CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Aangaan publiek-private samenwerking warmtevoorziening Groenpoort - raadsvoorstel

Gemeenteraad 18 februari 2021, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Aangaan publiek-private samenwerking warmtevoorziening Groenpoort6.461 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Raad Voorstelnummer Datum Onderwerp

Programma

Inlichtingen bij Telefoonnummer E-mailadres

18 februari 2021 1787840 26 januari 2021 Aangaan publiek-private samenwerking warmtevoorziening Groenpoort Fysieke leefomgeving

Agendapunt

Afdeling

Afdeling Strategie

J. Mulder (0318) 538355 johan.mulder@veenendaal.nl

Aan de leden van de raad, Beslispunten 1. De aanleg en exploitatie van het collectieve systeem voor de levering van warmte en koeling in Groenpoort door middel van een publiek-private samenwerking te realiseren, waarbij de deelneming van de gemeente 50% bedraagt. 2. Binnen een nader te bepalen termijn na de start van de feitelijke levering van warmte en koeling in Groenpoort de deelneming van de gemeente te heroverwegen. 3. De kosten van het voorbereiden en uitvoeren van de aanbestedingsprocedure te betrekken bij de eerste bestuursrapportage 2021. Waarom naar de raad? Dit raadsvoorstel heeft betrekking op het deelnemen van de gemeente in een publiek-private samenwerking voor de aanleg en exploitatie van een collectief systeem voor de levering van warmte en koeling in Groenpoort. Op grond van artikel 160, lid 2, van de Gemeentewet dient de raad een ontwerpbesluit te worden toegezonden en dient de raad in de gelegenheid te worden gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. Vanwege de financiële en maatschappelijke belangen die aan dit onderwerp zijn verbonden, leggen wij het aangaan van een publiek-private samenwerking via dit voorstel aan u voor, alvorens wij een besluit tot het oprichten en deelnemen in een nieuwe vennootschap nemen.

Samenvatting In dit raadsvoorstel gaat het over de rol van de gemeente inzake de levering van warmte en koeling in de wijk Groenpoort. Voorgesteld wordt de aanleg en exploitatie van het collectieve systeem voor de levering van warmte en koeling in Groenpoort door middel van een publiek-private samenwerking te realiseren. De omvang van de deelneming door de gemeente in een publiek-private samenwerking is een zelfstandige afweging. Wij stellen voor de gemeente voor 50% in de op te richten vennootschap te laten deelnemen. Het voornemen is dat de private partner eveneens voor 50% deelneemt. De rol van de gemeente in de energietransitie is in de kern een afweging tussen de zeggenschap van de gemeente, het financiële risico dat de gemeente kan lopen en de belangen van de consument. De directe zeggenschap van de gemeente als medeaandeelhouder in het warmtebedrijf voor Groenpoort in plaats van een indirecte zeggenschap door middel van een contractuele sturing op een concessieovereenkomst is voor ons college doorslaggevend om het aangaan van een publiek-private samenwerking voor te stellen. Het gaat dan om: de behartiging van de belangen op het terrein van de duurzaamheid, de invloed op de strategische keuzes van het warmtebedrijf, de invloed op de betaalbaarheid van de tarieven en het bewerkstelligen van bewonersparticipatie. Een dergelijke

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

samenwerking kan de consument meer vertrouwen geven met betrekking tot de leveringszekerheid van warmte en van koude en met betrekking tot de betaalbaarheid van de tarieven. Wij realiseren ons dat aan het aangaan van een publiek-private samenwerking financiële risico’s voor de gemeente kunnen zijn verbonden. Voor wat betreft de afwegingen over de rol van de gemeente verwijzen wij u ook naar de presentatie, die tijdens de informatieavond van 11 januari 2021 is gegeven. Het is gewenst de deelneming van de gemeente op enig moment na de start van de feitelijke levering van warmte en koeling in Groenpoort te heroverwegen. Wij stellen voor thans geen exacte termijn voor het moment van deze heroverweging vast te stellen, maar dat moment op basis van de in dit voorstel genoemde aspecten in een latere fase te bepalen. In dit raadsvoorstel worden twee alternatieven geschetst. Die alternatieven zijn: (A) een privaat warmtebedrijf - de gemeente laat de aanleg en exploitatie van het warmtenet volledig aan een private marktpartij over; (B) een publiek warmtebedrijf - de gemeente wordt 100% aandeelhouder van het warmtebedrijf. Inleiding Voorafgaand aan dit raadsvoorstel is een uitvoerig proces doorlopen om tot besluitvorming over dit onderwerp te komen. Voor een overzicht van de processtappen verwijzen wij u naar bijlage 1 bij dit raadsvoorstel.

Op 26 november 2020 heeft de gemeenteraad ingestemd met het voornemen van het college medewerking te verlenen aan een collectief systeem voor de levering van warmte en koeling in Groenpoort. Tevens is in genoemde vergadering een amendement aangenomen om uiterlijk in februari 2021 in de vorm van een raadsvoorstel selectiecriteria – voortaan te noemen: keuzecriteria – aan de gemeenteraad voor te leggen op grond waarvan een besluit wordt genomen over de rol van de gemeente. Volgens het amendement gaat het daarbij om een keuze tussen een publiek-private samenwerking met een eigendomsverhouding van 50%/50% of een volledig privaat warmtebedrijf. In beide varianten is het van belang dat een maximale synergie met DEVO, de warmteleverancier in Buurtstede en Veenderij, tot stand komt. In het genoemde amendement is een aantal keuzecriteria opgenomen, dat bij de besluitvorming over de rol van de gemeente als leidraad kan dienen. De criteria in het amendement hebben wij in vier categorieën gerangschikt, te weten: duurzaamheid, financiële risico’s gemeente, strategie van het warmtebedrijf en de belangen van de consument. Voor de indeling van de keuzecriteria in deze vier categorieën verwijzen wij naar bijlage 2 bij dit raadsvoorstel. De onderlinge weging van deze criteria is een politieke keuze. Tijdens de informatieavond van 11 januari jl.

