1. Stedenbouwkundig Masterplan nieuw theater in de Duivenweide - raadsvoorstel
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Raad Voorstelnummer Datum Onderwerp
30 mei 2024 2168257 9 april 2024 Stedenbouwkundig Masterplan nieuw theater in de Duivenweide
Agendapunt
Team
Team Programma’s en Projecten
Programma
Inlichtingen bij Telefoonnummer E-mailadres
M.A.J. Aarnoudse 0318-538430 aarnoud.aarnoudse@veenendaal.nl
Aan de leden van de raad, Beslispunten 1. Het stedenbouwkundig Masterplan ‘Nieuw theater in de Duivenweide’ vast te stellen als uitwerking van de door de raad vastgestelde Uitgangspuntennotitie en als gewenst eindbeeld voor het gebied; 2. De besluitvorming vooralsnog te richten op het deelproject Theatercomplex en de bijbehorende openbare ruimte en dit voor de deelprojecten Parkeergebouw, Woningbouw en Park in een latere fase op te starten; 3. Variant B uit de Businesscase (zijnde een nieuw theater met een grote zaal, kleine zaal en een break-out room met filmfunctie) als inhoudelijke voorkeursvariant te hanteren; 4. De financiële consequenties uit de Businesscase te betrekken bij het integrale afwegingstraject van de kadernota 2025-2028.
Waarom naar de raad? Vanwege de kaderstellende rol van de raad en om inzicht te bieden in de afwegingen bij de voorkeursvarianten, waarmee de raad nu een besluit kan nemen over de inhoudelijke uitwerking van de Uitgangspuntennotitie en over de financiële consequenties van dit besluit kan beslissen bij de integrale afweging bij de kadernota 2025-2028.
Samenvatting Het Masterplan bevat de totaalvisie voor het gebied Duivenweide. Naast het deelproject Theatercomplex is het Masterplan opgebouwd uit de deelprojecten Park, Parkeergebouw en Woningbouw. In de Businesscase theatercomplex zijn de financiële consequenties voor de gemeente inzichtelijk gemaakt voor de verschillende varianten. Voorgesteld wordt om variant B uit de Businesscase (zijnde een nieuw theater met een grote zaal, kleine zaal en een break-out room met filmfunctie) als inhoudelijke voorkeursvariant te hanteren en de financiële gevolgen te betrekken bij het integrale afwegingstraject.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
Inleiding De raad heeft op 16 september 2021 unaniem de cultuurvisie 2022-2030 ‘Glans aan de Grift’ vastgesteld. In deze cultuurvisie is al een stip op de horizon gezet voor het theater. In de cultuurvisie staat bijvoorbeeld “In 2030 beschikken de basisorganisaties over op hun taak toegesneden huisvesting, evenals over (zaal)ruimtes om de activiteiten van andere organisaties in de culturele sector te faciliteren. Dit omvat o.a. een huisvesting voor Theater Lampegiet die uit meerdere (theater)zalen bestaat, waaronder een zaal die ruimte biedt aan grotere theaterproducties'. Hierbij gaat het er niet zozeer om een gebouw neer te zetten maar om de ambities voor Veenendaal te verwezenlijken. Het nieuwe theater is meer dan alleen een theater. Het is een culturele ontmoetingsplek. Het is dé plek waar de inwoners van Veenendaal graag naar toe gaan om te ontspannen en waar iedereen zich meteen thuis voelt. Kinderen kunnen zich er uiten, jongeren mogen zich er ontwikkelen en ouderen kunnen er een leuke avond hebben. Het nieuwe theater draagt bij aan de sociale cohesie in de stad. Het nieuwe theater versterkt de levendige binnenstad door een brede programmering en de combinatie van theater, film en horeca. Een nieuw theater draagt bij aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat.
