5. Antwoorden op Vragen van de SGP zoals gesteld in de commissie van 4 oktober
Tekst van het document
Vragen van de SGP zoals gesteld in de commissie van 4 oktober m.b.t. agendapunt 8 Kaders Groene Lobben: •
We zijn erg enthousiast over het voorliggende stuk en zeer positief over de inhoud ervan! Onze complimenten aan het team dat hieraan heeft gewerkt. We zien een kans om met wat aanpassingen/aanvullingen het nog mooier te maken. Daarom 4 vragen aan de wethouder en 2 kansen die ik de wethouder graag voor wil leggen.
Vraag 1: De visie focust op de cultuurhistorische waarde en de recreatieve waarde van het park. We missen daarin de ook erg belangrijke waarde van het park wat betreft natuur, biodiversiteit en de functie van het park voor een gezonde en klimaatbestendige stedelijke omgeving. Is de wethouder bereidt deze aspecten aanvullend op te nemen in de visie om ook deze waarden te beschermen en hoe zou hij dat willen doen? Vraag 2: Groen en recreatie wordt in 1 zin genoemd in de visie. In een park gaan die inderdaad soms hand in hand. Toch staan ze ook op gespannen voet met elkaar als het gaat om groen in de zin van natuur. Het is bijvoorbeeld wat ons betreft onwenselijk als er meer ruimte in het park ingericht wordt voor sport. Hoe beschermt deze visie het groene karakter van het park tegen dergelijke initiatieven (naast de initiatieven die betrekking hebben op bouwprojecten)? Op pagina 46 en 50 wordt duidelijk dat het voor de kwaliteit van het park goed zou zijn als een aantal percelen zouden worden toegevoegd aan het park. Hoe kan deze visie bijdragen aan het vervullen van die wens? Welke mogelijkheden ziet het college om hier actief invulling aan te geven? Het stuk maakt ons erg enthousiast omdat het wat ons betreft ook een mooi voorbeeld is hoe we straks te werk moeten gaan als de nieuwe omgevingswet van toepassing is.
De omgevingswet brengt met zich mee dat we van een nee-tenzij-principe naar een ja-mits principe gaan. Oftewel een initiatiefnemer moet nu goed kunnen onderbouwen waarom zijn initiatief, als dat niet aan het bestemmingsplan voldoet, toch doorgang zou moeten vinden. Straks ligt die bewijslast meer bij de gemeente en zal de gemeente aan moeten tonen waarom zijn initiatief toch echt ongewenst is. Dat betekent ook dat de kans op ongewenste precedentwerking met de nieuwe omgevingswet eerder toeneemt dan afneemt. Als we het hebben over benutten of beschermen van de fysieke leefomgeving, ligt de nadruk straks dus meer op benutten. Toch heeft ook Veenendaal een aantal prachtige plekken die wat ons betreft toch echt beschermd moeten worden. De 2 groene lobben zijn daar een voorbeeld van. Gemeente Veenendaal wordt binnen de provincie Utrecht wel gezien als de gemeente die al het meest ver is met het voorbereiden op de nieuwe omgevingswet. Complimenten daarvoor aan iedereen die zich hiervoor heeft ingezet.En in dat licht zien we 2 kansen. We horen graag van de wethouder hoe hij tegenover deze kansen staat. 1. De nieuwe omgevingswet geeft buiten het omgevingsplan (dat het bestemmingsplan moet vervangen) nog meer mogelijkheden om de kwaliteit van de leefomgeving te beschermen. Zo kunnen omgevingswaarden worden bepaald voor een gebied.
Denk dan aan de mogelijkheid om af te spreken hoe donker het ergens moet zijn ‘s nachts, hoe klimaatbestendig of biodivers een gebied moet zijn. Gelijk 3 relevante thema’s voor Hondzenelleboog en Ruisseveen. We willen graag onderzocht zien of het relevant is en winst geeft als voor deze 2 groene lobben omgevingswaarden worden vastgesteld. Is de wethouder bereidt dit toe te zeggen? Of helpen we daarbij d.m.v. Een motie of amendement? 2. Beschermen is nog niet verbeteren. Een andere kans is om te laten zien dat we de kwaliteit van deze 2 lobben belangrijk vinden door ze niet alleen te beschermen middels deze visie, maar door ook actief te kwaliteit van dit park te verbeteren. Denk aan het toevoegen van
groen, het verhogen van de biodiversiteit of het verhogen van de functie in het kader van gezonde en klimaatbestendige stad. Ook hiervoor geeft de nieuwe omgevingswet een mooie tool, namelijk het maken van programma’s. Dit is een uitvoeringsplan dat opgesteld wordt door de gemeente en zelfbindend is. De gemeente moet zich daar dus aan houden. We ontvangen graag van de wethouder een reactie of het mogelijk en wat het college betreft wenselijk is om zo'n programma op te stellen. Ook hier de vraag of we hier de wethouder kunnen helpen met een amendement of motie om deze prachtige visie nog completer te maken. Tenslotte onze 4e vraag aan de wethouder. In de visie staat dat het mogelijk is om een dergelijk plan voor alle parken in Veenendaal te maken indien dit wenselijk is. Hoewel de druk op de andere parken (vermoedelijk) wat kleiner is omdat die parken een duidelijkere rand hebben, zien we toch het risico van de nieuwe omgevingswet dat het makkelijker maakt voor initiatiefnemers om in te zetten op andere functies in de parken. Het zal u niet verbazen dat ik daarom pleit voor een dergelijke aanpak voor alle parken zodat we straks in het omgevingsplan een duidelijk langetermijnplan hebben voor het instandhouden en verbeteren van de kwaliteiten van onze parken en belangrijke groene structuren.
