CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-2025 - ontwerp programmaplan

Gemeenteraad 24 juni 2021, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-202517.763 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

–

Beleidskader Wmo Veenendaal 2016-2019

Ontwerp Programmaplan Periode 2022-2025

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Routekaart

Strategie

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Voorwoord ‘We steken de komende jaren samen de handen uit de mouwen! Dat past heel goed bij Veenendaal. Samen aan de slag met de verduurzaming van Veenendaal, ieder op zijn of haar eigen manier. Met kleine stapjes naar een toekomst, waarin duurzame energie gewoon is. En het mooiste is dat je het gelijk in je portemonnee merkt, want energie die je niet verbruikt, hoef je ook niet te betalen!

aan de vraagstukken rondom de energietransitie. Op regionaal niveau werken we in de RES-regio samen met zeven buurgemeenten, twee provincies en twee waterschappen aan een aanpak voor de toekomst op het gebied van opwek van duurzame elektriciteit, vraagstukken rondom de ruimte, warmtetransitie en energiebesparing. Veenendaal zet vooral in op energie uit zon op dak. Dat kunnen we alleen sámen met inwoners en bedrijven gaan doen. Betaalbaar, duurzaam en betrouwbaar zijn daarbij onze uitgangspunten.

Het woordje ‘samen’ staat niet maar zo geschreven; we hebben elkaar in de komende jaren hard nodig! Inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen in Veenendaal, samen zijn we aan het werk. Inwoners kunnen terecht bij het Trefpunt#duurzaam in de Passage; inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen kunnen met hun vragen terecht bij het Energieloket. Daar staan energieambassadeurs klaar om hen van adviezen te voorzien. Als gemeente maken we plannen voor de komende jaren, ondersteunen we met campagnes en zoeken we nog meer de samenwerking met de corporaties en de Bedrijvenkring Ondernemend Veenendaal, bedrijven in Veenendaal en vele andere stakeholders. In het Programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2050, dat nu voor u ligt, stippelen we de weg uit voor de periode 2022-2025. We nemen u mee in de plannen voor 2022-2025 voor inwoners, bedrijven, mobiliteit, gemeente als voorbeeld; waar willen we staan over vier jaar? Een belangrijk deel vormen de buurtuitvoeringsplannen. Hoe gaan we de Transitievisie Warmte, die medio 2021 wordt/is voorgelegd aan de gemeenteraad, vertalen naar een concrete aanpak voor de wijken en buurten en hoe zorgen we ervoor dat deze aanpak past bij de belevingswereld van onze inwoners. We zien ook het belang van regionaal samenwerken. Er bestaat een goed netwerk van stakeholders dat bij kan dragen 2

Alles wat in dit programmaplan staat beschreven draagt bij aan een belangrijk doel, namelijk het terugbrengen van ons energieverbruik en de CO2-uitstoot. Dat doen we voor een duurzame toekomst voor onszelf, maar ook voor onze kinderen en onze kleinkinderen.’ Wethouder Duurzaamheid Marco Verloop

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Routekaart

Inhoudsopgave Voorwoord Leeswijzer en samenvatting programma 2022-2025

4

Ambitie op langere en kortere termijn Evaluatie 1e programmaperiode 2017-2021

5 6

Samenhang en kaders 10

Routekaart met strategische doelstellingen

13

De strategie voor de aanpak

15

De doelen en acties per pijler 22 • Pijler Wonen 22 • Pijlen Werken 26 • Pijler Mobiliteit 29 • Pijler Gemeente als voorbeed 32

Organisatie en financiering 36 • Organisatie 36 • Financiële middelen en begroting 38

Bijlagen 40 • Bijlage 1: Evaluatie Inspanningen in 41 Voortgangsrapportages ENV 2017-2021 • Bijlage 2: Begroting ENV 2022-2025 42 3

Strategie

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Routekaart

Samenvatting In dit programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-2025, leest u welke acties we de komende vier jaar ondernemen om weer een stapje dichter bij onze doelstelling te komen, een energieneutraal Veenendaal in 2050. In hoofdstuk 2 zoomen we in op onze centrale ambitie, waarom is het belangrijk om energieneutraal te worden? Aansluitend blikken we terug op de afgelopen periode. Wat ging goed, waar zijn we trots op en, net zo belangrijk, wat zijn de lessen voor de volgende periode 2022-2025? In hoofdstuk 3 leest u over de integrale samenhang en de kaders en wetgeving voor de energietransitie. Vervolgens nemen we u in hoofdstuk 4 mee in de hoofdroute naar 2050; hoe zien de stappen eruit en welk thema krijgt elke stap mee? We zoomen daarbij ook in op de eerstkomende periode 2022-2025, wat willen we bereiken in deze periode, wat zijn de concrete tussendoelen voor 2025? In hoofdstuk 5 vertellen we met welke strategie op het gebied van energie- en aardgasreductie, innovaties en communicatie/ participatie we dat willen bereiken. Daarna werken we in hoofdstuk 6 de pijlers Wonen, Werken, Mobiliteit en Gemeente als voorbeeld, aan de hand van concrete doelen verschillende inspanningen uit. In hoofdstuk 7 ten slotte zoomen we in op de samenwerking met stakeholders in het Programma Energieneutraal Veenendaal 2050 en treft u de financiële verantwoording aan.

4

Strategie

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Routekaart

Strategie

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Ambitie op langere en kortere termijn De Visie voor een Energieneutraal Veenendaal in 2050

Voor de gebouwde omgeving, de grootste bron van uitstoot in Veenendaal, is een belangrijke tussendoelstelling dat in 2030 1,5 miljoen woningen verduurzaamd moeten zijn.

Waarom energieneutraal? In Veenendaal is in 2017 de ambitie van een Energieneutraal Veenendaal geformuleerd (we wekken uiteindelijk net zo veel duurzame energie op als we verbruiken), omdat we streven naar een duurzame, gezonde en veilige omgeving met een hoge kwaliteit van leven. Dit kan alleen als we ons energieverbruik verduurzamen en onze CO2 uitstoot beperken en uiteindelijk helemaal tot 0 terugbrengen. Hiervoor is het nodig dat er evenwicht is tussen vraag en aanbod van (duurzame) energie en dat kan worden voorzien met duurzame energie in het totale energiegebruik van Veenendaal. Om dit te bereiken moet het energieverbruik van inwoners, bedrijven en gemeentelijke instellingen worden beperkt, waarbij de energie die dan nog nodig is duurzaam wordt opgewekt. Het programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-2025 vormt voor inwoners, ondernemers en gemeenteraad de concrete uitwerking van de deelvisies van de energie-ambities, zoals de RES, de Transitievisie Warmte en laadvisie etc. (zie samenhang en kaders). We volgen daarbij de kaders van de Omgevingsvisie en zorgen ervoor dat het omgevingsplan de mogelijkheid biedt om de energietransitie volgens de wensen van onze gemeente mogelijk te maken (zie samenhang en kaders). Klimaatakkoord Het Landelijke Klimaatakkoord heeft als einddoel een vrijwel fossielvrij Nederland in 2050 (95% CO2-reductie).

In de Klimaatwet is een tussendoel opgenomen van 49% CO2 reductie in 2030 t.o.v. 1990.

Deze tussendoelstellingen verwerken we ook in het programmaplan voor Veenendaal (zie routekaart met strategische doelstellingen), met een aardgasreductie en een energiebesparing van 20% in 2030 t.o.v. 2014 (2014 is nulmeting voor Veenendaal). Ook de Regionale Energie Strategie komt voort uit afspraken uit het Klimaatakkoord. Ons voornemen om in 2030 0,047 TWh energie op te wekken, is ook onderdeel van het programmaplan. Door de opdracht voor alle gemeenten om hier concrete plannen voor uit te werken, werken we vanuit het programma ook nadrukkelijker vanuit deze landelijke doelstellingen. Er komen voor de periode 2022-2030 middelen beschikbaar van het rijk om de gemeenten bij deze omvangrijke taak te ondersteunen (zie organisatie en financiering). De organisatie van het programma wordt daarom vanaf nu ook meer ingericht als een uitvoeringsorganisatie met de nodige menskracht en expertises. Daar spelen de vele betrokken externe partijen een nadrukkelijke rol in door het inrichten van diverse stakeholder-tafels (zie organisatie en financiering).

