1. Kaderbrief GGDrU 2026 - raadsvoorstel
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL Zaaknummer Onderwerp
2212947 Kaderbrief GGDrU 2026
Datum raadsvergadering
MO – Beleid 20 februari 2025
Programma
Sociale leefomgeving
Inlichtingen bij
Anne Marie Faase
Team
behandelaar Telefoonnummer E-mailadres
06-42497089 anne.marie.faase@veenendaal.nl
Aan de leden van de raad,
Beslispunten 1. De zienswijze op de concept kaderbrief 2026 GGD regio Utrecht (GGDrU) te versturen, zoals verwoord in bijgevoegde brief. 2. Eventuele financiële consequenties voor de maatwerkvoorzieningen, in het geval rijksmiddelen komen te vervallen, te betrekken bij het opstellen van de gemeentelijke kadernota 2026. 3. Eventuele hogere jaarlijkse lasten als gevolg van loon- en prijsstijgingen structureel te betrekken bij het opstellen van de kadernota 2026.
Waarom naar de raad? Het naar voren brengen van een zienswijze op de concept kaderbrief 2026 van de gemeenschappelijke regeling GGDrU is een bevoegdheid van de raad op grond van artikel 43, tweede lid, van de Gemeenschappelijke regeling gemeentelijke gezondheidsdienst regio Utrecht (verder GGDrU).
Pagina 1 van 6
Raadsvoorstel, Onderwerp: Kaderbrief GGDrU 2026 zaaknummer 2212947
Inleiding Op 11 december 2024 is de concept kaderbrief 2026 van de GGDrU voor het begrotingsjaar 2026 ontvangen. In de concept kaderbrief 2026 GGDrU staan de financiële en inhoudelijke uitgangspunten voor het jaar 2026 omschreven. Het bestuur van de GGDrU verzoekt de raad zijn zienswijze kenbaar te maken. Het college legt hiertoe dit voorstel voor aan de raad. Samenvatting De concept kaderbrief 2026 van de GGDrU beschrijft de financiële en inhoudelijke uitgangspunten voor het begrotingsjaar 2026. De GGDrU heeft een traject doorlopen om een bestuurlijke keuze te maken over de inhoudelijke en financiële koers, rekening houdend met de financiële situatie en verschillende visies van gemeenten. De GGDrU boekt vanaf 2026 een taakstelling in van € 300.000,-. Vanaf 2026 richt de organisatie zich inhoudelijk specifiek op drie maatschappelijke opgaven: mentale gezondheid van jeugd, vergrijzing en een gezonde leefomgeving. Dit wordt uitgevoerd binnen de beschikbare middelen en dus zonder structurele meerkosten. Voor de benodigde transformatie om deze nieuwe koers van de GGD organisatie te ontwikkelen, worden incidentele middelen ingezet. Daarnaast heeft het Algemeen Bestuur van de GGDrU besloten gemeenten de ruimte te laten te bezuinigen op het individuele maatwerk indien dit nodig wordt geacht op basis van de lokale financiële situatie.
De precieze impact op de dienstverlening van GGDrU en het collectief van gemeenten is afhankelijk van de keuzes die individuele gemeenten hierin maken. Voorlopige keuzes in het maatwerk heeft de gemeente Veenendaal reeds doorgegeven aan de GGDrU. Het Rijk bezuinigt € 300 miljoen op de publieke gezondheidszorg, waarvan € 50 miljoen al in 2025 wordt doorgevoerd. Deze bezuinigingen hebben directe gevolgen voor de pandemische paraatheid, infectieziektebestrijding en andere taken van de GGD vanaf 2025 en verder. De kaderbrief laat ook zien dat de financiering van belangrijk geachte programma’s zoals seksuele gezondheid, de Gezonde School-aanpak, Kind naar Gezond Gewicht en Nu Niet Zwanger onzeker is. Veel van deze initiatieven worden momenteel gefinancierd met tijdelijke middelen vanuit het Rijk, zoals het Gezond en Actief Leven Akkoord (hierna: GALA), die na 2025 mogelijk niet meer beschikbaar zijn. Dit kan leiden tot het wegvallen van specifieke maatwerkvoorzieningen. Voor de gemeente Veenendaal stijgt de gemeentelijke bijdrage in 2026 met € 109.000,-. Dit wordt enerzijds voor een bedrag van € 126.000,- veroorzaakt door lagere lasten op een aantal onderdelen van de dienstverlening, en hogere lasten als gevolg van een toename van het inwoner- en kinderaantal en een indexatie van 2,65%.
