13-03 Overgangsreglement AvO
Tekst van het document
Reglement van orde op de gemeentelijke Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Groninger gemeenten 2022, overgangsreglement Reglement 1 januari 2022 tot inwerkingtreding Omgevingswet
Artikel 1 Instelling van de commissie Artikel 2 Taken Artikel 3 Samenstelling Artikel 4 Benoeming Artikel 5 Vergaderingen Artikel 6 Spreekrecht Artikel 7 Orde tijdens de vergadering Artikel 8 Besluitvorming Artikel 9 Verslaglegging Artikel 10 Procedure Artikel 11 Mandaat Artikel 12 Termijn van advisering Artikel 13 Jaarlijkse verantwoording Artikel 14 Vergoeding Artikel 15 Onvoorziene gevallen Artikel 16 Toezicht Artikel 17 Inwerkingtreding Artikel 18 Citeerregel
Reglement van orde op de gemeentelijke Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Groninger gemeenten 2022, overgangsreglement
Artikel 1 Instelling van de commissie De Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit, kortweg de commissie, is een door de gemeenteraad benoemde onafhankelijke commissie die aan de colleges van burgemeester en wethouders van de aangesloten gemeenten advies uitbrengt inzake omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed conform de Woningwet 2002, de Erfgoedwet 2015 en de gemeentelijke Erfgoedverordening. Mede op grond van haar contract met Libau wijst de gemeente de Stichting Libau, adviesorganisatie voor omgevingskwaliteit en cultureel erfgoed, kortweg Libau, aan als de organisatie onder wiens verantwoordelijkheid de Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit van de gemeente functioneert.
Artikel 2 Taken De Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit is belast met zowel wettelijk verplichte als niet wettelijk verplichte taken op het gebied van omgevingskwaliteit en monumentenzorg. De commissie heeft als taak de raad en burgemeester en wethouders te adviseren bij de uitoefening van hun taken en bevoegdheden op grond van de wet met het oog op het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit en al hetgeen daarmee verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn
1
1. Omgevingskwaliteit De commissie is beleidsmatig gebonden aan het gemeentelijke welstandsbeleid zoals dat is vastgelegd in de gemeentelijke welstandsnota. Wettelijke taken 1. De welstandscommissie adviseert het bevoegd gezag over de welstandsaspecten van aanvragen van een omgevingsvergunning voor het bouwen. 2. De welstandscommissie levert de gemeenteraad jaarlijks een verslag van de door haar verrichte werkzaamheden. Niet- wettelijke taken 1. Adviseren over excessen, dat wil zeggen buitensporigheden in het uiterlijk van bouwwerken die ook voor niet-deskundigen evident zijn. 2. Het onder regie van de gemeente voeren van (voor)overleg met betrokkenen bij de voorbereiding van bouwplannen. 3. Het beoordelen van aanvragen voor een omgevingsvergunning voor reclame. 4. Het uitbrengen van adviezen over de welstandsaspecten van in voorbereiding zijnde ruimtelijke plannen en andere relevante beleidsstukken. 5. Gevraagd en ongevraagd adviseren over stedenbouwkundige en architectonische ontwikkelingen die van belang zijn voor de ruimtelijke kwaliteit in de gemeente. 6. Stimuleren en bijdragen in de ontwikkeling en vormgeving van het welstandsbeleid. 7. Het voeren van regelmatig overleg met het gemeentebestuur en de betrokken ambtelijke afdelingen. 8. Het bevorderen van de openbaarheid en het voorzien in voorlichting over ruimtelijke kwaliteit. 9.
Voorts brengt de commissie advies uit in alle gelegenheden waarover de colleges van burgemeester en wethouders van de aangesloten gemeenten haar oordeel vraagt. De commissie kan eveneens ongevraagd advies uitbrengen. 2. Monumenten 1. De commissie heeft tot taak advies uit te brengen aan de colleges van burgemeester en wethouders van de aangesloten gemeenten op basis van de Erfgoedwet en de gemeentelijke Erfgoedverordening. Deze adviezen hebben betrekking op vergunningverlening voor rijks-, provinciale-, en gemeentelijke monumenten, plaatsing op en afvoeren van gemeentelijke-, provinciale- of rijksmonumentenlijst, en het (gemeentelijke) monumentenbeleid in het algemeen. 2. Voorts brengt de commissie advies uit in alle gelegenheden waarover de colleges van burgemeester en wethouders van de aangesloten gemeenten haar oordeel vraagt. De commissie kan eveneens ongevraagd advies uitbrengen.
