12-02 Bijlage 1 Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam vastgesteld d.d. 30 september 2019
Tekst van het document
Bron: Woningmarktonderzoek gemeente Veendam 2017 Figuur 4.2: Gemeente Veendam. Behoefte aan verzorgd wonen plekken voor ouderen 350 300 250 200 150 100 50 0 Basisprognose
2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 181 184 187 191 194 204 215 225 235 246 253 260 267 274 282 287
Prognose incl. aannames 181 183 186 189 192 201 210 219 228 235 240 245 251 255 263 265
Bron: Woningmarktonderzoek gemeente Veendam 2017
Ontwikkeling behoefte extramurale plaatsen GGZ en VG
3
ZZP=ZorgZwaartePakket Zie Woningmarktonderzoek Gemeente Veendam 2017, p. 22/23 5 Idem 4
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
26
Ook in het kader van Beschermd Wonen (binnen de GGZ) en de VG vindt extramuralisering plaats. De ontwikkeling daarvan wordt op regionale schaal bezien. Het is nog niet duidelijk wat dit voor Veendam inhoudt. De vraag naar zelfstandige woonruimte hangt sterk samen met de uitstroom vanuit Beschermd Wonen. Als de doelgroep niet kan doorstromen naar een zelfstandige woonruimte, zal de vraag naar Beschermd Wonen de komende jaren hoger uitvallen. Rekening houdend met de toenemende ambulantisering verwachten we op grond van het Woningmarktonderzoek 2017 dat de vraag naar zelfstandig wonen voor BW-cliënten de komende jaren regionaal flink toeneemt (van 90 woningen in 2017 naar 150 woningen in 2025). Voor de doelgroep verstandelijk gehandicapten in de regio OostGroningen was er begin 2017 behoefte aan circa 800 geclusterd begeleide plaatsen voor gehandicaptenzorg. Deze behoefte zal volgens het Woningmarktonderzoek 2017 het komend decennium licht afnemen naar 750 plaatsen in 2027.
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
27
5 Wijken en leefbaarheid 5.1 Onze visie op het thema Samen inzetten op leefbare wijken Wij constateren op basis van de woondialoog dat inwoners zich zorgen maken over de achteruitgang van de leefbaarheid, vooral daar waar leegstand en verkrotting optreden. Men vreest dat bij ingrepen zoals sloop het sociale weefsel wordt aangetast. Wij zijn ons bewust van het grote belang van leefbaarheid, het behoud van de sociale cohesie en een spreiding van inkomensdoelgroepen. Wij zetten daar dan ook op in. Wij willen ook structureel onze inwoners betrekken bij alle plannen. Of het nu gaat om de ontwikkeling van het centrum, sloop en herontwikkeling of verduurzaming van de bestaande voorraad; we doen het met en voor de bewoners. Leefbaarheid is een breed begrip waar vele andere beleidsterreinen bij betrokken zijn, vooral uit de sociale-, ruimtelijke ordenings- en veiligheidshoek. Pas door samenwerking kunnen optimale resultaten worden bereikt op leefbaarheidsdoelen als bevordering gezondheid, vermindering eenzaamheid en vergroting van betrokkenheid met elkaar en de wijk. In dit hoofdstuk bespreken we vooral wat we vanuit het woonbeleid bijdragen.
Woningbouw draagt bij aan de leefbaarheid Via het inzetten van nieuwbouw in wijken en buurten kan een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid worden gegeven. Zoals we al in ons Coalitieakkoord 2018 hebben geschreven, stimuleren we daarbij gemengd bouwen, waardoor diverse inkomensgroepen en verschillende vormen van wonen zoveel mogelijk worden gemengd. Een dergelijke opzet kan niet alleen de leefbaarheid bevorderen maar ook beter vorm en inhoud geven aan sociaal veilig wonen met meer mogelijkheden tot “noaberschap”. Conform het Coalitieakkoord zetten we nieuwbouwmogelijkheden tevens in om bestaande mooie panden te behouden. Een voorbeeld waarmee we al concreet aan slag zijn is de herontwikkeling van Bareveld. Langs de Kielsterachterweg gaat Acantus 64 verouderde sociale huurwoningen vervangen voor 32 tot 36 nieuwe sociale huurwoningen. Met deze ontwikkeling wordt de woningvoorraad verbeterd en ingespeeld op een afname van de vraag in dit gebied.