5

Voorbeeldfunctie In de eerste programmaperiode is hard gewerkt aan de bewustwording en het op gang brengen van gedragsverandering bij inwoners, ondernemers en de gemeente zelf. Er is gewerkt aan meer grip krijgen op de energie-opgave. De energie- en warmtetransitie bleek veelomvattend. Duidelijk is geworden dat voor dezelfde ambitie de stip op de horizon verschoven moest worden naar 2050. Dit is ook de einddatum in het landelijke Klimaatakkoord. De gemeente wil een voorbeeld zijn; wij moeten doen wat we ook van anderen verwachten. We zullen daarom de komende jaren blijven investeren in maatregelen om energie te besparen en duurzame energie op te wekken. We zullen daarom ook blijven investeren in het ondersteunen van inwoners en bedrijven bij het nemen van maatregelen. Daarbij intensiveren we onze communicatie-aanpak met de Triple A benadering (zie strategie voor de aanpak) en zorgen we ervoor dat er meer goede innovatieve voorbeelden ontstaan (zie strategie voor de aanpak).

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Routekaart

Strategie

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

Evaluatie 1e programmaperiode 2017-2021 Wat hebben we geleerd van de afgelopen jaren? Samenvatting evaluatie 1e programmaplan en lessen voor vervolg.

Evaluatie Rekenkamer: bekijk (raads-) voorstellen voor invulling in het perspectief van de totale ambitie

Evaluatie Effectmonitor ENV 2017-2021: opwek doelen bleken realistisch, de energiebesparingsdoelen minder’

Energieneutraal Veenendaal 2050 is een gemeentelijke ambitie met een erg lange horizon, geformuleerd in 2017 (toen nog met 2035 als einddatum). Dit lange traject knippen we daarom op in programmaperiodes van 4 á 5 jaar zodat we steeds kunnen inspelen op de ontwikkelingen in de samenleving en nieuwe technieken kunnen meenemen. Ook kunnen we daardoor per periode terugkijken en leren van de ervaringen uit vorige periodes. We verwerken deze lessen en evaluaties in de aanpak voor de volgende periode.

In de eerste programmaperiode is hard gewerkt aan de bewustwording en het op gang brengen van gedragsverandering bij inwoners en de gemeente zelf. Er is gewerkt aan meer grip krijgen op de energie-opgave. De energie- en warmtetransitie bleek veelomvattend. In 2020 werd duidelijk dat de stip op de horizon verschoven moest worden naar 2050. Dit is ook het jaar dat als einddatum is genoemd in het landelijke Klimaatakkoord. Hiermee wordt ook tegemoetgekomen aan de aanbeveling van de Rekenkamer in 2020, om de landelijke, regionale en gemeentelijke ambities op elkaar te laten aansluiten. Deze aansluiting is ook gerealiseerd bij de formulering van de tussendoelstelling voor 2030 die gelijkgetrokken is met de rijksdoelstelling.

Uit de jaarlijkse effectmonitor ENV bleek dat de opwekstreefdoelen voor deze periode (t/m 2021) wel gehaald zouden gaan worden, maar de energie-besparingsdoelen niet. Sterker nog, het energieverbruik is over de gemeten jaren (2014-2018) zelfs licht toegenomen. Gebleken is dat deze ‘aanloopperiode’ van bewustwording en gedragsverandering bij de inwoners en bedrijven meer tijd heeft gekost. Daarnaast was er sprake van factoren die het energieverbruik juist deden toenemen zoals het toenemend gebruik van elektrische apparaten door technologische ontwikkelingen en daarnaast de sterke economische groei in deze periode van af de nulmeting in 2014, voordat dit ook echt in een ‘KJoules’-daling tot uitdrukking zou komen. Dit is verwerkt in de streefdoelen voor de komende jaren door wel door te gaan op de ingeslagen koers voor de energie-opwek doelen, maar een langere aanloopperiode in te plannen voor de energiebesparingsdoelen, die uiteindelijk ook op hetzelfde % uitkomen in 2050 (i.p.v. het eerder aangegeven jaartal 2035).

Hieronder zijn de volgende evaluaties samengevat: Het advies van de Rekenkamer over de periode 2017-2020, de evaluatie van de jaarlijkse interne effectmonitor ENV, de evaluatie van de voortgangsrapportages van het programma ENV en het verslag van de ambtelijke heisessie waarbij ook medewerkers van externe stakeholders aanwezig waren die de afgelopen jaren betrokken waren bij het programma. Tijdens deze bijeenkomst hebben zij adviezen meegegeven voor het vervolg. Tot slot is ook een samenvatting gegeven van de actuele ontwikkelingen en welke impact deze hebben op het vervolg. De evaluaties geven een beeld van wat wel en niet uitvoerbaar was en wat meer of minder bijdraagt aan de ambitie. Aan het einde van deze paragraaf zijn daarvan de lessen voor het vervolg weergegeven.

De Rekenkamer heeft de gemeenteraad in 2020 ook geadviseerd om de uitvoering van de energietransitie nog meer vanuit een overkoepelde visie aan te pakken, zodat de ambitie beter aansluit bij de manier waarop het ENV-programma wordt uitgevoerd. Daarbij werd geadviseerd om voorstellen voor nadere invulling steeds te beoordelen in het perspectief van de totale energie-ambitie en aan te geven onder welke voorwaarden de verwezenlijking van de ambities haalbaar is. Deze overkoepelende visie is verwerkt in de Omgevingsvisie (dec 2020) en via de opgaven Groei & Bloei en Duurzaam Veenendaal. 6

Daarnaast is het aspect van meetbaarheid naar voren gekomen bij de jaarlijkse effectmeting. Omdat de laatste cijfers van begin 2021 uit de landelijke Klimaatdatabank betrekking hebben op het jaar 2018, geven ze nog geen goed beeld van het effect van de vele maatregelen en inspanningen van de laatste 2 jaren in de pijlers. Daarom hebben we vanaf 2019 aanvullende concrete resultaatmetingen uit 2019 en 2020 toegevoegd bij elke pijler, zodat daarmee een completer beeld verkregen kon worden van het verloop en ontwikkeling van de meetbare doelen.

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Concrete resultaten zoals bijvoorbeeld het % kantoren dat minimaal label C heeft, het gasverbruik in m3 in het gemeentehuis, de toename van het aantal zonnepanelen in MWh op woningen en het aantal publieke laadpalen binnen de gemeentelijke concessie. De meetbaarheid van de cijfers van deze uitvoeringsresultaten is richtinggevend geweest voor het formuleren van het type effecten voor de komende periode tot en met 2025 in het 2e programmaplan. Het type meetbaar doel is bepaald door te kijken naar de impact en de ‘meetbaarheid’. De hoogte is bepaald door de inzet op de ambitie, de nationale en regionale CO2 bespaardoelstellingen en duurzame opwekdoelstellingen en gezien de ervaringen, de verwachte haalbaarheid van het meetbare doel. Omdat de haalbaarheid voor een groot deel buiten de directe invloedssfeer van de gemeente zelf ligt, zijn de betreffende stakeholders die voornamelijk moeten zorgdragen voor de effecten (zoals woningcorporaties en de BOV), nadrukkelijk betrokken bij het type en de hoogte van de meetbare doelen.

Routekaart

Strategie

2017-2021: succesvol de bewustwording op gang gekregen met een grote diversiteit aan inspanningen In de halfjaarlijkse voortgangsrapportages ENV zijn diverse acties en projecten (de ‘inspanningen’) genoemd die meer en minder goed uitvoerbaar bleken, die meer of minder impact hadden op het bijdragen aan de doelstellingen of die wel impact hadden maar een langere aanlooptijd nodig hadden. We begonnen in 2017 met zo’n 35 inspanningen en dat liep op naar zo’n 70 inspanningen per jaar in alle pijlers samen in de laatste jaren. De inspanningen die impact hebben, zetten we door in dit programmaplan. De inspanningen die een langere aanlooptijd nodig hadden, zetten we ook door en daarbij nemen we de ‘geleerde lessen’ mee. Inspanningen goed uitvoerbaar en met impact (succescvol) Dit waren acties (activiteiten, pilots, projecten) die betrekking hadden op kleine stappen in de energiebesparing en opwek, waarbij benaderbare informatie belangrijk was en nadrukkelijke begeleiding aanwezig was. Dit geldt zowel voor acties naar en door inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen en ook voor de gemeente zelf.

Inspanningen die langere adem nodig hadden, maar wel uiteindelijk impact (succesvol) Dit betrof inspanningen waar bijvoorbeeld uiteindelijk meer financiële bijdragen bij nodig waren, meer onderzoeken voor draagvlak of haalbaarheid voor nodig waren of waar meer tijd voor een omslag in denken voor nodig was.

Evaluatie Voortgangsrapportages ENV

Figuur 1: monitor uit jaarlijkse informatiebrief aan de raad.

7

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

Inspanningen minder uitvoerbaar/ minder succesvol Dit waren inspanningen waarbij sprake was van te veel (technische/ bewerkelijke) stappen en / of waar te weinig kennis-/ menskracht voor aanwezig was bij gemeente en maatschappelijke instellingen. Zie de Evaluatie Inspanningen in Voortgangsrapportages ENV 2017-2021 per pijler in bijlage 1.

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Evaluatie uit bijeenkomst met interne en externe stakeholders (januari 2021) Tijdens een evaluatiebijeenkomst met interne en externe stakeholders zoals werkgroep vertegenwoordiging van de BOV en de woningcorporaties, werden verschillende tips meegegeven naar aanleiding van ieders ervaringen de afgelopen jaren. Daarin werd aangegeven wat succesvol was en vooral zou moeten blijven (of versterken), wat nieuw opgestart zou mogen worden en welke onderdelen minder of niet meer te doen. Succesvolle onderdelen die genoemd werden om te blijven doen of ondersteunen of zelfs fors meer op in te zetten waren onder andere gericht op de communicatie: meer gebruik

Strategie

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

maken van de mogelijkheden van de website, uitbouwen van gebruik van sociale media, meer gebruik van de caravan en pop-up trefpunten in verschillende buurten, blijven organiseren van de Week van Duurzaam Veenendaal en bij verhalen van inwoners (op website) vaker ook de zorgen en tegenvallers die inwoners ervaren over brengen. Ze waren ook gericht op concrete ondersteuning: meer focus op gezamenlijke inkoopacties, meer concrete hulpacties zoals warmtescans en energieverbruiksmeters en meer directe relaties in trefpunt met het bedrijvenplatform (PlatDuS).

begrijpen, meer samen op trekken met de wijkteams bij gerichte buurtacties en -trajecten, nog meer op waarde schatten van de inzet van het Veense bedrijfsleven (BOV met name) en aandacht voor wat wel en niet in regionale samenwerking uitgevoerd kan / moet worden.

Routekaart

Ze waren ten slotte ook gericht op samenwerking: meer interne samenwerking (integraal werken) tussen de gemeentelijke teams en het programma, nog meer samenwerking met nog meer stakeholders en daarin elkaars positie nog beter

8

Daarnaast is aangegeven waar minder of geen aandacht aan gegeven zou moeten worden: niet meer zoveel mogelijk initiatieven, maar voortaan meer focus op kern onderdelen, alleen nog ICT-Data projecten starten als de meerwaarde en kosten vooraf goed zijn afgewogen en geen wijkaanpak-bijeenkomsten ‘oude stijl’ meer met informatieavonden met te algemene onderwerpen die nog niet ‘achter de voordeur’ van de bewoners komen.

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Meenemen van recente ontwikkelingen Naast lessen uit de afgelopen jaren die we meenemen in de aanpak voor de komende jaren, nemen we ook de recente ontwikkelingen vanuit het rijk mee om te verwerken in de aanpak voor het vervolg. Het landelijke klimaatakkoord en de opdracht die daarmee aan de gemeenten is meegegeven, zorgt voor een duidelijk omlijnd traject waar een strakke uitvoeringsorganisatie voor moet worden opgezet. De lokale uitwerking van de RES wordt meegenomen met het zoeken naar zoveel mogelijk opweklocaties (in het geval van Veenendaal ‘op dak’ en ‘in berm’ en ‘op parkeerplaats’). De uitwerking van de Transitievisie Warmte wordt ook meegenomen met het opstellen van de eerste buurtuitvoeringsplannen voor de warmtetransitie.

Routekaart

Strategie

waardoor het programma ENV een meer overkoepelend uitvoeringsprogramma wordt en we gaan nog meer inzetten op communicatie met als uitgangspunt ‘kleine stappen’, ‘wat kan wel’ met de overgang naar ‘ver van mijn bed’ naar ‘achter mijn voordeur’. Daarnaast nemen we zoveel mogelijk innovaties mee bij de uitvoering, we zorgen voor meer financiële bijdragen en onderzoeken naar draagvlak

Het rijk gaat meefinancieren en ook de voortgang monitoren. Hierdoor ontstaat ook een directe terugkoppel-relatie met het rijk (deels via de regio) en dit bepaalt ook hoe we de komende jaren de organisatie voor de energietransitie gaan inrichten. Er zijn veel extra medewerkers nodig met specifieke energietransitie-expertise op het gebied van bijvoorbeeld ruimte, subsidies, communicatie, techniek, vastgoed en projectmanagement. Hier heeft de gemeente in de aanloop naar deze nieuwe programmaperiode al budgetten voor vrijgemaakt. Met de aanvullende middelen van het rijk vanaf 2022 kunnen we nog meer medewerkers inzetten in de energietransitie. En ook middelen inzetten om bewoners en bedrijven op gang te helpen met concrete stappen richting energiebesparing, aardgasreductie en duurzame opwek.

en haalbaarheid en de focus in de pijlers ligt meer op een beperkter aantal grotere inspanningen. Tot slot gaan we werken met beter meetbare doelen, die meer richting geven aan de onderdelen van energiebesparing en duurzame opwek en bouwen we de interne programma-organisatie uit met meer integrale interne samenwerking en mankracht om ook sterk in te zetten op samenwerking met de grotere groep stakeholders.

Figuur 2: verkenningsbuurten.

Lessen voor het vervolg Deze ‘lessons learned’ zijn meegenomen bij de vorming van de aanpak voor de komende periode (2022-2025). We hebben te maken met duidelijker gevormde (wettelijke) kaders mede vanuit het Klimaatakkoord en de omgevingswet

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

Innovaties bij PWS: batterij-opslag van energie die is opgewekt op daken van wooncomplexen Patrimonium.

9

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Routekaart

Strategie

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

Samenhang en kaders Wat is de integrale samenhang met het geheel van (boven)gemeentelijke ambities? Veenendaal heeft in de Omgevingsvisie het integrale karakter van duurzaamheid benadrukt door de energiedoelen te verbinden met de kwaliteit van de gebouwde omgeving en de openbare ruimte. De rode draad van de Omgevingsvisie is dan ook het streven naar een gezond, duurzaam en veilig Veenendaal. Ook op bovenlokaal niveau is deze verbinding met de gebouwde omgeving en de doorwerking daarvan voor Veenendaal duidelijk. Van de SDG’s (Sustainable Development Goals) van de VN, het landelijke Klimaatakkoord, het provinciale programma voor mobiliteit en voor de energietransitie, de regionale strategieën van verstedelijking (de groene metropool Arnhem-Nijmegen) en RES, naar de lokale verbinding met Vitale Binnenstad, de omgevingsvisie, de (concept) E-laadvisie, en de Transitievisie Warmte: ze hebben allemaal een relatie met de uitvoering van het Programma ENV.

in veel projecten en acties zichtbaar doordat in de concrete uitvoering van deze projecten de diverse doelen vaak samenkwamen. De ruimtelijke overlap met de opgave Groei & Bloei speelt bijvoorbeeld bij inbreidingslocaties gecombineerd met buurtuitvoeringsplannen en gebiedsvisies, bij de uitbreidingslocaties gecombineerd met ruimte voor energieopslag of –opwek, en bij de herstructuringsgebieden gecombineerd met de isolatieen aardgastransitie-opdracht.