is door een aantal fracties aandacht gevraagd voor het Deens model. In de tabel in bijlage 3 hebben wij de hoofdkenmerken van het Deens model samengevat. Wij achten het niet realistisch het Deens model in de volle omvang in de wijk Groenpoort in te voeren. Alhoewel het Deens model niet één-op-één naar de Veenendaalse situatie is te vertalen, willen wij ons inzetten om bepaalde aspecten van dat model in Groenpoort in te voeren. Op grond van een analyse van de hoofdkenmerken van het Deens model komen de volgende elementen naar onze mening in aanmerking: een sterke betrokkenheid van de inwoners in de wijk, transparantie van de tarieven en betaalbaarheid van de tarieven. De planning van de gebiedsontwikkeling van Groenpoort noodzaakt tot het nemen van een besluit over de rol van de gemeente in de raad van 18 februari 2021. Medio 2021 dient door het Ontwikkelingsbedrijf Veenendaal-Oost een startdocument voor de opstalontwikkeling in Groenpoort te worden vastgesteld. In dat contractdocument met ontwikkelaars worden de technische eisen voor de ontwikkeling van de woningen in de nieuwe wijk beschreven. In dat document worden ook de technische eisen voor de duurzaamheid opgenomen.

Om dat document tijdig gereed te hebben, dient binnenkort door het ontwikkelingsbedrijf te worden gestart met de engineering van het technische concept, waaronder de technische eisen voor de levering van warmte en koeling in de woningen.

2

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

Medio 2022 start het bouwrijp maken van de eerste fase van de woningbouw, inclusief het aanleggen van de eerste fase van het collectieve warmtenet. Begin 2023 dient te worden begonnen met de bouw van het energiehuis. Medio 2023 staat de uitgifte van de eerste bouwrijpe kavels voor de woningbouw en de start van de bouw van de woningen gepland. Medio 2024 staat de oplevering en bewoning van de eerste woningen in Groenpoort gepland. Vanaf dat moment dient daadwerkelijk de levering van warmte en koeling door het warmtebedrijf Groenpoort plaats te vinden. Beoogd resultaat Duidelijkheid over de rol van de gemeente inzake de warmtevoorziening in Groenpoort. Argumenten 1.1 De deelneming biedt de gemeente de mogelijkheid directe invloed op de visie op het duurzaamheidsbeleid van het warmtebedrijf uit te oefenen De gemeente heeft als ambitie de wijk Groenpoort als energieneutrale wijk te realiseren, waarbij gedurende een gemiddeld jaar, minstens zoveel energie op wijkniveau wordt opgewekt als door de wijk wordt verbruikt aan gebruikers- en gebouwgebonden energie. Deze ambitie is op zichzelf geen onderscheidend keuzecriterium, omdat het realiseren van deze ambitie zowel bij een publiek-private samenwerking als bij een volledig privaat warmtebedrijf als uitgangspunt geldt. Het onderscheidende element betreft de wijze waarop de gemeente op het realiseren van deze ambitie wil sturen.

Door als gemeente deel te nemen in een publiek-private samenwerking kan de gemeente in de rol als medeaandeelhouder rechtstreeks sturen op de visie van het warmtebedrijf op de duurzaamheid, zowel op de kortere termijn als op de langere termijn. Dat is niet alleen van belang voor het realiseren van de duurzaamheidsambities in Groenpoort, maar ook voor de energietransitie in een deel van de bestaande bebouwing. De ontwikkelingen op het terrein van de duurzaamheid schrijden voort. Een publiek-private samenwerking biedt de gemeente als medeaandeelhouder van het warmtebedrijf meer flexibiliteit om in de toekomst aan de nieuwe inzichten op het terrein van de duurzaamheid te voldoen. 1.2 De deelneming biedt de gemeente de mogelijkheid directe invloed op de strategie van het warmtebedrijf uit te oefenen De energietransitie is een opgave die een groot aantal jaren in beslag neemt. Het warmtebedrijf is één van de belangrijke stakeholders om de transitie tot een succes te maken. Door de deelneming laat de gemeente aan zowel marktpartijen als aan de consument zien dat de gemeente een bijdrage aan de realisatie van de opgave levert en dat zij daarin haar verantwoordelijkheid neemt. In het kader van de energietransitie is het belangrijk welke strategische keuzes door het warmtebedrijf inzake haar positie in de warmtesector worden gemaakt.