Op 25 mei 2023 heeft de raad de aan de hand van de Uitgangspuntennotitie ‘Nieuw theater in de Duivenweide’ de uitgangspunten voor een nieuw theater vastgesteld om mee te nemen in het op te stellen Stedenbouwkundig Masterplan nieuw theater in de Duivenweide (verder Masterplan). Bij de besluitvorming is middels een aangenomen amendement verzocht een centrumbreed parkeeronderzoek uit te voeren en varianten te presenteren voor een parkeeroplossing rondom het nieuw theatercomplex. Verder is middels aangenomen moties en gedane toezeggingen door de wethouder in de uitwerking aandacht gevraagd voor o.a. het verwerven van derdengeldstromen, de uitwerking van de popfunctie en de exploitatie van de bioscoopfunctie. Deze handschoen is opgepakt. Na de besluitvorming hebben we: • het eerder opgestelde ‘Programma van Eisen op hoofdlijnen’ verder laten uitwerken in een Ruimtelijk Programma van Eisen voor het theater. Aan de hand hiervan hebben we scherper de benodigde footprint (= benodigde oppervlakte) kunnen bepalen voor in het Masterplan en hebben we gedetailleerder de stichtingskosten kunnen berekenen; • de stichtingskostenopzet per variant geactualiseerd; • een centrumbreed parkeeronderzoek uitgevoerd; • het Stedenbouwkundig Masterplan nieuw theater in de Duivenweide opgesteld; • de zoektocht naar derdengelden voortgezet; • de gemeentelijke Businesscase theatercomplex opgesteld.
Stedenbouwkundig Masterplan Het Masterplan bevat de totaalvisie voor het gebied Duivenweide. Het Masterplan is opgebouwd uit verschillende componenten die vervolgens wat betreft uitvoering en fasering onder te verdelen zijn in verschillende deelprojecten: 1. Theatercomplex (incl. theaterplein en evenemententerrein) 2. Park (incl. fietsenstalling) 3. Parkeergebouw 4. Woningbouw Met het vaststellen van het Masterplan ligt er een gewenst eindbeeld voor het gebied Duivenweide. Deelproject theatercomplex is het 1e gewenste deelproject. Zonder het deelproject theatercomplex kan er geen uitvoering gegeven worden aan de andere deelprojecten van het Masterplan.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
Businesscase theatercomplex In de Businesscase theatercomplex zijn de financiële consequenties voor de gemeente inzichtelijk gemaakt. In de Businesscase worden een vijftal varianten weergegeven: een drietal varianten die zien op de realisatie van een nieuw theatercomplex (variant A, B en C) en een tweetal varianten die zien op het doorexploiteren van het huidige vastgoed in de vorm van ‘nog vijf jaar openhouden’ (variant D) en ‘renovatie 25 jaar’ (variant E).
Beoogd resultaat Een nieuw theatercomplex met een grote zaal, kleine zaal incl. poppodiumfunctie, een break-outroom met filmfunctie, een aantrekkelijke openbare ruimte rond het theatercomplex met een evenemententerrein en op termijn een park, parkeergebouw en woningbouw. Dit om daadwerkelijk uitvoering te geven aan de vastgestelde ambities zoals benoemd in de inleiding.
Argumenten 1.1 Het Masterplan geeft op een integrale wijze invulling aan de eerder gekozen uitgangspunten Bij het vaststellen van de Uitgangspuntennotitie nieuw theater in de Duivenweide zijn een aantal uitgangspunten voor het gebied meegegeven voor het opstellen van het Masterplan, bijvoorbeeld over de locatie van het theater inclusief een aantrekkelijke openbare ruimte met een park en evenemententerrein, en over toekomstige woningenbouw los van het theater. Het Masterplan is in nauwe samenwerking met het gemeentelijk projectteam vervaardigd door architectenbureau De Zwarte Hond. Om alle facetten van het Masterplan uit te diepen en mogelijkheden te verkennen zijn bouwstenen (= mogelijke ruimtelijke inpassingen) opgesteld voor de thema’s parkeren, pleinen, fiets en logistiek. Dit heeft geholpen om eerst elk thema individueel te behandelen, zonder direct naar de (on)mogelijke integratie tussen thema’s te kijken. In het Masterplan is een Bouwstenenmatrix opgenomen met alle bouwstenen die verkend zijn. Gezamenlijk met het projectteam zijn na een brede inventarisatie de bouwstenen gewaardeerd en de voorkeursbouwstenen bepaald. De voorkeuren zijn vervolgens uitgewerkt in voorliggend Masterplan.
