CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

17-01 2022R0073 raadsvoorstel en besluit advies participatie en delegatie

Gemeenteraad 31 oktober 2022, gemeente VeendamBij agendapunt: Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten.1.846 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeentebestuur van Veendam Raadsvoorstel - Adviesnota

Nummer: Datum voorstel: Raadsvergadering d.d.: Portefeuillehouder: Team: Onderwerp:

Voorstel 1. 2.

2022R0073 12-09-2022 31-10-2022 Wethouder H.J. Schmaal Omgevingsbeleid en Ontwikkeling Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten

Het bijgevoegde document “Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten” vast te stellen; Het bijgevoegde “Delegatiebesluit wijzigen omgevingsplan” vast te stellen.

Inleiding Op 1 januari 2023 is de beoogde inwerkingtreding van de Omgevingswet. Op 12 juli jl. heeft de Eerste Kamer in principe ingestemd met de inwerkingtreding op 1 januari 2023. Het is echter nog onduidelijk of de ICT-problemen bij het digitaal stelsel (DSO) inmiddels zijn opgelost. In oktober wordt een nieuw advies verwacht van het adviescollege ICT-toetsing (AclICT). Wanneer blijkt dat de problemen niet zijn opgelost kan de Eerste Kamer alsnog besluiten om de invoering van de wet uit te stellen. Op 15 november as. zal er gestemd worden en daarmee ligt het besluit dan vast. Het doel van de Omgevingswet is “het bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit”. Daarnaast wil de wetgever door middel van de wet de fysieke leefomgeving “doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen ter vervulling van maatschappelijk behoeften”. Ook wordt gestreefd naar meer efficiency en een ja, mits-houding tegenover nieuwe initiatieven. Om deze doelen te kunnen behalen komt de wetgever met nieuwe kerninstrumenten, zoals de omgevingsvisie, programma’s en het omgevingsplan. Daarnaast wordt er een Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ontwikkeld. Deze instrumenten vragen een andere benaderingswijze en een andere manier van werken.

Door het implementeren van de kerninstrumenten en met name een nieuwe werkwijze wordt het mogelijk om de doelen van de Omgevingswet te behalen. In december 2021 heeft u al een aantal besluiten genomen over de opzet van het omgevingsplan, in eerste instantie ten behoeve van het pilotproject in Ommelanderwijk. Daarbij hebben wij al aangekondigd dat het noodzakelijk is voor de inwerkingtreding van de wet nog een aantal besluiten te nemen. Eén van deze besluiten is het door uw gemeenteraad aanwijzen van categorieën waarvoor adviesrecht van de gemeenteraad geldt. Tegelijkertijd moet uw gemeenteraad ook een aantal categorieën aanwijzen waarvoor verplichte participatie geldt. Het gaat in beide gevallen om buitenplanse omgevingsplanactiviteiten.

Raadsvoorstel: Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten pagina 1

Ook wordt voorgesteld om een delegatiebesluit vast te stellen. De gemeenteraad is het bevoegd gezag voor het wijzigen van het omgevingsplan. De gemeenteraad kan deze bevoegdheid (voor een deel) delegeren aan het college. Daarmee wordt voorkomen dat uw raad met elke wijziging belast wordt door daar een besluit over te moeten nemen. De grondslag hiervoor ligt in artikel 2.8 Omgevingswet. Verder is nog besluitvorming nodig over de advisering met betrekking tot erfgoed en welstand en participatiebeleid. Hiervoor worden u aparte voorstellen voorgelegd. Beoogd effect Duidelijkheid geven over wanneer de gemeenteraad gebruik wil maken van haar adviesrecht, wanneer participatie verplicht is bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten en in welke gevallen het college bevoegd is om het omgevingsplan te wijzigen. Argumenten 1.1 Uw raad dient zelf aan te geven wanneer de raad gebruik wil maken van dit adviesrecht. Een omgevingsvergunning om af te wijken van het omgevingsplan (buitenplanse omgevingsplanactiviteit) is een bevoegdheid van het college. De gemeenteraad heeft de mogelijkheid (artikel 16.15a lid b onder 1 Omgevingswet) om categorieën aan te wijzen wanneer ze advies wil geven over deze aanvragen. Dit is het adviesrecht van uw gemeenteraad en uw advies is bindend voor ons college.

