4. begroting 2026 meerjaren raming 2027-2030 SOVOV def
Tekst van het document
REMBRANDT COLLEGE VEENENDAAL
Begroting 2026 en ramingen 2027-2030 Veenendaal, 27 november 2025
1.
Inleiding
Uitgangspunten Bij de opstelling van de meerjaren begroting zijn een aantal uitgangspunten gehanteerd: •
• • • • •
De omvang van de personele bezetting beweegt mee met het leerlingenaantal, de prognose van de leerlingenaantallen is gemaakt op basis van de prognoses van Voion en DUO en eigen prognoses. Er wordt structureel ruimte gemaakt voor de onderwijsontwikkeling die beschreven zijn in het schoolplan. De investeringsruimte is gebaseerd op de vervangingsbehoefte. Voor het groot onderhoud wordt gewerkt met een MJOP. Er wordt blijvend geïnvesteerd in PR en werving. Tijdelijke subsidies worden besteedt aan incidentele uitgaven.
Analyse Bij het vaststellen van de begroting bleek dat de leerlingprognose minder positief is dan voorgaande jaren. De oorzaak daarvan ligt niet in de werving van klas 1 leerlingen. Die is de afgelopen twee jaar positief gelopen, het doel van 200 leerlingen per jaar is gehaald. Echter de zijwaartse uitstroom van leerlingen is (zorgelijk) hoog. Het gaat hierbij om leerlingen die hun opleiding op het Rembrandt College niet afmaken maar tussentijds uitstromen richting vmbo- of mbo-opleidingen. Dit is overigens niet een probleem dat alleen op het Rembrandt College speelt maar breder in de regio. Tegelijkertijd is het zaak om binnen het Rembrandt College het onderwijs, waar mogelijk, te versterken zodat leerlingen in staat zijn hun opleiding op het Rembrandt College af te maken. Deze bijgestelde leerlingprognose zorgt ervoor dat de meerjaren begroting die nu is opgesteld voor 2026-2030 minder positief is dan de meerjaren begroting die vorig jaar is opgesteld voor 2025-2029. Dit is vooral zichtbaar in de jaren 2029 en 2030 waar een aanzienlijk negatief resultaat begroot is. Uit een analyseren van kengetallen in deze meerjaren begroting blijkt het volgende: •
•
•
• •
De ratio personele materiele uitgaven daalt eerst en beweegt dan weer in de richting van ons eigen streefcijfer. Het streefcijfer is 80-20. In 2025 behalen we een ratio van 77-23, de verwachting is dat dit in 2030 op nieuw 77-23 is. De daling in de tussenliggende jaren is te verklaren door de hoge materiële uitgaven als gevolg van de subsidie School en Omgeving. De solvabiliteit stijgt eerst en daalt daarna is redelijk stabiel en blijft ruim boven de ons eigen streefcijfer van 0,50. De signaleringswaarde die de onderwijsinspectie hanteert voor de solvabiliteit is 0,30, daar blijven we ruim boven. De liquiditeit daalt en komt in 2030 onder ons eigen streefcijfer van 2,0. De verwachte liquiditeit voor 2030 is 1,7. De wettelijke norm voor de liquiditeit is 0,5, daar blijft de liquiditeit dus ruim boven. De rentabiliteit stijgt eerst en daalt dan naar -2%, ons eigen streefcijfer is 1%. Het weerstandsvermogen daalt de eerste jaren en stijgt dan weer, de verwachting is dat deze in 2030 26% is, ons eigen streefcijfer is 30%. Voor het weerstandsvermogen hanteert de inspectie een signaleringsgrens van 10-40%.
•
Het normatief eigen vermogen blijft gedurende de gehele periode boven de 1,0. Ons eigen streefcijfer is 1,0. Bij een normatief eigen vermogen boven 1,0 verwacht de inspectie een verklaring. Deze verklaring ligt in de keuze voor het activeren van investeringen op de balans.
Doelstellingen en sturing Uit het verloop van het nettoresultaat in de meerjaren begroting 2026-2030 en de analyse van de kengetallen over diezelfde periode blijkt dat er geen reden is voor financiële zorgen voor de periode 2026-2030. Immers de kengetallen laten zien dat de te verwachten tekorten gefinancierd kunnen worden uit het weerstandsvermogen. De ontwikkeling van de kengetallen en het resultaten leiden wel tot twee doelstelling voor het bestuur: • •
De dalende resultaten in de periode van deze meerjaren begroting moeten omgebogen worden in positieve resultaten in de jaren na 2030. De liquiditeit in de jaren 2029 en 2030 moet verhoogd worden.
In de komende jaren zal het bestuur op de volgende wijze zorgen dat deze twee doelen gerealiseerd worden: •
•
•
Zowel de liquiditeit als het resultaat in de jaren 2030 en daarna kunnen positief beïnvloedt worden door de formatie naar beneden bij te stellen. Door de formatie van OP en OOP gezamenlijk met ongeveer 2,2 fte te verlagen kan circa €150.000 structureel bespaard worden. Op het moment dat dit in 2029 gerealiseerd is, zal het resultaat in 2029 en de jaren daarna structureel gunstig beïnvloedt worden en uitkomen op 0 euro of op een klein (acceptabel) negatief resultaat. De liquiditeit zal dan in 2030 stijgen naar 1,9. Uiteraard is het ook mogelijk minder te investeren in het (groot) onderhoud van het gebouw. Deze keuze maakt het bestuur nu niet. Er is op dit moment sprake van achterstallig onderhoud. In de begroting is er al rekening mee gehouden dat dit de komende jaren gefaseerd ingelopen wordt. Als dat niet gedaan wordt lopen we een (onverantwoord) risico dat deze uitgaven later alsnog gedaan moeten worden. Dit zou dan geen structureel positief gevolg hebben voor de financiële situatie van de school. Zowel in 2026 als in 2027 wordt bij het opstellen van de begroting beoordeeld of het naar beneden bij stellen van de formatie noodzakelijk is. Dit hangt vooral af van de ontwikkelingen van de leerlingen aantallen en in mindere mate van landelijke politieke ontwikkelingen.
Als deze ingreep inderdaad nodig zal deze in de formatie van de schooljaren 2027-2028 en 2028-2029 gefaseerd worden doorgevoerd. Het verminderen van de formatie zal vooral gevolgen hebben voor niet lesgebonden taken. Verminderen van de lestijd of vergroten van de klassen moet zoveel als mogelijk voorkomen worden. In de opbouw van de huidige formatie zijn hier nog mogelijkheden voor. Met het oog hierop zorgt de bestuurder er de komende jaren voor dat de flexibele schil groot genoeg blijft om dit te kunnen realiseren.
