CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Zienswijze op het ontwerp van de GR Jeugdhulpregio JeugdFV - Raadsvoorstel

Gemeenteraad 15 april 2025, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV3.040 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Zaaknummer Onderwerp

2224992 Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV

Datum raadsvergadering

MO - Beleid 15 april 2025

Programma

Samenleving

Inlichtingen bij

Hans Knook

Team

behandelaar Telefoonnummer E-mailadres

06 4249 7082 hans.knook@veenendaal.nl

Aan de leden van de raad,

Beslispunten 1. Geen zienswijze op de ontwerpregeling van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulpregio JeugdFV in te dienen, conform bijgevoegde brief.

Waarom naar de raad? Het naar voren brengen van een zienswijze over de ontwerpregeling van een te treffen gemeenschappelijke regeling door het college, is een bevoegdheid van de raad op grond van artikel 1, tweede en derde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen (hierna ook: Wgr). Met het indienen van een zienswijze krijgt de raad de mogelijkheid zijn invloed uit te oefenen op de ontwerpregeling en de wettelijke bepalingen die hierin worden opgenomen. Inleiding De gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel en Veenendaal werken al jaren samen ten behoeve van de Jeugdwet op basis van een samenwerkingsovereenkomst. In het wetsvoorstel Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg (hierna ook: wetsvoorstel) is een verplichte regionale samenwerking voorgeschreven in de vorm van een juridische entiteit, een gemeenschappelijke regeling. De wetgever beoogt hiermee continuïteit in de beschikbaarheid van zorg en een niet vrijblijvende samenwerking tussen gemeenten. Voor de jeugdhulpregio JeugdFV is gekozen voor een gemeenschappelijke regeling waarbij een bedrijfsvoeringsorganisatie wordt ingesteld (hierna ook: BVO) omdat deze het meest aansluit op de werkwijze binnen de huidige samenwerking. Dat betekent dat alleen de bedrijfsvoeringstaken (o.a. inkoop, contractmanagement, betalingen, data & monitoring) binnen de BVO worden uitgevoerd.

Het voorbereiden en vormgeven van beleid blijft een lokale aangelegenheid waarbij we wel de samenwerking met de bovengenoemde gemeenten zoeken.

Pagina 1 van 8

Raadsvoorstel, Onderwerp: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV zaaknummer 2224992

Per 1 januari 2026 wordt daarmee een steviger fundament onder de regionale samenwerking op het gebied van jeugdhulp gelegd. Hiervoor worden twee sporen van samenwerking aangehouden: 1) Het aangaan van de gemeenschappelijke regeling waarbij een bedrijfsvoeringsorganisatie wordt ingesteld, en 2) Het bestendigen en herijken van de samenwerking op beleid in een nieuw plan voor de intergemeentelijke samenwerking, waarin beleidsafstemming centraal staat. Beide vormen van samenwerking komen ten goede aan de doelmatige en doeltreffende uitvoering van de jeugdhulp. Gezamenlijk realiseren de gemeenten meer schaalvoordelen en efficiëntie ten behoeve van inkoop, administratieve verwerking en beleidsontwikkeling . De Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulpregio JeugdFV (hierna ook GR Jeugdhulpregio JeugdFV) richt zich specifiek op de taken die voortvloeien uit het wetsvoorstel ‘Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg’. Deze taken worden ook wel de zogenoemde ‘uitvoeringstaken’ dan wel ‘bedrijfsvoeringstaken’ genoemd. Echter, om de uitvoering van jeugdhulp doelmatig en doeltreffend te verbeteren, vinden de colleges het nodig dat er in ieder geval beleidsafstemming op regionaal niveau plaatsvindt. Met het doorontwikkelen van de intergemeentelijke samenwerking is de beleidsmatige samenwerking efficiënt ingericht.

