CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Eerste bestuursrapportage 2024 - rapportage

Gemeenteraad 20 juni 2024, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Eerste bestuursrapportage 202414.755 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Op basis van de landelijke trend is de verwachting dat de aanvragen naar materiële voorzieningen stijgen. Daarnaast zijn we momenteel bezig met de aanbesteding van de woonvoorzieningen. Deze aanbesteding zorgt mogelijk ook voor 37

hogere kosten in deze categorie in 2025. We hopen hier tijdens de tweede bestuursrapportage meer duidelijkheid over te kunnen geven. Inburgering Door een verhoogde instroom in de inburgering hebben we te maken met hoge caseloads. Gelet op het aantal nieuwe aanmeldingen is het de verwachting dat dit de komende jaren zal aanhouden. Met incidentele rijksmiddelen is er tijdelijke extra formatie gerealiseerd. Deze tijdelijke formatie loopt af in 2025 en er is nog geen zicht op nieuwe middelen van het Rijk. De verwachting is dat de caseloads hoog blijven tot en met 2026. Daarnaast is uit een recente evaluatie gebleken dat de huidige structurele formatie ontoereikend is. Binnen de daartoe beschikbare middelen wordt in het tweede kwartaal van 2024 bekeken om de huidige, tijdelijke extra formatie te verlengen tot en met 2026 en de structurele formatie uit te breiden. In 2023 is ingezet op verbetering van het traject maatschappelijke begeleiding (maatjes). De eerste tekenen van verbeteringen zijn zichtbaar. We blijven dit de komende periode monitoren. Daarnaast vindt in 2024 onderzoek plaats naar een betere afstemming tussen de verschillende onderdelen van inburgering. Het doorontwikkelen van de component financieel ontzorgen is één van deze elementen. Als gevolg van een te verwachten wetswijziging rondom ontzorgen ontstaat meer ruimte voor een eigen (lokale) invulling.

Schuldhulpverlening We zien een stijging van het aantal aanmeldingen bij het Budgetloket en onze (contract)partners. Dit komt mede door de inzet van het instrument vroegsignalering. Inwoners weten de weg naar schuldhulpverlening steeds beter te vinden. Ook in 2024 blijven we inzetten op communicatie over schulddienstverlening en willen we de toegang voor ondernemers verbeteren. We gaan monitoren of het aantal aanmeldingen van ondernemers overeenkomt met de te verwachte kosten. Recent is er een landelijk bestuurlijk akkoord gesloten over de basisdienstverlening. Hiermee wordt bedoeld dat iedere gemeente in Nederland een bepaalde basis aan schuldhulpverlening aanbiedt. Medio 2024 wordt meer gepubliceerd over dit onderwerp en wordt duidelijk welke dienstverlening verder ontwikkeld moet worden. Voor Veenendaal kan worden gedacht aan meer aandacht voor kwetsbare groepen (jongeren en nieuwkomers) en bepaalde vormen van dienstverlening (zoals financiële educatie, begeleiding en nazorg). Begeleiding en nazorg zijn bovendien onderwerpen die meer in de belangstelling zijn komen te staan vanwege de verkorte schuldsaneringsperiode van 36 maanden naar 18 maanden. Ontwikkeling bijstandsbestand De arbeidsmarktregio Foodvalley geeft aan dat de voortdurende groei van het aantal vacatures is afgezwakt. Dagelijks is er nog steeds sprake van een krappe arbeidsmarkt.

Naar verwachting gaat dit de komende jaren niet wezenlijk veranderen. Vanwege de vergrijzing zijn er naar verhouding minder arbeidskrachten beschikbaar en neemt de vraag naar arbeidskrachten bijvoorbeeld in de zorgsector toe. De ontwikkeling van het bijstandsbestand geeft momenteel geen financiële risico’s. Armoedebeleid Binnen het armoedebeleid hebben we meerdere instrumenten om het 'mee kunnen doen van onze inwoners in een kwetsbare positie' zoveel mogelijk te bevorderen. In financiële zin zijn de uitgaven aan de Veenendaalpas en in mindere mate de regeling meerkosten chronisch zieken en gehandicapten de meest significante en tegelijkertijd ook de moeilijkst in te schatten kosten. Deze zijn afhankelijk van meerdere factoren. Op basis van de huidige gegevens gaan we uit van een overschrijding op dit budget van € 500.000. Door de koppeling met de energietoeslag is het aantal Veenendaalpashouders toegenomen en daarmee is ook het bereik gestegen. Een vergroot bereik betekent ook hogere uitgaven. Dat geldt zowel voor de uitgaven aan de minimaregelingen als voor de uitvoeringskosten. We verwachten dat de uitgaven blijven toenemen. De mogelijkheden van de Veenendaalpas worden per 1 juli 2024 breder, waardoor er meer keuzevrijheid is en inwoners de tegoeden