Differentiatie PMC’s per wijk In de wijken en buurten en buurten van de gemeente Veendam willen we maatwerk inzetten om woningbouw te realiseren. De volgende uitgangspunten vormen de basis van de gewenste strategie en toevoeging per wijk.
Veendam-centrum In het Regionaal Prestatiekader RWLP Oost-Groningen wordt Veendam als stedelijke kern aangeduid met o.a. een hoog voorzieningenniveau en een regionale verzorgingsfunctie. Dit maakt het centrum bij uitstek geschikt voor het realiseren van levensloopgeschikte woningen, met name in de vorm van appartementen, zowel in huur als in koop. Daar zetten wij dan ook op in. Het eerder door ons genoemde omzetten van structureel leegstaande winkels (denk bijvoorbeeld aan de Kerkstraat) naar woningen, zal ook aan de leefbaarheid van het centrumgebied een belangrijke bijdrage leveren. Daarnaast zijn er in het centrum mogelijkheden voor herontwikkeling van monumentale panden en het realiseren van woonzorgconcepten.
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
28
Veendam-Noord Dit beschouwen wij als een kwetsbare wijk, met name het westelijk deel rondom de Vredenrustlaan. Met Acantus is afgesproken dat hiervoor een wijkontwikkelplan zal worden gemaakt. Dit plan is gericht op verbetering van zowel de fysieke als sociale kwaliteit van dit deel van de wijk. De woningvoorraad is hier toe aan vernieuwing/verbetering. Het gaat hierbij om een groot aantal huurwoningen van Acantus die qua bouw- en woonkundige kwaliteit niet meer aan de eisen van deze tijd voldoen. Daarnaast kent dit deel van Veendam Noord een deel particuliere woningen waarvan de kwaliteit onder druk staat.
Sorghvliet De leefbaarheid in de wijk Sorghvliet beschouwen wij nu nog als goed, maar wij willen wel aandacht geven aan mogelijke achteruitgang van de leefbaarheid. Dit zal niet gebeuren door nieuwbouw van woningen, maar door de vinger aan de pols te houden en indien noodzakelijk actie te ondernemen.
Buitenwoel Deze wijk beschouwen we wat leefbaarheid als toekomstbestendig. Hier zien wij aan de randen nog aantrekkelijke mogelijkheden om de wijk af te bouwen met middeldure en duurdere grondgebonden koopwoningen.
Wildervank Hoewel Wildervank (excl. het lint) als centrumkern over veel minder voorzieningen beschikt, is de kern toch op meer bescheiden schaal ook geschikt voor levensloopgeschikte woningen, wellicht ook in grondgebonden vorm. Voor het overige is het motto in Wildervank “in stand houden en verbeteren”, en waar dat niet meer gaat mogelijk ook verversen.
Overige gebieden In het buitengebied en het lint van Wildervank is het parool vooral instandhouden en verbeteren, hetgeen uiteraard een incidentele toevoeging of vervanging niet uitsluit. Het komt overigens voor dat in het lint ook leegstand optreedt. In deze gevallen behoort sloop tot de mogelijkheden.
Wonen boven winkels De leefbaarheid (en sociale) veiligheid van het centrum is zeer gediend met levendigheid en bewoning, ook na sluitingstijd van de winkels. We zien dat de ruimten boven winkels nogal eens onbenut worden en krijgen regelmatig vragen om deze ruimten te benutten voor wonen. Wij staan hier positief tegenover, temeer omdat het kan bijdragen aan verlevendiging van het centrum, ook na sluitingstijd. Ook in het actierapport dat samen met ondernemers, Rabobank, pandeigenaren en gemeente is opgesteld door platform De Nieuwe Winkelstraat (DNWS) wordt aangegeven naar een compacter winkelcentrum te gaan. Hierdoor ontstaat in de aanloopstraten een transformatiegebied. In dit transformatiegebied, waar nu al veel leegstand is, wordt bekeken of in plaats van detailhandel panden getransformeerd kunnen worden naar andere functies dan detailhandel. Wonen is dan ook in beeld. Om dit voor elkaar te krijgen is samen met de provincie Groningen (retailagenda) geld beschikbaar gesteld voor een subsidieregeling stimulering detailhandel Veendam 2018 voor het gehele centrumgebied.