In het plan, zoals opgenomen in bijlage 3, is deze samenwerking nader uitgewerkt. Hiermee is beoogd dat in de overeengekomen werk- en procesafspraken verbinding ontstaat tussen beide vormen van samenwerking. Samenvatting De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel en Veenendaal zijn van plan de samenwerking ten behoeve van jeugdhulp voort te zetten en te formaliseren in enerzijds een gemeenschappelijke regeling (rechtsvorm bedrijfsvoeringsorganisatie) en anderzijds een doorontwikkeling van de intergemeentelijke samenwerking. Per 1 januari 2026 starten er dan ook twee sporen van de samenwerking. Enerzijds start de samenwerking via de gemeenschappelijke regeling (hier ligt een formele bevoegdheid van de raad) en anderzijds start de doorontwikkelde intergemeentelijke samenwerking. De gemeenschappelijk regeling waarbij een bedrijfsvoeringsorganisatie wordt ingesteld, wordt opgericht naar aanleiding van het wetsvoorstel ‘Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg’. Deze wet verplicht gemeenten in de nabije toekomst een gemeenschappelijke regeling op te richten voor enkele specifieke taken ten behoeve van jeugdhulp. Het betreft een collegeregeling, dus het college stelt de GR Jeugdhulpregio JeugdFV formeel vast. Dit kan echter alleen met toestemming van de raad.

Voordat de GR Jeugdhulpregio JeugdFV voor toestemming aan de raad wordt voorgelegd wordt de raad eerst in de gelegenheid gesteld om een zienswijze uit te brengen over de ontwerpregeling. De raad heeft de rol om kaders te geven over jeugdhulp. Het college geeft uitvoering aan deze kaders. Het aangaan van de intergemeentelijke samenwerking is een middel om uitvoering te geven aan de kaders die door de raad zijn gesteld. Het gezamenlijk afstemmen en voorbereiden van beleid

Pagina 2 van 8

Raadsvoorstel, Onderwerp: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV zaaknummer 2224992

valt echter buiten de gekozen vorm van samenwerking in de gemeenschappelijke regeling. Daarom wordt beleidsafstemming opgenomen in de doorontwikkelde intergemeentelijke samenwerking. De intergemeentelijke samenwerking ziet met name op werk- en procesafspraken ten aanzien van de beleidsafstemming en vraagt daarom geen besluit van de raad. Beoogd resultaat Het doelmatig en doeltreffend organiseren van een toereikend aanbod van jeugdhulp zodat jeugdigen en hun ouders adequate jeugdhulp kunnen ontvangen. Proceshistorie en eerdere besluitvorming De raad is over de oprichting van de GR Jeugdhulpregio Jeugd FV vaker geïnformeerd, waaronder op 28 juni 2023 door middel van een regionale digitale informatiebijeenkomst, raadsinformatiebrieven (maart 2024 en juni 2024), een beeldvormende avond in mei 2024 bij de presentatie over de Hervormingsagenda Jeugd en recent nog bij een gezamenlijke informatieavond op 15 januari jl. Eerdere besluitvorming heeft in de raad nog niet plaatsgevonden. Argumenten 1.1 Met het bestendigen van de samenwerking in een gemeenschappelijke regeling voeren we de Jeugdwet doelmatig en doeltreffend uit. Met de gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Renswoude, Rhenen en Scherpenzeel werken we al sinds 2015 regionaal samen op het gebied (van de inkoop) van jeugdhulpverlening en ervaren we dit al jarenlang als positief.

Met de komst van de Hervormingsagenda vonden de gemeenten het tijd worden om deze samenwerking formeel en duurzaam te bestendigen in een gemeenschappelijke regeling. De samenwerking via een bedrijfsvoeringsorganisatie moet zorgen voor een voorzienbaar en toereikend aanbod van specialistische jeugdhulp en gecertificeerde instellingen voor de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering. In het wetsvoorstel wordt nadrukkelijk de continuïteit van het regionale aanbod benadrukt. Daarnaast realiseert de samenwerking op langere termijn meerdere schaalvoordelen ten behoeve van inkoop, administratieve verwerking en beleidsontwikkeling. Omdat gemeenten op regionaal niveau uitgaan van dezelfde soorten jeugdhulp (producten) en gezamenlijk naar buiten treden, bevordert dit de transformatie van jeugdhulp, beleidsdoelstellingen en (regionale en lokale) belangen van de gemeenten. 1.2 Met het aangaan van een gemeenschappelijke regeling wordt opvolging gegeven aan het wetsvoorstel ‘Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg’. Uit het wetsvoorstel volgt voor gemeenten de verplichting om voor specifieke taken op regionaal niveau een gemeenschappelijke regeling op te richten. De GR Jeugdhulpregio JeugdFV richt zich dan ook specifiek op de taken die voortvloeien uit dit wetsvoorstel.