Op basis van deze analyse en voorgestelde monitoring en interventies is de meerjaren begroting 2026-2030 een gezonde meerjaren begroting. Mirjam van Halem rector-bestuurder Rembrandt College
1. Begroting 2026 en raming 2027-2030 1.1 GRONDSLAGEN VOOR DE BEGROTING
Algemeen De jaarrekening is opgesteld volgens de Regeling Jaarverslaggeving Onderwijs. Deze regeling stelt dat de bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving (in het bijzonder RJ 660Onderwijsinstellingen) van toepassing zijn met inachtneming van de daarin aangeduide uitzonderingen. Bestuursvorm De o.s.g. Rembrandt College is een openbare scholengemeenschap die valt onder de Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Veenendaal. Verbonden partijen Als verbonden partijen worden alle rechtspersonen aangemerkt waarover overheersende zeggenschap, gezamenlijke zeggenschap of invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Transacties van betekenis met verbonden partijen worden toegelicht voor zover deze niet onder normale marktvoorwaarden zijn aangegaan. Hiervan wordt toegelicht de aard en de omvang van de transactie en andere informatie die nodig is voor het verschaffen van inzicht. Valuta De jaarrekening wordt gepresenteerd in euro's. Schattingen De opstelling van de jaarrekening vereist dat het management oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten.
De belangrijkste schattingen hebben betrekking op: - de waardering van materiële vaste activa, waaronder de gehanteerde afschrijvingstermijnen; - de verwachte onderhoudsuitgaven bij bepaling van de bestemmingsreserve groot onderhoud; - de bepaling van personele voorzieningen. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft. Vergelijking met voorgaand jaar De gehanteerde grondslagen van waardering en van resultaatbepaling zijn ongewijzigd gebleven ten opzichte van het voorgaande jaar. Kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld op basis van de indirecte methode.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
1
Waardering van de activa en de passiva De activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij hieronder anders is vermeld.
Materiële vaste activa Gebouwen en terreinen Het gebouw van de o.s.g. Rembrandt College is niet met Rijksmiddelen gebouwd maar is geheel met gemeentegelden gerealiseerd. Het juridisch claimrecht ligt bij de gemeente Veenendaal. Het economisch claimrecht ligt ook bij de gemeente Veenendaal, in haar hoedanigheid van gemeentebestuur. De verbouwing wordt gewaardeerd op verkrijgingprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de verwachte levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingprijs, rekening houdend met eventuele residuwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikname. De afschrijvingstermijn in jaren en -percentage is : Materiële vaste activa
Afschrijvingstermijn
Afschrijvingspercentage
in jaren Gebouwen en terreinen
40
2,50%
Groot onderhoud gebouw
15
6,67%
Interne verbouwingen
15
6,67%
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
2
Inventaris en apparatuur De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgingprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de verwachte technische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingprijs, rekening houdend met eventuele residuwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikneming. Hierbij is de aanschafwaarde van de inventaris bepaald op basis van de aanschafnota's (verkrijgingprijs). De afschrijvingstermijnen in jaren en -percentages voor inventaris en apparatuur zijn als volgt: Materiële vaste activa
Afschrijvingstermijn
Afschrijvingspercentage
in jaren Meubilair
15
6,67% (tot en met 2005 5%)
Apparatuur
15
6,67%
Audiovisuele middelen
5
20,00%
Computer apparatuur
5
20,00%
Instrumentarium
15
6,67% (tot en met 2005 4%)
Duurzame leermiddelen
5
20,00%
Schoolboeken
5
20,00%
Het Rembrandt College heeft de activeringsgrenzen niet schriftelijk vastgesteld. Over het algemeen worden alleen die zaken geactiveerd die meer dan € 300,00 bedragen. Dit geldt voor alle te onderscheiden categorieën. Subsidies op investeringen worden in mindering gebracht op de verkrijgings- of vervaardigingsprijs van de activa waarop de subsidies betrekking hebben.
Vorderingen Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Vorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.
Liquide middelen Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito's met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder de schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Eigen vermogen Er wordt bij de reserves een onderscheid gemaakt tussen publieke en private reserves. Publieke reserves worden gevormd uit de middelen die verkregen zijn bij of krachtens de wet ingestelde heffingen. Private reserves worden gevormd uit de middelen die zijn verkregen middels (bijv.) de ouderbijdragen.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
3
Bestemmingsreserves (publiek) De jaarlijkse onttrekking aan de reserve herwaardering is gelijk aan de jaarlijkse afschrijving op de inventaris en apparatuur die medio 1997 aanwezig waren. Deze reserve herwaardering is in 2002 aangepast met de tot dan toe gedane investeringen die niet verantwoord zijn onder de vooruitontvangen investeringssubsidies. De reserve mobiliteitsgelden is opgenomen om voor personeel zorg meer op maat te maken. De bedoeling van deze gelden is trajecten ter verbetering van de balans tussen werk en privé aan te bieden. De reserve niet verzekerde zaken is om schade aan niet verzekerde zaken op te kunnen vangen. Het Rembrandt College heeft namelijk lease-apparatuur die niet onder de dekking van de verzekering valt. De reserve Groot Onderhoud is opgenomen om de verplichtingen vanuit het MJOP inzichtelijk te maken na het vervallen van de voorziening groot onderhoud en de overgang naar activeren en afschrijven. De reserve NPO-gelden is opgenomen in verband met de verantwoordingsvoorschriften van deze subsidie(s). Deze moeten verantwoord worden in het jaar van ontvangst, terwijl een groot deel van de uitgaven in de jaren daarop zullen plaatsvinden. Om een beter inzicht te krijgen in de inkomsten en uitgaven is besloten om het niet uitgegeven deel van de NPO-gelden als bestemmingsreserve op te nemen.
De reserve School en omgeving Deze moeten verantwoord worden in het jaar van ontvangst, terwijl een groot deel van de uitgaven in de jaren daarop zullen plaatsvinden. Om een beter inzicht te krijgen in de inkomsten en uitgaven is besloten om het niet uitgegeven deel van de subsidie School en omgeving als bestemmingsreserve op te nemen. De reserve Praktijkgericht Havo Deze moet verantwoord worden in het jaar van ontvangst, terwijl een groot deel van de uitgaven in de jaren daarop zullen plaatsvinden. Om een beter inzicht te krijgen in de inkomsten en uitgaven is besloten om het niet uitgegeven deel van de subsidie Praktijkgericht Havo als bestemmingsreserve op te nemen.
Bestemmingsreserve (privaat) Deze reserve wordt vanaf start schooljaar 2016/2017 gevormd. De jaarlijkse toevoeging of onttrekking geschiedt op basis van het resultaat uit private ontvangsten (vrijwillige ouderbijdrage ed.).
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
4
Voorzieningen Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer: - Er sprake is van een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting die het gevolg is van een gebeurtenis in het verleden; - het waarschijnlijk is dat voor de afwikkeling van de verplichting een uitstroom van middelen noodzakelijk is; en - er een betrouwbare schatting kan worden gemaakt van de omvang van de verplichting. De voorzieningen worden gewaardeerd tegen de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de verplichtingen per balansdatum af te wikkelen. Alleen uitgaven waarvoor de voorziening oorspronkelijk was gevormd worden ten laste van de voorziening gebracht.