Anderzijds hoeft Veenendaal als gevolg van de gestelde taakstelling aan de GGDrU, € 15.000,- minder bij te dragen aan de gemeenschappelijke regeling GGDrU. Op dit moment, ook rekening houdende met de pbbp-indexeringssystematiek zoals we die per 2026 invoeren, past de gemeentelijke bijdrage binnen de gemeentelijke begroting 2026. Aangezien de GGDrU niet volledig de pbbp indexeringssystematiek volgt hebben we naar verwachting in onze meerjarenraming onvoldoende middelen beschikbaar. Voorgesteld wordt om een zienswijze te formuleren op deze kaderbrief, gezien de onzekerheden en financiële risico’s. Het is van belang dat de GGDrU de raad actief blijft informeren over verdere ontwikkelingen en besluitvorming. Beoogd resultaat Een goed functionerende GGD in de regio Utrecht ten behoeve van de gezondheid(sbevordering) van onze inwoners. Proceshistorie en eerdere besluitvorming In eerdere zienswijzen op kaderbrief 2025 en de ontwerpbegroting 2025 heeft de raad bij de GGDrU aandacht gevraagd voor de financiële heroverwegingen en het belang van het voorkomen van extra kosten aan de GGDrU. Daarnaast heeft de raad bij het vaststellen van de Kadernota 2025-2028
Pagina 2 van 6
Raadsvoorstel, Onderwerp: Kaderbrief GGDrU 2026 zaaknummer 2212947
besloten de bezuiniging van € 55.000 vanaf 2026 op de Samenwerkingsovereenkomst GGDrU met betrekking tot MAZL vooralsnog te schrappen uit de Kadernota en het maatwerk met betrekking tot MAZL te continueren en dit te dekken door een extra besparingspotentieel van € 55.000 in te rekenen als gevolg van de Hervormingsagenda Jeugd. Argumenten 1.1 De GGDrU heeft de financiële situatie van gemeenten meegenomen in haar plannen voor 2026 en verder. De GGDrU heeft rekening gehouden met het herhaalde verzoek in eerdere zienwijzen om rekening te houden met de financiële situatie van gemeenten. Hiertoe heeft de GGDrU een traject doorlopen waarin concrete mogelijkheden zijn besproken om een bestuurlijke keuze te kunnen maken over de inhoudelijke en financiële richting voor GGDrU. De GGDrU gaat zich vanaf 2026 door ontwikkelen binnen de financiële mogelijkheden, met focus op drie maatschappelijke opgaven: mentale gezondheid van jeugd, vergrijzing en een gezonde leefomgeving. Deze doorontwikkeling gebeurt zonder structurele meerkosten. Voor de benodigde transformatie van de organisatie worden incidentele middelen ingezet. Naast de bezuiniging van € 300 miljoen op de publieke gezondheidszorg door het Rijk, boekt de GGDrU een taakstelling van € 300.000,- in.
