10. Technische vragen en antwoorden Jaarstukken 2020
Tekst van het document
Technische vragen Jaarstukken 2020 Hoofdstuk
Pagina
Fractie
Pfh
Afd.
Vraag
Antwoord a.
1
2
3
De coronacrisis (COVOD-19)
9-13
Lokaal Veenen daal
MV
a.
Graag ontvangen wij een specificatie van de ontvangen gelden bedoeld voor de corona steun.
b.
In de jaarstukken zijn deze zeer generiek weergegeven. Tevens willen wij een specificatie hoe deze gelden exact zijn besteed.
FSB
Samenvatting
5
CU
MV
FSB
Er is voor circa 134 miljoen aan minder lasten gerealiseerd. Dat is een cijfermatige constatering, Welke uitwerking heeft dit gehad in het niet realiseren van zaken die voorgenomen waren? Volstaan kan worden met de belangrijkste zaken te noemen.
De coronacrisis (COVOD-19)
10
CU
MV
FSB
Coronacrisis: er is meer geld ontvangen dan uitgegeven. Hoe is dit restant verantwoord? Is dit naar een reserve of voorziening gegaan?
De Jaarstukken 2020 zijn als volgt ingedeeld: Inleiding, Samenvatting, De Werk en Ontwikkeling, Programma 3. Sociale leefomgeving, Programma 4. Burger Programma 6. Bedrijfsvoering, Jaarrekening, Burgerjaarverslag 2020, Bijlagen
De ontvangen gelden (compensatie) vanwege de coronacrisis bedragen in 2020 in totaal € 8.987.000 (zie blz. 10). Op pagina 11 (onder het kopje ‘inkomsten vanuit compensatie 2020)’en pagina 12 (nadere specificatie compensatie via de algemene uitkering) vindt u de nadere specificatie van de ontvangen gelden. b. De specifieke bestedingen/afwijkingen in verband met de coronacrisis zijn terug te vinden in bijlage 10 (Gedetailleerd financieel overzicht van de gevolgen van de coronacrisis) op de pagina’s 326 tot en met 329 van de Jaarstukken 2020. We kunnen de 134 miljoen niet plaatsen. Waarschijnlijk doelt u op de zinssnede op pagina 5 van de jaarstukken waarbij is aangegeven dat er in 2020 uiteindelijk voor € 13.996.000 aan lagere lasten is gerealiseerd. Naast lagere lasten zijn er ook lagere baten gerealiseerd. Dit resulteert uiteindelijk in het saldo van € 5.722.000, waarvan de oorzaken op pagina 6 zijn opgesomd en worden toegelicht bij de diverse programma’s. Vanuit de verantwoording van de doelen kunt u opmaken dat de uitvoering/realisatie van deze doelen in 2020 voor het overgrote deel van de gevallen inhoudelijk en conform planning heeft plaatsgevonden. Voor een beperkt aantal activiteiten wordt voorgesteld om de niet uitgegeven bedragen in 2020 over te hevelen naar 2021 voor de uitvoering van deze activiteiten in 2021 of volgende jaren.
Graag verwijzen wij u hiervoor naar bijlage 2 (specificatie van de resultaatbestemming 2020, blz. 229 t/m 233). Zoals u in de Jaarstukken 2020 ziet, resteert er in 2020 m.b.t. de coronamiddelen per saldo een bedrag van € 1.893.000. Dit voordelige saldo maakt onderdeel uit van het totale voordelige saldo van de Jaarstukken van afgerond € 5,7 miljoen. Via de resultaatbestemming wordt voorgesteld om het totale saldo van de coronamiddelen over te hevelen naar 2021 ten behoeve van nog uit te voeren activiteiten en effecten van de coronacrisis in 2021 (zie bijlage 2 van de Jaarstukken 2020. pagina 231 en 232).