Personeelsvoorzieningen Vanuit RJ 660 is het Rembrandt College gehouden aan richtlijn 271. Deze richtlijn verplicht de opname van voorzieningen voor uitgestelde personeelsbeloningen en dus opname van een voorziening jubileumuitkeringen, persoonlijk budget en eigen deel WW. De grondslagen voor de betreffende voorzieningen zijn als volgt. Jubileumuitkeringen De voorziening voor jubileumuitkeringen wordt berekend op basis van een gemiddeld bedrag per FTE en vermenigvuldigd met het aantal FTE per balansdatum. Verder wordt er rekening gehouden met een gemiddelde loonkostenstijging van 3,75% en een disconteringsvoet van 4%. Persoonlijk budget De gespaarde uren uit het persoonlijk budget worden omgerekend naar het maandsalaris van december. Spaarverlof De gespaarde uren uit het spaarverlof worden omgerekend naar het maandsalaris van december. Eigen deel WW Op basis van de gegevens van het UWV wordt per persoon die vanuit het UWV en KPMG in het kader van (bovenwettelijk) WW een uitkering ontvangt voor de periode waarop hij/zij daar in de toekomst nog rechten aan kan ontlenen een voorziening gevormd door het maandelijks uit te keren bedrag te vermenigvuldigen met het aantal maanden dat hij/zij daar nog recht op heeft per 31 december.
Langdurig zieke medewerkers Op basis van de inschatting van het niet herstellen van langdurig zieke medewerkers wordt voor de resterende maanden van doorbetaling van de salariskosten tot het moment dat de medewerker ziek uit dienst gaat een voorziening opgenomen (100% 1e jaar en 70% 2e jaar), inclusief een inschatting van de transitievergoeding, maar deze transitievergoeding wordt ook als vordering opgenomen.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
5
Overige voorzieningen Groot onderhoud voorziening Het Rembrandt College heeft tot en met 2023 voor het groot onderhoud een onderhoudsvoorziening gevormd voor de toekomstige verplichtingen. De dotatie aan de voorziening gebeurde op basis van het meest recent opgestelde meerjaren onderhoudsplan (MOP). Deze voorziening werd gevormd tegen nominale waarde. Bij de bepaling voor de voorziening groot onderhoud werd gebruik gemaakt van de tijdelijke uitzonderingsbepaling conform RJO 4, lid 1c. Met ingang van 2024 zijn de verslaggevingsvoorschriften voor het verwerken van de kosten van groot onderhoud gewijzigd. Dientengevolge is vanaf 2024 overgegaan naar een stelsel van het activeren en afschrijven van de kosten voor groot onderhoud. Hierdoor is de voorziening groot onderhoud in zijn geheel vrijgevallen ten gunste van een daartoe opgenomen bestemmingsreserve. Stelselwijziging Voorziening groot onderhoud Vanaf 2024 heeft Stichting Openbaar Voortgezet Onderwijs Veenendaal de keuze gemaakt om de verantwoording van kosten groot onderhoud volledig op basis van activering onder de Materiële Vaste Activa plaats te laten vinden. Richtinggevend voor het moment van uitvoeren van goort onderhoud is het Meerjaren Onderhoudsplan waarin het grote onderhoud voor de volledige levensduur van de gebouwen per afzonderlijke component wordt weergegeven.
Op basis van investeringsfacturen vindt activering plaats. De stelselwijziging is retrospectief vnafa het huidige boekjaar uitgevoerd. De vergelijkende cijfers over het voorgaande boekjaar zijn niet aangepast aan de gewijzigde waarderingsmethode. Het gevolg van deze stelselwijziging is een toename van het eigen vermogen met € 1.709.300 per 1 januari 2024. Het gevolg van deze stelselwijziging is een toename van het resultaat met € 105.468 in 2024 ten opzichte van het resultaat onder het oude stelsel. Solidariteitsfonds vrijwillige ouderbijdrage (privaat) Vanuit de te ontvangen vrijwillige ouderbijdrage wordt een voorziening gevormd voor ouder(s)/ verzorger(s) die vanwege omstandigheden niet in staat zijn om (een deel van) de schoolkosten te betalen. Deze ouder(s)/verzorger(s) kunnen een beroep doen op een financiële bijdrage uit dit fonds. Dit fonds wordt gevuld door de vrijwillig betaalde bedragen "solidariteitsfonds", zoals deze is opgenomen in de vrijwillige ouderbijdrage.
Kortlopende schulden Kortlopende schulden worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Kortlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs.
Bepaling van het resultaat De baten en lasten worden toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de baten en lasten over het jaar. Lasten en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen, indien zij voor het vaststellen van de jaarrekening bekend zijn geworden en de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
6
Personeelsbeloningen en pensioen Lonen, salarissen en sociale lasten worden op grond van de arbeidsvoorwaarden verwerkt in de Staat van baten en lasten over de verslagperiode voor zover ze verschuldigd zijn aan de werknemers respectievelijk de belastingautoriteit. Voor zover de verschuldigde betalingen op balansdatum nog niet zijn voldaan, wordt hiervoor een verplichting opgenomen (zie ook 2.5.7 en 2.5.8). Per 31 december waren er 99 personeelsleden in dienst, waarvan 17 medewerkers in een tijdelijk dienstverband. Het aantal deeltijders bedroeg 80. In totaal waren 72,37 fte's in dienst per 31 december 2023. Gemiddeld waren er 79,66 fte's in dienst over 2024. De entiteit is aangesloten bij het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP). Het ABP is het bedrijfstakpensioenfonds voor overheidswerkgevers, waaronder onderwijsinstellingen. De over het verslagjaar verschuldigde premie wordt als last verantwoord. Dekkingsgraad De pensioenregeling kan op basis van RJ 271 worden geclassificeerd als een toegezegde bijdrageregeling. Dit betekent dat Rembrandt College slechts verplicht is een vooraf door ABP vastgestelde premie te betalen. Er bestaat geen enkele reglementaire of statutaire verplichting om eventuele tekorten van het pensioenfonds aan te zuiveren. Het Rembrandt College kan ook geen aanspraak maken op eventuele opgebouwde overschotten.