1.2 Met een parkeergebouw kunnen op een kleine footprint veel parkeerplaatsen gerealiseerd worden zonder het park en de ruimtelijke kwaliteit negatief te beïnvloeden Voor de parkeeropgave zijn naast de varianten die door de raad zijn aangedragen nog andere varianten verkend, waaronder de optie voor een parkeergebouw. Een parkeergebouw heeft de voorkeur. Wat betreft de andere varianten geldt dat een parkeergarage (al dan niet half verdiept) onder het theater niet alleen kostbaar, maar ook ongunstig is vanwege de orkestbak die ruimte vraagt onder de grote zaal en ook de liftschacht en constructie van de toneeltoren vragen ruimte onder het theater. Een halfverdiepte parkeergarage onder de Duivenweide is onaantrekkelijk, vanwege grote invloed op het park. Zo moeten dan relatief veel bestaande bomen worden gekapt en volwaardige nieuwe bomen kunnen niet groeien op het dak van een parkeergarage. Maaiveld parkeren vereist veel ruimte en heeft een groot negatief effect op de ruimtelijke kwaliteit van de Duivenweide. Met een parkeergebouw kunnen op een kleine footprint veel parkeerplaatsen gerealiseerd worden, zonder het park en de ruimtelijke kwaliteit negatief te beïnvloeden. Het parkeergebouw kan deels ingepakt worden met woningen.
Voorgesteld wordt om pas op een later moment te besluiten over het parkeergebouw en ook dan pas het exact aantal te realiseren parkeerplekken in dit parkeergebouw te bepalen. Vooralsnog worden er geen middelen voor gereserveerd in de gemeentebegroting.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
2.1 Besluitvorming gericht op theatercomplex als eerste fase van het Masterplan In het Masterplan wordt ingegaan op de integrale ontwikkeling ven het gehele gebied Duivenweide. De eerste stap in de uitvoer van het Masterplan is de realisatie van het theatercomplex. Zonder het deelproject Theatercomplex kan geen uitvoering worden gegeven aan het Masterplan, omdat bijvoorbeeld het parkeergebouw tegen het theatercomplex aangebouwd wordt. De meest omvangrijke investering betreft het theater, waarmee de keuze voor een nieuw theater leidend is voor de start van de uitvoer van het Masterplan. Op een later moment kan gekozen worden of de vervolgfases, met daarbij de benodigde financiële middelen, worden uitgevoerd. Het nieuwe theatercomplex kan ook voldoende functioneren met de huidige omgeving. 3.1 Inhoudelijke voorkeursvariant B voor het vervolg als uitgangspunt hanteren. Eerder heeft de raad de voorkeur uitgesproken voor een nieuw theater met grote zaal, kleine zaal inclusief poppodiumfunctie en een bioscoop. Naast dat de bioscoopfunctie een meerwaarde heeft voor Veenendaal, was de conclusie toen dat de bioscoopexploitatie in beginsel in positieve zin bijdraagt aan het exploitatieresultaat van het theatercomplex als geheel.
