CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

10-04 Concept Begroting 2022 290421

Gemeenteraad 21 juni 2021, gemeente VeendamBij agendapunt: Concept jaarrekening 2020, begroting 2022 en meerjarenbegroting 2023-2025 van Wedeka bedrijven8.822 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Begroting 2022

Wedeka Bedrijven Electronicaweg 29 9503 GA Stadskanaal Postbus 194 9500 AD Stadskanaal Telefoon E-mail Internet

0599-692000 info@wedeka.nl www.wedeka.nl

2 Begroting 2022

BEGROTING EN MEERJARENRAMING 2022 Inhoud

blz.

Hoofdstuk 1 Bericht van het Dagelijks Bestuur

5

Hoofdstuk 2 Programmaplan

6

Hoofdstuk 3 Verplichte paragrafen 3.1 Weerstandsvermogen

8

3.2 Onderhoud kapitaalgoederen

10

3.3 Financiering

10

3.4 Verbonden partijen

12

3.5 Bedrijfsvoering (inclusief investeringsoverzicht)

13

Hoofdstuk 4 Begroting en meerjarenraming 4.1 Financiële positie

18

4.2 Overzicht van baten en lasten

19

4.3 Toelichting op de financiële positie

20

4.4 Toelichting op het overzicht van baten en lasten

23

4.5 Meerjarenraming

29

4.6 Vaststelling

30

Bijlage 1: Geprognosticeerde balans

31

Bijlage 2: EMU-saldo

32

Bijlage 3: Overzicht van baten en lasten naar taakveld

33

3 Begroting 2022

4 Begroting 2022

HOOFDSTUK 1 BERICHT VAN HET DAGELIJKS BESTUUR Op het moment dat ik dit schrijf, zien we licht aan het einde van de tunnels. Meervoud. Allereerst verwachten we dat we door het vaccineren van voldoende mensen de coronacrisis achter ons kunnen laten en weer terug kunnen keren naar een meer open samenleving. Dat is een mooi vooruitzicht voor 2022. De begroting die we nu opstellen zal hopelijk onder een normaal gesternte kunnen worden uitgevoerd. Wat nog niet geheel duidelijk is, is hoe de coronacrisis na zal ijlen in onze levens en in ons werk, ook niet bij Wedeka. De tweede tunnel waar we het einde van naderen is die van de onderzoeken naar de toekomst van Wedeka. Tegen de tijd dat de begroting 2022 in uitvoering gaat, zal er helderheid over de koers zijn. Er liggen grofweg nog drie smaken op tafel: Afbouw, Ombouw en Opsplitsing, waarbij de afgelopen maanden veel energie gestoken is in het goed onderzoeken van de effecten voor individuele gemeenten van dat laatste scenario. De besluiten hierover staan gepland voor de zomer van 2021. Een begroting die zo ruim voorafgaand aan het jaar wordt opgesteld, is vaak omgeven door de nodige onzekerheden. Bij Wedeka is dat altijd in een hele grote mate het geval, omdat de Rijksuitkeringen pas na het opstellen van de begroting bekend worden.

Wat we de laatste jaren wel met zekerheid kunnen zeggen is dat die niet voldoende zal zijn om de loonkosten te dekken, hetgeen de betrokken gemeenten financieel zwaar raakt. De bovenstaande twee tunnels verduisteren ook de begroting enigszins. Wat wel een zekerheid is, is dat we weten alle medewerkers van Wedeka, de directie, ambtelijke medewerkers, SW-medewerkers, medewerkers in beschut werk en ook de traject-deelnemers, dag aan dag en met veel energie ook in 2022 weer aan de slag zullen gaan om alle in deze begroting genoemde doelen te gaan halen, waarvoor bij voorbaat dank.

