1. Kadernota ODRU 2024 - Raadsvoorstel
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Agendapunt
Raad
Afdeling
Teams
Voorstelnummer Datum Onderwerp
Programma
Inlichtingen bij Telefoonnummer E-mailadres
3 oktober 2022 Kadernota Omgevingsdienst Regio Utrecht 2024 Fysieke Leefomgeving M.J. van den Berg (0318) 538736 mirjam.van.den.berg@veenendaal.nl
Aan de leden van de raad, Beslispunten 1. Een zienswijze op de Kadernota 2024 van Omgevingsdienst regio Utrecht (ODRU) te geven, waarin de raad aan de ODRU meegeeft dat; 1. de gehanteerde uitgangspunten voor de berekening van het uurtarief en het daaruit voortkomende uurtarief voor 2024 akkoord zijn; 2. de tariefontwikkeling evenals de arbeidsmarkt ontwikkelingen nauwlettend gevolgd moeten worden; 3. de kostenbesparing zoals is vastgelegd in het “drie-sporentraject” actief uitgevoerd moet worden. Waarom naar de raad? De raad heeft de gelegenheid om een zienswijze te geven op de kadernota van de Omgevingsdienst regio Utrecht (ODRU). Samenvatting De ODRU is een gemeenschappelijke regeling. Dat betekent dat de gemeente Veenendaal als eigenaar van deze gemeenschappelijke regeling een zienswijze mag geven op de kadernota ODRU 2024. Op basis van de kadernota ODRU 2024 wordt de begroting ODRU 2024 opgesteld die eind juni 2023 voor een zienswijze zal worden voorgelegd aan de raad. Inleiding De raad heeft de gelegenheid om een zienswijze te geven op de kadernota 2024 van de ODRU. Beoogd resultaat Een structureel sluitende meerjarenbegroting van de ODRU met daarbij aandacht voor de tariefontwikkeling in relatie tot de arbeidsmarkt en de kostenbesparing volgens het “drie-sporentraject”
Raadsvoorstel van, nr.
Argumenten 1.1. De toename van het uurtarief is fors maar uitlegbaar In de kadernota ODRU 2024 is het tarief vastgesteld op € 110,50 per uur. Deze stijging ontstaat door verschillende factoren. structurele kosten dekken met structurele baten In afstemming met de toezichthouder heeft de ODRU afgesproken dat met ingang van de begroting 2024 de structurele kosten gedekt moeten worden met de structurele baten. Deze structurele baten zijn de gegarandeerde uren die de gemeenten afnemen in de DVO. Het AB heeft op 7 juli jl. vastgesteld dat deze kostenverhoging wordt meegenomen in het uurtarief 2024. Voldoen aan maatschappelijke eisen De ODRU moet kunnen blijven inspelen op de veranderende, complexere maatschappelijke vraag vanuit bewoners en gemeenten. Ook moet de ODRU blijven voldoen aan de gestelde kwaliteitscriteria. Ook de komst van de omgevingswet en de uitwerking van het landelijk interbestuurlijk programma ter versterking van de omgevingsdiensten maken dat op sommige plekken de functie-eisen en taakinhoud gaan knellen. Dit maakt dat het functiehuis moet worden herzien. Hiervoor is een investering nodig die als een verhoging met € 2,04 is meegerekend in het uurtarief. Loon- en prijsindicatie De voor- en nacalculatie op de methodiek van loon- en prijsontwikkeling die in 2016 bij de ODRU is geïntroduceerd, wordt gehandhaafd.
Doordat er ieder jaar een nacalculatie wordt gedaan op de eerdere voorcalculatie en het verschil wordt verrekend met de nieuwe tarieven voor het nieuwe begrotingsjaar vallen de tarieven over een langere periode nooit hoger uit dan de gerealiseerde loon- en prijsontwikkeling. Deze methode sluit aan bij de wijze waarop er feitelijk ook met de loonen prijsontwikkeling wordt omgegaan bij de rijksoverheid, lokale overheden en het Gemeentefonds. Bij doorrekening op basis van de CPB-cijfers met 8,41% komen we uit op een integraal uurtarief van € 110,50 voor 2024. 1.2. Ontwikkelingen arbeidsmarkt De eerder genoemde ontwikkelingen van meer complexe vraagstukken en invoering van de omgevingswet, maken dat de behoefte ontstaat voor een aanpassing van het functiehuis. Sommige functies moeten een verzwaring van taken krijgen en er is behoefte aan nieuwe functies. Ook het werven en behouden van mensen is in deze krappe arbeidsmarkt een uitdaging. 1.3. Drie-sporen traject In 2020 is afgesproken om kosten te besparen volgens de volgende lijnen (vastgelegd in onder meer de door het AB op 17 december 2020 vastgestelde Kadernota 2022 en in een separate AB-notitie ’mogelijkheden voor kostenbesparingen’). Spoor 1: kostenbesparing in de sfeer van de interne bedrijfsvoering Belangrijkste snelle actie hierbinnen is het verhogen van de vaste bezetting en verminderen van de inhuur.
