3.c4 Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan 1e Melmseweg, fase 3 - bijlage 4
Tekst van het document
Actualisatie bureauonderzoek 1e Melmseweg te Veenendaal gemeente Veenendaal
Opdrachtgever
Projectleider
Van der Vorm Vastgoed Groep
dhr. S.A. Rijlaarsdam
Blaak 555 3011 GB Rotterdam Projectnummer
Autorisatie
Datum
Synthegra Rapport S190011a
drs. M. Spanjer
08-01-2020
Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden Telefoon +31 (0)88 81 81 981, Internet: www.synthegra.nl
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
COLOFON
Opdrachtgever
: Van der Vorm Vastgoed Groep
Project
: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg te Veenendaal
Projectnummer
: S190011
Titel
: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg te Veenendaal
Datum
: 08-01-2020
Projectleider
: dhr. S.A. Rijlaarsdam BA Archeoloog
Auteurs
: dhr. S.A. Rijlaarsdam BA Archeoloog
Autorisatie
: drs. M. Spanjer Senior KNA archeoloog/-prospector
Druk
: Synthegra B.V., Leusden
Afbeeldingen
: Synthegra B.V., tenzij anders vermeld
ISSN
: 1874-9771
Synthegra B.V. is gecertificeerd voor de BRL 4000 protocollen 4001 t/m 4004 (landbodems) Synthegra B.V. Olmenlaan 6a NL-3833 AV Leusden T: +31 (0)88 81 81 981 E: www.synthegra.nl
© Synthegra B.V., 2020
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
2 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
INHOUD ADMINISTRATIEVE GEGEVENS
4
SAMENVATTING Inleiding Specifieke archeologische verwachting bureauonderzoek Aanbevelingen
5 5 5 6
1 1.1 1.2 1.3 1.4
INLEIDING Onderzoekskader Onderzoeksdoel en vraagstellingen Ligging en huidige situatie plangebied Toekomstige situatie plangebied
7 7 7 7 8
2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
BUREAUONDERZOEK Methode Landschapsgenese Historische ontwikkeling Archeologische waarden in en rondom het plangebied Gespecificeerde archeologische verwachting
10 10 10 13 16 19
3 3.1 3.2 3.3
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Inleiding Conclusies / beantwoording onderzoeksvragen Aanbevelingen
21 21 21 22
BRONNEN
23
Bijlage 1: Overzicht van de relevante geologische en archeologische tijdvakken
Afbeelding voorblad: Luchtfoto van het plangebied (bron: google Earth)
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
3 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Administratieve gegevens e
Toponiem
1 Melmseweg
Plaats
Veenendaal
Gemeente
Veenendaal
Provincie
Utrecht
Projectnummer
S190011a
Bevoegde overheid
Gemeente Veenendaal.
Opdrachtgever
Van der Vorm Vastgoed Groep
Uitvoerende instantie
Synthegra B.V.
Datum uitvoering rapportage
22-02-2019
Uitvoerder rapportage
Dhr. S.A. Rijlaarsdam BA archeoloog
Onderzoeksmelding (ARCHIS)
4674595100
Datum onderzoeksmelding
22-02-2019
Kaartblad
39 E
Periode
Laat Paleolithicum- Nieuwe Tijd
Oppervlakte
Circa 6.076 m
Perceelnummer(s)
963, 1202, 1203, 1292, 1293, 1204, 1076, 1077, 886, 655
Grond eigenaar / beheerder
Onbekend
Grondgebruik
Deels bebouwd werkterrein
Geologie
Gestuwde afzettingen
Geomorfologie
Lage stuwwal
Bodem
Veldpodzolgronden
Depot
Documentatie en vondsten zullen worden aangeleverd aan het Provinciaal Depot van Utrecht, te Utrecht
2
De onderzoekslocatie wordt omsloten door de volgende coördinaten: Noord:
X 166396,83
Y 450052,66
Oost:
X 166424, 62
Y 450003,67
Zuid:
X 166375, 94
Y 449975, 82
West:
X 166351, 38
Y 450024, 02
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
4 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Samenvatting Inleiding Synthegra B.V. heeft in opdracht van Van der Vorm Vastgoed Groep een actualisatie uitgevoerd van een archeologisch bureauonderzoek voor een terrein aan de 1e Melmseweg te Veenendaal. De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen realisatie van woningbouw in de vorm van een woontoren.
De diepte van de toekomstige bodemverstoring is op dit moment onbekend. Uitgaande van de doorgaans aangehouden ontgravingsdiepte bij aanleg van de woontoren, zal de bodem waarschijnlijk tot ver in het archeologische niveau worden verstoord. Eventueel aanwezige archeologische waarden kunnen daarbij verloren gaan.
Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanprocedure. Op basis van het bestemmingsplan, waarin het vigerende beleid van de gemeente Veenendaal is verwoord, dient voor het plangebied een rapport overhandigd te worden waarin de aan- of afwezigheid van archeologische waarden wordt aangetoond.
Het onderzoek is uitgevoerd conform de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA).
De bevoegde overheid, gemeente Veenendaal, zal de resultaten van het onderzoek toetsen en een definitief selectiebesluit nemen aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
Specifieke archeologische verwachting bureauonderzoek Op basis van de Gemeentelijke Archeologische Maatregelenkaart ligt het plangebied voor het grootste gedeelte in een gebied met geen verwachting (categorie 6). Alleen in het noorden en in het zuiden ligt een klein gedeelte binnen een gebied met hoge verwachting, bebouwd gebied (categorie 3).
