CConstaterende datVeenendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

1.12. Integrale verordening sociaal domein Veenendaal - was-wordt technisch

Gemeenteraad 22 april 2021, gemeente VeenendaalBij agendapunt: Integrale Verordening Sociaal Domein26.174 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

27

Huidige tekst (was) Verordening toegang en toeleiding jeugdhulp Veenendaal Artikel 6 lid 3 Gesprek of onderzoek: Het college informeert de jeugdige of zijn ouders over de gang van zaken bij het gesprek, hun rechten en plichten en de vervolgprocedure en vraagt hen toestemming om hun persoonsgegevens te verwerken

Nieuwe tekst (wordt) Integrale verordening sociaal domein Veenendaal Artikel 3.1.6 lid 3 Gesprek en onderzoek: Het college informeert de jeugdige of zijn ouders een familiegroepsplan hebben opgesteld, betrekt het college dat als eerste bij het gesprek.

Artikel 7 Verslag of plan:

Artikel 3.1.7 Gespreksverslag of ondersteuningsplan:

Artikel 7 lid 2 Verslag of plan: Indien het gesprek naar het oordeel van het college leidt tot de wenselijkheid van een individuele voorziening wordt een ondersteuningsplan opgesteld, tenzij dit gelet op de aard van de te leveren hulp niet noodzakelijk is. Artikel 7 lid 3 Verslag of plan: Binnen 10 werkdagen na afronding van het gesprek verstrekt het college aan de jeugdige of zijn ouders het verslag en, in voorkomend geval, het ondersteuningsplan.

Artikel 3.1.7 Gespreksverslag of ondersteuningsplan: Indien het gesprek naar het oordeel van het college leidt tot de wenselijkheid van een individuele voorziening wordt een ondersteuningsplan opgesteld.

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Artikel 3.1.7 lid 3 Gespreksverslag of ondersteuningsplan: Binnen 10 werkdagen na afronding van het gesprek verstrekt het college aan de jeugdige of zijn ouders het gespreksverslag en, in voorkomend geval, het ondersteuningsplan.

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 7 lid 4 Verslag of plan: Opmerkingen of latere aanvullingen van de jeugdige of zijn ouders worden toegevoegd aan het verslag of, in voorkomend geval, het ondersteuningsplan.

Artikel 3.1.7 lid 4 Gespreksverslag of ondersteuningsplan: Opmerkingen of latere aanvullingen van de jeugdige of zijn ouders worden toegevoegd aan het gespreksverslag of, in

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

28

Type wijziging

Technisch Reden: Toestemming voor het verwerken van persoonsgegevens in het kader van een Wmomelding is niet nodig. Als het goed is wordt deze toestemming dus in de praktijk niet toegepast. Het feit dat de gemeente de Wmo moet uitvoeren is al voldoende grondslag om de persoonsgegevens te verwerken. Toestemming is dan niet nodig. De enige situatie waarin toestemming aan de orde kan zijn is wanneer er een geheimhoudingsplicht (5.3.3 Wmo) doorbroken moet worden. Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Huidige tekst (was) Verordening toegang en toeleiding jeugdhulp Veenendaal

Nieuwe tekst (wordt) Integrale verordening sociaal domein Veenendaal voorkomend geval, het ondersteuningsplan. Artikel 3.1.8 lid 3 Aanvraag: Het college kan een ondertekend ondersteuningsplan aanmerken als aanvraag indien de jeugdige of zijn ouders dat hebben aangegeven op het ondersteuningsplan.

Type wijziging

Artikel 9 lid 1 Verstrekking individuele voorziening: Het college neemt het verslag van het gesprek of in voorkomend geval het ondersteuningsplan als uitgangspunt voor de beoordeling van een aanvraag om een individuele voorziening.

Artikel 3.1.9 lid 1 Verstrekking individuele voorziening: Het college neemt het ondersteuningsplan als uitgangspunt voor de beoordeling van een aanvraag om een individuele voorziening.

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 9 lid 2 Verstrekking individuele voorziening: Het college kan een individuele voorziening verstrekken voor zover in het verslag of plan zoals bedoeld in artikel 7, derde lid, is vastgesteld dat de jeugdige of zijn ouders jeugdhulp nodig hebben en deze:

Artikel 3.1.9 lid 2 Verstrekking individuele voorziening: Het college kan een individuele voorziening verstrekken voor zover in het ondersteuningsplan zoals bedoeld in artikel 3.1.7 , tweede lid, is vastgesteld dat de jeugdige of zijn ouders jeugdhulp nodig hebben en deze:

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

a. op eigen kracht of met zijn ouders of andere personen uit zijn naaste omgeving geen oplossing voor zijn ondersteuningsvraag kan vinden;

a. op eigen kracht of met andere personen uit zijn naaste omgeving geen oplossing voor zijn ondersteuningsvraag kan vinden;

Artikel 9 lid 2 sub a Verstrekking individuele voorziening op eigen kracht of met zijn ouders of andere personen uit zijn naaste omgeving geen oplossing voor zijn ondersteuningsvraag kan vinden;

Artikel 3.1.9 lid 2 sub a Verstrekking individuele voorziening op eigen kracht of met andere personen uit zijn naaste omgeving geen oplossing voor zijn ondersteuningsvraag kan vinden;

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 9 lid 3 Verstrekking individuele voorziening: Het college verstrekt een individuele voorziening als een verwijzing zoals bedoeld in artikel 3, eerste lid, is afgegeven en de jeugdhulpaanbieder, na een

Artikel 3.1.9 lid 3 Verstrekking individuele voorziening: Het college verstrekt een individuele voorziening als een verwijzing zoals bedoeld in artikel 3.1.3, eerste lid, is afgegeven en de

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 8 lid 3 Aanvraag: Het college kan een ondertekend verslag van het gesprek of ondersteuningsplan aanmerken als aanvraag indien de jeugdige of zijn ouders dat hebben aangegeven op het verslag of het ondersteuningsplan.

29

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Huidige tekst (was) Verordening toegang en toeleiding jeugdhulp Veenendaal onderzoek overeenkomstig het bepaalde in artikel 6, eerste lid onder a. tot en met h., van oordeel is dat inzet van jeugdhulp nodig is

Nieuwe tekst (wordt) Integrale verordening sociaal domein Veenendaal jeugdhulpaanbieder, na een onderzoek overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.1.6, eerste lid onder a. tot en met i., van oordeel is dat inzet van jeugdhulp nodig is

Type wijziging

Artikel 9 lid 4 en 5 Verstrekking individuele voorziening

Artikel 3.1.9 lid 5 Verstrekking individuele voorziening Deze bepalingen zijn komen te vervallen. De volgende bepalingen zijn op basis hiervan in nummering aangepast.

Technisch: Reden: Deze bepalingen zijn komen te vervallen op 1 februari 2020.

Artikel 11 lid 2 sub a Inhoud beschikking: de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken middels een verwijzing naar het verslag of het ondersteuningsplan;

Artikel 3.1.11 lid 2 sub a Inhoud beschikking: de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken, waaronder de te treffen voorziening en het beoogde resultaat daarvan, middels een verwijzing naar het ondersteuningsplan;

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 11 lid 2 sub a en b Inhoud beschikking: 2 a. de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken middels een verwijzing naar het verslag of het ondersteuningsplan; 2 b. welke de te treffen voorziening is en wat de beoogde resultaat daarvan is

Artikel 3.1.11 lid 2 sub a Inhoud beschikking: 2a. de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken, waaronder de te treffen voorziening en het beoogde resultaat daarvan, middels een verwijzing naar het ondersteuningsplan;

Technisch Reden: Verbeterde formulering. Sub a en b zijn samengevoegd.

