CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Consultatie BUP Dragonder-oost en De Faktorij en De Vendel

Raadscommissie 6 september 2022, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Consultatie over aanpak buurtuitvoeringsplannen Dragonder-oost en De Faktorij en De Vendel2.394 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Documentnummer Aan

2022\41071 Gemeenteraad

Kopie aan

Van

College van B&W

Datum

22 juni 2022 Consultatie over aanpak buurtuitvoeringsplannen Dragonder-oost en De Faktorij en De Vendel

Onderwerp

Telefoonnummer

0318-538797

Inleiding In raadsinformatiebrief 2022/40272 is de raad geïnformeerd over twee ‘buurtuitvoeringsplannen’: één voor De Faktorij en De Vendel en één voor Dragonder-oost. Het opstellen van deze buurtuitvoeringsplannen (BUP) is één van de uitwerkingen van de Transitievisie Warmte 1.0 en het Programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-2025, die op 16 december 2021 door de raad zijn vastgesteld. Het doel van het buurtuitvoeringsplan is het ontwikkelen van een gedragen plan en aanpak om een buurt op termijn geheel aardgasvrij te kunnen maken. Daarvoor gelden als kaders enerzijds de landelijke einddatum voor het gebruik van aardgas in de gebouwde omgeving (2050) en anderzijds de tussendoelen die in de Transitievisie Warmte 1.0 gesteld zijn voor Veenendaal in 2030 (o.a. een gemiddelde afname van het aardgasgebruik met 40% (t.o.v. 2019) in de buurten waarvoor een buurtuitvoeringsplan wordt opgesteld). Voor meer informatie over de start van deze twee buurtuitvoeringsplannen: zie de desbetreffende raadsinformatiebrief, die ook als bijlage is toegevoegd aan deze consultatiememo. Consultatievragen 1. Welke aandachtspunten wilt u meegeven voor het participatieproces? 2. Onderschrijft u dat het wenselijk is om, waar het proces daarom vraagt, een subsidieregeling in te stellen waarmee een beperkt aantal koplopers gestimuleerd wordt om versneld van het aardgas te laten gaan? 3.

Is de geschetste wijze waarop de raad betrokken gaat worden bij het proces van de totstandkoming van de buurtuitvoeringsplannen naar uw idee voldoende doeltreffend? Zo niet, welke suggesties wilt u hiervoor doen? Waarom consulteren? De uitvoering van de Transitievisie Warmte 1.0 -en dus ook het proces van het totstandkoming en uitvoering van de buurtuitvoeringsplannen- is geregeld in het Programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-2025. De raad heeft daarmee de budgetten vrijgemaakt en de kaders meegegeven. Aangezien de transitie naar aardgasvrije buurten aanzienlijke ingrepen en investeringen vraagt, is het verstandig de raad nu al te consulteren met betrekking tot de belangrijkste huidige uitgangspunten en het participatietraject dat wordt voorzien. Des te meer omdat dit de eerste buurtuitvoeringsplannen zijn die in Veenendaal worden opgesteld en omdat deze plannen uiteindelijk verregaande gevolgen hebben voor bewoners. In deze consultatiememo is een aantal vragen opgenomen aan de raad om

Raadhuisplein 1 • 3901 GA Veenendaal • Postbus 1100 • 3900 BC Veenendaal Tel. (0318) 538 538 • Fax (0318) 510 414 • www.veenendaal.nl • www.veenendaal.nl/vraag

het draagvlak van de huidige aanpak te toetsen. Ook vindt het college het belangrijk dat de gemeenteraad voldoende op de hoogte is van de processen die zich gaan afspelen in Dragonder-oost en De Faktorij en De Vendel, omdat dit trajecten zijn die een direct beroep doen op inwoners en bedrijven om hun woning c.q. pand aan te passen – en daarin investeringen te doen. Als gemeente is dit de eerste keer dat we een buurtuitvoeringsplan opstellen en vanuit andere gemeenten weten we dat dit veel kan losmaken bij inwoners. Door de raad vroegtijdig te betrekken willen we zorgen dat we met een zo goed mogelijke en breed gedragen aanpak aan de slag gaan. Hieronder is een aantal thema’s benoemd waarover we de raad willen bevragen:

1. Niveau en inrichting van participatie inwoners en bedrijven In de Transitievisie Warmte 1.0 is het uitgangspunt voor participatie, dat er maatwerk geleverd wordt per buurt of wijk. Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat per buurt een andere ‘trede’ op de participatietrap wordt gekozen. Zie hiervoor onderstaande afbeelding met de vier ‘tredes’ van participatie zoals gedefinieerd door SIR en zoals toegepast in het Veens stappenplan participatie.

