand komen van het beleid inzake jeugdhulp in de gemeente Veenendaal. Wij bedanken u voor dit heldere rapport. U stelt ons tevens in het kader van bestuurlijke hoor en wederhoor in de gelegenheid om inhoudelijk te reageren op de rapportage, waarvoor onze hartelijke dank. De in het rapport genoteerde bevindingen, conclusies en aanbevelingen zijn voor ons van belang. De bevindingen kunnen wij voor een belangrijk deel volgen en uw conclusies en aanbevelingen worden voor een belangrijk deel door ons onderschreven. Hieronder gaan wij daar nader op in. Concrete en duidelijke voorstellen U concludeert in algemene zin dat de beleidskaders in orde zijn, maar veel van de oorspronkelijke beleidskaders wel vrij abstract geformuleerd zijn, wat er naar uw mening toe heeft geleid “dat er relatief veel ruimte is geboden aan de uitvoering om haar eigen invulling te geven aan de kaders”. Voor ons is het prettig te lezen dat u opmerkt (pagina 8) dat dit de afgelopen jaren verbeterd is en dat het zichtbaar is dat kaders scherper en concreter geformuleerd zijn. Het blijft uiteraard een continu aandachtspunt om beleidsvoorstellen concreet en duidelijk te verwoorden voor de raad.
Het Integraal Beleidskader (IKB) is naar onze mening het voorbeeld, dat wij goed weten wat de consequenties voor de uitvoering zijn bij bepaalde beleidskeuzes. Het IBK met daarin beoogde effecten en maatschappelijke doelen zit bewust op een hoger abstractieniveau, het is immers een kader. De uitwerking in bijvoorbeeld de effectmonitor, uitvoeringsplannen en de integrale verordening is juist veel concreter en geeft voor de uitvoering (en ook inwoners) verdere invulling aan het beleidskader, waarbij de integrale verordening ook ter besluitvorming aan de raad heeft voorgelegen. Expliciete kaders Onder 6.1 op pagina 16, linker kolom, halverwege de laatste alinea staat dat “de ambtelijke vertegenwoordiging geen expliciete kaders of richting van de raad meegekregen heeft”. Onze interpretatie is een andere. Zoals uw commissie schrijft op pagina 26, rechterkolom, tweede alinea, heeft de raad wel een besluitvormende rol gehad bij het IBK en de Programmabegroting. Dit is in de ogen van ons college het kader en de richting die de ambtelijke vertegenwoordiging én de portefeuillehouder hebben meegenomen in de gesprekken in de regio.
Raadhuisplein 1 • 3901 GA Veenendaal • Postbus 1100 • 3900 BC Veenendaal Tel. (0318) 538 538 • Fax (0318) 510 414 • www.veenendaal.nl • www.veenendaal.nl/vraag
Kenmerk 1603970 Pagina 2 Beleid versus uitvoering Voor wat betreft de rol van de gemeenteraad bij de totstandkoming van het beleid concludeert u dat wij een deel van de keuzes gezien hebben als uitvoering en niet als beleid en daarom niet aan de raad hebben voorgelegd. Dat is inderdaad het geval geweest. U beveelt aan een goede analyse te maken om te bepalen wat te kwalificeren is als “beleid” en wat valt onder “uitvoering” bij jeugdhulp. Dit gezien de soms ingrijpende gevolgen van bepaalde keuzes. Deze aanbeveling onderschrijven wij grotendeels. Dit is dan ook een continu gesprek met de raad. Op deze plaats vinden wij het wel van belang er op te wijzen dat wij regionaal samenwerken in het knooppunt en dat wij in die zin ook (in zekere mate) gebonden zijn aan regionaal te maken keuzes. De komende Norm van Opdrachtgeverschap, opgelegd vanuit het rijk, zal hierop ook van invloed zijn. Aandacht voor alternatieven In uw conclusies lezen wij dat de raad voornamelijk besluiten genomen heeft over “enkelvoudige voorstellen”. Met andere woorden: bij de besluitvorming over de kaders waren de raad voor een formele afweging nauwelijks alternatieven voorgelegd.
Dergelijke alternatieven met hun voor- en nadelen ten aanzien van relevante aspecten als gevolgen voor de cliënt, het zorglandschap en kosten zouden de raad een vollediger beeld bieden van het te nemen besluit en daarmee een betere invulling van zijn kaderstellende rol. Dat lijkt ons een juiste veronderstelling. Ook hier zijn evenwel het IBK en de gesprekken met de raad wel een voorbeeld van hoe wij de open dialoog in de voorbereiding met de raad hebben gevoerd en input hebben opgehaald voor de voorstellen die aan de raad zijn voorgelegd. Dat maakt dat alternatieven in bepaalde gevallen al aan de voorkant zijn besproken met de raad. In lijn met het raadsprogramma 2018 - 2022 ‘Iedereen doet mee’ reiken wij waar mogelijk ook alternatieven aan. “Nieuwe voorstellen worden zo mogelijk gepresenteerd met een of meer daarvoor ontwikkelde alternatieven/scenario’s. De volledigheid, de tijdigheid en de kwaliteit van de informatievoorziening (…) aan de gemeenteraad (…) staan hoog in het vaandel.”, zo staat in dat programma. Het bieden van alternatieve opties aan de raad heeft onze aandacht en is de afgelopen jaren verder ontwikkeld. Leidende principes inkoop In het onderzoeksrapport wordt ook gerefereerd aan de kaders zoals die zijn meegegeven bij inkoop en het CJG.
Wij willen benadrukken dat, net als u dat aangeeft ten aanzien van het CJG, het IBK en de Programmabegroting inderdaad leidende principes bevatten voor wat betreft de inkoopstrategie, principes die wij vanuit de gemeente Veenendaal (blijvend) inbrengen in de regio Tot slot In het verlengde hiervan bedanken wij de Rekenkamercommissie voor het feit, dat zij oog heeft voor het gegeven dat de raad de afgelopen periode niet alleen een besluitvormende rol heeft gehad, maar ook een groeiende en meedenkende rol. Ten slotte willen wij ook onze dank uitspreken voor het feit dat opgemerkt is dat er door ons stevig is ingezet op o.a. het starten bij segment 4 bij de inkoopstrategie en het verbeteren van de beleids- en verantwoordingscyclus bij het CJG de afgelopen jaren. Een belangrijk punt voor de gemeente Veenendaal. Vragen? Hebt u nog vragen, neemt u dan contact op met P.W. Bannink, bereikbaar op telefoonnummer (0318) 538 792 of 06 – 44 32 19 11. Ook kunt u een e-mail sturen naar pim.bannink@veenendaal.nl. Met vriendelijke groet, Burgemeester en wethouders van Veenendaal
de heer drs. P. van der Veer wnd. gemeentesecretaris
de heer K.J.G. Kats burgemeester
Raadhuisplein 1 • 3901 GA Veenendaal • Postbus 1100 • 3900 BC Veenendaal Tel. (0318) 538 538 • Fax (0318) 510 414 • www.veenendaal.nl • www.veenendaal.nl/vraag