CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

10. Technische vragen en antwoorden Integraal beleidskader sociaal domein

Gemeenteraad 16 november 2023, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024-20272.974 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

TECHNISCHE VRAGEN Raadscyclus d.d.

7 november 2023

Naam fractie:

SGP, ProVeenendaal

Onderwerp:

Raadsvoorstel Integraal beleidskader Sociaal Domein

SGP

1. Is er een integrale evaluatie beschikbaar van het IBK 2020-2023 en zo ja, en hoe zijn

evaluatiegegevens die betrokken bij deze nieuwe versie? In de vorige raadsperiode heeft de raad in zijn vergadering van 23 januari 2020 het Integraal beleidskader sociaal domein vastgesteld. Het IBK SD 2020-2023 is nog niet afgerond, vandaar dat een eindevaluatie niet beschikbaar is. Op grond van de huidige ervaringen is het IBK SD 2024-2027 opgesteld. Het college heeft bij het vaststellen van het IBK-SD aan de raad toegezegd om begin 2022 het IBK te evalueren. Dit is gebeurd. Mede op initiatief van de raad zelf heeft het college samen met de griffie op 11 oktober 2021 een bijeenkomst c.q. markt georganiseerd waar raads- en collegeleden en leden van vrijwilligersorganisaties en andere belanghebbenden in het sociaal domein informeel met elkaar van gedachten hebben kunnen wisselen over de manier waarop het sociaal domein wordt uitgevoerd. In maart 2022 heeft de raad een tussen-evaluatie 2020-2021 ontvangen. Deze is met de raad en andere partijen besproken. Verder is op 11 april 2023 met vele partijen in deelsessies gesproken over de verschillende onderwerpen van het huidige IBK en de wensen voor een nieuw IBK. Daarnaast is de raad is op verschillende manieren geïnformeerd over de voortgang van het IBK SD 2020-2023. Zo ontvangt u elk kwartaal de effectmonitor waarin de actuele stand van zaken staat beschreven. Jaarlijks wordt deze toegelicht tijdens de verantwoordingsmarkt.

Mede op grond van deze input vindt een bijsturing plaats van het huidige IBK. Zo blijft zelfredzaamheid een streefdoel, maar benoemen we ook dat we dat we oog hebben voor het denk- en doenvermogen van inwoners. Daarnaast is ervoor gekozen om te werken met een beperkt aantal algemene maatschappelijke doelen en dit jaarlijks te actualiseren en handen en voeten te geven in een uitvoeringsplan. Deze uitgangspunten staan beschreven in de startnotitie die op 23 maart van dit jaar door de raad zijn vastgesteld en in het voorliggende IBK wordt uitgewerkt. 2. Wat is de reden dat er geen inhoudelijk advies ligt van de samenwerkingsverbanden binnen

FoodValley? Is er geen OOGO hierover gevoerd? Zo nee, waarom niet? En wat zijn de consequenties hiervan? Dit onderwerp is een aantal malen aan de orde geweest op het OOGO. Op 16 maart is de startnotitie besproken. Op 29 juni is het concept IBK 2024-2027 toegelicht. Daarop is op 19 juli het concept IBK (zoals

vastgesteld door het college) voor advies toegestuurd aan de samenwerkingsverbanden. Ondanks diverse pogingen was het nog niet gelukt om een inhoudelijke reactie van de samenwerkingsverbanden te verkrijgen. Inmiddels is overeenstemming bereikt over de betrokkenheid van het onderwijs bij het verder uitwerken van het IBK. Daarbij volgen we de uitgangspunten van het IBK SD. 3. Het IBK (par. 1.3.1) geeft aan dat de komende vier jaar nadrukkelijk de verbinding gezocht wordt

