CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

2. 1e wijziging Financiële verordening Veenendaal - raadsbesluit

Gemeenteraad 22 juni 2023, gemeente VeenendaalBij agendapunt: 1e wijziging Financiële verordening Veenendaal1.033 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

1

RAADSBESLUIT HOUDENDE DE EERSTE WIJZIGING VAN DE FINANCIELE VERORDENING GEMEENTE VEENENDAAL De raad van de gemeente Veenendaal; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 april 2023, nr. 2088994 Overwegende dat De financiële verordening van de gemeente aanpassing behoeft aan de huidige wet en regelgeving; Gelet op Artikel 212 van de Gemeentewet;

Besluit Vast te stellen de Verordening tot eerste wijziging van de Financiële verordening gemeente Veenendaal (1e wijziging Financiële verordening Veenendaal)

Artikel I Wijziging verordening De Financiële verordening gemeente Veenendaal wordt als volgt gewijzigd. A.

in artikel 1 worden toegevoegd leden k en l: k. Overheidsbedrijf: onderneming met privaatrechtelijke rechtspersoonlijkheid, niet zijnde een personenvennootschap met rechtspersoonlijkheid, waarin de gemeente, al dan niet tezamen met een of meer andere publiekrechtelijke rechtspersonen, in staat is het beleid te bepalen of een onderneming in de vorm van een personenvennootschap, waarin een publiekrechtelijke rechtspersoon deelneemt. l. Rechtmatigheidsverantwoording: de rapportage van het college waarbij aangegeven wordt in welke mate de totstandkoming van de financiële beheershandelingen en de vastlegging daarvan overeenstemmen met de relevante wet- en regelgeving.

B.

onder de titel van hoofdstuk 2. Begroting en verantwoording wordt een paragraaf ingevoegd: Paragraaf 2.1 Begroting en verantwoording.

C.

artikel 6 wordt als volgt gewijzigd: a. in lid 5 wordt de zin ‘Bij investeringen … de gemeente’ verwijderd; b. na lid 5 wordt een nieuw lid 6 ingevoegd: 6. Voor verschuivingen tussen de jaarschijven van beschikbaar gestelde investeringsbudgetten, langer dan 2 jaar geleden, van meer dan € 25.000 aan lasten van een investeringsbudget, wordt aan de raad goedkeuring gevraagd bij de vaststelling van de jaarrekening.

D.

na artikel 8 wordt een paragraaf ingevoegd: Paragraaf 2.2 Rechtmatigheidsverantwoording.

E.

Na de titel van paragraaf 2.2 worden vier nieuwe artikelen ingevoegd: Artikel 8a. Verantwoordings- en rapportagegrens rechtmatigheidsverantwoording 1. De raad stelt vast op welke wijze hij door middel van de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen van deze paragraaf, wil worden geïnformeerd over rechtmatigheid.

2 2.

3.

In de rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening rapporteert het college aan de raad over afwijkingen met een verantwoordingsgrens zoals jaarlijks wordt bepaald bij de vaststelling van het normenkader rechtmatigheid. In de paragraaf bedrijfsvoering worden de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 100.000 nader toegelicht.

Artikel 8b. Voorwaardencriterium 1. Het voorwaardencriterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. 2. De eisen, genoemd lid 1, zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. 3. Het college biedt de raad jaarlijks uiterlijk op 31 december ter vaststelling een normenkader rechtmatigheid aan die uit alle relevante (interne) wet- en regelgeving bestaat waaruit financiële beheershandelingen kunnen voortvloeien. 4. Het college operationaliseert dit normenkader in een toetsingskader ten behoeve van de interne beheersing. Artikel 8c. Begrotingscriterium 1. Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen; 2. De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 6. 3.

Iedere afwijking van de begroting wordt als onrechtmatig beschouwd tenzij een van de volgende situaties zich voordoet: a. er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren; b. er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling; c. de overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage . 4. In afwijking van lid 3 wordt bij investeringsprojecten de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde investeringsbudget. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het investeringsbudget, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd. 5. Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad worden, voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden, opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Artikel 8d. Misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium 1. Het misbruik en oneigenlijk gebruik-criterium is het criterium van rechtmatigheid, dat betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. 2.

Het college draagt zorg voor het beleid en de interne regels voor het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen en eigendommen. F.

Na de titel van Hoofdstuk 4. Paragrafen wordt een nieuw artikel 16.a ingevoegd: Artikel 16a. Bedrijfsvoering Het college neemt in de paragraaf bedrijfsvoering van de begroting en de jaarstukken, naast de verplichte onderdelen op grond van artikel 14 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten, in ieder geval op: a. de omvang, opbouw en ontwikkeling van het personeelsbestand en de loonkosten; b. de kosten van inhuur derden; c. de huisvestingskosten; d. de automatiseringskosten; e. de budgetten voor de raad, de griffie, de rekenkamer en de accountant;

3 f.

g.

h. i.

een toelichting op alle afwijkingen in rechtmatigheid, die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen, voor zover deze de rapportagegrens, bedoeld in artikel 8a, overschrijden en eventueel welke maatregelen worden genomen om deze afwijkingen in de toekomst te voorkomen; een overzicht van en toelichting op niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de Wet financiering decentrale overheden en de bijbehorende ministeriële regelingen, als deze voorkomen; rapportage van het veelvuldig niet naleven van normen uit de gids proportionaliteit of slechte documentatie of naleving hiervan, als deze voorkomen; en geconstateerde fraude door eigen medewerkers, als dit voorkomt.

Artikel II Overgangsrecht De verordening zoals die gold voor de inwerkingtreding van deze verordening blijft van toepassing op de jaarrekening en het jaarverslag en bijbehorende stukken van het begrotingsjaar voorafgaand aan het jaar waarin deze verordening in werking treedt.

Artikel III Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2023.

Artikel IV Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: 1e wijziging Financiële verordening Veenendaal

Vastgesteld in de openbare vergadering van 22 juni 2023,

de heer P. van Vugt griffier

de heer K.J.G. Kats voorzitter

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12797659/1