Artikel 11 lid 3 sub a Inhoud beschikking: de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken of het ondersteuningsplan;

Artikel 3.1.11 lid 3 sub a Inhoud beschikking: de met de jeugdige of zijn ouders gemaakte afspraken opgenomen in het ondersteuningsplan;

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 11 lid 4 Inhoud beschikking

Artikel 3.1.11 lid 4 Inhoud beschikking Deze bepaling is komen te vervallen.

Technisch Reden: Deze bepaling is komen te vervallen op 28 februari 2017 Technisch Reden: Verduidelijking

Artikel 3.1.12 lid 4 Regels voor pgb: Een pgb kan niet worden verstrekt voor beroeps- of bedrijfsmatige jeugdhulp die geleverd wordt door een familielid van de eerste of

30

Huidige tekst (was) Verordening toegang en toeleiding jeugdhulp Veenendaal

Artikel 12 lid 4 sub a Regels voor pgb:

Nieuwe tekst (wordt) Integrale verordening sociaal domein Veenendaal tweede graad van de jeugdige of zijn ouders. Deze bepaling is toegevoegd. De volgende bepalingen zijn op basis hiervan in nummering aangepast. Artikel 3.1.12 lid 5 sub a Regels voor pgb: de jeugdhulp betreft persoonlijke verzorging of permanent toezicht;

Type wijziging

Technisch Reden: Verduidelijking

Deze bepaling is toegevoegd. De volgende bepalingen zijn op basis hiervan in nummering aangepast. Artikel 12 lid 5 Regels voor pgb Wanneer na zorgvuldige analyse van de situatie de conclusie wordt getrokken dat het mogelijk en wenselijk is om een aanbieder in te zetten die niet volgens de voor jeugdhulp gebruikelijke kwaliteitsstandaarden werkt maar wel voldoet aan het gestelde in artikel 12, lid 2, sub b. van de verordening, bedraagt het pgb niet meer dan 63,75% van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate individuele voorziening in natura. Artikel 13 lid 2 Opschorting betaling uit het pgb Het college kan de Sociale Verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor de duur van de opname als sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 16, derde lid, onder d. Artikel 16 Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering

31

Artikel 3.1.12 lid 6 Regels voor pgb Wanneer na zorgvuldige analyse van de situatie de conclusie wordt getrokken dat het mogelijk en wenselijk is om een aanbieder in te zetten die niet volgens de voor jeugdhulp gebruikelijke kwaliteitsstandaarden werkt maar wel voldoet aan het gestelde in lid 2 sub b., bedraagt het pgb niet meer dan 63,75% van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate individuele voorziening in natura.

Technisch Reden: Verduidelijking

Artikel 3.1.13 lid 2 Opschorting betaling uit het pgb Het college kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor de duur van de opname als sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 3.1.14, derde lid, onder f.

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Artikel 3.1.16 Verhouding prijs en kwaliteit aanbieders jeugdhulp en uitvoerders kinderbeschermingsmaatregel en jeugdreclassering

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Huidige tekst (was) Verordening toegang en toeleiding jeugdhulp Veenendaal Het college houdt in het belang van een goede prijskwaliteitverhouding bij de vaststelling van de tarieven, die het hanteert voor door derden te leveren jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, in ieder geval rekening met: Artikel 17 Betrekken van ingezetenen bij het beleid

Nieuwe tekst (wordt) Integrale verordening sociaal domein Veenendaal Het college houdt in het belang van een goede prijskwaliteitsverhouding bij de vaststelling van de tarieven die het hanteert voor door jeugdhulpaanbieders te leveren jeugdhulp of uit te voeren kinderbeschermingsmaatregelen of jeugdreclassering, in ieder geval met: Artikel 3.1.17 Betrekken van inwoners bij he beleid

Artikel 17 lid 1 Betrekking van het ingezetenen bij het beleid

Artikel 3.1.17 lid 1 Betrekking inwoners bij het beleid

Het college stelt cliënten en vertegenwoordigers van cliëntgroepen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende jeugdhulp, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen.

Het college stelt jeugdigen en vertegenwoordigers van cliëntgroepen vroegtijdig in de gelegenheid voorstellen voor het beleid betreffende jeugdhulp te doen, advies uit te brengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen betreffende jeugdhulp, en voorziet hen van ondersteuning om hun rol effectief te kunnen vervullen. Artikel 3.1.17 lid 3 Betrekken van het inwoners bij het beleid Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het eerste en tweede lid.

Artikel 17 lid 3 Betrekken van het ingezetenen bij het beleid Het college stelt nadere regels vast ter uitvoering van het tweede en derde lid. Artikel 18 Evaluatie: 1. Het door het gemeentebestuur gevoerde beleid wordt minimaal eenmaal per 4 jaar geëvalueerd. 2. Het college zendt voor het eerst, 2 jaar na de inwerkingtreding van de verordening, aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de verordening in de praktijk. Artikel 19 Inwerkingtreding en citeertitel: 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015. 2. 2.

32

Type wijziging

Technisch Reden: Verbeterde formulering Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Artikel 3.1.18 Evaluatie: Dit artikel is komen te vervallen

Technisch Reden: Deze bepaling komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

Artikel 3.1.19 Inwerkingtreding en citeertitel: Dit artikel is komen te vervallen.

Technisch Reden: Deze bepaling komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op

Huidige tekst (was) Verordening toegang en toeleiding jeugdhulp Veenendaal Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening jeugdhulp gemeente Veenendaal.

33

Nieuwe tekst (wordt) Integrale verordening sociaal domein Veenendaal

Type wijziging

hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

– Was-wordt tabel – vervanging Re-integratieverordening Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Huidige tekst (was) Nieuwe tekst (wordt) Re-integratieverordening Integrale Verordening Sociaal Participatiewet Veenendaal 2015 Domein Veenendaal Algemeen Algemeen - Het woord ‘wet’ wordt vervangen met ‘Pw’ - Het woord ‘verordening’ wordt vervangen met ‘paragraaf’ - Het woord ‘belanghebbende’ wordt vervangen met ‘persoon’ Artikel 1. Begrippen Artikel 4.1.1 Definities In deze paragraaf en de daarop In deze verordening wordt verstaan onder: berustende bepalingen wordt verstaan onder: • de doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, 1. de doelgroep: personen als onder a, van de wet; bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder een grote afstand tot de a, van de Pw; arbeidsmarkt: deelname aan 2.een grote afstand tot de de arbeidsmarkt van een arbeidsmarkt: deelname aan de persoon is redelijkerwijs niet arbeidsmarkt van een persoon is mogelijk binnen één jaar; redelijkerwijs niet mogelijk binnen één • een korte afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan jaar; de arbeidsmarkt van een 3.een korte afstand tot de persoon is redelijkerwijs arbeidsmarkt: deelname aan de mogelijk binnen één jaar; arbeidsmarkt van een persoon is • langdurig werkloze: een redelijkerwijs mogelijk binnen één jaar; persoon die 12 maanden of 4.

langdurig werkloze: een persoon langer geen reguliere die 12 maanden of langer geen betaalde betrekking heeft reguliere betaalde betrekking heeft gevonden; gevonden; • loonkosten: het brutoloon inclusief vakantiegeld en 5.loonkosten: het brutoloon inclusief wettelijke werkgeverslasten; vakantiegeld en wettelijke • meeneembare voorziening: werkgeverslasten; een op een medewerker met 6.meeneembare voorziening: een een arbeidsbeperking op een medewerker met een toegesneden hulpmiddel dat arbeidsbeperking toegesneden noodzakelijk is om naar hulpmiddel dat noodzakelijk is om behoren de werkzaamheden naar behoren de werkzaamheden te te kunnen verrichten als het gaat om een voorziening die kunnen verrichten als het gaat om een niet aard- en nagelvast is en voorziening die niet aard- en waarover een werkgever nagelvast is en waarover een normaliter niet beschikt. werkgever normaliter niet beschikt. • de wet: de Participatiewet. Artikel 2a. Evenwichtige verdeling en financiering

34

Artikel 4.1.2a. Reintegratievoorziening

Type wijziging

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: Tekstuele wijziging in verband met de structuur van de verordening.

