12-02-01 ontwerp bp Veendammer Poort N33 bijlagen bij toelichting
Tekst van het document
Veendammer Poort N33 ontwerpbestemmingsplan gemeente Veendam 1 maart 2021
Veendammer Poort N33
Inhoudsopgave
Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1 2020)
4
Mobiliteitsonderzoek McDonald’s Veendam (Goudappel Coffeng, 23 mei
Bijlage 2 Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366 (Goudappel Coffeng, 11 december 2020)
18
Bijlage 3
Verkennend bodemonderzoek (Enviso, 5 maart 2020)
43
Bijlage 4
Onderzoek externe veiligheid Veendammer Poort (AVIV, 5 oktober 2020)
322
Bijlage 5
Quick scan ecologie (Els&Linde, 20 augustus 2020)
355
Bijlage 6
Memo stikstofdepositie (Els&Linde, 16 februari 2021)
366
Bijlage 7
Aerius berekening gebruiksfase (Els&Linde, 16 februari 2021)
370
Bijlage 8
Aerius berekening bouwfase (Els&Linde, 16 februari 2021)
377
Bijlage 9
Uitgangspuntennotitie watertoets (16 december 2020)
384
Bijlage 10
Watertoets (14 december 2020)
393
Bijlage 11
MER Aanmeldnotitie (Van Riezen & Partners, 29 september 2020)
397
Bijlage 12
MER-beoordelingsbesluit
422
Bijlage 13
Laddertoets McDonald's Veendam (Stec groep, 13 mei 2020)
425
Bijlage 14
Ontwerpbeschikking omgevingsvergunning
441
2
Veendammer Poort N33
Bijlagen bij de toelichting
3
Veendammer Poort N33
Bijlage 1 M obiliteitsonderzoek M cDonald’s Veendam (Goudappel Coffeng, 23 mei 2020)
4
Deventer
Den Haag
Eindhoven
Snipperlingsdijk 4
Anna van Buerenplein 46
Emmasingel 15
7417 BJ Deventer
2595 DA Den Haag
5611 AZ Eindhoven
7400 AD Deventer
Leeuwarden
Amsterdam
T +31 (0)570 666 222
F. HaverSchmidtwei 2
De Ruyterkade 143
goudappel@goudappel.nl
8914 BC Leeuwarden
1011 AC Amsterdam
Postbus 161
McDonald's Nederland BV
Mobiliteitsonderzoek McDonald’s Veendam
Datum Kenmerk
23 mei 2020 006889.20200523.N1.01
Eerste versie
1
Inleiding
McDonald’s Nederland is voornemens een restaurant te vestigen aan de N366 in Veendam, ten oosten van de rotonde Geert Veenhuizenweg – N366 (zie figuur 1.1).
Figuur 1.1: Ontwikkellocatie McDonald’s Veendam
www.goudappel.nl goudappel@goudappel.nl
Het restaurant trekt naar verwachting 3.188 motorvoertuigen per week. De zaterdag en zondag zijn de drukste dagen van het restaurant: 797 motorvoertuigen per dag. Op werkdagen worden 319 motorvoertuigen per dag verwacht. Het restaurant wordt ontsloten via een aansluiting op de rotonde Geert Veenhuizenweg – N366. Ten westen van de ontwikkeling zal een rustplaats voor vrachtwagens gerealiseerd worden. De rustplaats wordt bereikt via dezelfde aansluiting op de rotonde. Op het eigen terrein worden 71 parkeerplaatsen gerealiseerd (zie figuur 1.2).
Figuur 1.2: Ontwerp parkeerterrein McDonald’s Veendam
McDonald’s Nederland BV heeft Goudappel Coffeng BV opdracht gegeven het verkeersen parkeereffect voor het restaurant te bepalen.
2
Parkeerbehoefte McDonald’s
De parkeerbehoefte wordt doorgaans berekend aan de hand van kencijfers. CROW1 parkeerkencijfers van publicatie 381 (‘Toekomstbestendig parkeren’) zijn algemeen erkend en worden vaak toegepast als referentie of uitgangspunt voor gemeentelijke parkeernormen. In de CROW publicatie 381 is echter geen specifiek parkeerkencijfer voor fastfoodrestaurants opgenomen, terwijl er wel een ‘algemeen’ kengetal voor de verkeersgeneratie beschikbaar is. CROW geeft in de publicatie aan dat de parkeervraag
1
www.goudappel.nl
CROW is een landelijk kennis- en onderzoeksinstituut op het gebied van mobiliteit en infrastructuur.
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
2
van dergelijke functies dermate verschillend is dat sprake is van maatwerk bij het bepalen van de parkeervraag. Er zijn wel parkeerkencijfers voor een ‘restaurant’. Een normaal restaurant is echter niet vergelijkbaar met een fastfood restaurant vanwege een andere doelgroep, verblijfstijd en bezoekfrequentie. Fastfoodrestaurants zijn dermate specifiek, dat voor het bepalen van de parkeerbehoefte moet worden uitgegaan van maatwerk; in dit geval specifieke cijfers van McDonalds restaurants. Om de parkeerbehoefte te bepalen is daarom gebruik gemaakt van parkeerbehoeftecijfers zoals aangeleverd door McDonald’s. Het prognosemodel van McDonald’s houdt wel rekening met de omvang, locatie en stedelijkheidsgraad. Voor McDonald’s is het van groot belang dat er voldoende parkeercapaciteit beschikbaar is voor de klanten. Om die reden is een prognosemodel voor restaurants opgesteld, gebaseerd op praktijkcijfers bij restaurants van McDonald’s elders. De gemiddelde verblijfstijd bij een fastfood restaurant is, conform ervaringen van CROW (publicatie 272), McDonald’s en Goudappel Coffeng, 20 minuten. Bij een normaal restaurant is dat vele malen hoger. Dit betekent dat een parkeerplaats bij een fastfood restaurant op het drukste moment (weekend tussen 17.00 en 19.00 uur) 3 keer per uur gebruikt kan worden.
Werknemers van McDonald’s zijn relatief jong (leerlingen van middelbaar of hoger onderwijs) en komen daarom voor het grootste deel met de (brom-)fiets. Zij veroorzaken daarmee geen (auto-)parkeerbehoefte. In tabel 2.1 is de parkeerbehoefte per moment van de week weergegeven. Tot 10.00 uur is het aantal bezoekers van McDonald’s minimaal (zie figuur 2.1 als voorbeeld het McDonald’s restaurant in Drachten – A7 zuid). Om die reden zijn geen prognosecijfers voor de periode tot 10.00 uur weergegeven.
Figuur 2.1: Aantal bezoekers McDonald’s Drachten A7 Zuid (bron: Google)
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
3
De maximale parkeerbehoefte van restaurantbezoekers is 33 parkeerplaatsen. Op eigen terrein zijn 71 parkeerplaatsen beschikbaar. Er is daarmee voldoende parkeercapaciteit beschikbaar. De restcapaciteit kan gebruikt worden voor personeel en enkele gebruikers van de McDrive, die op het parkeerterrein hun hamburger willen opeten. Op de rustige dagen van het restaurant, de werkdagen, is de maximale parkeerbehoefte 15 parkeerplaatsen. maandag t/m vrijdag
zaterdag en zondag
10 – 11 uur
5
6
11 – 12 uur
5
6
12 – 13 uur
12
22
13 – 14 uur
12
22
14 – 15 uur
6
28
15 – 16 uur
6
28
16 – 17 uur
6
28
17 – 18 uur
15
33
18 – 19 uur
15
33
19 – 20 uur
7
23
20 – 21 uur
7
23
21 – 22 uur
5
8
22 – 23 uur
5
8
Tabel 2.1: Parkeerbehoefte McDonald’s Restaurant Veendam
3
Verkeersgeneratie
3.1
McDonald’s
Om te bepalen wat de effecten zijn voor de verkeersafwikkeling zijn ritgeneratiecijfers van McDonald’s en landelijk gebruikte kengetallen van het CROW geanalyseerd. In de CROW-publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren’ (publicatie 381, 2018) is voor een fastfoodketen zoals de McDonald’s weliswaar een kengetal voor de verkeersgeneratie opgenomen, echter is bij dit kengetal geen rekening gehouden met de omvang, locatie en stedelijkheidsgraad. Om die reden wordt aangesloten bij het prognosemodel van McDonald’s. Dit model houdt wel rekening met de omvang, locatie en stedelijkheidsgraad. In tabel 3.1 is de verkeersgeneratie van het McDonald’s restaurant weergegeven. De verkeersgeneratie geeft weer hoeveel motorvoertuigritten het restaurant genereert. Het drukste moment is op zaterdag en zondag tussen 17 en 19 uur: dan is sprake van 98 vertrekkende en 98 aankomende ritten per uur.