Deze hoge verwachting is gebaseerd op de geomorfologische ligging van het plangebied op een lage stuwwal, waar mogelijk dekzandafzettingen aanwezig zijn. Op basis van eerder uitgevoerd archeologisch bureauonderzoek op dezelfde locatie en archeologisch bureauonderzoek in de omgeving kunnen archeologisch resten aanwezig zijn die dateren vanaf de Prehistorie tot en met de Nieuwe Tijd. Echter op basis van inventariserend veldonderzoek wordt duidelijk dat de bodem ter plaatsten grotendeels is verstoord en verontreinigd tot aan de natuurlijke ondergrond. Op basis van dit gegeven worden in het plangebied geen archeologische resten verwacht. Op basis van de resultaten van het uitgevoerde onderzoek is de verwachting van dit deelgebied voor archeologische waarden naar beneden bijgesteld. Daarmee wordt in dit bureauonderzoek een lage archeologische verwachting voor Laat-Paleolithicum tot en met Nieuwe Tijd aangehouden.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
5 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Aanbevelingen Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor de voorgenomen herinrichting van het plangebied zoals omschreven in het bestemmingsplan geen nader archeologisch onderzoek geadviseerd.
Bovenstaande vormt een selectieadvies. Met nadruk willen wij de opdrachtgever erop wijzen dat dit advies nog niet betekent dat in deze fase van het vergunningsverleningstraject reeds bodem verstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek dienen vooraleerst te worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Veenendaal). Deze neemt een definitief selectiebesluit aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
Er is getracht een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethoden. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Synthegra wil de opdrachtgever er daarom op wijzen dat, indien tijdens de werkzaamheden een (mogelijke) archeologische vondst wordt gedaan dan geldt de wettelijke meldingsplicht, zoals omschreven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de minister. Uit praktisch oogpunt kan een dergelijke toevalsvondst bij de gemeente worden gemeld.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
6 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
1
Inleiding
1.1
Onderzoekskader Synthegra B.V. heeft in opdracht van Van der Vorm Vastgoed Groep een actualisatie uitgevoerd van een archeologisch bureauonderzoek op een terrein aan de 1e Melmseweg te Veenendaal (afbeelding 1.3.1). De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen realisatie van een woontoren.
De verwachtte diepte van de toekomstige bodemverstoring is op dit moment onbekend. Uitgaande van de doorgaans
aangehouden ontgravingsdiepte
bij
vergelijkbare bouwwerkzaamheden, zal
de bodem
waarschijnlijk tot ver in het archeologische niveau worden verstoord. Eventueel aanwezige archeologische waarden kunnen daarbij verloren gaan.
Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een bestemmingsplanprocedure. Op basis van de vastgestelde beleidskaart archeologie, waarin het vigerende beleid van de gemeente Veenendaal is verwoord, dient voor het plangebied een rapport overhandigd te worden waarin de aan- of afwezigheid van archeologische waarden wordt aangetoond.
Het onderzoek is uitgevoerd conform de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA).
De bevoegde overheid, gemeente Veenendaal, zal de resultaten van het onderzoek toetsen en een definitief selectiebesluit nemen aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
1.2
Onderzoeksdoel en vraagstellingen Het doel van het bureauonderzoek is het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting aan de hand van bestaande bronnen over bekende of verwachte landschappelijke, historische en archeologische waarden.
De volgende onderzoeksvragen zullen worden beantwoord:
Wat is de opbouw van de ondergrond en is het bodemprofiel intact?
Zijn in het plangebied archeologische vindplaatsen aanwezig? Indien ja (dan zijn de volgende twee subvragen van toepassing)? o
Wat is te zeggen over de horizontale en verticale verspreiding van de archeologische waarden?
o
Wat is de vermoedelijke aard en datering van de archeologische resten?
In hoeverre worden eventueel aanwezige archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied?
1.3
Ligging en huidige situatie plangebied 2
e
Het plangebied beslaat een oppervlak van circa 6.076 m en is gelegen aan de 1 Melmseweg te Veenendaal (afbeelding 1.3.1). Het plangebied is momenteel deels bebouwd en in gebruik als werkterrein. Onder andere kringloop Drost en Van Velzen Oudijzer & Metaalrecycling zijn gevestigd in het plangebied.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
7 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Afbeelding 1.3.1: Het plangebied, rood omkaderd, op de Topografische Kaart van Nederland 1:25.000 (Bron: www.arcgis.nl).
1.4
Toekomstige situatie plangebied De huidige inrichting zal worden gewijzigd. Deze locatie zal in het bestemmingsplan wijzigen van werkterrein tot woongebied. Van der Vorm Vastgoed Groep zal een woontoren realiseren van 55 verdiepingen hoog. In deze woontoren zullen circa 165 wooneenheden worden gerealiseerd (afbeelding 1.4.1). De diepte van de ontgraving en methode van fundering is nog niet bekend. Aangezien de herinrichting nog in concept ontwikkelingsfase is.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
8 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Afbeelding 1.4.1: Toekomstige situatie binnen het plangebied. (Bron: Van der Vorm Vastgoed Groep)
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
9 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
2
Bureauonderzoek
2.1
Methode Tijdens het bureauonderzoek is met behulp van bestaande bronnen een gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel voor het plangebied opgesteld. Dit is gedaan door het raadplegen van voor de archeologie relevante (schriftelijke) bronnen. Voor het bureauonderzoek zijn vooral gegevens over bekende archeologische vindplaatsen in en rond het plangebied verzameld. Dit is aangevuld met historisch en fysischgeografisch onderzoek, waarbij informatie over vroeger grondgebruik is verkregen door de analyse van historische kaarten en tevens gegevens over de geologie, geomorfologie en bodem zijn bestudeerd.