Voor de gemeente Veenendaal betekent de taakstelling een vermindering van € 15.000,- vanaf 2026 voor de bijdrage aan de gemeenschappelijke regeling GGDrU. Daarnaast kunnen gemeenten bezuinigen op individueel maatwerk. Voorlopige keuzes in het maatwerk heeft de gemeente Veenendaal reeds doorgegeven aan de GGDrU. 1.2 De concept kaderbrief 2026 geeft de verwachte financiële impact van indexaties en volumemutaties weer voor de ontwerpbegroting 2026. De GGDrU schetst in de concept kaderbrief 2026 de financiële kaders voor de ontwerpbegroting 2026 en geeft een doorkijk op de verwachte inwoner- en kindbijdrage voor 2026. Er wordt gerekend met een gemiddeld verwachte indexatie van 2,65% in 2026. In Veenendaal is het aantal inwoners gestegen. De stijging in inwoner- en kinderaantal in combinatie met de indexatie van 2,65% betekent een verwachtte stijging in de bijdrage voor 2026 van € 109.000. 1.3 De concept kaderbrief 2026 schetst inhoudelijke ontwikkelingen. Naast de financiële kaders schetst de concept kaderbrief de te verwachten inhoudelijke ontwikkelingen die van invloed zijn of kunnen zijn op de ontwerpbegroting 2026. Een volledig overzicht van de verwachte ontwikkelingen is terug te lezen in de concept kaderbrief GGDrU 2026 (bijlage 2).
Onderstaand worden de meest relevante ontwikkelingen voor Veenendaal uitgelicht, met name waarover de GGDrU in 2025 met de gemeente nader in overleg gaat en waar financiering onduidelijk is. Seksuele gezondheid en relationele seksuele vorming Vanaf 2026 wordt de Specifieke Uitkering Aanvullende Seksuele Gezondheidszorg (ASG) met 10% gekort en mogelijk overgeheveld naar het gemeentefonds, waardoor het budget onzeker is. GGDrU ondersteunt scholen in de regio Utrecht bij relationele en seksuele vorming (RSV), gefinancierd via ASG en andere regelingen die tot medio 2025 blijven bestaan. De stimuleringsregeling stopt echter na schooljaar ’24-’25. Ondanks afnemende middelen wil GGDrU met gemeenten en scholen in gesprek blijven om deze belangrijke ondersteuning voort te zetten.
Pagina 3 van 6
Raadsvoorstel, Onderwerp: Kaderbrief GGDrU 2026 zaaknummer 2212947
Gezonde school De Gezonde School-aanpak, gesteund door een jaarlijkse rijksbijdrage van € 85.000,-, helpt scholen tot eind 2024 bij het vormgeven van hun gezondheidsbeleid en preventieprogramma’s. Na 2024 is de voortzetting van deze landelijke financiering onzeker. De GGD volgt de besluitvorming hierover en het Algemeen Bestuur agendeert dit onderwerp in 2025. In het schooljaar 2024/2025 ondersteunt de gemeente Veenendaal scholen aanvullend met maatwerkafspraken om de Gezonde School-aanpak te implementeren. Voor de periode na 2025 zijn hiervoor geen financiële middelen beschikbaar. Nu Niet Zwanger (NNZ) NNZ helpt kwetsbare groepen bewuste keuzes rond zwangerschap te maken. Alle gemeenten nemen op dit moment collectief deze maatwerkvoorziening af. De interventie wordt regionaal uitgevoerd van 2023 tot 2026, met een evaluatie gepland in 2025. Op basis van deze evaluatie wordt het gesprek met het Algemeen bestuur voortgezet om te komen tot vervolgafspraken voor de periode na 2026. Er bestaat echter een risico dat bij het evalueren van het programma door verschillende wensen van gemeenten de continuïteit van het programma in gevaar komt. Kind naar Gezond Gewicht De jeugdverpleegkundige van de GGD vervult een essentiële rol als centrale zorgverlener in de ketenaanpak van Kind naar Gezond Gewicht.