Deze taken worden ook wel de zogenoemde ‘uitvoeringstaken’ dan wel ‘bedrijfsvoeringstaken’ genoemd. Het afstemmen en uitvoeren van beleid behoort niet tot het takenpakket van de bedrijfsvoeringsorganisatie. Echter, om de uitvoering van jeugdhulp doelmatig en doeltreffend te verbeteren, is het nodig dat er in ieder geval beleidsafstemming op regionaal niveau plaatsvindt. De gemeentebesturen vonden het

Pagina 3 van 8

Raadsvoorstel, Onderwerp: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV zaaknummer 2224992

belangrijk zelf bevoegd te blijven voor het opstellen en vaststellen van beleid. Om die reden zijn beleidstaken in de intergemeentelijke samenwerking belegd, waarin op zowel ambtelijk- als bestuurlijk niveau wordt samengewerkt ten aanzien van jeugdbeleid (zie bijlage 3). 1.3 Bij het opstellen van de gemeenschappelijke regeling is rekening gehouden met de bestuurlijke uitgangspunten Bij het opstellen van zowel de gemeenschappelijke regeling als ook de doorontwikkeling van de intergemeentelijke samenwerking, is rekening gehouden met de volgende bestuurlijke uitgangspunten: • Gelijkwaardigheid in zeggenschap en oog voor elkaars belangen en verschillen; • Formalisatie van de samenwerking bevordert de doelstelling en het belang van samenwerken, namelijk versterking en verbetering van jeugdhulp; • Bevoegdheden worden in mandaat uitgevoerd, wat betekent dat de uiteindelijke verantwoordelijkheid bij de gemeentebesturen blijft liggen, en • Er wordt gewerkt aan een toekomstbestendige en duurzame samenwerking. Bij de doorontwikkeling van de intergemeentelijke samenwerking is doorgeborduurd op de samenwerken die de gemeenten al kenden. Wat al goed werkte in de samenwerking is behouden gebleven en waar er verbeterpunten geconstateerd werden, zijn verbetervoorstellen gedaan.

Uiteindelijk is rekening gehouden met de volgende inrichtingsprincipes: • Lokaal wat lokaal kan en regionaal wat regionaal moet. Er wordt altijd in samenhang gewerkt; • Samen staan we sterker, werken we efficiënter, brengen we zorginhoudelijke verbeteringen aan en leren we van elkaars ervaringen en expertise. • Rolduidelijkheid en het expliciteren van bevoegdheden in de overlegstructuur is noodzakelijk, en • Kostenbewust handelen, met publieke en politieke verantwoording over het kostenniveau. 1.4 De vorm bedrijfsvoeringsorganisatie sluit het best aan bij de bestuurlijke uitgangspunten gelijkwaardig, formalisatie, uitvoerend en wendbaar. De rechtsvorm bedrijfsvoeringsorganisatie borgt gelijkwaardigheid in zeggenschap, met oog voor elkaars belangen en verschillen. Er is sprake van gezamenlijk eigenaarschap en een gedeelde verantwoordelijkheid. Alle gemeenten nemen deel aan het bestuur van de bedrijfsvoeringsorganisatie en worden dus betrokken bij het bepalen van de visie en kaders van de samenwerking. Formalisatie van de samenwerking bevordert de doelstelling en het belang van samenwerken, namelijk versterking en verbetering van de jeugdhulp. De bedrijfsvoeringsorganisatie verricht alleen uitvoeringstaken op basis van mandaat. Een vergelijkbare bedrijfsvoeringsorganisatie heeft de gemeente Veenendaal ook ingesteld voor de Valleihopper waarmee positieve ervaringen zijn.