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Huidige tekst (was) Re-integratieverordening Participatiewet Veenendaal 2015 Artikel 2a lid 4 Evenwichtige verdeling en financiering

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Artikel 4.1.2a. Reintegratievoorziening

Het college houdt bij het aanbieden van de in deze verordening opgenomen voorzieningen rekening met de omstandigheden en functionele beperkingen van een persoon. De omstandigheden hebben in ieder geval betrekking op zorgtaken van die persoon en de mogelijkheid dat hij behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie of gebruik maakt van de voorziening beschut werk. Onder zorgtaken wordt in ieder geval verstaan: a. de opvang van ten laste komende kinderen tot vijf jaar, en b. de noodzakelijkheid van het verrichten van mantelzorg.

Het college houdt bij het aanbieden van de in deze verordening opgenomen voorzieningen rekening met de omstandigheden en functionele beperkingen van een persoon waarbij: a. de omstandigheden in ieder geval betrekking hebben op zorgtaken van die persoon, waaronder in ieder geval wordt verstaan: i. de opvang van ten laste komende kinderen tot vijf jaar; of ii. de noodzakelijkheid van het verrichten van mantelzorg; en b. de mogelijkheid dat hij behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie of gebruik maakt van de voorziening beschut werk.

Artikel 2a lid 5 Evenwichtige verdeling en financiering 5. Het college zendt jaarlijks aan de gemeenteraad een verslag over de doeltreffendheid van het beleid. Het verslag bevat in ieder geval het oordeel van de cliëntenraad.

Artikel 4.1.2a lid 5 Reintegratievoorziening Deze bepaling is komen te vervallen.

Technisch Reden: Deze bepaling komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

Artikel 3 lid 3 Algemene bepaling over voorzieningen

Artikel 4.1.3 lid 3 Algemene bepalingen over voorzieningen

Het college kan een voorziening beëindigen als:

Het college kan een beslissing tot het aanbieden van een voorziening herzien of intrekken als: Artikel 4.1.4 lid 3 Werkstage Een werkstage wordt ingezet voor drie maanden met de mogelijkheid van een eenmalige verlenging van maximaal drie maanden.

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Artikel 4 lid 3 Werkstage Een werkstage wordt ingezet voor drie maanden met een maximale eenmalige verlenging van drie maanden.

35

Type wijziging

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Huidige tekst (was) Re-integratieverordening Participatiewet Veenendaal 2015 Artikel 7 lid 2 Scholing

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Artikel 4.1.7 lid 2 Scholing

Een scholingstraject voldoet in ieder geval aan de volgende eisen: a. het is gericht op arbeidsinschakeling, en b. het is gericht op het behalen van een startkwalificatie op de arbeidsmarkt, en c. de scholing dient kortdurend te zijn en gericht op snelle arbeidsinschakeling, en d. de meest doelmatige scholingsmogelijkheid dient te worden benut.

Een scholingstraject voldoet in ieder geval aan de volgende eisen: e. het is gericht op arbeidsinschakeling; f. het is gericht op het behalen van een startkwalificatie op de arbeidsmarkt; g. de scholing is kortdurend en gericht op snelle arbeidsinschakeling; en h. de meest doelmatige scholingsmogelijkheid wordt benut.

Artikel 8 Proefplaatsing

Artikel 4.1.8 lid 1 Proefplaatsing Het college kan een persoon een proefplaatsing aanbieden

Artikel 8 lid 3 Proefplaatsing De proefplaatsing als bedoeld in het voorgaande lid kan steeds met periodes van maximaal twee maanden worden verlengd tot een maximumduur van in totaal zes maanden indien: Artikel 8 lid 3 sub c Proefplaatsing de werkgever aan kan tonen dat verlengen in dit specifieke geval noodzakelijk is; Artikel 8 lid 4 sub i Proefplaatsing het feit dat door de proefplaatsing de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt; Artikel 9 lid 2 sub a t/m f Participatievoorziening beschut werk a.

b.

36

dagbesteding zoals bedoeld als maatwerkvoorziening binnen de Wmo Veenendaal; sociale activering als bedoeld in artikel 5;

Deze bepaling is toegevoegd. De volgende bepalingen zijn op basis hiervan in nummering aangepast. Artikel 4.1.8. lid 4 Proefplaatsing De proefplaatsing kan steeds met periodes van maximaal twee maanden worden verlengd tot een maximumduur van in totaal zes maanden indien: Artikel 4.1.8 lid 4 sub c Proefplaatsing de werkgever aan kan tonen dat verlengen in dit specifieke geval noodzakelijk is; of Artikel 4.1.8. sub h Proefplaatsing het feit dat door de proefplaatsing de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing op de arbeidsmarkt plaatsvindt; en Artikel 4.1.9 lid 2 sub a t/m f Participatievoorziening beschut werk a.

b. c.

dagbesteding als maatwerkvoorziening als bedoeld in hoofdstuk 2; sociale activering als bedoeld in artikel 4.1.5; scholing als bedoeld in artikel 4.1.7;

Type wijziging

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: Verbeterde formulering Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Huidige tekst (was) Re-integratieverordening Participatiewet Veenendaal 2015 c. scholing als bedoeld in artikel 7; d. persoonlijke ondersteuning als bedoel in artikel 11; e. schuldhulpverlening als bedoeld in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening.

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal d. persoonlijke ondersteuning als bedoel in artikel 4.1.11; e. schuldhulpverlening als bedoeld in paragraaf 4.8.

Type wijziging

Artikel 4.1.10 Ondersteuning bij leer-werktraject Het college kan ondersteuning aanbieden aan een persoon uit de doelgroep ten aanzien van wie het college van oordeel is dat een leerwerktraject nodig is, voor zover deze ondersteuning nodig is voor het volgen van een leer-werktraject en het personen betreft:

Artikel 4.1.10 Ondersteuning bij leer-werktraject Het college kan ondersteuning aanbieden aan een persoon uit de doelgroep als het college van oordeel is dat een leer-werktraject nodig is, voor zover deze ondersteuning nodig is voor het volgen van een leerwerktraject en het personen betreft:

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Artikel 14 lid 1a en 2 Meeneembare voorzieningen Definities: 1 a. Belanghebbende in de zin van dit artikel: de medewerker met een arbeidsbeperking die een meeneembare voorziening nodig heeft.

Artikel 4.1.14 lid 1 Meeneembare voorzieningen

Technisch: Reden: Verbeterde formulering

2.

1.

37

Aan een belanghebbende kan een meeneembare voorziening dan wel een vergoeding voor de aanschaf daarvan worden toegekend voor zover aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan: a. de meeneembare voorziening is naar verwachting gedurende minimaal zes maanden noodzakelijk om de belanghebbende zijn of haar werk te kunnen laten uitvoeren; b. er is sprake van een dienstverband voor de duur van tenminste zes maanden en voor minimaal 12 uur per week; c. er kan voor de meeneembare voorziening geen beroep

Deze bepaling is komen te vervallen. De volgende bepalingen zijn op basis hiervan in nummering aangepast.

