CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

3.b Bijlagen bestemmingsplan Het Vennehof

Gemeenteraad 21 maart 2024, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Het Vennehof'28.148 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Hier geldt vanwege de iets hogere ligging en gunstigere waterhuishouding een middelhoge verwachting voor resten uit het Laat-Paleolithicum tot en met het Neolithicum. Eventuele vindplaatsen kunnen bestaan uit resten van kampementen en nederzettingen. Vanaf het Neolithicum vernatte het dekzandgebied en trad veenvorming op. Dit maakte het gebied met uitzondering van de geïsoleerde stuwwallen ongeschikt voor bewoning. In het veen kunnen resten uit de Bronstijd tot en met de Late-Middeleeuwen aanwezig zijn geweest gerelateerd aan de natte context (rituele deposities, voorzieningen voor visvangst, knuppelpaden etc.), maar gezien de vervening vanaf de Late-Middeleeuwen zijn dergelijke resten waarschijnlijk niet meer aanwezig. Vanaf de Late-Middeleeuwen en vooral in de Nieuwe tijd (vanaf de 16e eeuw) werd het veen in de Gelderse Vallei ontgonnen en ontstond de huidige nederzetting Veenendaal. Door het oosten van het plangebied, ter plaatse van de huidige Prins Bernhardlaan, bevond zich de Boveneindse Grift. Haaks op de grift werden een aantal wijken en sloten gegraven, deels ter plaatse van de huidige straten die het plangebied vormen. De watergangen werden gebruikt om veen mee af te voeren. Op een aantal locaties in het plangebied is historische bebouwing aanwezig, hier geldt een hoge verwachting voor resten uit de Nieuwe tijd.

Ter plaatse van het resterend deel kunnen resten van de gedempte watergangen en hieraan gerelateerde resten zoals bruggen en beschoeiingen aanwezig zijn. Op de locatie waar het plangebied de Prins Bernhardlaan kruist worden ook resten van voorgangers van de huidige weg verwacht. Resten uit de Nieuwe tijd kunnen vanaf het maaiveld aanwezig zijn. In de Tweede Wereldoorlog maakt het plangebied deel uit van een verdedigingslinie van de Duitsers. In het plangebied was ter hoogte van de Prins Bernhardlaan een kazemat aanwezig. Hier geldt een zeer hoge verwachting voor resten uit de Tweede Wereldoorlog. Het is waarschijnlijk dat eventuele resten (deels) zijn verstoord door de ontginning van het veen en de aanleg van de huidige wegen en nutsleidingen. Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat de ondergrond van het plangebied bestaat uit dekzand en

Rapport 19207.002 versie 2

Pagina 13 van 31

smeltwaterafzettingen, die worden ingedeeld bij de Formatie van Boxtel. In twee boringen in het oosten van het plangebied is nog een restant van het oorspronkelijk aanwezige veenpakket aanwezig. In het grootste deel van het plangebied is de bodem verstoord tot in de C-horizont. Resten van een (podzol)bodem zijn niet meer aanwezig. De C-horizont bevat in veel boringen humusvlekken en/of is geheel gereduceerd, wat wijst op relatief natte omstandigheden. Op grond van het volledig ontbreken van resten van een oude bodem moet worden aangenomen dat eventuele resten uit de periode Laat-Paleolithicum t/m Neolithicum niet meer aanwezig zijn. De verwachting voor resten uit het Laat-Paleolithicum tot en met het Neolithicum kan worden bijgesteld naar laag. Op een aantal locaties werden op basis van de aanwezigheid van bebouwing op de kadastrale minuut uit 18111832 resten van bebouwing uit de Nieuwe tijd verwacht. In de op deze locaties uitgevoerde boringen werden echter geen lagen aangetroffen die hiermee in verband gebracht kunnen worden. Geadviseerd is om het plangebied vrij te geven voor de voorgenomen ontwikkeling. 2263759100 (37827)

750 meter ten noordoosten van het plangebied 1e Melmseweg te Veenendaal Gemeente Veenendaal Coördinaat: 166286/449940

Type onderzoek: bureauonderzoek Uitvoerder: Synthegra BV Datum: 11-6-2007 Resultaat: De verwachting voor nederzettingsresten van landbouwers is hoog voor de Prehistorie en middelhoog voor de Middeleeuwen en Nieuwe tijd. Archeologisch vervolgonderzoek wordt daarom noodzakelijk geacht. Om meer duidelijkheid te krijgen over de aan- of afwezigheid van de archeologische waarden, is een Inventariserend Veldonderzoek (IVO) door middel van boringen, karterende fase, aanbevolen.