Alle bevoegdheden ten aanzien van beleid blijven bij de individuele gemeenten liggen. De bedrijfsvoeringsorganisatie is een wendbare en toekomstbestendige organisatie, omdat maatwerk eenvoudig is in te regelen. Indien de organisatie in de toekomst meer gezamenlijke taken moet uitvoeren, dan kan dit eenvoudig ingeregeld worden. Alternatieven De raad kan ervoor kiezen om geen of andere zienswijzen naar voren te brengen.

Pagina 4 van 8

Raadsvoorstel, Onderwerp: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV zaaknummer 2224992

Kanttekeningen 1.1 Het wetsvoorstel ‘Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg’ is nog niet definitief. Het wetsvoorstel is nog niet in werking getreden, maar al wel ingediend bij de Tweede Kamer (april 2024). Uit landelijke overleggen volgen geen signalen dat het rijk hier niet mee wil doorgaan. Bij de val van het vorige kabinet is het wetsvoorstel niet controversieel verklaard. De Staatssecretaris heeft al wel de erkende jeugdhulpregio’s bekend gemaakt. Jeugdhulpregio JeugdFV is beoordeeld en bekend gemaakt als een robuuste regio. Dat wil zeggen dat we voldoen aan alle eisen die aan een goede jeugdhulpregio worden gesteld. 1.2 Het vaststellen van een gemeenschappelijke regeling kan in beeldvorming leiden tot minder ‘invloed’. Samenwerking leidt in alle gevallen tot een bepaalde mate van afstand. Invloed op de samenwerking is dan ook een zorgpunt dat breed in den lande leeft. Bij invloed op samenwerking kan het gaan om de formele bevoegdheid om ergens over te beslissen of de mogelijkheid om beleidskeuzes die gemaakt worden te beïnvloeden. In deze gemeenschappelijke regeling gaat het alleen over uitvoeringstaken, waarbij geen beleidsafstemming of beleidsuitvoering plaatsvindt. Het gevoel van ‘invloed’ op de samenwerking wordt nauwelijks aangetast, nu de gemeentebesturen bevoegd blijven. De kaderstellende, verordenende en controlerende bevoegdheden blijven bij de raad liggen.

Daarnaast blijven de colleges bevoegd tot het vaststellen van beleid en het vaststellen van nadere regels en beleidsregels. De efficiency die de gemeenten in de afgelopen jaren hebben gerealiseerd, wordt nu geformaliseerd. De mate van invloed op de samenwerking blijft in lijn met de huidige samenwerking. De Wet gemeenschappelijke regelingen biedt diverse waarborgen voor zowel colleges en raden om ‘invloed’ te behouden op de samenwerking. De wet biedt vele instrumenten inzake de informatie- en verantwoordingsplicht. Bovendien volgt de governance structuur helder en duidelijk uit de wet, waardoor elke gemeente zijn eigen gemeentelijke belang kan behartigen binnen de samenwerking. De mogelijkheid van het indienen van zienswijzen over de ontwerpregeling is een uitbreiding op de huidige procedure voor de totstandkoming van een gemeenschappelijke regeling. De zienswijze procedure draagt bij aan de versterking van de democratische legitmatie en geeft de raden meer grip en zicht op de gemeenschappelijke regelingen. 4.1 De samenwerking is opgeslitst in twee samenwerkingsvormen, wat kan leiden tot verwarring. De regionale taken die belegd worden via de gemeenschappelijke regeling, bijvoorbeeld inkoop, zijn zodanig verweven met het beleid van de gemeenten, dat opsplitsing in de praktijk kan leiden tot verwarring.