De afstemming en afwegingen van de ruimtevraag spelen ook op bovenlokaal niveau met bijvoorbeeld de uitwerking van de verstedelijkingsstrategie en de RES. De overlap met de opgave Duurzaam Veenendaal speelt bijvoorbeeld bij de integrale communicatie over verduurzamen naar inwoners en bij het combineren van verschillende duurzame maatregelen door inwoners zoals sedumdaken en zonnepanelen.

In het traject van het programma Energieneutraal Veenendaal 2017-2021 werd al steeds meer de samenhang van energiebesparing, circulariteit, natuurinclusiviteit en klimaatadaptie ) en daarnaast de samenhang met de opgave Groei & Bloei

Figuur 3: wisselwerking tussen beleidskaders en programma Energieneutraal Veenendaal 2050. 10

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Wat zijn de kaders en wetgeving voor de energietransitie? Energietransitie in beweging: steeds meer centrale sturing In de periode waarin het eerste Programmaplan Energieneutraal Veenendaal (toen nog ‘ENV 2035’) werd opgesteld en uitgevoerd (2015-2021) zijn de ontwikkelingen rondom de energietransitie in een stroomversnelling gekomen: 2015:

2015:

2019: 2019: 2019: 2020:

Klimaatakkoord van Parijs, internationale commit ment aan het doel om opwarming aarde onder 1,5 graad te houden. Urgenda klimaatrechtzaak: Nederlandse overheid verplicht om CO2 -reductie van 25% te behalen in 2020 (t.o.v. 1990). Klimaatakkoord: Nederlandse aanpak om aan het Parijsakkoord te voldoen. Klimaatwet: Eerste wettelijke afspraken over CO2reductie. Hoge Raad Urgenda Klimaatzaak: Uitspraak uit 2015 bevestigd. Europees CO2 -reductiedoel van 55% vastgesteld (in 2030, ten opzichte van 1990).

Vanuit het klimaatveranderingsvraagstuk is de afgelopen jaren steeds duidelijker geworden dat de energietransitie niet vrijblijvend is. Om de doelen te halen is er stevige centrale sturing nodig. Om 49 (of 55) procent CO2 -reductie te halen in 2030, en zelfs 95% in 2050, is een andere manier van aanpakken en denken nodig dan we de laatste decennia hebben gedaan. Het Klimaatakkoord vormt de basis onder deze aanpak en voorziet in een enorme opschaling van de energietransitie. In de uitvoering van het Klimaatakkoord hebben gemeenten een belangrijke rol. Dit betekent dat er

Strategie

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

nieuwe taken op de gemeente afkomen. Tegelijkertijd heeft de gemeente te maken met nieuwe kaders en wetgeving om de energietransitie te versnellen. Ook dit heeft invloed op de activiteiten van de gemeente. In dit hoofdstuk is een aantal van de belangrijkste kaders en wetten verder toegelicht.

Uit de definitieve Transitievisie Warmte (versie 1.0) volgt een aanpak voor Veenendaal, die integraal onderdeel is van het programma Energieneutraal Veenendaal 2022-2025.

Routekaart

Voldoende opwek en energiebesparing regionaal afstemmen: de RES Het doel van de RES is regionaal overeenstemming te bereiken over de hoeveelheid en de ruimtelijke inpassing van hernieuwbare energieopwekking. De RES 1.0 geeft duidelijkheid op welke wijze de Regio Foodvalley bij wil dragen aan de landelijke opgave van 49% CO2-reductie in 2030. De RES 1.0 is tot stand gekomen vanuit de samenwerking met veel verschillende stakeholders, van bewoners tot netbeheerders en waterschappen. De ambities uit de RES 1.0 voor Veenendaal krijgen met het programma Energieneutraal Veenendaal 20222025 een concrete uitwerking. Gebouwen in Veenendaal duurzaam verwarmen: de Transitievisie Warmte In de Transitievisie Warmte legt de gemeente een realistisch tijdspad vast waarop wijken binnen de gemeente van het aardgas gaan. Op hoofdlijnen wordt aangegeven welke energiebronnen hiervoor gebruikt gaan worden voor wijken waar voor 2030 kansen zijn om van het aardgas te gaan of waar gebouwen alvast voorbereid worden op de laatste stap (aardgasvrij-ready). Uiterlijk in 2021 moeten gemeenten deze Transitievisie Warmte gereed hebben. Naar verwachting wordt de Transitievisie Warmte in 2025 voor de eerste keer herzien.

11

De stap van visie naar een aanpak ‘achter de voordeur’: Uitvoeringsplannen op wijkniveau Voor wijken die in de Transitievisie Warmte zijn aangewezen om richting 2030 grote stappen te maken richting aardgasvrij, wordt een ‘Uitvoeringsplan op wijkniveau’ (ook wel buurtuitvoeringsplan genoemd) opgesteld. Na vaststelling van zo’n plan door de gemeenteraad begint de uitvoeringsfase. In deze fase houdt de gemeente de regie om te zorgen dat ‘achter de voordeur’ de juiste maatregelen genomen worden. Dit maakt duidelijk dat het vaststellen van een buurtuitvoeringsplan ingrijpende gevolgen kan hebben voor inwoners en ondernemers. Vanwege het ingrijpende karakter van zo’n plan is het daarom erg belangrijk dat er voldoende draagvlak is, en dat het plan voldoet aan de randvoorwaarden betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid. De gemeente Veenendaal heeft in de periode tot 2021 nog geen buurtuitvoeringsplan vastgesteld. Het programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-2025 biedt het raamwerk om de komende jaren de Transitievisie Warmte verder vorm te geven, onder andere door het opstellen van buurtuitvoeringsplannen.

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Een integrale afweging op weg naar energieneutrale mobiliteit: de regionale mobiliteitsprogramma’s De energietransitie werkt ook door in de mobiliteitssector. Dat vraagt om een betere afweging tussen de verschillende vormen van vervoer en mobiliteit. De afweging om een weg te verbreden staat in directe relatie tot de afweging om de capaciteit en kwaliteit van het OV te verbeteren. Het Klimaatakkoord voorziet dat er door middel van regionale mobiliteitsprogramma’s een integrale afweging wordt gemaakt. Als gemeente Veenendaal vallen we onder de ‘regio’ provincie Utrecht. Met het programma Energieneutraal Veenendaal 2022-2025 coördineren we de aansluiting op de regionale ontwikkelingen en brengen we aandachtspunten in vanuit de situatie in Veenendaal. Anticiperen op meer elektrische mobiliteit: de laadvisie Het stimuleringsbeleid van elektrisch rijden vanuit de landelijke overheid, aangewakkerd door Europese wet- en regel-geving, is de laatste jaren erg succesvol gebleken. Het aantal elektrische voertuigen neemt dan ook snel toe en zal blijven toenemen. Om de toename van al die elektrische voertuigen te faciliteren en verder te stimuleren is het belangrijk dat de laad-infrastructuur en het bijbehorende plaatsingsbeleid voor laadpalen meegroeit. Het klimaatakkoord vraagt gemeenten om een e-laadvisie op te stellen en elke twee jaar te actualiseren.

Routekaart

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

Strategie

De Omgevingswet als basis onder de energietransitie In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de plannen die de gemeenten maken voor de energietransitie ‘geborgd’ worden binnen de instrumenten van de Omgevingswet. Deze instrumenten zijn de Omgevingsvisie, het Omgevingsprogramma en het Omgevingsplan. Doordat de invoering van de Omgevingswet is uitgesteld, betekent deze borging in de praktijk dat de plannen die de gemeente nu al maakt, zo veel mogelijk volgens de vereisten van de Omgevingswet worden vormgegeven. Participatie speelt daarbij een belangrijke rol: de gemeente weegt af wie belanghebbenden zijn en hoe ze betrokken worden bij de plannen. In 2020 heeft de gemeente Veenendaal, vooruitlopend op de invoering van de Omgevingswet, de Omgevingsvisie vastgesteld, waarin de begrippen ‘Gezond, Duurzaam en Veilig’ de rode draad vormen. De Transitievisie Warmte vormt een uitwerking van de Omgevingsvisie.. De Transitievisie Warmte gaat daarbij een stapje verder dan alleen een visie: het is ook een aanpak met doelen en randvoorwaarden. Die doelen en randvoorwaarden van de Transitievisie Warmte werken door in het Programmaplan Energieneutraal Veenendaal 20222025. De programmatische uitwerking van de uitvoering van de energietransitie heeft daarmee de kenmerken van het instrument ‘Omgevingsprogramma’.