De gemeente heeft belang bij die keuzes, die uiteraard door de onderneming worden gemaakt. Een publiek-private samenwerking biedt de gemeente als medeaandeelhouder de mogelijkheid rechtstreeks invloed uit te oefenen bij het bepalen van die keuzes. 1.3 De deelneming door de gemeente biedt meerwaarde inzake de energietransitie van de bestaande bebouwing Door middel van een gefaseerde aanpak zal tot een aardgasvrije gebouwde omgeving in de bestaande stad worden gekomen. Voor een deel van de bestaande bebouwing zal naar verwachting in het kader van de energietransitie een warmtenet een goede oplossing kunnen bieden. Voor een indicatie van deze gebieden verwijzen wij u naar de door de raad vastgestelde Transitievisie Warmte 0.1. Op grond van het concept van de nieuwe Warmtewet stelt de gemeente een gebied vast, dat voor een collectief warmtesysteem in aanmerking komt. Dat zijn de zogenaamde warmtekavels. Binnen zo‘n warmtekavel wijst het college van burgemeester en wethouders via een aanwijzingsprocedure een warmtebedrijf aan, die de warmte en koeling in dat gebied mag leveren. Ook het warmtebedrijf Groenpoort kan te zijner tijd aan een dergelijke aanwijzingsprocedure meedoen. De bereidheid van het warmtebedrijf om op langere termijn ook in andere wijken in Veenendaal warmte en koeling te willen leveren zal naar verwachting sterk afhankelijk zijn van de financiële haalbaarheid.

Die afweging zal door het warmtebedrijf steeds per warmtekavel worden gemaakt. Het deelnemen in een publiek-private samenwerking geeft de gemeente als 3

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

medeaandeelhouder de mogelijkheid invloed uit te oefenen om aan een aanwijzingsprocedure voor een warmtekavel mee te doen en derhalve voor aanwijzing als warmtebedrijf in andere delen van Veenendaal in aanmerking te komen. De energietransitie vereist een samenspel tussen de verschillende stakeholders. Uit ervaringen van andere gemeenten blijkt dat de rol van de gemeente bij de energietransitie van groot belang is. Het partnerschap in een publiek-private samenwerking biedt naar onze mening meer kansen om initiatieven te realiseren en adequaat in te spelen op ontwikkelingen, die zich lopende dergelijke trajecten voor doen. In dit verband verwijzen wij u ook naar de informatie, die tijdens de informatieavond van 11 november jl. is verstrekt. Tevens kunnen leerervaringen worden opgedaan waarmee de gemeente en andere betrokken partijen in een volgende fase hun voordeel kunnen doen. 1.4 De gemeente kan rechtstreeks sturing geven aan het realiseren van maximale synergie met DEVO DEVO heeft kennis en expertise van warmtenetten en heeft als lokale onderneming een ruim aantal jaren ervaring met de levering van warmte en koeling in Buurtstede. Tevens levert de onderneming warmte en koeling in Veenderij. Het is van belang dat de positie van de onderneming in de lokale warmtesector wordt versterkt.

Dat heeft naar verwachting een gunstig effect op de ontwikkeling van de waarde van de aandelen van de onderneming. In het aanbestedingsdocument vragen wij naar de visie van marktpartijen op de samenwerking met DEVO. Daarbij kan zoal worden gedacht aan kennisuitwisseling, samenwerking op het terrein van de aansturing van beide warmtebedrijven, operationele samenwerking op het terrein van service en klantencontacten alsmede het bereiken van kostenefficiëntie. Indien de gemeente medeaandeelhouder van het warmtebedrijf voor Groenpoort wordt, is de gemeente in de positie om samen met de andere aandeelhouder een maximale synergie tussen de huidige activiteiten van DEVO en de activiteiten van het nieuwe warmtebedrijf voor Groenpoort te bewerkstelligen. 1.5 Bij deelneming van de gemeente in een publiek-private samenwerking heeft de gemeente doorlopend invloed op de hoogte en op de transparantie van de tarieven van het warmtebedrijf De huidige tariefregulering voor warmtebedrijven (NMDA – Niet Meer Dan Anders) is gebaseerd op een referentie met de prijs van aardgas. In het concept van de nieuwe Warmtewet wordt ter bescherming van de belangen van de consument de regulering van de tarieven gehandhaafd, maar wordt gefaseerd een overgang naar een kostengeoriënteerde regulering gemaakt: het “kostprijs-plusmodel”.

Dat gaat waarschijnlijk betekenen dat elk warmtebedrijf op zijn eigen merites zal worden beoordeeld en dat de uiteindelijke tariefstelling afhankelijk zal zijn van de kostenstructuur van de onderneming. Een warmtebedrijf mag naar verwachting een beperkt rendement maken dat voldoende dient te zijn voor de continuïteit van de onderneming en voor het uitkeren van een beperkt dividend aan de aandeelhouders. De concrete invulling van het “kostprijs-plus-model” heeft nog niet plaatsgevonden. Met de landelijke regelgeving is er in de basis duidelijkheid voor de consument over de totstandkoming van de tarieven van warmtebedrijven. Als gevolg van een gefaseerde overgang naar een kostengeoriënteerde regulering komt er een sterke afhankelijkheid tussen de kosten en het tarief van het desbetreffende warmtebedrijf. De deelneming in een publiek-private samenwerking biedt de gemeente als medeaandeelhouder de mogelijkheid doorlopend invloed uit te oefenen op de ontwikkeling van de kosten en op het financiële rendement van het warmtebedrijf en daarmee op de betaalbaarheid van de tarieven. Dat kunnen we illustreren met de tarieven van het warmtebedrijf DEVO. De variabele tarieven van deze onderneming liggen 5% lager dan de maximumprijs voor de levering van warmte, die de Autoriteit Consument en Markt thans jaarlijks vaststelt.

Eén van de kenmerken van het Deens model is transparantie van de tarieven van het warmtebedrijf. Uit de ervaringen met het Deens model blijkt dat die transparantie het draagvlak onder de inwoners vergroot. Het vergroten van het draagvlak onder de inwoners bij de energietransitie is belangrijk. Dat blijkt ook uit ervaringen in de proefwijken. De deelneming in de publiek-private samenwerking biedt de gemeente de mogelijkheid op directe wijze op de transparantie van de tarieven van het warmtebedrijf te sturen.