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
4
maandag t/m vrijdag
zaterdag en zondag
10 – 11 uur
14
18
11 – 12 uur
14
18
12 – 13 uur
36
65
13 – 14 uur
36
65
14 – 15 uur
17
83
15 – 16 uur
17
83
16 – 17 uur
17
83
17 – 18 uur
46
98
18 – 19 uur
46
98
19 – 20 uur
22
68
20 – 21 uur
22
68
21 – 22 uur
15
24
22 – 23 uur
15
24
Tabel 3.1: Verkeersgeneratie (aantal motorvoertuigen per uur, één richting)
Uit tabel 3.1 blijkt dat tijdens het drukste (avondspits-)uur op de werkdag 46 motorvoertuigen per rijrichting te verwachten zijn. Dit komt neer op maximaal 1 aankomende en 1 vertrekkende auto per minuut. De bezoekers komen uit verschillende richtingen naar het restaurant. Niet al het verkeer van McDonald’s is ‘nieuw’ verkeer. Bezoekers van McDonald’s zitten in de meeste gevallen al op de weg van een herkomst naar een bestemming. Slechts 24% van de bezoekers gaat bewust naar een McDonald’s restaurant vanuit huis (bron: Ipsos, zie bijlage 1). Het onderzoek van Ipsos is gehouden voor drie restaurants, die qua ligging en omvang ongeveer gelijk zijn aan het toekomstige restaurant voor Veendam. De overige bezoekers combineren het met een ander reisdoel (werk/school/winkelen). In deze studie is desondanks, bij wijze van ‘worst case’ benadering, rekening gehouden met de gehele verkeersgeneratie van McDonald’s. Deze is volledig toegevoegd aan het omliggende wegennet.
3.1.1
Voetgangers en fietsers
De verkeersgeneratie van voetgangers en fietsers is bepaald aan de hand van de vervoerwijzekeuze (CBS): ■ auto: 72%; ■ fiets: 9%; ■ lopen: 7%. Tabel 3.2 en tabel 3.3 geeft de verkeersgeneratie van voetgangers en fietsers weer.
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
5
maandag t/m vrijdag
zaterdag en zondag
10 – 11 uur
1
2
11 – 12 uur
1
2
12 – 13 uur
4
6
13 – 14 uur
4
6
14 – 15 uur
2
8
15 – 16 uur
2
8
16 – 17 uur
2
8
17 – 18 uur
4
10
18 – 19 uur
4
10
19 – 20 uur
2
7
20 – 21 uur
2
7
21 – 22 uur
1
2
22 – 23 uur
1
2
Tabel 3.2: Verkeersgeneratie (aantal voetgangersbewegingen per uur, één richting)
10 – 11 uur 11 – 12 uur 12 – 13 uur 13 – 14 uur 14 – 15 uur 15 – 16 uur 16 – 17 uur 17 – 18 uur 18 – 19 uur 19 – 20 uur 20 – 21 uur 21 – 22 uur 22 – 23 uur
maandag t/m vrijdag
zaterdag en zondag
2 2 5 5 2 2 2 6 6 3 3 2 2
2 2 8 8 10 10 10 12 12 9 9 3 3
Tabel 3.3: Verkeersgeneratie (aantal fietsritten per uur, één richting)
3.2
Verdeling van het verkeer over het wegennet
Het verkeer van/naar de McDonald’s zal via verschillende routes rijden. In figuur 3.1 is dit gevisualiseerd. De verwachting is dat het meeste verkeer van de McDonald’s aankomt en vertrekt van/naar de provinciale wegen. De aanname in deze studie is dat het verkeer in iedere richting 25% is. Dit komt neer op 12 aankomende en 12 vertrekkende motorvoertuigen per richting in het maatgevende avondspitsuur. Als ‘worst case’ is dat opgeteld bij de huidige verkeersintensiteiten. Het is een ‘worst case’ benadering, omdat een groot deel van de bezoekers van McDonald’s al op de weg zit (zie bijlage 1).
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
6
Figuur 3.1: Routes van/naar de McDonald’s (ondergrond: ArcGIS)
4
Verkeersafwikkeling rotonde Geert Veenhuizenweg – N366
4.1
Aanpak
Met het programma Meerstrooksrotondeverkenner2 is de mate van doorstroming op de rotonde bepaald. Het resultaat van de analyse is een kwalificatie A t/m F, welke weergegeven zijn in tabel 4.1.
A
kwalificatie
gemiddelde wachttijd
zeer goed
< 10 sec/ voertuig
B
goed
10-15 sec/ voertuig
C
redelijk
15-25 sec/ voertuig
D
volbelast
25-45 sec/ voertuig
E
overbelast
> 45 sec/ voertuig
F
zwaar overbelast
---
Tabel 4.1: Mogelijke uitkomsten Meerstrooksrotondeverkenner
2
www.goudappel.nl
De Meerstrooksrotondeverkenner is een softwareprogramma, ontwikkeld de provincie ZuidHolland, waarmee voor verschillende rotondevormen de kwaliteit van de verkeersafwikkeling kan worden geanalyseerd.
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
7
Naast de kwalificatie op basis van de gemiddelde wachttijd geeft de Meerstrooksrotondeverkenner inzicht in de wachtrij in het aantal voertuigen en in de verzadigingsgraad. De verzadigingsgraad is de verhouding tussen de intensiteit en de capaciteit op de rotonde. Bij een verzadigingsgraad tot 80% functioneert de rotonde goed. Een verzadigingsgraad van 80% en hoger is onwenselijk aangezien het risico op verkeersonveilige situaties dan toeneemt. Gemeente Veendam heeft de verkeersintensiteiten geleverd voor de Geert Veenhuizenweg, zie tabel 4.2. N366 (Zwaaikom – N33)
N366 (N33 – N33 (ten noorden Zuidwending)
van N366)
N33 (ten zuiden van N366)
2014
19.400
19.300
17.400
13.200
2015
17.000
19.400
19.100
14.400
2016
17.700
20.400
20.200
13.900
2017
17.900
20.300
21.800
14.500
2018
16.200
20.000
25.000
19.800
Tabel 4.2: Verkeersintensiteiten (motorvoertuigen per werkdagetmaal)
In de berekening is gerekend met 18.500 motorvoertuigen (mvt) op de N366 tussen de Zwaaikom en N33. Hierbij is dus rekening gehouden met een groei van het verkeer op dit wegvak. De verkeersintensiteiten op de overige takken van de rotonde zijn gekalibreerd naar de verdeling van het verkeer over het wegennet van het Mobiliteitsspectrum Nederland, een landelijk verkeersmodel van Goudappel Coffeng. In het verkeersmodel zijn landelijke etmaalintensiteiten per gemiddelde werkdag in motorvoertuigen, gebaseerd op mobiele telefoniedata uit 2018. De data is gevalideerd op rijkswegen en provinciale wegen. De verkeersintensiteiten per etmaal per rijrichting zijn vertaald naar het drukste avondspitsuur. Het drukste avondspitsuur bedraagt 9% van de verkeersintensiteiten per etmaal. De verkeersintensiteiten zijn in motorvoertuigen (mvt) en omvatten ook vrachtwagens. Vrachtwagens hebben een grotere impact op de verkeersafwikkeling van de rotonde dan een personenauto. Derhalve zijn alle motorvoertuigen omgerekend naar personenauto equivalenten (pae): 1 personenauto staat gelijk aan 1 pae, terwijl 1 vrachtwagen 2,5 pae bedraagt. Aangenomen is dat het aandeel vrachtwagens 8% bedraagt. Bovenstaande geeft de input als in tabel 4.3 voor de referentie- en planvariant.
In de planvariant is de verkeersproductie van de McDonald’s verdeeld naar rato van de verdeling van het verkeer op de rotonde, conform de referentievariant.
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
8
referentie
plan
N366 (Zwaaikom – N33) linksaf
-
16
rechtdoor
813
813
rechtsaf
167
167
225
225
N33 afrit linksaf rechtdoor
-
14
rechtsaf
635
635
N366 (onder viaduct N33) rechtsaf
-
16
rechtdoor
665
665
linksaf
354
354
Tabel 4.3: Verkeersintensiteiten drukste avondspitsuur (in personenauto-equivalenten)
4.2
Referentievariant
In tabel 4.4 zijn de resultaten weergegeven voor de referentievariant (huidige situatie). gemiddelde wachttijd (sec)
gemiddelde wachtrij
verzadigingsgraad
1,7 voertuigen
0,39
6,6
kwalificatie A
zeer goed
Tabel 4.4: Resultaten Meerstrooksrotonde verkenner referentievariant drukste avondspitsuur
Uit tabel 4.4 blijkt dat in de referentievariant er sprake is van een (zeer) goede doorstroming op de rotonde Geert Veenhuizenweg – N366. Dit betekent dat er slechts gering tijdsverlies is. Het merendeel van de motorvoertuigen hoeft niet te wachten.
4.3
Planvariant
In tabel 4.5 zijn de resultaten weergegeven voor de planvariant (toekomstige situatie met McDonald’s). gemiddelde wachttijd (sec)
gemiddelde wachtrij
verzadigingsgraad
1,7 voertuigen
0,41
7,2
kwalificatie A
zeer goed
Tabel 4.5: Resultaten Meerstrooksrotonde verkenner planvariant drukste avondspitsuur
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
9
Uit tabel 4.5 blijkt dat in de planvariant er sprake is van een (zeer) goede doorstroming op de rotonde Geert Veenhuizenweg – N366. Dit betekent dat er slechts gering tijdsverlies is. Het gemiddelde tijdsverlies neemt met 0,6 seconden toe als gevolg van de ontwikkeling. Het merendeel van de motorvoertuigen hoeft niet te wachten.