met onderwijs en kinderopvang. Kan het college aangeven hoe dit concreet gaat plaatsvinden? Welke projecten lopen er op dit gebied en welke worden opgestart? In deze passage wordt benadrukt dat we, om onze doelen te bereiken binnen het sociaal domein, het onderwijs en kinderopvang nadrukkelijk nodig hebben. We kunnen dit niet alleen. Dit is een richtinggevend statement om te borgen dat we als gemeente de verbinding met het onderwijs en kinderopvang zoeken in onze beleidsontwikkeling over de gehele periode van het IBK. Wanneer we kijken naar het uitvoeringsplan 2024, zien we dat hier invulling wordt gegeven door diverse resultaten en inspanningen. Hieronder ziet u de op dit moment geformuleerde resultaten en inspanningen uit de meest actuele versie van de opzet uitvoeringsplan. Wat er nu in het uitvoeringsplan over onderwijs en kinderopvang staat: • Dat een nieuw LEA beleidsplan (onderwijs/kinderopvang) zal worden ontwikkeld. Onderwijs en kinderopvang brengen we via de LEA bij elkaar. • De samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt is versterkt, door projecten gericht op terug naar school of begeleiding naar werk. Zie hiervoor de opzet uitvoeringsplan. • Het IKC beleid is met onderwijs en kinderopvang en streven we naar een visie waarbij doorgaande leer en ontwikkeling wordt vormgegeven.

• We zetten in op het voorkomen van achterstanden door in te zetten op Voorschoolse Educatie en de verbinding te leggen met het Primair onderwijs. • We dragen bij aan een sterke samenwerking en heldere afstemming tussen scholen, samenwerkingsverbanden, CJG en gemeente. Dit doen we door het vier keer per jaar een lokaal overleg te organiseren. • Samen met de regio dragen we bij aan normaliseren en inclusiever onderwijs. Dit doen we door uitvoering te geven aan de regionale focusagenda met het onderwijs. We sluiten als gemeente aan bij de regionale werkgroepen vanuit de Focusagenda te weten OZA, Matrix Passende Samenwerking, Leren van Data en Aanpak gespecialiseerd onderwijs. • We zetten vanuit het Nationaal Programma Onderwijs in op 3 lijnen: Lijn 1 beschermende factoren mentale gezondheid: het doel is om laagdrempelige toegang te geven tot creatieve, sportieve en sociale activiteiten om mentale gezondheid te beschermen/ te bevorderen. Lijn 2 Extra aandacht welbevinden school/opvang/thuis: het doel is om laagdrempelige ondersteuning te bieden aan leerlingen/ouders op het gebed van welbevinden. Lijn 3 Samenwerken en verbinden van ondersteuning: het doel is versterking van samenwerking in de ondersteuning van kwetsbare gezinnen vanuit gemeente en partners in het onderwijsjeugddomein en het sociale veld.

•

•

•

Vanuit de NPO gelden wordt tevens ingezet op effectief, preventief en inter professioneel samenwerken om hiermee de pedagogische basis te versterken. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het inspiratienetwerk, Met Andere Ogen (MAO) waarbij de focus ligt op de “lerende praktijk”. Een betere samenwerking van ouders, onderwijs, zorg en jeugd draagt bij aan het vergroten van ontwikkelkansen van kinderen. We ontwikkelen we een visie en strategie op hoe we de Hervormingsagenda Jeugd gaan implementeren. We passen hierop het jeugdbeleid aan waar nodig. En nemen hier in het proces het LEA in mee waar nodig Tot slot: in 2023 is aan het LEA verzocht voor een deelnemer voor het kernteam Sociaal Domein. In 2024 zal namens het LEA een of twee vertegenwoordigers aansluiten.

4. Er zijn in Veenendaal veel initiatieven die als doel hebben de naaste in nood te helpen. Het risico

hiervan is dat mensen met stapeling van regelingen te maken krijgen. Hoe wordt hierop regie gevoerd vanuit de gemeente? Er is afstemming en samenwerking met de maatschappelijke partners en informele hulpverleners in Veenendaal. De bekende initiatieven en regelingen van partners worden inzichtelijk gemaakt op Sociaal Startpunt Veenendaal. Indien wenselijk, faciliteert de gemeente overleg en afstemming tussen partners. Daarnaast organiseren we jaarlijks een actualiteitendag voor alle maatschappelijke partners. Deze middag heeft mede als doel dat partners kennis met elkaar maken en ontdekken waar ze elkaar kunnen aanvullen. 5. Is het bekend hoeveel inwoners van Veenendaal wel hulp nodig hebben, maar geen gebruik maken