Coronacrisis, Programma 1. Fysieke leefomgeving, Programma 2. Economie en Bestuur, Programma 5. Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien,
4
Programma 1
23
CU
MV
PP
5
Programma 1
24
CU
MV
PP
6
Programma 2
46
CU
MV
PP
In het lopende programma hebben we voor besparingsdoelen per pijler gemeente brede indicatoren gebruikt die lastig tijdig meetbaar bleken (vanuit de landelijke database). Daarom hebben we voor het vervolg van het programma nog maar 1 algemeen gemeentelijk besparingsdoel aangegeven dat de centrale richting aangeeft en daarnaast voornamelijk in elke pijler een ENV: De huidige indicatoren lijken niet bruikbaar om het divers aantal concreet meetbare doelen benoemd om een programma tijdig bij te sturen. Hoe beoordeelt het college dit en meer recent inzicht te krijgen in het huidige worden wijzigingen in de indicatoren voorzien voor het vervolg van energiegebruik in de gemeente en het gemeentelijk het programma? vastgoed. Zo krijgen we voor de ontwikkelingen van het energieverbruik van de gemeente zelf inzicht door de monitor in de CO2 prestatieladder voor het gemeentelijk vastgoed en gaan we voor het meten van energieverbruik bij woningen en bedrijven gebruik maken van ons Datalab en de innovatiemakelaars die gegevens van de ODRU en de energieleverancier kunnen verwerken. Zie ook het antwoord bij vraag 4. Het inzicht in het energieverbruik van het gemeentelijke vastgoed is vanaf dit jaar geborgd in de CO2 Prestatieladder. Deze dwingt ons om jaarlijks inzicht te hebben in het energieverbruik en bij te sturen n.a.v.
inzichten (de PDCA-cyclus is belangrijk onderdeel van de certificering). Voor de monitoring van andere indicatoren (wat gebeurt er in de samenleving) willen we in ieder geval De huidige indicatoren lijken niet bruikbaar om het programma zonnepanelen real-time gaan monitoren op basis van tijdig bij te sturen. Er zijn eenvoudige manieren om meer recent luchtfoto’s. Voor het verzamelen van data en monitoring inzicht te krijgen in het huidige energiegebruik van de gemeente voor andere indicatoren is in de meeste gevallen de en het gemeentelijk vastgoed. Is het college voornemens om de inspanning dermate hoog dat dit niet in verhouding staat manier van monitoring van dit onderdeel te wijzigen, zodat de tot de meerwaarde van het inzicht. Daarbij speelt mee dat inzichten beter worden vertaald naar beleid en uitvoering? we het effect van gemeentelijk beleid niet 1 op1 af kunnen leiden uit algemene indicatoren: ook nationaal beleid, economische omstandigheden e.d. zijn van invloed. Om langjarig de trends in kaart te brengen is dit wel zinvol. Om bovenstaande redenen is in het voorliggende programmaplan de keuze gemaakt voor de formulering van de concreet meetbare doelen in alle pijlers, zodat deze meer relateren aan concrete inspanningen van de gemeente en partners. Er zijn geen andere redenen.
Het blijkt moeilijk om voor ICT campus: Kandidaten voor een rol in een ICT-bedrijf kunnen deze doelgroep een passend digitaal aanbod te creëren. toch wel met behulp van ICT middelen worden begeleid? Zijn er Zodra de opleider begint met klassikale opleiding te nog andere redenen dat het aantal van 30 niet is gehaald? verzorgen, kunnen de kandidaten alsnog aan de slag.
De Jaarstukken 2020 zijn als volgt ingedeeld: Inleiding, Samenvatting, De Werk en Ontwikkeling, Programma 3. Sociale leefomgeving, Programma 4. Burger Programma 6. Bedrijfsvoering, Jaarrekening, Burgerjaarverslag 2020, Bijlagen
Coronacrisis, Programma 1. Fysieke leefomgeving, Programma 2. Economie en Bestuur, Programma 5. Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien,
7
Programma 3
65
CU
MB
MO
Is met Sportservice over alle geactualiseerde K.P.I.’s overeenstemming bereikt? Zo nee, over welke zaken zijn/waren discussie?
De Jaarstukken 2020 zijn als volgt ingedeeld: Inleiding, Samenvatting, De Werk en Ontwikkeling, Programma 3. Sociale leefomgeving, Programma 4. Burger Programma 6. Bedrijfsvoering, Jaarrekening, Burgerjaarverslag 2020, Bijlagen
Ja, met Sportservice Veenendaal zijn goede gesprekken gevoerd en is overeenstemming bereikt over de KPI’s die vanaf subsidiejaar 2021 in werking zijn getreden. Er was daarbij geen sprake van discussie. Ook in de Raadsinformatiebrief ‘Herijking Sport” wordt hier nader op in gegaan.
Coronacrisis, Programma 1. Fysieke leefomgeving, Programma 2. Economie en Bestuur, Programma 5. Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien,