10.a Aanvullende informatie Warmtevoorziening Groenpoort - nav toezeggingen
Tekst van het document
MEMO Documentnummer Aan
2022\40088 raad
Kopie aan
Team
College
Telefoonnummer
0318-538480
Naam behandelaar
Datum Onderwerp
21 februari 2022 beantwoording technische vragen commissievergadering DEVOG
Tijdens de commissievergadering van 16 februari 2022 heeft het college toegezegd om op 4 technische vragen schriftelijk een reactie te geven. Hierbij ontvangt u per vraag onze reactie. 1. Wat is het tijdspadvan het vervolgproces bij een besluit om geen borgstelling te verlenen (en dus impliciet een individueel systeem te kiezen) Bij een besluit om niet in te stemmen met het voorliggende voorstel, ontstaat een compleet nieuwe situatie. Dit wordt veroorzaakt om dat een van de pijlers onder de integrale gebiedsontwikkelaar wegvalt. Zoals in het voorstel aangegeven ontstaat er op dat moment een vertraging in de woningbouwontwikkeling in Groenpoort van circa 1 jaar. Dit wordt verklaard doordat de volgende stappen gezet moeten worden: - Stoppen traject collectief energiesysteem (1 maand) - Verkenning alternatieve wijze van behalen energieambitie Groenpoort totaal, inclusief verkenning energieoplossing voor met name de appartementen en rijwoningen (circa 3 maanden) - Bepaling effect elektriciteitsnet en aanpassing afspraken met netbeheerder (circa 6 maanden) - Opnieuw onderhandelen ontwikkelaars binnen het plangebied over gewijzigde uitgangspunten en (financiële) effecten op de bouwclaimafspraken (circa 8 maanden).
- Eventueel aanpassen stedenbouwkundig plan (circa 3 maanden) - Uitlooptraject als blijkt dat energieambitie niet gehaald wordt, eventueel aanscherpen of deels loslaten ambitie. Een deel van de bovenstaande punten kan (deels) gelijktijdig lopen. Per saldo is sprake van een vertraging van minimaal 12 maanden en mogelijk langer. 2. Saldering wel of niet nadelig bij collectief systeem? De vraag is gesteld of het bij een collectief systeem het wegvallen van de salderingsregeling extra nadelig uitpakt voor de bewoners. Zij zijn eigenaar van de zonnepanelen en leveren terug aan het net.. Het tegenovergestelde is aan de hand. Eenvoudig gesteld: - Bij een warmtepomp en zonnepanelen: in de zomer veel stroom opgewekt en terug geleverd. In de winter wordt weinig stroom opgewekt en veel ingekocht om het huis te verwarmen. Op dit moment kan de woningeigenaar beide financieel tegen elkaar wegstrepen. Bij het wegvallen van de salderingsregeling wordt in de zomer de stroom tegen een lager tarief terug geleverd dan dat in de winter moet worden ingekocht. Hierdoor gaat de eigenaar per saldo meer betalen. - Bij een collectiefsysteem en zonnepanelen: in de zomer veel stroom opgewekt en terug geleverd. In de winter wordt weinig stroom opgewekt en beperkt of geen stroom ingekocht.
Raadhuisplein 1 • 3901 GA Veenendaal • Postbus 1100 • 3900 BC Veenendaal Tel. (0318) 538 538 • Fax (0318) 510 414 • www.veenendaal.nl • www.veenendaal.nl/vraag
Voor de verwarming van het huis is namelijk geen stroom nodig. Bij het wegvallen van de salderingsregeling wordt in de zomer de stroom tegen een lager tarief terug geleverd dan op dit moment. Hierdoor dalen de inkomsten, maar is geen sprake van hogere kosten. 3. Beslispunt 1: betreft dit ook instemmen met oprichting DEVO Holding? Het oprichten van een BV (zoals deze holding) is formeel een bevoegdheid van het college. Het college besluit slechts tot oprichting nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen te uiten (artikel 160 Gemeentewet). Met het aannemen van dit raadsvoorstel spreekt de raad uit geen wensen en bedenkingen te hebben bij het voornemen van het college om DEVO Holding op te richten. In dit geval heeft het college er bewust voor gekozen om DEVO holding te verwerken in beslispunt 1 van het voorstel. Juist omdat deze holding integraal onderdeel uitmaakt van de constructie waarbinnen Veenendaal-oost met twee collectieve warmtenetten van warmte kan worden voorzien. 4. Wat zijn de gevolgen van participatie op de voorliggende BUCA? Vanuit het college is dit geen vraag, maar is sprake van een uitgangspunt. De basis uitgangspunten van de BUCA mogen door participatie niet verslechterd worden, wel verbeterd.
Ook moet wat het college betreft een uitgangspunt van participatie zijn dat het risico voor bewoners en de onderneming nihil of zo klein mogelijk is. Daarnaast is nog te overwegen of participatie vrijwillig dan wel verplicht is. Tevens dient de vormgeving van de participatie zodanig te zijn dat wordt voldaan aan de eisen van quasi-inbesteding bij DEVO. Met deze uitgangspunten blijven er nog meer dan voldoende mogelijkheden voor vormen van participatie over. Eerder is al toegezegd de raad in het vervolg te betrekken en de raad hi\erover te blijven informeren. Ook voor de communicatie richting (toekomstige) inwoners is specifieke aandacht.
2