De huidige financiering via GALA is onvoldoende om deze aanpak effectief te laten functioneren. Vanaf 2026 dreigt er geen financiering meer beschikbaar te zijn. In 2024-2025 onderzoekt de GGD samen met gemeenten en zorgverzekeraars de mogelijkheden voor gezamenlijke financiering om deze centrale rol te behouden. Als deze rol niet kan worden vervuld, vormt dat een risico voor de effectiviteit van de aanpak en de gezondheid van kinderen in Veenendaal. 1.3 De concept kaderbrief 2026 van de GGDrU geeft aanleiding voor het naar voren brengen van een zienswijze. De GGDrU schetst in de concept kaderbrief 2026 een aantal ontwikkelingen. De kaderbrief biedt een mix van concrete informatie (vooral over financiële kaders en problematiek) en minder uitgewerkte plannen voor implementatie en uitvoering. Veel ontwikkelingen worden als belangrijk benoemd, maar blijven afhankelijk van besluitvorming op landelijk of gemeentelijk niveau, toekomstige financiering en procesafspraken waarvan de uitkomsten pas later bekend worden. Het is daarom van belang om de GGDrU te vragen om de raad actief te blijven informeren en betrekken bij te maken keuzes. 2.1 Een aanzienlijk deel van de maatwerktaken wordt gefinancierd vanuit tijdelijke middelen, zoals GALA. Deze tijdelijke middelen zullen mogelijk (grotendeels) wegvallen. Zie ook kanttekening 2.1 en onder Kosten, baten, dekking.
Indien bij het opstellen van de gemeentelijke kadernota 2026 hierover reeds meer informatie bekend is, dan worden mogelijk voorstellen voor (al dan niet tijdelijke) financiering voorgelegd aan de raad, ten behoeve van een integrale afweging. 3.1 Verschillen in de indexeringssystematiek tussen de GGDrU en de gemeente leiden tot een hogere structurele bijdrage. De raad heeft bij de behandeling van de Programmabegroting 2025 besloten om met ingang van 2026 in onze gemeentelijke begroting de budgetten te indexeren conform de pbbp systematiek. In de Kadernota hanteert de GGDrU een aantal verschillende indexen. In onze meerjarenraming hebben wij naar verwachting dan ook onvoldoende middelen beschikbaar, en moet nader worden
Pagina 4 van 6
Raadsvoorstel, Onderwerp: Kaderbrief GGDrU 2026 zaaknummer 2212947
onderzocht en bepaald of de GGDrU dit nadeel zelf moet opvangen of dat we als gemeente nadere keuzes moeten maken of taken moeten prioriteren. We treden hier over in overleg met de GGDrU. Het kan in het geval van een GR zo zijn dat door een besluit van het AB van de GR onze gemeente gehouden is een hogere indexering te vergoeden dan in onze systematiek beschikbaar is. Om die reden wordt voorgesteld de structurele hogere bijdrage te betrekken bij het opstellen van de gemeentelijke kadernota 2026. Zie ook kanttekening 3.1. Alternatieven De raad kan ervoor kiezen om geen zienswijze op de kaderstelling naar voren te brengen en/of aanvullende aandachtspunten op te nemen in de zienswijze. Kanttekeningen 2.1 In de kaderbrief is nog geen rekening gehouden met mogelijke mutaties in maatwerkvoorzieningen die afgenomen worden in 2026 en verder. De GGDrU stelt gemeenten in staat extra te bezuinigen op de GGDrU door het opzeggen van maatwerkvoorzieningen. Bij de vaststelling van de Kadernota 2025-2028 heeft de raad besloten geen bezuiniging op MAZL door te voeren. Bij de gemeente Veenendaal wordt een aanzienlijk deel van de overige maatwerktaken gefinancierd vanuit tijdelijke middelen, zoals GALA. Indien deze tijdelijke middelen (grotendeels) wegvallen, kan dit financiële en inhoudelijke consequenties hebben.