Met het document “Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten” stelt uw raad vast voor welke categorieën de raad gebruik wil maken van het adviesrecht. 1.2 De lijst is gebaseerd op de verwachte ruimtelijke impact. Onder het huidige recht is geregeld dat in een aantal gevallen het college geen instemming van de raad hoeft te hebben als het college gebruik maakt van haar bevoegdheid om af te wijken van het bestemmingsplan. Ook heeft uw raad een algemene lijst vastgesteld van gevallen waarin het college geen verklaring van geen bedenkingen (VVGB) van de raad nodig heeft. Deze lijst was echter heel summier en de VVGB was alleen nog nodig wanneer het gaat over overschrijding van agrarische bouwblokken en uitbreiding van intensieve veehouderijen. Wel bestond de werkafspraak om alle voorgenomen afwijkingen schriftelijk ter consultatie voor te leggen aan de commissie Fysiek. De nieuwe lijst is gebaseerd op een inschatting van de ruimtelijke gevolgen van de daarin opgenomen categorieën activiteiten. Alleen de initiatieven met een relatief grote impact komen voor het adviesrecht in aanmerking .

Waarbij moet worden opgemerkt dat het adviesrecht met het oog op efficiency niet nodig is bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten die reeds vallen onder doelen of passen binnen kaders van door de gemeenteraad vastgestelde visies, nota’s of programma’s of andere besluiten, 1.3 Uw raad dient aan te geven wanneer participatie verplicht is bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Participatie is een belangrijk onderdeel van de Omgevingswet. Als een initiatief past in het omgevingsplan, dan is participatie voor de initiatiefnemer zeer aan te bevelen, maar niet verplicht. Op het moment dat een initiatiefnemer wil afwijken van het omgevingsplan dan is participatie ook niet verplicht, tenzij uw gemeenteraad dit verplicht stelt. Uw gemeenteraad kan daarvoor vooraf categorieën van gevallen aanwijzen. Participatie is dan verplicht. Met de gevallen genoemd in het document “Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten” stelt uw raad vast voor welke categorieën participatie (in ieder geval) verplicht is. 1.4 Uw raad mag participatie niet in alle gevallen verplicht stellen. "Altijd en overal" wordt niet gezien als een categorie. De lijst voor verplichte participatie moet specifiek gemaakt worden.

Met de lijst in het document "Adviesrecht en participatieplicht bij Raadsvoorstel: Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten pagina 2

buitenplanse omgevingsplanactiviteiten" wordt aan dit criterium voldaan. Maar ook in gevallen waarin participatie niet verplicht is gesteld, blijft participatie wel wenselijk. Bij het behandelen van conceptaanvragen in de Omgevingskamer zal ook altijd gevraagd worden of initiatiefnemers hun plannen al voorgelegd hebben aan de buurt en wat de reacties zijn en zal dit meegewogen worden in de beoordeling. 2.1 Het omgevingsplan moet aangepast worden aan een verleende onherroepelijke omgevingsvergunning Het omgevingsplan moet uiterlijk vijf jaren na het inwerking treden van een verleende onherroepelijke omgevingsvergunning worden aangepast (art. 4.17 Ow) overeenkomstig die vergunning. Het wijzigen van het omgevingsplan is in een dergelijk geval puur een uitvoeringstaak. 2.2 Delegatie is gebaseerd op huidige regelgeving Het college is onder het huidige recht het bevoegde gezag wanneer het gaat om het aanwijzen van gemeentelijke monumenten. Onder de Omgevingswet vindt deze aanwijzing uitsluitend nog plaats via een functieaanduiding in het omgevingsplan. Wij stellen u voor om hiervoor de bestaande bevoegdheidsverdeling in stand te laten. Dit geldt ook voor de zogenaamde “kruimelregeling”. De kruimelregeling is een lijst van gevallen, waarmee door middel van de reguliere vergunningprocedure van 8 weken, vergunning kan worden verleend om af te wijken van het bestemmingsplan.

De kruimelgevallen zijn opgenomen in artikel 4 van bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht (Bor). Met de komst van de Omgevingswet zal de huidige kruimellijst uit artikel 4 bijlage II bij het Bor komen te vervallen. De reden hiervoor is dat onder de Omgevingswet voor alle afwijkingen van het bestemmingsplan de reguliere procedure de standaard wordt. Omdat er sprake is van relatief kleine planologische wijzigingen wordt voorgesteld deze te delegeren naar het college. Dit is overigens alleen aan de orde als het initiatief niet met een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (bopa) mogelijk gemaakt kan worden. De bopa heeft (zeker zolang er nog sprake is van het tijdelijke omgevingsplan) de voorkeur boven een aanpassing van het omgevingsplan, omdat er minder (procedure-)tijd mee gemoeid is. Een wijziging van het plan is echter onontkoombaar als het initiatief ruimere gevolgen heeft dan alleen voor het perceel waarop het gepland is. 2.3 Nu in bestemmingsplannen opgenomen wijzings- en uitwerkingsbevoegdheden zijn vertaald naar het delegatiebesluit. In de huidige bestemmingsplannen staan wijzigings- en uitwerkingsbevoegdheden. Er is geen overgangsrecht dat deze na inwerkingtreding van de Omgevingswet nog gebruikt worden. Hierbij is er sprake van een eerder door de raad aan het college gegeven taak.