Het Omgevingsplan vormt in de toekomst een belangrijke juridische basis voor het doorvoeren van energiemaatregelen. Zo kunnen met het Omgevingsplan regels worden opgelegd voor toepassing van zonnepanelen op daken en worden de maatregelen uit buurtuitvoeringsplannen bindend vastgelegd. Kaders en wetten in ontwikkeling Hierboven is een overzicht gegeven van de belangrijkste kaders uit het Klimaatakkoord. Maar het overzicht is niet compleet. Tegelijkertijd zijn er ook al veel bestaande kaders en wetten die invloed hebben op de energietransitie. Met het verstrijken van de tijd en het steeds urgenter worden van de opgave is het zeker dat wet- en regelgeving in beweging blijft, zodat bewoners en bedrijven de juiste prikkels hebben om steeds duurzamere keuzes te maken. Hieronder is een korte opsomming gegeven van kaders en wetgeving die op dit moment van invloed zijn op het gemeentelijk beleid of dat in de nabije toekomst zullen worden: • • •

• •

In 2021 stelt het college de eerste laadvisie vast. Het programma Energieneutraal Veenendaal 2022-2025 regelt de inzet van mensen en middelen om mee te kunnen groeien met de ontwikkeling van elektrisch rijden.

Figuur 4: kaartje t.b.v. E-laadvisie. 12

BENG: 1 januari 2021 ingevoerde bouwnormering voor energiezuinige nieuwbouw. Label C-plicht kantoren 2023: Kantoren moeten per 1 januari 2023 een energielabel C hebben. Besluit bouwwerken leefomgeving zon op dak: Biedt bij invoering Omgevingswet mogelijkheid om zon op dak in sommige situaties te verplichten. Warmtewet 2.0: Nieuwe wet- en regelgeving om kansen voor warmtenetten in bestaande bouw te vergroten. Standaard- en Streefwaarden: In 2021 gepubliceerde isolatiewaarde die particulieren helpen om hun woning te verduurzamen en voor verhuurders richting 2050 verplicht worden.

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Strategie

Routekaart

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

Routekaart met strategische doelstellingen Wat is de hoofdroute naar 2050? Routekaart met programmaperiodes van ± 5 jaar met tussendoelen

Figuur 5: routekaart met programmaperiodes Wat gaan we doen om ambitie van een energieneutrale gemeente stapsgewijs te bereiken? De eerste periode tot en met 2021 hebben we met onze partners gewerkt aan het vergroten van de bewustwording. Het krijgen van grip op de opgave door verkenningen en het starten van veel pilots. Dit heeft zich nog niet vertaald naar daadwerkelijke % richting energieneutraal. Na 2021 gaan we steeds meer projecten uitvoeren en plannen voor de eerste buurten opstellen richting aardgasvrij. Met deze aanpak denken we eind 2025 10% richting energieneutraal te kunnen halen. Het tussendoel voor 2025 is 10% richting energieneutraal met 10% energiebesparing t.o.v. 2014, 10% aardgasreductie t.o.v. 2019 en 10% duurzame opwek van het totale verbruik.

Met die aanpak denken we in 2030 20% richting energieneutraal te kunnen halen. Het tussendoel voor 2030 is hiermee 20% energieneutraal. Landelijk is voor 2030 20% aardgasreductie afgesproken en 27% duurzame energie-opwek. Veenendaal kan vanwege de dichte bebouwing minder dan gemiddeld aan dit landelijke percentage bijdragen. Voor 2035 is ons tussendoel 35% energieneutraal. Vanaf 2036 weten we goed welke inspanningen nodig zijn om op grotere schaal energie te besparen en energie op te wekken. Dit wordt de periode van opschalen waarin projecten grootschalig uitgerold worden. Als tussendoel voor 2040 denken we daarom 60% energieneutraal te kunnen halen en voor 2045 90%. Na 2045 zijn we dan over het kantelpunt heen; het overgrote deel van ons energieverbruik bestaat uit duurzaam opgewekte energie. Dan moeten we werken aan de laatste lastige loodjes, tot we in 2050 100% energieneutraal zijn (als gemeente of als regio). Dan zijn we in staat om samen met (regionale) partners vraag en aanbod van duurzame energie in balans te houden.

Na 2025 kunnen we steeds meer energie- innovaties grootschalig toepassen. We krijgen dan steeds beter in de vingers hoe we vraag en aanbod kunnen managen en met elkaar in balans kunnen brengen. We gaan steeds meer duurzaam opgewekte energie gebruiken en weten meer te besparen.

Wat willen we bereiken in 2025? Toelichting van strategische doelstellingen in programmapijlers (periode 2022-2025) Het programmaplan ENV 2022-2025 bevat een overkoepelende aanpak tot 2050 met een ambitie voor de tussenstap 2025. Zoals de routekaart in vorige paragraaf laat zien, willen we dan 10% energieneutraal zijn. In het bijgevoegde overzicht is te zien dat hiervoor de volgende centrale doelen geformuleerd zijn voor energie- en aardgasbesparing en duurzame opwek: We denken dat we op basis van de koers die we moeten zetten richting 2030, in totaal in 2025 10% energie bespaard moeten hebben t.o.v. 2014. Dit is het jaar van de nulmeting voor het 1e programmaplan. Daarnaast denken we dat het nodig is om 10% aardgas reductie gerealiseerd te hebben in 2025 t.o.v. 2019.

Figuur 6: grafiek met % richting energieneutraliteit per programmaperiode van 5 jaar 13

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Dit is een nieuwe ambitie i.v.m. de warmtetransitie die landelijk 2019 als nulmeting hanteert. Tot slot denken we dat we in 2025 ook 10% energie van het totaal energieverbruik in Veenendaal duurzaam opgewekt moeten hebben als bijdrage aan de landelijke doelen richting 2030. Deze centrale doelen voor 2025 zijn nader uitgewerkt met verschillende strategische doelen. In het overzicht is ook te zien dat de succesvolle structuur van het programmatisch werken en aansturen die vanuit de energietransitie opgebouwd is, behouden blijft voor het Energieprogramma: coördinatie en uitwerking van

Routekaart

Strategie

inspanningen blijft vanuit de strategische doelen in de 4 pijlers plaatsvinden en wordt alleen op onderdelen aangepast vanwege nieuwe inzichten (bijv. de inbedding van de warmtetransitie/ aardgasvrij). In figuur 4 zijn de vier pijlers Wonen, Werken, Mobiliteit en de Gemeente Als Voorbeeld bovenin aangegeven. In de 4 pijlers zijn vanuit deze strategische doelen diverse meetbare doelen geformuleerd. Alle inspanningen in de pijlers moeten bijdragen aan deze meetbare doelen. Zie Doelen en acties per Pijler voor deze meetbare doelen en een indicatie van de inspanningen.

Doelen en acties per pijler Organisatie en financiën

Daarnaast is in figuur 4 te zien dat binnen het programma de communicatiestrategie sterk gericht is op het schaalniveau van de inwoner: stap voor stap in de maatregelen en nog meer verschoven is van algemene voorlichting naar ‘begeleiding op straatniveau’ (voorbeelden dichtbij, samen met de buren). De diverse opgestelde beleidskaders en regels (zowel bovenlokaal als lokaal) worden als randvoorwaarden gehanteerd bij de inspanningen en projecten en verwerken andersom ook de doelstellingen uit ENV. De diverse duurzame doelen uit de opgaven Duurzaam Veenendaal en Groei & Bloei worden in samenhang verwerkt in concrete uitwerking van ENV voor en door inwoners. De basis hiervoor is al gelegd met de website Duurzaam Veenendaal, het Trefpunt#Duurzaam en diverse nieuwbouwprojecten die deze concrete en integrale aanpak ondersteunen en stimuleren. Ook is in figuur 4 aangegeven dat innovatie een integraal onderdeel is van alle pijlers. Inzet op innovaties versterkt het draagvlak van bewoners, biedt nieuwe kansen voor bedrijven en is essentieel om opschaling tot stand te brengen. Daarbij kan gedacht worden aan waterstof, zon-op-parkeerplaatsen, innovatieve batterijopslag en smart grids, maar ook nieuwe aanpakken zoals ESCo’s, digitale informatie-voorziening en scholings-aanpakken i.s.m. het onderwijs.

Al deze onderdelen (communicatie, beleidskaders, integrale afstemming en innovaties) zijn in figuur 4 aan de rechterzijde weergegeven en werken door bij de aanpak van alle strategische doelen en bijbehorende inspanningen.

Figuur 7: strategische aanpak in doelenboom ENV 2022-2025

14

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Routekaart

Doelen en acties per pijler

Strategie

Organisatie en financiën

Wat is de strategie voor de aanpak? De 3-sporenaanpak voor energie- en aardgasreductie In de Transitievisie Warmte 1.0 is de aanpak aangegeven richting een aardgasvrij Veenendaal. In de periode 20222025 werken we op drie sporen aan een aardgasvrij Veenendaal in 2050: • • •

Wijken en buurten waarvoor we vóór 2025 een uitvoeringsplan opstarten (Spoor A). Wijken waarvoor een integrale gebiedsvisie de weg wijst richting aardgasvrij (Spoor B). Algemene aanpak voor overige wijken (Spoor C).

Als eerste stap het beperken van de energievraag: bijvoorbeeld gedragsverandering, goed isoleren en energiezuinige apparaten inzetten. Als tweede het maximaal gebruik maken van energie uit duurzame bronnen, zoals wind-, water-, en zonne-energie, bijvoorbeeld door installatie van een zonneboiler of zonnepanelen. En als derde van de Trias Energetica het zo efficiënt mogelijk gebruik maken van fossiele brandstoffen om in de resterende energiebehoefte te voorzien, bijvoorbeeld door gebruik te maken van lage temperatuurverwarming. Om tot een energieneutrale en CO2-efficiente oplossing te komen zetten we in op alle drie stappen.

De 3-sporenaanpak laat zien dat de weg naar een energieneutraal en aardgasvrij Veenendaal veel breder is dan het ‘huis voor huis en wijk voor wijk’ van het aardgas halen en verduurzamen van woningen is. Voor alle onderdelen van de aanpak geldt dat het succes staat of valt met bewustwording en communicatie. De kosten voor de stap naar volledig aardgasvrij zijn immers nog hoog en de gemeente is grotendeels afhankelijk van de bereidheid om vrijwillig mee te doen.

De energietransitie heeft innovatie nodig, maar hoe jagen we dat aan? Om de energietransitie te laten slagen, is innovatie onontkoombaar. Willen we in 2050 energieneutraal zijn, dan moeten we in een flink tempo nieuwe technieken ontwikkelen, nieuwe financieringsconcepten bedenken en nieuwe vormen van samenwerking realiseren. De afgelopen tien jaar hebben laten zien dat dit mogelijk is. Zonnepanelen waren in de jaren ‘70 een peperdure innovatie uit de ruimtevaart. Tegenwoordig is zonne-energie wereldwijd de goedkoopste manier om elektriciteit te produceren – met minimale belasting voor het milieu. Tien jaar terug reed een enkeling in een elektrische auto. Tegenwoordig is het niet de vraag óf we de overstap maken naar een elektrische auto, maar wanneer. Door grootschalige toepassing van technieken worden oplossingen goedkoper. Door nieuwe organisatievormen vaker in te zetten leren we steeds sneller. Willen we als Veenendaal écht tempo maken met de energietransitie en de energietransitie gebruiken ter versterking van de lokale economie, dan is het nodig om extra in te zetten op innovatie. Niet om eigenhandig nieuwe technieken ontwikkelen, maar om te zorgen dat bedrijven en inwoners in Veenendaal vooroplopen en klaar zijn voor de toekomst.

Het Programmaplan ENV 2022-2025 vormt het uitvoeringsprogramma voor de drie-sporenaanpak voor zowel de pijler ‘Werken als Wonen’. De pijler ‘Gemeente als voorbeeld’ laat zien dat de transitie naar aardgasvrij ook betekent dat de gemeente als vastgoedeigenaar meedoet aan de aanpak. Bij alle sporen in de 3-sporenaanpak worden de uitgangspunten van de Trias Energetica toegepast (zie figuur 8):

De energie-innovaties als versneller van de energietransitie opgave

Figuur 8: de ‘trias - energetica’

15

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Van aanmoedigen vanaf de kant naar een zetje in de rug. Zó stimuleren we bedrijven en bewoners om te ‘ondernemen’! In de periode 2017-2021 is binnen het programma Energieneutraal Veenendaal innovatie op verschillende manieren aangejaagd. Van het stimuleren van waterstofmobiliteit- en tankstations, tot het subsidiëren van Nul-Op-De Meter (NOM)-renovaties en van nieuwe samenwerkingen met netbeheerders tot digitale participatie. In de periode 20222025 willen we innovatie meer centraal zetten en zo de aandacht geven die nodig is. We zien veel mooie initiatieven in de gemeente ontstaan. Daarbij willen we de komende periode méér doen dan initiatiefnemers aanmoedigen en faciliteren. We willen steeds meer een partner worden in innovatie en goede initiatieven daarmee net het extra zetje in de rug geven om van idee naar realisatie te gaan. Een zet in de goede richting is meer dan alleen geld geven In sommige gevallen is het ‘zetje in de rug’ een vorm van financiële ondersteuning. Als een bedrijf wil investeren in nieuwe vormen van energieopslag, zoals batterijen of waterstof, sluit dat niet altijd aan bij de bedrijfsactiviteiten. Een financiële bijdrage kan dan helpen om de juiste onderzoeken in gang te zetten, óf om de onrendabele top iets te verzachten. In andere gevallen kan ‘een zetje in de rug’ hele andere vormen aannemen.

Hieronder zijn vier manieren uitgewerkt die we voorzien om innovatie op het gebied van energietransitie aan te wakkeren: Financieel ondersteunen Hier is een aantal vormen denkbaar. In sommige gevallen is het verstrekken van een lening wenselijk. Een voorbeeld is de energiebespaarlening. Deze is nu nog sterk gericht op ‘geijkte’ ingrepen. We willen de mogelijkheden onderzoeken om de energiebespaarlening aantrekkelijker te maken om in te zetten

Routekaart

Strategie

voor NOM-renovaties en toepassing van nieuwere technieken zoals thuisbatterijen en zonthermische systemen. In andere gevallen kan een financiële bijdrage van de gemeente wenselijk zijn. Bijvoorbeeld als zetje in de rug voor het ontwikkelen van kleinschalige experimenten rondom waterstof. Tijdens de looptijd van het programma zal verder onderzocht worden op welke gebieden een extra financiële bijdrage wenselijk is, en hoe we hiervoor een eerlijke en transparante regeling kunnen opstellen. Ondersteuning bij verwerven middelen Er komen steeds meer financieringsmogelijkheden voor (innovatieve) duurzaamheidsprojecten. Voorbeelden zijn de Uitvoeringsverordening Subsidies Energietransitie Provincie Utrecht en het energiefonds Utrecht. Voor grotere projecten kan het wenselijk zijn om landelijk of Europees subsidie aan te vragen. Dit zijn vaak complexe trajecten, die een zekere voorinvestering vragen. Door actief in te zetten op het communiceren van bestaande subsidiemogelijkheden en door binnen het programmateam een coördinator aan te wijzen die (mede-) verantwoordelijk is voor het binnenhalen van externe subsidie, willen we bestaande mogelijkheden beter benutten. Netwerk opbouwen Het van de grond krijgen van innovaties vraagt in veel gevallen een groot netwerk. Om een project te laten slagen heb je de juiste projectpartners nodig.

Het stimuleren van ESCo’s vraagt bijvoorbeeld inzicht in mogelijke aanbieders, klanten en financiers en vraagt de nodige afstemming in communicatie met de gemeente. Als gemeente willen we ons bestaande netwerk delen en willen we tijd vrijmaken om initiatieven actief te ondersteunen en te begeleiden bij het opbouwen van een netwerk. Een voorbeeld hiervan is het stimuleren van waterstofmobiliteit, waar het belangrijk is dat er een netwerk gevormd wordt tussen vraag en aanbod.

16

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Uitvoeringscapaciteit versterken Innovatie in de energietransitie staat of valt ook met de mensen die de juiste ideeën hebben én de tijd en capaciteit om dat uit te voeren. Er is een enorme schaarste aan geschikt technisch personeel om de energietransitie uit te voeren. Inwoners die met een bewonersinitiatief aan de gang willen hebben vaak nog veel andere taken op hun bordje. Om de uitvoeringscapaciteit te versterken gaan we nieuwe partnerschappen vormen voor opleiding en omscholing richting de duurzame energie en bouwrenovatiesector. Voor begeleiding van initiatieven vanuit de buurt bieden we cursussen aan en indien nodig extra ondersteuning vanuit het energieloket. Bij Doelen en Acties per pijler is de inzet op energie-innovaties per pijler verwerkt in de inspanningen.

Figuur 9: energiehuis

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Integrale communicatie- en participatiestrategie voor ENV Communicatiestrategie Duurzaam Veenendaal ‘Van bewustwording naar concrete aanpak’ In de afgelopen programmaperiode 2017-2021 is veel bereikt. Veenendaal wordt steeds duurzaam-bewuster. In onze communicatie nemen we inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen mee in het verhaal van een duurzame toekomst voor onszelf, onze kinderen en onze kleinkinderen. De focus voor de tweede programmaperiode 2022-2025 ligt op ‘de concrete aanpak’. Communicatie is gericht op de uitvoering en geeft op een inspirerende wijze aan hoe iedereen in Veenendaal hiermee aan de slag kan. Uitgangspunt is ‘beperk je energievraag, daarmee maak je uiteindelijk de stap naar aardgasvrij kleiner’. Ook in communicatie is het belangrijk om inwoners vertrouwd te maken met trias energetica die aan het begin van het hoofdstuk is toegelicht. Bewustwording en concrete aanpak Om inwoners en bedrijven te motiveren aan de slag te gaan met het verduurzamen van hun woning/bedrijf, faciliteren we hen met diverse campagnes en middelen. Het op te zetten gezamenlijk inkoopbeleid, de informatiemarkt, Duurzaamheidskrant, het Trefpunt#duurzaam en de Energiecaravan spelen hierbij een belangrijke rol. Op deze concrete aanpak ligt in de periode 2022-2025 de focus. Tegelijk blijven we werken aan bewustwording.

Draagvlak creëren en gedragsverandering teweeg brengen blijven de komende jaren van doorslaggevend belang. Dat geldt ook voor de samenwerking met bedrijven, corporaties, Bedrijvenkring Ondernemend Veenendaal en andere samenwerkingspartners in Veenendaal. Ook de integrale samenwerking binnen de eigen organisatie

Routekaart

Strategie

is belangrijk. Voor een inwoner zijn we immers één gemeente, en duurzaamheid in al zijn facetten is daarmee één boodschap. Onze website duurzaamveenendaal.nl, dé pijler in communicatie en bijvoorbeeld de jaarlijkse Duurzaamheidkrant zijn daar mooie voorbeelden van.

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Samenwerken Samenwerking binnen het Programmateam, binnen de organisatie, met de corporaties, met de Bedrijvenkring Ondernemend Veenendaal, is van wezenlijk belang. Duurzame energie in Veenendaal komt in de komende decennia achter elke voordeur. Daarmee is het van en voor ons allemaal.

De buurtuitvoeringsplannen Communicatie over de buurtuitvoeringsplannen neemt de komende jaren een grote plaats in. Bij de opzet van deze buurtuitvoeringsplannen wordt per buurt een participatieaanpak gemaakt. Als basis hiervoor is een Participatieplan Transitievisie Warmte gemaakt. Deze is gebaseerd op de gemeentebrede, door de raad geaccordeerde, participatie-aanpak. Communicatie over de Regionale Energie Strategie Direct aansluitend aan de lokale energietransitie werken we aan de Regionale aanpak, de Regionale Energie Strategie. En hoewel voor de RES Foodvalley een communicatieteam is aangetrokken, is het van belang de aansluiting te houden met onze lokale strategie. Besluitvorming RES Foodvalley vindt naar verwachting medio 2021 plaats. Echter, met de zoektocht naar energie uit wind en zon, zal dit onderwerp ons ook in de komende jaren bezighouden. Monitoren wat er in onze gemeente en aan onze gemeentegrenzen gebeurt en hierop acteren met communicatie, is van belang voor onze inwoners.

17

Stap voor stap naar aardgasvrij Veenendaal De communicatieboodschap voor de komende programmaperiode sluit aan bij de opdracht voor de komende periode: Veenendaal wil in 2050 energieneutraal zijn, daar gaan we ook de komende jaren samen mee aan de slag! In de periode 2022-2025 ligt de focus op de concrete aanpak - isoleren en verduurzamen-. Aansluiten bij de belevingswereld van inwoners is een belangrijke voorwaarde om de boodschap goed over te brengen. Inwoners handelen veelal niet in losse acties. In hun handelen komen vaak verschillende duurzame doelen samen. Dat komt in onze website www.duurzaamveenendaal.nl al mooi samen. Het is goed om daar nog meer op in te spelen en nog meer acties overkoepelend uit te voeren. Daarmee komen we tegemoet aan de wens van inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen.

Isolatie van een huis eerder dan van het gas af De warmtescan is echt mega nuttig!!

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Aansluiten bij inwoners Voor analyses van wijken en buurten maken we gebruik van het leefstijlonderzoek van Market Response. Zo vergroten we ons bereik en spreken we inwoners op de juiste manier aan. Leefstijlgerichte communicatie is maatwerk! Voor bewustwordingscommunicatie aan inwoners en bedrijven in Veenendaal maken we gebruik van een middelenmix. Bij de buurtaanpak wordt een analyse gemaakt en wordt meer maatwerk toegepast. Een belangrijk gegeven om rekening mee te houden is dat 18% van de Nederlanders van 16 jaar en ouder moeite heeft met lezen, schrijven en/of rekenen. Buurtgerichte aanpak: Passend bij de buurtuitvoeringsplannen maken we voor elke buurt een buurtgerichte aanpak, op basis van de buurtanalyse. Onderdeel van deze aanpak kan bijvoorbeeld zijn het opzetten van een meedenkteam, buurtapp, pop-up informatiepunt, een wijkfestival, een werkatelier, voorlichtingsbijeenkomsten in de wijk, enz. Bij de participatieparagraaf is een voorbeeld van de eerste stappen in een buurtgerichte aanpak opgenomen.

•

•

Routekaart

Strategie

Harmonie (geel): Toetsen en meedenken als participatie van belang is voor de eigen buurt. Verwacht van de gemeente een coachende rol. Vervreemd van politiek. De overheid moet solidariteit bevorderen. Zekerheid (groen): Voorleggen, informeren en inspraak (gehoord worden). Sceptisch, wantrouwend. De overheid moet zorgdragen voor sociale zekerheid en veiligheid.

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Zet veel meer in op participatie door echt samen te werken, niet alleen zenden.

Het leefstijlenonderzoek en de participatie-aanpak zijn een belangrijke toevoeging aan het strategisch communicatieplan voor de energietransitie. Op basis van het leefstijlenonderzoek wordt de analyse van de buurt gemaakt. Met de analyse van de buurt wordt de participatie voor de buurt gemaakt.

Figuur 10: leefstijlenonderzoek Inwoners van Veenendaal

Het leefstijlonderzoek van Market Response kent vier leefstijlen voor inwoners van een wijk, met de volgende kenmerken van deze inwoners: •

•

Vitaliteit (rood): Ideeën genereren, samenwerking en gelijkwaardigheid. Kritisch, mondig en assertief. De overheid, dat zijn wij. Controle (blauw): Inspraak en deskundigheid. De overheid moet efficiënt werken. Kritisch maar betrokken.