Het Rembrandt College neemt dan ook geen voorziening voor pensioenverplichtingen in de jaarrekening op. Ultimo 2024 bedraagt de dekkingsgraad 111,19%. De Nederlandse Bank stelt een minimale beleidsdekkingsgraad van 126%. Aanvullend is vereist dat de dekkingsgraad gedurende maximaal 5 jaar onder de 104,2% mag liggen.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
7
2. Balans begroting 2026 en raming 2027-2030 per 31 december 1 ACTIVA 1.2 1.2.1 1.2.2 1.2.3 1.3 1.3.5
Vaste activa Materiële vaste activa Gebouwen en terreinen Inventaris en apparatuur Overige materiële vaste activa Financiële vaste activa Vorderingen op OCenW Totaal vaste activa
31-12-2025 €
31-12-2026 €
31-12-2027 €
31-12-2028 €
31-12-2029 €
31-12-2030 €
910.531 955.924 0
1.246.200 879.162 0
1.527.459 984.424 0
1.646.400 1.040.393 0
1.681.785 987.198 0
2.103.774 994.743 0
0 1.866.455
0 2.125.361
0 2.511.883
0 2.686.793
0 2.668.982
0 3.098.517
1.866.455
2.125.361
2.511.883
2.686.793
2.668.982
3.098.517
2.000
2.000
2.000
2.000
2.000
2.000
32.000 0 15.000 100.000 149.000
32.000 0 15.000 100.000 149.000
32.000 0 15.000 100.000 149.000
32.000 0 15.000 100.000 149.000
32.000 0 15.000 100.000 149.000
32.000 0 15.000 100.000 149.000
1.4 1.4.1 1.5 1.5.1 1.5.2 1.5.7 1.5.8
Vlottende activa Voorraad Voorraad Vorderingen Debiteuren Ministerie van OCenW Overige vorderingen Overlopende activa
1.7
Liquide middelen
3.920.310
3.602.745
3.394.583
3.379.411
3.285.069
2.712.920
Totaal vlottende activa
4.069.310
3.751.745
3.543.583
3.528.411
3.434.069
2.861.920
Totaal activa
5.935.765
5.877.106
6.055.466
6.215.204
6.103.051
5.960.436
31-12-2025 €
31-12-2026 €
31-12-2027
31-12-2028 €
31-12-2029 €
31-12-2030 €
1.378.734 2.144.367 -39.395 33.643 3.517.349
1.719.950 1.763.756 -25.559 33.643 3.491.790
1.904.391 1.553.756 210.352 33.643 3.702.143
2.224.744 1.443.756 111.840 33.643 3.813.982
2.346.583 1.433.756 -161.566 33.643 3.652.416
2.645.017 973.756 -193.019 33.643 3.459.397
542.424 8.925 551.349
588.924 8.925 597.849
636.531 8.925 645.456
684.430 8.925 693.355
733.843 8.925 742.768
784.247 8.925 793.172
0
0
0
0
0
0
175.000 300.000 25.000 8.500 1.358.567 1.867.067
175.000 300.000 25.000 8.500 1.278.967 1.787.467
175.000 300.000 25.000 8.500 1.199.367 1.707.867
175.000 300.000 25.000 8.500 1.199.367 1.707.867
175.000 300.000 25.000 8.500 1.199.367 1.707.867
175.000 300.000 25.000 8.500 1.199.367 1.707.867
5.935.765
5.877.106
6.055.466
6.215.204
6.103.051
5.960.436
0
0
0
0
0
0
2 PASSIVA 2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3
Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves (publiek) Resultaat Bestemmingsreserves (privaat) Totaal groepsvermogen
2.3 2.3.3 2.3.3
Voorzieningen Overige voorzieningen (publiek) Overige voorzieningen (privaat)
2.4
Langlopende schulden
2.5 2.5.3 2.5.7 2.5.8 2.5.9 2.5.10
Kortlopende schulden Crediteuren Belastingen en premies sociale verzek. Schulden ter zake pensioenen Overige kortlopende schulden Overlopende passiva Totaal passiva
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
8
3. Staat van baten en lasten begroting 2026 en raming 2027-2030
Begroting 2025 810
Begroting 2026 798
Begroting 2027 798
Begroting 2028 817
Begroting 2029 822
Begroting 2030 848
Begroting 2025 €
Begroting 2026 €
Begroting 2027 €
Begroting 2028 €
Begroting 2029 €
Begroting 2030 €
9.010.310
9.962.560
10.109.711
9.597.720
9.137.272
9.415.595
0 240.567 9.250.877
0 283.980 10.246.540
0 273.980 10.383.691
0 263.361 9.861.080
0 219.513 9.356.785
0 225.508 9.641.103
4. LASTEN 4.1 Personele lasten 4.2 Afschrijvingen 4.3 Huisvestingslasten 4.4 Overige materiële lasten TOTAAL LASTEN
7.212.092 402.609 668.207 1.121.111 9.404.019
7.304.937 352.212 714.175 1.979.181 10.350.505
7.267.953 361.978 643.925 1.971.538 10.245.394
7.256.285 361.090 643.925 1.555.832 9.817.132
7.368.685 356.310 643.925 1.217.020 9.585.940
7.584.439 418.966 643.925 1.252.493 9.899.823
SALDO BATEN EN LASTEN
-153.142
-103.965
138.297
43.948
-229.155
-258.720
5. SALDO FINANCIËLE BATEN EN LASTEN
113.747
78.406
72.055
67.892
67.588
65.701
RESULTAAT GEWONE BEDRIJFSVOERING
-39.395
-25.559
210.352
111.840
-161.566
-193.019
6. BUITENGEWONE BEDRIJFSVOERING
0
0
0
0
0
0
7. RESULTAAT DEELNEMINGEN
0
0
0
0
0
0
RESULTAAT NA BELASTINGEN
-39.395
-25.559
210.352
111.840
-161.566
-193.019
8. AANDEEL DERDEN
0
0
0
0
0
0
SALDO EXPLOITATIE
-39.395
-25.559 0
210.352 0
111.840 0
-161.566 0
-193.019 0
Begroting 2025 € 97.605 -137.000
Begroting 2026 € 355.052 -380.611
Begroting 2027 € 420.352 -210.000
Begroting 2028 € 221.840 -110.000
Begroting 2029 € -151.566 -10.000
Begroting 2030 € 266.981 -460.000
-39.395
-25.559
210.352
111.840
-161.566
-193.019
-
-
-
-
-
-
Leerlingaantallen
3. BATEN 3.1 Rijksbijdrage 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies 3.5 Overige baten TOTAAL BATEN
DEKKINGSMAATREGELEN
Eigen Vermogen Bestemmingsreserves Privaat Vermogen NETTO RESULTAAT
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
9
4. Uitsplitsing van de posten van de balans begroting 2025 (bedragen zijn een inschatting van de stand per 31-12-2025)
1. Activa VASTE ACTIVA 1.2 Materiële vaste activa De materiële vaste activa zijn als volgt nader te specificeren: (onderstaande investeringen zijn een schatting voor heel 2024)
Aanschafprijs
Gebouwen en 1.2.1 terreinen Inventaris en 1.2.2 apparatuur
Cummulatieve afschrijvingen en waardever- Boekwaarde minderingen 1 januari 2025
€
Cumulatieve afschrijvingen en waardever- Boekwaarde 31 rminderingen december 2025
Investeringen 2025
Desinvesteringen 2025
Afschrijvingen 2025
Aanschafprijs
€
€
€
€
€
€
€
€
1.570.395
1.036.272
534.123
440.900
0
64.492
2.011.295
1.100.764
910.531
3.504.251
2.508.329
995.922
250.000
0
289.998
3.754.251
2.798.327
955.924
5.074.646
3.544.601
1.530.045
690.900
0
354.490
5.765.546
3.899.091
1.866.455
1.2.a OZB en verzekerde waarde gebouwen en terreinen De gebouwen en terreinen zijn verzekerd door de gemeente Veenendaal.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
10
VLOTTENDE ACTIVA 1.4 Voorraad 1.4.1 Voorraden
31-12-2025 2.000
€ 2.000