van de beschikbare dienstverlening? En wat wordt eraan gedaan om deze inwoners te bereiken? Uw vraag is erg breed. Per hoofdonderwerp in het IBK beschikken we over data qua bereik. De beschikbare data zijn qua niet-bereik soms echter ontoereikend, juist als het gaat om inwoners die we niet bereiken. Zo is bijvoorbeeld niet precies bekend hoeveel inwoners van Veenendaal schulden hebben, omdat we dit pas weten als mensen zich daadwerkelijk melden. Wel hebben we vanuit (vroeg)signalen door derden als de woningbouw enig zicht op niet-gebruik. We gaan uit van richtlijnen, op basis van diverse data (CBS, CPB etc). Van inwoners waarvan we het vermoeden hebben dat er hulp nodig is, willen we de komende jaren meer outreachend – maar altijd proportioneel – hulp aanbieden. Wanneer er een risico is op dakloosheid en/of zorgmijding waarbij hulp toch echt noodzakelijk is zetten we bemoeizorg in om inwoners naar de juiste zorg te begeleiden. Onder andere via onze communicatiekanalen en samenwerking met partners zetten we in op verhoging van het bereik van onze inwoners.

6. Kan het college concreet aangeven welk van de projecten op de tocht staan door de (indirecte)

bezuinigingen bij Veens Welzijn in de komende jaren en wat de consequenties hiervan zijn? De CAO stijgingen binnen het welzijnswerk worden op dit moment voor de komende jaren niet volledig opgevangen binnen de gemeentebegroting. In 2024 wordt het ‘tekort’ door Veens Welzijn opgevangen vanuit de egalisatiereserve. Als er niets wijzigt gaan we in 2024 in gesprek met Veens Welzijn over de basistaken en in hoeverre daar keuzes moeten worden gemaakt. Dit om ervoor te zorgen dat er niet meerjarig een negatief saldo is. Het vastgestelde IBK vormt dan de leidraad om hierin keuzes te maken. Naast de basistaken voert Veens Welzijn nu taken uit waar incidenteel budget voor beschikbaar is. Hierbij gaat het om extra inzet jongerenwerk, inzet vanuit NPO, Maatje achter de Voordeur, inzet op projecten vanuit het GALA akkoord. De middelen vanuit NPO zijn tijdelijk tot medio 2025. De projecten die daar worden uitgevoerd zullen stoppen. Wat betreft de andere projecten zal op basis van evaluatie moeten blijken of u als raad hier aanvullend budget voor beschikbaar wilt stellen. Deze keuzes zijn we voornemens om bij de kadernota 2025 of indien mogelijk bij de kadernota 2026 aan u voor te leggen. 7. Zijn er bij andere uitvoerende organisaties projecten in het sociaal domein die in de komende jaren afgebouwd worden en zo ja, welke zijn dat? We kennen zowel structurele als incidentele projecten.

Incidentele projecten hebben als eigenschap dat ze vaak ook weer afgebouwd kunnen worden/eindigend zijn. Dit geldt bijvoorbeeld voor projecten, waaronder die vanuit NPO-middelen worden gefinancierd. Daarnaast zijn we ook afhankelijk van de financiële ontwikkelingen vanuit Den Haag voor de komende periode. 8. Is het bekend hoeveel vrijwilligers en mantelzorgers binnen het sociaal domein actief zijn en wat de (te verwachten) tekorten zijn? We hebben geen overzicht van de totale hoeveelheid vrijwilligers in Veenendaal. We weten wel hoeveel vrijwilligers er bij Veens Welzijn actief zijn, namelijk 425. Er zijn ongeveer 2400 mantelzorgers bij Veens Welzijn bekend, waarvan 177 jonge mantelzorgers. Er zullen altijd mantelzorgers zijn die zich niet hebben ingeschreven bij Veens Welzijn. Het totale aantal zal daarom waarschijnlijk ook nog wat hoger liggen. In het regioplan IZA wordt een duiding van de te verwachten tekorten aan vrijwilligers geschetst. Als de landelijke trend zich ook voor Veenendaal doorzet dan zien we dat het aantal mantelzorgers (uitgaande van personen tussen de 50 – 74 jaar, die nu het meeste mantelzorg verlenen) is gedaald van 15 personen per 85-plusser tot 10 personen per 85-plusse De gemeente ziet voor zichzelf een voorbeeldrol als mantelzorgvriendelijke medewerker.

Kan het college aangeven hoe dit gebeurt? En hoe uniek is het om dit zo te doen? Teamleiders zijn regelmatig in gesprek met medewerkers die mantelzorgers zijn. Daarbij wordt de belasting en belastbaarheid doorgesproken en wordt samen bezien welke verlofmogelijkheden beschikbaar zijn. Ook door het hybride wijze van werken kunnen veel medewerker zorgtaken combineren met werken. Een aandachtspunt is om dit facet jaarlijks terug te laten keren in de p-gesprekken, zodat het niet ongemerkt voorbij kan gaan.