De afgelopen jaren is in Veenendaal het aantal groene buurten procentueel afgenomen en is het aantal blauwe buurten sterk gegroeid. Dit betekent een verschuiving van ‘groepsgericht’ naar ‘individueel-gericht’. Voor elke buurtaanpak wordt een analyse van de buurt gemaakt met behulp van de kennis uit Market Response. Wat is de basiskennis van onze inwoner-doelgroep? Wat is de belevingswereld van onze ontvanger? Wat zijn zijn/haar voorkeuren? En hoe kunnen we hierop aansluiten? Hoe wil onze ontvanger onze boodschap ontvangen? Kortom, onderzoek naar de ontvanger van onze boodschap is net zo belangrijk als de boodschap!

18

Figuur 11: positionering strategisch communicatieplan

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Communicatiestrategie In de afgelopen jaren is veel geleerd over communicatie bij de Proeftuinen Aardgasvrije Wijken. Een paar voorbeelden van de belangrijkste lessen zijn het ‘klein beginnen’, waar mogelijk; draagvlak creëren; vertrouwen opbouwen via ambassadeurs in de buurt en bewoners/bedrijven vanaf een vroeg moment betrekken. Het is van belang hierbij aan te sluiten.

1.

Awareness / Attitude inwoners/bedrijven en maatschappelijke instellingen zijn zich bewust van de maatregelen die beschikbaar zijn.

2.

Access / Aid inwoners/bedrijven en maatschappelijke instellingen hebben eenvoudig toegang tot benodigde informatie

3.

Action / Acknowledgement inwoners/bedrijven en maatschappelijke instellingen kunnen energiezuinige maatregelen eenvoudig zelf toepassen

Strategie

Toch zijn er ook een aantal zaken die in de komende jaren verder uitgebouwd kunnen worden om deze strategie verder uit te kunnen rollen. Een paar voorbeelden: • • •

Inwoners, bedrijven en maatschappelijke instellingen van Veenendaal zien de gemeente als een betrouwbare partner. Men ziet het als de (vertrouwde) taak van de gemeente om onafhankelijk energieadvies op maat te faciliteren. In die lijn is er ook behoefte aan een specifieke wijkgerichte aanpak. Daarvoor gaan we uit van de triple-A strategie:

Routekaart

•

Het verbeteren en meer interactief maken van de onlinecommunicatie. Het uitlenen van slimme meetsystemen om energieverbruik te meten. Tijdens buurtaanpak- en individuele initiatieven tijdelijke adviescentra in wijk/buurt opzetten. Technologie voor energiezuinige renovatie in reële omstandigheden demonstreren.

Naast de hierboven omschreven strategie voor huiseigenaren, bedrijven en maatschappelijke instellingen is het van belang om ook voor de circa 40% huurwoningen een goede ingang te vinden. Samenwerking en afstemming met de corporaties is daarvoor in de afgelopen jaren al opgestart en deze wordt in de komende periode verder uitgebouwd.

Met onze communicatie willen we aansluiten bij deze drie uitgangspunten. Met onze website www.duurzaamveenendaal. nl, het Trefpunt#duurzaam, het Energieloket en de Energiecaravan zijn we al goed op weg om aan bovenstaande voorwaarden te voldoen.

Figuur 12: de 6 A’s van de triple-A strategie 19

Doelen en acties per pijler

Organisatie en financiën

Hartstikke goed om per wijk aan te gaan kijken wat de mogelijkheden zijn.

Ga eerst besparen en zie hoeveel dat oplevert en inverteer dan in een duurzaam product zoals bijvoorbeeld een warmtepomp.

Samenvatting & Ambitie

Evaluatie

Samenhang & kaders

Communicatie doelstellingen Het vergroten van kennis en het realiseren van een positieve houding ten opzichte van ENV2050 en het realiseren van de gedragsverandering zijn belangrijke doelstellingen. Met de bewustwordingscampagne kunnen we de kennis in duurzaamheid vergroten, door de juiste benadering (per doelgroep, per leefstijl) kunnen we de houding positief beïnvloeden en uiteindelijk het gedrag. Daarmee krijgt de concrete aanpak vorm en gaan inwoners en bedrijven ook daadwerkelijk aan de slag. Of dit ook daadwerkelijk gebeurt, meten we in de pijlers. Waar nodig stelen we onze communicatie bij. Naar buiten toe communiceren we over communicatie duurzame energie Veenendaal. De interne organisatie kent binnen het programma vier pijlers. Ook de ondersteuning van deze pijlers vormt een belangrijk onderdeel van de communicatie. Deze draagt in belangrijke mate bij aan het behalen van de in de pijlers gestelde doelstellingen. Onderstaand een aantal voorbeelden van de communicatie-acties die voor de komende programma-periode op stapel staan: Communicatie in Pijler Wonen a. Communicatie rond het Trefpunt#duurzaam. b. Communicatie bij het opzetten van pop-up-Trefpunten in de wijken/buurten. c. Communicatieve ondersteuning bij de vervolgstap in de ontwikkeling van de verduurzaming van de Vve’s. d. Brede communicatie bij buurtuitvoeringsplannen. e.

Opzetten van participatie-aanpak bij de buurtuitvoeringsplannen. Communicatie in Pijler Werken a. Voorbeeldbedrijven in de spotlight zetten met artikelen. b. Bedrijfsbezoeken organiseren.

Routekaart

Doelen en acties per pijler

Strategie

c. Meer communicatie in de openbare ruimte door bijvoorbeeld het plaatsen van driehoeksborden en spandoeken op de Bedrijventerreinen. d. Intensieve wijkaanpak bedrijventerrein Faktorij/De Vendel (brieven, flyers, bedrijfsbezoeken, enz.). e. Intensieve samenwerking met Bedrijvenkring Ondernemend Veenendaal; opzetten diverse communicatie-acties, onder andere gericht op zon-op-dak.

•

Communicatie in Pijler Mobiliteit a. Communicatie over het thuiswerken stimuleren. b. Fiets- en wandelnetwerk optimaliseren. c. Elektrisch rijden faciliteren. d. Concrete waterstofprojecten.

•

Communicatie in Pijler Gemeente als Voorbeeld a. Communicatie over het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed. b. Deelname aan initiatieven op het gebied van CO2-reductie. c. Communicatie over duurzame opwek in de openbare ruimte. d. Communicatie over het groenbeleid. e. Communicatie over Innovaties: Solar carports. f. Communicatie over de ontwikkeling rond waterstof. Participatie-aanpak In 2020 werd een enquête onder bewoners van zowel verkenningsbuurten als overige buurten gehouden en werd hen gevraagd hoe zij tegenover de aardgasvrij opgave staan Belangrijke bevindingen uit deze enquête zijn: •

Tempo: In Veenendaal hoeven de bewoners niet voorop te lopen en willen voorlopig doorgaan met aardgas. Dit geldt in grotere mate voor de bewoners in de

20

Organisatie en financiën

verkenningswijken. In de aanloop naar aardgasvrij, is het belangrijk dat bewoners gedurende het gehele traject duidelijk geïnformeerd worden. Er is behoefte aan een prijsopgave om de woning geschikt te maken voor aardgasvrij of aan een buurt- of energiecollectief om dit te regelen. Veel mensen zien zo’n collectieve oplossing als een mogelijkheid, wanneer dit leidt tot ontzorging. Betaalbaarheid: Voor alle wijken geldt dat, als er een alternatief komt voor aardgas, dit volgens de bewoners alleen mag als de maandlasten niet hoger worden. Bij een groot deel van de bewoners leeft het besef dat het beter is om vroeg te beginnen en te profiteren van subsidies die nu nog beschikbaar zijn. Ontzorgen: Als er in de wijk een alternatief voor aardgas wordt aangelegd, willen bewoners vooral worden geïnformeerd en ontzorgd. Dit kan door een overzicht van aannemers.. In de verkenningswijken geeft een relatief grote groep bewoners (155 van de 413 reacties) aan, zelf aan de slag te willen en keuzevrijheid te willen behouden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10196889/1