1.5 Vorderingen 1.5.1 Debiteuren Bijdrage energieverbruik sporthal Detachering personeel Debiteuren ouderbijdrage privaat Totaal 1.5.2 Vorderingen op het ministerie van OCenW Rijksbijdrage boekjaar:
31-12-2025 25.000 0 7.000
€
32.000
31-12-2025
€
0
Totaal vorderingen ministerie van OCenW
1.5.7 Overige vorderingen Bij de gemeente belegde gelden Nog te ontvangen bedragen Overige vorderingen
1.5.8 Overlopende activa Vooruitbetaalde bedragen
0
31-12-2025 0 0 15.000
15.000
31-12-2025 100.000
€
€
100.000
1.7 LIQUIDE MIDDELEN 1.7.1 Kasmiddelen Kas 1.7.2 Tegoeden op bank- en girorekeningen Rabo ING Simpled Card
31-12-2025 150
150
31-12-2025 3.615.160 300.000 5.000
€
€
3.920.160
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
11
2. Passiva 2.1 EIGEN VERMOGEN 2.1.1 Algemene reserve
Algemene reserve Totaal algemene reserve 2.1.2 Bestemmingsreserves (publiek)
Herwaarderingsreserve Bestemmingsreserve mobiliteitsgelden Bestemmingsreserve niet verzekerde zaken Bestemmingsreserve school en omgeving Bestemmingsreserve praktijkgericht havo Bestemmingsreserve NPO-gelden Bestemmingsreserve groot onderhoud Totaal bestemmingsreserves (publiek) 2.1.3 Bestemmingsreserves (privaat)
Bestemmingsreserve Totaal eigen vermogen
Saldo per Bestemming 01-01-2025 resultaat 31-12-2025 € € 1.119.739 1.119.739
219.600 219.600
Saldo per Bestemming 01-01-2025 resultaat boekjaar € € 0 45.745 75.000 75.000 58.995 295.611 1.853.011 2.403.362
Mutaties in 2025 € 0 0 Mutaties in 2025 €
0 0 0 -75.000 -58.995 -125.000 0 -258.995
Saldo per Bestemming 01-01-2025 resultaat boekjaar € €
Saldo per 31-12-2025 € 1.339.339 1.339.339 Saldo ultimo boekjaar € 0 0 0 0 0 0 0 0
Mutaties in 2.024 €
0 45.745 75.000 0 0 170.611 1.853.011 2.144.367 Saldo ultimo boekjaar €
33.643 33.643
0 0
0
33.643 33.643
3.556.744
-39.395
0
3.517.349
De bestemming van het resultaat is op basis van het verwachte resultaat. 2.3 VOORZIENINGEN 2.3.1 Personeelsvoorzieningen
- Voorziening jubilea - Voorziening persoonlijk budget - Voorziening spaarverlof - Voorziening eigen deel WW - Voorziening langdurig zieke werknemers Totaal personeelsvoorzieningen
Saldo per Dotatie 2025 01-01-2025 ten laste van exploitatie € € 78.058 75.895 30.514 209.471 101.986 495.924
3.000 2.500 20.000 25.500 35.000 86.000
Onttrekkingen Saldo in per 2025 31-12-2025 € € 6.000 6.500 5.000 2.000 20.000 39.500
75.058 71.895 45.514 232.971 116.986 542.424
Met ingang van 1 januari 2008 is bij het Rembrandt College een voorziening voor jubileumuitkeringen gevormd en per 1 januari 2014 een voorziening voor persoonlijk budget en per 1 januari 2015 een voorziening voor eigen deel WW voor de toekomstige verplichtingen. Vanuit RJ 660 is het Rembrandt College gehouden aan richtlijn 271. Deze richtlijn verplicht de opname van voorzieningen voor uitgestelde personeelsbeloningen en dus opname van een voorziening voor jubileumuitkeringen, persoonlijk budget en eigen deel WW.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
12
2.3.3 Overige voorzieningen
-Solidariteitsfonds (privaat)
Weergave onttrekking voorzieningen Onderverdeling saldo voorzieningen Personeelsvoorzieningen Overige voorzieningen Totaal
Saldo per Dotatie 2025 01-01-2025 ten laste van exploitatie € € 9.925 1.500 9.925 1.500
< 1 jaar € 140.000 5.150 145.150
1 - 5 jaar € 355.000 3.775 358.775
Onttrekkingen Saldo in per 2025 31-12-2025 € € 2.500 8.925 2.500 8.925
> 5 jaar € 47.424 0 47.424
Totaal € 542.424 8.925 551.349
2.5 KORTLOPENDE SCHULDEN 2.5.3 Crediteuren
Nog te betalen bedragen
2.5.7 Belastingen en premies sociale verzekeringen
Loonheffing Premies sociale verzekeringen Omzet belasting
2.5.8 Schulden ter zake pensioenen
Nog te betalen bedragen
2.5.9 Overige kortlopende schulden
Overige
2.5.10 Overlopende passiva
Vooruitontvangen doelsubsidies OCenW geoorm. Vooruitontvangen doelsubsidies OCenW niet geoorm. Vooruitontvangen investeringssubsidies Vakantiegeld- en dagen / Bindingstoelage / EJU Overige
31-12-2025 175.000
175.000
31-12-2025
300.000 0
€
300.000
31-12-2025 25.000
€ 25.000
31-12-2025 8.500
€ 8.500
31-12-2025 0 1.018.567 0 285.000 55.000
€
€
1.358.567
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
13
Bij investeringssubsidies wordt een bedrag gepassiveerd dat overeenkomt met de besteding in vaste activa. De afschrijving ten laste van de vaste activa wordt gedekt door de vrijval uit de egalisatierekening voor eenzelfde bedrag gedurende de economische gebruiksduur. In model G staat een specificatie van de vooruitontvangen meerjarige investeringssubsidies OCenW opgenomen.
Niet uit de balans blijkende verplichtingen Het Rembrandt College is de volgende verplichtingen aangegaan: Huur van kopieerapparatuur en printers Het Rembrandt College heeft bij Canon een contract afgesloten voor de huur van kopieerapparatuur en printers. Dit contract is in 2021 overgedragen aan BNP Paribas. De overgenomen contracten hebben een ingangsdatum van 1 april 2021 en zijn aangegaan voor 60 maanden. De jaarlijkse last hiervan bedraagt € 40.000. De oude contracten zijn per die datum komen te vervallen. Schoonmaak Het Rembrandt College heeft bij CSU een contract afgesloten voor schoonmaak. Het contract heeft een ingangsdatum van 1 december 2023 en is aangegaan voor 36 maanden en mag maximaal vijf maal verlengd worden onder gelijkblijvende voorwaarden. De gemiddelde jaarlijkse last hiervan bedraagt € 185.000. Leermiddelen Het Rembrandt College heeft voor de aanschaf van schoolboeken een contract afgesloten met Van Dijk Educatie. Het contract heeft een ingangsdatum van 1 april 2014 en is aangegaan voor 36 maanden en mag maximaal viermaal verlengd worden onder gelijkblijvende voorwaarden. In 2021 is een nieuwe aanbesteding gestart en afgerond. De aanbesteding is gewonnen door Van Dijk Educatie en is aangegaan voor 43 maanden, ingaande op 1-1-2022 en derhalve eindigend op 31-7-2025.
De overeenkomst kan onder gelijkblijvende voorwaarden maximaal viermaal voor twaalf maanden verlengd worden tot uiterlijk 31-7-2029. De jaarlijkse last is afhankelijk van het aantal te bestellen leerboeken, werkboeken en licenties.
Niet uit de balans blijkende rechten Hier is bij het opstellen van de begroting geen informatie over bekend.