Hartelijke groet, Johan Hamster, Voorzitter

5 Begroting 2022

HOOFDSTUK 2 PROGRAMMAPLAN Ieder jaar maken we in april de begroting op voor het jaar daarop en baseren ons daarbij op de laatste meicirculaire voor de berekening van de Rijksbijdrage. Maar ook ieder jaar merken we op dat we nog weinig zicht hebben op de ontwikkelingen van 2021 of op de ontwikkeling van de Rijksbijdragen. Het afgelopen jaar heeft vooral in het teken gestaan van Corona, als gevolg van sluiting van de Kringloopwinkels en enkele afdelingen is een tekort ontstaan in de verwachte opbrengsten. Daartegenover stond een ruimhartige Rijkscompensatieregeling en het resultaat in 2020 is dan ook met ruim € 5 miljoen gestegen. Hoe de situatie zich in 2021 ontwikkelt is nog onduidelijk, er is volgens verwachting een derde Coronagolf op komst. Er is nog geen bericht over een compensatieregeling van omzet verlies in 2021 bekend. De conceptbegroting voor 2022 is dan ook om meerdere redenen indicatief en zal zoals gebruikelijk volgend jaar moeten worden bijgesteld. Ook in de lijn van de afgelopen jaren moeten we vaststellen dat de begroting sluit met een negatief resultaat, zij het dat het opnieuw iets beter uitpakt dan vorig jaar. Het exploitatietekort voor 2022 bedraagt € 7,2 miljoen. Ook de meerjarenraming laat een licht positief resultaat zien, na een kleine stijging in 2023, daalt het tekort in 2025 naar € 6,8 miljoen. Toch is het resultaat verre van positief te noemen.

De belangrijkste oorzaak voor deze ontwikkeling ligt in het dalend aantal medewerkers en als gevolg daarvan een dalende omzet. Daar komt bij dat ook de SW werkleiding uitstroomt en vervanging met ambtelijke werkleiding onvermijdelijk is. Positief is het feit dat Wedeka er nog altijd in slaagt om voldoende opdrachten binnen te halen of te houden. Ook positief is de ontwikkeling dat gemeenten het quotum voor nieuw Beschut werk halen en dat veel van deze mensen een goede beschutte werkplek bij Wedeka vinden. Helaas wordt er ook door het Rijk gekort op de vergoedingen voor nieuw Beschut werk, dit draagt ook bij aan een minder positief meerjarenbeeld. Hetzelfde geldt voor achterblijvende aanmeldingen voor leer-werktrajecten bij Wedeka. De leer-werktrajecten bij Wedeka vergroten de kans op uitstroom naar regulier werk en dragen tevens bij aan het bedrijfsresultaat. Al met al zijn de financiële ontwikkelingen van Wedeka zorgelijk te noemen, temeer daar de tekorten door de gemeenten moeten worden bijgedragen. Terwijl op meerdere domeinen bij gemeenten, denk aan Jeugdzorg, de tekorten al oplopen. In 2020 heeft het bestuur van Wedeka de directie de opdracht te geven om een bedrijfsplan te ontwikkelen voor de periode 2020-2030.

In het bedrijfsplan wordt de ontwikkeling van het afnemend personeelsbestand in de komende 10 jaar afgezet tegen de ontwikkeling van de omzet en de kosten van de bedrijfsvoering. In het afgelopen jaar zijn meerdere scenario’s ontwikkeld voor de toekomst van Wedeka. Wedeka zelf heeft een bedrijfsplan ontwikkeld volgens een scenario afbouw en een scenario ombouw. Dit laatste scenario gaat uit van de doorontwikkeling van Wedeka naar een leer-werkbedrijf waarin enerzijds wordt ingezet op nieuwe dienstverlening, zoals de uitvoering van arbeidsmatige dagbesteding en anderzijds via gerichte maatregelen wordt ingezet op kostenbesparingen. De 5 deelnemende gemeenten hebben een eigen scenario ontwikkeld voor de uitvoering van de SW onder gemeentelijke verantwoordelijkheid. De scenario’s ’worden in april aan het Dagelijks bestuur voorgelegd en in de maanden daarna zal, via colleges en Raden, een besluit genomen worden over het meest wenselijke scenario.

