4. Beantwoording technische vragen Programmabegroting 2022 en meerjarenraming 2023-2025
Tekst van het document
Technische vragen Programmabegroting 2022-2025 Programma
1
2
3
Pagina
Samenvatting 17
Programma 1
Programma 3
43, 67, 103
88
Fractie
CU
Vraag Op pagina 17 staat dat extra budget voor de OPOR nodig is en dus is verwerkt in de begroting? Dat gaat vooraf aan de behandeling van het voorstel van de OPOR dat in een volgende vergadering wordt behandeld. Is het juist dat als de gemeenteraad nu budgettair instemt dat de gemeenteraad ook nog geheel vrij is het voorstel OPOR te amenderen, ook in budgettaire wijzigingen?
CU
Pagina 43,67 en 103: Is er een speciale reden dat bij het onderdeel taakvelden betreft Begraafsplaatsen ook het begrip “crematoria(in totaal 5x) vermeld staat? In Veenendaal is er geen crematorium en niet eerder heeft deze benaming in de voorgaande Programmabegrotingen gestaan. Vandaar onze vraag wat is hier de reden voor?
CU
Herijking van de lokale inclusie agenda vinden wij belangrijk. In de begroting worden nog geen concrete voornemens opgeschreven. Heeft het college deze wel? Daarnaast staat er in de huidige inclusie agenda dat het college aandacht heeft voor de toegankelijkheid van stembureaus. Welke maatregelen neemt het college richting de komende gemeenteraadsverkiezingen?
1
Antwoord
Ja, dat is juist.
Gemeenten geven hun geld uit aan een breed scala van deelterreinen, variërend van bijvoorbeeld onderwijshuisvesting, tot de gemeentelijke plantsoendienst of de jeugdzorg. Om te zorgen dat deze uitgaven geaggregeerd kunnen worden en vergeleken kunnen worden tussen gemeenten is een uniforme set van 48 eenheden gedefinieerd. Deze eenheden noemen we de ‘taakvelden’. De omschrijving per taakveld is wettelijk voorgeschreven. Afgesproken is in 2022 de Lokale Inclusie Agenda (LIA) te herijken, zie ook de raads- en commissiekalender. De eerste concrete stap is in 2022 de lokale inclusie agenda te evalueren. In de afgelopen en komende periode worden mogelijk waardevolle initiatieven, signalen en wensen verzameld die bij kunnen dragen aan de evaluatie en herijking van de LIA. Na de evaluatie volgt de daadwerkelijke herijking die medio 2022 wordt opgeleverd. Sinds een paar jaren zijn wij verplicht om te voldoen aan de toegankelijkheidscriteria vanuit het ministerie. Elk stembureau voldoet aan de voorwaarden. Daarnaast hebben wij ons voor de gemeenteraadsverkiezingen 2022 opgegeven voor de pilot “toegankelijk stemmen voor mensen met een verstandelijke beperking”. Op het moment van schrijven is nog niet bekend of de gemeente Veenendaal geselecteerd is. Los hiervan zijn er wel ideeën om lokaal deze specifieke doelgroep extra te betrekken.
De totale kosten voor de organisatie worden geraamd op € 10.000. Een specificatie is onderstaand gegeven, uitgaande van 250 personen:
4
Financieel Kader
11
ProVeenendaal
5
Financieel Kader
17
ProVeenendaal
Marketing en communicatie : € 1.000,Tijdregistratie : € 1.500,40 Vrijwilligers (o.a. verkeersregelaar) : € 1.000,Consumpties : € 3.750,Prijzen : € 250,Geluid : € 500,EHBO : € 500,NK: Wielrennen: Kan aangegeven waaruit de kosten zijn Vergunning (opnemen in de totale vergunning) : € opgebouwd? Met andere woorden kan het heet voor de 100,helft van dit bedrag gerealiseerd worden? Verzekering : pm Klein materiaal : € 400,Onvoorzien : € 1.000,Totaal : € 10.000,De organisatie van dit NK moet opgepakt worden binnen de organisatie van de stichting Veenendaal – Veenendaal. De stichting heeft zijn medewerking toegezegd. Een werkgroep moet worden gevormd. Vanuit de organisatie is aangegeven dit niet voor de helft van het bedrag te doen. Er wordt wel gekeken naar een deelnemersbijdrage om meer inkomsten te genereren. De data top 15 is vereist door het Rijk. Deze informatie is noodzakelijk om in de toekomst mobiliteit verder te digitaliseren en daarmee zelfrijdend vervoer mogelijk te maken. Voor Veenendaal betekent dit dat eerst capaciteit en middelen noodzakelijk zijn om de 'basis digitaal op Data Top 15: Structureel wordt er een bedrag geraamd van orde' te krijgen, en later om deze basis op orde te 221.634 : Graag zien we hiervan de onderbouwing en houden. Voorbeeld hiervan betreffen de waarom niet een eenmalig bedrag maar structureel.
Graag (meer)kosten van beheer en onderhoud voor de een uitgebreide toelichting. Wordt hier niet erg ruim iVRI. Deze worden aanzienlijk hoger (circa € begroot? 60.000) ingeschat dan bij de huidige conventionele apparatuur. Daarnaast zijn structureel extra inspanningen noodzakelijk aan onderzoeken en inspecties om de data actueel te houden. Hiervoor is ook capaciteit (€100.000) nodig die de aanwezige data bij elkaar kan brengen, te analyseren en waar nodig aanpassingen te doen.
2
6
7
8
87
ProVeenendaal
We versterken het netwerk rondom vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties. Hoeveel geld is er binnen deze begroting gereserveerd om het netwerk te versterken in 2022? - Hoeveel geld zou daarvoor benodigd zijn? - Op welke manier kan het netwerk worden verstrekt naar mening van dit college?
--
--
ProVeenendaal
Heeft de gemeente een subsidie coördinator in huis welke de verschillende beleidsterrein helpt om de financiering rond te krijgen? Laten we als gemeente nog te veel geld liggen en zo ja op welke specifieke terreinen?
Weerstandsvermogen
111
ProVeenendaal
Onbenutte belastingcapaciteit: Er blijkt 3,3 onbenutte capaciteit te zijn. Is deze capaciteit vrij besteedbaar? Wat zou het betekenen wanneer deze ingezet zou worden?
Thema VIII
3
Op dit moment evalueren wij het vrijwilligersplatform. Op basis van deze resultaten gaan we het vrijwilligersplatform doorontwikkelen. Gedacht wordt om een maatschappelijk netwerk op te zetten. Organisaties kunnen lid worden en tijdens bijeenkomsten elkaar leren kennen en netwerken. De kosten voor het opzetten hiervoor ligt het eerste jaar rond de €7.000,- en de tweede jaar daarop rond de €6.000,-. De verwachting is dat het daarna voldoende zelfstandig kan draaien zonder financiën vanuit de gemeente. We zien een toename aan aanvragen. Op dit moment passen de aanvragen net binnen het beschikbare budget. Het is nog onzeker of dit in de toekomst ook het geval is. Er worden projecten zoals de hulplijn gestart waar mogelijk ook een structureel budget voor nodig is. Jaarlijks kunnen vrijwilligersorganisatie een beroep doen op de subsidieregeling vrijwilligerswerk en informele zorg. Wij zien dit jaar een toename aan aanvragen in vergelijking met vorig jaar. Er wordt meer subsidie aangevraagd, er worden nieuwe projecten aangevraagd en nieuwe organisaties vragen subsidie aan. Nee, die heeft de gemeente nog niet in huis, daarmee is ook nog niet overall inzichtelijk of wij geld laten liggen. In de Kadernota 2022-2025 is 1 fte voor een subsidioloog opgenomen.
De onbenutte belastingcapaciteit is het verschil tussen de belasting die nu wordt geheven en het bedrag wat theoretisch mogelijk is op basis van de circulaires van het gemeentefonds. Dit bedrag is vrij besteedbaar als de gemeentelijke belasting wordt verhoogd. Ter indicatie: Indien deze onbenutte capaciteit wordt ingezet betekent dit een verhoging van de OZB tarieven met 23%.