Aan een medewerker met een arbeidsbeperking die een meeneembare voorziening nodig heeft, kan een meeneembare voorziening dan wel een vergoeding voor de aanschaf daarvan worden toegekend als aan onderstaande voorwaarden wordt voldaan: a. de meeneembare voorziening is naar verwachting gedurende minimaal zes maanden noodzakelijk om de medewerker zijn of haar werk te kunnen laten uitvoeren; b. er is sprake van een dienstverband voor de duur van tenminste zes maanden en voor minimaal 12 uur per week;

Huidige tekst (was) Re-integratieverordening Participatiewet Veenendaal 2015 worden gedaan op een voorliggende voorziening; d. de meeneembare voorziening behoort niet tot de standaarduitrusting van de belanghebbende en is evenmin algemeen gebruikelijk binnen de betreffende branche; e. de kosten van de mee te nemen voorziening dienen proportioneel te zijn.

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal c. er kan voor de meeneembare voorziening geen beroep worden gedaan op een voorliggende voorziening; d. de meeneembare voorziening behoort niet tot de standaarduitrusting van de medewerker en is evenmin algemeen gebruikelijk binnen de betreffende branche; en e. de kosten van de mee te nemen voorziening zijn proportioneel

Type wijziging

Artikel 14 lid 5 Meeneembare voorziening Een meeneembare voorziening die in natura wordt toegekend wordt in beginsel in bruikleen beschikbaar gesteld aan de belanghebbende tenzij sprake is van een individuele maatwerkvoorziening of dat bruikleen gezien de aard van de voorziening niet mogelijk of wenselijk is.

Artikel 4.1.14 lid 4 Meeneembare voorzieningen Een meeneembare voorziening die in natura wordt toegekend wordt in beginsel in bruikleen beschikbaar gesteld aan de medewerker tenzij sprake is van een individuele maatwerkvoorziening of dat bruikleen gezien de aard van de voorziening niet mogelijk of wenselijk is.

Technisch: Reden: Verbeterde formulering

Artikel 15. Nadere regels Het college stelt bij nadere regels vast:

Artikel 4.1.15 Nadere regels Het college kan nadere regels vaststellen over:

Technisch: Reden: Verbeterde formulering

Artikel 15 lid 2 Nadere regels Voor welke vergoeding als genoemd in artikel 12, naar hoogte en duur een werkgever in aanmerking komt.

Artikel 4.1.15 lid 2 Nadere regels De hoogte en de duur van de loonkostensubsidie waarvoor een werkgever in aanmerking komt zoals genoemd in artikel 4.1.12. Artikel 4.1.15 lid 4 Nadere regels Vwb Beschut werk

Technisch: Reden: Verbeterde formulering

Artikel 15 lid 4 Nadere regels Vwb Beschut werk

Artikel 16. Intrekken oude verordening en overgangsrecht 1. De Re- integratieverordening Veenendaal 2013 wordt ingetrokken. 2. Een persoon die gebruik maakt van een toegekende voorziening op grond van de Reintegratieverordening Veenendaal 2013, die moet worden beëindigd

38

Dit artikel komt te vervallen

Technisch: Reden: Verbeterde formulering Technisch Reden: Deze bepaling komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

Huidige tekst (was) Re-integratieverordening Participatiewet Veenendaal 2015 op grond van deze verordening, behoudt deze voorziening voor zover wordt voldaan aan de voorwaarden uit de Reintegratieverordening Veenendaal 2013 voor de duur: a. van 12 maanden, gerekend vanaf de inwerkingtreding van deze verordening, of b. dat deze is verstrekt, als dat korter is dan de periode als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a. 3. Het college kan na afloop van de in het eerste lid, onderdeel a, bedoelde periode, besluiten of een voorziening wordt voortgezet. 4. De Re- integratieverordening Veenendaal 2013 blijft van toepassing ten aanzien van een voortgezette voorziening als bedoeld in het tweede lid.

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal

Type wijziging

Artikel 17. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Reintegratieverordening Participatiewet Veenendaal 2015.

Dit artikel is komen te vervallen

Technisch Reden: Deze bepaling komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

39

– Was-wordt tabel – vervanging Verordening Loonkostensubsidie Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Huidige tekst (was) Nieuwe tekst (wordt) Verordening Integrale Verordening Sociaal Loonkostensubsidie Domein Veenendaal Artikel 4.2.1 Definities Dit artikel is nieuw. De Artikel 4.2.1 Definities nummering van de volgende In deze paragraaf en de daarop artikelen is op basis hiervan berustende bepalingen wordt aangepast. verstaan onder: a. Loonwaarde: De loonwaarde is de waarde van de arbeidsprestatie van een (potentiele) werknemer in een bepaalde functie op een bepaald moment waarbij die arbeidsprestatie wordt vergeleken met de arbeidsprestatie in de normfunctie. b. UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen Artikel 2 lid 1 Vaststelling Artikel 4.2.3 lid 1 Vaststelling loonwaarde loonwaarde Het college past een loonwaarde Het college past een loonwaarde methodiek toe om de loonwaarde methodiek toe om de loonwaarde van een persoon vast te stellen. De loonwaarde is de waarde van van een persoon vast te stellen. de arbeidsprestatie van een (potentiele) werknemer in een bepaalde functie op een bepaald moment. Die arbeidsprestatie wordt vergeleken met de arbeidsprestatie in de normfunctie. Artikel 2 lid 3 Vaststelling loonwaarde De methodiek voldoet aan de volgende kwaliteitseisen: • a. de loonwaarde hangt niet af van degene die de loonwaarde bepaalt; • b.

het is transparant hoe de loonwaarde tot stand is gekomen; • c. de methode is inzichtelijk zijn beschreven; • d. de methode is betrouwbaar; • e. de methode bevat richtlijnen om te komen tot de loonwaarde van een werknemer op een werkplek, die de

40

Artikel 4.2.3 lid 4 Vaststelling loonwaarde De methodiek die gebruikt wordt door deskundigen zoals omschreven in lid 2 en 3 voldoet aan de volgende kwaliteitseisen: a. de loonwaarde hangt niet af van degene die de loonwaarde bepaalt; b. het is transparant hoe de loonwaarde tot stand komt; c. de methode is inzichtelijk beschreven; d. de methode is betrouwbaar; en

Type wijziging

Technisch Reden: Tekstuele aanvulling in verband met de structuur van de verordening.

Technisch Reden: Tekstuele wijziging in verband met de structuur van de verordening. De definitie die hier is komen te vervallen komt terug in artikel 4.2.1

Technisch: Reden: Verbeterde formulering

Huidige tekst (was) Verordening Loonkostensubsidie prestatie van de werknemer weergeeft.

Artikel 3. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Veenendaal 2015.

41

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal e. de methode bevat richtlijnen om te komen tot de loonwaarde van een werknemer op een werkplek, die de prestatie van de werknemer weergeeft. Dit artikel komt te vervallen.

