CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Invulling publiek belang warmtenetten door DEVO Holding B.V. - Raadsvoorstel

Gemeenteraad 30 mei 2024, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Invulling publiek belang warmtenetten door DEVO Holding B.V.3.377 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Raad Voorstelnummer Datum Onderwerp

30 mei 2024 2151087 19 maart 2024 Invulling publiek belang warmtenetten door DEVO Holding B.V.

Agendapunt

Team

SCB, PP

Programma

Inlichtingen bij Telefoonnummer E-mailadres

M. Poot en F.J. Oudman 0318-538795, 0318-538797 michel.poot@veenendaal.nl; frederik.oudman@veenendaal.nl

Aan de leden van de raad, Beslispunten 1. Geen wensen en bedenkingen in te brengen tegen het voorgenomen besluit van het college om het publieke belang in de ontwikkeling van warmtenetten in Veenendaal te laten vertegenwoordigen door DEVO Holding B.V. 2. Geen wensen en bedenkingen in te brengen tegen het voorgenomen besluit van het college om DEVO Holding B.V. te verzoeken een publiek belang van meer dan 50% te realiseren bij het ontwikkelen van collectieve warmte-infrastructuur en ten minste doorslaggevende zeggenschap te hebben in de warmtelevering op Het Ambacht. Waarom naar de raad? Naar het oordeel van het college kunnen de voorgenomen besluiten ingrijpende gevolgen hebben voor de gemeente. Het is daarnaast aannemelijk dat als gevolg van de besluiten er te zijner tijd een extra financieringsbehoefte bij DEVO Holding B.V. ontstaat. Gelet op Artikel 169 lid 4 van de Gemeentewet wordt de raad in de gelegenheid gesteld om wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. Samenvatting De Wet Collectieve Warmte (Wcw) die in voorbereiding is en waarvan de inwerkingtreding op 1 januari 2025 wordt verwacht, vraagt om publiek eigenaarschap van warmtenetten (van meer dan 1500 aansluitingen).

Publiek eigenaarschap houdt in dat warmtebedrijven die door gemeente per warmtekavel (aaneengesloten gebied met collectieve warmtelevering) worden aangewezen voor meer dan 50% in publieke handen moeten zijn, met dito zeggenschap, zodat de gemeente daadwerkelijk regie heeft in de warmtetransitie. Dit sluit voor een groot deel aan bij de voorkeursrol van ‘partner’ die is opgenomen in de Transitievisie Warmte 1.0 (TVW 1.0). Als 100% aandeelhouder van DEVO Holding B.V. (DEVO) heeft de gemeente Veenendaal al een warmtebedrijf binnen de gemeente met publiek eigenaarschap. Het ligt voor de hand om DEVO het publieke belang in alle warmtenetten in de gemeente te laten vertegenwoordigen. Het college wil met

Raadsvoorstel van 26 maart 2024, nr. 2151087

dit besluit de publieke rol van DEVO expliciet voor de gehele gemeente laten gelden en niet enkel voor Veenendaal-Oost. Daarmee wordt DEVO het vehikel voor de gemeente om invulling te geven aan de publieke sturing in de nieuwe Wcw en om aan projecten die op de Wcw vooruitlopen alvast een invulling te kunnen geven die aansluit bij de Wcw, waaronder in ieder geval de ontwikkeling van de nieuwe woonwijk Het Ambacht. Inleiding Als gemeente staan we voor een grote opgave om de warmtevoorziening te verduurzamen. Warmtenetten (ook wel genoemd: collectieve warmtesystemen) spelen een belangrijke rol in het bereiken van de doelstellingen. De Wet Collectieve Warmte (Wcw) die in voorbereiding is en waarvan de inwerkingtreding op 1 januari 2025 wordt verwacht, vraagt om publiek eigenaarschap van die warmtenetten. Publiek eigenaarschap houdt in dat warmtebedrijven die door gemeente per warmtekavel worden aangewezen voor meer dan 50% in publieke handen moeten zijn, zodat de gemeente daadwerkelijk regie heeft in de warmtetransitie. Op de beeldvormende avond van 5 maart 2024 bent u geïnformeerd over de Wcw, de betekenis voor Veenendaal en lopende ontwikkelingen. Deze lijn van de Wcw sluit goed aan op de gewenste ‘partnerrol’ die de gemeente op basis van de TVW 1.0 voor zich ziet bij grotere warmtenetten en bij warmtenetten in de bestaande bouw.

Voor decentrale overheden is de Wcw echter ook een nieuwe ontwikkeling die complexe vraagstukken met zich meebrengt: hoe het publiek eigenaarschap vorm te geven? Veenendaal heeft op dit gebied een betere uitgangspositie dan andere gemeenten doordat er al een publiek warmtebedrijf actief is in de gemeente Veenendaal. DEVO levert in de wijken Buurtstede, Veenderij en Groenpoort immers al duurzame collectieve warmte aan (straks) zo’n 3000 woningen. We vinden het daarom logisch om vooruitlopend op de Wcw DEVO alvast het publiek eigenaarschap in warmtenetten te laten vertegenwoordigen. De ontwikkeling van Het Ambacht benoemen we apart vanwege de bijzondere positie qua omvang van deze ontwikkeling en vanwege de planning van de realisatie van woningbouw die vraagt om een duidelijk besluit over de regie op warmte in dit gebied. Maar ook in andere initiatieven, zoals het initiatief van Warmtebedrijf Veenendaal en Veenvesters1 voor een warmtenet binnen de bestaande bouw van Veenendaal, zou DEVO een rol kunnen spelen passend bij de nieuwe Wcw.

Beoogd resultaat Een publiek warmtebedrijf dat actief en slagvaardig kan opereren om bij de ontwikkeling van warmtenetten maximaal maatschappelijk rendement te realiseren. Argumenten 1.1. DEVO heeft de kennis en ervaring om warmtenetten te ontwikkelen én te exploiteren. DEVO is in 2008 opgericht en heeft dus ruim 15 jaar ervaring met warmtenetten in Veenendaal-Oost. Deze kennis is van grote waarde bij de ontwikkeling van collectieve warmtenetten in andere delen van Veenendaal. DEVO heeft specifiek veel technische en bedrijfseconomische kennis op het gebied van all-electric warmtenetten, lagetemperatuursbronnen, hogetemperatuurs warmtepompen en energieopslag in warmte. Deze praktijkkennis sluit goed aan op de aard van de ontwikkelopgave in 1 zie RIB 2023\47129

Raadsvoorstel van 26 maart 2024, nr. 2151087

andere delen van Veenendaal. De gemeente heeft deze kennis niet zelf in huis. Deze kennis is echter van grote waarde om tot economische levensvatbare, duurzame en betrouwbare warmteprojecten te kunnen komen. 1.2. Gemeente Veenendaal is 100% aandeelhouder in DEVO. Als 100% aandeelhouder hebben wij met DEVO al de publieke partij zoals genoemd in de nieuwe Wcw. DEVO kan als lokaal publiek warmtebedrijf snel, slagvaardig en efficiënt opereren. De gemeente heeft als aandeelhouder een directe lijn met DEVO waarmee het een verlengstuk kan zijn voor lokaal beleid – dit in tegenstelling tot andere publieke warmtebedrijven. 1.3 Het tempo van de warmtetransitie vraag om duidelijkheid en slagkracht. Er spelen actuele warmtevraagstukken waarbij het wenselijk is dat DEVO duidelijkheid heeft over welke rol zij kan en mag spelen. Om nieuwe projecten te kunnen ontwikkelen is duidelijkheid nodig over de positie van DEVO. Zo kan de organisatie zo snel mogelijk toegerust worden op deze nieuwe taakstelling – opschalen betekent immers groeien in kennis en capaciteit. DEVO heeft de afgelopen jaren laten zien steeds professioneler en effectiever te kunnen werken en ook deze stap vraagt om een doorontwikkeling van de organisatie.

DEVO zal zelf moeten aangeven wat er nodig is om effectief invulling te geven aan deze taak, maar voor de korte termijn voorziet dit voorstel in middelen om de eerste ontwikkelingen vorm te geven. Zie ‘Aanpak en uitvoering’ voor verdere toelichting. 2.1 De gemeente moet een keuze maken, zodat het ontwikkelperspectief duidelijk wordt. De gemeente Veenendaal heeft als ambitie om Het Ambacht versneld te herontwikkelen tot grootschalige woningbouwlocatie en heeft hiervoor middelen vanuit het Rijk gekregen. Vanwege de ontwikkelsnelheid is nu duidelijkheid nodig welke rol de gemeente hierin wil hebben. Als 100% aandeelhouder zijn we in de gelegenheid om DEVO naar voren te schuiven. Daarmee kunnen we nu al anticiperen op de nieuwe Wcw en geven we ontwikkelaars in een zo vroeg mogelijk stadium duidelijkheid over de ontwikkelrichting van het warmtesysteem. Centrale regie vanuit DEVO biedt daarbij betere kansen om beperkingen vanuit netcongestie te vermijden, bijvoorbeeld door toevoeging van extra centrale energieopslag in het systeem. Daarmee worden risico’s op vertraging van de woningbouw beperkt én de randvoorwaarden geschapen voor een duurzame buurt met een slim en verbonden energiesysteem. 2.2 Verschillende ontwikkelaars werken al aan bouwplannen binnen Het Ambacht waarin samenwerking met private warmtebedrijven verkend wordt.

Op het moment dat het Ontwikkelkader voor Het Ambacht wordt vastgesteld (geagendeerd in de raad op 21 maart 2024) zullen verschillende bouwplannen waarschijnlijk in een stroomversnelling komen. De ontwikkelaars van deze plannen in Het Ambacht (zie kaart) en op naastliggende locaties (waaronder ook Brandmeesters kan worden gerekend) werken aan warmteoplossingen. De gemeente moet op korte termijn als partner / regisseur in dit proces instappen om te voorkomen dat elke ontwikkelaar kiest voor zijn eigen systeem, met verschillende private warmtebedrijven met elk weer eigen technieken en prijsstelling voor consumenten. Ontwikkelaars vragen ook naar concrete stellingname van de gemeente.

Raadsvoorstel van 26 maart 2024, nr. 2151087

Figuur 1: Ligging van projectgebied Het Ambacht. Beslispunt 2 heeft betrekking op het rood gemarkeerde gebied ‘Het Ambacht’.

2.3 Publieke regie op infrastructuur en uniformiteit van tarieven is het minimum voor een samenhangend en toekomstbestendig systeem. In de nieuwe Wcw is minimaal een doorslaggevend belang van een publiek warmte(-net)bedrijf gevraagd in infrastructuur én levering. Gezien de snelle beoogde inwerkingtreding van de Wcw is het wenselijk om op deze minimumeisen van de Wcw voor te sorteren.

Alternatieven Er is op hoofdlijnen een tweetal alternatieven denkbaar: 1. Een nieuwe gemeentelijke uitvoeringsorganisatie voor deelname in warmtenetten oprichten. In dat geval moeten we een soortgelijke organisatie ontwikkelen als DEVO en van de grond af opbouwen. Gevolgen: Er gaat kostbare tijd verloren bij het oprichten van deze organisatie en het zal naar verwachting leiden tot minder efficiënte (want dubbele) aansturing. Voor DEVO moet immers nog steeds invulling gegeven worden aan de gemeentelijke aandeelhoudersrol. De financiële risico’s zijn daarnaast groter omdat een onervaren organisatie gevraagd wordt om complexe projecten te ontwikkelen en te realiseren. 2. Het publieke belang laten invullen door een ander publiek orgaan. Dit zou bijvoorbeeld een (nog op te richten) provinciaal warmtebedrijf kunnen zijn, het landelijk opererende EBN of een aan een netbeheerder gelieerd warmtebedrijf. Gevolgen: Positief van dit alternatief is dat de (directe) financiële risico’s van projecten minder bij de gemeente komen te liggen. Nadeel is dat de gemeente afhankelijk is van deze ‘externe’ publieke partijen en er dus een minder directe aansturing mogelijk is. Daar komt bij dat dit soort publieke warmtebedrijven veelal recent zijn opgericht of nog opgericht moeten worden (bijv.

een eventueel provinciaal warmtebedrijf) en al van veel kanten gevraagd worden om in andere/andersoortige projecten een rol te spelen. Het is de vraag op welke termijn zij voldoende capaciteit zouden kunnen inzetten voor de vraagstukken die in Veenendaal spelen. De kans is groot dat het goed

Raadsvoorstel van 26 maart 2024, nr. 2151087

regelen van het publieke belang (met een ‘externe’ publieke partij) en dit in lijn brengen met gemeentelijke belangen veel tijd gaat vragen. In de tussentijd ligt het dan voor de hand dat private partijen een grotere rol krijgen om warmteoplossingen te realiseren in Veenendaal in aanloop naar de Wcw. Bij invoering van de Wcw zal dit achteraf een grotere belasting met zich meebrengen om bestaande warmtenetten alsnog onder Wcw-regime te brengen. Voor het Ambacht geeft dit extra risico’s op vertragingen (met financiële gevolgen) en/of een warmtesysteem dat niet optimaal is ingericht op het publieke belang. Door nu te besluiten om het publieke belang te laten vertegenwoordigen door DEVO Holding B.V. maken we snelheid en pakken we de regie. Gezien de nog aan te trekken benodigde expertise bij ‘zelf oppakken’ en de wijze waarop DEVO zich heeft ontwikkeld tot een volwaardige energieleverancier zijn wij van mening dat alternatieven op dit moment onvoldoende toevoegen en dat hierbij te veel tijd verloren zou gaan. Hoewel DEVO een kleine organisatie is, heeft de ontwikkeling van DEVO Groenpoort laten zien dat de organisatie de ontwikkeling van een warmtesysteem met deze schaal en techniek kan dragen.

De gemeente heeft als 100% aandeelhouder altijd de mogelijkheid om haar positie en relatie met DEVO op een later moment te heroverwegen en kan daarbij ondermeer inspelen op provinciale initiatieven op dit gebied. Kanttekeningen 1.1. De warmtetransitie staat aan het begin en het is onzeker hoe deze transitie precies vorm zal krijgen. De warmtetransitie is volop in ontwikkeling met steeds nieuwe regels, technieken, kosten, ect. Dit maakt het juist wenselijk dat er een gemeentelijk bedrijf komt dat vanuit de gemeente een duidelijke opdracht meekrijgt om snel en ondernemend in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en zo kansen te realiseren om de warmtetransitie te versnellen met maximale borging van het belang van onze inwoners, bedrijven en instellingen. Door DEVO een duidelijke rol te geven, staan we alvast klaar voor de uitdagingen van de toekomst. 1.2. De Wcw is nog niet vastgesteld of in werking getreden. Dat geeft een bestuurlijke onzekerheid. De contouren van de wet zijn echter duidelijk zichtbaar. De behoefte aan deze nieuwe wet is groot. De warmtewet is bovendien niet controversieel verklaard en in het wetgevingsproces zijn recent nog stappen gemaakt: op 23 november 2023 is het wetsvoorstel voor de nieuwe Warmtewet gepubliceerd.

Bovendien komt de wens om een publiek warmtebedrijf te hebben niet alleen voort uit de nieuwe Wcw: een publiek warmtebedrijf biedt ook de kans om een concrete invulling te geven aan de ‘partnerschapsrol’ in de TVW 1.0. Ook zonder de Wcw is het wenselijk een (meerderheids-) publiek belang te hebben in warmte-infrastructuur. Zo zorgen we er o.a. voor dat ook minder rendabele objecten kunnen worden aangesloten, wanneer dit op basis van gemeentelijke warmteplannen wenselijk is. 1.3. Eerder heeft het college de raad toegezegd om aandacht te besteden aan een exit-strategie voor DEVO, d.w.z. een strategie om DEVO op termijn te verkopen. Gezien de komst van de Wcw staat dit verzoek in een ander daglicht. De nu voorgestelde positie van DEVO gaat uit van het behouden van DEVO als gemeentelijk warmtebedrijf. Op die manier kan DEVO ook daadwerkelijk ingezet worden om het publiek belang zoals bedoeld in de Wcw te vertegenwoordigen.

Raadsvoorstel van 26 maart 2024, nr. 2151087

1.4 Netcongestie brengt onzekerheid met zich mee in welke mate projecten voor 2030 écht van de grond kunnen komen. Punt van aandacht bij de uitrol van nieuwe warmtenetten is de zich nog altijd voortdoende netcongestie. Zoals al meerdere malen in het nieuws is geweest kan de netbeheerder op dit moment onvoldoende tegemoet komen aan de vraag naar stroom (met name op piekmomenten). Het lijkt erop dat het tempo waarop de netcongestie wordt verholpen, bepalend zal zijn voor de voortgang en snelheid die warmtebedrijven (waaronder DEVO) kunnen maken bij de uitrol van warmtenetten. 1.5 De uitbreiding van de taken van DEVO vraagt om doorontwikkeling van de organisatie. Het uitwerken van nieuwe projecten en initiatieven vraagt extra inzet van DEVO (zie ook: Aanpak en uitvoering). Door dit besluit te nemen kan DEVO alvast de organisatie klaar maken voor deze nieuwe rol en indien nodig mensen en middelen aantrekken (zie ook: kosten, baten, dekking). 2.1 Een zoektocht naar een private partner levert niet altijd het gewenste resultaat. Wanneer DEVO een meerderheidsbelang heeft in warmtetransport en levering op Het Ambacht, blijft de vraag over: hoe het minderheidsbelang in te vullen? Daarvoor zal naar verwachting een openbare selectieprocedure gevolgd moeten worden.

Bij het ontwikkelproces van DEVOG is gebleken dat een zoektocht naar een private partij niet altijd het gewenste resultaat oplevert. Er kunnen voordelen zijn (zoals spreiding van risico, binnenhalen kennis) maar ook nadelen (minder gunstige financiering, verschillende visies op de aanpak). Samenwerken is alleen zinvol wanneer dat aantoonbaar van meerwaarde is. Met meer dan 50% van de aandelen als uitgangspunt blijft er een escape om, mocht dit echt nodig zijn, 100% publiek als mogelijkheid verder uit te werken. Participatie Wanneer DEVO specifieke projecten gaat ontwikkelen zal dit aan de orde komen. De participatietrede is daarom 1: informeren over het besluit. Wat betekent dit besluit voor inwoners? Dit besluit betekent dat we ons als gemeente hebben voorbereid op de nieuwe taakstelling voor gemeenten zoals die is opgenomen in de Wcw. Daarnaast verwachten we dat er meer woningen aangesloten kunnen worden op een warmtenet dan wanneer enkel private partijen zich met warmtenetten bezig zouden houden. Woningen die baat hebben bij een warmtenetaansluiting maar daarvoor onder normale omstandigheden relatief veel zouden moeten betalen zouden eerder aangesloten kunnen worden2.

Woningen in Het Ambacht kunnen naar verwachting sneller gebouwd worden doordat er minder hinder is door netcongestie en doordat inefficiënt gebruik van de ondergrond (WKO-systemen) zo veel mogelijk wordt voorkomen. Door een regierol van de gemeente krijgen inwoners meer zekerheid op uniformering van consumententarieven. Aanpak / uitvoering Het Ambacht vormt de eerste concrete casus aan de westzijde van de Rondweg-oost waarop DEVO zich zal richten. Maar er doen zich ook andere initiatieven voor, zoals het initiatief van Warmtebedrijf Veenendaal en Veenvesters. DEVO opereert in dat geval als een zelfstandig (maar publiek) bedrijf. De gemeente controleert via haar aandeelhoudersrol. Met dit besluit heeft DEVO de handen vrij om

2 Uit eerdere analyses (Transitievisie Warmte 0.5) blijkt dat een lagere rendementseis (passend bij

publiek eigenaarschap) kan leiden tot aanzienlijk lagere aansluitkosten op een warmtenet.

Raadsvoorstel van 26 maart 2024, nr. 2151087

kansen te onderkennen en te onderzoeken. Wanneer DEVO een beroep doet op de gemeente voor de financiering van specifieke projecten, is daar een raadsbesluit voor nodig. In eerste instantie leggen we met dit besluit nog niet vast welk aandeel DEVO gaat nemen bij warmteontwikkelingen – enkel dat de ontwikkelingen waar DEVO aan deelneemt passend moeten zijn binnen de nieuwe Wcw. Dit geeft vrijheid om in de komende jaren een rol te nemen die past bij de situatie die voorligt. DEVO kan hiervoor als zelfstandige onderneming voorstellen doen en dit bij de aandeelhouder (gemeente) en RvC neerleggen. De Transitievisie Warmte biedt ruimte om per casus een afweging te maken in de rolkeuze. In die situatie is het echter wel extra van belang om het afwijken van de rolkeuze als ‘partner’ (in het licht van de Wcw: een privaat minderheidsaandeel bij nieuwe ontwikkelingen) goed te beargumenteren. Redenen om af te wijken zouden kunnen zijn: • niet kunnen vinden van een geschikte partner; • hoge maatschappelijke en eindgebruikerskosten door aangaan van partnerschap; • procesvertragingen die op andere vlakken tot aanzienlijke (financiële) risico’s voor de gemeente leiden. Communicatie over dit besluit Het gemeentelijke warmtebedrijf DEVO is tot nu toe alleen actief in nieuwbouwwijk Veenendaal-Oost. Daar worden straks zo’n 3000 woningen van duurzame warmte en koude voorzien.

Nieuwe wetgeving vanuit de landelijke overheid – de Wet collectieve warmte - schrijft voor dat de gemeente vanaf 2025 aandeelhouder wordt in álle nieuwe warmtenetten in Veenendaal. Bijvoorbeeld door samen met een commercieel bedrijf een warmtenet te ontwikkelen. Het college wil DEVO nu ook ‘aan de andere kant van de Rondweg-oost’ de gelegenheid geven om warmtenetten te gaan ontwikkelen, waar en wanneer dat nodig is. Daarmee is Veenendaal alvast klaar voor de nieuwe landelijke wet- en regelgeving. Het Ambacht heeft hierbij nu prioriteit, omdat daar op korte termijn veel nieuwe woningen moeten komen en een warmtenet hiervoor de beste optie is. De raad wordt gevraagd of er wensen en bedenkingen zijn bij dit voornemen van het college. Evaluatie Evaluatie vindt plaats via het jaarlijks informeren van de raad over de stand van zaken bij DEVO. Kosten, baten, dekking Het verbreden van de taakstelling van DEVO heeft alleen zin, wanneer er op holdingniveau middelen vrij zijn om projecten te kunnen ontwikkelen van idee naar een volwaardig project met bijbehorende financiering. Op dit moment zijn deze financiële middelen op het niveau van de holding zeer beperkt. We zien twee fasen voor ons in het proces van het ontwikkelen van warmteprojecten met een eigen vorm van financiering: Fase 1: ontwikkelen van idee/lead naar een project- en financieringsvoorstel.

In de voorfase van een project verkent DEVO in afstemming met de aandeelhouder (gemeente) de haalbaarheid van ideeën en initiatieven die langskomen. Aan fase 1 komt een eind als er een besluit nodig is over financiering van het project zelf. Wanneer DEVO geheel zelfstandig externe financiering kan verkrijgen kan de directie van DEVO hier

Raadsvoorstel van 26 maart 2024, nr. 2151087

zelfstandig over beslissen. Het is echter te verwachten dat voor nieuwe warmteprojecten een financiële bijdrage van de gemeente nodig is (bijvoorbeeld in de vorm van een borgstelling). Er zal dan een voorstel gedaan worden aan de raad. Vanuit het programma Energieneutraal Veenendaal is 200.000 euro beschikbaar gemaakt om de komende 2 jaar de inzet van DEVO in fase 1 te ondersteunen. Specifiek voor Het Ambacht wordt gekeken naar een vorm van voorfinanciering vanuit de grondexploitatie.

Fase 2: ontwikkelen van een gefinancierd project

Wanneer er financiering is voor een specifiek warmteproject, kan DEVO Holding een aparte B.V. oprichten voor dat project (of het project onderbrengen binnen een B.V. met soortgelijke projecten). De raad wordt vervolgens, in lijn met de huidige gang van zaken rondom warmteprojecten in Veenendaal-Oost, op de hoogte gehouden van de voortgang.

Burgemeester en wethouders,

mevrouw drs. S.M. Deelstra secretaris

de heer K.J.G. Kats burgemeester

Bijlagen 1. Collegebesluit "Invulling publiek belang warmtenetten door DEVO Holding B.V.”

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14073269/1