5
Conclusie
Uit deze studie blijkt dat de komst van de McDonald’s aan de rotonde Geert Veenhuizenweg – N366 geen negatief effect heeft op verkeersafwikkeling van deze rotonde. Tevens is gebleken dat op eigen terrein ruim voldoende parkeercapaciteit beschikbaar is voor de McDonald’s.
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
10
Bijlage 1 – Ipsos onderzoek
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
11
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
12
www.goudappel.nl
Mobiliteitsonderzoek McDonald's Veendam
13
Veendammer Poort N33
Bijlage 2 Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366 (Goudappel Coffeng, 11 december 2020)
18
Gemeente Veendam
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
Gemeente Veendam
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
Datum Kenmerk Eerste versie
www.goudappel.nl goudappel@goudappel.nl
11 december 2020 007981.20201109.R1.04
Documentatiepagina
www.goudappel.nl
Opdrachtgever(s)
Gemeente Veendam
Titel rapport
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
Kenmerk
007981.20201109.R1.04
Datum publicatie
11 december 2020
Inhoud
www.goudappel.nl
Pagina
1
Inleiding
1
2
Onderzoeksmethode
2
3 3.1 3.2
Herkomst Bestemmings matrix 2030 Inleiding HB-matrices referentievariant 2030
3 3 4
4 4.1
Prognose HB-matrices planvariant 2030
6 8
5
Kruispuntanalyse
11
Bijlage 1
Resultaten VISSIM studie
1
1 Inleiding
De gemeente Veendam is voornemens het gebied Veendammer Poort te ontwikkelen ten westen van de N33 en ten noorden van de N366. De verschillende ontwikkelingen zorgen voor een gewijzigde verkeersstroom. De gemeente Veendam wil de effecten van alle ontwikkelingen op het omliggende wegennet in beeld brengen. Goudappel Coffeng BV heeft in opdracht van McDonald’s Nederland eerder de kwaliteit van de verkeersafwikkeling op de rotonde N33 – N366 onderzocht, als gevolg van de ontwikkeling van de McDonald’s. De gemeente Veendam wenst een nadere analyse van het verkeerskundige effect van de verschillende ontwikkelingen in het gebied Veendammer Poort bij twee ontsluitingsvarianten: ■ referentievariant: huidige situatie; ■ planvariant 1: ruimtelijke ontwikkelingen, waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande infrastructuur; ■ planvariant 2: ruimtelijke ontwikkelingen + uitbreiding infrastructuur (extra tak op de rotonde N366 – N33). De gemeente Veendam heeft Goudappel Coffeng BV opdracht gegeven dit onderzoek uit te voeren.
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
1
2 Onderzoeksmethode
Voor het bepalen van de verkeerskundige effecten hebben wij de volgende werkzaamheden uitgevoerd: ■ Bepalen van de kruispuntstromen van de volgende drie rotondes (op basis van het eerder opgestelde dynamische verkeersmodel van Royal Haskoning DHV met prognosejaar 2020): - Geert Veenhuizenweg – De Zwaaikom; - Geert Veenhuizenweg – N33 (west); - Geert Veenhuizenweg – N33 (oost). ■ Het prognosejaar 2030 hebben wij bepaald door uit te gaan van 1% groei per jaar op alle verkeersstromen. Dit komt globaal overeen met de groei van het aantal personenauto’s in de provincie Groningen de afgelopen 10 jaar (11%, bron: CBS): - 2011: 254.975 auto’s - 2020: 283.649 auto’s. ■ Daarnaast hebben wij de globale verkeersgeneratie voor de geplande ontwikkelingen bij de Veendammer Poort berekend aan de hand van de verkeersgeneratiekencijfers van CROW publicatie 381 (‘Toekomstbestendig parkeren’, december 2018). ■ Beoordelen van de kwaliteit van de verkeersafwikkeling op de drie rotondes met behulp van VISSIM. VISSIM is een dynamisch microsimulatiemodel waarmee het mogelijk is op voertuigniveau de verkeersafwikkeling te onderzoeken. Per rotonde hebben wij de kwaliteit van de verkeersafwikkeling beoordeeld in de ochtend- en avondspits voor de verschillende varianten.
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
2
3 Herkomst Bestemmings matrix 2030
3.1
Inleiding
In dit hoofdstuk zijn de herkomst bestemmingsmatrices (HB matrices) weergegeven voor het jaar 2030. Het plangebied is weergegeven in figuur 3.1. Deze afbeelding is afkomstig van de eerder uitgevoerde microsimulatiestudie van Royal Haskoning DHV. In deze studie zijn de zones 10, 11 en 12 samengevoegd tot 1 zone 10.
Figuur 3.1: Zone-indeling
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
3
3.2
HB-matrices referentievariant 2030
De herkomst-bestemmingsmatrices van de referentievariant 2030 (zonder plan Veendammer Poort) zijn weergegeven in tabel 3.1 tot en met 3.4. 1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
13
14 totaal
1
0
0
0
0
0
258
0
490
77
72
0
31
928
2
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
0
0
0
1
0
1
0
2
0
0
5
4
0
9
0
0
0
0
0
6
1
8
0
0
24
5
0
569
1
0
0
0
0
373
39
418
0
42
1442
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
590
1
0
0
214
0
0
36
223
0
31
1095
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
34
0
0
0
12
0
14
0
41
0
21
121
10
0
33
0
0
0
226
0
151
80
0
0
73
563
13
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
14
0
8
0
0
0
10
0
8
17
39
0
0
84
totaal
0
1.242
2
0
0
721
0
1.043
251
803
0
199
4.261
Tabel 3.1: Personenauto ochtendspits (1 uur)
1
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
13
14 totaal
0
0
0
0
0
66
0
89
6
8
0
3
173
2
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
4
0
2
0
0
0
0
0
1
0
0
0
0
3
5
0
66
0
0
0
0
0
37
2
39
0
5
150
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
116
0
0
0
43
0
0
2
20
0
3
185
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
3
0
3
28
0
13
0
0
0
3
0
5
10
0
23
0
0
0
26
0
30
3
0
0
5
87
13
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
14
0
3
0
0
0
5
0
3
3
6
0
0
21
totaal
0
224
0
0
0
143
0
166
17
77
0
20
647
Tabel 3.2: Vrachtauto ochtendspits (1 uur)
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
4
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
13
14 totaal
1
0
0
0
13
0
651
0
742
35
29
0
12
1481
2
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
0
0
0
2
0
1
0
1
0
0
5
4
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
5
0
352
1
0
0
0
0
275
17
254
0
15
915
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
544
2
8
0
390
0
0
12
110
0
12
1079
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
66
0
1
0
35
0
36
0
85
0
12
235
10
0
41
1
7
0
289
0
183
50
2
0
66
640
13
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
14
0
38
0
0
0
51
0
38
27
122
0
0
276
totaal
0
1.041
5
29
0
1.419
0
1.276
140
604
0
116
4.630
9
10
13
14 totaal
Tabel 3.3: Personenauto avondspits (1 uur)
1
2
3
1
4
5
6
7
8
0
0
2
0
0
0
3
0
77
0
122
7
6
0
9
224
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
4
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
5
0
42
0
0
0
0
0
30
3
27
0
12
114
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
72
0
1
0
35
0
0
2
13
0
9
132
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
3
0
0
0
1
0
2
0
2
0
6
15
10
0
7
0
1
0
15
0
16
3
0
0
3
46
13
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
14
0
5
0
0
0
6
0
5
6
5
0
0
26
totaal
0
129
0
6
0
134
0
175
22
52
0
39
557
Tabel 3.4: Vrachtauto avondspits (1 uur)
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
5
4 Prognose
Het plangebied is 35.000 m² groot. De invulling van het plangebied staat nog niet vast, maar wel dat het gebied bestemd is voor perifere detailhandel, leisure en horeca (waaronder McDonald’s). Goudappel Coffeng heeft een aanname voor het programma gedaan. In tabel 4.1 is het programma weergegeven, waarmee gerekend is binnen de VISSIM simulatie. omvang perifere detailhandel
2.500
m² bvo
1.000
m² bvo
15000
m² bvo
bioscoop
7500
m² bvo
bowling
3000
m² bvo
kinderspeelhal
2000
m² bvo
fitness
4000
m² bvo
totaal
35.000
m² bvo
(volumineuze detailhandel) McDonald's + 1 andere restaurant woonboulevard
Tabel 4.1: Programma