Toch willen we nadrukkelijk het beleid van de gemeenten gescheiden houden van de gemeenschappelijke regeling en daarom is er veel aandacht besteed aan een goede governance van beide samenwerkingsvormen. Bij het doorontwikkelen van de intergemeentelijke samenwerking is dan ook nadrukkelijk rekening gehouden met verbinding tussen beide samenwerkingsvormen. De governance structuren van beide samenwerkingsvormen zijn met elkaar verweven en verbonden. Dit betekent dat daar waar mogelijk gezamenlijke overleggen plaatsvinden. Daarnaast worden voor zowel de bedrijfsvoeringsorganisatie als ook de intergemeentelijke samenwerking per gemeente dezelfde bestuurders afgevaardigd. Ook is er intensief contact tussen de medewerkers van de

Pagina 5 van 8

Raadsvoorstel, Onderwerp: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV zaaknummer 2224992

bedrijfsvoeringsorganisatie en de ambtenaren die deelnemen aan de overleggen van de intergemeentelijke samenwerking. Participatie Op dit raadsvoorstel is trede 0 van toepassing. Wat betekent dit besluit voor inwoners? Het oprichten van de GR Jeugdhulpregio JeugdFV heeft geen effect op de jeugdigen en hun ouders, omdat we al gezamenlijk jeugdhulp inkopen en de inkoopcontracten blijven doorlopen. Alleen de juridische vorm van samenwerken verandert. Aanpak / uitvoering Op basis van de ontvangen zienswijzen zullen de colleges bespreken of ze de gemeenschappelijke regeling willen aanpassen en op welke wijze (het initiatief tot wijziging ligt bij de gezamenlijke colleges). Hierna wordt het definitieve ontwerp aan de raad voorgelegd voor het verkrijgen van de benodigde toestemming van de raad aan het college. De motivering voor het wel of niet wijzigen van de gemeenschappelijke regeling naar aanleiding van de ingediende zienswijzen wordt daarbij gevoegd. De raad kan alleen toestemming onthouden als de regeling in strijd is met het recht of het algemeen belang.

Communicatie over dit besluit Woordvoeringslijn: De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel en Veenendaal zijn van plan de samenwerking ten behoeve van jeugdhulp voort te zetten en per 1 januari 2026 te formaliseren in enerzijds een gemeenschappelijke regeling (rechtsvorm bedrijfsvoeringsorganisatie) en anderzijds een doorontwikkeling van de intergemeentelijke samenwerking. De gemeenschappelijk regeling waarbij een bedrijfsvoeringsorganisatie wordt ingesteld, wordt opgericht naar aanleiding van het wetsvoorstel ‘Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg’. Deze wet verplicht gemeenten in de nabije toekomst een gemeenschappelijke regeling op te richten voor enkele specifieke taken ten behoeve van jeugdhulp. Het betreft een collegeregeling, dus het college stelt de GR Jeugdhulpregio JeugdFV formeel vast. Dit kan echter alleen met toestemming van de raad. Voordat de GR Jeugdhulpregio JeugdFV voor toestemming aan de raad wordt voorgelegd wordt de raad eerst in de gelegenheid gesteld om een zienswijze uit te brengen over de ontwerpregeling. De raad heeft de rol om kaders te geven over jeugdhulp. Het college geeft uitvoering aan deze kaders. Het aangaan van de intergemeentelijke samenwerking is een middel om uitvoering te geven aan de kaders die door de raad zijn gesteld.

Het gezamenlijk afstemmen en voorbereiden van beleid valt echter buiten de gekozen vorm van samenwerking in de gemeenschappelijke regeling. Daarom wordt beleidsafstemming opgenomen in de doorontwikkelde intergemeentelijke samenwerking. De intergemeentelijke samenwerking ziet met name op werk- en procesafspraken ten aanzien van de beleidsafstemming en vraagt daarom geen besluit van de raad. Evaluatie Niet van toepassing

Pagina 6 van 8

Raadsvoorstel, Onderwerp: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV zaaknummer 2224992