Aanpak van rotte kiezen, lege plekken en structurele leegstand Structureel leegstaande of verwaarloosde panden en lege plekken beïnvloeden de leefbaarheid negatief. Onze inzet is erop gericht om hiervoor zinvolle alternatieven en invullingen te realiseren. Afhankelijk van de situatie in het dorp kan het gaan om herstel van de lintbebouwing door kwalitatief
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
29
aantrekkelijke woningbouw. Naarmate de plekken meer naar buiten de kern zijn gelegen kan ook vergroening een belangrijke verhoging van de leefbaarheid betekenen.
Aandacht voor negatieve effecten particuliere verhuur We constateren dat, in toenemende mate, woningen worden opgekocht door (kleine) beleggers en particulieren. Deze woningen worden vervolgens verhuurd op de particuliere huurmarkt. De effecten hiervan zijn niet altijd positief. Dit deel van de woningvoorraad trekt vaak een kwetsbare groep huurders aan. Het gaat hierbij vaak om huishoudens die snel een woning nodig hebben en dan ook een hogere huurprijs accepteren. Dit kan leiden tot betaalbaarheidsproblemen. Daarnaast constateren we ook dat er in een aantal gevallen sprake is van leefbaarheidsproblemen door vervuiling, slecht onderhoud van de tuin en woning en overlastsituaties.
Wonen en sociale problematiek Bij diverse typen huishoudens (en m.n. bij ouderen) blijkt vaak een belangrijke “problematiek achter de voordeur” te bestaan. Veelal gaat het om gevoelens van eenzaamheid en onveiligheid. Vanuit het woonbeleid zijn er op dit punt in de bestaande situatie beperkte instrumenten voorhanden. In nieuwbouwsituaties kan het woonbeleid meer betekenen, bijvoorbeeld door bouwvormen te kiezen waarbij door clustering “noaberschap” en sociale veiligheid versterkt kunnen worden. Dit soort “beschutte” woonvormen maakt het ook voor zorgverleners gemakkelijker. Zeker als in dit kader ook Verzorgd Wonen wordt gerealiseerd. Dit zien wij als een plus op de huidige nieuwbouwopgave.
Woon- en leefomgeving Veiligheid, gezondheid en toegankelijkheid zijn een leefbaarheidsrandvoorwaarde voor goed wonen: de openbare ruimte moet schoon, heel en veilig zijn. Het moet er mooi, ruim, groen en verzorgd uitzien. Wij willen samen met onze corporaties en ketenpartners uit de zorg en inwoners sturen op buurten en wijken waar de fysieke woonomgeving, de woningkwaliteit en de sociale leefbaarheid met elkaar in balans zijn. Dit is een gezamenlijke verantwoordelijkheid.
5.2 Onze aanpak Woningbouw, verbetering en vervanging In hoofdstuk 2 hebben wij reeds aangegeven welke acties wij wanneer ondernemen. Wij verwijzen dan ook daarnaar.
