4.d Bijlage 2 overige wet en regelgeving energie voor bedrijven (2)
Tekst van het document
Bijlage 2 - Overige wet en regelgeving energie voor bedrijven.indd Activiteitenbesluit Wet Milieubeheer: energiebesparingsplicht en informatieplicht Wat? • Bedrijven en instellingen zijn verplicht om alle energiebesparende maatregelen met een terugverdientijd van 5 jaar of minder te treffen (per 1 januari 2008). • Voor Gebouwen, Faciliteiten en Processen is een lijst van erkende maatregelen voor energiebesparing opgesteld. Als de maatregelen op de lijst zijn uitgevoerd, dan wordt aan de energiebesparingsplicht voldaan. • Sinds 2023 zijn ook maatregelen m.b.t. hernieuwbare energie (zoals bijv. zonnepanelen) onderdeel van de energiebespaarplicht. • Een (hybride) warmtepomp is sinds 2023 onderdeel van de maatregelenlijst bij een aardgasverbruik tot 170.000 m³ per jaar1. • Met ingang van 1 juli 2019 zijn bedrijven en instellingen verplicht te melden bij RVO welke energiebesparende maatregelen zij hebben getroffen (Informatieplicht). • Ook bedrijven met een omgevingsvergunning milieu moeten voldoen aan deze energiebesparingsplicht. Doelgroep: Bedrijven en instellingen met een jaarverbruik van >50.000 kWh elektriciteit of >25.000 m³ aardgas (of een equivalent daarvan). Dit betreft een flinke groep (middel)grote bedrijven. Verantwoordelijk is de zogeheten ‘drijver van de inrichting’. Dit kan de eigenaar (verhuurder) zijn en/of de huurder. Het huurcontract is bepalend hiervoor.
1 Dit komt overeen met de 1e schijf van de energiebelasting op aardgas.
EU Emission Trading System (ETS) Wat? • Marktinstrument waarmee de EU de uitstoot van broeikasgassen kosteneffectief wil verminderen. • Emissiehandel is de handel in emissierechten, die het recht geven om een bepaalde hoeveelheid broeikasgassen uit te stoten. • Elk jaar wordt de hoeveelheid beschikbare emissierechten vermindert Doelgroep: Grote industriële bedrijven die bijvoorbeeld elektriciteit opwekken of metaal produceren. Op De Faktorij en De Vendel zijn deze bedrijven niet aanwezig. Echter, vanaf 2027 zal naar verwachting de ETS II in werking stellen. Leveranciers van fossiele brandstoffen (waaronder aardgas) komen dan ook onder een emissiehandelschema te vallen en zullen de kosten voor emissiehandel doorberekenen aan klanten – waaronder de bedrijven die nu niet onder het ETS vallen.
Besluit bouwwerken leefomgeving / Energy Performance of Buildings Directive (EPBD) Wat? Nationale vertaling van de Europese EPBD III in het Besluit bouwwerken leefomgeving en specifieke nationale ambities waarin onder andere het volgende is opgenomen: • Eisen worden gesteld aan technische bouwsystemen • Een keuringsplicht is opgenomen voor verwarmings-en airconditioning systemen • Laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen wordt afgedwongen.
• Bij verkoop, verhuur of oplevering van utiliteitsgebouwen is een geldig energielabel verplicht. Het energielabel is maximaal 10 jaar geldig. • Kantoren met een vloeroppervlakte >100m2 zijn verplicht om minimaal energielabel C te hebben per 1 januari 2023. • Bedrijven met meer dan 100 werknemers moeten hun gemiddelde CO2-uitstoot van het zakelijke vervoer per 1 januari 2026 terug hebben gebracht tot de landelijke CO2-norm. • Vanaf 1 januari 2026 komt er naar verwachting een energieefficiëntie eis voor verwarmen waardoor voor woningen én utiliteitsbouw (met een verbruik van minder dan 50.000 kWh elektriciteit en minder dan 25.000 m³ aardgas) een hybride warmtepomp in veel gevallen standaard wordt.
Europese Energie-Efficiency Richtlijn (EED) Wat? In 2012 is de Europese Energie-Efficiency Richtlijn (EED) vastgesteld met als doel om in 2020 20% minder energie te verbruiken in Europa. • Verplichting om eens per 4 jaar een energie-audit uit te voeren. • Deze audit is een systematische aanpak om informatie te verzamelen over het actuele energieverbruik en de besparingsmogelijkheden van een onderneming. Dit betreft ook vervoer/mobiliteit. • Er is een specifieke concernaanpak voor ketens van bedrijven (bijv. Albert Heijn, Kruidvat, etc.) Doelgroep: Grote ondernemingen: 250 fte of meer of jaaromzet van meer dan € 50 miljoen én een jaarlijkse balanstotaal van meer dan € 43 miljoen