Aan de hand van verkeersgeneratiekencijfers van landelijk kennisinstituut CROW (‘Toekomstbestendig parkeren’, december 2018) is een prognose gemaakt voor bovenstaand programma. De verkeersgeneratiekencijfers zijn afhankelijk van de stedelijkheidsgraad en de ligging van de planontwikkeling binnen de bebouwde kom. De gemeente Veendam heeft als stedelijkheidsgraad ‘weinig stedelijk’. Het plangebied ligt in de ‘rest van de bebouwde kom’. CROW rekent met een range ‘minimum – maximum’ voor de verkeersgeneratiekencijfers. Goudappel Coffeng heeft gebruik gemaakt van het gemiddelde kencijfer, omdat het
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
6
autobezit in Veendam iets onder het gemiddelde van Nederlandse gemeenten met stedelijkheidsgraad ‘weinig stedelijk’ ligt. Voor de volumineuze detailhandel is aangesloten bij een woonwarenhuis. Eventueel in de toekomst is een bruin- & witgoedzaak mogelijk (met een hogere verkeersgeneratie), maar dat wordt pas mogelijk na nader onderzoek door de gemeente Veendam (zie hoofdstuk 5 voor de resultaten met een bruin & witgoedzaak). Een XL-supermarkt is overigens niet mogelijk. Voor de McDonald’s is geen geschikt verkeersgeneratiecijfer beschikbaar binnen CROW publicatie 381. Om die reden is aangesloten bij de opgave uit de studie die Goudappel Coffeng heeft uitgevoerd voor McDonald’s. Aangezien er nog een tweede fastfood restaurant wordt verwacht, is het aantal vermenigvuldigd met 2. De verkeersgeneratiekencijfers zijn weergegeven in tabel 4.2. verkeersgeneratie per 100 m²
per
bvo perifere detailhandel
40,9
etmaal
woonboulevard
9,3
etmaal
bioscoop
18
etmaal
bowling
16,4
etmaal
kinderspeelhal
7,95
etmaal
fitness
34,35
etmaal
(volumineuze detailhandel)
Tabel 4.2: Verkeersgeneratiekencijfers
De verkeersgeneratie voor de etmaalperiode is weergegeven in tabel 4.3. verkeersgeneratie per etmaal perifere detailhandel (volumineuze
1.023
detailhandel) woonboulevard
1.395
bioscoop
1.350
bowling
492
kinderspeelhal
159
fitness
1.374
Tabel 4.3: Verkeersgeneratie plan voor etmaalperiode
Omdat de kruispuntstudie wordt uitgevoerd voor de drukste ochtend- en avondspitsuren, wordt de verkeersgeneratie per etmaal vermenigvuldigd met spitsfactoren (zie tabel
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
7
4.4), welke verkregen zijn door druktebeelden uit Google Maps van vergelijkbare functies te bestuderen. ochtendspitsuur
avondspitsuur
0%
10%
woonboulevard
0%
10%
bioscoop
0%
7%
bowling
0%
11%
kinderspeelhal
0%
13%
fitness
5%
7%
perifere detailhandel (volumineuze detailhandel)
Tabel 4.4: Spitsfactoren
De verkeersgeneratie per spitsperiode is weergegeven in tabel 4.5. ochtendspitsuur
avondspitsuur
0
51 (of 123 = bruin- & witgoed)
McDonald’s
10
92
woonboulevard
0
70
bioscoop
0
47
bowling
0
27
kinderspeelhal
0
10
fitness
34
48
totaal
44
345
perifere detailhandel (volumineuze detailhandel)
Tabel 4.5: Verkeersgeneratie per ochtend- en avondspitsuur (aankomende / vertrekkende motorvoertuigen per functie)
4.1
HB-matrices planvariant 2030
De herkomst-bestemmingsmatrices voor de maximale planvariant (met bruin- & witgoedzaak) is weergegeven in tabel 4.6 tot en met 4.9.
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
8
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
13
14 totaal
1
0
0
0
0
0
258
0
490
77
72
18
31
945
2
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
0
0
0
1
0
1
0
2
0
0
5
4
0
9
0
0
0
0
0
6
1
8
0
0
24
5
0
569
1
0
0
0
0
373
39
418
23
42
1.465
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
590
1
0
0
214
0
0
36
223
18
31
1112
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
34
0
0
0
12
0
14
0
41
12
21
132
10
0
33
0
0
0
226
0
151
80
0
41
73
604
13
0
11
0
0
0
14
0
11
23
52
0
0
111
14
0
8
0
0
0
10
0
8
17
39
0
0
84
totaal
0
1.253
2
0
0
735
0
1.053
274
856
111
199
4.483
9
10
13
14 totaal
Tabel 4.6: Personenauto ochtendspits (1 uur)
1
2
3
4
5
6
7
8
1
0
0
0
0
0
66
0
89
6
8
0
3
173
2
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
4
0
2
0
0
0
0
0
1
0
0
0
0
3
5
0
66
0
0
0
0
0
37
2
39
0
5
150
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
116
0
0
0
43
0
0
2
20
0
3
185
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
13
0
0
0
3
0
5
0
3
0
3
28
10
0
23
0
0
0
26
0
30
3
0
0
5
87
13
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
14
0
3
0
0
0
5
0
3
3
6
0
0
21
totaal
0
224
0
0
0
143
0
166
17
77
0
20
647
Tabel 4.7: Vrachtauto ochtendspits (1 uur)
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
9
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
13
14 totaal
1
0
0
0
13
0
651
0
742
35
29
43
12
1.524
2
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
0
0
0
2
0
1
0
1
0
0
5
4
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
5
0
352
1
0
0
0
0
275
17
254
56
15
970
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
544
2
8
0
390
0
0
12
110
43
12
1.121
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
66
0
1
0
35
0
36
0
85
43
12
277
10
0
41
1
7
0
289
0
183
50
2
243
66
883
13
0
59
0
0
0
79
0
59
41
188
0
0
427
14
0
38
0
0
0
51
0
38
27
122
0
0
276
totaal
0
1.101
5
29
0
1.498
0
1.335
182
792
427
116
5.484
9
10
13
14 totaal
Tabel 4.8: Personenauto avondspits (1 uur)
1
2
3
1
4
5
6
7
8
0
0
2
0
0
0
3
0
77
0
122
7
6
0
9
224
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
3
0
0
4
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
5
0
42
0
0
0
0
0
30
3
27
0
12
114
6
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
7
0
72
0
1
0
35
0
0
2
13
0
9
132
8
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
9
0
3
0
0
0
1
0
2
0
2
0
6
15
10
0
7
0
1
0
15
0
16
3
0
0
3
46
13
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
14
0
5
0
0
0
6
0
5
6
5
0
0
26
totaal
0
129
0
6
0
134
0
175
22
52
0
39
557
Tabel 4.9: Vrachtauto avondspits (1 uur)
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
10
5 Kruispuntanalyse
De volgende varianten zijn met een VISSIM analyse onderzocht: ■ Referentie 2030, huidige vormgeving ■ Plansituatie 1 2030, verkeer Veendammer Poort rijdt via de parallelweg Drieborghweg naar de ontwikkeling (zie figuur 5.1); ■ Plansituatie 2 2030, verkeer Veendammer Poort rijdt via een directe aansluiting op de rotonde N366 - toe/afrit west (rotonde nr. 2 in de VISSIM analyse, zie bijlage 1 en figuur 5.2); ■ Plansituatie 2 2030, verkeer Veendammer Poort rijdt via een directe aansluiting op de rotonde N366 - toe/afrit west (rotonde nr. 2 in de VISSIM analyse wordt een turborotonde, zie bijlage 1 en figuur 5.3).
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
11
Figuur 5.1: Huidige vormgeving rotonde N366 – N33 (west)
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
12
Figuur 5.2: Toekomstige vormgeving rotonde N366 – N33 (west) met 4 takken (1 rijstrook voor aankomend verkeer op de nieuwe kruispunttak)
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
13
Figuur 5.3: Toekomstige vormgeving rotonde N366 – N33 (west) met 4 takken (2 rijstroken voor aankomend verkeer op de nieuwe kruispunttak)
Uit het VISSIM simulatie (zie bijlage 1 voor onderzoeksresultaten) valt het volgende te concluderen: ■ In de referentiesituatie (zonder plan Veendammer Poort) heeft verkeer vanaf de afrit ten oosten van de N33 (rotonde nr. 1 in de VISSIM analyse, zie bijlage 1) moeite om de rotonde met de N366 op te rijden, er wordt een verliestijd van circa 70 seconden gemeten (zie figuur 5.4). Dit kan opgelost worden door een vrije rechtsaffer (bypass) te maken in oostelijke richting. Zonder plan ‘Veendammer Poort’ is het dus wenselijk deze infrastructurele aanpassing te doen. ■ De overige rotondes hebben voldoende capaciteit en kunnen het verkeer goed verwerken. ■ In alle planvarianten neemt de vertraging vanaf de afrit ten oosten van de N33 (rotonde nr. 1 in de VISSIM analyse, zie bijlage 1) toe in de maatgevende avondspits, maar met de bypass vanaf de afrit in oostelijke richting (zie ook bij de referentievariant) is het mogelijk de doorstroming te verbeteren.