Daarnaast vindt de gemeente Veenendaal het belangrijk om mantelzorgers en hun werkgevers goed te ondersteunen. Er is een groeiend aantal werkende mantelzorgers. Daarom heeft zij vorig jaar mei de opdracht gegeven aan een extern bureau om samen met Veens Welzijn het project mantelzorg en werkgeverschap uit te voeren. Zij ondersteunt zowel de gemeente (als werkgever) als externe bedrijven om meer mantelzorgvriendelijk te worden. Zij richt zich hierbij op de combinatie van mantelzorg en werkende. 9. Worden klachten van zorgvragers over toegankelijkheid en communicatie van de loketten binnen

het sociaal domein geregistreerd en zo ja, kan het college deze gegevens delen? Alle officiële klachten worden geregistreerd. Hierbij maken we geen onderscheid op het onderwerp. We kunnen de inhoud van de klachten vanwege privacy niet delen.

ProVeenendaal Document – Uitvoeringsplan •

De benaming FoodValley in het document.

De samenstelling en omvang van de FoodValley is inderdaad afhankelijk van het onderwerp (Arbeidsmarktregio, jeugdregio, beschermd wonen etc). We zullen dit in het definitieve document aangeven. •

Er wordt aangegeven dat dit een 'dynamisch plan' is. Hebben we het dan over de tot standkoming of is het de bedoeling dat het uitvoeringsplan aan constante verandering onderhevig is?

Wanneer we spreken over een dynamisch IBK (derde alinea inleiding), spreken we over het jaarlijks opnieuw bepalen welke resultaten en inspanningen belangrijk zijn voor het jaar erna. Wanneer we spreken over een dynamisch uitvoeringsplan (onderaan pagina 1), hebben we het over de tot standkoming van dit document samen met onze partners. Dit is een continue proces met in ieder geval 2 sociaal domein brede bijeenkomsten per jaar. De geformuleerde resultaten en inspanningen zijn nog aan verbetering onderhevig. In het eerste kwartaal van 2024 zal dit voor 2024 echter wel vastliggen, zodat we doelgericht werken, en niet ieder kwartaal onze doelen wijzigen. In die zin is de betekenis van ‘dynamisch uitvoeringsplan’ verwarrend en zal dit worden aangepast in de definitieve versie. •

Bij 1.2 staat dat er een advies voor jongerenhuisvesting geleverde wordt, waarbij wordt aangegeven wat voor soort huisvesting er gerealiseerd (gebouwd) moet worden voor jongeren van 16/27 jaar. Op welke manier gaan we dit borgen in de andere domeinen.

In de woonvisie 2022-2025 is huisvesting voor jongeren geborgd. De coördinatie van dit onderwerp over de verschillende domeinen is ondergebracht bij de “regisseur wonen, welzijn en zorg”.

•

1.3: Op welke manier wordt er bekeken of er in de Human Capital agenda van Regio Foodvalley elementen zijn die kunnen bijdragen aan de arbeidsparticipatie uitdaging?

Wij leggen de verbinding via de regionale samenwerking in de arbeidsmarktregio Food Valley ) die primair de realisatie van de Banenafspraak tot doel heeft en dus gericht is op ondersteuning aan werkzoekenden en werknemers met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt. Tussen Arbeidsmarktregio en Human Capital Agenda vindt op beleidsniveau en op niveau van de programmamanagers structureel en geregeld overleg plaats. Daarnaast hebben we er in Veenendaal voor gekozen om de beleidsadvisering rond de Human Capital Agenda te beleggen binnen het beleidscluster Werk en Inkomen, zodat ook intern de verbinding geborgd is. •

Bij 1.5 wordt gesproken over 'de regio Food Valley'. Over 'welke' definitie van Foodvalley hebben we het hier?

Dit betreft de arbeidsmarktregio Food Valley, zie Arbeidsmarktregio: FoodValley (samenvoordeklant.nl) •

Bij 2.1 wordt gesproken over de ABCD-methode. Een leek weet vaak niet wat dit is. Hoewel het uitvoeringsplan wellicht vooral een 'intern' document is, is het aan te raden om net als bij het hoofddocument van het IBK een afkortingen lijst op te nemen of hiernaar te verwijzen. Geldt ook voor andere afkortingen.