6 Begroting 2022

Vanzelfsprekend wacht Wedeka niet op de uitkomst van deze discussie, maar is nu al actief bezig om binnen de reguliere bedrijfsvoering maatregelen toe te passen die leiden tot lagere kosten of een omzetstijging. Denk hierbij aan maatregelen als het verhogen van de span of control, invulling van vacatures alleen als nodig en scherpe onderhandelingen met opdrachtgevers teneinde een verhoging van de tarieven of prijzen te realiseren. Graag sluit ik positief af door op te merken dat Wedeka, naast een goed gevulde orderportefeuille, voorop loopt in de ontwikkeling en uitvoering van leer-werktrajecten, zoals Praktijkleren. De verwachting is dat het komend kabinet ruimte zal bieden aan Sociale Ontwikkelbedrijven, Wedeka staat klaar voor die doorontwikkeling. Grietje Kalfsbeek Directeur

7 Begroting 2022

HOOFDSTUK 3 VERPLICHTE PARAGRAFEN 3.1 WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING Het weerstandsvermogen bestaat uit de financiële middelen en mogelijkheden om onverwachte, niet begrote kosten te kunnen dekken. Tot het weerstandsvermogen wordt de algemene reserve gerekend. Zoals uit de financiële positie blijkt, beschikt Wedeka momenteel niet meer over een algemene reserve. Op grond van de Gemeenschappelijke Regeling en de Wet Gemeenschappelijke Regelingen, mede in combinatie met eisen van de Bank Nederlandse Gemeenten worden tekorten van Wedeka gedekt door de deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten zijn verantwoordelijk voor de continuïteit. Daarmee is de continuïteit van de organisatie gewaarborgd. Om voorliggende begroting goed te kunnen beoordelen, volgend onderstaand alle bekende risico’s, die in de begroting besloten liggen: Netto opbrengsten Van de totale netto opbrengsten is slechts een gedeelte vastgelegd in meerjarige contracten. Dit geldt hoofdzakelijk voor de groepsdetacheringen groen, groepsdetachering businesspost en een beperkt aantal contracten bij de Divisie Industrie. Voor de begeleiding van trajecten binnen Wedeka is in deze begroting uitgegaan van voortdurende opbrengsten (€ 1.460.000,-) zoals voorgaande jaren gerealiseerd vanuit de deelnemende gemeenten waarbij rekening is gehouden met een bezuiniging voor 2022 door de gemeente Veendam met € 400.000,-.

Indien andere gemeenten besluiten om ook hun bijdrage te verminderen zal dit nadelige gevolgen hebben voor het exploitatieresultaat. Loonkosten Wsw personeel Per 1 januari 2022 zullen de sociale premies opnieuw worden vastgesteld, waardoor de werkgeverslasten kunnen stijgen. In de begroting 2022 is gerekend met de premies over het jaar 2021. Daarnaast zijn de loonkosten gebaseerd op het te verwachten aantal fte’s. Dit aantal wordt ingeschat door het werkelijk aantal fte’s van heden te verminderen met de bekende gepensioneerden. Daar bovenop komen de medewerkers die om andere redenen Wedeka verlaten. Indien de werkelijkheid afwijkt van de gemaakte inschatting zullen de loonkosten ook gaan afwijken. Loonkosten ambtelijk personeel De huidige Cao heeft een looptijd tot en met 31 december 2020. In de begroting is rekening gehouden met een loonstijging van 1%. Indien er voor 2021 en de volgende jaren een andere loonsverhoging wordt overeengekomen zal dit een voor- of nadeel ten opzichte van de begroting en meerjarenraming met zich mee brengen. Daarnaast geldt dat, net als bij de Wsw loonkosten, er geen rekening is gehouden met veranderde sociale wetgeving per 1 januari 2022. In de begroting is rekening gehouden met vervanging i.v.m. pensionering van Wsw werkleiding door ambtelijk personeel.