Gebeurtenissen na balansdatum Hier is bij het opstellen van de begroting geen informatie over bekend.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
14
5. Uitsplisting van de posten van de staat van baten en lasten begroting 2026 en raming 2027-2030
3. BATEN
Leerlingaantallen (incl. VAVO) Aantal docenten 3.1 Rijksbijdragen OC en W
3.1.1 Rijksbijdrage sector VO; Vaste voet Basisbekostiging Herverdeeleffect (tm 2025) Schatting indexatie lumpsum vanaf 2025 4,2% 3.1.2 Overige subsidies OCenW (projectgelden e.d.); Zij-instroom Werkdrukmiddelen Regeling onderwijskansen Vrijval deel basisvaardigheden Basisvaardigheden School en Omgeving/Schoolmaalt/Brugfunct. (Vrijval) School en Omgeving Vrijval DUMAVA Vrijval Financiële Educatie 3.1.4 Ontvangen doorbetalingen Rijksbijdrage SWV Totaal rijksbijdrage
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
810 41
798 40
798 40
817 41
822 41
848 42
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
€
€
€
€
€
€
262.436 7.598.609 -47.500
275.595 7.586.586 0 330.212
275.595 7.586.586 0 330.212
275.595 7.767.219 0 337.798
275.595 7.814.754 0 339.795
275.595 8.061.936 0 350.176
0 356.702
0 271.001 127.367 0 0
0 271.001 129.282
0 277.453 132.360
0 279.151 130.073
0 287.981 133.371
145.236
148.694
1.267.200
1.267.200
633.600
149.604 123.300
154.336 127.200
79.600 25.000 9.962.560
79.600 25.000 10.109.711
0 25.000 9.597.720
0 25.000 9.137.272
0 25.000 9.415.595
839 51
840.063 0 0 0 0 9.010.310
?
In de jaarrekening is onder de normatieve rijksbijdrage OCenW de vergoeding personeels- en exploitatiekosten opgenomen. De overige rijksvergoedingen zijn opgenomen onder de overige subsidies OCenW (projectgelden e.d.) 3.2 Overige overheidsbijdragen en -subsidies
3.2.1 Gemeentelijke bijdragen en subsidies 3.2.2 Overige overheidsbijdragen Totaal overheidsbijdragen en -subsidies 3.5 Overige baten
3.5.1 Verhuur (opbergkastjes) 3.5.2.Detachering personeel 3.5.5 Ouderbijdragen (privaat) Kantine-inkomsten (privaat) 3.5.6 Overig Totaal overige baten
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
€
€
€
€
€
€
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
0 0 0
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
€
€
€
€
€
€
0 30.000 132.413 58.154 20.000 240.567
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
0 70.000 127.836 56.144 30.000 283.980
0 60.000 127.836 56.144 30.000 273.980
0 45.000 130.880 57.481 30.000 263.361
0 0 131.681 57.832 30.000 219.513
0 0 135.846 59.662 30.000 225.508
15
4. LASTEN 4.1 Personele lasten
Brutolonen en salarissen incl. soc.lst ed incl. stijging lonen ivm CAO ed schatting 5,8% ( nov 2025 4,6%, nov 2026 1,2%) Transitievergoedingen (Soc.Plan / Ontslag) Kosten verlof Stagevergoeding (afspraak VO-Raad) Zit al in loonkosten Vervanging (kst 6% verv.) 4.1.1 Lonen en salarissen (incl. soc.lst en pens.lst) Dotaties personele voorzieningen *) Personeel niet in loondienst (uitbesteed onderwijs) Overig; Bijdrage A&O fonds Verrekening uitkeringsgelden WW Mobiliteitskosten Leeftijdsbewust personeelsbeleid Arbokosten Nascholingkosten (gerichte vrijstelling WKR) Reiskosten nascholing (gerichte vrijstelling WKR) Pers. scholingsbudget (gerichte vrijstelling WKR) Overige vergoedingen (gericht vrijgesteld) Welzijnsactiviteiten (nihilwaard. of geen loon WKR Welzijnsactiviteiten (vrije ruimte WKR) Onkostenvergoedingen (vrije ruimte WKR) Overige personeelskosten (vrije ruimte WKR) Kosten ambtsjubilea/afscheid (vrije ruimte WKR) Inkoop koffieautomaten (nihilwaardering WKR) Overige personeelskosten (niet vrije ruimte WKR) Vergaderkosten (nihilwaardering WKR) Uitbesteed administratief werk Reis en verblijfkosten 4.1.2 Overige personele lasten totaal SUBTOTAAL 4.1.3 Af: uitkeringen (UWV) TOTAAL
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
€ 6.558.779
€ 6.629.800
€ 6.597.867
€ 6.586.461
€ 6.687.450
€ 6.888.945
30.000
30.000
30.000
30.000
30.000
5.000 0 372.222 6.936.001
pm
397.788 7.057.588
pm
395.872 7.023.739
pm
395.188 7.011.649
pm
401.247 7.118.697
pm
413.337 7.332.282
46.500 25.000
46.500 25.000
47.607 25.000
47.898 25.000
49.414 25.000
50.404 25.000
13.420 99.739 15.000 750 18.470 15.000 180 12.006 6.000 0 18.470 4.618 3.694 4.618 16.623 924 0 5.079 306.091 7.242.092 30.000 7.212.092
12.956 80.182 5.500 750 14.848 27.500 180 10.049 8.000 0 14.848 3.713 2.970 3.713 14.069 743 0 0 5.828 277.349 7.334.937 30.000 7.304.937
12.764 78.031 5.500 750 14.450 27.500 180 9.779 8.000 0 14.450 3.613 2.890 3.613 13.691 723 0 0 5.672 274.214 7.297.953 30.000 7.267.953
12.764 78.031 5.631 750 14.450 27.500 180 9.779 8.000 0 14.450 3.613 2.890 3.613 13.691 723 0 0 5.672 274.636 7.286.285 30.000 7.256.285
13.068 79.889 5.665 750 14.794 27.500 180 10.012 8.000 0 14.794 3.699 2.959 3.699 14.017 740 0 0 5.807 279.988 7.398.685 30.000 7.368.685
13.148 80.378 5.845 750 14.885 27.500 180 10.074 8.000 0 14.885 3.722 2.977 3.722 14.103 745 0 0 5.843 282.158 7.614.439 30.000 7.584.439
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
4.2.2 Gebouwen en terreinen (incl. groot onderhoud) 4.2.2 Inventaris en apparatuur TOTAAL
€ 80.642 321.967 402.609
€ 96.331 255.880 352.212
€ 118.740 243.238 361.978
€ 131.059 230.031 361.090
€ 139.615 216.695 356.310
€ 178.011 240.955 418.966
Percentage tov totale Rijksbaten (afspraak 4% max)
4,47%
3,54%
3,58%
3,76%
3,90%
4,45%
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
€ 132.000 0
€ 131.250 0
€ 131.250 0
€ 131.250 0
€ 131.250 0
€ 131.250 0
120.000 750 5.000
150.000 750 5.000
80.000 500 5.000
80.000 500 5.000
80.000 500 5.000
80.000 500 5.000
120.000 65.000 3.000
120.000 65.000 3.000
120.000 65.000 3.000
120.000 65.000 3.000
120.000 65.000 3.000
120.000 65.000 3.000
190.000 250 7.500 11.500 1.707
199.500 500 7.875 15.000 2.000
199.500 500 7.875 15.000 2.000
199.500 500 7.875 15.000 2.000
199.500 500 7.875 15.000 2.000
199.500 500 7.875 15.000 2.000
0 7.500 4.000 668.207
0 10.300 4.000 714.175
0 10.300 4.000 643.925
0 10.300 4.000 643.925
0 10.300 4.000 643.925
0 10.300 4.000 643.925