4

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

1.6 De deelneming biedt de gemeente de mogelijkheid directe sturing aan het tot stand komen en versterken van bewonersparticipatie te geven Het college hecht met de raad grote waarde aan bewonersparticipatie in het algemeen en daarmee ook in de wijk Groenpoort. Dat bevordert het draagvlak onder de inwoners in een wijk voor de energietransitie. Bewonersparticipatie kent verschillende modaliteiten. Een verstrekkende vorm van bewonersparticipatie is dat bewoners de mogelijkheid wordt geboden om financieel te participeren in het warmtebedrijf en daarvan risicodragend mede-eigenaar worden. Door één van de fracties is tijdens de informatieavond van 11 januari jl. een suggestie over een mogelijke vorm van financiële bewonersparticipatie gedaan, waarbij door middel van het betalen van de aansluitkosten door de bewoners één of meerdere aandelen in het warmtebedrijf worden verkregen. Op deze suggestie heeft ons college via de route van de technische antwoorden gereflecteerd. Het realiseren van een dergelijke vorm van bewonersparticipatie is bij een nieuwbouwwijk wel een uitdaging. Er is immers sprake van een nieuwe wijk en bij de start van de aanleg van het warmtenet in Groenpoort zijn de bewoners nog niet bekend. Dat maakt een groeimodel voor de beoogde bewonersparticipatie noodzakelijk.

In het aanbestedingsdocument zullen wij aan de marktpartijen vragen hun visie kenbaar te maken om de meest passende vorm van bewonersparticipatie te vinden. Een sterke betrokkenheid van de inwoners is één van de kenmerken van het Deens model. In het Deense model is de tevredenheid van inwoners met hun warmtevoorziening hoog, omdat door de actieve rol van de gemeente en van hen zelf zowel de publieke belangen als de belangen van de consument goed zijn geborgd. De deelneming van de gemeente in een publiek-private samenwerking biedt de gemeente als medeaandeelhouder de mogelijkheid direct op het tot stand komen en versterken van de gewenste bewonersparticipatie te sturen. 1.7 De deelneming past bij de voorkeursrol van de gemeente, die in de Transitievisie Warmte 0.1 is beschreven In zijn vergadering van 23 april 2020 heeft de raad de verkennende Transitievisie Warmte 0.1 vastgesteld. In dat document zijn over de rol van de gemeente bij het transitievraagstuk twee voorkeursrichtingen aangegeven: • facilitator bij kleine nieuwbouwontwikkelingen (<200 woningen); • partner bij grootschaligere nieuwbouwontwikkelingen (200+woningen) en uitrol van warmtenetten in de bestaande bouw, bijvoorbeeld in de vorm van een publiek-private samenwerking. De rol van facilitator betreft vooral het stimuleren en faciliteren van initiatieven van marktpartijen en/of burgerinitiatieven.

Een actievere rol als partner heeft de voorkeur bij grootschalige nieuwbouwprojecten en bij de uitrol van warmtenetten in de bestaande bouw. Volgens genoemde visie kan de gemeente per situatie kiezen welke rol wordt genomen. Het deelnemen van de gemeente in de vorm van een publiek-private samenwerking past naar onze mening bij de voorkeursrichting voor de rol van de gemeente, die in de Transitievisie Warmte 0.1 is beschreven. 1.8 Een deelneming van 50% is passend bij een evenwichtige publiek-private samenwerking Bij een deelneming door de gemeente van 50% is sprake van een goede balans in de zeggenschap en de verantwoordelijkheid van zowel de publieke partner als de private partner in het warmtebedrijf. Een deelneming door de gemeente van minder dan 50% zou betekenen dat de invloed van de gemeente op het beleid van de onderneming afneemt, hetgeen het college niet wenselijk acht gelet op de belangen die wij willen behartigen. Bij een deelneming door de gemeente van meer dan 50% neemt naar verwachting de interesse van een private partner af en komt het accent steeds meer op een publiek warmtebedrijf te liggen. Dan kunnen de financiële risico’s voor de gemeente toenemen, hetgeen het algemene risicoprofiel van de gemeente verhoogt.

2.1 Het is gewenst de deelneming van de gemeente op een nader te bepalen termijn te heroverwegen Het is gewenst de deelneming van de gemeente op enig moment te heroverwegen. Bij deze heroverweging kan de rol van de gemeente bij de levering van warmte en koeling in Groenpoort opnieuw tegen het licht worden gehouden en kan tevens een afweging plaatsvinden om deze activiteit volledig aan de markt over te laten. 5

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

Bij het kiezen van het moment van heroverweging kunnen verschillende aspecten een rol spelen. Zonder uitputtend te zijn, denken wij thans aan de volgende aspecten: • de gewenste rol van de gemeente bij de energietransitie op grond van de Transitievisie Warmte, die volgens planning in 2021 wordt vastgesteld; • de ervaringen van de publiek-private samenwerking in het warmtebedrijf Groenpoort, waaronder eventueel de leerervaringen van het aardgasvrij maken van een nader te bepalen gebied van de bestaande bebouwing; • de ontwikkeling van de financiële risico’s van het warmtebedrijf Groenpoort; • de ontwikkeling van de waarde van de aandelen van het warmtebedrijf Groenpoort, waarbij de inzet van het college er op is gericht de inleg van de gemeente als aandeelhouder tenminste volledig vergoed te krijgen. Wij zullen de raad één keer per jaar over de voortgang van de publiek-private samenwerking informeren. Daarbij besteden wij tevens aandacht aan de “lessons learned”, die zowel lokaal als landelijk met dergelijke ontwikkelingen worden opgedaan. Tijdens die jaarlijkse bijeenkomsten kan desgewenst ook aandacht aan de heroverweging van de rol van de gemeente worden besteed. 3.1 Aan het voorbereiden en uitvoeren van de aanbestedingsprocedure zijn kosten verbonden Voor het voorbereiden en uitvoeren van de aanbestedingsprocedure worden door de gemeente kosten gemaakt.

In een eerdere fase is de raad hierover geïnformeerd. Deze kosten komen voor rekening van de gemeente. In de eerste bestuursrapportage over 2021 zal het college de gemaakte kosten verantwoorden en voorstellen het benodigde budget beschikbaar te stellen. Kanttekeningen 1.1 Financiële stabiliteit van de partner is een vereiste Zowel in het geval van een publiek-private samenwerking als bij een privaat warmtebedrijf is financiële stabiliteit van de marktpartij van belang. In het aanbestedingsdocument nemen wij in dat verband een geschiktheidseis op, waaraan de financiële draagkracht van de marktpartij tenminste dient te voldoen. 1.2 De gemeente kan een financieel risico lopen bij het aangaan van een publiek-private samenwerking Op basis van de uitgevoerde risicoanalyse blijkt dat de financiële resultaten van het warmtebedrijf mede afhankelijk zijn van het tempo, waarin de te bouwen woningen in de wijk Groenpoort op het warmtenet worden aangesloten. De belangrijkste risicofactor daarbij is de ontwikkeling van de woningmarkt. Een adequate beheersingsmaatregel is een gefaseerde aanleg van het distributienet. De risico’s worden nauwlettend gemonitord en vormen onderdeel van de gemeentelijke risicoanalyse en van de beheersingsmaatregelen, die mede op basis van de “lessons learned” worden getroffen.

1.3 De besluitvorming over een eventuele borgstelling door de gemeente voor de financiering van de aanleg van het warmtenet komt in een latere fase aan de orde Een belangrijk aspect is de financiering van de aanleg van het warmtenet. Daarbij is relevant of de financiering volledig op private wijze tot stand kan komen of dat een borgstelling door de gemeente gewenst c.q. noodzakelijk is. Hoewel de besluitvorming over een eventuele borgstelling door de gemeente in een latere fase aan de orde komt, zullen wij in het aanbestedingsdocument het verzoek opnemen dat de marktpartij inzicht geeft in de wijze waarop zij voornemens zijn de financiering van het project te realiseren. Alternatieven In deze paragraaf worden twee alternatieven beschreven, te weten een privaat warmtebedrijf en een publiek warmtebedrijf. In beide alternatieven dient de gemeente – evenals bij het aangaan van een publiek-private samenwerking – publiekrechtelijke medewerking te verlenen om de realisatie van dit project mogelijk te maken. Daarbij valt te denken aan planologische procedures en de afgifte van vergunningen. Ook dient de gemeente als grondeigenaar privaatrechtelijke medewerking te verlenen door verkoop of verhuur van de benodigde grond voor de aanleg van het leidingennetwerk in het openbaar gebied in de woonwijk. 6

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

Met het oog op de voortgang van de ontwikkeling van Groenpoort en op de financiële belangen van het Ontwikkelingsbedrijf Veenendaal-Oost is het cruciaal dat op 18 februari 2021 een besluit wordt genomen over de rol van de gemeente. Een verder uitstel van het opstarten van het energiespoor voor Groenpoort is in praktische zin niet meer mogelijk. De extra kosten en de financiële risico‘s voor de gemeente en het ontwikkelingsbedrijf gaan hierna oplopen. Indien op 18 februari a.s. geen keuze over de rol van de gemeente wordt gemaakt, is alternatief A de terugvaloptie. Deze zal dan worden gestart. Alternatief A: een privaat warmtebedrijf - de gemeente laat de aanleg en exploitatie van het warmtenet volledig aan een private marktpartij over Indien niet voor een publiek-private samenwerking wordt gekozen, is een alternatief de aanleg en exploitatie van het warmtenet volledig aan een private marktpartij over te laten. De gemeente sluit in dat geval een concessieovereenkomst met een private marktpartij, waarin de wederzijdse rechten en verplichtingen tussen de contractspartijen worden vastgelegd. De gecontracteerde marktpartij – concessiehouder – krijgt het recht om voor een afgesproken termijn en volgens afgesproken kaders in de wijk Groenpoort het warmtenet aan te leggen, te exploiteren en warmte en koeling te leveren.

Duurzaamheid Bij het verlenen van een concessie aan een privaat bedrijf kan de gemeente sturen door middel van contractuele afspraken in een concessieovereenkomst op het leveren van een bijdrage door het private warmtebedrijf aan het realiseren van de duurzaamheidsdoelstellingen in de wijk Groenpoort. De afspraken daarover worden bij het aangaan van de concessieovereenkomst vastgelegd. Op de overkoepelende visie van het warmtebedrijf op het terrein van de duurzaamheid heeft de gemeente als zodanig geen invloed. Dat is een verantwoordelijkheid van de desbetreffende onderneming. Een concessieovereenkomst heeft betrekking op een langjarige periode. De ontwikkelingen op het terrein van de duurzaamheid in zo ’n langjarige periode kunnen bij het aangaan van de overeenkomst niet allemaal worden overzien. Een contractuele sturing geeft de gemeente minder flexibiliteit om direct op gewijzigde omstandigheden in te spelen. Indien een aanpassing van de contractuele afspraken noodzakelijk is, dient daarover overeenstemming met de concessiehouder te worden bereikt. Strategie De gemeente heeft belang bij de strategische keuzes die een privaat warmtebedrijf maakt inzake haar positie in de warmtesector. Die keuzes worden uiteraard door de private onderneming gemaakt. Daarop heeft de gemeente geen invloed. De energietransitie van de bestaande bebouwing is een langdurig traject.

Voor een deel van de bestaande bebouwing zal een warmtenet naar verwachting in het kader van de energietransitie een goede oplossing kunnen bieden. Daarin kan het private warmtebedrijf mogelijk een rol spelen. De daadwerkelijke bereidheid van het private warmtebedrijf om mee te dingen naar het leveren van warmte en koeling in andere delen van de stad zal naar verwachting sterk afhankelijk zijn van de financiële haalbaarheid. Die afweging zal door het private warmtebedrijf per warmtekavel worden gemaakt. Daarover kunnen bij het aangaan van de concessieovereenkomst niet of nauwelijks toereikende afspraken worden gemaakt. Synergie met DEVO In het geval dat een privaat warmtebedrijf de levering van warmte en koeling in Groenpoort gaat verzorgen, blijft het van belang dat er een maximale synergie met de huidige warmteleverancier in Veenendaal-Oost tot stand komt. Zoals eerder opgemerkt zullen wij in het aanbestedingsdocument vragen naar de bereidheid en de visie van private marktpartijen op de samenwerking met DEVO. Daarover dienen dan in de concessieovereenkomst afspraken te worden gemaakt. Het effectueren van die afspraak is dan een verantwoordelijkheid van het private warmtebedrijf. De gemeente zal als contractpartner er uiteraard op toezien dat de naleving van de gemaakte afspraak plaatsvindt.

Een directe sturing op de invulling van de afspraak in de concessieovereenkomst heeft de gemeente niet. Bovendien kunnen alle toekomstige veranderingen, die invloed op de samenwerking hebben, bij het aangaan van een langjarige concessieovereenkomst niet worden overzien. 7

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

Tarieven De consument heeft belang bij betaalbaarheid van de warmtelevering. De consument dient voldoende zekerheid te worden geboden dat het tarief, dat het warmtebedrijf in rekening gaat brengen, noodzakelijk is voor de dekking van de kosten die redelijkerwijs voor de levering van warmte gemaakt moeten worden, inclusief een redelijk rendement van het warmtebedrijf. In een concessieovereenkomst kunnen kaders over de tarifering worden afgesproken. Hoewel de concessiehouder zich uiteraard aan de landelijke regels voor de tariefregulering dient te houden, heeft de gemeente op het tarievenbeleid van de private onderneming geen invloed. De vaststelling van de tarieven is een bevoegdheid van de concessiehouder. Het draagvlak onder de inwoners over de hoogte van de tarieven van een privaat bedrijf kan worden verhoogd als de transparantie van de tarieven, die het bedrijf hanteert, toeneemt. In de concessieovereenkomst kunnen daarover wellicht afspraken worden gemaakt. Op de feitelijke uitwerking heeft de gemeente geen directe invloed. Bewonersparticipatie Indien de warmte en koeling in Groenpoort door een privaat warmtebedrijf wordt geleverd, zullen wij ons ook inzetten voor het tot stand komen en versterken van bewonersparticipatie.

In het aanbestedingsdocument zullen wij aan de marktpartijen vragen hun visie en hun aanpak kenbaar te maken om de meest passende vorm van bewonersparticipatie te vinden. De afspraken over de bewonersparticipatie dienen in de concessieovereenkomst te worden vastgelegd. De effectuering van deze afspraken behoort tot de taak en de verantwoordelijkheid van de concessiehouder. Wij zullen uiteraard toezien op de nakoming van de afspraken. De gemeente beschikt niet over een middel om daarop zelf direct te sturen. Financiële risico‘s In dit alternatief komt de aanleg, de financiering, het beheer en de exploitatie van het warmtenet volledig voor rekening en risico van de marktpartij. De gemeente loopt daarbij geen financiële risico ’s. De marktpartij stuurt zelf op de kostenontwikkeling van de onderneming, bepaalt zelf het gewenste financiële rendement van de ondernemingsactiviteiten en stelt zelf de tarieven voor de aansluiting op het warmtenet en voor de levering van warmte vast. Het exploitatierisico komt volledig voor rekening en risico van de marktpartij. Indien onverhoopt bij tegenvallende exploitatieresultaten aanvullende kapitaalinbreng van de eigenaar van de onderneming noodzakelijk is, behoeft de gemeente daaraan geen financiële bijdrage te leveren. De financiering van het project behoort volledig tot de eigen verantwoordelijkheid van de marktpartij.

Van een eventuele gemeentelijke borgstelling voor de financiering van de aanleg van het warmtenet is in dit alternatief geen sprake. De financiële draagkracht van de marktpartij dient zodanig te zijn dat banken bereid zijn de aanleg van het warmtenet zonder gemeentelijke borgstelling te financieren. Een financieringsvorm zonder gemeentelijke borgstelling heeft overigens wel tot gevolg dat het rentepercentage van de geldlening hoger wordt dan bij een financiering met borgstelling door de gemeente. Het warmtebedrijf zal deze hogere rentelasten via de verbruikstarieven aan de consument doorberekenen. Leveringszekerheid De consument heeft belang bij leveringszekerheid van de warmte en koeling. Het collectieve warmtesysteem in Groenpoort is sterk afhankelijk van één hoofdbron en de circa duizend woningen in het gebied zijn hiervan afhankelijk voor hun warmtevoorziening. De huidige landelijke regels voor leveringszekerheid richten zich vooral op ingrijpen bij acute noodsituaties en vrijwel niet op het voorkomen van dergelijke noodsituaties. Om deze redenen wordt een warmtebedrijf volgens het concept van de nieuwe Warmtewet integraal verantwoordelijk voor de gehele warmteketen. Na inwerkingtreding van de wet moet het warmtebedrijf al voordat het collectief warmtenet wordt aangelegd, aantonen dat de leveringszekerheid op korte en lange termijn in voldoende mate zeker is gesteld.

Ook worden de regels voor ingrijpen bij storing en uitval in genoemde wet aangescherpt. Ondanks de aanscherping van de regels in het concept van de nieuwe Warmtewet kan de leveringszekerheid van de warmte en koeling in het gedrang komen. De consument zal zich in die 8

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

situatie ook tot de gemeente wenden en de gemeente op haar verantwoordelijkheid als concessieverlener aanspreken. De gemeente zal dan in overleg treden met de concessiehouder om maatregelen te laten nemen. Toetsing nakomen afspraken Een private marktpartij zal naar verwachting voldoende expertise, ervaring en schaalgrootte met zich meebrengen om de levering van warmte en koeling in de wijk Groenpoort te verzorgen. Naast de regierol heeft de gemeente in dit alternatief een toetsende rol. De gemeente dient vanuit zijn verantwoordelijkheid als contractspartij er nauwlettend op toe te zien dat de gemaakte afspraken in de concessieovereenkomst door de concessiehouder op tijd en conform de geldende kwaliteitseisen worden nagekomen. De gemeente dient tevens tijdig te reageren op signalen, die er op (kunnen) wijzen dat de concessiehouder in het nakomen van de afspraken tekortschiet. Alternatief B: Een publiek warmtebedrijf - de gemeente wordt 100% aandeelhouder van het warmtebedrijf Een ander alternatief is een publiek warmtebedrijf. In dit alternatief wordt de gemeente volledig eigenaar van het warmtebedrijf in Groenpoort. De gemeente wordt dan – naast het eventuele aandeelhouderschap door bewoners – de enige aandeelhouder van de vennootschap. Dat betekent dat de gemeente ook het aandelenkapitaal van de vennootschap dient in te brengen.

Het publieke warmtebedrijf wordt opdrachtgever voor het aanleggen van het warmtenet en wordt verantwoordelijk voor de levering van warmte en koeling aan de inwoners van de wijk. Een publiek warmtebedrijf met de gemeente als aandeelhouder kan het vertrouwen van de consument in de continuïteit van de warmtevoorziening bevorderen. De gemeente krijgt in de rol als aandeelhouder de zeggenschap over het beleid van de onderneming. In die rol bepaalt zij de visie van het warmtebedrijf op het terrein van de duurzaamheid. Dat biedt haar ook de mogelijkheid om het warmtebedrijf flexibel op gewijzigde omstandigheden op dat beleidsterrein te laten inspelen. Zij bepaalt de keuzes over de strategische positie van het warmtebedrijf in de warmtesector. Zij kan actief sturen op de rol van het warmtebedrijf inzake de levering van warmte en koeling in die delen van de bestaande bebouwing van de stad, waarin een warmtenet een goede oplossing is ter vervanging van het aardgas. In het geval dat een publiek warmtebedrijf de levering van warmte en koeling in Groenpoort gaat verzorgen, is de gemeente als aandeelhouder in de positie een maximale synergie met de huidige warmteleverancier in Veenendaal-Oost tot stand te laten komen. De gemeente kan als aandeelhouder sturen op de betaalbaarheid van de tarieven door de consument en op het vergroten van de transparantie van de kosten door het warmtebedrijf.

Hoewel de levering van warmte en koeling ook in een publiek warmtebedrijf winstgevend dient te zijn, kan de gemeentelijk aandeelhouder wellicht in vergelijking met een privaat warmtebedrijf met een lager rendement genoegen nemen, hetgeen een gunstig effect op de verbruikerstarieven heeft. Een publiek warmtebedrijf biedt wellicht de meeste kansen om financiële participatie door de bewoners tot stand te laten komen en te versterken. De gemeentelijk aandeelhouder is dan niet afhankelijk van de opvattingen van een medeaandeelhouder en kan zelfstandig bepalen op welke wijze zij deze participatie vorm wil geven. In dit alternatief komt de aanleg, de financiering, het beheer en de exploitatie van het warmtenet volledig voor rekening en risico van de gemeente als aandeelhouder. De financiële risico’s voor het beheer en de exploitatie van het warmtebedrijf komen voor rekening van de gemeente. De gemeente zou kunnen overwegen zelf de financiering van het warmtebedrijf voor haar rekening te nemen. Uiteraard is het ook mogelijk de financiering op de gebruikelijke wijze door een financiële marktpartij te laten verzorgen al of niet met een borgstelling door de gemeente. In de door de raad vastgestelde Transitievisie Warmte 0.1 is de mogelijkheid van een publiek warmtebedrijf wel genoemd, maar aan die rol van de gemeente is in genoemde visie geen voorkeur gegeven. 9