Type wijziging

Technisch Reden: Deze bepaling komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

– Was-wordt tabel – vervanging Verordening Individuele Inkomenstoeslag Veenendaal 2015 Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Huidige tekst (was) Nieuwe tekst (wordt) Verordening Individuele Integrale Verordening Sociaal Inkomenstoeslag Veenendaal Domein Veenendaal 2015 Artikel 1 Begrippen Artikel 4.3.1 Definities In deze verordening wordt In deze paragraaf en de daarop verstaan onder: berustende a. inkomen: totaal van het bepalingenverordening wordt inkomen, bedoeld in artikel 32 verstaan onder: van de Pw, en de algemene a. inkomen: totaal van het bijstand met dien verstande dat inkomen, bedoeld in artikel 32 voor de zinsnede 'een periode van de Pw, en de algemene waarover een beroep op bijstand bijstand met dien verstande dat wordt gedaan' moet worden voor de zinsnede 'een periode gelezen 'de referteperiode'. Een waarover een beroep op bijstand bijstandsuitkering wordt, in wordt gedaan' moet worden afwijking van artikel 32 van de gelezen 'de referteperiode'. Een Pw, voor de beoordeling van het bijstandsuitkering wordt, in recht op individuele afwijking van artikel 32 van de inkomenstoeslag als inkomen Pw, voor de beoordeling van het gezien; recht op individuele b. peildatum: datum waartegen inkomenstoeslag als inkomen een persoon individuele gezien; inkomenstoeslag aanvraagt; b. peildatum: datum waartegen c.

referteperiode: periode van een persoon individuele 36 maanden voorafgaand aan de inkomenstoeslag aanvraagt; peildatum. c. referteperiode: periode van 36 maanden voorafgaand aan de peildatum. Artikel 4. Hoogte individuele inkomenstoeslag 1. Een individuele inkomenstoeslag bedraagt per kalenderjaar: a. € 350 voor een alleenstaande; b. € 450 voor een alleenstaande ouder; c. € 500 voor gehuwden. 2. Als een van de gehuwden is uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag ingevolge de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de Participatiewet, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag

42

Artikel 4.3.4 Hoogte individuele inkomenstoeslag 1. Een individuele inkomenstoeslag bedraagt per kalenderjaar: a. € 378,00 voor een alleenstaande; b. € 485,00 voor een alleenstaande ouder; c. € 540,00 voor gehuwden. 2. Als een van de gehuwden is uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag ingevolge de artikelen 11 of 13, eerste lid, van de Pw, komt de rechthebbende echtgenoot in aanmerking voor een individuele inkomenstoeslag naar de

Type wijziging

Technisch Reden: Tekstuele wijziging in verband met de structuur van de verordening.

Technisch Reden: Aanpassing bedragen

Huidige tekst (was) Verordening Individuele Inkomenstoeslag Veenendaal 2015 naar de hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. 3. Voor toepassing van het eerste en tweede lid is de situatie op de peildatum bepalend. 4. De bedragen genoemd in het eerste lid worden jaarlijks geïndexeerd overeenkomstig de ontwikkelingen van de consumentenprijsindex volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. De bedragen worden naar boven afgerond op hele euro's. Artikel 5. Intrekken oude verordening De 'Verordening langdurigheidstoeslag 2011' wordt ingetrokken. Artikel 6. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening individuele inkomenstoeslag gemeente Veenendaal 2015.

43

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal hoogte die voor hem als alleenstaande of alleenstaande ouder zou gelden. 3. Voor toepassing van het eerste en tweede lid is de situatie op de peildatum bepalend. 4. De bedragen genoemd in het eerste lid worden jaarlijks met ingang van 1 januari geïndexeerd overeenkomstig de ontwikkelingen van de consumentenprijsindex volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. De bedragen worden naar boven afgerond op hele euro's. Artikel 4.3.5 Intrekken oude verordening Dit artikel komt te vervallen.

Artikel 4.3.6. Inwerkingtreding en citeertitel Dit artikel komt te vervallen.

Type wijziging

Technisch Reden: Dit artikel komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt. Technisch Reden: Dit artikel komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

-Was-wordt tabel – vervanging Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Veenendaal Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Huidige tekst (was) Nieuwe tekst (wordt) Verordening Integrale Verordening Sociaal loonkostensubsidie Domein Veenendaal Participatiewet Veenendaal Dit artikel is nieuw. De Artikel 4.2.1 Definities nummering van de volgende In deze paragraaf en de daarop artikelen is op basis hiervan berustende bepalingen wordt aangepast. verstaan onder: a. Loonwaarde: De loonwaarde is de waarde van de arbeidsprestatie van een (potentiele) werknemer in een bepaalde functie op een bepaald moment waarbij die arbeidsprestatie wordt vergeleken met de arbeidsprestatie in de normfunctie. b. UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen. Artikel 1. Vaststelling wie tot doelgroep loonkostensubsidie behoort 1. Het college stelt vast of een persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. 2. Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht: a. een persoon behoort tot de doelgroep zoals omschreven in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet, of als bedoeld in artikel 10d, tweede lid, van de Participatiewet; b. die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk minimumloon te verdienen; en c. die persoon heeft mogelijkheden tot arbeidsparticipatie. 3.

Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan het college adviseren met betrekking tot het oordeel of een persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. Het UWV neemt daarbij de in het tweede lid neergelegde criteria in acht.

44

Artikel 4.2.2 Vaststelling wie tot doelgroep loonkostensubsidie behoort 1. Het college stelt vast of een persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. 2. Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht: a. een persoon behoort tot de doelgroep zoals omschreven in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Pw, of als bedoeld in artikel 10d, tweede lid, van de Pw; b. die persoon is niet in staat met voltijdse arbeid het wettelijk minimumloon te verdienen; en c. die persoon heeft mogelijkheden tot arbeidsparticipatie. 3. Het UWV kan het college adviseren met betrekking tot het oordeel of een persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. Het UWV neemt daarbij de in het tweede lid neergelegde criteria in acht.

Type wijziging

Technisch Reden: Tekstuele aanvulling in verband met de structuur van de verordening.

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Huidige tekst (was) Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Veenendaal

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal

Type wijziging

Artikel 2 Lid 1 Vaststelling loonwaarde 1. Het college past een loonwaarde methodiek toe om de loonwaarde van een persoon vast te stellen. De loonwaarde is de waarde van de arbeidsprestatie van een (potentiele) werknemer in een bepaalde functie op een bepaald moment. Die arbeidsprestatie wordt vergeleken met de arbeidsprestatie in de normfunctie.

Artikel 4.2.3 Vaststelling loonwaarde 1. Het college past een loonwaarde methodiek toe om de loonwaarde van een persoon vast te stellen.

Technisch Reden: Tekstuele wijziging in verband met de structuur van de verordening. De definitie die hier is komen te vervallen komt terug in artikel 4.2.1

3. De methodiek voldoet aan de volgende kwaliteitseisen: a. de loonwaarde hangt niet af van degene die de loonwaarde bepaalt; b. het is transparant hoe de loonwaarde tot stand is gekomen; c. de methode is inzichtelijk zijn beschreven; d. de methode is betrouwbaar; e. de methode bevat richtlijnen om te komen tot de loonwaarde van een werknemer die de prestatie van de werknemer weergeeft.

4. De methodiek die gebruikt wordt door deskundigen zoals omschreven lid 2 en lid 3 van artikel 2 voldoet aan de volgende kwaliteitseisen: a. de loonwaarde hangt niet af van degene die de loonwaarde bepaalt; b. het is transparant hoe de loonwaarde tot stand komt; c. de methode is inzichtelijk beschreven; d. de methode is betrouwbaar; en e. de methode bevat richtlijnen om te komen tot de loonwaarde van een werknemer die de prestatie van de werknemer weergeeft.

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Artikel 3. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2015. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening loonkostensubsidie Participatiewet Veenendaal 2015.

Dit artikel komt te vervallen.

Technisch Reden: Deze bepaling komt te vervallen op deze plaats, omdat deze bepaling op hoofdstuk 7 Slotbepalingen komt.

