CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

11. Technische vragen Jaarstukken 2025 - met antwoord

Gemeenteraad 2 juli 2026, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Jaarstukken 20252.983 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Vergadercyclus

Juni 2026

Naam fractie

ProVeenendaal, ChristenUnie, D66

Onderwerp

Jaarstukken 2025

Vragen ProVeenendaal In 2019 is er een motie1 aangenomen (titel: KPI’s subsidierelaties aanscherpen) waarin wordt gevraagd om een subsidie monitoringssysteem. 1. Hebben we hier nu een systeem voor als gemeente Veenendaal? Antwoord: Voor diverse subsidieregelingen kan een aanvraag worden ingediend via de website. Deze aanvraag wordt vervolgens via ons zaaksysteem in behandeling genomen en afgehandeld. Ook de vaststelling en verantwoording verloopt via de website en vervolgens het zaaksysteem. De interne (beheer) processen (zoals checklisten, archivering etc) en de bestuurlijke processen (zoals vaststellen jaarlijkse subsidieplafonds) worden actief uitgevoerd. 2. Voldoen we nu 100% aan onze eigen regels die we hebben vastgesteld in de Algemene Subsidieverordening Veenendaal2? In de Jaarstukken 2025 komt dit namelijk bijna niet aan de orde. Antwoord: De Algemene subsidieverordening Veenendaal geeft procedurele regels om op terug te kunnen vallen bij al onze subsidieverstrekkingen. Van veel van deze regels kan worden afgeweken om maatwerk te kunnen leveren. Voor wat betreft de wens van de raad om KPI's te stellen bij het verstrekken van subsidie, waar deze motie op ziet, worden in veel subsidieverleningen KPI's gesteld. Dit gebeurt, conform de verordening, in beginsel niet bij subsidies onder de € 5.000, gelet op de verhouding tussen de administratieve lasten en de subsidie. 3.

Kunnen we per subsidie in 2025 en 2026 rond cultuur en evenementen een lijst krijgen welke KPI’s zijn afgesproken en of daaraan wordt voldaan? Antwoord: Per aanvraag wordt er een beschikking afgegeven en daarin en/of in bijlagen staan KPI's. Bij het vaststellen van de subsidies beoordeelt het college vanuit haar bevoegdheid of er aan de afspraken is voldaan. Gezien de veelheid aan cultuur- en evenementensubsidies (zie bijlage 4 van de jaarstukken) en het korte tijdsbestek voor de beantwoording van technische vragen is het niet mogelijk om een volledige lijst op te stellen van alle KPI's en of hier aan is voldaan. Twee voorbeelden van KPI's zoals die zijn opgenomen in de beschikkingen zijn:

1

https://veenendaal.raadsinformatie.nl/document/7808541/2/Moties_Kadernota_20202023_aangenomen?connection_type=1&connection_id=4798969 2

https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR133929/2

- Ontmoetingshuis Veenendaal-Oost: Het programmamanagement van het Ontmoetingshuis Veenendaal-Oost biedt, in lijn met de cultuurvisie 2022-2030 en cultuurnota 2022-2026, in 2026 een breed en toegankelijk programma van cultureel-maatschappelijke activiteiten aan voor in eerste instantie wijk Oost en in de tweede plaats Veenendaal-breed en eventueel daarbuiten. Op deze manier wordt een constructieve bijdrage geleverd aan de verdere opbouw, verlevendiging en leefbaarheid van wijk (noord)oost. - Theater Lampegiet: Het theater biedt jaarlijks een gevarieerd en toegankelijk programma van professionele podiumkunsten. Het theater richt zich zowel op reguliere bezoekers, als op nieuwe doelgroepen voor wie een theaterbezoek minder vanzelfsprekend is. Bij het samenstellen van het programma wordt tevens actief gezocht naar een gezonde balans tussen artistieke(prikkelend), maatschappelijke- (participatief) en economische waarde (populair). Tijdens de accountgesprekken met de subsidiepartners wordt het gesprek gevoerd over de voortgang m.b.t. de KPI's. Voor het grootste deel van de subsidies wordt voldaan aan de afgesproken KPI's. Als niet voldaan wordt aan de afgesproken KPI's, kan de subsidie lager worden vastgesteld dan het beschikte bedrag. De reserve ontheemden groeit verder naar ruim 8 miljoen. 4.