2.2
Landschapsgenese Voor het bepalen of, waar en uit welke periode archeologische resten kunnen worden verwacht, zijn de volgende bronnen met betrekking tot de landschapsgenese geraadpleegd:
Geomorfologische Kaart 1:50.000 (afbeelding 2.2.1)
Digitaal hoogtemodel, Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) (afbeelding 2.2.2)
Bodemkaart 1:50.000 (afbeelding 2.2.3)
Relevante literatuur (zie literatuurlijst)
Voor de geologische beschrijving is gebruik gemaakt van de Lithostratigrafische Indeling van de Ondiepe 1
Ondergrond. Zie voor een overzicht van de geologische en archeologische perioden bijlage 1. Geo(omorfo)logie en landschap Op basis van de geomorfologische kaart is het plangebied gelegen op een lage stuwwal, die in het Saalien (circa 150.000 jaar BP) door het landijs is gevormd. De stuwwallen bestaan overwegend uit grofzandige en grindrijke fluviatiele afzettingen van Rijn en Maas. Dit materiaal was al vóór de landijsbedekking in Nederland aanwezig. Het zijn vooral de Urk, Sterksel en Waalre Formaties, die in Midden-Nederland gestuwd zijn. Het plangebied ligt volgens de geologische kaart op gestuwde afzettingen. Deze bestaan uit grof- tot fijn grindhoudend zand, met stenen, soms met leem- of kleilagen.
Door de stijgende temperatuur verdween de permafrost en onder invloed van afstromend water, werden veel grove grindhoudende zanden vanaf de steile hellingen van de stuwwallen geërodeerd en beneden in het 2
bekken afgezet. Deze afzettingen worden tot het Laagpakket van Schaarbergen van de Formatie van 3
Drenthe gerekend.
Aan het einde van het Saalien brak een gematigd warme periode aan, het Eemien (circa 130.000 – 115.000 jaar BP), waarbij de zeespiegel sterk steeg door het gesmolten landijs. Ook delen van de Gelderse Vallei werden overstroomd door de zee, waardoor in het huidige Veenendaal ongeveer 2 meter klei is afgezet, behorend tot de Eem Formatie.
1
De Mulder et al. 2003.
2
Grootheest 2000, 21 en 22.
3
Mulder et al. 2003, 338.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
10 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Na het Eemien werd het tijdens de laatste ijstijd, het Weichselien (circa 120.000 – 10.000 BP), opnieuw zeer koud. Er heerste een koud en droog klimaat. Door processen in de opdooilaag boven de permafrost en door afstroming van smelt- en regenwater over de bevroren bodem zijn hellingafzettingen en meer 4
fluvioperiglaciale (=smeltwater) afzettingen ontstaan. Deze liggen op de helling en aan de voet van de stuwwal en worden tot de Formatie van Boxtel gerekend. Een groot deel van Nederland was nagenoeg onbegroeid, zodat het losse materiaal aan het oppervlak gemakkelijk door de wind kon worden verplaatst. Vooral tijdens het Pleniglaciaal (circa 73.000 – 13.000 BP) werden over grote gebieden eolische afzettingen gevormd (Ouder dekzand). Tijdens het Laat-Glaciaal (circa 13.000 – 10.000 BP) was de begroeiing weer wat 5
dichter, waardoor de verstuiving een meer lokaal karakter kreeg en Jonger dekzand werd gevormd. Het dekzand komt voor langs de flanken van de stuwwallen en (in dikke pakketten) in de laaggelegen delen van het zandgebied. Het dekzand dat aan het oppervlak ligt in het lage deel van de Gelderse Vallei, wordt gekenmerkt door het voorkomen van paraboolvormige dekzandruggen, die ontstaan zijn vóór het Allerødinterstadiaal (circa 11.800 – 11.000 BP). De afzetting van het dekzand heeft niet continu plaatsgevonden, maar is onderbroken door warmere interstadialen, waarbij bodemvorming kon optreden. Gedurende het Allerød-interstadiaal (circa 11.800 – 11.000 jaar BP) is een uitlogingslaag ontstaan, de Usselo-laag, die vaak houtkoolbrokjes bevat. Uit de literatuur blijkt dat deze laag ook in dit gebied bekend is. De laag is bij de kartering van de regio diverse malen aangetroffen op een diepte variërend van 1-3 meter beneden maaiveld.
Afbeelding 2.2.1: Ligging van het plangebied, rood omkaderd, op de Geomorfologische kaart van Nederland 1:50.000. (Bron: www.arcgis.nl).
4
RGD 1984, 121.
5
Berendsen 2004, 114.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
11 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
AHN Op basis van het digitale hoogtemodel zoals weergegeven in het AHN wordt duidelijk dat het plangebied ligt op de rand van de lage stuwwal en een vlakte met verspoelde dekzanden. Het plangebied ligt relatief gezien in een lager gelegen gebied ten opzichte van het centrale deel van de lage stuwwal ten zuidwesten van het 6
plangebied. De hoogte van het maaiveld varieert van circa 6,2 tot 8,2 m +NAP.
Afbeelding 2.2.2: Ligging van het plangebied, rood omkaderd, op het Actueel Hoogtebestand van Nederland (AHN), (Bron: www.ahn.nl).