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
14
■ In planvariant 1 wordt er veel vertraging gemeten vanaf de parallelweg Drieborghweg, verkeer vanaf de ontwikkeling heeft grote moeite om de rotonde Geert Veenhuizenweg - Adriaan Tripweg op te rijden, de wachtrij slaat volledig terug tot aan de ontwikkeling (zie figuur 5.5). Dit heeft te maken met de hoogte van de verkeersgeneratie van de Veendammer Poort. Het is daarom wenselijk om een extra aantakking te maken op de rotonde ten westen van de N33 (rotonde nr. 2 in de VISSIM analyse, zie bijlage 1). ■ De Veendammer Poort wordt in fasen ontwikkeld. Vooralsnog is planvariant 2 met een extra aansluiting met één rijstrook voor uitrijdend verkeer (hierdoor ontstaat een zogenaamde ‘eirotonde’) voldoende om het verkeer te kunnen afwikkelen. In figuur 5.6 is dit verder uitgewerkt in een voorlopig ontwerp. Het ontwerp gaat uit van een voorrangsregeling ter hoogte van de Drieborghweg. Voor fietsverkeer is tussen de ingaande en uitgaande rijstrook een middensteunpunt opgenomen in het ontwerp ter bevordering van de verkeersveiligheid. ■ In planvariant 2 wordt er in de maximale variant met een bruin- en witgoedwarenhuis (en na volledige realisatie van het plangebied volgens de maximale vulling) veel vertraging gemeten vanaf de ontwikkeling om de rotonde N366 - toe/afrit west (rotonde nr. 2 in de VISSIM analyse, zie bijlage 1) op te rijden.
Om die reden wordt geadviseerd om de vinger aan de pols te houden wat betreft de verkeersafwikkeling. Op een gegeven moment in de toekomst is planvariant 3 nodig. ■ In planvariant 3 is de rotonde N366 - toe/afrit west (rotonde nr. 2 in de VISSIM analyse) vormgeven als turborotonde, deze vormgeving heeft voldoende capaciteit om het verkeer met een maximaal programma (inclusief een bruin- & witgoedwarenhuis) goed te verwerken. Voor planvariant 3 is het nodig om één extra rijstrook aan te leggen aan de noordzijde. Deze kan dan gebruikt worden door rechts afslaand verkeer.
Figuur 5.4: Verliestijd op de afrit van de N33 oostzijde in de referentievariant
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
15
Figuur 5.5: Structurele wachtrij op de Drieborghweg in planvariant 1
Figuur 5.6: Voorlopig ontwerp extra aansluiting rotonde (bron: gemeente Veendam)
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
16
Bijlage 1 Resultaten VISSIM studie
Hoofdrichting
Zijrichting
Motorvoertuigen
Fiets/voetganger
Motorvoertuigen
Fiets/voetganger
Goed
0-25 sec
0-10 sec
0-40 sec
0-20 sec
Redelijk/matig
25-45 sec
10-20 sec
40-60 sec
20-40 sec
Slecht
> 45 sec
> 20 sec
> 60 sec
> 40 sec
Grenswaarden gemiddelde verliestijden op voorrangskruispunten en rotondes
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
B1-1
www.goudappel.nl
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
B1-2
Gemiddelde verliestijd (sec)
Geert Veenhuizenweg - Adriaan Tripweg
N366 - toe/afrit west
N366 - toe/afrit oost
Richting
www.goudappel.nl
Plan1 max 2030
Ref 2030 OS
AS
OS
Plan2 max 2030
AS
OS
Plan2 max 2030_turbo
AS
OS
AS
102 rechtdoor
8
3
12
3
13
3
12
3
103 linksaf
16
6
21
6
22
6
22
6
104 rechtsaf
18
63
17
186
17
252
17
217
106 linksaf
21
69
20
189
21
256
21
221
107 rechtsaf
19
19
24
23
23
30
25
30
108 rechtdoor
17
17
23
24
21
28
22
28
201 rechtsaf
-
-
-
-
16
12
5
3
202 rechtdoor
4
2
4
2
14
13
5
3
203 linksaf
6
3
7
4
13
13
7
4
204 rechtsaf
3
5
4
7
4
7
4
8
205 rechtdoor
-
-
-
-
11
19
9
11
206 linksaf
7
8
7
10
12
22
8
12
207 rechtsaf
7
5
7
5
8
14
7
11
208 rechtdoor
5
4
5
4
6
14
5
8
209 linksaf
-
-
-
-
7
16
5
3
210 rechtsaf
-
-
-
-
55
163
31
15
211 rechtdoor
-
-
-
-
55
163
36
16
212 linksaf
-
-
-
-
58
164
7
14
301 rechtsaf
4
3
6
11
5
3
5
8
302 rechtdoor
4
2
5
7
4
3
3
6
303 linksaf
3
2
3
5
3
2
3
9
304 rechtsaf
3
5
4
14
3
7
5
14
305 rechtdoor
5
6
5
21
5
11
5
12
306 linksaf
5
7
5
19
4
10
12
15
307 rechtsaf
11
11
13
16
12
15
11
14
308 rechtdoor
11
11
11
16
11
14
11
15
309 linksaf
11
11
11
17
10
14
15
17
310 rechtsaf
15
10
61
374
16
23
15
16
311 rechtdoor
16
11
56
372
16
21
13
14
312 linksaf
14
9
62
376
12
20
2
0
Verkeerssimulatie Veendammer Poort op de N366
B1-3
Vestiging Deventer Snipperlingsdijk 4 7417 BJ Deventer T +31 (0570) 666 222 F +31 (0570) 666 888 Postbus 161 7400 AD Deventer
www.goudappel.nl goudappel@goudappel.nl
Veendammer Poort N33
Bijlage 3 Verkennend bodemonderzoek (Enviso, 5 maart 2020)
43
Verkennend bodemonderzoek N33 DRIEBORGHWEG TE VEENDAM
COLOFON
Opdrachtgever: Poort van Noord BV Phoenixweg 57 | 9641 KS VEENDAM Contactpersoon: dhr. J. Eijzenga Projectgegevens: Locatie: Projectnummer: Kenmerk: Status:
N33, Drieborghweg te Veendam EN05433 200169 definitief, versie 1
Onderzoek uitgevoerd door: Enviso Ingenieursbureau Postbus 332 | 9200 AH DRACHTEN Telefoon: 0512-586246 E-mail: info@enviso.nl | Internet: www.enviso.nl Projectmedewerkers: Projectleider: dhr. F. Hooghiemstra Veldwerkers: dhr. L. Boerma, dhr. W.K. Schuit In opleiding dhr. S. Koen, dhr. M. Brinkhof Auteur: dhr. W.K. Schuit Kwaliteitscontrole: dhr. F. Schriemer
Drachten, 5 maart 2020
INHOUDSOPGAVE 1 1.1 1.2
INLEIDING ........................................................................................................................... 3 Algemeen .......................................................................................................................................3 Aanleiding en doel .........................................................................................................................3
2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
VOORONDERZOEK .............................................................................................................. 4 Algemeen .......................................................................................................................................4 Beschrijving onderzoekslocatie ......................................................................................................4 Bodemopbouw ...............................................................................................................................4 Historisch onderzoek .....................................................................................................................5 Conclusie vooronderzoek...............................................................................................................7
3 3.1 3.2 3.3
ONDERZOEKSPROGRAMMA ................................................................................................ 8 Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid.........................................................................................8 Algemeen .......................................................................................................................................8 Onderzoeksopzet ...........................................................................................................................8
4 4.1 4.2 4.3 4.4
VELDWERKZAAMHEDEN ....................................................................................................10 Grond .......................................................................................................................................... 10 Grondwater ................................................................................................................................. 10 Asbest in grond ........................................................................................................................... 11 Waterbodem ............................................................................................................................... 12
5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6
LABORATORIUMONDERZOEK .............................................................................................13 Chemische analyses .................................................................................................................... 13 Resultaten grond ......................................................................................................................... 13 Resultaten grondwater ............................................................................................................... 15 Resultaten asbest in grond ......................................................................................................... 15 Resultaten waterbodem ............................................................................................................. 17 Verontreinigingssituatie .............................................................................................................. 18
6 6.1 6.2
SAMENVATTING EN CONCLUSIE .........................................................................................19 Samenvatting .............................................................................................................................. 19 Conclusie ..................................................................................................................................... 22
Bijlagen 1 Regionale ligging en kadastrale kaart 2 Samenvatting bodeminformatiesysteem 3 Overzichtstekening met situering boringen, peilbuizen, slibsteken en inspectiegaten 4 Bodemprofielen + foto’s inspectiegaten 5 Analyserapporten grond en grondwater 6 Toetsingstabellen grond en grondwater (Wbb) 7 Toetsingstabellen grond (Bbk) 8 Analyserapporten en berekening asbest in bodem 9 Analyserapporten en toetsingstabellen slib 10 Toelichting toetsingskaders
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
2
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
1
INLEIDING
1.1
ALGEMEEN
In opdracht van Poort van Noord BV is door Enviso Ingenieursbureau een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740, NEN 5707 en NEN 5720 uitgevoerd ter plaatse van de Drieborghweg, nabij de N33 te Veendam. De regionale ligging van de onderzoekslocatie is aangegeven in bijlage 1.