Kosten, baten, dekking De totale kosten van de BVO bedragen vanaf 2026 € 3.451.454 en van de IGS € 190.925. In totaal € 3.642.379. Het aandeel van Veenendaal in de totale kosten bedraagt 20,6%. Daarmee komt de structurele bijdrage vanuit Veenendaal vanaf 2026 op afgerond € 750.000. Voor de dekking van deze bijdrage worden de volgende bedragen uit het thema jeugd vanuit het financieel meerjarenperspectief ingezet: Algemene voorzieningen jeugd (incl. index 2026) € 601.000 Beschikbaar binnen CJG-budget € 111.000 Projectbudget jeugd € 38.000 € 750.000 De administratieve verwerking wordt meegenomen bij de opstelling van de 1 e bestuursrapportage 2026. Totaalbegroting GR Jeugdhulpregio JeugFV Soort

2026 € 3.274.554

Totaal bedrijfsvoeringskosten Totaal (Boven) regionale samenwerking

€ 76.900

Totaal Projecten/ incidentele middelen

€ 100.000 € 3.451.454

TOTAAL Begroting Intergemeentelijke samenwerking (IGS) Functie Formatie in fte

Schaal

Loon per fte

Kosten 2026

Programmamanager IGS*

13.11

€ 130.925

€ 130.925

1,00

Uitvoeringsbudget IGS

€ 60.000

Totaal

€ 190.925

*excl. eventuele opslag voor overhead, mede afhankelijk van werkgever programmamanager Extra kosten versus huidige kosten De extra kosten van € 190.000,- zijn niet per definitie nieuwe kosten voor de huidige samenwerking, maar zijn het gevolg van het structureel inregelen van taken die in het verleden met incidentele budgettering werden uitgevoerd. De kosten voor het uitvoeren van deze taken worden nu direct in de reguliere begroting opgenomen. Daarnaast brengt de intensivering van de samenwerking efficiencyvoordelen met zich mee. Het regionaal oppakken van taken verlaagt interne kosten van individuele gemeenten. De totale kosten voor de GR en IGS bedragen voor 2026 € 3.642.379. Het aandeel van de gemeente Veenendaal in de kosten is ca 20,6%. De kosten voor de GR en de IGS kunnen worden betaald uit de huidige budgetten uitvoeringskosten jeugdhulp. In 2026 zijn de kosten naar verwachting zelfs lager dan in 2025 doordat in 2025 eenmalige kosten worden gemaakt voor het vormen van een GR en het doorontwikkelen van de IGS. Daarnaast betreft het kosten voor de uitvoering van de Toekomstscenario Kind en Gezinsbescherming- Regionale Veiligheidsteams. De stijging van de kosten in 2025 ten opzichte van 2024 heeft met name te maken met uitbreiding van 2 fte voor doel- en rechtmatigheidscontroles en verhoogde overheadkosten.

Pagina 7 van 8

Raadsvoorstel, Onderwerp: Zienswijze op het ontwerp van de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV zaaknummer 2224992

De beleidsrijke taken worden niet in de bedrijfsvoeringsorganisatie belegd. Deze taken worden in de intergemeentelijke samenwerking opgepakt. Om die reden is het noodzakelijk om besturing van beide samenwerking in beide begrotingen op te nemen. Dit uit zich voorlopig in 1 fte voor de bedrijfsvoeringsorganisatie en 1 fte voor de intergemeentelijke samenwerking. Bij het implementeren van de samenwerking wordt beoordeeld of daadwerkelijk voor beide een volledige fte nodig is. Regionaal samenwerken biedt schaalvoordelen, zoals het gezamenlijk inkopen van jeugdhulp, gezamenlijk uitvoering geven aan recht- en doelmatigheidstoezicht en gezamenlijk onderzoek doen naar mogelijkheden voor beheersing van de jeugdhulpuitgaven. Als Veenendaal zelfstandig deze taken had moeten uitvoeren, waren de kosten vele malen hoger geweest. College van burgemeester en wethouders, verzonden namens

Sjoukje Deelstra secretaris

Gert-Jan Kats burgemeester

Bijlagen Raadsbesluit 1. Ontwerpregeling Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulpregio JeugdFV 2. Plan intergemeentelijke samenwerking 3. Raadsinformatiebrief Gemeenschappelijke regeling Jeugdhulpregio JeugdFV 4. Brief zienswijze

Pagina 8 van 8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15287413/1