Bodem Op basis van de bodemkaart ligt het plangebied deels in een niet gekarteerd gebied. Uit exploratie van de omliggende eenheden is bekend dat de bodem bestaat uit veldpodzolgronden bestaande uit grof zand. Onder de 20 tot 30 cm dikke, zwarte of donkergrijze, matig humeuze, zwak lemige bovengrond komt een betrekkelijk dunne, roodbruine podzol B-horizont voor. De ondergrond bestaat meestal uit leemarm, grof tot zeer grof 7
zand.
6
Hoogteligging van het plangebied op het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) in m NAP (Normaal Amsterdams Peil)
geraadpleegd op www.ahn.nl 7
Stiboka, Bodemkaart van Nederland schaal 1:50.000, toelichting bij de kaartbladen 39 West en 39 Oost Tiel (Wageningen 1973), 84
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
12 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Afbeelding 2.2.3: Ligging van het plangebied, rood omkaderd, op de Bodemkaart van Nederland 1:50.000. (Bron: www.Arcgis.nl).
2.3
Historische ontwikkeling Voor de historische ontwikkeling is historisch kaartmateriaal (afbeelding 2.3.1a-d) en relevante achtergrondliteratuur geraadpleegd (zie literatuurlijst).
De naam 'Veenendael' wordt in 1566 voor het eerst in de bronnen genoemd, het betreft een wijdingsoorkonde van de St. Salvatorkerk (de 'Oude Kerk'). Deze kerk werd gebouwd voor de vele veenarbeiders die zich in de streek vestigden toen de exploitatie van de Rhenense venen commercieel ter hand werd genomen. De 8
gemeente Veenendaal is uit deze veenkolonie voortgekomen. Vanuit de veenkolonie werd begonnen met de veenontginningen in het gebied.
Het verleden van Veenendaal als veenkolonie heeft zijn stempel gedrukt op het landschap en heeft het dorp een typische structuur gegeven. Voor de export van al het turf had Veenendaal veel watergangen. Water en wegen vormden een onlosmakelijk patroon in Veenendaal. Deze structuur kwam tot stand doordat Veenendaal een geplande veenkolonie is. Op het kanaal de Grift en haar zijtakken komen een groot aantal sloten uit. De richting van deze sloten is bepalend voor de perceelgrenzen in Veenendaal. De dwarssloten werden alle schuin op de hoofdwatergangen gegraven en niet, zoals in zo veel ontginningseenheden in het Utrechtse en Zuid-Hollandse veenweidegebied, loodrecht daarop. De reden hiervoor wordt wel gezocht in de
8
Van Groothees 2005, 9.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
13 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
veronderstelling dat de turfschepen een dergelijke flauwe bocht gemakkelijker konden nemen. Het gevolg van 9
deze ontginningsmethode is een slagenlandschap met bijbehorend verkaveling patroon.
Op basis van de Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) was Veenendaal en daarbij ook het plangebied onderdeel van de Pantherstellung. Dit is een Duitse oorlogslinie die dateert uit de Tweede Wereldoorlog. De Pantherstellung is door de Duitsers aangelegd voor de verdediging naar het zuidwesten van Nederland. Dit gebied behoord eveneens tot het inundatiegebied van de Grebbelinie uit de periode 1801-1951. Het gebied langs de Nieuweweg (het zuidoosten van het plangebied) omvat huizen die in de Tweede Wereldoorlog verwoest zijn.
Op basis van historisch kaartmateriaal onder andere op de Kadastrale Minuut uit 1811-1832 en topografische kaarten van 1850, 1900 en 1950 wordt duidelijk dat het plangebied ligt binnen het bovengenoemde slagenlandschap. Het plangebied is dan ook deel geweest van grootschalige turfwinning. Het plangebied is e
onderdeel van de oorspronkelijk 16 eeuwse hoofdstructuur van de veenontginning. Het plangebied wordt pas e
bebouwd vanaf de 20 eeuw.
Op de topografische kaart van 1850 is in het plangebied en in de omgeving van het plangebied slechts beperkt bebouwing zichtbaar. Oorspronkelijk lag ten westen van de Veldjesgraaf het buurtschap De Melm. Dit buurtschap is afgebeeld op kaarten vanaf het begin van de 18e eeuw. In de huidige situatie is de structuur van De Melm niet meer herkenbaar. Op de topografische kaart van 1900 is bebouwing licht toegenomen maar in wezen is de aard van de bebouwing niet veranderd. Vanaf circa 1950 is er ook bebouwing binnen het plangebied. De omringende bebouwing is nog steeds open van aard maar ongeveer verdubbeld.
Afbeelding 2.3.1a: Ligging van het plangebied, rood omkaderd, op het kadastrale minuutplan uit het begin van de 19e eeuw. 123 = moeras en 130 = bouwland (Bron: http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl )
9
Van Groothees 2005, 39.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
14 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Afbeelding 2.3.1b: Ligging van het plangebied, rood omkaderd, op de topografische kaart uit circa 1830-1855 (Bron: www.arcgis.nl).
Afbeelding 2.3.1c: Ligging van het plangebied, rood omkaderd, op de topografische kaart uit 1903 (Bron: www.arcgis.nl).
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
15 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Afbeelding 2.3.1d: Ligging van het plangebied, rood omkaderd, op de topografische kaart uit circa 1955-1965 (Bron: www.arcgis.nl).