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

Participatie Wij zetten ons in de nieuwe bewoners van de woonwijk in de gelegenheid te stellen door middel van een nader te bepalen vorm financieel in het warmtebedrijf te participeren. Omdat sprake is van een nieuwbouwwijk en bij de start van de aanleg van het warmtenet in Groenpoort de bewoners nog niet bekend zijn, is sprake van een groeimodel waaraan in een latere fase concreet invulling kan worden gegeven. Wat betekent dit besluit voor inwoners? De nieuwe bewoners van de woonwijk kunnen klant van het warmtebedrijf worden en hun woningen door middel van een collectief systeem van warmte en koeling laten voorzien. Voor wat betreft de participatie door inwoners wordt verwezen naar de vorige paragraaf. Aanpak / uitvoering Aanbestedingsprocedure Tijdens de informatieavond van 11 januari jl. is ook informatie over de aanbestedingsprocedures gegeven. Na het besluit van de gemeenteraad wordt onder regie van de gemeente een openbare Europese aanbestedingsprocedure gestart om tot de keuze van een private partner te komen. Daartoe is een ambtelijke projectgroep ingesteld, waarin ook externe expertise is vertegenwoordigd. De eerste fase van de procedure bestaat uit selectie van marktpartijen en de tweede fase bestaat uit de inschrijvingsfase.

De selectiemogelijkheid tijdens de eerste fase van de procedure vinden wij zowel bij de keuze van een partner in het geval van een publiek-private samenwerking als bij de keuze van een privaat warmtebedrijf van belang. Bij een publiek-private samenwerking is die selectiemogelijkheid vanwege het partnerschap in het warmtebedrijf essentieel. Een ander voordeel van de procedure is dat er minder offertes tijdens de tweede fase van de procedure – de inschrijving – beoordeeld behoeven te worden. Dat beperkt de transactiekosten bij de aanbesteding van de marktpartijen en van de gemeente. In bijlage 4 treft u ter informatie een overzicht aan van de concept-geschiktheidseisen. De geschiktheidseisen zijn een ondergrens waaraan door marktpartijen moet worden voldaan. Tevens treft u in die bijlage een overzicht aan van de concept-selectiecriteria en van de conceptgunningscriteria, die worden gehanteerd om tot de keuze van een marktpartij te komen. Tijdens de voorbereiding van de aanbestedingsprocedure worden de geschiktheidseisen, de selectiecriteria en de gunningscriteria verder uitgewerkt en aangescherpt. Tevens wordt dan de weging van de selectieen gunningscriteria uitgewerkt. De aanbestedingsprocedure start begin maart 2021 en wordt naar verwachting medio 2021 afgerond. Over de resultaten van de procedure wordt de raad vanzelfsprekend geïnformeerd.

Financiering en borgstelling Een eventuele borgstelling door de gemeente voor de financiering van de aanleg van het warmtenet maakt geen deel uit van dit raadsvoorstel. Op dit moment behoeft daarover nog geen besluit te worden genomen. Dat aspect komt eventueel in een latere fase aan de orde, zodra er meer duidelijkheid is over de financieringsvorm. Overleg met OVO en DEVO Na het besluit van de raad ontstaat duidelijkheid over de positie van de gemeente over dit onderwerp. Het besluit van de raad is uitgangspunt bij de volgende stappen in het proces. De volgende stappen zullen wij in nauw overleg met de aandeelhouders, de raden van commissarissen en directies van OVO en DEVO zetten vanwege de belangen van beide ondernemingen. Oprichting vennootschap Zodra de private partner bekend is, vindt de juridische uitwerking van de publiek-private samenwerking plaats om tot oprichting van een nieuwe vennootschap te komen, die de taak krijgt de levering van warmte en koeling in Groenpoort te verzorgen. Deze activiteiten staan gepland voor de tweede helft van 2021.

10

Raadsvoorstel van 26 januari 2021, nr. 1787840

Globale planning De globale planning in de komende periode is als volgt: -start planologische procedure Groenpoort Q1 2021 -aanbestedingsprocedure Q1 2021 – Q2 2021 -oprichten vennootschap Q3 2021 – Q4 2021 -financiering en borgstelling Q4 2021 – Q1 2022 Communicatie over dit besluit Het college heeft de pers, OVO en DEVO over hun voorgenomen besluit geïnformeerd. Evaluatie Binnen een nader te bepalen termijn na de start van de feitelijke levering van warmte en koeling in Groenpoort wordt aan de hand van de eerder genoemde aspecten (zie argument 2.1) een voorstel tot heroverweging van de deelneming door de gemeente in de publiek-private samenwerking aan de raad aangeboden. Kosten, baten, dekking De wijze waarop de publiek-private samenwerking wordt vorm gegeven, wordt in een latere fase in samenwerking met de private partner uitgewerkt. Bij die uitwerking behoort ook de omvang van het aandelenkapitaal dat door de aandeelhouders in de nieuwe vennootschap dient te worden ingebracht. Tegenover de inbreng van het aandelenkapitaal komt op de gemeentelijke balans in principe voor eenzelfde bedrag een deelneming te staan. Dat is voor de gemeentebegroting per saldo een budgettair neutrale mutatie. Het ontwikkelingsbedrijf OVO is verantwoordelijk voor de grondexploitatie van de wijk Groenpoort.

Op basis van de resultaten van de inschrijvingen zullen wij toetsen in hoeverre er sprake is van financiële consequenties voor de grondexploitatie. Daarbij is met name de hoogte van de aansluitkosten op het warmtenet relevant.

Burgemeester en wethouders,

de heer K.J.G. Kats burgemeester

mevrouw drs. A.P.W. van de Klift secretaris

Bijlagen 1. Overzicht processtappen 2. Overzicht keuzecriteria publiek-private samenwerking of privaat warmtebedrijf 3. Hoofdkenmerken van het Deens model 4. Overzicht concept-geschiktheidseisen, concept-selectiecriteria en concept-gunningscriteria in aanbestedingsprocedure Ter inzage -

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9678335/1