1. Raadsvoorstel 4e Wijzigingsverordening Integrale verordening Sociaal Domein Veenendaal
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Raad
20 juni 2024
Voorstelnummer
2169431 9 april 2024 4e wijziging van de Integrale verordening sociaal domein
Datum Onderwerp
Agendapunt
Afdeling
Team Beleid Economie Werk en Inkomen
Programma
Inlichtingen bij Telefoonnummer E-mailadres
F.M. Dieleman (0318) 0318-538690 frank.dieleman@veenendaal.nl
Aan de leden van de raad, Beslispunten 1. De Verordening tot vierde wijziging van de Integrale verordening sociaal domein gemeente Veenendaal vast te stellen, conform bijgevoegd ontwerpbesluit. Waarom naar de raad? Vanwege de kaderstellende en de verordenende bevoegdheid van de raad wordt de Verordening tot vierde wijziging van de Integrale verordening sociaal domein Veenendaal (verder Wijzigingsverordening) ter vaststelling voorgelegd aan de raad. Samenvatting Met dit voorstel wordt de huidige integrale verordening op een aantal punten gewijzigd. Zo wordt in het inleidende en overkoepelende hoofdstuk 1 het begrip “menselijke maat” geïntroduceerd en wordt melding gemaakt van de onafhankelijke cliëntondersteuner. Daarmee wordt de positie van de inwoner versterkt. Verder worden wijzigingen doorgevoerd in de Minimaregelingen. Daarmee wordt de keuzevrijheid van de inwoners vergroot en gaat het tegoed dat in een pasjaar nog niet is opgemaakt, niet verloren. De voorgestelde wijzigingen zijn een uitwerking van de besluitvorming van de raad uit november 2023. Inleiding Op 22 april 2020 is de Integrale verordening sociaal domein Veenendaal voor het eerst vastgesteld. De verordening is nadien drie keer gewijzigd. Bijgaand ontvangt u de vierde wijziging.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2169431
Deze wijziging vloeit voort uit de besluiten van de raad bij het vaststellen van het Integraal beleidskader Sociaal domein 2024-2027 van 16 november 2023. De wijziging in de re-integratie is een direct gevolg van een wetswijziging. De wijzigingen hebben betrekking op Hoofdstuk 1 Inleiding van de verordening Hoofdstuk 4.1 Re-integratie voor personen met een visuele beperking Hoofdstuk 4.5 Minimaregelingen.
Beoogd resultaat Een geactualiseerde Integrale verordening sociaal domein Veenendaal waarin de besluiten van de raad inzake het Integraal Beleidskader Sociaal Domein 2024-2027 zijn verwerkt. Argumenten 1.1 In hoofdstuk 1 worden de leidende principes uit het IBK SD 2024-2027 doorgevoerd. Bij het opstellen van de Integrale verordening sociaal domein Veenendaal was de ‘Integrale modelverordening sociaal domein’ van de VNG onze leidraad. De tien WMO, PW en JWverordeningen zijn samengevoegd en hoofdstukken of paragrafen geworden in de nieuwe integrale verordening. Hoofdstuk 1 vormt het inleidende en overkoepelende hoofdstuk. Dit biedt leidende principes die de gemeente Veenendaal hanteert bij het uitvoeren van de verordening. Met het IBK-SD 2024-2027 bouwen we voort op de visie sociaal domein, de uniforme toegang en het IBK SD 2020-2023. Daarmee is de afgelopen jaren een basis gelegd van waaruit we de integrale samenwerking binnen het sociaal domein verder versterken. De visie is nog steeds leidend. Wel wordt deze uitgebreid met het begrip “menselijke maat”. Dit betekent dat we 'oog hebben voor de eigenheid en vermogens van inwoners in specifieke omstandigheden en bij de uitvoering van vastgesteld beleid'. We houden dus rekening met de leefwereld en het doen-vermogen van de inwoners. Dit vraagt ook om heldere communicatie. Dit begrip wordt nu in de verordening verankerd.