2210087100 (30310)

750 meter ten noorden van het plangebied 1e Melmseweg te Veenendaal Gemeente Veenendaal Coördinaat: 166175/449950

Type onderzoek: booronderzoek, naar aanleiding van de resultaten van het eerder uitgevoerde bureauonderzoek (zie zaakindentificatie (OM-nummer) 2263759100 (37827)) Uitvoerder: Synthegra BV Datum: 21-8-2008 Resultaat: De resultaten van het onderzoek worden niet vermeld in ARCHIS. Wel is geadviseerd geen vervolgonderzoek te laten uitvoeren.

Vondstmeldingen binnen het onderzoeksgebied20 In ARCHIS staan alle bekende archeologische vondstmeldingen geregistreerd. Binnen het plangebied zijn geen vondstmeldingen geregistreerd. Binnen het onderzoeksgebied staan vier vondstmeldingen geregistreerd (zie tabel IV en figuur 8). Twee vondstmeldingen zijn gekoppeld aan de archeologische onderzoeken die binnen het onderzoeksgebied zijn uitgevoerd en hierboven reeds samenvattend zijn beschreven. Verder zijn tijdens niet-archeologische graafwerkzaamheden binnen dan wel in directe nabijheid ban de historische kern van Veenendaal, en daarmee op grotere afstand ten zuidoosten van het plangebied, aardewerk en botmateriaal en meest opvallend een muntschat aangetroffen. De munten zouden in een (verloren gegane) pot hebben gezeten. Onder de munten bevonden zich kronen, hele-, halve-, kwart-, vijfdeen tiende daalders, rijders, dukaten, soevereinen en realen. Op de beeldenaars komen Karel V en Philips II regelmatig voor, evenals de bisschop van Keulen en de hertog van Brabant. Tussen de munten bevond zich ook een gouden ring. Tabel IV.

20

Overzicht ARCHIS-vondsten

Vondstmelding (Waarnemingsnr.)

Locatie t.o.v. plangebied

Datering

3298242100

550 meter ten oosten van het plangebied Nieuweweg te Veenendaal Gemeente Veenendaal Coördinaat: 166401/449483

Nieuwe tijd: - muurrestanten Aangetroffen tijdens de uitvoering van een archeologische begeleiding (zie zaakindentificatie (OM-nummer) 3298242100)

Archeologisch informatiesysteem Archis3, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE), Amersfoort

Rapport 19207.002 versie 2

Pagina 14 van 31

4631972100

700 meter ten zuidoosten van het plangebied Zandstraat te Veenendaal Gemeente Veenendaal Coördinaat: 166540/448981

Late-Middeleeuwen - Nieuwe tijd: - beschoeiing Nieuwe tijd: - fragment van een keramisch gebruiksvoorwerp, - fragment van industrieel wit (Maastrichts/Regout) Aangetroffen tijdens de uitvoering van een archeologische begeleiding (zie zaakindentificatie (OM-nummer) 4631972100)

3148773100 (44143)

3147436100 (43610)

750 meter ten zuidoosten van het plangebied Achterkerkstraat te Veenendaal Gemeente Veenendaal Coördinaat: 166280/448660

Nieuwe tijd: - botmateriaal - 13 fragmenten van roodbakkend geglazuurd aardewerk

750 meter ten zuidoosten van het plangebied Hoofdstraat 108 te Veenendaal Gemeente Veenendaal Coördinaat: 166680/448920

Nieuwe tijd: - fragment van gedraaid aardewerk - 203 zilveren munten - fragment van een gouden vingerring

Aangetroffen tijdens de uitvoering van niet-archeologische graafwerkzaamheden

Aangetroffen tijdens de uitvoering van niet-archeologische graafwerkzaamheden

Wetenschappelijke publicaties, archieven en provinciaal archeologisch depot In het kader van dit bureauonderzoek zijn geen wetenschappelijke publicaties geraadpleegd, heeft geen archiefonderzoek plaatsgevonden en heeft geen navraag voor eventuele aanvullende informatie bij het provinciaal archeologisch depot plaatsgevonden, aangezien verwacht werd dat dit voor dit plangebied geen meerwaarde zou hebben. Aanvullende informatie Historische vereniging Oud Veenendaal Voor aanvullende informatie is contact gezocht met de Historische vereniging Oud Veenendaal. Gemeld wordt dat er geen aanvullende vondsten of bijzonderheden bekend zijn in of in de directe omgeving van het plangebied anders dan al vermeld in ARCHIS. 2.7