Inmiddels weten we dat door gestegen vastgoedlasten (meer te realiseren oppervlakte) en gestegen rente er op dit moment geen rendabele businesscase voor de bioscoop te realiseren is. Ook is inmiddels duidelijk dat de bioscoopfunctie (als we dat zouden willen) niet rechtstreeks aan het theater gegund kan worden. De bioscoopfunctie moet aanbesteed worden. Het theater zou onder strikte voorwaarden wel mee kunnen dingen in een aanbestedingstraject. Voorgesteld wordt om de bioscoop te laten vallen. Variant B bevat een nieuw theater met een grote zaal, kleine zaal incl. poppodiumfunctie en een break-outroom met filmhuisfunctie. In de eerdere plannen zat reeds een break-outroom (vergaderruimte). Door deze ruimte beperkt in omvang toe te laten nemen en filmtechniek toe te voegen wordt deze ruimte geschikt gemaakt voor filmmogelijkheden met circa 100 zitplaatsen. Filmhuis Veenendaal is enthousiast: het nieuwe theater zal een goede horecavoorziening bevatten, in deze nieuwe zaal zal vaker geprogrammeerd kunnen worden en door samen te werken met het theater is de filmhuisfunctie in Veenendaal minder afhankelijk van de beschikbaarheid van vrijwilligers. Voorgesteld wordt om voor het vervolgtraject variant B als inhoudelijke voorkeursvariant te hanteren.
4.1 Er is onvoldoende dekking beschikbaar in de meerjarenbegroting Het theater betreft een majeur project met een financiële impact op de gemeentelijke begroting. In het voorliggend voorstel wordt geen besluit gevraagd over het beschikbaar stellen van de financiële middelen. De financiële consequenties van een nieuw te bouwen theater worden betrokken bij het integrale afwegingstraject.
Alternatieven De raad kan ervoor kiezen om andere afwegingen te maken en één van de andere varianten als inhoudelijke voorkeursvariant te hanteren. 1. Een nieuw theatercomplex met bioscoop (variant A in de businesscase) Variant A betreft het eerder door de raad benoemde voorkeursscenario. Bij uitwerking van de businesscase is gebleken dat de bioscoopfunctie financieel onrendabel is. Indien gekozen wordt voor deze variant zijn er meer middelen nodig om het theatercomplex te kunnen realiseren. De bioscoopfunctie dient aanbesteed te worden. De berekende kostprijsdekkende huur van de bioscoop is niet marktconform en daarmee hoger dan de markthuur, waardoor er een tekort ontstaat op gemeentelijke exploitatie.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
2. Een nieuw theatercomplex zonder bioscoop en filmhuisfunctie (variant C in de businesscase) Deze variant bevat geen vorm van filmfunctie. Het nieuwe theater gaat dan bestaan uit een grote zaal, kleine zaal inclusief poppodiumfunctie en een break-outroom (= vergaderruimte). Mocht er voor deze variant gekozen worden, dan is het theater minder open en maakt daarmee minder goed de ambities uit de Cultuurvisie waar. 3. Instandhouding tot en met zomer 2030 van het huidige theatercomplex (variant D in de businesscase) Deze variant bevat enkel ingrepen die de veiligheid in het huidige pand op pijl houden en nauwelijks bijdragen aan de esthetische waarde en duurzaamheid van het pand. Dit betekent dat het pand nog een aantal jaren in de huidige staat blijft of zelfs verder achteruit gaat wat niet passend is bij de ambities van Veenendaal. Bij deze variant wordt de beslissing voor wat betreft een toekomstbestendige theaterfunctie in Veenendaal een aantal jaren vooruitgeschoven. Hiermee blijven de bezoekers, de gebruikers en de theaterorganisatie langer in onzekerheid wat betreft de theaterfunctie in Veenendaal. Nog vijf jaar in stand houden kost ruim € 3,2 miljoen. Omdat de ingrepen niet duurzaam van aard zijn dienen deze in een korte periode afgeschreven te worden. Daarna zullen er alsnog kosten gemaakt moeten worden voor een toekomstbestendig theatercomplex.