Indien er door overige redenen Wsw werkleiding vervangen dient te worden dan betekent dit een stijging van de loonkosten, aangezien er voor deze medewerkers geen subsidie wordt ontvangen. Rijksbijdragen De Rijksbijdrage is niet beïnvloedbaar door Wedeka. Bij het bepalen van de rijksbijdrage houdt het Ministerie rekening met een taakstellende daling van het landelijk aantal SE. De werkelijke ontwikkeling van SE’s kan anders zijn dan deze landelijke ontwikkeling. Er bestaat dus 8 Begroting 2022

onzekerheid over het exacte tempo (en daarmee het bedrag) waarin de Rijksbijdrage daadwerkelijk wordt afgebouwd. De hoogte van de Rijksbijdrage wordt in de meicirculaire 2022 bekend waarna deze pas in de septembercirculaire 2022 definitief wordt vastgesteld. Overige risico’s Om het meerjarentekort terug te dringen worden in 2021 een drietal scenario’s onderzocht die dit mogelijk zouden moeten maken. - Afbouwscenario, Wedeka uitsluitend als uitvoerder van de “oude” Wsw. - Ombouwscenario, ombouw van Wedeka met kostenverlagende en omzet verhogende maatregelen, met behoud van leer-werkactiviteiten en uitbreiding van overige doelgroepen. - Splitsingsscenario, splitsing van Wedeka en het onderbrengen van de taken bij de afzonderlijke gemeenten zelf en het ontmantelen van de GR. Op basis van de uitkomsten van de scenario’s zal er een besluit genomen moeten worden over het te kiezen toekomstscenario. De verwachting is dat medio 2021 het besluit hierover genomen zal worden. De verplichting uit hoofde van huur- en leaseovereenkomsten bedraagt voor het volgende jaar € 382.000,-. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd. Deze verplichting betreft met name de huur van de panden/loods van de kringloopvestigingen in Stadskanaal en Veendam. De totaal resterende contractduur van de overeenkomsten betekend nog een totale verplichting van € 597.000,-.

Andere dan genoemde risico’s zijn ons op dit moment niet bekend. Regeling financiële kengetallen begroting en jaarverslag Begroting 2022 Kengetallen:

Verloop van de kengetallen Begroting Boekjaar 2022 2021 2020

Netto schuldquote

18,3%

15,8%

6,3%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen deelnemingen

18,3%

15,8%

6,3%

Solvabiliteitsratio

4,9%

5,5%

34,3%

-18,8%

- 8,2%

- 1,9%

Grondexploitatie

nvt

nvt

nvt

Belastingcapaciteit

nvt

nvt

nvt

Structurele exploitatieruimte

Als gevolg van de verbondenheid met de deelnemende gemeenten zijn de kengetallen alleen in relatie met de financiële ratio’s van de deelnemende gemeenten te beoordelen. Toelichting kengetallen: De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. De hoogte van de schuld die Wedeka kan dragen hangt in belangrijke mate af van de hoogte van de inkomsten. 9 Begroting 2022

Het kengetal geeft de netto schuld als aandeel van de inkomsten uitgedrukt in procenten. Het kengetal wordt zowel inclusief als exclusief alle verstrekte geldleningen berekend. Hiermee wordt in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte geldleningen is en betekent voor de schuldenlast. Een netto schuldquote tussen 0% en 100% wordt als normaal beschouwd, boven 100% is er weinig leencapaciteit over. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin Wedeka in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Het kengetal drukt het eigen vermogen uit als percentage van het balanstotaal. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele baten en lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves, gedeeld door de totale baten (exclusief mutaties reserves) en uitgedrukt in een percentage. Het kengetal geeft aan welke structurele ruimte Wedeka heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken.