38

kunnen inzetten op wat zij nodig hebben. De daadwerkelijke realisatie is afhankelijk van het aantal pashouders en van hun pasgebruik. Het gebruik van de regeling meerkosten chronisch zieken en gehandicapten ligt significant hoger dan de inschatting bij de herintroductie van deze regeling. De criteria voor deze regeling blijken ruim gedefinieerd waardoor de ondersteuning ongericht is. Het voorstel van het college is daarom om de criteria per 1 juli 2024 aan te passen zodat de regeling de groep bedient die we voor ogen hebben. Het bedrag is in 2023 tijdelijk verhoogd naar € 500 per aanvrager. Per 1 juli 2024 gaat het bedrag terug naar de oorspronkelijke € 200. In combinatie met een aanscherping van de criteria verwachten we voor deze regeling een afname van uitgaven in de tweede helft van 2024. Ook in de deelname aan de gemeentepolis zien we een kleine toename. Het aantal deelnemers dat heeft gekozen voor het zwaarste zorgpakket, GarantVerzorgd3, is toegenomen. Een grotere groep is goed verzekerd maar ook dit heeft een financieel effect. Jeugd Uit de jaarcijfers over 2023 van de regio FoodValley jeugd, die we medio april 2024 hebben ontvangen, blijkt dat de kosten blijven stijgen in de 2e lijnszorg ondanks alle inspanningen. Naast de stijging van het aantal jeugdigen die zorg nodig hebben zien we ook dat de intensiteit van de zorg niet afneemt.

39

Programma 4: Burger en Bestuur Thema I: Dienstverlening (extern) Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.a. De eerstelijns dienstverlening is klant-, service- en oplossingsgericht, waardoor er balans is tussen efficiënte inrichting en klantbeleving.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.a.1. Jaarlijks worden balie en telefonie gemeten op bereikbaarheid (telefonie, social media en website), toegankelijkheid (balie, o.a. openingstijden, werken op afspraak), middels een klanttevredenheidsonderzoek. Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

I.a.2. Signalen die voortkomen uit onderzoeken of rechtstreeks van klanten oppakken om de dienstverlening blijvend te optimaliseren. Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

I.a.3. Innovatieve service aanbieden aan onze klanten via digitaal loket, de balie en telefonie (particulieren, bedrijven en instellingen). Landelijke ontwikkelingen worden gevolgd zoals ediensten en wet- en regelgeving op dit gebied. Tijd (indicator) Tijd (toelichting) Onze software-leverancier heeft het pakket eDiensten Burgerzaken op de markt gebracht. Dit ondersteunt het aanvraag- en aangifteproces, inclusief de automatische verwerking in Centric Burgerzaken, het aanmaken van een zaak in het zaaksysteem en het opslaan van documenten in het zaaksysteem. Voordeel voor de burger is dat deze zelf bijvoorbeeld verhuizingen realtime kan laten verwerken met behulp van DigiD waardoor de kans op fouten wordt verminderd, en de interne bedrijfsvoering efficiënter wordt. Het voorstel om dit pakket aan te schaffen is verwerkt in de Kadernota 2025. Inhoud (indicator)

40

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.b. We streven naar steeds meer zelfregie voor de klant om zijn zaken met de gemeente (digitaal) zelf te kunnen regelen.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.b.1. Meten van gebruik webformulieren. Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) I.c. We streven naar een toegankelijke communicatie richting alle inwoners.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) I.c.1. In 2024 adviseren we de organisatie over hoe taal, digitaal en proces begrijpelijk en duidelijk verder meegenomen kan worden in de bedrijfsvoering. Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

Thema II: Burger en samenwerking Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II.a. Veenendaal zet zich (ook) in 2023 in voor de verdere ontwikkeling van de regio Foodvalley.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.a.1. Veenendaal levert een (ambtelijke) bijdrage aan het binnen de regio invulling geven aan de Regiodeal Foodvalley. Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

II.a.2. Eind 2020 is de geactualiseerde Strategische Agenda Foodvalley 2020 – 2025 vastgesteld. De komende jaren wordt in Triple Helix-verband vormgegeven aan de uitvoering van deze Strategische Agenda. Veenendaal levert hieraan zijn bijdrage. Tijd (indicator)

41

Inhoud (indicator)

II.a.3. Als onderdeel van de gemeenschappelijke regeling geeft Veenendaal mede invulling aan de overheidsgeleding van de Triple Helix regio Foodvalley (3 O’s: overheid, onderwijs, ondernemingen). Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II.b Veenendaal is een betrouwbare samenwerkingspartner.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.b.1. Veenendaal zet zich (ook) in 2024 in voor de verdere ontwikkeling van de regio Foodvalley Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

II.b.2. Veenendaal is een betrouwbare samenwerkingspartner. Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

Wat willen we bereiken? (doelstellingen) II.c. Adequate sturing en controle ten aanzien van verbonden partijen waarin de gemeente Veenendaal deelneemt.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) II.c.1. In het najaar van 2024 wordt de gemeenteraad een geactualiseerde Nota verbonden partijen ter vaststelling aangeboden Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

42

Thema III: Veiligheid samenleving Wat willen we bereiken? (doelstellingen) III.a Inwoners en ondernemers kunnen veilig wonen, werken en leven in de stad en weten hoe ze weerbaar zijn tegen verschillende soorten criminaliteit.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) III.a.1 Realiseren van de doelstellingen en samen met ketenpartners, inwoners en ondernemers uitvoering geven aan de activiteiten gericht op met name (het voorkomen van) ondermijning, digitale veiligheid en (het voorkomen van) maatschappelijke onrust Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

III.a.2. Samen met ketenpartners acteren en inzet plegen op (acute) (zorg- en) veiligheidsissues en -casussen waarbinnen o.a. gewerkt wordt met actuele wet- en regelgeving en actuele inzichten Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

Financiële ontwikkelingen Burger en bestuur Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Lasten 0.1C - Bestuur

23

23

78

78

1.1A - Crisisbeheersing en Brandweer

0

0

0

0

Totaal Lasten

23

23

78

78

0.1C - Bestuur

-57

-57

-2

-2

1.1A - Crisisbeheersing en Brandweer

74

0

0

0

Totaal Baten

17

-57

-2

-2

Saldo van baten en lasten

-6

-80

-80

-80

Totaal 1e bestuursrapportage

-6

-80

-80

-80

Baten

Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 0.1C - Bestuur (nadeel € 23.000) Per abuis zijn de prijsindex en de programmamanagement kosten per 2023 incidenteel in de begroting verwerkt. In deze bestuursrapportage zijn de structurele effecten verwerkt.

43

Baten 0.1C - Bestuur (nadeel € 57.000) In het kader van de doorontwikkeling 2021 is een formatieplaats vastgesteld voor 2021 en 2022, die per 31-12-2022 is vervallen. In de begroting is een structurele inkomst vanuit Regio Foodvalley opgenomen van € 57.000, deze had incidenteel moeten zijn en gekoppeld zijn aan deze tijdelijke formatieplaats. Door het wegvallen van deze formatieplaats (die al was afgeraamd in de meerjarenbegroting 2023-2026) moet nu ook de structurele inkomst verlaagd worden. 1.1A - Crisisbeheersing en Brandweer (voordeel € 74.000) De VRU stelt voor om € 2.000.000 van het rekeningresultaat terug te storten naar de deelnemende gemeenten. Voor de gemeente Veenendaal betekent dit een voordeel van € 74.000.

Risico's / ontwikkelingen Burger en Bestuur Opvang Oekraïense ontheemden De opvang van Oekraïense ontheemden in Veenendaal is verspreid over 8 gemeentelijke opvanglocaties. Op dit moment worden er in totaal circa 260 personen opgevangen verspreid over de gemeentelijke opvanglocaties en in de particuliere opvang. Recent hebben wij het pand aan de Kerkewijk 59 aangekocht om daar een opvanglocatie van te maken. We verwachten daar ongeveer 40 Oekraïense vluchtelingen op te gaan vangen. Op landelijk en provinciaal niveau zien we dat de opvang van Oekraïense vluchtelingen onder druk staat. De verwachting is dat de taakstelling op korte termijn verhoogd gaat worden. Met de toevoeging van de 9e opvanglocatie in Veenendaal zitten we goed als het aankomt op onze taakstelling. De financiering vanuit het Rijk van de opvang zelf voorziet in de door de gemeente gemaakte kosten van opvang, leefgeld en ambtelijke inzet. Crisis Noodopvang Wageningselaan Sinds augustus 2022 is er een crisisnoodopvang locatie aan de Wageningselaan 2 (het voormalig Belcompany gebouw). Voor de organisatie van deze opvanglocatie werken wij samen met de Veiligheidsregio Utrecht. De kosten die gemaakt worden voor deze crisisnoodopvang factureren wij één op één door aan het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA). Spreidingswet Sinds 31 januari 2024 is de Spreidingswet van kracht.

Met de Spreidingswet hebben gemeenten de taak gekregen om asielopvang binnen de gemeente te organiseren. Voor Veenendaal geldt dat wij een taakstelling hebben van 380 personen. Momenteel onderzoeken we op welke manier langjarige opvang mogelijk is in het voormalig Belcompany gebouw en daarnaast zijn we ons bewust dat daarmee nog niet voldaan wordt aan onze taakstelling vanuit de Spreidingswet. We onderzoeken op welke manier we hier mogelijk invulling aan kunnen geven.

44

Programma 5: Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien Financiële ontwikkelingen Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Lasten 0.61 - OZB-woningen

490

0

0

0

0.8 - Overige baten en lasten

-990

0

0

0

Totaal Lasten

-500

0

0

0

0.5 - Treasury

37

0

0

0

0.64A - Belastingen overig

0

0

0

0

0.7 - Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds

-643

0

0

0

Totaal Baten

-606

0

0

0

Saldo van baten en lasten

-106

0

0

0

Totaal 1e bestuursrapportage

-106

0

0

0

Baten

Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 0.61 - OZB-woningen (nadeel € 490.000) Bezwaarschriften Het aantal bezwaarschriften op de gemeentelijke belastingaanslagen is de laatste jaren fors toegenomen. Om deze voor 2024 te kunnen afhandelen is extra capaciteit nodig. De kosten hiervan bedragen, op basis van een inschatting van 1500 No-cure-no-pay-bezwaren, € 190.000. De bezwaarschriften werden in 2021 nog geheel uitbesteed, daarna werden de particulier ingediende bezwaren binnen de formatie van het team Belastingen uitgevoerd. De stijging van de No Cure No Pay bezwaren (door bureaus) konden niet binnen die formatie worden opgevangen. Proceskosten Het budget voor proceskosten, voor die gevallen waarbij burgers na bezwaar in het gelijk gesteld worden, is ontoereikend. Op basis van een inschatting, gerelateerd aan de aantallen van 2023 en 2024 en de maatregel vanuit het rijk waarbij de proceskosten ten opzichte van 2023 fors verlaagd heeft, zal er een bijraming plaats moeten vinden van € 300.000. Dat is enerzijds het gevolg van de kosten van vorig jaar die dit jaar zijn verantwoord ad € 190.000 en anderzijds omdat de (stijging van) het aantal bezwaarschriften en dus ook de proceskosten tijdens de vaststelling van de begroting niet is te voorspellen. De effecten van de bezwaarschriftenprocedures zijn voor de burger gemiddeld genomen gering.

Dit in tegenstelling tot de budgettaire effecten voor de gemeente omdat de gemeente de uiteindelijke rekening van het proces betaalt. 0.8 - Overige baten en lasten (voordeel € 990.000) Voor de kostenstijging 2024 van de 2e lijnsjeugdzorg is € 990.000 incidenteel gedekt uit de stelpost prijsindex. Zie voor de inhoudelijk toelichting programma 3 Sociale leefomgeving. 0.5 - Treasury (voordeel € 37.000) Renten (voordeel € 37.000) Per 1 januari 2024 treedt de gemeente Scherpenzeel officieel toe tot de Afvalcombinatie “De Vallei” N.V. (ACV). Op dit moment participeren de gemeente Ede, Renkum, Renswoude, Wageningen en Veenendaal. Het toetreden tot ACV is goed voor de continuïteit van deze samenwerking. De toetreding is in lijn met de strategische visie van ACV en heeft een positieve invloed op de omzet. Daarnaast is een herijking van het aantal aandelen noodzakelijk. Deze is gekoppeld aan de omvang van de werkzaamheden die ACV per gemeente verricht en wordt conform de aandeelhoudersovereenkomst iedere vijf jaar 45

herzien. Voor Veenendaal betekent dit een kleiner belang (23,36%) in het aandelenkapitaal ten opzichte van de huidige situatie (24,78%). Als gevolg hiervan verminderd het gemeentelijk aandelenbezit ACV met afgerond € 67.000. Dit betreft een mutatie op de balans en heeft geen budgettair effect. Daarnaast ontstaat een voordeel door de verkoop en herwaardering van de aandelen. Dit voordeel bedraagt afgerond € 37.000. Voorgesteld wordt om dit bedrag als voordeel mee te nemen in deze bestuursrapportage. 0.7 - Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds (nadeel € 643.000) De effecten van de decembercirculaire 2023 worden incidenteel verwerkt in de begroting 2024 en structureel verwerkt in het financieel kader bij de Kadernota 2025-2028.

Risico's / ontwikkelingen Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien N.v.t.

46

Programma 6: Bedrijfsvoering Thema V: Bedrijfsvoering algemeen Wat willen we bereiken? (doelstellingen) V.a. Grip verbeteren op rechtmatigheid van inkopen.

Wat gaan we hiervoor doen? (inspanningen/acties) V.a.1. Implementatie/uitrol van het inkoop -en bestelsysteem binnen de organisatie. Tijd (indicator)

Inhoud (indicator)

Financiële ontwikkelingen Bedrijfsvoering Bedragen x €1.000 Feiten en ontwikkelingen

Raming 2024

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Lasten 0.4C - Overhead (interne dienstverlening)

50

50

50

50

0.4G - Overhead (Juridische zaken)

100

0

0

0

0.4J - Overhead (A&A)

122

0

0

0

0.4L - Overhead (P&O)

40

40

40

40

0.4Y - Overhead Team JZI

0

0

20

20

9.901 - Algemeen Directie

969

0

0

0

Totaal Lasten

1.281

90

110

110

Saldo van baten en lasten

-1.281

-90

-110

-110

Totaal 1e bestuursrapportage

-1.281

-90

-110

-110

Toelichtingen financiële ontwikkelingen Lasten 0.4C - Overhead ( interne dienstverlening) (nadeel € 50.000) Beveiliging (nadeel € 18.000) In 2023 heeft een aanbesteding plaats gevonden. Het reguliere budget voor beveiliging is hiermee structureel ontoereikend. Verzocht wordt het budget structureel te verhogen met € 18.000. Catering (nadeel € 32.000) In 2023 heeft een aanbesteding plaats gevonden. Naast de prijsstijgingen is hierin een volumewijziging verwerkt omdat de afname van de cateringdiensten aanzienlijk is toegenomen. Het reguliere budget voor catering is hiermee structureel ontoereikend. Verzocht wordt het budget structureel te verhogen met € 32.000. 0.4G - Overhead Juridische zaken (nadeel € 100.000) In 2024 wordt er nog steeds een groot beroep gedaan op externe juridische bijstand voor o.a. nieuwe geheimhoudingsbepalingen in relatie tot de Woo. Een eenmalig budgetaanpassing van € 100.000 in verband met deze zaken is noodzakelijk. 0.4J - Overhead (A&A) (nadeel € 122.000) Om te komen tot een nieuw convenant met de Belastingdienst inzake horizontaal toezicht, is 47