Ook met de huidige inzichten n.a.v. het inmiddels doorlopen traject in de beide buurten, lijkt het nog steeds zinvol om per gebied maatwerk te leveren. In De Faktorij en De Vendel is bijvoorbeeld een meer zakelijke aanpak gewenst, waarbij de tijd van ondernemers beperkt is en waar het voor kunnen rekenen van de kosten en technieken belangrijk is voor de mate van draagvlak. Ondernemers geven in de regel dan ook aan niet zozeer betrokken te hoeven zijn bij de uitwerking van de plannen, maar wensen wel een concreet handelingsperspectief – en ze willen goed geïnformeerd worden over zaken die de continuïteit van hun bedrijf kunnen beïnvloeden. De insteek voor De Faktorij en De Vendel is daarom op dit moment om individuele bedrijven te raadplegen d.m.v. inventariseren. De samenwerking met de Bedrijvenkring Ondernemend Veenendaal (BOV) in dit proces heeft dan weer het karakter van samen doen, waarbij de BOV de belangen van de bedrijven vertegenwoordigd en de kennis, capaciteit en betrokkenheid heeft om actief samen te werken aan een goed plan voor dit bedrijventerrein. Bij de bewoners in Dragonder-oost ligt de focus meer op het gezamenlijk ontwikkelen van een goed plan, in samenspraak en samenwerking met de bewoners.

Er zijn hier immers veel particuliere woningeigenaren en er lijken al veel bewoners te zijn die open staan voor verduurzaming van hun woning en die een bijdrage willen leveren aan aardgasbesparing in de buurt. We denken dat dit voldoende voedingsbodem biedt om aan de bewoners zelf voor te leggen hoe ze de samenwerking en hun bijdrage aan de planvorming willen vormgeven. Door zo'n dialoog dragen ze bij aan verdieping over de manier van participeren. Dit kan veranderen als de eerste gesprekken1 zijn afgerond en er een beeld is hoe breed onder de bewoners de wens is om het traject in te steken op dit vlak.

1 Denk aan gesprekken op een informatiemarkt, en met een meedenkgroep en een koplopersgroep

2

Voor zowel Dragonder-oost als de Faktorij en De Vendel geldt dat we bereid zijn om de participatieaanpak bij te stellen, wanneer gedurende het traject uit gesprekken met de bewoners en bedrijven blijkt dat er een (breed gedeelde) wens is om voor een andere aanpak te kiezen.

2. Mate en wijze van financiële ondersteuning bewoners en bedrijven In raadsinformatiebrief 2022/40272 is ondermeer aangegeven dat het college het belangrijk vindt dat er in De Faktorij en De Vendel en Dragonder-oost alvast een begin wordt gemaakt met de uitvoering van maatregelen, door kopers. Om dit te stimuleren is het voornemen om een aanzienlijk deel van de middelen die binnen het programma Energieneutraal Veenendaal gereserveerd zijn voor de buurtuitvoeringsplannen, te steken in activiteiten die direct de uitvoering van warmtetransitiemaatregelen stimuleren. Per buurt wordt dit verschillend vormgegeven. Nu het Rijk de aanvraag voor een ‘proeftuinsubsidie’ van 4,2 miljoen euro voor De Faktorij en De Vendel heeft afgewezen, is het niet mogelijk om grootschalig de onrendabele top van investeringen af te dekken. Daarbij speelt mee dat investeringen in bedrijfspanden in absolute zin vaak groter zijn dan bij woningen. Zodat het mede financieren van enkel pilotprojecten voor de gemeente al snel te kostbaar zou zijn. Waar er echter veel mee te winnen is, is een goed advies aan bedrijven wat de kosten en de terugverdientijd zijn van maatregelen om aardgasvrij te worden.