Indien voor dit scenario gekozen wordt dient er uiterlijk in 2027 een besluit genomen te worden over een theatercomplex en daarmee het cultuuraanbod in Veenendaal. Het theater Lampegiet heeft aangegeven dat met het huidige aantal zitplaatsen het steeds minder eenvoudig wordt om grote producties binnen te halen, waarmee de kwaliteit van het cultuuraanbod afneemt. 4. Grootschalige renovatie van het huidige theatercomplex (variant E in de businesscase). Deze variant bestaat uit een grootschalige renovatie van het huidige theatercomplex. In 2023 is een globale doorrekening gemaakt voor dit scenario. Bij renovatie bestaat er geen ruimte voor uitbreiding van bijvoorbeeld de grote zaal, waarmee Theater Lampegiet aangeeft dat het lastig wordt om een toekomstbestendig theaterprogramma aan te kunnen bieden. Bij eerdere besluitvorming is niet gekozen om grootschalige renovatie verder te onderzoeken. 5. Uitvoer geven aan het gehele Masterplan In het voorliggend voorstel wordt fasering gericht op de eerste fase van het Masterplan, zijnde het theatercomplex. Als alternatief kan ook gekozen worden om nu al het gehele Masterplan tot uitvoer te brengen. Hiervoor zijn ten opzichte van het theatercomplex aanvullende middelen benodigd voor de realisatie van de verschillende deelprojecten.
Indien gekozen wordt voor dit alternatief dienen de financiële gevolgen hiervan mee genomen te worden in de integrale afweging.
Kanttekeningen 2.1 Wanneer de filmhuisfunctie naar een nieuw theater gaat, valt deze bezetting en huurinkomst voor het Spectrum weg. De additionele exploitatielasten voor het realiseren van de filmhuis-functie in het theater bedragen jaarlijks € 0,1 miljoen (Verschil tussen Variant B en C; zie ‘Kosten, baten, dekking’). De filmhuisfunctie vindt momenteel plaats in het Spectrum. Door het filmhuis te verplaatsen naar de Lampegiet, wordt er niet meer gehuurd van het Spectrum. In de businesscase is dit ondervangen door geen huurinkomsten voor het filmhuis toe te rekenen aan het theater. Het effect is maximaal € 20.000,negatief voor de exploitatie van het Spectrum en naar verwachting circa € 20.000,- positief voor de
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
exploitatie van het Theatercomplex. Hierbij wordt opgemerkt dat dit tekort kleiner wordt naarmate het De Muzen lukt om de Spectrumzaal op de vrijkomende uren voor andere doeleinden te verhuren. Voor de Muzen betekent dit wel dat zij mogelijk additioneel subsidie nodig hebben. Vanuit het theater ontvang de gemeente (indirect) middelen voor het verhuren van de filmzaal, waardoor het voor de gemeente, behoudens de additionele exploitatielasten voor het vastgoed ter hoogte van € 0,1 miljoen, een budgetneutrale wijziging betreft
Participatie Er is een uitgebreid participatietraject uitgevoerd bij de cultuurvisie. Bij de verschillende onderzoeken die uitgevoerd zijn in aanloop naar de besluitvorming over de Uitgangspuntennotitie is gesproken met een groot aantal belanghebbenden. Ook is er toen een onderzoek uitgevoerd onder de leden van het Inwonerspanel Veenendaal en zijn inwoners via social media gevraagd mee te doen. De factsheet met de uitkomsten is te vinden via de link: 20220401.01 IP Veenendaal P1 2022 Theater Lampegiet (panelinwoners.nl). Bij de bespreking van de Uitgangspuntennotitie in mei 2023 hebben Theater Lampegiet, De Muzen, het CLV, Winkelstad Veenendaal, Filmhuis Veenendaal, Stichting Poppodium VLOW0318, de Werkgroep Educatieve Theatervoorstellingen en Stichting Kunstplatform middels een inspraakreactie het belang van een nieuw theater benadrukt. Ook zijn toen diverse schriftelijke reacties ontvangen, voornamelijk van impresariaten, waar Theater Lampegiet de programmering mee vult, die het belang van een nieuw en uitgebreider theater benadrukken. Het gecombineerde overzicht met inspraakreacties op schrift is als bijlage bij dit voorstel opgenomen. Het participatieniveau is in deze fase van de planvorming ingeschaald op niveau 2 van de participatietrap: inventariseren – meedenken.
Onder andere Theater Lampegiet, VLOW0318, Filmhuis Veenendaal en Winkelstad Veenendaal zijn de afgelopen periode betrokken geweest bij de verdere planvorming.