een plan van aanpak opgesteld teneinde op korte termijn te voldoen aan een 6-tal eisen ten aanzien van de financiële strategie, fiscale risico's en beheersing. Hiertoe wordt extra capaciteit en deskundigheid ingezet. De eerste aanzet is in 2023 gegeven. Er is toen € 25.000 beschikbaar gesteld. In 2024 is een bedrag van € 122.000 nodig om het plan van aanpak af te ronden. 0.4L - Overhead (P&O) (nadeel € 40.000) In 2023 heeft een Europese aanbesteding t.a.v. de arbodienstverlening plaatsgevonden. Ten opzichte van de huidige raming is er aanvullend budget nodig om aan onze financiële verplichtingen jegens de nieuwe arbodienst te voldoen. Waar de raming van afgelopen jaren passend was, brengt de nieuwe gunning/aanbesteding alleen voor de arbodienstverlening een bedrag van € 40.000 extra met zich mee. Dit is exclusief eventuele extra kosten van diensten die niet in het contract zitten, maar facultatief afgenomen kunnen worden. Tevens wordt uit het arbobudget ook andere zaken bekostigd mbt vitaliteit, te weten o.a. : computerbrillen, aangepaste werkplekken, spoor 2 trajecten in het kader van de Wet Verbetering Poortwachter (WvP). Het verzoek is om structureel met ingang van 2024 een bedrag van € 40.000 beschikbaar te stellen.

9.901 - Algemeen Directie/Financiën (nadeel € 969.000) Formatie Financiën (nadeel € 69.000) Binnen het team Financiën zijn structurele personeelstekorten en hierdoor structurele achterstanden bij de crediteurenadministratie. Om de achterstanden weg te werken en structureel te voorkomen is het noodzakelijk dat de formatie wordt uitgebreid. In deze bestuursrapportage zijn de kosten van 1 fte incidenteel verwerkt. De structurele formatieclaim is verwerkt in de Kadernota 2025-2028. Taakstelling personeel (nadeel € 900.000) De huidige druk op de capaciteit is organisatiebreed. In afgelopen bestuursrapportages hebben we het risico van onvoldoende kwantitatief en kwalitatief personeel nadrukkelijk in de top-10 risico’s benoemd. De druk op de capaciteit blijkt tevens ook uit het recente medewerkerstevredenheidsonderzoek naar Werkgeluk en het rekenkamerrapport naar strategische personeelsplanning en inhuur. Hoewel werkdruk niet 1-op-1 gelijk is aan capaciteitstekort geeft het wel een indicatie van de (ervaren) spanning tussen taken en beschikbare capaciteit. Om te anticiperen op ontwikkelingen en de voortgang van werkzaamheden te waarborgen, is er in het verleden besloten om een taakstelling op de personeelsbudgetten toe te passen.

Binnen de begroting hebben we daarvoor een negatieve stelpost van nu zo’n € 900.000 die tot nu toe incidenteel wordt gedekt vanuit (willekeurige) vacatureruimte. Vacatureruimte die financieel ook hard nodig is voor o.a. inhuur ter overbrugging. Waarbij op te merken valt dat de financiële ruimte als gevolg van vacatures, voor 2024 nagenoeg volledig besteed is. Anders dan in de meeste gemeenten kennen we geen aparte inhuurbudgetten en is de druk op het loonkostenbudget daarmee groter. Bovenop de geschetste al relatief lagere formatie dan gemeenten met dezelfde grote kan daarmee dus zo’n 10 fte aan bestaand loonkostenbudget niet ingezet worden. Als we kijken naar onze capaciteit, onze wettelijke taken en ambities zijn deze niet in verhouding. Om die reden stellen we dan ook voor deze stelpost te laten vervallen. Zodat het professioneel kunnen functioneren en ook de reguliere dienstverlening aan de burgers niet verder onder druk gezet wordt. Zowel in de eerste bestuursrapportage 2024, incidenteel voor het boekjaar 2024, als in de Kadernota 2025 voor de structurele oplossing is dit onderwerp verwerkt. Om de continuïteit van de bedrijfsvoering te kunnen waarborgen, worden vanuit de vrijval (vrijvallende personeelslasten) externe medewerkers bekostigd om taken uit te voeren in verband met vacatures, (langdurige) ziekte en bij piekbelasting.

Voor wat betreft de besteding van de gerealiseerde en verwachte vrijval voor 2024 zien we dat deze inmiddels volledig is gelabeld. Er resteert voor de rest van 2024 geen flexibele schil meer. Het is dan

48

ook niet ondenkbaar dat in volgende bestuursrapportage hierop wordt terug gekomen, met als doel om extra middelen beschikbaar te stellen.