Kan het college een onderbouwing verstrekken van de benodigde omvang van de reserve Ontheemden en aangeven welke concrete verplichtingen, investeringen en risico’s de reserve van circa € 8,1 miljoen rechtvaardigen? Antwoord: In november 2023 heeft de raad expliciet besloten tot het instellen van de reserve Opvang Ontheemden, met het oog op de continuïteit van de opvangopgave en de mogelijkheid om toekomstige ontwikkelingen, investeringen en risico’s binnen dit beleidsveld op te vangen. De reserve biedt ruimte om uitvoering te geven aan de ambities zoals verwoord in VISA Veenendaal en om toekomstbestendige keuzes te maken ten aanzien van opvang, huisvesting, participatie en begeleiding van verschillende doelgroepen die binnen het programma Opvang vallen. Daarbij moet rekening worden gehouden met onzekerheden rondom rijksvergoedingen, wijzigingen in wet- en regelgeving, fluctuaties in instroom en bezetting en de noodzaak om tijdig te kunnen investeren in locaties, voorzieningen en organisatorische capaciteit. De reserve is daarmee dus niet uitsluitend bedoeld voor al juridisch vastgelegde verplichtingen (zoals personeelskosten), maar ook om de continuïteit van de opvangopgave ook bij het wegvallen van middelen nog enige tijd te waarborgen, noodzakelijke investeringen mogelijk te maken en risico’s op te vangen die samenhangen met de uitvoering van het programma.

Op deze wijze blijven middelen die zijn ontstaan vanuit de opvang van Oekraïense ontheemden beschikbaar voor maatschappelijke opvangopgaven en kunnen zij worden ingezet waar dat vanuit bestuurlijk en maatschappelijk perspectief het meest noodzakelijk is. De stand van de reserve ultimo 2025 bedraagt (afgerond) € 8,1 miljoen. Hierbij moet rekening worden gehouden met een aantal financiële ontwikkelingen: - In de Programmabegroting 2026 is besloten om € 2 miljoen uit de reserve te onttrekken ten gunste van de Algemene reserve. Deze onttrekking moet nog worden verwerkt. - In de reserve wordt rekening gehouden met diverse (mogelijke) kosten en risico’s. Het gaat

dan bijvoorbeeld om reserveringen voor het eventueel terugbrengen van panden in de oude staat, reserveringen voor onderhouds- en huurverplichtingen en loonkosten. In de reserve wordt momenteel rekening gehouden met een bedrag van (afgerond) € 1,7 miljoen. - Op 6 mei jl. is de raad middels een raadsinformatiebrief geïnformeerd over de aankoop van een van de opvanglocaties (De Sterke arm). Op de koopovereenkomst is – tot de leveringsakte is gepasseerd en de inschrijving in de openbare registers heeft plaatsgevondengeheimhouding opgelegd. De financiële verwerking van de aankoop (ten laste van de exploitatie 2026 danwel de reserve opvang ontheemden vindt te zijner tijd plaats via de P&C cyclus. - Momenteel worden de mogelijkheden onderzocht om nog een reeds bestaande opvanglocatie/ pand aan te kopen. - Het kabinet heeft inmiddels besloten tot een nieuwe bekostigingssystematiek voor alle opvangtaken. In de tweede helft van 2026 blijft de huidige systematiek (normbedragen) nog bestaan naast de nieuwe systematiek. Vanaf 2027 geldt enkel nog de nieuwe systematiek. In deze nieuwe systematiek (details zijn nog onbekend) worden alleen nog werkelijke kosten vergoed. In de afgelopen jaren leidde de huidige systematiek jaarlijks tot een (fors) financieel voordeel.

De nieuwe systematiek heeft als gevolg dat dit voordeel vanaf 2027 niet meer aan de orde zal zijn, en er dus naar verwachting geen reservevorming meer kan plaatsvinden. In het proces naar de Programmabegroting 2027 worden - zoals gebruikelijk - alle reserves en voorzieningen opnieuw beoordeeld. Voor de reserve Opvang ontheemden wordt dan ook opnieuw beoordeeld wat de noodzakelijke hoogte van de reserve moet zijn om risico’s af te dekken. Tot slot: tijdens de informatieavond van 12 mei jl. is door de burgemeester toegelicht dat de reserve Opvang ontheemden van belang is om ook in de toekomst invulling te kunnen blijven geven aan de opvangopgave. De reserve biedt de gemeente de benodigde financiële flexibiliteit om in te spelen op toekomstige ontwikkelingen, risico’s en investeringen binnen het programma Opvang en om toekomstbestendige keuzes te kunnen maken wanneer de omstandigheden daarom vragen. Uit de Jaarstukken 2025 blijkt dat de Reserve Dekking beheer Groene Grens per 31 december 2025 € 3,648 miljoen bedraagt, terwijl in 2025 circa € 96.000 aan deze reserve is onttrokken voor beheer en onderhoud. Daarnaast blijkt uit het jaarverslag van Vereniging Mooi Binnenveld dat het beheer van circa 50 hectare Groene Grens plaatsvindt op basis van een meerjarige beheerovereenkomst met de gemeente. 5.

Kan het college inzicht geven in:  de financiële onderbouwing van de huidige reserveomvang van € 3,648 miljoen;  het meerjarige beheer- en onderhoudsplan waarop deze reserve is gebaseerd;  de verwachte jaarlijkse beheer- en onderhoudskosten voor de komende 10 jaar;  de omvang van eventuele toekomstige vervangings- of investeringsopgaven die uit deze reserve moeten worden bekostigd;  de reden waarom de huidige reserveomvang noodzakelijk wordt geacht, gelet op de relatief beperkte jaarlijkse onttrekking. Hierbij graag een overzicht van de geraamde toekomstige lasten waarvoor deze reserve is gevormd. Antwoord: De jaarlijkse onderhoudslasten bedragen ongeveer € 96.000 per jaar. Stichting Mooi Binnenveld stelt jaarlijks een nieuwe begroting op. Naar verwachting zal de begroting jaarlijks iets stijgen. Uitgaande van een reserve van 3,7 miljoen, is dit voldoende voor een periode van ongeveer 35 jaar onderhoud. De kavelkopers van Balkon-zuid hebben recht op 50 jaar groengarantie. Deze termijn loopt tot en met 2063. Op deze termijn is ook de hoogte van de reserve gebaseerd. Vervanging van paden, bruggen,

etc. is hierin nog niet meegenomen. Zie voor meer informatie het raadsvoorstel en raadsbesluit van 12 december 2024, voorstelnummer 2195226.

Vragen ChristenUnie 1. Wat is het gerealiseerde jaarresultaat van de afgelopen 6 jaar (periode 2020 t/m 2025)? Antwoord:

2. Wat is het verloop van de algemene reserve van de afgelopen 6 jaar (periode 2020 t/m 2025)? Antwoord:

3. Wat is de prognose van de stand van de algemene reserve van de komende 4 jaar met daarbij weergegeven de eis van de minimale hoogte van de algemene reserve? Antwoord: De benodigde weerstandscapaciteit (eis minimale hoogte algemene reserve) vloeit voort uit de berekening van het risicobedrag. Dit risicobedrag wordt periodiek geactualiseerd (in de P&C-cyclus). De laatste actualisatie vond plaats in de jaarrekening 2025 en bedraagt € 16,6 miljoen.

Blz.66. I.c.2. “We verbeteren de begeleiding en nazorg tijdens het traject schuldsanering”. In de toelichting kan gelezen worden dat er voorbereidingen getroffen worden voor een nieuwe beleidsvisie, waarbij gewacht wordt op keuzes van het nieuwe kabinet. 4. Wat is de verwachte datum voor het gereedkomen van de nieuwe beleidsvisie? En op welk moment heeft de raad de mogelijkheid om kaders mee te geven? Antwoord: Het verbeteren van begeleiding en nazorg tijdens het traject schuldsanering maakt onderdeel uit van de Basisdienstverlening, wat door de NVVK, Divosa en VNG is uitgewerkt. Dit is een landelijk afgesproken minimumniveau aan ondersteuning dat iedere gemeente inwoners moet bieden om verschillen tussen gemeenten te verkleinen. Ook in Veenendaal zijn we hier op operationeel niveau mee bezig. Voor het verbeteren hiervan wordt geen nieuwe/aparte beleidsvisie opgesteld. Het past binnen het huidige Integraal Beleidskader Sociaal Domein. Het onderwerp schulddienstverlening (en eventuele ontwikkelingen vanuit het Rijk) wordt betrokken bij het opstellen van de nieuwe integrale visie Samenleving.