Wat betekent dit besluit voor inwoners? Voor inwoners betekent dit besluit dat er een volgende stap gezet is in het traject naar besluitvorming over een nieuw theater in de Duivenweide.
Aanpak / uitvoering In voorliggend voorstel wordt een besluit gevraagd over de inhoudelijke voorkeursvariant voor de realisatie van een theatercomplex. De financiële consequenties worden betrokken bij het proces van de integrale afweging bij de kadernota. De kadernota is de basis voor de programmabegroting 2025 en de meerjarenraming 2026-2028. Na de besluitvorming over de kadernota wordt vervolg gegeven aan het vervolgtraject, bestaande uit: ▪ Het doen van een marktconsultatie voor vormgeving en ruimtelijke indeling van het theatercomplex; ▪ Het uitwerken van de aanbestedingsstrategie; ▪ Op basis van gekozen variant de Businesscase en het Ondernemingsplan van het theater actualiseren. Na besluitvorming bij de kadernota zal voor het vervolg van de werkzaamheden budget aangevraagd worden bij de bestuursrapportage.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
Communicatie over dit besluit Zodra de raad heeft besloten over het Masterplan en variant B van de Businesscase, wordt dit gecommuniceerd aan de belanghebbenden en wordt een persbericht uitgestuurd.
Evaluatie Niet van toepassing.
Kosten, baten, dekking Met voorliggend voorstel wordt gekozen voor variant B uit de Businesscase en het faseren van uitvoeringsbesluiten over de deelprojecten. Hiermee ontstaat duidelijkheid over de benodigde begrotingsruimte voor het nieuwe theatercomplex. Zoals in beslispunt 4 opgenomen, wordt de integrale financiële afweging in de kadernota gemaakt. Kortom, voorliggend voorstel heeft an sich nog geen financiële gevolgen. In de huidige begroting is € 1,0 miljoen aan jaarlijkse dekking (saldo van lasten en baten) voor het theater opgenomen. De berekende totale netto exploitatielasten inclusief subsidie aan Theater Lampegiet bedragen voor de inhoudelijke voorkeursvariant B € 4,8 miljoen vanaf 2028 jaarlijks. Ten opzichte van de huidige begroting is € 3,8 miljoen benodigd. De boekwaarde van het theater in 2026 bedraagt € 1,05 miljoen. Dit bedrag dient incidenteel afgeboekt te worden. De aanloopverliezen op de theaterexploitatie bedragen circa € 0,5 miljoen voor de eerste drie jaren. Dit betreft een ‘incidenteel tekort’ van € 350.000,- in jaar één, € 100.000,- in jaar twee en € 50.000,- in jaar drie. Gebiedsvisie Duivenweide In mei 2021 heeft de raad de gebiedsvisie Duivenweide vastgesteld. Vorig jaar bij de Uitgangspuntennotitie is besloten de uitvoering van de gebiedsvisie Duivenweide in aangepaste vorm te integreren in het Masterplan.