Bekende bodemverstoring In het plangebied en in de omgeving van het plangebied zijn in de laatste decennia diverse verontreinigingen geconstateerd. Binnen het plangebied zijn in de afgelopen jaren diverse van deze verontreinigingen gesaneerd. Het gaat hierbij om verontreinigingen veroorzaakt door brandstof tanks zowel ondergronds als 10
bovengronds, auto en motorensloperij, autoreparatiebedrijf onder andere.
Zowel de aanleg van tanks als het
saneren van bodemverontreiniging zal eventueel aanwezige archeologische vondsten en/of sporen hebben aangetast of verwijderd. Het gaat hierbij om het noordelijke en westelijke gedeelte van het plangebied waar deze activiteiten hebben plaatsgevonden.
Op basis van het tussenevaluatierapport uit 2017 wordt duidelijk dat centraal aan de noordzijde van het terrein tweetal ondergrondse brandstoftanks aanwezig waren. Aan de grens van de westzijde van het terrein bevond zich eveneens een ondergrondse afgewerkte olietank. Uit een verkennend onderzoek in 2006 bleek dat de ondergrond van het terrein tot circa 1,5 m-mv licht verontreinigd is, de achtergrondwaarde wordt echter niet overschreden. Het wordt op basis van dit rapport niet duidelijk of deze verontreiniging is gesaneerd of niet.
2.4
11
Archeologische waarden in en rondom het plangebied In deze paragraaf wordt gekeken of binnen en rond het plangebied archeologische en/of ondergrondse bouwhistorische waarden bekend zijn. Hiervoor is het Archeologisch Informatie Systeem (ARCHIS III) van de
10
www.bodemloket.nl, http://www.explosievenopsporing.nl/veo-bommenkaart/
11
Merode 2017, 13.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
16 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) geraadpleegd en in aanvulling daarop de archeologische beleidskaart van de gemeente Veenendaal, Achtergrondliteratuur (zie literatuurlijst).
Op basis van de archeologische maatregelenkaart van de gemeente Veenendaal ligt het plangebied voor het grootste gedeelte in een gebied met geen verwachting (categorie 6). Dit soort gebieden zijn vrijgesteld van archeologisch onderzoek. Een klein gedeelte aan de noordkant en aan de zuidkant van het plangebied ligt in een gebied met hoge archeologisch verwachting bebouwd gebied 9 (categorie 3, zie afbeelding 2.4.1). De vastgestelde beleidskaart archeologie is leidend en deze stelt dat archeologisch onderzoek moet worden 2
uitgevoerd indien sprake is van bodemingrepen groter dan 5.000 m en dieper dan 50 cm-mv. De paarse lijnen geven een deel van de historische infrastructuur weer, deze komt overeen met de wegen aanwezig op de historische kaarten (afbeelding 2.3.1 a-d).
Afbeelding 2.4.1: Het plangebied, rode kader, geprojecteerd op de Archeologische Maatregelenkaart van de gemeente Veenendaal, (Bron: gemeente Veenendaal ).
2.4.1 Monumenten, waarnemingen en onderzoeksmeldingen in (de nabijheid van) het plangebied Er zijn in (de nabijheid van) het plangebied, binnen een straal van 200 m, in ARCHIS III weinig gegevens bekend aangaande archeologische monumenten, waarnemingen en/of onderzoeksmeldingen. Het gaat in totaal om 6 vermeldingen. Binnen dit gebied zijn er geen archeologische monumenten.
Monumentnummer:
- n.v.t
Zaakindentificatienummer:
- 2263759100, 2210087100, 3298242100, 2448122100, 2684238100,
2188494100 e
Zaakindentificatienummer 2263759100: Dit betreft een archeologisch bureauonderzoek aan de 1 Melmseweg die is uitgevoerd door Synthegra B.V. in juni 2007. Uit de resultaten van dit onderzoek werden archeologisch resten in het onderzoeksgebied verwacht. Op basis van de resultaten van het onderzoek werd een middelhoge verwachting opgesteld voor Laat-Paleolithicum tot en met Neolithicum en een middelhoge © Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
17 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
verwachting voor Vroege-Middeleeuwen tot en met Nieuwe Tijd. Deze verwachting was grotendeels gebaseerd op de hoger gelegen ligging van het onderzoeksgebied op de lage stuwwal. Tevens werd verwacht dat sporen uit het Neolithicum goed bewaard waren gebleven door een mogelijk aanwezige afdekkende 12
veenlaag.
Zaakindentificatienummer 2210087100: Deze melding heeft betrekking op het inventariserend veldonderzoek door middel van karterende boringen die op basis van het bureauonderzoek uit 2007 is uitgevoerd door Synthegra B.V. in oktober 2007. Op basis van de resultaten van het vervolgonderzoek werd duidelijk dat de bodem in plangebied grotendeel is verstoord vanaf onder de bouwvoor 30 cm-mv tot 80 cm-mv. De ondergrond bestaat uit gestuwde afzettingen, die bestaan uit grindhoudend grof zand, waarin plaatselijke leemlagen zijn aangetroffen. De bovengrond in het plangebied varieert sterk en vertoont duidelijke tekenen van menselijke handelen. Uit de boorprofielen is gebleken dat in ieder geval de noordoostelijke helft van het plangebied, maar waarschijnlijk het hele plangebied, bedekte is geweest met veen, dat vanaf de middeleeuwen is afgegraven. Bij het afgraven van het veen is de bodem in vrijwel het hele plangebied vergraven tot in de C-horizont. Alleen een gebied ten zuidwesten van het huidige plangebied heeft een onverstoorde bodemopbouw ten tijde van het booronderzoek. Het gebied dat overlapt met het huidige plangebied laat op basis van de boringen een verstoorde bodemopbouw zien. Tijdens het onderzoek zijn geen archeologisch indicatoren aangetroffen waardoor de verwachting voor alle perioden werd bijgesteld naar 13
laag.