De praktijk is dat de ODRU continu zo’n 10 % onder de vaste toegestane formatie-bezetting opereert. Spoor 2: Kostenbesparingen door minder uren te besteden Dit omvat twee onderdelen: a. Minder uren voor tenminste dezelfde kwaliteit en omvang van de dienstverlening. Dit is te realiseren door standaardisering, digitalisering in combinatie met
Raadsvoorstel van, nr.
procesoptimalisatie en door werkstructuur (wie is waarvan), rolvastheid en sturing te verbeteren. b. Minder uren door de kwaliteitseisen te verlagen en/of schrappen van taken (binnen de wettelijke mogelijkheden). Dit is afhankelijk van welke keuzes gemeenten hierin willen maken. Spoor 3: Kostenbesparingen in de “keten” Dit is te realiseren wanneer de gemeenten en de ODRU op onderdelen komen tot andere samenwerkingsvormen en/of taakverdelingen. Hier valt de grootste besparing te behalen en wordt bespaard op de kosten die de gemeente maakt doordat: a. er zowel bij de gemeente als bij de ODRU minder uren nodig zijn voor hetzelfde resultaat op bestaande taken. b. er voor bestaande taken minder uren bij de gemeente nodig zijn doordat een taak van gemeente naar ODRU wordt overgeheveld omdat deze door de ODRU vanwege schaalvoordeel en uitvoering oriëntatie efficiënter kan worden uitgevoerd; c. er nieuwe taken komen (Ow, toezicht verplichting energielabel c voor kantoren en andere taken op gebied van duurzaamheid en klimaat) waarbij we onnodige kosten voorkomen (dus geen echte kostenbesparing). Het streven in 2020 was om op basis van uitsluitend spoor 1 en 2a in 2021 € 200.000 en in 2022 daarbovenop € 500.000 te besparen (totaal ca 4 % van de totale bijgestelde begrote kosten voor 2020).
De besparingen in de bedrijfsvoering (spoor 1) zijn in 2021 gerealiseerd en hier blijft de ODRU verder actief op inzetten. De sporen 2 en 3 zijn nog niet gerealiseerd (NB het betreft hier minder uren en dus niet een lager uurtarief). Om het meeste effect uit dit drie-sporen traject voor kostenbesparing te behalen, is samenwerking met de gemeenten nodig. Het is immers noodzakelijk dat gemeenten gezamenlijk gaan inzetten op meer uniformiteit, standaardisatie en schaalvoordelen (spoor 3). De benodigde procesoptimalisatie (spoor 2) in dit traject is binnen de ODRU reeds in gang gezet en is naar verwachting in 2023 afgerond. Alternatieven Geen zienswijzen indienen Kanttekeningen 1. De financiële impact van de komst Omgevingswet is nog niet in de Kadernota ODRU opgenomen Naar verwachting stijgen de kosten voor de taken die de ORDU uitvoert met de komst van de omgevingswet met 13% tov 2020. Sinds 2021 hebben wij in de gemeentelijke begroting reeds een verhoging van het geraamde budget doorgevoerd. Er is dus voldoende budget beschikbaar om een eventuele verhoging op te vangen. Vooralsnog lijkt het aantal uur dat voor 2023 in het UVP wordt opgenomen niet substantieel toe te nemen tov dit jaar. Er vindt vooral een verschuiving van producten die worden afgenomen plaats. Participatie Niet van toepassing Wat betekent dit besluit voor inwoners? Er zijn geen directe effecten voor de inwoners.
Raadsvoorstel van, nr.
Aanpak / uitvoering Nadat alle gemeenten hun zienswijze hebben kunnen indienen, zal het AB van de ODRU de ontwerp kadernota op 15 december definitief vaststellen. Deze kadernota is de basis voor de op te stellen begroting ODRU 2024. Communicatie over dit besluit Het besluit wordt desgewenst toegelicht in het wekelijks persgesprek Evaluatie Sturing op de P&C-cyclus van de ODRU vindt plaats via de begroting 2023, begrotingswijziging(en), bestuursrapportages (deze worden alleen aan het Algemeen Bestuur voorgelegd) en uiteindelijk ontvangt de raad ter kennisname de jaarrekening. Kosten, baten, dekking De ODRU gaat in de Kadernota 2024 uit van een lager aantal uren dan dat de gemeente zelf begroot voor 2024. De praktijk heeft aangetoond dat de gemeente meer uren afneemt dan dat de ODRU in eerste instantie begroot. Naar verwachting nemen we in 2024 ca. 8.100 uur af van de ODRU. Voor 2022 en 2023 zijn we ook uitgegaan van dit aantal uren. De geschatte kosten voor de ODRU in 2024, op basis van dit aantal contracturen, bedraagt € 895.050,-. Het (financiële) effect in het kader van de Omgevingswet is hier nog niet in meegenomen (zie kanttekening 1). In de gemeentelijke meerjarenbegroting 2023-2026 is voor de ODRU een raming opgenomen van € 862.955,-, exclusief € 128.000,- voor extra kosten voor de Omgevingswet, totaal dus begroot voor de ODRU een bedrag van € 990.995,-.
De geschatte kosten ad € 895.050,- passen niet binnen het geraamde budget van € 862.955,- maar wel binnen het totaal beschikbare budget inclusief Omgevingswet van € 990.995,-. Voorgesteld wordt om het budget vooralsnog niet te verhogen. Op het moment dat de ODRU meer (financieel) inzicht geeft op de effecten van de Omgevingswet komen we daar in een eerstvolgend Planning en Control product op terug. Burgemeester en wethouders,
mevrouw drs. S.M. Deelstra secretaris
Bijlagen 1. Aanbiedingsbrief van de ODRU 2. Ontwerp kadernota ODRU 2024 3. Zienswijzebrief ontwerp kadernota ODRU 2024
de heer K.J.G. Kats burgemeester