Daarmee nemen we de twee aanbevelingen van de rekenkamercommissie over: • Neem bij het vaststellen van nieuwe beleidskaders en beleidsregels, de kernwaarden van de menselijke maat in de stukken op. • Verbeter de begrijpelijkheid van brieven en beschikkingen, zodat inwoners in simpele formuleringen uitleg krijgen over de besluiten die gaan over hen. Tevens wordt de rol en positie van de onafhankelijke cliëntondersteuner vastgelegd.
1.2 Met het wegvallen van de gemeentelijke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van werkvoorzieningen voor personen met een visuele beperking per 01-01-2024 verdwijnt deze uit de verordening. Met een wijziging van de Participatiewet is het UWV per 01-01-2024 ook voor de gemeentelijke doelgroep verantwoordelijk voor de uitvoering van werkvoorzieningen aan mensen met een visuele beperking. Nu de gemeente niet meer verantwoordelijk is voor de uitvoering van werkvoorzieningen aan mensen met een visuele beperking verwijderen we deze term uit artikel 4.1.26
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2169431
In de wet is overgangsrecht geregeld. De gemeente blijft gedurende de duur van een eerdere toekenning verantwoordelijk.
1.3 In paragraaf 4.5 Minimaregelingen worden de wijzigingen in de minimaregelingen 2024-2027 doorgevoerd. De raad van Veenendaal heeft in november 2023 besloten om de minimaregelingen aan te passen. 1. Er zijn minder verschillende budgetten waarbij het totale budget gelijk blijft. De bestedingsdoelen zijn verruimd voor volwassenen door kleding, witgoed, elektronica, fiets, bouwmarkt, gezonde voeding en het rijbewijs toe te voegen. Voor kinderen zijn de bestedingsdoelen verruimd door de fiets en gezonde voeding toe te voegen. Voor Jongeren is ook de categorie gezonde voeding toegevoegd. Dit is opgenomen in de specifieke artikelen. a. Volwassenen: Het Doe mee-budget en het Sport budget worden samen het Doe meebudget voor Volwassenen. b. Kinderen: De regeling voor Kledingbudget, het Doe mee-budget wordt samengevoegd tot het Doe mee-budget Kinderen. c. Jongeren: Het kledingbudget, Doe mee-budget en de afzonderlijke regelingen voor schoolbenodigdheden, fiets en mobiele telefoon worden samen het Doe mee-budget Jongeren. In de verordening betekent dit dat de volgende artikelen worden geschrapt: o Artikel 4.5.6 Sport en bewegen volwassenen o Artikel 4.5.10 Mobiele telefoon o Artikel 4.5.11 Fiets o Artikel 4.5.12 Kledingpakket Deze regelingen zijn namelijk ondergebracht in de verruimde Doe mee-budgetten. 2.
Het budget van de Doe-mee-tegoeden voor Volwassenen, Kinderen en Jongeren vervallen niet aan het einde van het pasjaar maar na drie jaar, vanaf toekenning. Dit geldt ook voor inwoners die uitstromen uit de bijstand. Dit is in de artikelen over de specifieke Doe mee-regelingen opgenomen. En om deze reden is de bepaling in artikel 4.5.2 lid 11 geschrapt. 3. Het maximale inkomen blijft 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm. 4. Daarnaast is de regeling Meerkosten chronisch zieken en gehandicapten aangescherpt. Het aantonen dat de inwoner zijn of haar eigen risico heeft verbruikt geldt niet meer als bewijsstuk omdat het onvoldoende aantoont dat de inwoner een chronische ziekte of handicap heeft. Er is ook een bewijsstuk toegevoegd, namelijk een verklaring van een huisarts of medisch specialist dat de inwoner chronisch ziek is of een handicap heeft waardoor meerkosten aannemelijk zijn. We proberen door deze wijziging beter recht te doen aan de bedoeling van de regeling. 5. Verder zijn nog technische wijzigingen doorgevoerd. We beogen hiermee de tekst en begrippen te verduidelijken. Alternatieven Niet van toepassing. De raad heeft eerder met het IBK 2024-2027 besloten om deze wijzigingen door te voeren.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2169431