Zaakindentificatienummer 3298242100: Dit betreft een archeologisch begeleiding aan de Nieuwe weg te Veenendaal uitgevoerd door ADC Archeoprojecten. Uit de resultaten van het onderzoek wordt duidelijk dat de e
e
verwachtte archeologische resten uit de 16 tot en met de 20 eeuw niet meer aanwezig waren. Tevens was er op basis van de ligging in natuurlijk dekzand een kleine kans dat er sporen en of resten uit de Prehistorie aanwezig waren. Echter op basis van het profiel werd duidelijk dat de bodem bestond uit recent opgebrachte ophogingspakketten. Er zijn in het archeologisch veldonderzoek geen archeologisch resten aangetroffen.
Zaakindentificatienummer
2448122100:
Deze
melding
heeft
betrekking
op
een
14
archeologisch
bureauonderzoek uitgevoerd door Archeologie Advies in 2014. Dit bureauonderzoek ligt ten grondslag aan de archeologische begeleiding uit 2015 van ADC Archeoprojecten. Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek werd duidelijk dat in het noordelijk deel van het Onderzoeksgebied (grenzend aan het huidige plangebied) kunnen verdedigingswerken worden gevonden behorende tot de Grebbelinie uit de 20e eeuw. In het gehele onderzoeksgebied kan bebouwing uit de Nieuwe tijd voorkomen (16e-20e eeuw). Theoretisch gezien kunnen er prehistorische resten aanwezig zijn in het natuurlijke dekzand, maar deze zijn waarschijnlijk door latere activiteiten verstoord geraakt.
15
Zaakindentificatienummer 2684238100: Dit betreft het inventariserend veldonderzoek, verkennend dat op basis van het bureauonderzoek uit 2014 is uitgevoerd aan de Nieuwe weg in 2015 door ADC Archeoprojecten. Op basis van de resultaten van het booronderzoek werd duidelijk dat de bodem grotendeels
12
Wagemans 2007, 15.
13
Leuvering 2007, 9.
14
Van Boekel 2016, 3.
15
Torremans 2014.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
18 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
is verstoord tot aan de natuurlijke ondergrond (de C-horizont). In de boringen zijn baksteenfragmenten en puinresten aangetroffen, waardoor duidelijk wordt dat de bodem bestaat uit recentelijk omgewerkte grond.
16
Zaakindentificatienummer 2188494100: Dit betreft een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek verkennend aan de Vendelierstraat 2 uitgevoerd door Vestigia B.V. in 2008. Op basis van het bureauonderzoek werd voor het westelijk deel van het onderzoeksgebied een lage verwachting gesteld vanwege de geomorfologische ligging in een vlakte van ten delen verspoelde dekzanden. Voor het oostelijk gebied gold op basis van het bureauonderzoek een middelhoge verwachting, daar veldpodzoldgronden werden verwachten op dekzandrug.
17
Op basis van het verkennend booronderzoek bleek dat op 1,0 m tot 1,4 m-mv verwachtte dekzand laag werd aangetroffen. Echter bleek tijdens het veldonderzoek dat de bodem tot aan het dekzand grotendeels verstoord was. Hierdoor werden er geen archeologisch resten meer verwachting in het onderzoekgebied.
18
Afbeelding 2.4.2: Overzicht van de monumenten, waarnemingen en onderzoeksmeldingen binnen een straal van 200 m van het plangebied, (Bron: Zoeken.Cultureelerfgoed.nl).
2.5
Gespecificeerde archeologische verwachting Op basis van bovenstaand bureauonderzoek is voor het plangebied een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld. De essentie hiervan is weergegeven in tabel 2.5.1.
16
Van Rooij 2015, 5.
17
Louwe 2008, 5.
18
Idem.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
19 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Op basis van de Gemeentelijke Archeologische Maatregelenkaart ligt het plangebied voor het grootste gedeelte in een gebied met geen verwachting (categorie 6). Alleen in het noorden en in het zuiden ligt een klein gedeelte binnen een gebied met hoge verwachting, bebouwd gebied (categorie 3).
Deze hoge verwachting is gebaseerd op de geomorfologische ligging van het plangebied op een lage stuwwal, waar mogelijk dekzandafzettingen aanwezig zijn. Op basis van eerder uitgevoerd archeologisch bureauonderzoek op dezelfde locatie en archeologisch bureauonderzoek in de omgeving kunnen er archeologisch resten aanwezig zijn vanaf de Prehistorie tot en met de Nieuwe Tijd. Echter op basis van inventariserend veldonderzoek wordt duidelijk dat de bodem ter plaatsten grotendeels is verstoord en verontreinigd tot aan de natuurlijke ondergrond. Een gebied ten zuidwesten van het huidige plangebied is nog onverstoord ten tijde van het eerdere, echter de boringen die ter plaatse van het huidige plangebied zijn gezet laten een verstoorde bodemopbouw zien. Op basis van dit gegeven worden in het plangebied geen archeologische resten verwacht. Er geldt op basis van dit bureauonderzoek een lage archeologische verwachting voor Laat-Paleolithicum tot en met Nieuwe Tijd.