1.2
AANLEIDING EN DOEL
Aanleiding voor het uitvoeren van het verkennend bodemonderzoek is de voorgenomen eigendomsoverdracht van de locatie. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van zowel de grond, slib in de watergangen, het grondwater en het bepalen van het eventuele gehalte aan asbest in de grond nabij een, op de locatie aanwezige, verdachte asbesthoudende schuur. Daarnaast is het doel van het verkennend asbestbodemonderzoek het bepalen van het eventuele gehalte aan asbest in de bodem op het perceel waar de afrit van de N33 gesitueerd is geweest.
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
3
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
2
VOORONDERZOEK
2.1
ALGEMEEN
Voor aanvang van de veldwerkzaamheden is een vooronderzoek conform de NEN 5725 en NEN 5717 uitgevoerd. Aangezien het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van de voorgenomen eigendomsoverdracht, is een standaard vooronderzoek uitgevoerd. Als afbakening van het geografische besluitvormingsgebied is gekozen voor een perceelsgewijze afbakening en de aangrenzende percelen tot 25 meter. De resultaten van het vooronderzoek worden navolgend beschreven.
2.2
BESCHRIJVING ONDERZOEKSLOCATIE
De geografische gegevens van de onderzoekslocatie staan weergegeven in tabel 2.2.1. Voor een kadastrale kaart wordt verwezen naar bijlage 1. Tabel 2.2.1: Geografische gegevens Gemeente Adres Kadastraal
Veendam Drieborghweg te Veendam Gemeente: Veendam Sectie: N
Coördinaten Oppervlakte onderzoeksterrein
X: 256.133 52.500 m²
Nummers: 460, 516, 100, 371, 372, 79
Y: 569.331
De onderzoekslocatie bevindt zich nabij de Drieborghweg te Veendam en is gesitueerd ten westen van de N33. Ten westen van de onderzoekslocatie is het bedrijventerrein ‘De Zwaaikom’ gelegen. De Drieborghweg is ten zuiden van de onderzoekslocatie gesitueerd. Op de locatie is een vijver gesitueerd. Naast deze vijver is een geschuur gesitueerd. Daarnaast zijn binnen de grenzen van de onderzoekslocatie twee sloten gesitueerd, waarvan de sloot welke midden over de locatie loopt deels is dichtgegroeid. In het verleden is een afrit van de N33 naar de N366 op de locatie gesitueerd geweest. Medio 2014 zijn de N33 en bijbehorende afrit naar de N366 aangepakt en verlegd in oostelijke richting. Hierbij is de huidige onderzoekslocatie “braak” komen te liggen. De locatie is kadastraal bekend als gemeente Veendam, sectie N, nummers 79, 100, 371, 372, 460 en 516. De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt 52.500 m². Een overzichtstekening van de onderzoekslocatie is opgenomen in bijlage 3.
2.3
BODEMOPBOUW
De regionale bodemopbouw is ontleend aan het DINOLoket (Data en informatie van de Nederlandse ondergrond) van TNO. De regionale bodemopbouw van de locatie is weergegeven in tabel 2.3.1. Tabel 2.3.1: Regionale bodemopbouw Bodemtraject t.o.v. maaiveld (cm-mv) 0 100 100 200 200 250 250 400 400 1800
Bodemopbouw Veen Zand, matig grof Zand, matig fijn Zand, matig grof Zand, matig fijn
Het maaiveld ter plaatse van de locatie bevindt zich op een hoogte van circa 0,6 tot 1,8 m+NAP. De stromingsrichting van het freatische grondwater is niet eenduidig te bepalen en kan beïnvloed worden Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
4
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
door lokale factoren zoals waterlopen, drainagesystemen, (lekke) rioleringen en dergelijke. De locatie bevindt zich niet binnen een grondwaterbeschermingsgebied.
2.4
HISTORISCH ONDERZOEK
Voor het bepalen van de aanwezigheid, de aard en de ruimtelijke verdeling van eventuele bodemverontreiniging ter plaatse van de onderzoekslocatie is een historisch onderzoek verricht. Ten behoeve van het historisch vooronderzoek is gebruik gemaakt van de volgende bronnen: • • • • • •
Bodeminformatiesysteem (Bodemloket); Bodemarchief provincie; Bodemkwaliteitskaart gemeente; Opdrachtgever; Topografisch kaartmateriaal; Locatie-inspectie.
Bodeminformatiesysteem, bodemarchief en opdrachtgever Uit het bodeminformatiesysteem, bodemarchief en volgens informatie van de opdrachtgever blijkt dat ter plaatse van de onderzoekslocatie meerdere bodemonderzoeken zijn uitgevoerd. De meest relevante bodemonderzoeken zijn navolgend weergegeven: • • • •
Historisch onderzoek N33, Oranjewoud BV, kenmerk 10269-242253-rap-RWS rev02, d.d. 17-08-2011; Verkennend onderzoek NEN5740 N33, Oranjewoud BV, kenmerk 10269-242253-rap-RWS-VBO N33 def., d.d. 17-08-2011; Verkennend onderzoek voor waterbodems NVN5720 N33, Oranjewoud BV, kenmerk 10269242253-revisie 01, d.d. 17-08-2011; Aanvullend rapport N33, Oranjewoud BV, kenmerk 10269-242253 revisie 01, d.d. 12-12-2012.
De betreffende rapporten zijn opgevraagd bij de gemeente Veendam. Helaas bleken de rapporten niet aanwezig te zijn. Uit de gegevens van het bodeminformatiesysteem blijkt dat de locatie onderzocht dient te worden in verband met mogelijke bodemverontreiniging. Verder blijkt uit het bodeminformatiesysteem dat ter plaatse van de onderzoekslocatie een gedempte “wijk” is gesitueerd. De gedempte wijk is beschreven in een historisch onderzoek met de volgende kenmerken: •
Historisch onderzoek, ReGister, kenmerk 02031, d.d. 24-09-2002.
Ter plaatse van de gedempte wijk zijn geen bodemonderzoeken bekend. Er zijn geen aanwijzingen die duiden op de (voormalige) aanwezigheid van boven- en/of ondergrondse tanks op de locatie. Er bestaat geen aanleiding om asbesthoudende materialen in en/of op de bodem te verwachten. Ten oosten van de onderzoekslocatie is bedrijventerrein “De Zwaaikom” gesitueerd. Op de aangrenzende percelen hebben in het verleden diverse verdachte activiteiten plaatsgevonden en zijn diverse onderzoeken en bodemsaneringen uitgevoerd. Drieborghweg 4, Veendam Op de locatie zijn een (vracht)auto reparatiebedrijf en een benzineservice station aanwezig. Ter plaatse zijn geen bodemonderzoeken bekend. Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
5
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
De Zwaaikom 10, Veendam Op de locatie is Reym tanktransport gesitueerd. In 2007 heeft op de locatie een bodemsanering plaatsgevonden van een verontreiniging met barium in de bovengrond. Uit het evaluatierapport blijkt dat de verontreinigingssituatie met barium in grote mate is gesaneerd. Ter plaatse van vak 6 is een restverontreiniging met barium achtergebleven. De restverontreiniging met barium is naar verwachting niet van invloed op de bodemkwaliteit van de huidige onderzoekslocatie. De Zwaaikom 12, Veendam Op de locatie is Wierda bedrijfswagens gesitueerd. In 2001 is op de locatie een bodemonderzoek uitgevoerd door Oranjewoud. Er zijn ten hoogste licht verhoogde gehalten aan onderzochte parameters vastgesteld. De locatie is in voldoende mate onderzocht. De Zwaaikom 14 en 16, Veendam Op de locaties is in 1992 een indicatief bodemonderzoek uitgevoerd door Grontmij. Uit de gegevens van bodemloket blijkt dat de locatie voldoende onderzocht is. De Zwaaikom 18, Veendam Op de locatie is Indoor Kartracing Veendam gesitueerd. In 1992 zijn diverse bodemonderzoeken op de locatie uitgevoerd, welke hebben geresulteerd in het uitvoeren van een bodemsanering in 1993. Uit de gegevens van bodemloket blijkt dat der geen vervolgacties nodig zijn. Een samenvatting van de beschikbare gegevens in het bodeminformatiesysteem Bodemloket is opgenomen in bijlage 2.
Bodemkwaliteitskaart Op basis van de gemeentelijke bodemkwaliteitskaart ligt de onderzoekslocatie in een gebied waarvan de gemiddelde bodemkwaliteit niet is bepaald. De bodemfunctie van de onderzoekslocatie is ‘Infrastructuur en Industrie’. Topografie De topografische kaarten zijn via de website van Topotijdreis (www.topotijdreis.nl) geraadpleegd en deze zijn navolgend weergegeven.