Risico's / ontwikkelingen Bedrijfsvoering Onderzoek werkgeluk Eind 2023 kregen alle medewerkers een uitnodiging om een vragenlijst in te vullen die was gericht op een onderzoek naar werkgeluk. Zijn onze medewerkers gelukkig in hun werk? Wat maakt dat ze werkgeluk ervaren en wat gaat goed en wat kan beter? Dat waren vragen die we graag beantwoord wilden zien. Van de collega’s die bij ons in dienst zijn, heeft 70 procent de vragenlijst ingevuld. Zij hebben werkgeluk in onze organisatie beoordeeld met het cijfer 7,3. Dat is een ruime voldoende en gelijk aan het landelijk gemiddelde. Daar zijn we blij mee, want medewerkers die gelukkig zijn in hun werk presteren beter en zijn vitaler. De resultaten laten dus zien dat we al veel goed doen. Medewerkers beoordelen onderwerpen zoals plezier en lol hebben in het werk; voldoening en zingeving, het hybride en zelfstandig kunnen werken als zeer positief. Maar er is natuurlijk ook ruimte voor verbetering op onderwerpen zoals werkdruk, de werkomgeving (o.a. fysiek/ICT) en snelheid van beslissen. Het stopt niet met dit onderzoek. Teamleiders bespreken de resultaten in het eerste halfjaar 2024 met hun medewerkers. Er wordt met elkaar besproken hoe de punten nader opgepakt kunnen worden en hoe ze de goede dingen vast kunnen houden.

Ten aanzien van de verbeterpunten die organisatiebreed zijn, heeft de directie aan de teamleiders gevraagd om, op basis van de gesprekken die zij met hun medewerkers hebben gehad, aan de themadirecteuren terug te koppelen wat de belangrijkste organisatiebrede aandachtspunten zijn (tweede kwartaal 2024). Met die input bekijkt de directie welke organisatiebrede verbeterpunten zij wil oppakken. Eind dit jaar is er weer een nieuwe meting om te zien of we met elkaar op de juiste weg zitten.

49

Voortgang risico's Voortgang risico’s Voor de 1e bestuursrapportage 2024 zijn de gemeentelijke risico’s weer geactualiseerd. In de toelichting van tabel 2 vindt u informatie over de risico’s en de voortgang van de genomen beheersmaatregelen en andere ontwikkelingen. Peildatum van deze risico's is 1 mei 2024. De omvang van een risico wordt berekend op basis van: 1. Kans 2. Gevolg Tabel 1 Kans

Score kans

Gevolg

Score Gevolg

> 10 jaar

10%

1

X < € 50.000

1

5 jaar < x < 10 jaar

30%

2

€ 50.000 < x < € 200.000

2

2 jaar < x < 5 jaar

50%

3

€ 200.000< x < € 500.000

3

1 jaar < x < 2 jaar

70%

4

€ 500.000< x < € 1.000.000

4

X < 1 jaar

90%

5

X > 1.000.000

5

De risicoscore wordt als volgt berekend: Een risico dat zich 1 maal in de 3 jaar kan voordoen met een gevolg van € 250.000 krijgt voor kans een 3 en voor gevolg een 3 en scoort dus 3 x 3 = 9. Een risico dat zich 1 maal in de 2 jaar kan voordoen met een gevolg van € 600.000 krijgt voor kans een 4 en voor gevolg een 4 en scoort dus 4 x 4 = 16. In de hiernavolgende tabel is een overzicht opgenomen van de belangrijkste gemeentelijke risico’s. Het betreft de 10 grootste risico's. De risico’s zijn extern van karakter. Het betreft een totaalbedrag van € 12 miljoen aan incidentele risico’s. De structurele risico’s bedragen € 0,8 miljoen. Tabel 2: Top 10 risico's (in miljoenen euro's) Omschrijving risico (omschrijving beheersmaatregel)

Effect Kans BSc NSc

1. Onvoldoende beschikking over kwalitatief en kwantitatief personeel (Strategische personeelsplanning – Monitoring budget loonkosten – werving op basis van toekomstige talenten).

€ 2,5 (i)

90%

25

25

2. Aantrekken van leningen wordt als gevolg van de stijging van de rente boven de 3,5 % duurder dan geraamd € 2,5 in de begroting (Anticiperen op rentestijging – kasgeldfinanciering toepassen). (i)

50%

15

15

3. Door onzekerheden op politiek terrein en economische ontwikkelingen kan de algemene uitkering afwijken van de raming. Ook kan de groei van het aantal inwoners en andere indicatoren zorgen voor een beperkte afwijking van de raming. Op grond hiervan wordt rekening gehouden met mogelijke mee/ tegenvallers van de algemene uitkering.

€ 1,5 (i)

50%

15

15

4. De BUIG-uitkering van het rijk neemt af of de uitkeringslasten stijgen door een toename van het aantal cliënten. (De inzet van re-integratie- en poortwachters-instrumenten waardoor het aantal cliënten wordt beperkt).

€ 0,8 (i)

70%

20

16

5. Hogere kosten Jeugdzorg (2 maandelijkse monitor)

€ 0,8 (s)

70%

16

16

6. Financiële tegenvallers bij gemeenschappelijke regelingen. (Nauwgezet volgen ontwikkelingen gemeenschappelijke regelingen en bijsturen waar mogelijk).