Het originele bestemmingsplan omvat het vastgestelde kader met de voorwaarden waaronder uitwerking of wijziging plaats kan vinden. Delegatie aan het college geeft de mogelijkheid tot uitvoering van de wijziging of uitwerking met een wijziging van het omgevingsplan op zoveel mogelijk dezelfde voet als nu, maar onder de regels van de Omgevingswet . Ook bij dergelijke initiatieven verdient de buitenplanse omgevingsplanactiviteit overigens de voorkeur. Kanttekeningen 1.1 Het is onduidelijk hoeveel activiteiten aangevraagd worden waarvoor het adviesrecht verplicht wordt gesteld. Op dit moment is het niet bekend hoe vaak er gebruik gemaakt zal worden van het adviesrecht. Hoe vaak dit zal zijn, zal mede bepaald worden door hoeveel ruimte het nog op te stellen omgevingsplan biedt aan nieuwe ontwikkelingen. De pilot in Ommelanderwijk zal hier in eerste instantie meer inzicht in geven. De nu voorgestelde besluiten zijn nodig om vanaf 1 januari a.s. binnen de regels van de Omgevingswet te kunnen werken (minimale eisen van de VNG). Dat betekent niet dat de door u vastgestelde categorieën dan voor altijd vastliggen. Aan de hand van praktijkervaringen of vanwege andere omstandigheden kan in de toekomst altijd nog een bijstelling van deze besluiten plaatsvinden. Raadsvoorstel: Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten pagina 3

1.2 Huidige doorlooptijd voor een adviesverzoek is te lang Binnen de Omgevingswet is het uitgangspunt dat een vergunning binnen acht weken wordt verleend. Deze termijn kan eenmalig met maximaal zes weken worden verlengd. De doorlooptijd is dan veertien weken. Binnen deze termijn moet uw gemeenteraad dan ook haar advies hebben gegeven voor de categorieën die in de voorgestelde lijst staan. Op grond van het huidige vergaderschema van uw raad zou deze termijn in de meeste gevallen niet gehaald worden. 1.3 Het vaststellen van categorieën waarvoor participatie verplicht is staat los van het participatiebeleid. In het voorliggende voorstel wordt u voorgesteld in te stemmen met de lijst met categorieën waarvoor participatie verplicht wordt gesteld voor projecten van derden. Daarnaast verlangt de wetgever van uw raad dat u de contouren van het participatieproces vaststelt voor eigen gemeentelijke plannen. Het is namelijk onder de Omgevingswet verplicht een participatiebeleid te hebben. Hiervoor zult u separaat voorstellen ontvangen. Financiën NVT Uitvoering: Na inwerkingtreding van de Omgevingswet zal conform deze lijsten gewerkt worden als er een omgevingsvergunning wordt aangevraagd voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Communicatie: De beide besluiten van de gemeenteraad zullen meegenomen worden in het communicatietraject rondom de invoering van de Omgevingswet.

Daarnaast zal een formele bekendmaking in het digitale Gemeenteblad worden voorbereid om de besluiten van kracht te laten worden. Bijlagen: - Document “Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsactiviteiten” - Delegatiebesluit wijzigen omgevingsplan

burgemeester en wethouders van Veendam,

burgemeester,

secretaris,

B.H.M. Link

A. Castelein

Raadsvoorstel: Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten pagina 4

Nummer: 2022R0073 De raad der gemeente Veendam gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 12-09-2022

besluit 1. Het bijgevoegde document “Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten” vast te stellen; 2. Het bijgevoegde “Delegatiebesluit wijzigen omgevingsplan” vast te stellen.

Besloten in de openbare vergadering van 31-10-2022

De raad voornoemd,

Voorzitter,

Griffier,

B.H.M. Link

A.A. Swart

Raadsvoorstel: Adviesrecht en participatieplicht bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten pagina 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11949615/2