4.2 Afschrijvingen
4.3 Huisvestingslasten
4.3.1 Huren 4.3.2. Verzekeringen 4.3.3 Onderhoud; Onderhoud gebouwen Herstelkosten schade Onderhoud inventaris 4.3.4 Energie en water; Gas Electra Water 4.3.5 Schoonmaak kosten; Schoonmaakkosten uitbesteed Schoonmaakartikelen Sanitaire voorzieningen Vuilafvoer 4.3.6 Heffingen i.v.m. huisvesting 4.3.7 Overige huisvestingslasten; Verhuiskosten Onderhoud tuin Veiligheidsvoorzieningen TOTAAL
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
16
4.4 Overige lasten
4.4.1 Administratie beheer en bestuur: Medezeggenschapsraad; PMR OMR/Ouderraad (incl. vacatievergoeding) LMR/Leerlingenraad (incl. vacatievergoeding) Advertentie- en wervingskosten nieuwe leerlingen; Werving en PR Wervingskosten vacatures Onderwijsdiensten, diensten door derden; Kosten salarisburo Kosten accountant Kosten personeelsadministratie Ondersteunende diensten door derden; Diensten derden Kosten Raad van Toezicht Vrijwilligersvergoedingen Overige kosten administratie, beheer en bestuur; Bankkosten Drukwerk Kopieerkosten Telefoonkosten Porti Kantoorbenodigdheden Contributies en heffingen Abonnementen algemeen Computerbenodigdheden + toner + enz 4.4.2 Inventaris, apparatuur en leermiddelen; Softwareonderhoud algemeen Hardwareonderhoud algemeen Schoolboeken en licenties Kosten aanbesteding Kwaliteitszorg Leermiddelen secties Diverse kosten leerlingen (PWS/Basisv/..) School en Omgeving Studie en beroepsbegeleiding decanaat Sportactiviteiten Culturele activiteiten Pilots onderwijs Onderwijsontwikkeling (schoolbreed) Onderwijsontwikkeling TTO Vakoverstijgende projecten Maatschappelijke stage Overige stage-activiteiten Eindexamens Proefwerk- en examenpapier 4.4.3 Dotatie overige voorzieningen; 4.4.4 Overige: Externe adviseurs en deskundigen Verzekeringen Algemeen Contract act.
VAVO-leerlingen Schoolmaatschappelijk werk Passend Onderwijs Staat van Educatie Veenendaal Opbergkastjes leerlingen Gereserveerde risicobuffer 1% Rijksbaten Ouderbijdragen (privaat) Kantine (privaat) Overig TOTAAL
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
€
€
€
€
€
€
1.500 950 610
1.500 950 610
1.500 950 610
1.500 950 610
1.500 950 610
1.500 950 610
42.500 5.000
35.000 5.000
35.000 5.000
35.000 5.000
35.000 5.000
35.000 5.000
0 19.000 2.000
0 20.000 3.000
0 20.000 3.000
0 20.000 3.000
0 20.000 3.000
0 20.000 3.000
25.000 16.000 1.250
50.000 16.000 1.500
50.000 16.000 1.500
50.000 16.000 1.500
50.000 16.000 1.500
50.000 16.000 1.500
10.000 5.000 32.500 5.000 4.000 3.000 18.500 6.500 2.000
10.000 5.000 32.500 6.500 5.000 3.000 18.500 7.000 1.000
10.000 5.000 32.500 6.500 5.000 3.000 18.500 7.000 1.000
10.000 5.000 33.274 6.500 5.000 3.000 18.500 7.000 1.000
10.000 5.000 33.477 6.500 5.000 3.000 18.500 7.000 1.000
10.000 5.000 34.536 6.500 5.000 3.000 18.500 7.000 1.000
174.221 3.500 255.000 10.000 5.000 57.250 3.000 0 3.000 2.700 3.250 0 25.000 0 0 1.250 0 7.350 3.000
197.037 2.000 280.778 0 10.000 57.250 3.000 795.000 3.750 2.700 3.250 0 25.000 5.000 0 1.250 0 7.350 3.000
197.037 2.000 280.778 0 2.500 57.250 3.000 795.000 3.750 2.700 3.250 0 25.000 5.000 0 1.250 0 7.350 3.000
201.728 2.000 287.463 0 2.500 58.613 3.071 359.116 3.839 2.764 3.327 0 25.000 5.000 0 1.250 0 7.525 3.000
202.963 2.000 289.222 0 2.500 58.972 3.090 17.268 3.863 2.781 3.348 0 25.000 2.500 0 1.250 0 7.571 3.000
209.383 2.000 298.370 0 2.500 60.837 3.188 27.570 3.985 2.869 3.454 0 25.000 2.500 0 1.250 0 7.811 3.000
25.000 5.368 8.000 0 32.500 0 0 75.845 145.500 45.067 30.000 1.121.111
25.000 9.654 10.000
25.000 9.511 10.000
25.000 9.511 10.000
25.000 9.738 10.000
25.000 9.797 10.000
48.500 2.500 0 78.622 127.836 56.144 2.500 1.979.181
48.500 2.500 0 78.622 127.836 56.144 2.500 1.971.538
48.500 2.500 0 80.428 130.880 57.481 2.500 1.555.832
48.500 2.500 0 80.903 131.681 57.832 2.500 1.217.020
48.500 0 0 83.375 135.846 59.662 2.500 1.252.493
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
17
5. Financiële baten en lasten Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
€ 113.747 0 113.747
€ 78.406 0 78.406
€ 72.055 0 72.055
€ 67.892 0 67.892
€ 67.588 0 67.588
€ 65.701 0 65.701
0
0
0
0
0
0
113.747
78.406
72.055
67.892
67.588
65.701
6. Resultaat
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
Resultaat gewone bedrijfsvoering
-39.395 Negatief
-25.559 Negatief
210.352 Positief
111.840 Positief
-161.566 Negatief
-193.019 Negatief
5.1 Financiële baten
5.1.1 Rentebaten (schatkistbankieren vanaf 2025) 5.1.2 Overige financiële baten Subtotaal financiële baten 5.2 Financiële lasten Subtotaal financiële lasten Saldo financiële baten en lasten
Toelichting verschil in resultaat van voorziening groot onderhoud en bestemmingsreserve groot onderhoud: Vanaf 2024 is besloten om over te gaan naar activeren en afschrijven voor groot onderhoud in plaats van een voorziening te vormen. Voor de voorziening werd jaarlijks een bedrag toegevoegd van € 140.000 (afgelopen jaren), via een dotatie die drukte op de lasten van de school. Door over te stappen vervalt de jaarlijkse dotatie uit de lasten, waardoor er een vertekend beeld ontstaat van het resultaat. Voor de dotatie komt echter wel de afschrijving van het groot onderhoud voor in de plaats. Het verschil tussen die twee is het verschil in resultaat ten opzichte van het vormen van een voorziening of het activeren en afschrijven. Hieronder het verschil tussen deze twee manier van omgaan met groot onderhoud en de invloed op het resultaat:
Dotatie voorziening groot onderhoud Afschrijvingen groot onderhoud Verschil in resultaat
Begroting 2025
Begroting 2026
Begroting 2027
Begroting 2028
Begroting 2029
Begroting 2030
150.000 16.705 133.295
150.000 50.968 99.032
150.000 72.471 77.529
150.000 87.426 62.574
150.000 95.826 54.174
150.000 134.348 15.652
Het verschil in resultaat is tot en met 2029 behoorlijk, maar vanaf 2030 is de afschrijvingslast bijna even hoog als de dotatie. Afhankelijk van de investeringen in groot onderhoud zal de afschrijvingslast fluctueren.