Periode
Verwachting
Verwachte kenmerken vindplaats
Diepteligging sporen
Laat-
Laag
Bewoningssporen, tijdelijke
Verstoord door recente
Paleolithicum -
kampementen: vuursteen artefacten,
bebouwing en omwerking
Mesolithicum
haardkuilen
van de grond
Bewoningssporen: (semi permanente)
Verstoord door recente
Vroege-
nederzettingen, sporen van
bebouwing en omwerking
Middeleeuwen
agrarisch/industrieel landgebruik,
van de grond
Neolithicum –
Laag
percelering: cultuurlaag, Mobilia: fragmenten keramiek, glas, metaal, natuursteen, bouwmaterialen Late
Laag
Verstoord door recente
Middeleeuwen -
bebouwing en omwerking
Nieuwe Tijd
van de grond
Tabel 2.5.1: Gespecificeerde archeologische verwachting.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
20 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
3
Conclusies en aanbevelingen
3.1
Inleiding Het doel van het archeologisch bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Voor het plangebied geldt een lage verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het Laat-Paleolithicum en Mesolithicum en nederzettingsresten uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd.
3.2
Conclusies / beantwoording onderzoeksvragen
Wat is de opbouw van de ondergrond en het verwachte bodemtype? Op basis van het eerder uitgevoerd inventariserend veldonderzoek verkennend op dezelfde locatie is gebleken dat de ondergrond bestaat uit gestuwde afzettingen, die bestaan uit grindhoudend grof zand, waarin plaatselijke leemlagen zijn aangetroffen. De bovengrond in het plangebied varieert sterk en vertoont duidelijke tekenen van menselijke handelen. Uit de boorprofielen is gebleken dat in ieder geval de noordoostelijke helft van het plangebied, maar waarschijnlijk het hele plangebied, bedekte is geweest met veen, dat vanaf de middeleeuwen is afgegraven. Bij het afgraven van het veen is de bodem in vrijwel het hele plangebied vergraven tot in de C-horizont.
Worden archeologische vindplaatsen in het onderzoeksgebied verwacht? Op basis van dit bureauonderzoek worden er geen archeologisch vindplaatsen verwacht in het plangebied. Op basis van het inventariserend veldonderzoek uit 2007 blijkt dat de bodem in het plangebied is verstoord. Een gebied ten zuidwesten van het huidige plangebied is nog onverstoord ten tijde het eerdere onderzoek, echter de boringen die ter plaatse van het huidige plangebied zijn gezet laten een verstoorde bodemopbouw zien.
Wat is naar verwachting de omvang, ligging, aard en datering hiervan? Deze vraag is op basis van bovenstaande antwoorden niet meer van toepassing.
In hoeverre worden eventueel aanwezige archeologische resten bedreigd door de voorgenomen ontwikkeling van het gebied? Binnen het plangebied worden geen archeologische resten verwacht. Het voorgaande onderzoek gaf geef indicatie voor de aanwezigheid van archeologische indicatoren. De voorgenomen ontwikkeling van het gebied vormt daarom geen bedreiging voor het archeologisch bodemarchief.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
21 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
3.3
Aanbevelingen Op grond van de resultaten van het onderzoek wordt voor de voorgenomen herinrichting van het plangebied zoals omschreven in het bestemmingsplan geen nader archeologisch onderzoek geadviseerd.
Bovenstaande vormt een selectieadvies. Met nadruk willen wij de opdrachtgever erop wijzen dat dit advies nog niet betekent dat in deze fase van het vergunningsverleningstraject reeds bodem verstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. De resultaten van dit onderzoek dienen vooraleerst te worden beoordeeld door de bevoegde overheid (gemeente Veenendaal). Deze neemt een definitief selectiebesluit aangaande de vrijgave van het plangebied voor verdere ontwikkeling zoals omschreven in de vergunningsaanvraag.
Er is getracht een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethoden. De aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Synthegra wil de opdrachtgever er daarom op wijzen dat, indien tijdens de werkzaamheden een (mogelijke) archeologische vondst wordt gedaan dan geldt de wettelijke meldingsplicht, zoals omschreven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet bij de minister. Uit praktisch oogpunt kan een dergelijke toevalsvondst bij de gemeente worden gemeld.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
22 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Bronnen Literatuur
Alkemade, M./ J. van den Berg/ M. Gauw/ A. van den Hazelkamp en K. Klerks, 2010: Archeologische beleidskaart en cultuurhistorische kenmerkenkaart, gemeente Veenendaal. Vestigia-rapport V564, Amersfoort.
Bakker, H. de en J. Schelling, 1989: Systeem van bodemclassificatie voor Nederland, de hogere niveaus. Staring Centrum, Wageningen.
Berendsen, H.J.A., 2004: De vorming van het land. Van Gorcum, Assen.
Berendsen, H.J.A., 2005: Landschappelijk Nederland. Van Gorcum, Assen.
Boekel, D., van, 2016: Nieuweweg Veenendaal. Een archeologische begeleiding, ADC Rapport 4243, Amersfoort. Grootheest, A.C. van, Bisschop, R., Geschiedenis van Veenendaal (Veenendaal 2000).
Groothees, A.C. van, R. Bisschop, e.a., Geschiedenis van Veenendaal II (Utrecht 2005).
Louwe, E., 2008: Vendelier 2 te Veenendaal, gemeente Veenendaal, Een Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek door middel van boringen, Vestigia rapport V510, Amersfoort.
Leuvering, J.H.F., 2007: Inventariserend veldonderzoek d.m.v. boringen (karterende fase), Nieuweweg-Noord te Veenendaal, Synthegra Archeologie Rapport P0502352, Doetinchem.