45

– Was-wordt tabel – vervanging Verordening tegenprestatie Participatiewet Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Huidige tekst (was) Nieuwe tekst (wordt) Verordening tegenprestatie Integrale Verordening Sociaal Participatiewet gemeente Domein Veenendaal Veenendaal 2015) Algemeen Algemeen Het woord “belanghebbende” wordt vervangen door “persoon” Artikel 1 Begrippen In deze verordening wordt verstaan onder: • uitkering: een uitkering op grond van de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) en de van de Wet Inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ); • vrijwilligerswerk: werk dat in enig verband onverplicht en onbetaald wordt verricht, voor anderen of de samenleving; • tegenprestatie: het verrichten van naar vermogen door het college opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, die worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid en die niet leiden tot verdringing van de arbeidsmarkt; • mantelzorg: langdurige zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende door personen uit diens directe omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van

46

Artikel 4.4.1 Definities In deze paragraaf en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: a. vrijwilligerswerk: werk dat in enig verband onverplicht en onbetaald wordt verricht, voor anderen of de samenleving; b. tegenprestatie: het verrichten van naar vermogen door het college opgedragen onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, die worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid en die niet leiden tot verdringing van de arbeidsmarkt;

Type wijziging

Technisch Reden: Verbeterde formulering Technisch Reden: Wijziging van titel voor eenduidigheid in de Integrale Verordening. De definities die hier vervallen komen terug in hoofdstuk 1: Algemene bepalingen.

Huidige tekst (was) Verordening tegenprestatie Participatiewet gemeente Veenendaal 2015) huisgenoten voor elkaar overstijgt. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet Werk en bijstand, de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht.

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal

Type wijziging

Artikel 2. Inhoud van een tegenprestatie 1. Het college kan onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, inzetten als tegenprestatie voor zover die werkzaamheden: a) naar zijn aard niet zijn gericht op toeleiding tot de arbeidsmarkt; b) niet zijn bedoeld als reintegratie instrument; c) worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid in de organisatie waarin ze worden verricht en d) niet leiden tot verdringing. 2. Het college stelt ter nadere uitvoering van deze verordening een beleidsplan en beleidsregels vast waarin wordt vastgelegd welke aanvullende voorwaarden daarbij gelden voor zover daarover in deze verordening geen nadere bepalingen zijn opgenomen.

Artikel 4.4.2 Inhoud van een tegenprestatie 1. Het college kan onbeloonde maatschappelijk nuttige werkzaamheden, die additioneel van aard zijn, inzetten als tegenprestatie voor zover die werkzaamheden: a) naar zijn aard niet zijn gericht op toeleiding tot de arbeidsmarkt; b) niet zijn bedoeld als reintegratie instrument; c) worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid in de organisatie waarin ze worden verricht en d) niet leiden tot verdringing van de arbeidsmarkt. 2. Het college kan ter nadere uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen waarin wordt vastgelegd welke aanvullende voorwaarden gelden voor zover daarover in deze verordening geen bepalingen zijn opgenomen.

Technisch Reden: - Verbeterde formulering - Vaststellen van nadere regels kan in beleidsregels.

Artikel 5. Lid 1 sub e Vrijstelling een alleenstaande ouder vrijstelling heeft van de arbeidsplicht hebben in verband met de zorg voor (een) kind(eren) in de leeftijd tot 5 jaar.

Artikel 4.4.5. lid 1 sub e Vrijstelling de persoon als een alleenstaande ouder, vrijstelling heeft van de arbeidsplicht in verband met de zorg voor (een) kind(eren) in de leeftijd tot 5 jaar.

Technisch Reden: Verbeterde formulering

47

– Was-wordt tabel – vervanging Verordening Minimaregelingen Veenendaal Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Huidige tekst (was) Nieuwe tekst (wordt) Verordening Minimaregelingen Integrale Verordening Sociaal Veenendaal Domein Veenendaal Algemeen Algemeen - Het woord ‘verordening’ wordt vervangen door ‘paragraaf’ - Het woord ‘voorzieningen’ wordt vervangen met ‘vergoeding’ - Het woord ‘regeling’ wordt vervangen met ‘vergoeding’ - Het woord ‘belanghebbende’ wordt vervangen door ‘aanvrager’ - Het woord ‘rechthebbende’ wordt vervangen door ‘aanvrager’ - Het woord ‘Veenendaler(s)’ wordt vervangen door ‘inwoner(s) - Het woord ‘gezin’ wordt vervangen door ‘huishouden’ - Het woord ‘verstrekking’ wordt vervangen door ‘verstrekking’ Artikel 4.5.1 Definities Artikel 1. Begrippen 1. In deze paragraaf en de daarop 1. In deze verordening wordt berustende bepalingen wordt verstaan onder: verstaan onder: a. aanvrager: de inwoner van de a. aanvrager: de inwoner van de gemeente Veenendaal die ten gemeente Veenendaal die ten behoeve van zichzelf, zijn behoeve van zichzelf, zijn partner of zijn kind(eren) een partner of zijn kind(eren) een vergoeding op grond van deze vergoeding op grond van deze verordening aanvraagt; verordening aanvraagt; b. college: college van b. aanvraagperiode: de periode burgemeester en wethouders; waarin een aanvraag kan c.

de doelgroep: inwoners van de gemeente Veenendaal met worden ingediend zoals nader verwoord onder sub g. een laag inkomen en de tot c. de doelgroep: inwoners van de hun last komende kinderen; gemeente Veenendaal met d. de gemeente: de gemeente een laag inkomen en de tot Veenendaal; hun last komende kinderen; e. jaar: kalenderjaar; d. huishouden: een aantal f. kind: een persoon jonger dan personen dat in gezinsverband 18 jaar die ingeschreven staat leeft en als zodanig als een in de gemeente Veenendaal in eenheid wordt beschouwd de Basisregistratie personen e. peildatum: voor wie aan de alleenstaande o Aanvraagperiode 1 ouder of gehuwde ouders januari 2021 tot en kinderbijslag op grond van met 31 december artikel 18 van de Algemene Kinderbijslagwet wordt betaald 2021: kalenderjaar; o Aanvraagperiode 1 of zal worden betaald vanaf december 2021 tot en het eerstvolgende kwartaal of met 30 juni 2023 het pleegkind jonger dan 18 jaar waarvoor een

48

Type wijziging

Technisch Reden: Verbeterde formulering

Technisch Reden: - Wijziging van titel voor eenduidigheid in de Integrale Verordening. De definities die hier vervallen komen terug in hoofdstuk 1: Algemene bepalingen. - 1.b is een toevoeging wegens verbeterde formulering - 1.d is een toevoeging wegens verbeterde formulering - 1.e: het is voor aanbieders en inwoners praktischer om voor het merendeel van de regelingen aangezien deze relatie hebben met het school-, sport- of cultureel jaar. - 1.g en 1.h: verbeterde formuleringen.

Huidige tekst (was) Verordening Minimaregelingen Veenendaal pleegvergoeding wordt ontvangen op grond van artikel 5.3, lid 1, van de Jeugdwet; g. peildatum: 31 december van het jaar voorafgaand aan de aanvraag; h. uitvoerder: de uitvoerende instantie die namens het college de regelingen met betrekking tot de Verordening Minimaregelingen uitvoert; i. norm: wettelijk minimum/ bijstandsnorm, het bedrag, bedoeld in artikel 5, onder c, van de Participatiewet. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Gemeentewet.