9
Financieel Kader
10
Financieel kader
11
Financieel Kader
8
8
15
CDA
Er wordt uitgegaan van een loonstijging van 1,8% per jaar en een prijsstijging van 1,5% per jaar; Vervolgens wordt gesteld dat er een index van 2,2,% wordt aangehouden voor het Sociaal Domein, zijnde het gemiddelde van de loon- en prijsstijging. Dit is echter 1,65%. Waaruit bestaat de overige 0,55%?
CDA
Is het gehanteerde kader bij de begrotingen 2020 en 2021 realistisch gebleken? Wat waren de afwijkingen realisatie versus kader en hoe zijn deze ervaringen in dit kader meegenomen?
CDA
De extra bijdrage voor de jeugdzorgproblematiek bedraagt op basis van 100% afgerond € 6 miljoen in 2022. Op basis van 75% is de bijdrage in 2023 € 3,6 miljoen, € 3,3 miljoen in 2024 en € 2,9 miljoen in 2025. Worden deze bedragen ook daadwerkelijk gereserveerd voor de jeugdzorgproblematiek?
4
Voor het sociaal Domein is evenals in de afgelopen jaren in de uitgangspunten voor de begroting een afzonderlijke index voor loon- en prijsstijging opgenomen. Op basis van de nog af te sluiten CAO's wordt een hogere stijging van de kosten verwacht dan de algemene loonstijging van 1,8% en prijsstijging van 1,5%. Vooralsnog is de indexering van 2,2% van de begroting 2021 aangehouden. De gehanteerde kaders bij de Programmabegrotingen 2020 en 2021 zijn gebaseerd op de beschikbare en meest actuele informatie ten tijde van het opstellen van deze begrotingen. Gedurende het jaar vinden allerlei ontwikkelingen plaats die van invloed zijn op deze begrotingen en realisaties, waardoor afwijkingen ontstaan. Deze afwijkingen maken onderdeel uit van de bestuursrapportages en Jaarstukken. De structurele afwijkingen vanuit deze documenten worden meegenomen in een volgende Kadernota dan wel Programmabegroting. De in de vraag genoemde extra middelen van het Rijk voor jeugdhulp voor de periode 2022-2025 worden niet gereserveerd maar wel besteed binnen de Jeugdzorg. Dat gebeurt door het bedrag aan de algemene middelen toe te voegen en daarmee vervolgens de tekorten mee te dekken.
12
Financieel Kader
15
CDA
13
Financieel kader
17/31
CDA
De gevolgen van de herijking van het gemeentefonds zijn nog onzeker. De minister heeft dit jaar het oorspronkelijke voorstel voor de herverdeling aangepast en het huidige voorstel is voor advies naar de Raad voor het Openbaar Bestuur gestuurd en daarna wordt het ter consultatie naar de VNG gezonden. Inmiddels zijn er op basis van dit voorstel meerdere (voorlopige) uitkomsten door het ministerie berekend. Deze uitkomsten zijn erg aan schommelingen onderhevig. Wij begrijpen dat provincie in haar ‘Circulaire Daarbij dient gemeld te worden dat deze uitkomsten begrotingsrichtlijnen en toetsingsaspecten 2022’ aangeeft gebaseerd zijn op oude jaren (het laatste overzicht het zeer voorbarig te vinden om op dit moment al rekening is gemaakt op basis van de gegevens uit 2019), te houden met de mogelijke uitkomsten van de waarbij is afgesproken dat de uiteindelijke verdeling herverdeeleffecten. Op welke gronden is het op basis van actuele gegevens (naar verwachting voorzichtigheidsbeginsel voor Veenendaal vertaald naar 2023) zal zijn. Onduidelijk zijn op dit moment een bedrag van € 500.000,-? derhalve de invoeringsdatum (een nieuw kabinet moet zich daarover buigen), de mogelijke wijzigingen als gevolg van het advies van de ROB en de VNG en de gevolgen van de herrekening naar actuele gegevens.
Daarom hebben we ervoor gekozen om de reeds geraamde stelpost van € 500.000 vooralsnog structureel in de begroting te handhaven en de hoogte van deze stelpost nader te beoordelen zodra meer duidelijkheid vanuit het Rijk beschikbaar is. Dit betreft werkzaamheden die voorheen uit een Het is begrijpelijk dat in deze fase de reserve onderhoud investering konden worden gedekt, maar die nu, op wegen extra wordt aangevuld. De eenmalige storting basis van de BBV-voorschriften niet meer kunnen bedraagt 1,7 miljoen. Wat wordt het structureel begrote worden geactiveerd. Tijdens de beeldvormende (jaarlijkse) bedrag? Is dit de 250k die genoemd is op pagina avond van 28 september is aangegeven dat het 31? Zo ja, wat houdt de “grotere inspanning” op de langere vanaf 2026 gewenst is een voorziening in te stellen termijn in en op welke wijze wordt deze inzichtelijk voor dit asfaltonderhoud, met een jaarlijkse dotatie gemaakt? (denkend aan de informatieavond over de van € 1,37 miljoen. Deze voorziening en de OPOR). noodzakelijke dotaties worden betrokken bij de afwegingen rondom de kaderbrief/nota 2023-2026.
5
14
15
16
17
Financieel kader
Opgave Sociaal Domein
22
26
Fysieke Leefomgeving : Herinrichting 32 Duivenweide en Kerkewijk
Fysieke Leefomgeving : Thema II 38 Openbare Ruimte
CDA
Hoe verhoudt de eerste tabel op pagina 22 en de eerste tabel van pagina 23 zich met de extra bijdrage van het rijk voor de jeugdzorgproblematiek van pagina 15?
CDA
Hier is te lezen: In 2021 zijn voor het jeugddomein vanuit Den Haag extra middelen toegezegd. Die middelen zijn een welkome compensatie op de steeds (landelijk) stijgende uitgaven. De gekozen koers van normaliseren en afschalen waar mogelijk houden we vast. Wat wordt bedoeld met compensatie in deze zin? Betreft dit compensatie voor de extra investeringen voor in de jeugdzorgproblematiek over de afgelopen jaren? (zie vraag 2). Zo ja, hoe verhoudt deze zich tot de extra bijdrage van het rijk?
CDA
Er wordt een bedrag van € 970k opgenomen voor Herinrichting Duivenweide en Kerkewijk. Daarnaast ligt er een plan voor Theater Lampegiet. Betreft deze herinrichting de onmiddellijke omgeving van het theater? M.a.w. zijn er bij de investeringen die te verwachten zijn m.b.t. het theater nog te verwachten kosten voor de buitenruimte, of zijn deze hierin meegenomen?
CDA
Er is deze periode fors geïnvesteerd in het kwaliteitseisen van de openbare ruimte. Waarom is niveau B nog niet behaald en op welke termijn wordt dit resultaat wel verwacht?
6
Op pagina 15 wordt een overzicht gegeven van de extra rijksmiddelen voor jeugd. Op pagina 22 en 23 is een overzicht met de maatregelen om de begroting 2021- 2024 sluitend te maken weergegeven. In de tekst hieronder wordt toegelicht hoe hier in relatie tot de extra middelen van het Rijk in de begroting 2022 en de meerjarenraming 2023 2025 op is geanticipeerd. Op pagina 23 en 24 is de doorrekening van de lasten van de jeugdzorg 2022 - 2028 weergegeven, dit omdat ook de extra rijksmiddelen in deze periode worden afgebouwd. Met compensatie in deze zin wordt de dekking van de kosten van jeugdhulp bedoeld. De extra middelen hebben geen betrekking op de afgelopen jaren, maar deze gaan over de periode 2021 2028. Veenendaal heeft in de afgelopen jaren jaarlijks 3,6 mln. uit de algemene middelen in jeugdhulp geïnvesteerd. Voor 2022 is extra 1,5 mln. nodig om de lasten te dekken. Hiermee komt de gemeentelijk bijdrage op 5,1 mln. De extra middelen zijn dan ook een welkome bijdrage om de gestegen lasten te dekken. Dit bedrag is voor de uitvoering van de door de raad vastgestelde gebiedsvisie Duivenweide en Kerkewijk, en overeenkomstig uw besluit in de aprilraad. Kosten in de buitenruimte die te maken hebben met plan Theater Lampegiet zijn hier niet in meegenomen, maar worden te zijner tijd meegenomen in het investeringskrediet voor het theater. Na vaststelling van het IBP is er d.m.v.
een amendement extra budget beschikbaar gesteld voor het dagelijks beheer en onderhoud en is het budget zoals momenteel beschikbaar voldoende om het areaal op een B-niveau te onderhouden. Echter het terugbrengen van het kwaliteitsniveau daar waar deze onder het B-niveau is gezakt kost zoals aangegeven veel tijd. De schouwrapporten laten zien dat we over het algemeen op ruim voldoende niveau zitten en dat het beheer van een klein deel van het areaal op onderdelen nog kleine verbeteringen vraagt. We zijn op de goede weg om het B-niveau te bereiken. In 2025 verwachten we dit niveau op de meeste onderdelen te behalen.