Korte bewoningsgeschiedenis van de gemeente Veenendaal21

In deze paragraaf wordt een korte bespreking van de bewoningsgeschiedenis van de gemeente Veenendaal gegeven. Een algemene ontwikkeling van de bewoningsgeschiedenis van Nederland wordt weergegeven in bijlage 2. (Laat-)Paleolithicum tot Vroeg-Neolithicum Het stuwwallengebied van de Utrechtse Heuvelrug werd al tijdens het Midden-Paleolithicum (300.000 tot 35.000 jaar geleden) incidenteel bewoond door groepjes rondtrekkende Neanderthalers. De aangetroffen vondsten bestaan uit vuurstenen werktuigen die pasten bij het jagende en verzamelende bestaan van deze mensen. Uit vondsten blijkt dat Nederland vrijwel alleen werd bezocht door jagerverzamelaars in warmere perioden. Voor het einde van het Paleolithicum (tot 8800 v.Chr.) verdwenen de Neanderthalers en nam de moderne mens het heft in handen. Ze verbleven maar korte tijd met jachtkampen op dezelfde plek voordat ze weer verder trokken. Mogelijk vestigden ze zich voor korte tijd op de nu beboste flanken van de stuwwal.

21

Alkemade et al., 2009

Rapport 19207.002 versie 2

Pagina 15 van 31

In het Mesolithicum (8800 tot 4900 v.Chr.) leefde men nog altijd als jager-verzamelaars, maar door de klimaatsverandering vond er ook een verandering plaats in de aanwezige flora en fauna. Hierdoor verbleef men langer op dezelfde plek, van waaruit vruchtenpluk, visvangst en jacht op kleinwild centraal stond. Zij vervaardigden vallen, strikken, visfuiken en pijl en boog met behulp van vuursteen. Sporen van jachtkampen worden aangetroffen langs fossiele beeklopen, meertjes en op dekzandruggen en dekzandkoppen. De eerste boeren vestigden zich vanaf 5300 v.Chr. (Neolithicum) in het zuiden van Nederland. De overgang naar het boerenbestaan in de rest van Nederland kwam langzamer op gang. Jagen en verzamelen ging daarnaast soms nog lange tijd samen met landbouw en veeteelt. Vondsten bestaan uit (vuur)stenen werktuigen, onder andere bruikbaar in de landbouw, en aardewerk. De landbouw vond meestal plaats op hogere gronden, zoals dekzandruggen en stuwwalflanken. Nederzettingsvondsten komen voornamelijk voor op dekzandkoppen vlak bij water. Tegen het einde van het Vroeg-Neolithicum ontstond er veengroei in de lager gelegen Gelderse Vallei. Midden-Neolithicum tot Vroege-Middeleeuwen Door de ontwikkeling van het hoogveen in de Gelderse Vallei was dit vochtige gebied niet aantrekkelijk voor bewoning of landbouw. Daarnaast was het gebied moeilijk begaanbaar.

Men trok naar hoger gelegen gronden, zoals de stuwwal en diens flanken. In de duizenden jaren tot aan de 15 e eeuw, toen men begon met het afgraven van het hoogveen, is de mens van weinig invloed geweest op het gebied, waardoor het hoogveen zich flink heeft kunnen ontwikkelen. Eventuele vondsten zullen hebben bestaan uit losse vondsten, verloren tijdens een moeizame tocht of geofferd aan de goden. Late-Middeleeuwen tot Nieuwe tijd Tegen het einde van de Late-Middeleeuwen, rond de 15e eeuw, begon men met de vervening van het hoogveen in de Gelderse Vallei. Turf werd gewonnen om vervolgens als brandstof te gebruiken, maar vervening vond ook plaats zodat de woeste gronden in cultuur konden worden gebracht. De turfwinning ging door tot in de Nieuwe tijd, totdat de veengebieden uitgeput waren. Hierbij is ongeveer het gehele pakket hoogveen afgegraven. Eventuele vondsten die vanaf het Midden-Neolithicum tot aan het begin van de turfwinning (tegen het einde van de Late-Middeleeuwen) in het veen zijn beland, zijn verstoord en waarschijnlijk verdwenen. Na de afgraving van het veen werd vaak de bovenkant van de onderliggende laag nog deels vergraven. Vervolgens werd het vergraven dekzand vermengd met veenresten, opgehoogd of een combinatie hiervan om het gebied geschikt te maken voor bewoning en landbouw.