Kanttekeningen 1. De integrale verordening is geen “omgekeerde” verordening. Voor het realiseren van één integrale verordening in 2020 is gebruik gemaakt van de Integrale modelverordening sociaal domein van de VNG. Deze verordening sloot aan bij de bestaande verordeningen en realiseerde de bundeling en samenvoeging van de diverse uitvoeringspraktijken binnen het sociaal domein. De nieuwe integrale verordening voldeed aan de wens van college en raad om te komen tot een bundeling van de verordeningen in het sociaal domein en deze waar mogelijk meer in relatie tot elkaar te brengen. Daarnaast kennen we de “omgekeerde verordening”, zoals deze door Stimulansz is opgesteld. De omgekeerde modelverordening kijkt naar het effect voor de burger. Niet de wetten en de regels zijn leidend in deze verordening, maar de hulpvraag van de inwoner. De nieuwe opbouw en indeling maken van deze verordening een samenhangend geheel. Deze verordening is geschreven op B1 niveau. Dat maakt de verordening toegankelijk voor inwoners en professionals. Met de doorontwikkeling van de bestaande integrale verordening kiezen we niet voor de “omgekeerde verordening”. Hiervoor is een aantal redenen: 1.1. Binnen huidige verordening is ook maatwerk mogelijk Een omgekeerde verordening is niet noodzakelijk om casussen integraal te kunnen benaderen en de Veenendaler passend ten dienste te staan.
Binnen de huidige regelgeving, waaronder de huidige verordening, is maatwerk mogelijk. Dit wordt in de praktijk ook toegepast. Hoofdstuk 1 gaat over de wijze waarop we de regels toepassen en de inwoners benaderen. In de hernieuwde inleiding wordt de “menselijke maat” geïntroduceerd en de uitvoering aangespoord om indien nodig maatwerk toe te passen. We kijken meer naar de bedoeling van de wet, dan naar de letter van de wet. Daarbij spreken we heldere en begrijpelijk taal. De motivering van besluiten moet in begrijpelijke taal worden opgesteld. De lezer moet kunnen begrijpen hoe we tot een besluit zijn gekomen en wat het besluit voor hem of haar betekent. Nu deze uitgangspunten in onze verordening genoemd zijn, is de meerwaarde van een “omgekeerde verordening” beperkt. 1.2 Tegen “omgekeerde” verordening zijn juridische en praktische bezwaren. •
•
• •
De VNG (2019) adviseerde gemeenten nog niet aan de slag te gaan met een omgekeerde verordening. Er bestaan serieuze (juridische) belemmeringen voor een verregaande integratie op gemeentelijk niveau, aldus de VNG. Dit heeft met name te maken met de verschillende wettelijke kaders. De modelverordening van Stimulansz is in 2019 geschreven en wordt niet meer onderhouden. Met regelmaat worden nieuwe eisen gesteld aan verordeningen. Gemeenten ontvangen wel modelverordeningen van de VNG die zij kunnen gebruiken om hun bestaande VNGverordeningen te updaten. Stimulansz biedt deze ondersteuning niet. Bovendien vergt het omzetten van de verordening, de beleidsregels en de daarop gebaseerde beschikkingen veel inspanning en tijd. Daarnaast werken we ook in de regio samen enzoeken we afstemming met omliggende gemeenten. Als onze verordening op een andere leest is geschoeid, wordt afstemming complexer.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2169431
Dit geldt in verhoogde mate voor de verordeningen op grond van de Participatiewet. Immers Veenendaal voert de Participatiewet ook uit voor Rhenen en Renswoude.