18
19
Fysieke Leefomgeving : Thema II 38 Openbare Ruimte
Fysieke Leefomgeving : Thema II 39 Openbare Ruimte
CDA
In het kader van de SPV is een subsidie aangevraagd. Wat is de hoogte van het aangevraagde subsidiebedrag? Voor welke specifieke verkeerspunten is de subsidie aangevraagd?
CDA
De gemeente Veenendaal draagt met het verduurzamen van de mobiliteit bij aan de doelstellingen uit het ENVprogramma voor 2022-2025. Daarbij wordt het faciliteren van elektrisch rijden genoemd. Wordt hiermee rekening gehouden bij de ontwikkeling van nieuwe woonwijken? Worden direct bij de ontwikkeling van de woonwijk elektrische laadpalen geplaatst?
7
Het aangevraagde, en toegekende, bedrag betreft voor 2021-2022 369.072 en is aangevraagd voor diverse wegen in de woongebieden (30km/uur) waar vanuit meldingen gestaafd met metingen is gebleken dat er te hard gereden wordt. In west (omgeving Nijhofflaan) wordt bijvoorbeeld een deel ingericht als 30km gebied dat nu nog 50km/uur is. Voor nieuwbouw van een bepaalde omvang is in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) een minimumeis opgenomen voor het aantal te realiseren laadpunten en voor de realisatie van mantelbuizen waardoor later vrij eenvoudig extra palen bijgeplaatst kunnen worden. Het gaat in dat geval om semipublieke of private laadpalen. Het (publiekrechtelijk) stellen van extra eisen bovenop het Bbl is niet toegestaan. Wel hanteren we beleidsmatig de ladder van laden waardoor bewoners met parkeergelegenheid op eigen terrein gestimuleerd worden een eigen laadplek aan te leggen. Daarnaast maakt het huidige parkeerbeleid het mogelijk dat een ontwikkelaar een deel van de mobiliteitsvraag oplost met een mobiliteitsplan. Elektrische deelmobiliteit kan daar onderdeel van uitmaken. In dat geval stimuleert het inzetten van een mobiliteitsplan tot het realiseren van extra laadinfrastructuur. Voor publieke laadpalen geldt dat we meedoen in de nieuwe Gelderland/Overijssel concessie.
Deze concessie biedt meer mogelijkheden dan de huidige concessie die uitgaat van het beleid “paal volgt auto”. Binnen de nieuwe concessie kan Veenendaal 19 laadpalen per jaar proactief laten plaatsen (dus zonder dat er een aanvrager/eerste gebruiker is). Deze kunnen bijvoorbeeld worden ingezet in nieuwbouwijken. De laadvisie en het bijbehorende plaatsingsbeleid zullen naar verwachting in december door het college worden vastgesteld. Hierin zal verder ingegaan worden op de gewenste ontwikkelingen op het gebied van de publieke laadinfrastructuur, waaronder de laadinfra in nieuwbouwwijken.
20
Sociale Leefomgeving : Thema V 64 & 81 Onderwijs en Ontwikkeling
CDA
Als gemeente ontvangen we voor de periode 1 augustus 2021 – 31 juli 2023 een specifieke uitkering van € 1.559.778,- . Dit is verwerkt in de 3e bestuursrapportage. Deze uitkering is bedoeld voor “het bieden van mogelijkheden aan gemeenten om in samenwerking met scholen, kinderopvang, (jeugdgezondheids)zorg, bibliotheken en andere lokale partijen activiteiten aan te bieden om de vaardigheden van kinderen op cognitief, executief, sociaal en emotioneel vlak aanvullend te stimuleren”. De achterliggende gedachte is dat COVID-19 gerelateerde onderwijsvertragingen kunnen worden verkleind door vaardigheden op de hierboven vier genoemde ontwikkelingsvlakken te stimuleren. Als gemeente hebben we een kader meegekregen, te weten de Regeling specifieke uitkering inhalen COVID-19 gerelateerde waarom geeft u middelen vanuit het NPO ook uit aan onderwijsvertragingen. We hebben geen overzicht bibliotheek, welzijn en zorg, terwijl de middelen bedoeld zijn van de bedragen die Veense scholen ontvangen. om coronaachterstanden op scholen in te lopen? Om Het past niet bij onze rol dat op te vragen. hoeveel NPO middelen gaat het voor de gemeente? Om Overigens is deze informatie wel terug te vinden op hoeveel gaat het voor de Veense scholen? Welke de site: interventies doen de Veense scholen en op welke wijze https://www.nponderwijs.nl/po-en-vo/bekostiging.
sluit de gemeente hierop aan en omgekeerd welke We zijn bezig met het zicht krijgen op de behoeften interventies doet de gemeente en hoe sluiten scholen van kinderen en de interventies van scholen. Zowel hierop aan? Op welke wijze wordt de raad geïnformeerd de analyse als ook het op te stellen plan om de over deze gemeentelijke interventies en het succes middelen te besteden gaat in samenspraak met hiervan? partners in het veld, zoals het CJG, St. VeensWelzijn, de kinderopvang en uiteraard het onderwijs zelf. Op dit moment is het plan dus nog in ontwikkeling en kan nog niet worden aangegeven waar deze budgetten aan zijn of worden besteed. De raad wordt via de corona-nieuwsbrieven op de hoogte gehouden over de middelen. Het college voert de taak uit binnen de door het Rijk opgestelde richtlijnen en uitgangspunten. Wel is toegezegd dat er een bijeenkomst wordt georganiseerd waarin het onderwijs de raad meeneemt in waar ze staan m.b.t hun plannen. Corona-gelden worden via de reguliere P&C-cyclus verantwoord, daar zullen we deze (geoormerkte) middelen in meenemen. Via de bestuursrapportages wordt de raad op de hoogte gehouden van de inhoudelijke ontwikkelingen met betrekking tot het NPO. 8
21
Sociale Leefomgeving 85 : Thema VII Cultuur
22
Programma Burger en Bestuur
23
Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
90
98
CDA
Op welke wijze wordt vormgegeven aan het onderzoek naar accommodatieknelpunten en onderzoek naar facilitair bedrijf? Wat zijn hiervan de te verwachten kosten?
CDA
Er wordt aangegeven dat er extra ingezet wordt om polarisatie tegen te gaan. In de afgelopen periode is er extra aandacht geweest voor geweld en discriminatie van LHBTI-ers. Op welke wijze en met welke middelen komt gemeente Veenendaal de wettelijk plicht na voor het onderhouden van een onafhankelijke antidiscriminatievoorziening? Kent de gemeente een actieplan met preventie-activiteiten zoals voorlichting die bijdragen aan het voorkomen van discriminatie en hatecrimes richting deze specifieke groep inwoners?
CDA
Voor de jaren 2022, 2023 en 2025 bedragen de begrote beschikkingen 7k. Voor het jaar 2024 bedragen deze 1064k. Waaruit is dit bedrag afkomstig, dan wel opgebouwd?