Bij de uitbreiding van het akkerland in de loop van de Late-Middeleeuwen en de Nieuwe tijd zijn de lager gelegen gemeenschappelijke gronden door middel van zogenaamde ‘onvolledige opstrek’ verdeeld en aan de individuele kampontginningen toegevoegd. Onvolledige opstrek betekent in dit verband dat sprake is van meervoudige, vaak complexe, verkavelingspatronen. Op de hoger gelegen gemeenschappelijke gronden in de Gelderse Vallei zijn in de loop van de tijd meestal afzonderlijke boerderijen gesticht, waarvan de namen vaak nog verwijzen naar de oorspronkelijke meent. Vooral in de 20 eeuw heeft de landbouw een sterke modernisering en schaalvergroting ondergaan. Samenhangend hiermee zijn in het landelijke gebied ruilverkavelingen uitgevoerd. Hierbij werden percelen samengevoegd en nieuwe wegen aangelegd en boerderijen verplaatst, maar in hoofdzaak bleef het oorspronkelijke verkavelingspatroon gehandhaafd. De ontginning van deze gebieden vond plaats vanuit zogenaamde ontginningsassen en mogelijk al in de Late-Middeleeuwen. De ontginningsassen zijn relatief intensief bewoond geweest. Deze liggen ten opzichte van het plangebied op grotere afstand. e

Rapport 19207.002 versie 2

Pagina 16 van 31

2.8

Beschrijving van het historische gebruik

In het plangebied kunnen naast archeologische sporen ook historische relicten voorkomen die nog in het landschap zichtbaar zijn. Het gaat hierbij om historisch geografische relicten zoals nederzettingsvormen en wegen- en kavelpatronen. Veel van deze bewaard gebleven historische geografie geeft door de herverkavelingen in de tweede helft van de 20e eeuw een incompleet beeld van het historisch landschap. Historische kaarten van vóór de herverkaveling zijn een goede aanvulling op het huidige incomplete beeld. Voor de historische ontwikkeling is naast het historisch kaartmateriaal ook relevante achtergrondliteratuur geraadpleegd. Historisch kaartmateriaal De situatie van het plangebied is op verschillende historische kaarten als volgt: Tabel V. Bron

22

Geraadpleegd historisch kaartmateriaal22 Periode

Kaartblad

Schaal

Omschrijving plangebied

Bijzonderheden/directe omgeving

Kadastrale kaart (Minuutplan)

1818

Veenendaal, sectie B, blad 01

1:2.500

Gehele plangebied in agrarisch gebruik, akkerland.

Directe omgeving plangebied ook geheel in agrarisch gebruik, akkerland. Meer dan 100 meter ten noorden en oosten van het plangebied onverharde (zand)wegen, met hierlangs enkele boerenerven/woonerven. Circa 150 meter ten zuiden lag een grift/watergang voor ontwatering, maar ook voor het vervoer van de afgestoken turf.

Militaire topografische kaart (Bonneblad)

1870

467

1:50.000

Geen noemenswaardige veranderingen.

Geen noemenswaardige veranderingen.

Militaire topografische kaart (Bonneblad)

1926

467

1:50.000

Geen noemenswaardige veranderingen.

Enkele nieuwe boerenerven/woonerven langs nabijgelegen wegenpatroon en langs de zuidelijk gelegen grift. Meer bebouwing verder ten oosten/zuidoosten van het plangebied, richting de dorpskern van Veenendaal.

Militaire topografische kaart (Bonneblad)

1931

467

1:50.000

Deels in gebruik als akkerland, deels als grasland en deels boomgaard. Noord-zuid gerichte ontsluitingsweg liep naar wat waarschijnlijk een schuur/schaapskooi is geweest.

Uitbreiding van bebouwing langs oude wegenpatroon, vooral ten oosten van het plangebied, veelal arbeiderswoningen.

Topografische kaart

1958

39 E

1:25.000

Fabriek aanwezig binnen het centrale deel van het plangebied, blik-/metaalwarenfabriek (Panhuis), met een ontsluitingsweg naar de fabriek toe vanaf de oostzijde. Overige deel plangebied verder nog in agrarisch gebruik.

Sterke uitbreiding van de bebouwde kom van Veenendaal, ook direct ten zuiden en oosten van het plangebied.

Topografische kaart

1966

39 E

1:25.000

Fabriek binnen het plangebied verder uitgebreid en aangepast/vernieuwd. Gehele plangebied verder in gebruik als fabrieksterrein.

Verdere uitbreiding van de bebouwde kom van Veenendaal, plangebied ligt binnen de bebouwde kom. Rondom het plangebied vooral woonerven. Tevens huidige wegenpatroon aangelegd.

www.topotijdreis.nl / beeldbank.cultureelerfgoed.nl

Rapport 19207.002 versie 2

Pagina 17 van 31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13865725/1