De reden dat er afkortingen in de opzet uitvoeringsplan staan, is inderdaad dat dit vooral een intern document betreft. Om het document toegankelijker te maken, zal in de definitieve versie een afkortingenlijst worden toegevoegd. Overigens staat ABCD-methode voor Asset Based Community Development (ABCD) en duidt op het proces dat mensen samenbrengt om in een buurt/wijk zelf en samen verandering teweeg te brengen. •

2.2: Hoewel initiatieven als het Informatiepunt Digitale Overheid (IDO) mooie voordeuren zijn voor inwoners, zien wij dat vooral senioren het lastig vinden om hier fysiek naar toe te gaan. Vaak zijn ouderen weldegelijk digitaal vaardig. Welke ideeën leven er om bijvoorbeeld het IDO 'mobiel' te maken en naar wooncomplexen te gaan waar veel ouderen zitten?

Op dit moment zitten we in de opstartfase van een onderzoek naar digitale toegankelijkheid, waarbij gekeken kan gaan worden hoe mensen mogelijk een duwtje in de rug krijgen, hoe het huidige aanbod functioneert en, als subonderdeel, waar mogelijk niet digitaal-vaardige mensen behoefte aan hebben, ook om mee te kunnen blijven doen. Hierbij kunnen ook ideeën als deze worden opgehaald en of hier behoefte aan is. •

2.3: Goed dat er gestreefd wordt naar een rookvrije omgeving. Echter, het zogenaamde vapen is een steeds groter probleem aan het worden onder ook een steeds jonger publiek. Dat lijkt een beetje buiten het zicht nu. Op welke manier gaat hier ook aandacht voor zijn?

Alle verslavende middelen, waaronder ook vapen, zijn onderdeel van de preventie van middelengebruik zoals we deze momenteel samen met Iriszorg (verslavingspreventie) vorm geven. Daarnaast wordt dit

onderwerp meegenomen in de ‘Gezonde School aanpak’ van de GGDrU wanneer hier een verzoek van een (middelbare) school ligt. Vanaf 1 januari 2024 starten we een integrale preventieve aanpak gericht op mentale gezondheid en het voorkomen en verminderen van middelengebruik in het kader van Opgroeien in een Kansrijke Omgeving (OKO), binnen deze aanpak zal ook aandacht voor vapen zijn. •

3.3 Bewustwording. Dit is een van de meest cruciale bouwstenen in het verbreden van de sociale basis. Dat zou in alles moeten terugkomen. Er wordt verwezen naar een 'publieks campagne', dit heeft meetstal een tijdelijk karakter. De bewustwording vraagt om een lange adem. Welke denkrichtingen zijn nu in beeld?

Voor de korte termijn is de publiekscampagne het belangrijkste instrument. We evalueren de campagne en kijken wat er werkt. Daarnaast blijven we met partners en adviesraden in gesprek over onder andere normaliseren en bewustwording. Ook is het creëren van bewustwording over wat er wel en niet mogelijk is met betrekking tot ondersteuning vanuit de gemeente een onderdeel vanuit de communicatie van de verschillende loketten richting inwoners. Document - IBK SD •

Bij 2.8 wordt verwezen naar de Woondeal 2022-2030 Regio Foodvalley. Helaas zien we in veel documenten dat de verwijzing naar onze gemeenschappelijke regeling Regio Foodvalley niet correct wordt opgeschreven. Voor de leesbaarheid graag dit soort verwijzingen goed weergeven.

•

Pag 21.: Een deel van de tekst valt weg door het plaatje:

•

Bij 7.3.1.6 wordt gesproken over:

Ook hier kan het verwarrend zijn over welke 'Foodvalley' we het hier hebben. In dit geval betreft het, als we het goed lezen, het initiatief FoodValley Jeugd & Onderwijs waarbinnen Regionaal Focusagenda Onderwijs-Jeugd Foodvalley 2021-2025 zijn plek heeft gekregen. We begrijpen dat de vele Foodvalley verwijzingen in de regio het lastig maakt, echter ook hier de opmerking om nog meer helder te duiden waar we het hier nu precies over hebben Dank voor de opmerkingen. Deze passen we aan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13434517/2