9
We zullen, conform het vigerend inkoopbeleid, een extern bureau selecteren om een of meerdere onderzoeken uit te laten voeren. De opdracht hiertoe wordt geformuleerd op basis van het kader dat in de Cultuurnota (op met name pagina 25) staat beschreven. In de financiële paragraaf van de Cultuurnota is een jaarlijks onderzoeksbudget opgenomen van € 20.000,- . Op dit moment schatten we in dat een onderzoek naar accommodatieknelpunten en onderzoek naar facilitair bedrijf rond de € 7.000,- tot €10.000,- zal kosten. Mogelijk kunnen de onderzoeken worden gecombineerd. Bij dit onderzoek zullen we externe partijen zoals bijvoorbeeld de Stichting Beheer Cultuurcluster Veenendaal, culturele instellingen en ook verschillende teams van de gemeente betrekken. Als gemeente verstrekken wij een subsidie aan Art. 1 Midden Nederland. Dit is een meld-, advies, en (juridisch) begeleidingspunt voor onze regio. Hiermee voldoen wij aan onze wettelijke verplichting. De gemeente kent verder geen actieplan anders dan de activiteiten van de organisatie Art. 1 Midden Nederland. Wel wordt begin 2022 invulling gegeven aan het verzoek van de raad een campagne tegen straatintimidatie te starten. Meer inzet op en preventieve activiteiten die bijdragen aan sociale cohesie en een inclusieve samenleving vraagt extra capaciteit.
Het verschil in 2024, ad € 1.057.000, betreft de onttrekking aan de algemene reserve van het geraamde begrotingstekort in 2024, zoals dat door uw raad besloten is op 9 november 2020 bij de behandeling van de Programmabegroting 2021 en meerjarenraming 2022-2024.
24
25
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Lokale heffingen
110
157
CDA
CDA
Als risico nr 6 wordt genoemd: Daling gemeentefonds als gevolg van herijking of bezuinigingen voor het terugdringen van de staatsschuld (monitoring ontwikkelingen gemeentefonds). Welke risico’s worden nog ingeschat om deze hier als zodanig op te nemen, mede met het oog op de toelichting op pagina 12 t/m 15. - Hoe verhoudt dit zich met de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport?
Op welke wijze is de landelijke discussie over afschaffing hondenbelasting in de begroting meegenomen?
10
Wij denken hierbij onder meer aan: - De onduidelijkheid over de compensatie van de structurele tekorten in de jeugdzorg vanaf 2023. De beslissing hierover is doorgeschoven naar het nieuwe kabinet; - Het (structureel) schrappen van de opschalingskorting en het afschaffen van het abonnementstarief. Een nieuw kabinet zal ook hierover een besluit nemen; - De discussie over de accresontwikkeling en de wijziging van de normeringssystematiek van het gemeentefonds. Deze ontwikkelingen zijn eveneens afhankelijk van de keuzes van een nieuw kabinet; - De onzekerheid over de uitkering vanuit het BTW compensatiefonds. Deze fluctueert jaarlijks omdat het gebaseerd is op de werkelijke afrekening van het vorige jaar (t-1). We baseren onze raming op basis van de provinciale richtlijn, dat wil zeggen dat we nu structureel rekening houden met het bedrag van de afrekening 2020. Door de systematiek en de ervaringen vanuit de afgelopen jaren zullen de bedragen naar verwachting jaarlijks afwijken van hetgeen nu geprognosticeerd is. Dit is in lijn met de aanbevelingen uit het rekenkamerrapport. De begroting 2022 is opgesteld conform de uitgangspunten zoals verwoord in de Kadernota. In de Kadernota is uitgegaan van voortzetting van de hondenbelasting en een indexatie van 1,5% van de belastingtarieven.
Op basis van de COELO Atlas van de lokale lasten 2021 kan het volgende vergelijk gemaakt worden: Woonlasten voor een 1 persoonshuishouden in 2021 in Veenendaal: € 617 en staat daarmee op plaats 32. Het landelijk gemiddelde is € 737. De laagste bedraagt € 474, de hoogste € 1.390.
26
27
Lokale heffingen
Bestemmings reserves
159
186/187/1 88
CDA
Vergelijking gemeentelijke lasten met andere gemeenten: Hoe pakt deze vergelijking uit bij een 1persoonshuishouden?
CDA
Voor de incidentele lasten van de verkabeling van de hoogspanning is in 2023 en 2024 resp. € 690.000 en € 1.469.000 geraamd. De lasten worden gedekt uit de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning. In 2023 wordt een incidenteel bedrag van € 2.791.000 vanuit de voorziening dubieuze debiteuren precariobelasting overgeheveld naar de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning. Kunt u dit toelichten?
11
De top 10 voordeligste gemeenten ziet er als volgt uit: 1 Aalten 474 2 Vlieland 512 3 Bladel 525 4 Baarle-Nassau 536 5 Alkmaar 536 6 Ooststellingwerf 537 7 Ameland 547 8 Reusel-De Mierden 555 9 Winterswijk 562 10 ’s-Hertogenbosch 568 Naar verwachting kan in 2023 de voorziening dubieuze debiteuren precariobelasting vrijvallen omdat in dat jaar de juridische mogelijkheden om bezwaar te maken tegen de eerder opgelegde aanslagen, zijn vervallen. In 2023 zijn deze mogelijkheden namelijk verjaard. Conform eerdere besluitvorming door uw raad zal het vrijvallende bedrag overgeheveld worden naar de bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning.
28
Voorzieningen
188
CDA
29
Algemeen
-
SP
30
Raadsvoorstel
2
SP
31
Raadsvoorstel
3
SP
32
Raadsvoorstel
4
SP
In de programmabegroting is in het overzicht op pagina 187 (staat van Reserves en Voorzieningen) abusievelijk gebruik gemaakt van de cijfers van de jaren 2021-2024 in plaats van 2022-2025. De mutatie van € 5.588.758 betreft een mutatie uit 2021. Dit betreft inderdaad de terugbetaling aan Stedin. Deze terugbetaling heeft inmiddels plaatsgevonden, zodat de onttrekking aan de voorziening nog in de jaarrekening 2021 verwerkt In 2022 wordt een bedrag van € -5.588.758,- afgeboekt van zal worden. de bestemmingsreserve voorziening dubieuze debiteuren precariobelasting. Betreft dit het bedrag dat wordt verwacht In de bijlage bij de beantwoording van deze dat aan Stedin dient te worden betaald? technische vragen vindt u het overzicht van de staat van Reserves en Voorzieningen met daarin de juiste mutaties van 2022-2025. De geraamde stortingen en onttrekkingen die zijn opgenomen in de programmabegroting bij de programma’s zijn wel correct, waardoor de begrotingsbedragen verder geen aanpassing behoeven. Het betreft alleen het verloopoverzicht van pagina 187 dat aangepast is conform de bijlage. Er worden in de stukken erg veel afkortingen gebruikt. Is er Er is geen lijst met veel gebruikte afkortingen een lijst beschikbaar met alle door de gemeente regelmatig beschikbaar.
gebruikte afkortingen (voor inwoners/raadsleden)? In de inleiding staat, dat: Het raadsprogramma ‘Iedereen doet mee’ leidend is geweest voor het opstellen van deze De inwoners zijn niet direct meegenomen bij het begroting. In de volgende zin worden wel 2 organen opstellen van de programmabegroting. De (gemeente en regio) genoemd, maar niet de grootse groep programmabegroting vormt de neerslag van alle belanghebbenden, de inwoners. Op welke wijze zijn de beleidsontwikkeling, ook waarbij inwoners meegenomen in het opstellen van deze bewonersparticipatie een onderdeel is. programmabegroting? In de zin onder het schema lijkt een tikfout te staan: ‘’Na verwerking van bovenstaande ontwikkelingen resteert een Dit is inderdaad een tikfout. Het moet zijn "€ 28.000 begrotingsoverschot van € 1.191.000,- in 2022 en € in 2023.." 28.000,- in 2022 en ………. ‘’. De 2de keer 2022 moet 2023 zijn, nemen wij aan? Onder het kopje “Wetswijziging woonplaatsbeginsel Jeugd” staat:’’ de woonplaats van de jeugdige zelf is bepalend en niet die van de ouders, maar dat geldt niet als zij onder Meer informatie over de landelijke beleidswijziging voogdij staan.’’ van het woonplaatsbeginsel jeugd is te vinden op https://vng.nl/artikelen/woonplaatsbeginselWaarom geldt dit niet als ze onder voogdij staan? Dit lijkt jeugdhulp.
Binnenkort volgt hier ook informatie van lang niet te gelden voor heel die groep jongeren. Wij op de website van de gemeente. vernemen graag waar wij hierover meer informatie kunnen aantreffen. 12
33
Financiële stand van zaken
8
SP
34
Financiële stand van zaken
8
SP
35
Financiële stand van zaken
13
SP
36
Financiële stand van zaken
14
SP
De loon- en prijsindexcijfers in de Programmabegroting 2022 zijn, conform de bestendige gedragslijn, gebaseerd op de CPBIn hoeverre is de gehanteerde technische parameter van cijfers zoals ze bij de opstelling van de 1,5% voor de te verwachten prijsstijging en de hierop Programmabegroting beschikbaar waren. Mocht op gebaseerde index voor de tarieven van de gemeentelijke basis van actuele ontwikkelingen blijken dat heffingen nu nog realistisch? Denk bijv. aan energieprijzen. bepaalde budgetten door aanvullende Is het doenlijk c.q. relatief eenvoudig om de hele prijsstijgingen ontoereikend zijn, dan wordt u programmabegroting door te rekenen met een prijsstijging hierover geïnformeerd bij de bestuursrapportages. van bijv. 4% om zodoende een indicatie te krijgen van hoe Overigens verwachten we voor 2022 vanwege de erg het fout kan gaan? stijging van de energieprijzen geen budgettair effect omdat de tarieven voor 2022 contractueel vast liggen. Voor het sociaal Domein is evenals in de afgelopen jaren in de uitgangspunten voor de begroting een afzonderlijke index voor loon- en prijsstijging Klopt de opgegeven index voor het Sociaal Domein? De opgenomen. Op basis van de nog af te sluiten genoemde 2,2% is niet het gemiddelde van de loon- en CAO's wordt een hogere stijging van de kosten prijsstijging (1,8 en 1,5%) zoals wordt toegelicht.
verwacht dan de algemene loonstijging van 1,8% en prijsstijging van 1,5%. Vooralsnog is de indexering van 2,2% van de begroting 2021 aangehouden. In de meicirculaire 2021 is de marktontwikkeling ‘’De WOZ-waarden zijn in deze circulaire aangepast aan de tussen 1 januari 2020 en 1 januari 2021 verwerkt. recente waardeontwikkeling.’’ Deze ontwikkeling is gebaseerd op informatie vanuit de Waarderingskamer. Voor woningen is de Welk specifieke recente waardeontwikkeling(smoment) is waardeontwikkeling geschat op 9% en voor nieter gebruikt? woningen op - 0,5%. De in de vraag genoemde extra middelen van het Vanuit de landelijke overheid is er extra geld (bedoeld) voor Rijk voor jeugdhulp voor de periode 2022-2025 de jeugdzorg vrijgegeven voor de gemeenten. Worden worden niet gereserveerd maar wel besteed binnen deze gelden volledig voor jeugdzorg ingezet of ook breder? de Jeugdzorg. Dat gebeurt door het bedrag aan de Indien breder, dan ontvangen we graag een lijst welke algemene middelen toe te voegen en daarmee bedragen er anders ingezet worden en waarvoor. vervolgens de tekorten mee te dekken.
13
37
Financiële stand van zaken
15
SP
38
Financiële stand van zaken
19
SP
De gevolgen van de herijking van het gemeentefonds zijn nog onzeker. De minister heeft dit jaar het oorspronkelijke voorstel voor de herverdeling aangepast en het huidige voorstel is voor advies naar de Raad voor het Openbaar Bestuur gestuurd en daarna wordt het ter consultatie naar de VNG gezonden. Inmiddels zijn er op basis van dit voorstel meerdere (voorlopige) uitkomsten door het ministerie berekend. Deze uitkomsten zijn erg aan schommelingen onderhevig. ‘’ Het aangepast verdeelvoorstel Gemeentefonds geeft voor Daarbij dient gemeld te worden dat deze uitkomsten Veenendaal een verwacht negatief effect van €10,00 per gebaseerd zijn op oude jaren (het laatste overzicht inwoner. Daarom wordt rekening gehouden met een is gemaakt op basis van de gegevens uit 2019), nadelig effect van structureel € 500.000.’’ waarbij is afgesproken dat de uiteindelijke verdeling op basis van actuele gegevens (naar verwachting Waarom met 500.000 euro terwijl 669.912x10,0 (inwoners x 2023) zal zijn. Onduidelijk zijn op dit moment bedrag) toch echt 669.120 euro is? derhalve de invoeringsdatum (een nieuw kabinet moet zich daarover buigen), de mogelijke wijzigingen als gevolg van het advies van de ROB en de VNG en de gevolgen van de herrekening naar actuele gegevens.
Daarom hebben we ervoor gekozen om de reeds geraamde stelpost van € 500.000 vooralsnog structureel in de begroting te handhaven en de hoogte van deze stelpost nader te beoordelen zodra meer duidelijkheid vanuit het Rijk beschikbaar is. Het is aan uw raad om het minimumbedrag van de algemene reserve te bepalen. Vanuit financieel oogpunt dient de hoogte van de algemene reserve minimaal voldoende te zijn om de ingeschatte ‘’ In een eerder stadium heeft de raad het minimumbedrag risico's te kunnen opvangen. Dat is in deze van de algemene reserve bepaald op € 16,5 miljoen.’’ Programmabegroting het geval. Daarnaast wordt geadviseerd om de algemene reserve als buffer Wanneer wordt er opnieuw bekeken of dit bedrag passend beschikbaar te houden voor de ontwikkelingen die is en wanneer wordt dit voorgelegd aan de gemeenteraad? zich in de komende jaren zullen voordoen (o.a. de gevolgen van het onderhoud in de openbare ruimte en de realisatie van een school in Veenendaaloost).
14
39
Financiële stand van zaken
‘’ Zo zien we bijvoorbeeld in 2021 -met name als gevolg van de invoering van het abonnementstarief- een sterke stijging in het aantal klanten Schoonmaakondersteuning.’’ 21
SP Wij ontvangen graag een overzicht van het aantal gebruikers per inkomenscategorie in de afgelopen jaren tot en met 2021.
‘’ Op deze manier proberen we voldoende betaalbare sociale woningbouw en woonvormen met zorg in Veenendaal te behouden en te ontwikkelen’’ 40
Begrotingsprogramma’s
33
SP
1. Op basis van welk afwegingskader wordt er besloten of er ‘’voldoende’’ betaalbare sociale woningbouw is? 2. Hoe wordt dit punt bereikt? 3. Wanneer verwacht de gemeente dit punt te bereiken?
‘’ I.b.1. De komende jaren met name op inbreidingslocaties de juiste typen woningen neer te zetten.’’ 41
Begrotingsprogramma’s
34
SP
Worden hiermee in de meeste gevallen appartementen bedoeld, of moeten we aan een ander type woningen denken in de meeste gevallen? 15
We registreren de inkomens van Wmo-cliënten niet. Dit is wettelijk niet toegestaan. Daarom kunnen we deze vraag niet beantwoorden. Op landelijk niveau zijn er wel cijfers. Deze cijfers zijn al wat ouder. Nieuwere cijfers zullen de komende maanden verschijnen. In de monitor abonnementstarief die is gemaakt in opdracht van het Ministerie van VWS staat een tabel zoals aan het einde van dit document (pag. 24) ingevoegd. Dit zijn cijfers van vóórdat het abonnementstarief ging gelden voor algemene voorzieningen. Hierin is een toename te zien van het aantal cliënten hulp bij huishouden van 2018 op 2019 van 12,7%. Er is sprake van een sterke stijging onder de hoge inkomens. In absolute aantallen is de stijging van het gebruik van hulp bij huishouden ook hoog onder de inkomens tussen € 20.000 en € 50.000 per jaar. Deze trends lijken door te zetten in het hele land, maar de nieuwe monitor is nog niet gepubliceerd. De afwegingskaders zijn hierbij de Omgevingsvisie en het rapport Wonen met zorg in Veenendaal van Companen. Het uitgangspunt in Veenendaal is 30% sociale bouw maar ondertussen is er vanwege de vergrijzing ook een toenemende vraag naar woonvormen met zorg. Initiatiefnemers hebben vaak een commercieel belang wat niet altijd overeenkomt met het algemene belang van de gewenste woningvoorraad.
We werken daarom nauw samen met de zorginstellingen en de corporaties om te beoordelen welke woningen we waar moeten gaan bouwen. Dit is nodig om de resterende paar plekken in Veenendaal de komende jaren zo goed mogelijk te benutten en de 30% te behalen. Afhankelijk van de bestaande omliggende bebouwing wordt bepaald aan welke typen woningen op die plek behoefte is. Vaak zullen dit levensloop- of zorggeschikte woningentypen zijn omdat we die nog veel te weinig hebben. Dit kunnen zowel appartementen als grondgebonden woningen zijn.
42
Begrotingsprogramma’s
34
SP
43
Begrotingsprogramma’s
41
SP
44
Begrotingsprogramma’s
55
SP
45
Begrotingsprogramma’s
62
SP
62
SP
46
Begrotingsprogramma’s Begrotingsprogramma’s
47
62
SP
Uitgangpunt blijft altijd gemiddeld minimaal 30% sociale bouw, waarvan minimaal 2/3 sociale huur. ‘’ I.b.1. De komende jaren met name op inbreidingslocaties Op een plek waar al veel sociale huur staat kan de juiste typen woningen neer te zetten.’’ worden gekozen voor meer koop en/of vrije sector huur, terwijl op een locatie waar nu nog weinig In hoeverre wordt de betaalbaarheid hierin meegenomen? sociale bouw staat extra sociaal zal worden gebouwd. Ons streven is uiteraard om altijd om ‘’ Wat willen we bereiken? verkeersdoden te vermijden (ons streven is nu al 0 II.g. 0 (nul) verkeersdoden in 2050.’’ verkeersdoden). De beleidsdoelstelling van 2050 is overgenomen uit het landelijk actieplan (Strategisch Waarom is er gekozen voor het jaar 2050? Plan Verkeersveiligheid). Dit betreft de branding van Veenendaal via #ditisveenendaal. Door #ditisveenendaal worden ‘’ II.a.2. We zetten Veenendaal op de kaart via het Merk meerdere campagnes per jaar gedraaid. De Veenendaal.’’ gemeente heeft voor #ditisveenendaal in 2021 € 63.000 begroot vanuit het promotiebeleid Daarnaast Is dit #DitIsVeenendaal of een andere (nieuwe) campagne? is dit jaar vanuit het vestigingsbeleid € 30.000 aan En welke bedrag is er gereserveerd voor deze campagne? middelen ingezet. Ook de partners van het Merk Veenendaal dragen bij (dit jaar in totaal € 27.500). Dit wordt jaarlijks bepaald.
Voor 2022 gaat het voor Veenendaal om 78 inburgeringsplichtigen (51 asielmigranten en 27 gezinsmigranten). Renswoude Voor hoeveel inburgeraars moet de procesregisseur per en Rhenen zijn voornemens om de uitvoering van jaar een persoonlijk plan maken? de Wet inburgering 2021 bij Veenendaal neer te leggen. Voor 2022 gaat het voor die gemeenten om in totaal 31 inburgeraars (24 asielmigranten en 7 gezinsmigranten). “Het stelsel biedt de mogelijkheid...” Het inburgeringsstelsel. welk stelsel wordt hier bedoeld? De sociale basis bestaat uit wat bewoners voor elkaar kunnen doen en de meer professionele, georganiseerde basisvoorziening. Dit begrip staat ook in het Integraal Beleidskader Sociaal Domein “... met de sociale basis een ketensamenwerking op te (IBK). De gemeente kent diverse informele en bouwen...” formele partners die dienstverlening bieden aan inburgeraars (niet altijd specifiek vanwege deze Wat is 'de sociale basis' en hoe ziet zo'n status). Vanaf 1 januari 2022 bouwen we samen 'ketensamenwerking' er uit? met deze partners aan een samenwerking, waarbij we de dienstverlening op elkaar afstemmen en open afschalen waar nodig. Dit kan vanaf 1 januari 2022 omdat dan de regie naar de gemeente komt.
16
Begrotingsprogramma’s
48
66
SP
‘’Veenendalers nemen meer deel aan de samenleving, en daarom wil het college een verhoging van 25% van het aantal ondernemers dat is aangesloten bij de minimaregeling.‘’ Hoe sluit het college deze ondernemers aan?
Begrotingsprogramma’s ‘’ii.a doorlopende lijn arbeidsparticipatie, ii.a.1 vereenvoudiging en verbetering;’’ 49
68
SP Dit is niet SMART geformuleerd. Hoe zien die doorlopende lijn en die vereenvoudiging en verbetering eruit?
Begrotingsprogramma’s
‘’ii.b de samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt is versterkt.’’ 50
68
SP Hoe ziet die versterking eruit? Wat schort er momenteel aan die samenwerking?
17
Er is een lijst opgesteld met alle relevante ondernemers en verenigingen binnen Veenendaal, Rhenen en Renswoude. Deze lijst is op basis van historische declaraties en lokale wensen opgedeeld in 2 categorieën. De eerste categorie heeft reeds een brief van de gemeente ontvangen met informatie over de Veenendaalpas. Vervolgens krijgen ze van de aanbodmanager van Intermediad (de uitvoerend partij) een informatiepakket en wordt er proactief contact met hen opgenomen. Gelijktijdig volgt er informatie via de communicatiekanalen van ondernemers en verenigingen zoals Chainels, Winkelstad Veenendaal, winkeliersverenigingen sportservice Veenendaal, etc. Na de eerste categorie worden begin november de overige ondernemers en verenigingen via dezelfde systematiek benaderd. Dit gebeurt in twee stappen zodat de ondernemers actief benaderd kunnen worden en we een evenwichtige verdeling binnen de categorieën kunnen bewerkstelligen. We willen de ontwikkeling die we in 2021 hebben ingezet met de pilot DOOR van simpel switchen van (arbeidsmatige) dagbesteding naar werk en andersom wanneer de situatie daarom vraagt, verder uitwerken. Dat heeft betrekking op de (juridische) processen en samenwerking vanuit E&W en Wmo maar ook extern met werkgevers, dagbestedingsorganisaties en IW4. Uiteindelijk moet dat ertoe bijdragen dat inwoners gemakkelijker stappen kunnen zetten in de participatieketen.
We zien dat er meer initiatieven zijn en worden ontwikkeld waarin deze samenwerking is gezocht. Voorheen gebeurde dit meer gefragmenteerd en ad-hoc. We zien nu een meer gestructureerde en inhoudelijke samenwerking. Meest recent is de (lokale) ontwikkeling binnen de curricula van zowel primair als voortgezet onderwijs om wetenschap en techniek een plek te geven. Hierbij wordt de afstemming en samenwerking met het bedrijfsleven, i.c. de arbeidsmarkt gezocht en gevonden. Daarnaast is het initiatief van de BOV om begin 2022 jongerenbedrijvendagen te organiseren een mooi voorbeeld van een goede samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt.