Om dit te faciliteren is inmiddels een aanbesteding gestart waarbij bedrijven tegen een zeer gunstig tarief een uitgebreide energiescan krijgen, waarin de maatregelen richting een aardgasvrije bedrijfsvoering centraal staan en een businesscase wordt doorgerekend. De ‘bijvangst’ van dit adviestraject is dat we als gemeente meer inzicht krijgen in de kosten van het verduurzamen van diverse utiliteitsgebouwen. Naar verwachting kan voor dit traject in 2022 tot en met 2024 zo’n 160.000 euro worden vrijgemaakt (uitgaand van cofinanciering van 50% door de provincie Utrecht). We verwachten dat dit voldoende is om alle bedrijven op het terrein die op dit moment bereid zijn de businesscase voor aardgasvrij verder uit te werken, met dit onderzoekstraject te kunnen faciliteren. Voor de bewoners van de 34 woningen in dit gebied biedt het Energieloket al ondersteuning en advies. Voor Dragonder-oost is het voornemen om een subsidieregeling voor koplopers te laten vaststellen. Inwoners kunnen op dit moment al van advies worden voorzien door het Trefpunt #duurzaam en het Energieloket. Een grote opgave is echter om uit te zoeken welke van de meerdere alternatieven voor aardgas verstandig is om op grote schaal in de wijk te gaan toepassen. Hiervoor zijn praktijkervaringen nodig hoe deze technieken in te passen zijn in de (moderne) woningen in deze wijk.

Denk daarbij aan aspecten als: hoe kunnen we geluidshinder door warmtepompen zo veel mogelijk beperken en hoe zorgen we voor een minimale impact op het elektriciteitsnet. Met de opgedane praktijkkennis zou het buurtuitvoeringsplan bovendien beter aansluiten op de realiteit in de buurt. Op dit moment is het idee om een aantal technieken te selecteren en daarvan in een subsidieregeling vast te leggen voor hoeveel woningen per techniek er subsidie mogelijk is. Als tegenprestatie zou de ontvanger dan kennis moeten delen met de gemeente en buurtbewoners. Daarbij denken we aan een subsidiepot van ong. 20.000 - 40.000 euro in 2023, zodat er voor zo’n 10 woningen in de wijk extra (uitvoerings-)subsidie beschikbaar komt, bovenop de bestaande subsidies van de Rijksoverheid. Voorbeelden van technieken die we zouden kunnen stimuleren zijn: - Rijtje van ong. 4 woningen op een kleincollectief bodemwarmtesysteem - PVT-verwarmingssysteem (combinatie van zonneboiler, zonnepaneel en warmtepomp)

3

-

Innovatieve lucht-water warmtepompen met lage geluidsproductie (bijv. zonder buitenunit of met schoorsteenvormige buitenunit) - All electric zonder warmtepomp met bijv. elektrische boilers i.c.m. infrarood of elektrische ruimteverwarming. Dit kan bijv. een optie zijn in energiezuinige kleine appartementen. Deze technieken zijn kleinschalig uit te testen. Door met een subsidieregeling een stimulans te bieden, verwachten we extra kennis op te doen, bewustwording in de wijk te vergroten én aardgas te besparen. 3. Betrokkenheid van de raad bij het traject van het opstellen en uitvoeren van een buurtuitvoeringsplan De raad heeft met het vaststellen van het Programmaplan Energieneutraal Veenendaal 2022-2025 en de Transitievisie Warmte 1.0 duidelijke kaders meegegeven waarbinnen het opstellen van de buurtuitvoeringsplannen vormgegeven kan worden. Daarnaast zal de raad de buurtuitvoeringsplannen vaststellen. Het college wil de raad de gelegenheid geven om in de periode tot het vaststellen van de eerste buurtuitvoeringsplannen op enkele momenten kennis te nemen van de ontwikkeling van de buurtuitvoeringsplannen en daarmee een beeld te vormen van de gemeentelijke aanpak en de maatschappelijke impact van het planvormingstraject.

Het college stelt hiervoor de volgende momenten voor (aanvullend op de reguliere informatiecycli zoals de bestuursrapportages en de jaarlijkse raadsinformatiebrief over de stand van zaken van het Programma Energieneutraal Veenendaal): •

• •

Een jaarlijkse beeldvormende avond over de stand van zaken rondom opstellen en de uitvoering van de buurtuitvoeringsplannen. Dit kan aangevuld worden met andere actuele ontwikkelingen vanuit het Programma Energieneutraal Veenendaal. Tijdens de avond is er aandacht voor de dilemma’s die er zijn rondom het verduurzamen van Veenendaal. Daarbij willen we de raad uitnodigen om een (niet-politieke) dialoog aan te gaan over een wenselijke aanpak van deze dilemma’s. De eerste avond kan in het najaar van 2022 ingepland worden. Een werkbezoek aan de twee eerste BUP-buurten, met bijv. gesprek met bewoners, bedrijven, corporatie, netbeheerder en de BOV (1e helft 2023). Uitnodiging om één of meerdere informatieavond/-avonden voor bewoners en/of bedrijven bij te wonen (2023).

Mogelijke alternatieve uitgangspunten 1. Niveau en inrichting van participatie inwoners en bedrijven Een meer gelijkvormige participatiepak is het alternatief voor de voorgestelde maatwerkaanpak. Dit zou als voordeel hebben dat bewoners en bedrijven altijd op dezelfde wijze benaderd worden en er dus nooit sprake kan zijn van benadeling. Het college vindt een uniforme participatieaanpak op dit moment niet zinvol, omdat er nog weinig ervaring is opgedaan met de buurtuitvoeringsplannen, wat het lastig maakt om op dit moment een effectieve uniforme aanpak te ontwikkelen. Daarnaast lijkt er een dermate groot verschil te bestaan tussen de verschillende buurten, o.a. wat betreft doelgroepen, type eigenaren en type impact van de

4

mogelijke technische warmteoplossingen, dat een uniforme aanpak naar verwachting minder effectief is dan maatwerk. 2. Mate en wijze van financiële ondersteuning bewoners en bedrijven Een alternatief is om enkel gebruik te maken van landelijke subsidies en om dus geen lokale financiële regelingen te treffen. In dat geval blijft de rol van de gemeente beperkt tot puur de planvorming en organisatie van het participatietraject. Daarmee is er ook geen kans dat een regeling oneerlijk uitwerkt en dat er mensen achter het net vissen – een risico wat bijvoorbeeld bestaat bij de voorgestelde regeling voor Dragonder-oost. Het college is van mening dat de gemeente geen grootschalige subsidies zou moeten geven voor uitvoeringsmaatregelen en dat de landelijke regelingen hiervoor op dit moment een goede stimulans blijken te zijn. Echter ziet het college er ook de waarde van in om lokaal bij te dragen aan innovatieve oplossingen die de kennis vergroten over wat wel en wat niet goede energieoplossingen zijn, passend in de buurt en de woningen. De toegevoegde waarde van het opdoen van praktijkervaring is groot, mede omdat het bijdraagt bij aan de zichtbaarheid van de warmtetransitie in de buurt. Situationeel kan een speciale regeling voor koplopers (zoals in Dragonder-oost) daarom een effectief instrument zijn.

Dat daarbij verschillen tussen bewoners binnen de buurt ontstaat is onvermijdelijk, maar valt wel uit te leggen. De koplopers die gebruik maken van de regeling lopen immers meer risico door de nieuwe technieken als eerste voor de buurt ‘uit te testen’. Ook is de bedoeling om deelnemers aan de regeling een tegenprestatie te vragen, zoals het delen van kennis met buurtbewoners en de woning/installatie beschikbaar stellen voor bezichtiging. 3. Betrokkenheid van de raad bij het traject van het opstellen en uitvoeren van een buurtuitvoeringsplan Het alternatief is om de kaderstellende rol van de raad te beperken tot het échte beslismoment: het wel of niet vaststellen van de buurtuitvoeringsplannen. Het college ziet deze eerste twee buurtuitvoeringsplannen als een nieuwe ontwikkeling, waarbij er nog de nodige ervaring moet worden opgedaan met wat een goede aanpak is. Mede daarom vindt het college het wenselijk dat raadsleden de gelegenheid krijgen om zich de komende tijd meer te verdiepen wat deze buurtuitvoeringsplannen voor bewoners betekenen en hier een beeld van te vormen, zodat op termijn een goede inhoudelijke discussie gevoerd kan worden bij het vaststellen van de buurtuitvoeringsplannen voor Dragonder-oost en De Faktorij en De Vendel.

In het raadsvoorstel bij de Transitievisie Warmte 1.0 is aangegeven dat er na vaststelling van de eerste buurtuitvoeringsplannen een evaluatie met de raad wordt gehouden. Daarbij kan ook een heroverweging horen hoe de betrokkenheid van de raad bij dergelijke trajecten na 2024 vormgegeven zou moeten worden. Bijlage: Raadsinformatiebrief 2022/40272 d.d. 11-05-2022

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11742070/2