Artikel 3 Samenstelling 1. De gemeentelijke Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit is een geïntegreerde welstands- en monumentencommissie. Onder de leden dienen de volgende vakdisciplines vertegenwoordigd te zijn, waarvan enkele leden deskundig zijn op het gebied van de monumentenzorg: a. Architectuur b. Bouwhistorie c. Cultuurhistorie / architectuurhistorie d. Restauratiearchitectuur e. Stedenbouw / landschap 2. Andere disciplines kunnen al dan niet facultatief aan de commissie worden toegevoegd. 3. De leden worden benoemd op persoonlijke titel op grond van de professionele deskundigheid die nodig is voor advisering, alsmede op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. 2
4. De commissie kan een of meerdere subcommissies instellen. 5. Gemeenten hebben het recht om maximaal twee burgerleden aan de commissie toe te voegen voor de behandeling van een adviesaanvraag in de betreffende gemeente. Zij worden benoemd op persoonlijke titel op grond van maatschappelijke kennis en ervaring. 6. De leden van de commissie mogen geen deel uitmaken van en niet werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een van de bestuursorganen van de aangesloten gemeenten. 7. De commissie wordt bijgestaan door een door Libau aan te wijzen secretaris die geen stemrecht heeft en geen lid is van de commissie. 8. Een lid kan zich in overleg met Stichting Libau laten vervangen door een plaatsvervanger die over professionele deskundigheid beschikt in dezelfde discipline of elke andere discipline als nodig geacht.
Artikel 4 Benoeming 1. De leden van de commissie, inclusief de voorzitter, worden op voorstel van burgemeester en wethouders benoemd en ontslagen door de gemeenteraad. Libau verzorgt de selectie en voordracht van kandidaat-leden aan het bevoegd gezag. 2. De leden van de commissie, inclusief de voorzitter kunnen voor een termijn van ten hoogste vier jaar worden benoemd. Zij kunnen eenmaal worden herbenoemd voor een periode van ten hoogste vier jaar. De werving en selectie van de leden en de voorzitter wordt door Libau uitgevoerd. 3. De leden kunnen op eigen aanvraag worden ontslagen. Het ontslag van een lid van de commissie op eigen verzoek gaat een maand na ontvangst van het schriftelijk verzoek aan Libau in of zoveel eerder als een opvolger is benoemd. 4. Leden kunnen door burgemeester en wethouders worden geschorst en door de raad worden ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden.
Artikel 5 Vergaderingen 1. De commissie vergadert ten minste één maal per maand, voorst zo dikwijls de voorzitter het nodig oordeelt of indien de meerderheid van de leden het verlangen daartoe onder opgaaf van redenen aan de voorzitter kenbaar maakt. 2. De secretaris belegt de vergaderingen en zorgt dat de agenda, spoedeisende gevallen uitgezonderd, in de week voorafgaand aan de vergadering wordt verzonden met vermelding van de te behandelen onderwerpen. 3. De datum, aanvangstijd, plaats en de agenda van de vergadering wordt in de week voorafgaand aan de vergadering van de commissie aangekondigd op de website van Libau (www.libau.nl). 4. De commissie kan slechts beraadslagen en besluiten indien ten minste drie leden bij de vergadering aanwezig zijn. 5. Indien het vereiste aantal leden niet aanwezig is, belegt de voorzitter opnieuw een vergadering. Op deze vergadering is het vierde lid niet van toepassing. 6. Over een advies over een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een monument wordt niet besloten dan in aanwezigheid van ten minste twee leden met deskundigheid op het gebied van de monumentenzorg. 7. De vergaderingen van de commissie zijn openbaar. 8. De gemeente zorgt voor het uitnodigen van de betrokkenen. 9.
De voorzitter kan besluiten achter gesloten deuren te vergaderen wanneer hier zwaarwichtige redenen aan ten grondslag liggen. De colleges van burgemeester en wethouders van de
3
aangesloten gemeenten zijn te allen tijde gerechtigd de besloten vergaderingen als toehoorder bij te wonen. 10. De voorzitter kan omtrent het in een besloten vergadering behandelde en omtrent de inhoud van de stukken, die aan de commissie worden overgelegd, geheimhouding opleggen (artikel 2:5, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht). Geheimhouding wordt zowel door de leden, die bij de behandeling aanwezig waren, als eventueel tot de vergadering toegelaten personen, in acht genomen tot de voorzitter de geheimhouding opheft.
Artikel 6 Spreekrecht 1. Een ieder kan de openbare vergadering van de commissie bijwonen. 2. Een belanghebbende kan, voorafgaand aan de behandeling van een agendapunt, gebruik maken van spreekrecht. 3. Degenen die van het spreekrecht gebruik willen maken dienen dit aan het begin van de vergadering bekend te maken. 4. Indien een vergadering digitaal plaatsvindt kunnen degenen die aanwezig willen zijn bij de openbare vergadering dit vooraf kenbaar maken bij de secretaris en worden inloggegevens van de digitale vergadering verstrekt.