Maatwerkvoorzieningen kunnen wegvallen of er moet alternatieve financiële dekking voor gevonden worden. Het opzeggen van maatwerk moet daarom zorgvuldig worden afgewogen, met aandacht voor de lange termijn effecten op inwoners en de bredere maatschappelijke kosten. Voorlopige keuzes in het maatwerk heeft de gemeente Veenendaal reeds doorgegeven aan de GGDrU. 3.1 Het is – gezien de financiële uitdagingen van gemeenten- wenselijk dat verbonden partijen ook een bijdrage leveren aan financiële ombuigingen. Bij de behandeling van de Programmabegroting 2025 besloot de raad te onderzoeken op welke wijze verbonden partijen een financiële bijdrage kunnen leveren aan de uitdagingen waar gemeenten de komende jaren mee worden geconfronteerd: gemeenten staan voor de uitdaging om 3% tot 4% te bezuinigen door het ravijnjaar. De GGDrU voert een taakstellende bezuiniging door van € 300.000,-. Dit is omstreeks 0,53% van de totale begroting van de GGDrU. De bijdrage van de gemeente Veenendaal kan hierdoor weliswaar structureel met €15.000,- worden verlaagd, maar dit biedt slechts een beperkte financiële verlichting. Tegelijkertijd heeft de GGDrU de afgelopen jaren reeds scherp aan de wind gevaren: hoewel in het afgelopen jaar een financiële bijdrage is gevraagd om een aantal zaken op orde te brengen, is in de jaren daarvoor geen extra bijdrage gevraagd.
Daarnaast krijgt ook de GGD te maken met bezuinigingen vanuit het Rijk. Ten behoeve van voorliggende kaderbrief heeft de GGDrU zorgvuldig gekeken naar wenselijke scenario’s en een evenwicht gezocht tussen het doorvoeren van bezuinigingen en het waarborgen van essentiële taken. Participatie Stap 0 van de participatieladder is gebruikt, omdat participatie met inwoners bij deze kaderbrief niet aan de orde is. Wat betekent dit besluit voor inwoners? Inwoners zijn erbij gebaat dat de GGDrU een solide organisatie is. Het besluit om een zienswijze naar voren te brengen heeft geen direct effect op inwoners.
Pagina 5 van 6
Raadsvoorstel, Onderwerp: Kaderbrief GGDrU 2026 zaaknummer 2212947
Aanpak / uitvoering Na de raadsvergadering van 20 februari 2025 wordt de GGDrU via de bijgevoegde brief op de hoogte gesteld van het raadsbesluit. Op 26 maart 2025 besluit het algemeen bestuur van de GGDrU over de vaststelling van de concept kaderbrief 2026 en worden hierin de zienswijzen van de raden meegenomen. Communicatie over dit besluit Zie aanpak/uitvoering. Evaluatie Niet van toepassing. Kosten, baten, dekking Er wordt in 2026 vooralsnog een verhoging van de inwoner- en kindbijdrage verwacht van € 109.000,ten opzichte van 2025. Deze verhoging wordt meegenomen in het proces naar de ontwerpbegroting 2026 GGDrU en bij het opstellen van de gemeentelijke begroting voor 2026. Op basis van wat nu vanuit de recente circulaires bekend is, sluit het door de GGDrU gehanteerde gewogen indexeringspercentage van 2,65% in 2026 niet aan bij de indexering volgens de pbbp systematiek. Wij verwachten voor 2026 dat de structurele onderdelen die wij bij de GGDrU afnemen nog niet in het geding komen. Dit komt mede doordat de GGDrU op een aantal structurele onderdelen een lagere bijdrage vraagt in 2026. Waar wij wel mogelijke problemen zien is bij de maatwerk onderdelen welke nu vanuit Rijksmiddelen worden gefinancierd. Deze Rijksfinanciering zal voor zover nu bekend voor een aantal onderdelen per 2026 en voor de overige onderdelen per 2027 komen te vervallen.
Het is op dit moment nog onduidelijk of het Rijk de financiering na deze periode wil continueren. Gezien het afbreukrisico bij het tijdelijk onderbreken van de financiering zou er voor kunnen worden gekozen om deze projecten tijdelijk te ondersteunen met tijdelijke gemeentelijke middelen tot dat er meer duidelijkheid is over de continuering vanuit het Rijk.
College van burgemeester en wethouders,
Sjoukje Deelstra secretaris
Bijlagen 1.Brief aan de raden bij Kaderbrief 2026 2.Concept Kaderbrief GGDrU 2026 3.Concept zienswijze Kadernota 2026
Pagina 6 van 6
Gert-Jan Kats burgemeester