Begrotingsprogramma’s 51
68
SP
73
SP
76/77
SP
76/77
SP
Begrotingsprogramma’s
52
Begrotingsprogramma’s
53
Begrotingsprogramma’s 54
Dit wordt jaarlijks bepaald. Voor 2022 gaat het in totaal om 75 asielmigranten en 34 gezinsmigranten. Asielmigranten krijgen een intensievere begeleiding dan gezinsmigranten. Tot 1 januari 2022 is er geen Hoeveel inburgeringsplichtigen begeleiden we nu naar wettelijke taak om inburgeraars te begeleiden. Tot 1 taalles, en hoeveel moeten dit er worden? januari 2022 geldt er ook geen beleidsdoel t.a.v. het taalniveau. Dat geldt wel vanaf 1 januari 2022. Door signalen uit de uitvoering weten we dat er situaties zijn waar begeleiding wordt ingezet terwijl behandeling passender is. Dit heeft vaak te maken met wachtlijsten voor behandeling. Dit is situatieafhankelijk en kan per cliënt verschillen. Zoals in de tweede bestuursrapportage 2021 ‘’Het aantal meerderjarigen dat begeleiding ontvangt waar gemeld is weten we op dit moment nog niet hoeveel behandeling passender is, is afgenomen.’’ meerderjarigen nu begeleiding ontvangen terwijl behandeling passender is. Hier is nader onderzoek Om hoeveel meerderjarigen gaat het nu, en hoeveel voor nodig. De nadruk heeft tot nu toe echter moeten dit er worden? gelegen op het verwerken van het toenemende aantal ondersteuningsvragen. Inmiddels loopt er een oriëntatie en willen we in 2022 samen met Veens Welzijn aanbod gaan ontwikkelen om inwoners die op de wachtlijst staan voor GGZ-behandeling te ondersteunen.
Wij sturen actief op afspraken met de samenwerkingspartners en monitoren hierop. De ‘’ic.c.1 Het CJG en de huisartsenpraktijken geven uitvoering afspraken zijn opgenomen in de prestatieafspraken aan...”’’ van het CJG. Het CJG en de gemeente rapporteren in de effectmonitor over de voortgang. De gemeente Dit staat onder het kopje ‘’wat gaan we doen.’’ Maar dat is is waar mogelijk en noodzakelijk aanwezig bij niet 'we', dat zijn externe partijen. Wat gaat de gemeente bijeenkomsten in het kader van de samenwerking. doen? Wij evalueren de samenwerking jaarlijks. Halverwege 2022 is de evaluatie gepland. Wij sturen actief op afspraken met de samenwerkingspartners en monitort hierop. De afspraken zijn opgenomen in de prestatieafspraken ‘’iv.e.1 Het CJG stuurt...” van het CJG. Het CJG en de gemeente rapporteren in de effectmonitor over de voortgang. De gemeente Wat gaat de gemeente doen? is waar mogelijk, gevraagd en/of noodzakelijk aanwezig bij bijeenkomsten in het kader van de samenwerking. ‘’ii.c.1 we begeleiden meer inburgeringsplichtigen naar taalles op b1 niveau.’’
18
Begrotingsprogramma’s
‘’iv.f.1 in 2023 versterken we de samenhang...” 55
76/77
SP
Hoe sterk is de samenhang nu, en hoe sterk moet deze worden?
Begrotingsprogramma’s
‘’iv.f.2 ...is gewerkt aan een aantal inspanningen...” 56
76/77
SP
78
SP
Hoeveel inspanningen? Welke inspanningen? In hoeverre is eraan gewerkt?
Begrotingsprogramma’s ‘’v.a Het aantal laaggeletterde inwoners daalt” 57
Met hoeveel?
19
Op beleidsniveau kan men elkaar goed vinden. Ook de sleutelfiguren voor het onderwijs en de jeugdhulp kunnen elkaar vinden. Elke school een vast contactpersoon bij het CJG. In 2022 zijn procesevaluaties door het samenwerkingsverband passend onderwijs, CJG en de gemeente ingepland om de samenwerking te verstevigen en te verbeteren. Naast de ontwikkeling van de focusagenda Onderwijs en Jeugdhulp is er ook behoefte aan een efficiëntere overleg/ en besluitvormingsstructuur ten aanzien van jeugdhulp en onderwijs. De overlegstructuren werken in de eigen domeinen goed maar de transformatieopgave ligt juist in het verbinden van deze werelden en mag daarom in samenhang versterkt. Veenendaal werkt aan inspanningen die in het preventieakkoord en het Koersplan CJG zijn opgenomen. De voorgestelde lokale inspanningen zijn onder andere: Kansrijke Start, tegengaan van verslaving, lokale agenda onderwijs-jeugdhulp. De voorgestelde regionale inspanningen zijn onder andere: leren van de schoolpilots en koppeling tussen de data onderwijs en jeugdhulp. Eind november 2021 wordt in het Op Overeenstemming Gericht Overleg (OOGO) hierover besloten. Via de bestuursrapportages wordt de raad op de hoogte gehouden van de inhoudelijke ontwikkelingen met betrekking tot de uitvoering focusagenda onderwijsjeugdhulp. Het aantal onderwerpen op het snijvlak van onderwijs-jeugdhulp is groot.
In november 2021 wordt naar verwachting een regionaal uitvoeringsplan vastgesteld (2021-2024), hierin is opgenomen 1) Het bereik onder de NT1 doelgroep neemt tot 2024 toe met 25% ten opzichte van 2017-2020 2) Het aantal deelnemers aan NT1-trajecten (formeel en informeel) neemt in de periode 20202023 toe met 25%
Begrotingsprogramma’s
58
78
SP
‘’ v.b Het aantal voortijdig schoolverlaters en thuiszitters is afgenomen” Met hoeveel?
59
Begrotingsprogramma’s
91
SP
Mbt i.a.1 Wat wordt er naast het klanttevredenheidsonderzoek gedaan om bereikbaarheid en toegankelijkheid te meten?
20
Procentueel gaat het al jaren om ongeveer 1,5%. Dit betekent dat jaarlijks ongeveer 1,5% van het aantal onderwijsdeelnemers in de regio Vallei uitvalt als voortijdig schoolverlater. Voor 2022 verwachten we dat het percentage op 1,4% uit komt. Het percentage kan lager of hoger uitvallen maar dat wordt onderbouwd na de analyse van de cijfers over 2020-2021 die in maart 2022 vrijkomen. Met die analyse kan de uitstroom verklaard worden. In het VSV-programma 2020-2024 zijn acties uitgezet om het aantal VSV-ers in de regio Vallei gedurende die periode verder terug te brengen. Het jaarverslag Leerplicht wordt u in de raadsvergadering van november 2021 ter informatie aangeboden. Naast het jaarlijks klanttevredenheidsonderzoek voor balie (aanvragen en uitreiken) en telefonie vindt geen andere meting in opdracht van team KCC plaats. De gehouden metingen waren representatief en waar nodig zijn verbeteringen doorgevoerd. Indien gegrond werden tussentijdse aanpassingen gedaan op aangeven van klanten, instanties of ondernemers. Het monitoren van onze communicatiemiddelen en -kanalen zoals nieuwsbrieven, social media en de website wordt in opdracht van team Communicatie uitgevoerd.
In 2020 was het percentage externe inhuur 14,66%.
60
Begrotingsprogramma’s
108
SP
1. We ontvangen graag de percentages van de afgelopen vijf jaar. Voor 2021 en 2022 is het nog niet bekend. 2. Op welke wijze gaat de gemeente inzetten om het percentage te laten dalen en mogelijkerwijze onder de Roemernorm (Momenteel enkel geldend voor provincies en ministeries) van 10% te laten komen?
‘’ Wegen en kunstwerken’’
61
Begrotingsprogramma’s
115/116
SP
Er staat een nette opsomming van alle zaken die levensduur verlegend worden opgepakt rondom de wegen. Welke levensduur verlenende onderhoudsmaateregelen worden er in 2022 genomen voor de kunstwerken? We ontvangen graag een vergelijkbare soort lijst voor de kunstwerken.
21
1. Op grond van de gemeentelijke jaarrekeningen bedroeg het percentage externe inhuur in de afgelopen jaren (vanaf 2017): 2017 13,7 %; 2018 14,6 %; 2019 13,2 %; 2020 14,7 %; 2. Het beleid van de gemeente Veenendaal is om de inhuur beperkt te houden. De aanvragen voor inhuur worden dan ook kritisch beoordeeld en integraal afgewogen. De inhuur wordt vooral ingezet op taken waarvoor de deskundigheid niet in huis is en voor (zeer) tijdelijke taken. Uiteraard speelt de arbeidsmarkt (voor overheidspersoneel) daarbij ook een belangrijke rol. De laatste jaren is gebleken dat voor diverse functies sprake is van een buitengewone krapte op de arbeidsmarkt waardoor inhuur bij vacatures niet te vermijden is. Voor 2022-2023 is het volgende opgenomen: In voorbereiding: Vervangen brug Pionier t.b.v. optimalisatie fietsonderdoorgang, groot onderhoud asfaltverhardingen en reconstructie kruising Hoornzwaluw. Voor de overige kunstwerken staat alleen (planmatig) onderhoud gepland.