Merode, G. van, 2017: Tussen-evaluatierapport De Veensche Poort, door Ingenieursbureau Land rapport R01-76694-GME, Ede.
Mulder, E.F.J. de, M.C. Geluk, I.L. Ritsema, W.E. Westerhoff en T.E. Wong, 2003: De ondergrond van Nederland. Wolters-Noordhoff, Groningen/Houten
Nederlands
Normalisatie-instituut,
1989:
NEN
5104
Geotechniek
-
Classificatie
van
onverharde
grondmonsters. Nederlands Normalisatie-instituut, Delft.
Rijks Geologische Dienst, Geologische kaart van Nederland schaal 1:50.000, kaartblad 39 West Tiel (Haarlem 1984).
Rooij, van J.A.G., 2015: Nieuweweg in Veenendaal, Een Veldonderzoek in de vorm van een verkennend booronderzoek, ADC Rapport 3921, Amersfoort.
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
23 van 24
Project: Actualiseren bureauonderzoek 1e Melmseweg, te Veenendaal Projectnummer: S190011a
Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, 2016: Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.0. SIKB, Gouda.
Torremans, R., 2014: Herinrichting Nieuweweg te Veenendaal. Een archeologisch bureauonderzoek. ODRU Erfgoed rapport 27, Archeologie Advies, Leiden.
Wagemans, M.D., S.M. Koeman, H. Kremer, E.E.A. van der Kuijl, 2007: Bureauonderzoek 1e Melmseweg te Veenendaal, Synthegra Rapport P0501859, Doetinchem
Internet (geraadpleegd januari 2020)
https://zoeken.cultureelerfgoed.nl/ www.ahn.nl www.bodemloket.nl http://beeldbank.cultureelerfgoed.nl
© Synthegra B.V., Olmenlaan 6a, NL-3833 AV Leusden
24 van 24
Bijlagen:
Bijlage 1:
Overzicht van relevante geologische en archeologische tijdvakken
Overzicht geologische en archeologische tijdvakken
Ouderdom in jaren
Chronostratigrafie
MIS
Holoceen
1
11.755 12.745 13.675 14.025
LaatWeichselien (LaatGlaciaal)
15.700
Late Dryas (koud) Allerød (warm) Vroege Dryas (koud) Bølling (warm)
Lithostratigrafie Formaties: Naaldwijk (marien), Nieuwkoop (veen), Echteld (fluviatiel)
2
LaatPleniglaciaal 29.000
50.000
MiddenWeichselien (Pleniglaciaal)
MiddenPleniglaciaal VroegPleniglaciaal
3
Formatie van Kreftenheye
Formatie van Boxtel
4
75.000
VroegWeichselien (VroegGlaciaal) 115.000 130.000
370.000 410.000
5a 5c 5d
Eemien (warme periode)
5e
Saalien (ijstijd)
6
Holsteinien (warme periode)
Formatie van Beegden
5b
Eem Formatie Formatie van Drente Formatie van Urk
Elsterien (ijstijd) 475.000
Cromerien (warme periode) 850.000
Pre-Cromerien 2.600.000
Formatie van Sterksel
Formatie van Peelo
Cal. jaren v/n Chr. 1950
14
C jaren
Chronostratigrafie
Pollen zones
0
Vb2
1500
Subatlanticum koeler vochtiger
450 0 12
Vb1 Va
Vegetatie Loofbos eik en hazelaar overheersen haagbeuk veel cultuurplanten rogge, boekweit, korenbloem
Archeologische perioden Nieuwe tijd Middeleeuwen Romeinse tijd IJzertijd
800 815
2650
IVb Subboreaal koeler droger
2000
3755
IVa
5000
4900
5300
7020
8240
III
Boreaal warmer
II
Preboreaal warmer
I
8000
9000
8800 11.755
Atlanticum warm vochtig
10.150
12.745
10.800
13.675
11.800
14.025
12.000
15.700
13.000
LaatWeichselien (LaatGlaciaal)
Late Dryas
LW III
Allerød
LW II
Vroege Dryas LW I Bølling
35.000
Loofbos eik en hazelaar overheersen beuk>1% invloed landbouw (granen)
Bronstijd
Neolithicum
Loofbos eik, els en hazelaar overheersen in zuiden speelt linde een grote rol den overheerst hazelaar, eik, iep, linde, es eerst berk en later den overheersend
Mesolithicum
parklandschap dennen- en berkenbossen open parklandschap open vegetatie met kruiden en berkenbomen
MiddenWeichselien (Pleniglaciaal)
perioden met een poolwoestijn en perioden met een toendra
VroegWeichselien (VroegGlaciaal)
perioden met bos en perioden met een subarctisch open landschap
Laat-Paleolithicum
75.000
115.000 130.000
Eemien (warme periode)
Midden-Paleolithicum loofbos
Saalien (ijstijd) 300.000
Vroeg-Paleolithicum Chronostratigrafie voor Noordwest-Europa volgens Zagwijn (1974), Vandenberghe (1985) en De Mulder et al. (2003). Lithostratigrafie volgens De Mulder et al. (2003). Mariene isotoop stadium (MIS) volgens Bassinot et al. (1994). Atmosferische data volgens Stuiver et al. (1998). Zuurstofisotoop calibratie (OxCal) versie 3.9 Bronk Ramsey (2003), toegepast op het Laat-Weichselien en het Holoceen. Archeologische periode-indeling en ouderdom volgens de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB). Vegetatie bewerkt volgens Berendsen (2000). Pollenzones volgens P. Vos & P. Kiden (2005).