Wonen boven winkels Wij gaan structureel in overleg met ondernemers die boven hun winkel voor wonen bruikbare ruimten hebben met het doel tot omzetting naar wonen te komen. Zonodig betrekken we hier ook een woning corporatie bij. Planning: 2019
Intrekken bouwvergunningen Wij zullen bouwvergunningen intrekken op plaatsen waar al langere tijd geen initiatieven zijn genomen om tot invulling te komen. Planning: permanent
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
30
Terugbrengen aantal leegstaande en verwaarloosde panden Structureel leegstaande en verwaarloosde panden brengen we via monitoring in beeld en we treden in contact met de eigenaar voor mogelijke oplossingsrichtingen. Planning: permanent
Aanpak negatieve effecten particuliere verhuur We brengen de omvang en de ontwikkelingen van particuliere woningverhuur in kaart. Daarnaast onderzoeken we welke mogelijkheden er zijn om voorwaarden te kunnen stellen aan het opkopen van woningen die worden ingezet voor particuliere huur. Planning: 2020
Inzet van het leefbaarheidsfonds We willen het de subsidieregeling Reserve Krimpgebieden inzetten om wijken op te knappen en aansprekender te maken. Primair zal de inzet Bareveld, Veendam-Noord, en Havenbuurt (waarvoor in samenwerking met Acantus ontwikkelplannen gemaakt zijn of worden de komende jaren) betreffen. Planning: afstemmen op activiteiten in betreffende wijk
Opstellen wijkontwikkelplan Veendam-Noord In de wijk Bareveld hebben we een wijkontwikkelplan opgesteld en zijn we inmiddels gestart met de implementatie hiervan. In Veendam-Noord starten we met het opstellen van een wijkontwikkelplan. In het plan werken we samen met bewoners en corporaties het toekomstperspectief uit. Hierbij gaan we onder andere in op de renovatie-, en herstructureringsopgave en de termijn waarbinnen dit plaatsvindt. Planning: begin 2020
Wonen en sociale problematiek Het is een absolute noodzaak nauw samen te werken met vooral het sociale domein, de ruimtelijke ordening en de veiligheidssector teneinde een optimaal leefbaarheidsresultaat te bereiken. (Te denken is aan buurtconciërges). Daarnaast is het belangrijk om ook de samenwerking te zoeken met Acantus en andere welzijnsorganisaties en aan te sluiten bij bestaande structuren. Hierbij kijken we verder dan leefbaarheid en veiligheid, maar denken we ook over toenemende gezondheidsrisico’s, mobiliteitsproblemen van mensen en mensen met beginnende dementie. Hier zou de inzet van buurtconciërges een rol kunnen. De inzet vanuit de zorg, wijkagent, buurtgenoten en vrijwilligers is daarbij belangrijk. Wij willen laagdrempelige inlooppunten voor hulpvragen in de wijken realiseren. Planning: afstemmen met andere beleidsterreinen gedurende 2019
5.3 Nadere onderbouwing Specifieke onderbouwing vanuit het woonbeleid hebben wij reeds in de voorgaande hoofdstukken aangegeven en is verder te vinden in het Woningmarktonderzoek 2017 voor Oost-Groningen en in het bijzonder voor Veendam.
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
31
Bijlage 1: Samenvatting activiteitenprogramma Activiteit Afspraken met provincie over te realiseren woningaantallen Actualisering afwegingskader nieuwbouw Afspraken maken met marktpartijen over nieuwbouw
Intrekken ongerealiseerde plancapaciteit woningbouw Prestatieafspraken met Acantus, Woonzorg Nederland, Habion en Vestia over verbetering, aanpassing, onttrekking en verduurzaming In beeld brengen en monitoren langdurige leegstand in koopsector Aanpak rotte kiezen Verduurzaming sociale sector Voorlichting verduurzaming particuliere sector Overleg ondernemers over wonen boven winkels Omzetten leegstaande winkelpanden tot woningen Herontwikkeling monumenten Versterken samenwerking sectoren Wonen/RO en Sociaal Domein Coöperatieve woonconcepten Nieuwbouwafspraken ( over kleine