Blz. 71. III.g.1. Agenda toegankelijkheid actualiseren in 2025. 5. Op welke termijn kan de raad de geactualiseerde agenda toegankelijkheid verwachten? Antwoord: In het vierde kwartaal

6. Er wordt genoemd dat het werken aan toegankelijkheid niet stil ligt. Welke concrete resultaten/acties zijn er het afgelopen jaar geboekt/genomen? Antwoord: - Ervaringsdeskundigheid wordt steeds vaker ingezet bij ruimtelijke projecten. Daardoor is een aantal stoepranden en oversteekplaatsen verbeterd rolstoltoegankelijk. - Er is, in lijn met bovenstaande, intern gewerkt aan het breder bekendmaken van de mogelijkheid ervaringsdeskundigheid in te zetten zodat komend jaar (2026) kan worden gewerkt aan structurele inzet daarvan. - Toegankelijkheid is onderdeel geworden van het Programma Inclusie. Door het programma onder de aandacht te brengen en de integraliteit van inclusievraagstukken te benadrukken, heeft ook toegankelijkheid bredere aandacht gekregen. - In het project Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI) is Diversiteit en Inclusie een van de zes thema’s. Door dit project worden alle aanbestedingen van de gemeente ook door de bril van D&I bekeken. Zo is bijvoorbeeld toegankelijkheid meegenomen in de aanbesteding van nieuwe warme drankenautomaten op het gemeentehuis en wordt gekeken naar mogelijkheden om de inkoopprocessen zo te maken dat toegankelijkheid automatisch wordt meegewogen bij inkoop en aanbestedingen. - Er is samenwerking opgezet om de binnenstad niet alleen vitaal te houden maar ook toegankelijk.

De precieze doelen hiervan worden opgenomen in de Agenda Toegankelijkheid. Onderdeel hiervan is in ieder geval de toegankelijkheidsschouw. Deze is in 2025 voor het eerst gehouden in de Binnenstad en zal jaarlijks worden herhaald. Het doel is om tips te kunnen geven over (toekomstige) herstructureringsprojecten en kleine aanpassingen in de tussentijd. - Het contract met Ongehinderd, de organisatie die zich inzet voor toegankelijkheid, is herzien en een meer effectieve werkwijze is besproken. Deze werkwijze moet resulteren in een meer ge-updatete pagina met informatie over toegankelijkheid in Veenendaal en een meer actieve en betrokken groep van inwoners die locaties toetst op toegankelijkheid. - Er is een project gestart om MKB in de binnenstad te wijzen op (on)toegankelijkheid, ook door Ongehinderd. De voorbereidingen daarvoor zijn eind 2025 gestart, de uitrol vindt plaats in 2026. - De werkgroep voor de Week van de Toegankelijkheid en de klankbordgroep (ervaringsdeskundigen die adviezen geven aan de gemeente) zijn samengegaan in “Veenendaal voor Iedereen”; daarbij heeft de gemeente ondersteund en doet dat ook in 2026. - De Week van de Toegankelijkheid heeft weer een mooie editie gehad. De gemeente heeft ondersteund in organisatie en facilitering.

Vragen D66 Op pagina 162 staat het volgende aangegeven: “Per saldo is hierdoor sprake van een afname van de beschikbare uitvoeringscapaciteit, met name zichtbaar binnen het jongerenwerk, waar minder inzet en capaciteit beschikbaar is.” 1. Kan worden aangegeven welke consequentie dit in 2025 heeft gehad en hoeveel jongerenwerk er minder is ingezet? Kan ook worden aangegeven hoe dit in 2026 en verder is georganiseerd en welke prioritering jongerenwerk binnen de opdracht aan Veens Welzijn heeft gekregen? Antwoord: Het is goed om te benadrukken dat de NPO gelden incidentele middelen waren. Deze stopten in juli 2025. Sinds juli 2025 heeft dit ertoe geleid dat er structureel 1 fte minder jongerenwerk is. In de uitvoering van het werk leidt dit tot minder aanbod van inloopmomenten voor jongeren dan met de extra NPO gelden. In de begroting 2026 is echter ook 280.000 euro

beschikbaar gesteld voor het jongerenwerk, dit is een voortzetting van het eerdere tijdelijke bedrag dat door de raad t/m 2025 beschikbaar was gesteld, maar minder dan met de NPO middelen. In 2025 was er 5,9 fte beschikbaar voor jongerenwerk. In 2026 is dit 4,34 fte. De vraag over de verdere organisatie van het jongerenwerk na 2026 betreft toekomstig beleid en kan daarom niet worden beantwoord in het kader van de jaarstukken 2025. 2. Op pagina 75 is de terugkoppeling over het thema sport niet aanwezig. Is dit per ongeluk of zijn er op dit gebied geen doelstellingen? Antwoord: In de Programmabegroting 2025 waren voor het thema Sport geen doelen en maatregelen opgenomen. Om die reden is in de jaarrekening hier ook niets gerapporteerd. 3. Op pagina 20 staat het volgende: “In 2025 is gewerkt aan de verkenning van twee grootschalige uitbreidingsgebieden op de agenda: De Klomp en De Nieuwe Meent. De ruimtelijke (on-)mogelijkheden van de gebieden worden in kaart gebracht via gebiedsverkenningen en ruimtelijke wensen. Dit is minder voortvarend gegaan dan aanvankelijk gedacht”.