Artikel 2 Reikwijdte en doelstelling verordening Deze verordening heeft tot doel: a. het vergroten van de kansen om de spiraal van armoede te doorbreken; b. het bevorderen van sport en andere vormen van maatschappelijke participatie; c. het voorkomen van sociale uitsluiting; d. het bevorderen dat schoolgaande kinderen zo min mogelijk belemmeringen ondervinden als gevolg van het feit dat hun ouders tot de minima behoren;

49

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal o Vanaf 1 juli 2023: van de lopende aanvraagperiode van 1 juli tot en met 30 juni van het daaropvolgende kalenderjaar; f. Norm: wettelijke minimum/bijstandsnorm, het bedrag, bedoeld in artikel 5, onder c van de Pw; g. kind: een persoon jonger dan 18 jaar voor wie aan de alleenstaande ouder of gehuwde ouders, die ingeschreven staat in de gemeente Rhenen in de Basisregistratie personen, kinderbijslag op grond van artikel 18 van de Algemene Kinderbijslagwet wordt betaald of zal worden betaald vanaf het eerstvolgende kwartaal of het pleegkind jonger dan 18 jaar waarvoor een pleegvergoeding wordt ontvangen op grond van artikel 5.3, lid 1, van de Jeugdwet; h. uitvoerder: de uitvoerende instantie die namens het college de minimaregelingen uit de Integrale Verordening uitvoert; Artikel 4.5.2 Reikwijdte en doelstelling paragraaf Deze paragraaf heeft tot doel: a. het vergroten van de kansen van de doelgroep om de spiraal van armoede te doorbreken; b. het bevorderen van sport en andere vormen van maatschappelijke participatie bij de doelgroep; c. het voorkomen van sociale uitsluiting van de doelgroep; d. het bevorderen dat schoolgaande kinderen zo min mogelijk belemmeringen

Type wijziging

Technisch Reden: - Verbeterde formulering - lid 2 en 3 zijn samengevoegd - lid 4 en 5 zijn samengevoegd - lid 7 en 8 zijn samengevoegd - lid 7 (was), lid 5 sub a (wordt) is een inhoudelijke wijziging - lid 9 (was), lid 6 (wordt) is een inhoudelijke wijziging

Huidige tekst (was) Verordening Minimaregelingen Veenendaal e. het tegengaan van onderverzekering op het gebied van ziektekostendekking 2. Er bestaat alleen recht op vergoedingen op basis van deze verordening voor inwoners van de gemeente Veenendaal met een inkomen dat niet hoger is dan maximaal 120% van de norm of die in de schuldsanering zit. 3. Voor inwoners die in de schuldhulpverlening zitten is de norm van 100% van het wettelijk minimum toepasbaar. 4. Bij vaststelling van het inkomen wordt de vermogenstoets, zoals omschreven in artikel 31 van de Participatiewet, toegepast met uitzondering op het vermogen in de vorm van een eigen woning. Deze wordt niet meegerekend. 5. Bij de vaststelling van het inkomen wordt de kostendelersnorm, zoals omschreven in de artikelen 19a en 22a van de Participatiewet, toegepast. 6. Er bestaat recht op de voorzieningen voor zover de leeftijd van de belanghebbende voldoet aan de voorwaarden als genoemd bij de specifieke voorzieningen. 7. Geen recht op een in deze verordening genoemde minimaregeling heeft de belanghebbende die op het moment van aanvraag in detentie of een asielzoekerscentrum verblijft of studiefinanciering ontvangt. 8.

Geen recht op een in deze verordening genoemde minimaregeling heeft de belanghebbende aan wie op grond van artikel 11 van de Participatiewet geen bijstand kan worden verleend omdat deze persoon geen Nederlander dan wel een daaraan gelijkgestelde vreemdeling is. 9. Vergoedingen worden verstrekt in natura. 10. Bij een vergoeding mag altijd worden bijbetaald. Het betreft dan een tegemoetkoming in de kosten.

50

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal ondervinden als gevolg van het feit dat hun ouders tot de doelgroep behoren; e. het tegengaan van onderverzekering op het gebied van ziektekostendekking van de doelgroep. 2. Er bestaat alleen recht op vergoedingen op basis van deze paragraaf voor: a. inwoners met een inkomen dat niet hoger is dan maximaal 120% van de norm; of b. inwoners die in de schuldhulpverlening zitten waarbij zij voor dezelfde vergoedingen in aanmerking komen als inwoners met de norm van 100% van het wettelijk minimum. 3. Bij vaststelling van het inkomen worden toegepast: a. de vermogenstoets, zoals omschreven in artikel 31 van de Pw, met uitzondering op het vermogen in de vorm van een eigen woning, deze wordt niet meegerekend; en b. de kostendelersnorm, zoals omschreven in de artikelen 19a en 22a van de Pw. 4. Er bestaat recht op een vergoeding als de leeftijd van de aanvrager voldoet aan de voorwaarden als gesteld bij de specifieke voorzieningen. 5. Geen recht op een in deze paragraaf genoemde vergoeding heeft de aanvrager: a. die op het moment van aanvraag in detentie of een asielzoekerscentrum verblijft of studiefinanciering ontvangt met uitzondering van (alleenstaande) ouder(s) met studiefinanciering; of

Type wijziging

- lid 8: Deze bepaling is nieuw. Dit was altijd al zo maar stond niet in de verordening.

Huidige tekst (was) Verordening Minimaregelingen Veenendaal

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal b. aan wie op grond van artikel 11 van de Pw geen bijstand kan worden verleend omdat deze persoon geen Nederlander dan wel een daar aan gelijkgestelde vreemdeling is. 6. Vergoedingen worden verstrekt in natura behoudens bij de collectieve ziektekostenverzekering waarbij de vergoeding ziet op een korting op de ziektekostenverzekering. 7. Bij een vergoeding mag altijd worden bijbetaald. Het betreft dan een tegemoetkoming in de kosten. 8. Het recht op een vergoeding kan niet meegenomen worden naar een volgende aanvraagperiode.

Type wijziging

Artikel 2. Reikwijdte en doelstelling verordening 9. Vergoedingen worden verstrekt in natura

Artikel 4.5.2 Reikwijdte en doelstelling paragraaf 6. Vergoedingen worden verstrekt in natura behoudens bij de collectieve ziektekostenverzekering waarbij de vergoeding ziet op een korting op de ziektekostenverzekering.

Inhoudelijk Reden: Verduidelijking, verbeterde formulering

Artikel 3. Inhoud voorzieningen De voorzieningen bedoeld in artikel 2, eerste lid, bestaan uit regelingen voor: a. Maatschappelijke participatie; b. Sport 18+; c. Vergoeding ID kaart; d. Computer en/of tablet basisschool; e. Schoolkosten middelbare school; f. Mobiele telefoon; g. Fiets; h. Kledingpakket; i. Collectieve ziektekostenverzekering.

Artikel 4.5.3 Inhoud vergoedingen 1. De vergoedingen bedoeld in artikel 4.5.2, tweede lid, bestaan uit regelingen voor: a. Maatschappelijke participatie; b. Sport en bewegen volwassenen; c. Vergoeding ID kaart; d. Computer of tablet basisschool; e. Schoolkosten middelbare school; f. Mobiele telefoon; g. Fiets; h. Kledingpakket; i. Collectieve ziektekostenverzekering. j. Huiswerkbegeleiding

Technisch Reden: - Verbeterde formulering. - sub j is een inhoudelijke wijziging (zie artikel 4.5.14)

Artikel 4 lid 5 Aanvragen

Artikel 4.5.4 Aanvragen

Technisch

51

Huidige tekst (was) Verordening Minimaregelingen Veenendaal 5. Vergoedingen kunnen tot en met 31 december van het kalenderjaar waarin de kosten zich voordoen worden aangevraagd.