1959
1969
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
6
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
2013
2018
Uit de topografische kaarten blijkt dat het perceel tot 1969 altijd in gebruik is geweest voor agrarische doeleinden. Vanaf 1969 is de geplande N33 aanwezig. Tot 2013 is de N33 over het onderzoeksperceel gelegen, daarna zijn de op- en afritten van de N33 en de N33 zelf deels verlegt en is de onderzoekslocatie braak komen te liggen. Dwars op de locatie is op de kaarten van 1959 en 1969 een watergang te herkennen. Na de aanleg van de N33 is de watergang niet zichtbaar op de topografische kaarten en vermoedelijk gedempt. Dit betreft naar alle waarschijnlijkheid de gedempte wijk, welke is omschreven in het bodeminformatiesysteem. Locatie-inspectie Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een locatie-inspectie verricht. Tijdens de inspectie zijn er ter plaatse van de aanwezige schuur asbest verdachte materialen aangetroffen op het maaiveld. Verder is geconstateerd dat de schuur vermoedelijk uit asbesthoudende golfplaten bestaat.
2.5
CONCLUSIE VOORONDERZOEK
Op basis van het uitgevoerde vooronderzoek wordt de onderzoekslocatie als ‘onverdacht’ beschouwd. Uitzondering hierop zijn de gedempte watergang en de bodem ter plaatse van de asbestverdachte schuur. Beide locaties worden als “verdacht” aangemerkt.
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
7
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
3
ONDERZOEKSPROGRAMMA
3.1
KWALITEITSBORGING EN ONAFHANKELIJKHEID
Voor het bewijsbaar en zichtbaar maken van de kwaliteit (kwaliteitsborging) beschikt Enviso Ingenieursbureau over een kwaliteitssysteem dat is opgezet conform NEN-EN-ISO 9001. In het kader van Kwalibo zijn de veldwerkzaamheden uitgevoerd onder een procescertificaat, hetgeen is omschreven in de vigerende versie van de Beoordelingsrichtlijn SIKB 2000, protocollen 2001, 2002, 2003 en 2018. Met betrekking tot de functiescheiding kan worden gesteld dat er geen organisatorische relatie bestaat tussen Enviso Ingenieursbureau en de opdrachtgever of eigenaar van de onderzoekslocatie.
3.2
ALGEMEEN
Ten behoeve van het verkennend (water en/of asbest)bodemonderzoek is een programma voor velden laboratoriumonderzoek opgesteld, waarbij de locatie op basis van de historie deels als ‘potentieel verdacht’ en deels als ‘onverdacht’ kan worden beschouwd. Ten behoeve van het bodemonderzoek wordt de locatie opgedeeld in zes deellocaties: A. B. C. D. E. F.
Onverdacht terrein; Slootdemping; Asbestverdachte schuur; Waterbodem sloot west; Waterbodem sloot midden; Waterbodem vijver.
3.3
ONDERZOEKSOPZET
Grond en grondwater Op basis van de NEN 5740 ‘strategie onverdacht ONV’ en ‘strategie verdacht (VED-HE en VED-HE-L)’ zijn het aantal boringen en analyses bepaald. De onderzoeksstrategie is weergegeven in tabel 3.2.1. Asbest in grond Op basis van de NEN 5707, strategie ‘verdachte locatie met een diffuse bodembelasting, heterogeen verdeeld’ (VED-HE) zijn het aantal proefgaten en analyses bepaald. De onderzoeksstrategie is weergegeven in tabel 3.2.1. Waterbodem Op basis van de NEN 5720 ‘lijnvormig water, normale onderzoeksinspanning (LN)’ en ‘Overig water, normale onderzoeksinspanning (ON)’ zijn het aantal vakken bepaald. In tabel 3.2.1. staan het aantal vakken, slibsteken per vak en analyses per vak weergegeven.
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
8
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
Tabel 3.2.1: Strategie (water)bodemonderzoek Oppervlakte locatie Strategie Boringen
Analyseparameters¹ Bovengrond Ondergrond 8 x NEN-g + 6 x NEN-g, PFAS, L+H L+H
Grondwater A. ONV-NL - 44 x boring tot 0,50 m-mv 6 x NEN-gw Overig terrein - 13 x boring tot grondwater (52.500 m²) - 6 x boring met peilbuis A. VED-HE - 33 x inspectiegat tot 0,5 m-mv 7 x asbest in asbestonderzoek - 7 x inspectiegat met boring tot 2 grond vml afrit N33 m-mv (26.745 m²) B. Indicatief - 3 x boring tot 2,5 m-mv 2 x NEN-g + 1 x NEN-gw Slootdemping - 1 x boring met peilbuis PFAS, L+H (140 m1) C. VED-HE - 2 x boring / gat tot 0,5 m-mv 1 x NEN-g, L+H 1x NEN-gw Asbestverdachte - 1 x boring / gat tot grondwater 1 x asbest in schuur - 1 x boring / gat met peilbuis grond (50 m²) D. LN - 20 x slibsteek 2 x NEN-wb + Waterbodem sloot PFAS west (580 m1) LN - 20 x slibsteek 2 x NEN-wb + E. PFAS Waterbodem sloot midden (530 m1) F. ON - 6 x slibsteek 1 x NEN-wb + Waterbodem vijver PFAS (1.150 m²) 1 Verklaring analyseparameters: NEN-g = pakket NEN 5740 grond: droge stof, metalen (9), PAK (10), PCB (7) en minerale olie NEN-gw = pakket NEN 5740 grondwater: metalen (9), vluchtige aromaten (5), VOCl (18) en minerale olie NEN-wb = pakket NEN 5720 waterbodem: droge stof, metalen (9), PAK (10), PCB (7) en minerale olie L+H = lutum en humus (organische stof) PFAS = per- en poly fluoralkylstoffen
Voorafgaande aan het onderzoek wordt het maaiveld visueel geïnspecteerd. Bij alle boringen, proefgaten en slibsteken vindt een zintuiglijke beoordeling van het opgegraven of opgeboorde materiaal plaats. Hierbij wordt eveneens aandacht besteed aan de eventuele aanwezigheid van asbest. Voor aanvang van de grondwaterbemonstering worden de stijghoogte, het elektrisch geleidingsvermogen (EC), de zuurgraad (pH), de temperatuur (T) en de troebelheid (NTU) van het grondwater bepaald. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen kunnen, afwijkend ten opzichte van tabel 3.2.1, aanvullende boringen, proefgaten en slibsteken worden uitgevoerd en aanvullende analyses worden ingezet.
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
9
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
4
VELDWERKZAAMHEDEN
4.1
GROND
De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 4 en 5 februari 2020 door de heer L. Boerma en S. Koen (in opleiding). Ten behoeve van het nemen van de grondwatermonsters zijn boringen 05, 14, 22, 33, 46, 60, 65 en 71 gebruikt voor het plaatsen van een peilbuis. Voor een overzichtstekening met de situering van de boringen en de peilbuis wordt verwezen naar bijlage 3. Bij alle boringen heeft een zintuiglijke beoordeling van het opgeboorde materiaal plaatsgevonden. De lokale bodemopbouw is in tabel 4.1.1 weergegeven. Hierbij is uitgegaan van meetpunt 14. In bijlage 4 zijn de bodemprofielen weergegeven. Tabel 4.1.1: Lokale bodemopbouw Traject (cm-mv) Grondsoort 0 50 Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus 50 70 Veen, mineraal arm 70 250 Zand, matig fijn, zwak siltig
Kleur Neutraal zwart grijs Neutraal zwart Neutraal grijs
Tijdens het veldwerk zijn in de bovengrond (0-50 cm-mv) ter plaatse van boringen 34, 35, 36, 38, 39, 40, 41, 43 en 45 resten puin waargenomen. De resten puin bevinden zich onder de voormalige afrit van de N33 welke op het betreffende perceel gesitueerd is geweest. Ter plaatse van boring 60 (0-120 cm-mv) zijn resten grind waargenomen. In overleg met de opdrachtgever is ter plaatse van de voormalige afrit van de N33 aanvullend onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van asbest in grond conform de NEN5707. Verder is tijdens het veldwerk ter plaatse van het schuurtje in de bovengrond van proefgat 71 (0-50 cm-mv) een zwakke oliegeur waargenomen. Daarnaast is in de proefgaten rondom de schuur (68 t/m 71) asbestverdacht plaatmateriaal en resten puin vastgesteld.
4.2
GRONDWATER
Het grondwater is op 13 februari 2020 bemonsterd door de heer L. Boerma. Voor aanvang van de monsterneming van het grondwater zijn diverse metingen uitgevoerd. De resultaten van de metingen zijn weergegeven in tabel 4.2.1. Tabel 4.2.1: Meetgegevens grondwater Peilbuis Filterstelling (cm-mv) A. Onverdacht terrein 05-1 200-300 14-1 150-250 22-1 150-250 33-1 200-300 46-1 200-300 60-1 200-300 B. Gedempte sloot 65-1 150-250 C. Asbestverdachte schuur 71-1 100-200
Stijghoogte (cm-mv)
EC (µS/cm)
pH
T (°C)
NTU (0-10)
150 135 146 150 120 145
567 458 347 486 569 438
7,0 7,1 6,9 6,8 6,9 7,0
12,6 12,5 12,7 12,4 12,5 12,3
8 8 8 7 8 9
130
523
6,9
12,6
9
100
538
7,0
12,5
7
De resultaten van de metingen hebben geen aanleiding gegeven tot het bijstellen van het onderzoeksprogramma.