huishoudens) Lasten duurzaamheidsbeleid sociale koopwoningen Onderzoek en maatwerkafspraken kwetsbare doelgroepen Aandacht huisvesting jongeren en starters ‘Dag van de starter’ Inventarisatie vraag woonwagenstandplaatsen Periodieke monitorende bijeenkomsten wonen-welzijn-zorg Levensloopgeschikte woningen opnemen in bouwprogramma Uitvoering geven aan Convenant Huisvesting EX-cliënten Beschermd Wonen Actief informeren senioren over mogelijkheden verbetering woonsituatie Verkenning toepassingsmogelijkheden SVn-blijverslening Benutting verouderde bejaardenwoningen Overleg met centrum ondernemers Intrekken bouwvergunningen Terugbrengen aantal leegstaande en verwaarloosde panden Inzet van het leefbaarheidsfonds Opstellen wijkontwikkelplan Veendam-Noord Wonen en sociale problematiek
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
Planning Gereed 3e kwartaal 2019 + jaarlijkse actualisatie Eind 2019 en daarna jaarlijks Gereed 4e kwartaal 2019 en jaarlijks evalueren en zonodig actualiseren Einde 2020 gereed en jaarlijks actualiseren Eind 2019 gereed + 4 jaarlijkse cycli (2020, doorlopend) Intensief in 2020, daarna permanent Opnemen in prestatieafspraken Doorlopend 2019 Doorlopend 2020 4e kwartaal 2019 Doorlopend Wanneer aan de orde Doorlopend 2020/2021 2019/2020, doorlopend 2020 2020 Periodiek (twee keer per kalenderjaar) Periodiek Periodiek Periodiek 1x per kalenderjaar 2020 Prestatieafspraken 2020 Permanent Permanent afstemmen op activiteiten in betreffende wijk 2020 afstemmen met andere beleidsterreinen gedurende 2019
32
Bijlage 2: Relevante Beleidskaders en Wetgeving Woonvisie 2015 gemeente Veendam De vigerende woonvisie van Veendam dateert uit 2015. Deze woonvisie legt vast hoe de gemeente Veendam wil werken aan goed wonen in de gemeente. Daarbij gaat het om meer dan nieuwbouw: “de groei van het aantal huishoudens loopt terug en de bestaande woningvoorraad is steeds bepalender voor de totale woonkwaliteit in de gemeente.” Twee thema’s krijgen in deze woonvisie extra aandacht: 1. Betaalbaarheid en energiezuinig wonen; 2. Wonen en zorg. De visie richt zich concreet op de periode tot 2020, met een vooruitblik op de langere termijn. De periode 2015-2020 is ook de looptijd van deze visie. In de visie wordt aangegeven dat het bij veranderende omstandigheden nodig kan zijn om de woonvisie eerder te herzien. En onderdeel van deze visie is dan ook het opzetten van goede monitoring, om na te gaan of de verwachtingen en ambities gedurende de looptijd nog houdbaar zijn
Herziene Woningwet Op 1 juli 2015 is de Woningwet 2015 in werking getreden. Deze wet geeft richting aan de volkshuisvestelijke taken van woningcorporaties. Kernpunt is dat corporaties zich in de basis moeten richten op het bieden van betaalbare woningen voor de laagste inkomensgroep en andere DAEBactiviteiten (Diensten van Algemeen Economisch Belang). De mogelijkheden om niet-DAEB activiteiten (zoals het ontwikkelen van vrije sector huur, commercieel vastgoed of koopwoningen) zijn sterk beperkt. In de woonvisie kan de gemeente haar zienswijze geven op een aantal werkterreinen van de corporaties: Betaalbaarheid en beschikbaarheid van sociale huurwoningen voor de doelgroep Huisvesting van urgente doelgroepen Wonen met zorg en ouderenhuisvesting Voornemens rond nieuwbouw en kwaliteit en energiezuinigheid Investeringen in vrije sector huur en koopwoningen Verkoop en liberaliseren van huurwoningen Gewenste inzet op leefbaarheid Daarnaast moeten corporaties sinds 1 januari 2016 voldoen aan het passend toewijzen. Dit houdt in dat ten minste 95% van de huishoudens met recht op huurtoeslag die een huurwoning krijgen toegewezen, een huurprijs betalen tot maximaal de aftoppingsgrens. Dit betekent dat er voldoende betaalbare huurwoningen voorhanden dienen te zijn om te voldoen aan het passend toewijzen.