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
18
6. Kengetallen begroting 2026 en raming 2027-2030
Bestuursnorm
Totale baten baten gewone bedrijfsvoering baten financiële bedrijfsvoering totaal totaal per leerling
2025 €
2026 €
2027 €
2028 €
2029 €
2030 €
9.250.877 113.747 9.364.624 11.561
10.246.540 78.406 10.324.946 12.939
10.383.691 72.055 10.455.746 13.102
9.861.080 67.892 9.928.972 12.153
9.356.785 67.588 9.424.374 11.465
9.641.103 65.701 9.706.804 11.447
nvt
Totale lasten lasten gewone bedrijfsvoering lasten financiële bedrijfsvoering totaal totaal per leerling
€ 9.404.019 9.404.019 11.610
€ 10.350.505 10.350.505 12.971
€ 10.245.394 10.245.394 12.839
€ 9.817.132 9.817.132 12.016
€ 9.585.940 9.585.940 11.662
€ 9.899.823 9.899.823 11.674
nvt
Personele lasten t.o.v. lasten totale personele lasten totale lasten perc. pers.lst. tov totale lasten
€ 7.212.092 9.404.019 76,7%
€ 7.304.937 10.350.505 70,6%
€ 7.267.953 10.245.394 70,9%
€ 7.256.285 9.817.132 73,9%
€ 7.368.685 9.585.940 76,9%
€ 7.584.439 9.899.823 76,6%
78%
Landelijk
Materiële lasten t.o.v. lasten totale materiële lasten totale lasten perc. mat.lst. tov totale lasten
Landelijk
Solvabiliteit eigen vermogen balanstotaal
80,0%
80,0% 80,0% 80,0% 80,0% 80,0% In 2026 en 2027 zijn er procentueel gezien minder uitgaven. Dit komt door de subsidie School en Omgeving.
Er worden meer uitgaven gedaan aan externen, omdat dit een eenmalige grote subsidie is.
2.191.927 9.404.019 23,3% 20,0%
3.045.568 2.977.441 2.560.847 10.350.505 10.245.394 9.817.132 29,1% 26,1% 29,4% 20,0% 20,0% 20,0% Zie ook de opmerking bij percentage personele lasten.
2.217.255 9.585.940 23,1% 20,0%
2.315.384 9.899.823 23,4% 20,0%
22%
€ 3.517.349 5.935.765 0,59
€ 3.491.790 5.877.106 0,59
€ 3.702.143 6.055.466 0,61
€ 3.813.982 6.215.204 0,61
€ 3.652.416 6.103.051 0,60
€ 3.459.397 5.960.436 0,58
0,50
4.069.310 1.867.067 2,2
3.751.745 1.787.467 2,1
3.543.583 1.707.867 2,1
3.528.411 1.707.867 2,1
3.434.069 1.707.867 2,0
2.861.920 1.707.867 1,7
2,0
Rentabiliteit saldo gewone bedrijfsvoering baten gewone bedrijfsvoering
€ -39.395 9.250.877 0%
€ -25.559 10.246.540 0%
€ 210.352 10.383.691 2%
€ 111.840 9.861.080 1%
€ -161.566 9.356.785 -2%
€ -193.019 9.641.103 -2%
1%
Weerstandsvermogen eigen vermogen baten incl fin. baten
€ 3.517.349 9.364.624 38%
€ 3.491.790 10.324.946 34%
€ 3.702.143 10.455.746 35%
€ 3.813.982 9.928.972 38%
€ 3.652.416 9.424.374 39%
€ 3.459.397 9.706.804 36%
30%
3.517.349 33.643 3.483.706 2.464.133
3.491.790 33.643 3.458.147 2.657.092
3.702.143 33.643 3.668.500 2.800.530
3.813.982 33.643 3.780.339 2.819.916
3.652.416 33.643 3.618.773 2.731.420
3.459.397 33.643 3.425.754 2.758.867
1.019.573
801.056
867.970
960.423
887.353
666.887
1,30
1,31
1,34
1,32
1,24
1.670.350 1.060.672 2.125.361 1.246.200 879.162 10.246.540 717.258
1.715.350 1.089.247 2.511.883 1.527.459 984.424 10.383.691 726.858
1.715.350 1.089.247 2.686.793 1.646.400 1.040.393 9.861.080 690.276
1.715.350 1.089.247 2.668.982 1.681.785 987.198 9.356.785 654.975
1.715.350 1.089.247 3.098.517 2.103.774 994.743 9.641.103 674.877
Liquiditeit vlottende activa kortlopende schulden
Normatief eigen vermogen Totaal eigen vermogen Privaat eigen vermogen Feitelijk eigen vermogen Normatief eigen vermogen, is F1, F2 en F3 Resultaat Ratio eigen vermogen
1,41
<1
Lager dan 1 geen bovenmatig eigen vermogen
Berekening Normatief eigen vermogen: 1.355.350 860.647 1.866.455 910.531 955.924 9.250.877 647.561
Aanschafwaarde gebouwen Factor (0,5*1,27)= 0,635 (F1) Boekwaarde MVA Boekwaarde gebouwen Uitkomst (F2) Totale baten Bufferfunctie = 0,07 (F3)
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
19
7. Overige kerngegevens jaarbegroting 2025 in meerjarig perspectief tot en met 2029 Schooljaar Aantal leerlingen
2025/2026
2026/2027
2027/2028
2028/2029
2029/2030
2030/2031
Schooljaar Fte's inzet bruto Bestuur Directie OP OOP Totaal Fte's OP volgens geschatte inzetbehoefte Onderwijzend personeel, 1 docent op 20 leerlingen Verschil
2025/2026 Werkelijk
2026/2027 Werkelijk
2027/2028 Begroot
2028/2029 Begroot
2029/2030 Begroot
2030/2031 Begroot
OOP, 1 op 50 leerlingen Verschil
798
1,0000 4,1200 43,2500 22,4000 70,7700
798
1,0000 4,1200 43,2500 19,0100 67,3800
817
1,0000 4,1200 43,2000 18,8900 67,2100
822
1,0000 3,5200 42,9000 18,9900 66,4100
848
1,0000 3,5200 44,2000 19,2100 67,9300
865
1,0000 3,5200 45,0500 19,5500 69,1200
39,9000 3,3500
39,9000 3,3500
40,8500 2,3500
41,1000 1,8000
42,4000 1,8000
43,2500 1,8000
15,9600 6,4400
15,9600 3,0500
16,3400 2,5500
16,4400 2,5500
16,9600 2,2500
17,3000 2,2500
Rembrandt College Begroting 2026 en raming 2027-2030 Voorstel MR en RvT.xlsx
20