€ 1,0 (i)

70%

16

12

7. De prijs van aardgas c.q. LNG kan door internationale ontwikkelingen behoorlijk schommelen. De energierekening van de gemeente en aan de gemeente gelieerde organisaties kan hierdoor stevig oplopen (vaste contracten, energiebesparing en verduurzaming).

€ 1,2 (i)

50%

20

15

8. De invoering van de Omgevingswet is een complex en intensief traject met meerdere risico's, zoals: leges derving, veranderende samenwerking met derden, onzekerheid over de kosten, software aanpassingen en nieuwe juridische procedures. (Projectgroep begeleid de invoering van de Omgevingswet).

€ 1,0 (i)

50%

12

12

9. Impact Wet modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen VPB (Ondersteuning via Fiscaliade).

€ 0,9 (i)

50%

12

12

10. De verbetering van het exploitatieresultaat van DEVO blijft achter bij de prognose doordat de ACM een bovengrens vaststelt ten aanzien van het maximale resultaat over de investeringen en de consument meer inzet op energiebesparing (overleg met de ACM en hogere energie-efficiënte energie-installatie).

€ 0,6 (i)

50%

12

12

50

Als we deze tabel vergelijken met de tabel in de begroting 2024 valt op dat het risico hogere kostenstijgingen MIP uit de top 10 is verdwenen. Inmiddels is de inflatie sterk gedaald waardoor dit risico in omvang afgenomen is. Daarnaast is het risico jeugdzorg teruggebracht van € 2,2 miljoen naar € 0,8 miljoen als gevolg van genomen maatregelen en het beschikbaar stellen van extra financiële middelen. Verder is het risico opvang oorlogsvluchtelingen Oekraïne uit de top 10 verdwenen door de toename van de omvang van andere risico's. Het risico opvang oorlogsvluchtelingen Oekraïne bestaat dus nog wel degelijk in onze totaal inventarisatie risico's. De impact Wet modernisering Vennootschapsbelasting Plicht (VPB) overheidsondernemingen is een reeds langer bestaand risico dat nu opnieuw in de top 10 komt doordat andere risico kleiner zijn geworden. Het risico over DEVO komt opnieuw in de top 10 voor als gevolg van het feit dat de klanten van DEVO bewuster met energie omgaan enerzijds maar ook omdat de Autoriteit Consument en Markt regels stelt over het rendement op het geïnvesteerde kapitaal. Deze ontwikkelingen zorgen voor een lagere energierekening van de inwoners van Veenendaal-oost (Buurtstede en Veenderij). De beschikbare weerstandscapaciteit wordt voor het belangrijkste deel gevoed door de algemene reserve met een bedrag van € 34,9 miljoen (incidenteel).

Ook de onbenutte belastingcapaciteit is met € 7,1 miljoen (structureel) een belangrijke bron voor de weerstandcapaciteit. Doordat er sprake is van een structurele post is deze post belangrijker dan hij zo op het eerste gezicht oogt in vergelijking met de algemene reserve. Onvoorziene uitgaven bedraagt € 105.000 (structureel). De gemeentelijke weerstandscapaciteit bedraagt totaal € 42.1 miljoen. Bedrag in €

Tabel 3: Beschikbare weerstandscapaciteit Algemene Reserve

34.900.000

Onbenutte belastingcapaciteit OZB

7.100.000

Onvoorzien

105.000

Totaal

42.105.000

Op zich is er een goede verhouding tussen structurele risico's (€ 0,8 miljoen) en structurele weerstandscapaciteit (€ 7,1 miljoen). Ook de verhouding incidentele risico's (€ 12 miljoen) en incidentele weerstandscapaciteit (€ 34,9 miljoen) is goed op orde. Door een daling van de totale risico omvang van € 58 miljoen naar € 56 miljoen en een stijging van de weerstandscapaciteit naar € 42,1 (was € 39,8 miljoen), exclusief het resultaat van deze bestuur rapportage, bedraagt de ratio op basis van een voorlopige berekening 3,4 (2,7 bij de begroting 2024). Deze ratio is dan gebaseerd op een weerstandscapaciteit van € 42,1 miljoen en een risicobedrag van € 12,4 miljoen bij een zekerheid van 90% (volgens de bestaande gemeentelijke risicomanagement methode). Bij de berekening moeten we er wel rekening mee houden dat nu ook het resultaat over 2023 volledig in de weerstandscapaciteit is opgenomen. Dit was bij de behandeling van de begroting 2024 niet zo. Als we het resultaat van deze bestuursrapportage van afgerond -/- € 5,3 miljoen betrekken in de berekening krijgen we een slechter beeld. In dat geval komt de ratio uit op 3,1 (€ 42,1 miljoen - € 5,3 miljoen = € 36,8 miljoen/ € 12,4 miljoen). Er blijft in dat geval wel sprake van een stijging van de ratio van 2,7 naar 3,0 maar een stuk minder dan de 3,4. Deze laatste berekening geeft wel een realistischer beeld van de werkelijkheid.

In de termen van het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement is de waardering gelijk gebleven met de classificatie 'goed'. Het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement geeft zowel aan het cijfer 3,4 als ook aan het cijfer 3,0 de classificatie 'goed' (> 2,0 = goed). Dit was ook goed in de begroting 2024.