62
Bijlagen
163
SP
Nog maar 50% van de aanvragen voor een kwijtschelding worden toegekend. Graag ontvangen wij een lijst waarin overzichtelijk te vinden is wat de meeste voorkomende afwijzingsgronden zijn.
Tabel horende bij vraag 39:
22
Voor het toepassen van Kwijtschelding zijn slechts 3 gronden mogelijk. De gemeente bekijkt of belastingplichtige: 1. inkomen op of onder bijstandsniveau heeft; 2. een auto bezit die minder waard is dan € 2269,00; 3. minder vermogen heeft dan € 2269,00. Dit wordt in het proces van verwerking vastgelegd. Het proces voor kwijtschelding kent 2 routes: 1. een belastingplichtige vraagt kwijtschelding aan via onze website https://www.veenendaal.nl/belasting-envergunningen/kwijtschelding-belastingen waar hij moet inloggen met DigiD. Indien een inwoner onvolledige aanvragen indient volgt een verzoek voor aanvulling. 2. Op basis van bestaande, beschikbare informatie wordt automatisch kwijtschelding verleend aan inwoners die daarvoor in aanmerking komen. In 2021 heeft de gemeente een nieuwe belastingapplicatie ingevoerd. Nog niet alle benodigde rapportages zijn al beschikbaar. Als gevolg hiervan zijn de cijfers van 2021 en afwijzingsgronden niet beschikbaar.
Tabel horende bij vraag 28: Stand en verloop van reserves en voorzieningen 2022-2025 Saldo
M utaties
Saldo
M utaties
Saldo
M utaties
Saldo
M utaties
Saldo
1-jan-22
2022
1-jan-23
2023
1-jan-24
2024
1-jan-25
2025
1-jan-26
ALGEMENE RESERVES Algemene reserve
19.909.066
245.692
20.154.758
559.309
20.714.067
-833.209
19.880.858
616.203
20.497.061
Risicoreserve grondexploitaties
7.116.645
0
7.116.645
-2.000.000
5.116.645
0
5.116.645
0
5.116.645
Totaal algemene reserves
27.025.711
245.692
27.271.403
-1.440.691
25.830.712
-833.209
24.997.503
616.203
25.613.706
Bestemmingsres. meerjarige middelen
888.172
-175.000
713.172
-130.000
583.172
-130.000
453.172
0
453.172
Egalisatiereserve bouw leges
834.342
0
834.342
0
834.342
0
834.342
0
834.342
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Reserve mobiliteit
833.140
-66.050
767.090
-66.710
700.380
-67.380
633.000
-67.380
565.620
Bestemmingsreserve bedrijfsvoering
696.507
0
696.507
0
696.507
0
696.507
0
696.507
Reserve kosten juridische advisering
-105
0
-105
0
-105
0
-105
0
-105
Reserve egalisatie Rembrandt College
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Bestemmingsreserve Sociaal Domein
0
0
0
0
0
0
0
0
0
623.565
18.906
642.471
18.906
661.377
18.906
680.283
18.906
699.189
BESTEMMINGSRESERVES
Reserve Breedtesport
Reserve parkeren Reserve Onderw ijs Reserve onderhoud w egen Reserve sloop Rozenbottel Egalisatiereserve verkiezingen Egalisatiereserve afvalverw ijdering en -verw erking
0
0
0
0
0
0
0
0
0
1.212.940
1.699.281
2.912.221
-14.999
2.897.222
-14.999
2.882.223
-14.999
2.867.224
0
0
0
0
0
0
0
0
0
256.608
-66.650
189.958
-33.630
156.328
9.672
166.000
9.672
175.672 1.068.199
1.387.754
-629.866
757.888
29.121
787.009
123.148
910.157
158.042
Reserve verslavingszorg
43.139
0
43.139
0
43.139
0
43.139
0
43.139
Reserve sociale w erkvoorziening
649.140
0
649.140
0
649.140
0
649.140
0
649.140
Bestemmingsreserve Precariobelasting
335
0
335
0
335
0
335
235.590
235.925
Reserve reconstrucie Zuivelstraat
286.282
0
286.282
0
286.282
0
286.282
0
286.282
Project Nieuw Wonen (geen kap.lasten)
98.623
0
98.623
0
98.623
0
98.623
0
98.623
Reserve dekking kap.lasten investeringen
29.103.886
-1.715.668
27.388.218
409.756
27.797.974
-1.553.695
26.244.279
-1.553.695
24.690.584
Bestemmingsreserve Starters- en Blijversleningen
1.646.497
0
1.646.497
0
1.646.497
0
1.646.497
0
1.646.497
Reserve aanloopverliezen Stichting Ontmoetingshuis
126.269
0
126.269
0
126.269
0
126.269
0
126.269
0
0
0
0
0
0
0
0
0
2.000.000
0
2.000.000
0
2.000.000
0
2.000.000
0
2.000.000
Reserve beeldende kunst
10.280
0
10.280
0
10.280
0
10.280
0
10.280
Bestemmingsreserve verkabeling hoogspanning
28.523
0
28.523
2.100.732
2.129.255
-1.469.000
660.255
0
660.255
Reserve ontw ikkelfonds bedrijfsverplaatsingen
2.000.000
0
2.000.000
0
2.000.000
0
2.000.000
0
2.000.000
522.054
-50.000
472.054
-57.115
414.939
-89.507
325.432
-325.097
335
Totaal overige bestemmingsreserves
43.247.950
-985.047
42.262.903
2.256.061
44.518.964
-3.172.855
41.346.109
-1.538.961
39.807.148
Totaal reserves
70.273.661
-739.355
69.534.306
815.370
70.349.675
-4.006.064
66.343.612
-922.758
65.420.854
Rozenbottel
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Wachtgelden vm w ethouders
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Pensioenverplichtingen vm. w ethouders
4.460.774
-77.600
4.383.174
-77.600
4.305.574
-77.600
4.227.974
-77.600
4.150.374
Voorziening dubieuze debiteuren precariobelasting
2.790.732
0
2.790.732
-2.790.732
0
0
0
0
0
Subtotaal voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
7.251.506
-77.600
7.173.906
-2.868.332
4.305.574
-77.600
4.227.974
-77.600
4.150.374
Onderhoudsvoorziening gem.gebouw en
5.226.497
1.175.162
6.401.659
1.193.084
7.594.743
1.211.002
8.805.745
1.211.002
10.016.747
Subtotaal onderhoudsegalisatie- voorzieningen
5.226.497
1.175.162
6.401.659
1.193.084
7.594.743
1.211.002
8.805.745
1.211.002
10.016.747
Sociale w oningbouw (BWS)
1.606.569
-244.280
1.362.289
-244.280
1.118.009
-244.280
873.729
-244.280
629.449
Voorziening riolering
4.100.574
231.511
4.332.085
110.930
4.443.015
64.857
4.507.872
64.857
4.572.729
Subtotaal voorzieningen door derden beklemde middelen met een specifieke aanwendingsrichting
5.707.143
-12.769
5.694.374
-133.350
5.561.024
-179.423
5.381.601
-179.423
5.202.178
Totaal voorzieningen
18.185.145
1.084.793
19.269.938
-1.808.598
17.461.340
953.979
18.415.319
953.979
19.369.298
88.458.806
345.438
88.804.244
-993.228
87.811.016
-3.052.085
84.758.931
31.221
84.790.152
Reserve w achtgeldverplichtingen liquidatie WMMN Bestemmingsreserve leefbaarheid verbreding Rondw eg-oost
Egalisatiereserve begraafplaatsen
VOORZIENINGEN
Generaal totaal
23