Voor de uitvoering van de gebiedsvisie is in de begroting incidenteel €970.000,- beschikbaar. Circa € 170.000,- van dit budget is/wordt uitgeven aan eerdere uitwerking van de planvorming, tijdelijke ingrepen in het gebied en de dit jaar te verplaatsen poller op de Kerkewijk en het vervolgens aantrekkelijk/groen inrichten van dit stukje van de Kerkewijk. Het resterende budget van € 800.000,- is beschikbaar voor de realisatie van een aantrekkelijke openbare ruimte rond het nieuwe theatercomplex met een evenemententerrein. Wanneer besloten wordt tot de realisatie van een nieuw theatercomplex zijn middelen nodig om de voorbereidingen te treffen. Deze middelen zijn betrokken bij de berekening van het totaal benodigde budget.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
Financieel overzicht per variant (‘alternatieven’) In onderstaande tabel zijn per variant (zoals opgenomen onder ‘alternatieven‘) de jaarlijkse lasten voor de begroting 2028 e.v. opgenomen. Dit is exclusief de incidentele middelen van € 1,55 miljoen die bij de varianten A, B en C aan de orde zijn. De huidige lasten op de begroting zijn hierop in mindering gebracht, waarmee de additioneel benodigde dekking in de begroting inzichtelijk is gemaakt (exclusief het incidenteel benodigde budget). Verder is het verschil ten opzichte van de inhoudelijke voorkeursvariant B opgenomen (waarbij negatief qua richting betekent dat er structurele additionele dekking nodig is). Variant A Nieuwbouw theater met bioscoop De totale lasten op de begroting -5.080.000 Huidige lasten op de begroting 1.000.000 Additioneel benodigd in de begroting -4.080.000 Verschil t.o.v. voorkeursscenario B
-300.000
Variant B Nieuwbouw theater met filmhuis -4.780.000 1.000.000 -3.780.000
Variant C
Instandhouden
Renovatie
Nieuwbouw theater
5 jaar
25 jaar
-4.680.000 1.000.000 -3.680.000
-1.700.000 1.000.000 -700.000
-3.870.000 1.000.000 -2.870.000
100.000
3.080.000
910.000
Een overzicht van de benodigde middelen voor de alternatieven zijn eveneens opgenomen op pagina 15 van de bijgevoegde Businesscase theatercomplex. Inzet van algemene reserve in een reserve kapitaallasten Bij de behandeling van de Uitgangspuntennotitie is gevraagd naar de inzet van de algemene reserve in een reserve kapitaallasten. Vanuit de voorschriften van de BBV is het verplicht om deze investering te activeren. De kapitaallasten in de begroting zijn daarmee hierdoor niet te verlagen. Wel is het mogelijk om een bedrag ineens uit de algemene reserve te onttrekken en te storten in een reserve dekking kapitaallasten waaruit gedurende de afschrijvingstermijn jaarlijks onttrokken wordt, ter dekking van (een deel van de) kapitaallasten, namelijk de afschrijvingslasten. Wanneer er € 10,0 miljoen vanuit de algemene reserve gestort wordt in deze reserve dekking kapitaallasten, dan betekent dit bij een afschrijvingstermijn 40 jaar een dekking voor de jaarlijkse lasten van € 0,25 miljoen per jaar (= € 10,0 miljoen / 40 jaar). Een kanttekening bij het (deels) dekken vanuit de algemene reserve - in plaats van uit de structurele middelen in de begroting - is dat er daardoor te zijner tijd (deels) geen ruimte in de begroting is voor een vervangingsinvestering. Vergelijkbaar met de huidige situatie waarin nagenoeg geen financiële ruimte is meegenomen voor vervanging/renovatie.
Programmabegroting 2024 Bij de programmabegroting 2024 was in de lijst met majeure zaken waarover geen besluitvorming heeft plaatsgevonden per abuis een onjuiste weergave opgenomen van de kosten voor het realiseren van een nieuw theatercomplex. Op pagina 20 in de begroting is opgenomen dat de kapitaallasten voor een theatercomplex € 4,1 miljoen zouden bedragen. Dit bedrag is echter onjuist, het houdt geen rekening met de bestaande middelen in de begroting (huidig theater) en omvat meer dan alleen de kapitaallasten. In het op 23 mei 2023 vastgestelde raadsvoorstel ‘Uitgangspuntennotitie ‘Nieuw theater in de Duivenweide’ was het correcte bedrag opgenomen. De totale jaarlijkse lasten (kapitaallasten + alle overige lasten) in dat voorstel bedroegen € 4,3 miljoen. Na aftrek van de reeds beschikbare dekking van € 0,9 miljoen resteerde de additioneel benodigde dekking van € 3,4 miljoen.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2168257
Burgemeester en wethouders,
mevrouw drs. S.M. Deelstra secretaris
de heer K.J.G. Kats burgemeester
Bijlagen 1. Stedenbouwkundig Masterplan Nieuw theatercomplex in de Duivenweide 2. Businesscase theatercomplex 3. Rapport parkeeronderzoek Veenendaal 4. Gecombineerde inspraakreacties op schrift