Welke plannen heeft de wethouder hiervoor? Antwoorden: 1: De visie focust op de cultuurhistorische waarde en de recreatieve waarde van het park. We missen daarin de ook erg belangrijke waarde van het park wat betreft natuur, biodiversiteit en de functie van het park voor een gezonde en klimaatbestendige stedelijke omgeving. Is de wethouder bereid deze aspecten aanvullend op te nemen in de visie om ook deze waarden te beschermen en hoe zou hij dat willen doen? Een ontwikkeling binnen de parken is op dit moment al strijdig met het bestemmingsplan. Wanneer er een aanvraag wordt ingediend voor een ontwikkeling binnen deze parken, dan is de vaststellen ‘Visie en afwegingskader voor initiatieven Ruisseveen en Hondzenelleboog’ een van de kaders waaraan de aanvraag wordt getoetst. Een ander kader waaraan de aanvraag wordt getoetst is de Omgevingsvisie. In de Omgevingsvisie is een hoofdstuk opgenomen Groen, Natuur en Water. Hierin zijn de belangrijke opgaven opgenomen: 1. Veenendaal is in 2030 groener dan in 2020; 2. Een robuust en gevarieerd aanbod van groen en water; 3. Verbeteren van de biodiversiteit; 4. Benutten en versterken kwaliteiten van het buitengebied. Deze opgaven zijn vertaald in het Puntensysteem Omgevingsvisie Veenendaal. In het bestemmingsplan en straks het omgevingsplan wordt een regel opgenomen waarin staat dat het bouwplan moet voldoen aan het puntensysteem.
Op deze manier zijn de door u genoemde waarden van het park beschermd. 2. Het is bijvoorbeeld wat ons betreft onwenselijk als er meer ruimte in het park ingericht wordt voor sport. Hoe beschermt deze visie het groene karakter van het park tegen dergelijke initiatieven (naast de initiatieven die betrekking hebben op bouwprojecten)? Ook voor deze vraag geldt dat sportinitiatieven in eerste instantie strijdig zijn met de bestemmingen in de parken, met uitzondering van de gronden die een sportbestemming hebben. Wanneer er een initiatief binnenkomt dat betrekking heeft op een sportactiviteit, dan wordt bekeken of we als gemeente een dergelijk initiatief in willen passen. Ook hiervoor geldt dat de Omgevingsvisie het kader is om deze afweging te maken. Het beschermen van groen is hierin een grote opgave. De noodzaak om in te spelen op klimaatverandering is een stimulans voor meer groen in de stad. Meer groen nodigt uit tot bewegen en draagt zo bij aan gezondheid. Sport, zoals wandelen en hardlopen is geen bedreiging voor het groene karakter, wanneer dit recreatief is.
3. Op pagina 46 en 50 wordt duidelijk dat het voor de kwaliteit van het park goed zou zijn als een aantal percelen zouden worden toegevoegd aan het park. Hoe kan deze visie bijdragen aan het vervullen van die wens? Welke mogelijkheden ziet het college om hier actief invulling aan te geven? In de visie is in beeld gebracht voor welke percelen de wens bestaat om ze toe te voegen aan het park. Aangezien de percelen niet in eigendom zijn van de gemeente, zijn we afhankelijk van de wens en wil van eigenaren. Wanneer een eigenaar van een perceel plannen heeft en deze bespreekt met de gemeente, kunnen we het hier over hebben. 4. In de visie staat dat het mogelijk is om een dergelijk plan voor alle parken in Veenendaal te maken indien dit wenselijk is. Hoewel de druk op de andere parken (vermoedelijk) wat kleiner is omdat die parken een duidelijkere rand hebben, zien we toch het risico van de nieuwe omgevingswet dat het makkelijker maakt voor initiatiefnemers om in te zetten op andere functies in de parken. Het zal u niet verbazen dat ik daarom pleit voor een dergelijke aanpak voor alle parken zodat we straks in het omgevingsplan een duidelijk langetermijnplan hebben voor het instandhouden en verbeteren van de kwaliteiten van onze parken en belangrijke groene structuren. Welke plannen heeft de wethouder hiervoor? Er zijn hier nog geen plannen voor.
Wel is het een en ander opgenomen in de Omgevingsvisie en die gaat natuurlijk een vertaalslag krijgen in het Omgevingsplan. Kansen: 1. We willen graag onderzocht zien of het relevant is en winst geeft als voor deze 2 groene lobben omgevingswaarden worden vastgesteld. Is de wethouder bereid dit toe te zeggen? Of helpen we daarbij d.m.v. Een motie of amendement? Een omgevingswaarde moet objectief vast te stellen zijn en meetbaar zijn. 2. We ontvangen graag van de wethouder een reactie of het mogelijk en wat het college betreft wenselijk is om zo'n programma op te stellen. Ook hier de vraag of we hier de wethouder kunnen helpen met een amendement of motie om deze prachtige visie nog completer te maken. Zie antwoord op vraag 1. Met welk doel wil de SGP een programma opgesteld hebben voor parken / groene lobben?