1.3 Het kabinet heeft een voorstel gepresenteerd om de Algemene wet bestuursrecht (Awb) aan te passen. Dat maakt de meerwaarde van een omgekeerde verordening beperkt. De aankomende wijzigingen van de Awb zijn er vooral op gericht om ruimte te bieden voor maatwerk in de uitvoeringspraktijk. Het wetsvoorstel heet “Wet versterking waarborgfunctie Awb”. Het voorstel bevat verschillende aanpassingen om de dienstverlening door de overheid te verbeteren, de menselijke maat hierbij te versterken en laagdrempelig contact te bevorderen. Het geeft overheidsorganisaties en de rechter meer ruimte om rekening te houden met de individuele situatie van mensen, waaronder het doenvermogen van burgers. De voorgestelde wijzigingen zijn in het kort: • •
• •
Er wordt een nieuwe algemene bepaling ingevoegd die de overheid de instructie geeft zich dienstbaar op te stellen bij de uitoefening van haar taak en mensen hulp te bieden als zij dat nodig hebben. De werking van het evenredigheidsbeginsel wordt verruimd. Er komt meer ruimte om een wet of regel buiten toepassing te laten als mensen onevenredig hard getroffen worden door strikte toepassing van die regel, als het doel van de regeling ook op een andere manier kan worden bereikt. Het wetsvoorstel maakt het eenvoudiger om fouten te herstellen in een besluit die makkelijk zijn op te lossen, bijvoorbeeld als het gaat om een administratieve of schrijffout. Besluiten van de overheid worden begrijpelijk gemotiveerd.
Daarmee bevat de Awb straks dwingend recht, wat waarborgt dat gemeenten bij het nemen van besluiten oog hebben voor de positie van haar inwoners en tot een gewogen en goed gemotiveerd besluit komen. Hier toets de rechter aan.
Participatie In aanloop naar het IBK-SD 2024-2027 zijn breed wensen en verwachtingen opgehaald bij inwoners, raad, adviesraden, partners en betrokkenen. Deze input hebben we gebruikt bij het schijven van het IBK. Wat betekent dit besluit voor inwoners? We leggen in de verordening vast dat “de menselijke maat” leidend wordt in ons handelen. Dit betekent dat we 'oog hebben voor de eigenheid en vermogens van inwoners in specifieke omstandigheden en bij de uitvoering van vastgesteld beleid'. Dit vraagt ook om heldere communicatie. Als de gemeente hierin slaagt zullen inwoners zich meer gehoord, gezien en begrepen voelen. Inwoners die gebruik maken van minimaregelingen krijgen meer keuzevrijheid in de besteding van de middelen. Bovendien vervalt hun restant budget niet bij het einde van het pasjaar.
Raadsvoorstel van 9 april 2024, nr. 2169431
Aanpak / uitvoering De wijzigingen in de Minimaregelingen worden doorgevoerd en bureau minimaregelingen start in het nieuwe pasjaar (juli) met de nieuwe regelingen. Communicatie over dit besluit De gewijzigde verordening wordt gepubliceerd op www.overheid.nl. De gewijzigde minimaregelingen zullen worden doorgevoerd op de website van bureau minimaregelingen. Verder zal hier publiciteit aan worden gegeven via de Rijnpost en rechtstreekse mailingen aan de doelgroep. Evaluatie De minimaregelingen worden periodiek geëvalueerd. Voor 2028 zullen de minimaregelingen opnieuw moeten worden vastgesteld. Kosten, baten, dekking Niet van toepassing. De financiële consequenties van de Minimaregelingen zijn meegenomen bij het raadsvoorstel IBK. Aanpassing van de regeling chronisch zieken en gehandicapten zal leiden tot een lager beroep op de regeling. Doorvoeren van de menselijke maat kan leiden tot hogere uitvoeringskosten en hogere programmakosten. Deze zijn nu moeilijk te kwantificeren. De raad zal hierover geïnformeerd worden via de reguliere P&C cyclus.
Burgemeester en wethouders,
mevrouw drs. S.M. Deelstra secretaris
de heer K.J.G. Kats burgemeester
Bijlagen 4e Wijzigingsverordening Integrale verordening sociaal domein Veenendaal Bijlage 1: Toelichting wijzigingen Integrale verordening sociaal domein Bijlage 2: Bestaande tekst Integrale verordening sociaal domein Bijlage 3: Input vierde wijziging Integrale verordening sociaal domein