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
10
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
4.3
ASBEST IN GROND
Deellocatie A. Asbest in bodem onderzoek tpv vml afrit N33 In overleg met de opdrachtgever is ter plaatse van de voormalige afrit van de N33 aanvullend onderzoek uitgevoerd naar het voorkomen van asbest in grond conform de NEN5707. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 27 februari 2020 door de heren S. Koen (in opleiding) en W.K. Schuit. Voorafgaande aan het graven van de proefgaten en het verrichten van de boringen is het maaiveld visueel geïnspecteerd op eventuele aanwezigheid van asbestverdachte materialen. Uit de visuele inspectie is gebleken dat er zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal is aangetroffen op het maaiveld. Na de visuele inspectie is gestart met het (handmatig) graven van de proefgaten (30x30x50 cm) en het verrichten van grondboringen. De opgegraven en opgeboorde grond is uitgeharkt, gezeefd en zorgvuldig geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal. De situering van de proefgaten en de boringen is weergegeven in bijlage 3. Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn in totaal 40 proefgaten (AS01 t/m AS40) gegraven. Zeven proefgaten zijn doorgeboord tot een diepte van 2,00 m-mv. Uit de zintuiglijke waarnemingen kan worden geconcludeerd dat er geen asbestverdachte materialen zijn aangetroffen in de grond, in zowel de fractie > 20 mm als fractie < 20 mm. Zintuiglijk zijn in de bovengrond puin resten aangetroffen.
Voor de bodemprofielen en de foto’s wordt verwezen naar bijlage 4. Deellocatie C. Asbestverdachte schuur De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd op 5 februari 2020 door de heer L. Boerma en S. Koen (in opleiding). Ter plaatse van de onderzoekslocatie zijn in totaal 4 proefgaten (68 t/m 71) gegraven. Proefgaten 69 en 71 zijn doorgeboord tot de grondwaterstand. De situering van de proefgaten en de boringen is weergegeven in bijlage 3. Na de visuele inspectie is gestart met het (handmatig) graven van de proefgaten (30x30x50 cm) en het verrichten van grondboringen. De opgegraven en opgeboorde grond is uitgeharkt, gezeefd en zorgvuldig geïnspecteerd op de aanwezigheid van asbestverdacht materiaal. Uit de visuele inspectie kan worden geconcludeerd dat er op het maaiveld en in de proefgaten asbestverdachte materialen zijn aangetroffen in zowel de fractie > 20 mm als fractie < 20 mm. Daarnaast zijn zintuiglijk in de bovengrond (proefgaten 68 t/m 71) puin resten aangetroffen. Alle proefgaten zijn geïnspecteerd en bemonsterd. Van de opgegraven grond is één mengmonster samengesteld. De aangetroffen asbestverdachte materialen zijn verzameld in één verzamelmonster en geanalyseerd op het voorkomen van asbest. Foto’s van de proefgaten en het opgegraven en opgeboorde materiaal zijn opgenomen in bijlage 4.
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
11
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
4.4
WATERBODEM
De veldwerkzaamheden ten behoeve van het waterbodemonderzoek zijn uitgevoerd op 31 januari 2020 door de heer W.K. Schuit en de heer M. Brinkhof (in opleiding). Voor een overzicht van de onderzoekslocatie met de situering van de slibsteken wordt verwezen naar bijlage 3. Bij alle slibsteken heeft een zintuiglijke beoordeling van het opgeboorde materiaal plaatsgevonden. De lokale bodemopbouw is in de tabellen 4.4.1 t/m 4.4.3 weergegeven. Hierbij is uitgegaan van meetpunt S10, S30 en S45. De bodemprofielen worden weergegeven in bijlage 4. Tabel 4.4.1: Lokale bodemopbouw sloot west (deellocatie D) Bodemtraject t.o.v. waterspiegel (cm-mv) Bodemopbouw 0 20 Water 20 30 Slib, matig zandig, matig planten houdend (donker bruin/zwart) 30 50 Zand, matig grof, matig siltig, zwak humeus (neutraal bruin/grijs)
De sliblaag bedraagt gemiddeld circa 9,5 cm en is aanwezig vanaf circa 19,25 cm-waterspiegel. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn geen waarnemingen gedaan die aanleiding geven tot het aanpassen van het onderzoeksprogramma. Tabel 4.4.2: Lokale bodemopbouw sloot midden (deellocatie E) Bodemtraject t.o.v. waterspiegel (cm-mv) Bodemopbouw 0 40 Water 40 60 Slib, matig zandig, matig planten houdend (donker bruin/zwart) 60 100 Zand, matig grof, matig siltig, zwak humeus (neutraal bruin/grijs)
De sliblaag bedraagt gemiddeld circa 22 cm en is aanwezig vanaf circa 40 cm-waterspiegel. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn geen waarnemingen gedaan die aanleiding geven tot het aanpassen van het onderzoeksprogramma. Tabel 4.4.1: Lokale bodemopbouw vijver (deellocatie F) Bodemtraject t.o.v. waterspiegel (cm-mv) Bodemopbouw 0 135 Water 135 155 Slib, sterk siltig, (donker zwart/grijs) 155 175 Zand, matig grof, matig siltig, (neutraal grijs/bruin)
De sliblaag bedraagt gemiddeld circa 25,5 cm en is aanwezig vanaf circa 117,5 cm-waterspiegel. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn geen waarnemingen gedaan die aanleiding geven tot het aanpassen van het onderzoeksprogramma.
Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
12
Verkennend bodemonderzoek N33 Drieborghweg te Veendam
5
LABORATORIUMONDERZOEK
5.1
CHEMISCHE ANALYSES
Het aantal analyses en de te analyseren parameters zijn conform de onderzoeksopzet ingezet. De analyses zijn uitgevoerd door Eurofins Analytico te Barneveld dat geaccrediteerd is volgens het accreditatieschema ‘AS 3000’ onder nummer L 010.
5.2
RESULTATEN GROND
De analyserapporten van de grondmengmonsters en het grondwatermonster zijn opgenomen in bijlage 5. Om de resultaten te kunnen interpreteren worden deze vergeleken met de toetsingswaarden zoals deze zijn opgenomen in de ‘Circulaire bodemsanering 2013’ en het Besluit bodemkwaliteit. In bijlage 6 zijn de toetsingsresultaten (Wbb) opgenomen en in bijlage 7 de indicatieve toetsing aan het Besluit bodemkwaliteit (Bbk). Een toelichting op de toetsingskaders is opgenomen in bijlage 10. In tabel 5.2.1 is een overzicht van de toetsingsresultaten weergegeven met daarin de eventueel vastgestelde verontreinigingen. Tevens is de indicatieve toetsing aan de generieke waarde uit het Besluit bodemkwaliteit weergegeven. Tabel 5.2.1: Toetsingsresultaten grondmengmonsters Monstercode met bijbehorende Toetsing Wbb meetpunten en -diepten (cm-mv) Licht (>AW) A.
Overige terrein Bovengrond M1, 01: 0-50, 02: 0-50, 03: 0-50, Kwik 04: 0-50, 05: 0-50, 06: 0-50, 07: 0-50 Lood M2, 08: 0-50, 09: 0-40, 10: 0-40, Kwik 11: 0-50, 12: 0-50, 13: 0-50, Lood 14: 0-50, 15: 0-50 M3, 16: 0-50, 17: 0-40, 18: 0-50, Kwik 19: 0-50, 20: 0-50, 21: 0-50, Lood 22: 0-50, 23: 0-50 M4, 24: 0-50, 25: 0-40, 26: 0-50, Kwik 27: 0-50, 28: 0-50, 29: 0-40 Lood PAK VROM (10) M5, 30: 0-50, 31: 0-50, 32: 0-50, 33: 0-50, 34: 0-50, 35: 0-50, 36: 0-50, 37: 0-40 M6, 38: 0-50, 39: 0-50, 40: 0-50, Lood 41: 0-50, 42: 0-40, 43: 0-50, 44: 0-40, 45: 0-50 M7, 46: 0-50, 47: 0-50, 48: 0-50, Lood 49: 0-40, 50: 0-50, 51: 0-50, PAK VROM (10) 52: 0-50, 53: 0-50, 54: 0-50 M8, 55: 0-50, 56: 0-50, 57: 0-50, Kwik 58: 0-50, 59: 0-50, 60: 0-50, Lood 61: 0-50, 62: 0-50, 63: 0-50 Ondergrond M9, 02: 50-100, 05: 90-140, 09: 90-140 M10, 10: 90-140, 14: 70-120, 17: 90-140 M11, 22: 50-100, 25: 90-140, 29: 90-140 M12, 33: 90-140, 37: 90-140, 42: 90-140 M13, 44: 90-140, 46: 90-140, 49: 90-140 M14, 54: 100-150, 57: 90-140, 60: 120-150, 62: 90-140 B. Slootdemping Projectnummer: EN05433 Kenmerk: 200169
13
Indicatieve toetsing Bbk
Handelingskader PFAS
-
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
-
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
-
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
-
Klasse Industrie
Altijd toepasbaar
-
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
-
Klasse Wonen
Altijd toepasbaar
-
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
-
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
-
Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar Altijd toepasbaar