51

Bijlagen Bijlage 1: Budgettair neutrale mutaties Bedragen x €1.000

52

BN Mutaties

Raming 2024 budgetneutraal

Raming 2025 budgetneutraal

Raming 2026 budgetneutraal

Raming 2027 budgetneutraal

0.8 - Overige baten en lasten

-454

0

0

0

1.1A - Crisisbeheersing en Brandweer

5.252

0

0

0

-2

7

7

7

2.1A - Verkeer en vervoer

205

0

0

0

2.1D - Verkeer en vervoer

1.891

0

0

0

2.2A - Parkeren

70

-12

-76

-36

3.1C - Economische ontwikkeling

46

0

0

0

4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

970

0

0

0

5.1A - Sportbeleid en activering

85

0

0

0

5.3B - Cultuurpresentatie, cultuurproductie en cultuurparticipatie

30

0

0

0

5.6A - Media

65

65

65

65

5.7A - Openbaar groen en (openlucht) recreatie

200

0

0

0

6.1F - Samenkracht en burgerparticipatie

0

0

0

0

6.1G - Samenkracht en burgerparticipatie

32

0

0

0

6.2A - Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

-115

-123

-117

-117

6.2B - Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

38

28

22

22

Lasten

1.2 - Openbare orde en veiligheid

6.2C - Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

0

0

0

0

6.6A - Maatwerk-voorzieningen (WMO)

-546

-299

-400

-383

6.71A - Hulp bij het huishouden (WMO)

379

1.281

1.281

1.281

6.71B - Begeleiding (WMO)

-70

-410

-410

-427

6.71C - Dagbesteding (WMO)

-36

-102

-102

-102

6.71D - Overige maatwerkarrangementen (WMO)

317

-378

-325

-325

6.81 - Geëscaleerde zorg 18+

700

0

0

0

4.617

0

0

0

6.81B - Maatschappelijke- en vrouwenopvang (WMO)

-95

0

0

0

7.1A - Volksgezondheid

26

-44

-44

-44

6.81A - Beschermd wonen (WMO)

7.4C - Milieubeheer

0

0

0

0

7.4D - Milieubeheer

1.964

1.070

100

102

8.1A - Ruimtelijke Ordening

200

0

0

0

8.3A - Wonen en bouwen

-1.469

0

0

0

8.3D - Wonen en bouwen

316

52

2

0

9.914 - Algemeen Bijstand, Reintegratie en Participatie

48

0

0

0

9.915 - Algemeen Beleid (MO)

106

0

0

0

14.771

1.134

2

43

0.4N - Overhead (Vastgoed)

-24

-24

-24

-24

0.4R - Overhead (E&W)

48

0

0

0

0.64A - Belastingen overig

-1.469

0

0

0

1.1A - Crisisbeheersing en Brandweer

5.203

0

0

0

7

7

7

7

1.891

0

0

0

199

151

83

131

3.1C - Economische ontwikkeling

46

0

0

0

4.3A - Onderwijsbeleid en leerlingenzaken

970

0

0

0

5.1A - Sportbeleid en activering

85

0

0

0

5.6A - Media

65

65

65

65

Totaal Lasten Baten

1.2 - Openbare orde en veiligheid 2.1D - Verkeer en vervoer 2.2A - Parkeren

6.1G - Samenkracht en burgerparticipatie

62

0

0

0

6.2B - Toegang en eerstelijnsvoorzieningen

-53

-71

-71

-71

6.71D - Overige maatwerkarrangementen (WMO) 6.81 - Geëscaleerde zorg 18+ 6.81A - Beschermd wonen (WMO) 7.1A - Volksgezondheid 7.4D - Milieubeheer

53

0

48

0

0

312

0

0

0

5.007

0

0

0

70

0

0

0

2.280

1.122

102

102

BN Mutaties

Raming 2024 budgetneutraal

8.1A - Ruimtelijke Ordening

Raming 2025 budgetneutraal

Raming 2026 budgetneutraal

Raming 2027 budgetneutraal

200

0

0

0

14.900

1.297

161

209

129

163

159

167

0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving

-1.469

0

0

0

Totaal Onttrekkingen

-1.469

0

0

0

0.10A - Mutaties reserves Fysieke Leefomgeving

-1.340

163

159

167

Totaal Stortingen

-1.340

163

159

167

Mutaties reserves

-129

-163

-159

-167

0

0

0

0

Totaal Baten Gerealiseerd saldo van baten en lasten Onttrekkingen

Stortingen

Gerealiseerd resultaat

Bijlage 2: Overzicht structurele mutaties Bedragen x €1.000 Exploitatie

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Lasten 1 Fysieke Leefomgeving

46

46

46

3 Sociale Leefomgeving

4.137

4.356

4.246

4 Burger en Bestuur

23

78

78

6 Bedrijfsvoering

90

110

110

4.296

4.590

4.480

1 Fysieke Leefomgeving

-37

-37

-37

4 Burger en Bestuur

-57

-2

-2

Totaal Baten

-94

-39

-39

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

-4.390

-4.629

-4.519

Gerealiseerd resultaat

-4.390

-4.629

-4.519

Totaal Lasten Baten

54

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14210003/1