1.15. Integrale verordening sociaal domein Veenendaal - advies H1-2
Tekst van het document
Veenendaal, Rhenen en Renswoude Laan der Techniek 22 3903AT Veenendaal clientenraaddevallei@gmail.com
Aan het College van burgemeester en wethouders Postbus 1100 3900 BC Veenendaal Onderwerp : Advies Integrale verordening, Hoofdstuk 1 Veenendaal, 19-02-2021 Geacht college, Hierbij ontvangt u het advies van de Cliëntenraad aangaande Hoofdstuk 1 van de Integrale verordening Siociaal Domein. Dit advies is aanvullend op het advies van het WMO-forum/Jeugdbelang in deze, dd 1 februari 2020, waarvan wij de inhoud herkennen en omarmen. Op een aantal punten wensen we nog eea aan te scherpen en maken hiervoor alsnog gebruik van ons adviesrecht, daar wij niet betrokken waren bij de totstandkoming van het gezamenlijk advies van het WMO-forum/Jeugdbelang.
1. Uniforme toegang Begrippen zijn afgeleid uit het Integraal beleidskader en door adviesraden in dat kader ook al uitgebreid becommentarieerd. Toch blijven er verkeerde beelden ontstaan over de uniforme toegang, die worden versterkt door de teksten van art. 1.1.2. In het WMO-Forum/Jeugdbelang is hier ook al aandacht voor gevraagd en zijn tekstvoorstellen aangereikt. Wij begrijpen uit de toelichting en de eerder verstrekte informatie, dat de uniformiteit vooral moet worden gezocht in een eenduidige werkwijze en het gebruik van eenzelfde nomatief kader, voor alle vier SD-loketten. Dit zou ons insziens uit de tekst van art. 1.1.2 1
dan ook duidelijk moeten worden, zo mogelijk onder verwijzing naar een protocol, waarin deze werkwijze is vastgelegd.
Advies 1: Verduidelijk het begrip Uniforme toegang en protocolleer de uniforme werkwijze die hiermee kennelijk wordt bedoeld.
2. Zorgplicht Artikel 1.1.2 spreekt in de aanhef van een "zorgplicht college voor uniforme toegang en intake". De term zorgplicht leidt ons inziens tot verwarring, omdat de gemeente vanuit de diverse specifieke wetten binnen het sociaal domein, een wettelijke zorgplicht heeft voor haar inwoners.
Advies 2: Haal de term "zorgplicht" hier weg om verwarring met de wettelijke zorgplicht van de gemeente te voorkomen.
3. De basis op orde In de inleiding, onder de "Leidende principes uit het IBK", vinden wij hierover de navolgende tekst: "We investeren alleen in ondersteuningsvragen als de basis op orde is. Met de basis op orde bedoelen wij dat er een inkomen is, er geen schulden zijn of een regeling voor schulden loopt en dat er huisvesting is."
Al eerder hebben wij ons commentaar op dit IBK-uitgangspunt gegeven en wij zien ook in het al afgegeven advies van de andere raden, hun onbegrip over dit uitgangspunt. Als een inwoner zich meldt bij een van de vier loketten, dan zal het op orde brengen van de basis juist een belangrijk onderdeel van zijn ondersteuningsvraag kunnen zijn. Het op orde brengen van de basis mag niet als "voorliggend" worden geformuleerd om in aanmerking te komen voor ondersteuning. Dit is ongewenst en ook juridisch onjuist. De wettelijke zorgplicht (zie ook hierboven), brengt met zich mee dat de gemeente ervoor moet zorgen dat de inwoner de basis op orde krijgt. En de inwoner heeft een wettelijke aanspraak jegens de gemeente om deze basis op orde te krijgen.
2
Advies 3: Haal de voorwaardelijkheid van "de basis op orde" uit de ISVD-teksten
4. Eigen kracht Ook uit de leidende principes IBK, is de ondertstaande ‘toegang tot passende ondersteuning’. "Toegang: de stappen/volgordelijkheid tot passende ondersteuning Wanneer een inwoner ondersteuning nodig heeft, wordt eerst gekeken of het opgelost kan worden: • Binnen de eigen omgeving of op eigen kracht. Hieronder valt ook mantelzorg, een eigen netwerk al dan niet in de wijk etc. • Binnen de sociale basis. Dit zijn algemene en vrij toegankelijke voorzieningen zoals ontmoetingsplekken. Inwoners kunnen hier zonder indicatie of beschikking gebruik van maken. • Inzet van vrijwilligers, zoals bijvoorbeeld vrijwilligers die helpen bij het op orde houden van iemands administratie. "
Wij hebben op het onderliggende visiedocument en het IBK al eerder uitgesproken dat hier wordt uitgegaan van een eigen kracht, die veelal niet (meer) aanwezig is bij een inwoner, die zich meldt bij de gemeente. Ook de aanname dat er een netwerk aanwezig is, dat iets kan betekenen in de ondersteuningsvraag, is veelal onjuist en een gepasseerd station. De verwijzing naar algemene voorzieningen en ondersteuning van vrijwilligers. kan niet passen bij de ondersteuningsvraag van een inwoner. Met name inwoners met specialistische, zware en/of acute ondersteuningsvragen, moeten zo snel mogelijk voorzien worden van professionele ondersteuning. Deze drempels in de toegang zijn ons inziens ongewenst en mogen zeker niet als voorliggend of voorwaardelijk worden geformuleerd. Advies 4: Herformuleer deze uitgangspunten, opdat ze beter aansluiten bij de individuele ondersteuningsvragen en de urgentie daarvan.
3
Wij vertrouwen u met onze advisering van dienst te zijn geweest en zien uw reactie met belangstelling tegemoet. Hoogachtend, Namens de regionale Cliëntenraad Werk en Inkomen
Mr Jolande van Zandbergen Voorzitter
4