Wet Ruimtelijke Ordening: Ladder voor Duurzame verstedelijking De gemeente is verantwoordelijk voor een goede ruimtelijke ordening. De Wet Ruimtelijke Ordening (WRO) biedt de gemeente een set instrumenten om haar verantwoordelijkheid voor de goede ruimtelijke ordening ook inhoud te geven. Om een zorgvuldig ruimtegebruik te bevorderen is in het Besluit Ruimtelijke Ordening (BRO) een toetsingsinstrumentarium opgenomen: de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Doel van deze ‘Ladder’ is om de schaarse ruimte zo optimaal mogelijk te benutten. De ‘Ladder’ vraagt daarom afstemming van de woningbouw op de kwalitatieve behoefte. Bij nieuwe stedelijke ontwikkeling buiten
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
33
het bestaand stedelijk gebied is een uitgebreide onderbouwing van de behoefte nodig: dan gaat het om een beeld van de kwalitatieve woningbehoefte, en de mogelijkheden op inbreidingslocaties om in deze behoefte te voorzien. Bij inbreidingslocaties volstaat een onderbouwing van de behoefte. De gemeente is verantwoordelijk om deze onderbouwing bij het bestemmingsplan te regelen. De woonvisie helpt bij deze onderbouwingen, als de gemeente hiermee kan aantonen dat een plan inspeelt op de behoefte die de gemeente met haar woonbeleid wil bedienen.
Prestatiekader RWPL Regio Oost-Groningen 2018-2023 In 2018 is het Regionaal Prestatiekader geactualiseerd. Dit kader fungeert als leidraad voor de samenwerking van Oost-Groningse partijen. Omdat de oorspronkelijke regionale afspraken overwegend kwantitatief van aard waren is ervoor gekozen om deze meer kwalitatief in te vullen. Belangrijke doelen in het kader zijn: Flexibele en betere afspraken over de uitvoering maken De kwantitatieve onderlegger van de afspraken te moderniseren Een gezamenlijk regionaal indicatief portefeuilleperspectief ontwikkelen De Provinciale Omgevingsverordening wat betreft woonprogrammering toe te passen op OostGroningen, waarbij o.a. gebruik wordt gemaakte van de vastgestelde huishoudensontwikkeling Een krachtige uitvoering en resultaat boeken op de Menukaart Extra aandacht schenken aan positieve communicatie en marketing Thema’s als voorzieningen, zorg, betaalbaarheid, duurzaamheid en leefbaarheid anders en opnieuw in afspraken integreren.
Provinciale omgevingsverordening De Omgevingsverordening provincie Groningen 2016 bevat regels voor de fysieke leefomgeving in de provincie Groningen. Deze regels richten zich op de thema’s ruimtelijke ordening, water, infrastructuur, milieu en ontgrondingen. In deze omgevingsverordening komen zaken als gebruik vrijgekomen gebouwen in het buitengebied en de ruimte-voor-ruimte-regeling aan bod. Daarnaast staat in de verordening dat gemeenten ervoor moeten zorgen dat de woningvoorraad op de regionale behoefte is afgestemd. Concreet betekent dit dat de bouw van nieuwe woningen moet overeenstemmen met een regionale woonvisie die rekening houdt met regionale behoefteprognoses die de provincie elke twee jaar uitbrengt.
Menukaart Oost-Groningen In 2016 is de Menukaart Oost-Groningen opgesteld. De menukaart bestaat uit zes verschillende gerechten, die allen als doel hebben de (particuliere) woningvoorraad in Oost Groningen te verbeteren en toekomstgeschikt te maken. De aanpak varieert van het verbeteren en verduurzamen van woningen tot het (terug)kopen van woningen door woningcorporaties en zelfs sloop van sterk verouderde panden. De zes gerechten van de menukaart zijn: Aanpak voorkomen verpaupering en waardedaling Verduurzaming en woonlastenverlaging particuliere woningvoorraad Rotte Kiezen-aanpak Inpondfonds (met mogelijke sloop op termijn) Transitie-/sloopfonds Aanpak regionaal deprogrammeren woningbouwplannen
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
34
2047.100 | Woonvisie 2019-2023
35