Waarom is dit minder voortvarend gedaan dan aanvankelijke gedacht? En welke stappen worden er genomen om de vaart er weer in te krijgen? Antwoord: Voor gebiedsontwikkeling De Klomp was het voor de voortgang van de verdere gebiedsverkenning in 2025 noodzakelijk om eerst een breed gedragen bestuurlijke opdracht op te halen van alle betrokken gemeenten, provincies en het waterschap. Dat is gelukt in december 2025. Daarna is via de Provincie Gelderland gestart met de werving van een programmamanager en de Europese aanbesteding van een 'ontwerp-consortium'. Voor het laatste onderdeel wordt de selectie verwacht op 8 februari 2026. Dit traject loopt goed en is breed gedragen. Bij de uitwerking van De Meent bleek vorig jaar geen overeenstemming te bestaan tussen de Provincie Utrecht en de gemeente Rhenen over de verdere locatie uitwerking. Utrecht heeft daarop de regie overgenomen en de verdere onderzoeken naar de randvoorwaarden opgepakt. Op dit moment zijn we in afwachting van de uitkomsten en de vervolgstappen. De bal ligt bij de Provincie Utrecht. 4. Op pagina 22/23 staat het doel om “In 2025 wordt 75% van het huishoudelijke afval gescheiden, 65% gerecycled en wordt nog maximaal 100 kilo restafval per inwoner ingezameld.” op groen terwijl er nog geen cijfers over 2025 bekend zijn.

Op basis van welke indicatoren wordt er vanuit gegaan dat de doelen wel gehaald zijn? Wanneer worden de cijfers van 2025 bekend? Antwoord: De definitieve cijfers over 2025 worden rond of net na de zomer bekend. De resultaten over 2024 waren 96 kg restafval per inwoner, 76% scheiding en 59% recycling. De langjarige trend is dat door het gevoerde beleid de cijfers elk jaar wat beter zijn en we verwachten dat deze stijgende lijn in prestaties zich in 2025 voortzet. 5. Op pagina 21 staat dat het VCP niet in 2025 is opgesteld, mede door personele tekorten. Wat waren de andere oorzaken dat dit in 2025 niet gelukt is? En welke maatregelen worden er genomen/zijn er genomen om dit in 2026 wel te doen slagen? Antwoord: In Q4 2025 is de opdracht voor het VCP opgesteld en uitgezet. Begin 2026 is opdracht verleend en is het project gestart. Volgens planning ronden we het plan in 2026 af en brengen we het plan ter besluitvorming naar de raad.

6. Op pagina 47 en pagina 169 lezen we dat er €39.725,- extra aan toeristenbelasting is binnengekomen. Kunnen we dan concluderen dat er 14.341 hotelovernachtingen meer dan verwacht zijn geweest in Veenendaal, of heeft dit een andere oorzaak? En kunnen we concluderen dat het totaal aantal hotelovernachtingen in Veenendaal is gestegen naar 131.769? Antwoord: De actuele realisatie (inclusief prognose) van het aantal overnachtingen toeristenbelasting bedroeg volgens de opgave van GBLT over belastingjaar 2025 128.973 en is licht gestegen t.o.v. 2024 (opgave GBLT: 127.004). De meeropbrengst aan toeristenbelasting heeft dus voornamelijk een andere oorzaak. Het hogere bedrag van € 39.725 dat in de jaarrekening 2025 wordt toegelicht heeft namelijk volledig betrekking op 2024. Bij het opstellen van de jaarrekening wordt voor de opbrengst toeristenbelasting uitgegaan van de jaaropgave van GBLT. Hierin doen zij ook een opgave van de nog te verwachten toeristenbelasting over dat jaar. Dit is echter een prognose die achteraf nog enigszins kan afwijken. Bij de jaarrekening 2024 is een nog te ontvangen bedrag over 2024 van € 113.410 opgenomen, terwijl er over dat jaar uiteindelijk voor een totaalbedrag van € 153.135 aan aanslagen is opgelegd. Dit verschil zorgt voor de genoemde extra opbrengst in 2025 van € 39.725.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17125390/6