Artikel 4. Aanvragen Deze bepaling is nieuw

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal 5. Aanvragen voor vergoedingen kunnen ingediend worden in de volgende periode: a. 1 januari 2021 tot en met 31 december 2021; b. 1 december 2021 tot en met 30 juni 2023; c. Vanaf 1 juli 2023 : 1 juli van het betreffende kalenderjaar tot en met 30 juni van het daaropvolgende kalenderjaar. Artikel 4.5.4 Aanvragen 6. Aanvragen voor deelname aan de collectieve ziektekostenverzekering zoals vermeld in artikel 4.5.13 voor een komend kalenderjaar, kunnen worden ingediend voor 1 januari van dat komende kalenderjaar. In bijzondere gevallen kan het college besluiten af te wijken van deze datum.

Type wijziging

Reden: Het is voor aanbieders en inwoners praktischer is voor het merendeel van de regelingen aangezien deze relatie hebben met het school-, sport- of cultureel jaar. Inhoudelijk Reden: Verduidelijking

Artikel 5. Maatschappelijke participatie

Artikel 4.5.5 Maatschappelijke participatie (Doe mee-budget)

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 5 lid 3. Maatschappelijke participatie Het maximale bedrag waarvoor de rechthebbende per periode vergoedingen kan aanvragen is bij een inkomen:

Artikel 4.5.5 lid 3 Maatschappelijke participatie (Doe-mee-budget)

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

- tot en met 100% van de norm, € 100,- per jaar; - van meer dan 100% maar minder of gelijk aan 110% van de norm, € 75,per jaar; - van meer dan 110% maar minder of gelijk aan 120% van de norm, € 50,per jaar. Artikel 5 lid 4 Maatschappelijke participatie 4. De vergoeding voor maatschappelijke participatie is een persoonlijke vergoeding welke voor elk lid van het huishouden aangevraagd kan worden.

52

3. Het maximale bedrag waarvoor de aanvrager per periode vergoedingen kan aanvragen is bij een inkomen: tot en met 100% van de norm: € 100,00; van meer dan 100% maar minder of gelijk aan 110% van de norm: € 75,00; van meer dan 110% maar minder of gelijk aan 120% van de norm, € 50,00.

Artikel 4.5.5 lid 6 Maatschappelijke participatie (Doe mee-budget) 5. De vergoeding voor maatschappelijke participatie is een persoonlijke vergoeding welke voor elk lid van het huishouden aangevraagd kan worden.

Technisch Reden: Omnummering vanwege nieuwe bepaling lid 4 en 5.

Huidige tekst (was) Verordening Minimaregelingen Veenendaal Artikel 6. Sportbudget 18+ 1. Het college kan een vergoeding aan Veenendalers, ouder dan 18 jaar verstrekken voor de kosten van een sportabonnement. Artikel 6. Sportbudget 18+ Het maximale bedrag waarvoor de rechthebbende per periode vergoedingen kan aanvragen is bij een inkomen: - tot en met 100% van de norm, € 100,- per jaar; - van meer dan 100% maar minder of gelijk aan 110% van de norm, € 75,- per jaar; - van meer dan 110% maar minder of gelijk aan 120% van de norm, € 50,- per jaar.

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal Artikel 4.5.6 Sport en bewegen volwassenen 1. Het college kan een vergoeding aan inwoners, van 18 jaar en ouder verstrekken voor de kosten van een sportabonnement Artikel 4.5.6 Sport en bewegen volwassenen Het maximale bedrag waarvoor de aanvrager per periode vergoedingen kan aanvragen is bij een inkomen: tot en met 100% van de norm: € 100,00; van meer dan 100% maar minder of gelijk aan 110% van de norm: € 75,00; van meer dan 110% maar minder of gelijk aan 120% van de norm: € 50,00.

Type wijziging

Technisch Reden: Verbeterde formulering. Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 6. Sportbudget 18+ Deze bepaling is nieuw

Artikel 4.5.6 lid 4 Sport en bewegen In afwijking op het gestelde in lid 3 zijn in de aanvraagperiode die loopt van 1 december 2021 tot en met 30 juni 2023, de maximale bedragen waarvoor aanvrager vergoedingen kan aanvragen bij een inkomen: tot en met 100% van de norm: € 150,00; van meer dan 100% maar minder of gelijk aan 110% van de norm: € 112,50; van meer dan 110% maar minder of gelijk aan 120% van de norm, € 75,00.

Technisch Reden: Aanvraagtermijn is aangepast. Dan moet het budget ook worden aangepast

Artikel 6 lid 4 Sportbudget 18+ 4. De vergoeding voor sport is een persoonlijke vergoeding welke voor elk lid van het huishouden dat op de peildatum 18 jaar of ouder is, aangevraagd kan worden.

Artikel 4.5.6 lid 6 Sport en bewegen volwassenen 6. De vergoeding voor sport is een persoonlijke vergoeding welke voor elk lid van het huishouden dat op de 18 jaar of ouder is, aangevraagd kan worden.

Technisch Reden: Omnummering vanwege nieuwe bepaling lid 4 en 5.

Artikel 7. Vergoeding ID-kaart 1. Het college kan een vergoeding aan Veenendalers, ouder dan 14 jaar verstrekken voor de kosten van een ID-kaart Artikel 7 lid 2 en 3 Vergoeding IDkaart

Artikel 4.5.7 lid 1 Identiteitsbewijs 1. Het college kan een vergoeding aan verstrekken voor de kosten van een ID-kaart.

Technisch Reden: Verbeterde formulering.

Artikel 4.5.7 Lid 2 en 3 ID-kaart

Technisch Reden:

53

Huidige tekst (was) Verordening Minimaregelingen Veenendaal Deze bepalingen zijn nieuw. De volgende bepalingen zijn op basis hiervan in nummering aangepast.

Nieuwe tekst (wordt) Integrale Verordening Sociaal Domein Veenendaal 2. De vergoeding betreft de werkelijke kosten voor het verlengen of aanvragen van een Nederlandse identiteitskaart. 3. Indien een inwoner in het bezit is van een verblijfsdocument voor onbepaalde tijd of duurzaam verblijf dan kan hij een vergoeding krijgen voor de werkelijke kosten van de verlenging van het verblijfsdocument voor onbepaalde tijd of duurzaam verblijf.

Artikel 7 lid 3 en 4 Vergoeding IDkaart 3. De aanvrager kan voor ieder kind die op de peildatum de leeftijd heeft van 14 tot en met 17 jaar, eenmalig voor vergoeding van de kosten voor een ID-kaart in aanmerking komen tot de kostprijs van die kaart (in 2019 was dit € 29,90). 4. De aanvrager, ouder dan 18 jaar, kan elke tien jaar in aanmerking komen voor vergoeding van de kosten voor een ID-kaart, tot de kostprijs van die kaart (in 2019 was dit € 56,80). Artikel 7 lid 2 Vergoeding ID-kaart Om in aanmerking te komen voor een vergoeding van een ID-kaart, moet de aanvrager voldoen aan beide onderstaande voorwaarden: a. de aanvrager is op de peildatum 14 jaar of ouder; b. Er is aan de aanvrager de afgelopen periode geen vergoeding voor een ID-kaart vanuit de Verordening minimaregelingen verstrekt: i. Deze periode betreft vijf jaar voor aanvragers van 14 tot 18 jaar en ii. tien jaar voor aanvragers ouder dan 18 jaar.

Artikel 4.5.7 ID-kaart Deze bepaling komt te vervallen en lid 2 komt daarvoor in de plaats.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9933804/2