Artikel 7 Orde tijdens de vergadering 1. De voorzitter draagt zorg voor de handhaving van de orde tijdens de vergadering van de commissie. 2. Belanghebbenden hebben in toelichtende zin spreekrecht in door de commissie gehouden openbare vergaderingen. De voorzitter bepaalt de spreektijd van de betrokkene wiens plan ter advies voorligt. Hij of zij bepaalt tevens de spreektijd van eventuele insprekers. 3. Na de toelichting geeft de voorzitter commissieleden gelegenheid tot het stellen van informatieve vragen. 4. De betrokkenen nemen niet deel aan de beraadslagingen van de commissie. Tijdens de beraadslagingen is er geen spreekrecht.
Artikel 8 Besluitvorming 1. Beoordeling van plannen geschied uitsluitend op vooraf aangeleverde stukken. Tijdens de vergadering nieuw ingebrachte stukken worden niet beoordeeld. 2. In de vergadering van de commissie hebben de leden elk een stem. De voorzitter heeft geen stemrecht. 3. De besluiten van de commissie worden genomen bij meerderheid van stemmen. De minderheid kan vorderen dat haar afwijkende mening uit het advies blijkt. 4. Leden die als opdrachtgever, ontwerper of anderszins betrokken zijn bij de uitvoering van een activiteit waarvoor een aanvraag is gedaan waarover de commissie adviseert, onthouden zich van medewerking aan het desbetreffende advies en zijn tijdens de behandeling van en de besluitvorming over het advies niet in de vergadering aanwezig. 5. Adviezen worden met redenen omkleed.
Artikel 9 Verslaglegging 1. Het schriftelijke advies aan het college van burgemeester en wethouders van de betreffende gemeente vormt de verslaglegging van de beraadslagingen en besluiten van de commissie.
4
Artikel 10 Procedure 1. De rayonarchitect van Libau ontvangt tijdens het rayonbezoek aan de gemeente de adviesaanvragen voor de commissie. De rayonarchitect besluit welke plannen worden besproken in de commissie en over welke plannen onder mandaat wordt geadviseerd. De rayonarchitect draagt plannen aan voor bespreking in de commissie aan de secretaris welstand. 2. De secretaris monumenten ontvangt van de gemeente adviesaanvragen voor de commissie. De secretaris besluit welke plannen worden besproken in de commissie en over welke plannen onder mandaat wordt geadviseerd. 3. De secretaris monumenten en rayonarchitect stellen gezamenlijk de agenda op. 4. De gemeente en planindieners kunnen te allen tijde verzoeken om een toelichting op het advies van de secretaris en/of rayonarchitect.
Artikel 11 Mandaat 1. De commissie kan de advisering over een aanvraag om advies mandateren aan één of meer daartoe aangewezen leden. Plannen waarvan volgens deze leden het oordeel van de commissie als bekend mag worden verondersteld worden door de aangewezen leden geadviseerd. 2. De rayonarchitect(en) en secretaris monumenten hebben een mandaat om adviesaanvragen waarvan het oordeel van de commissie als bekend mag worden verondersteld te behandelen en van een advies te voorzien. 3. In elk geval van twijfel wordt het plan alsnog voorgelegd aan de commissie.
Artikel 12 Termijn van advisering 1. De commissie dan wel een gemandateerd lid is bij de beoordeling van aanvragen omgevingsvergunning gebonden aan de in door de burgemeester en wethouders gestelde termijnen voor het uitbrengen van een advies. In geval burgemeester en wethouders geen termijn hebben gesteld brengt de commissie advies uit binnen een termijn van zes weken. 2. Binnen de door de burgemeester en wethouders gestelde termijnen voor het uitbrengen van advies kan de commissie dan wel een gemandateerd lid het advies aanhouden indien meer informatie of een toelichting wenselijk is.
Artikel 13 Jaarlijkse verantwoording Libau stelt een jaarverslag op waarin de werkzaamheden van de commissie worden toegelicht. De commissie kan in het jaarverslag aanbevelingen doen ten aanzien van het gemeentelijk beleid op het gebied van omgevingskwaliteit en monumentenzorg. Dit jaarverslag wordt ten minste aangeboden aan de bij Libau aangesloten gemeenten.
Artikel 14 Vergoeding De voorzitter en de leden van de commissie ontvangen voor het bijwonen van de vergaderingen van de adviescommissie een vergoeding.
Artikel 15 Onvoorziene gevallen In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de voorzitter.
5
Artikel 16 Toezicht 1. De commissie functioneert onder verantwoordelijkheid van Libau. 2. Libau zorgt voor een ordelijk, professioneel en juridisch houdbaar functioneren van de commissie. Verder zorgt Libau voor de huisvesting, secretariële en administratieve ondersteuning en de honorering van de commissieleden. 3. De commissie verstrekt alle door de colleges van burgemeester en wethouders van de aangesloten gemeenten verlangde inlichtingen betreffende haar werkzaamheden.
Artikel 17 Inwerkingtreding Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2022.
Artikel 18 Citeerregel Dit reglement kan worden aangehaald als "Overgangsreglement Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Groninger gemeenten 2022”.
Aldus vastgesteld december 2021
6