3.2 ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN Het onderhoud aan de kapitaalgoederen van Wedeka wordt door de onderhoudsdienst deels in eigen beheer uitgevoerd en deels uitbesteed aan externe bedrijven of specialisten. Het onderhoud kan worden uitgesplitst naar diverse vormen: werktuigbouwkundig onderhoud; elektrotechnisch onderhoud; bouwkundig onderhoud. Voor registratie en herkenning van productiemiddelen wordt een middelenbeheerssysteem gehanteerd. Middels dit systeem worden onder meer onderhoudsfrequenties, wettelijke keuringen, inspecties en machinegegevens geregistreerd. 3.3 FINANCIERING Algemene ontwikkelingen Via de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) is de treasury van gemeenten en overheidslichamen geregeld. Treasury is het sturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Ingevolge de wet heeft Wedeka een treasurystatuut opgesteld en is in de begroting en jaarrekening een financieringsparagraaf opgenomen, waarin verantwoording over het treasurybeleid wordt afgelegd. Treasurybeheer Wedeka heeft een laag risicoprofiel doordat de rentepercentages van de langlopende leningen voor langere tijd vastliggen, er geen gebruik wordt gemaakt van derivaten en de gelduitzettingen gering zijn.

10 Begroting 2022

In deze begroting zijn opgenomen: a. een toetsing van de wettelijk toegestane kasgeldlimiet aan de netto vlottende schuld; b. toetsing van de vastgestelde renterisiconorm aan de renterisico’s van de vaste schuld; c. een weergave van de kredietrisico’s; d. een financieringsoverzicht van de opgenomen geldleningen en de rentegevoeligheid hiervan. Ad a. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is een bedrag ter grootte van een (vastgesteld) percentage van het totaal van de jaarbegroting van Wedeka. Deze wordt getoetst aan de netto vlottende schuld. De netto vlottende schuld per kwartaal is het gemiddelde van de netto vlottende schuld op de eerste dag van iedere maand in het desbetreffende kwartaal. In het volgende overzicht wordt de omvang van de vlottende schuld getoetst aan de wettelijke norm overeenkomstig de Wet Fido. Bedragen per kwartaal (x € 1.000,-) Omschrijving 1e kw 2e kw 3e kw 4e kw Omvang van de begroting per 1 januari (= grondslag) 60.922 60.922 60.922 60.922 1.

2.

3.

4.

Toegestane kasgeldlimiet In procenten van de grondslag In een bedrag

8,20% 4.996

8,20% 4.996

8,20% 4.996

8,20% 4.996

Omvang vlottende korte schuld Opgenomen gelden korter dan 1 jaar Schuld in rekening-courant Gestorte gelden door derden korter dan 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld

5.000 0 0 0

5.000 0 0 0

5.000 0 0 0

5.000 0 0 0

Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar

7 600 0

6 800 0

8 600 0

7 700 0

Toets kasgeldlimiet a. Totaal netto vlottende schuld (2-3) b. Toegestane kasgeldlimiet (1) c. Ruimte (+) c.q. overschrijding (-) (b-a)

4.393 4.996 603

4.194 4.996 802

4.392 4.996 604

4.793 4.996 203

Ad b. Renterisiconorm Het overzicht hierna brengt de renterisico’s voor de vaste schuld in relatie tot de renterisiconorm in beeld. De renterisiconorm is een bedrag ter grootte van een percentage van het totaal van de begroting voor het komende jaar. Deze wordt getoetst aan de verwachte vaste schuldpositie bij Wedeka, waarbij telkens de situatie aan het begin van het jaar wordt genomen.

11 Begroting 2022

Omschrijving

Bedragen per jaar (x € 1.000,-) 2022 2023 2024 2025

Basisgegevens 1. Renteherzieningen 2. Betaalde aflossingen 3. Renterisico (1+2) 4. Renterisiconorm 5a. Ruimte onder renterisiconorm (4>3) 5b. Overschrijding renterisiconorm (3>4)

0 300 300 11.855 11.555 0

Berekening renterisiconorm 4a. Omvang begroting van het komende jaar 4b. Het bij Min. regeling vastgestelde % 4. Renterisiconorm (4bx4a)

59.274 20,0% 11.855

0 300 300 11.855 11.555 0

0 300 300 11.855 11.555 0

0 300 300 11.855 11.555 0

Ad c. Kredietrisico Wedeka kent geen risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid op een waardedaling van de vorderingspositie ten gevolge van het niet (tijdig) na kunnen komen van de verplichting van de tegenpartij als gevolg van insolvabiliteit of deficit. Ad d. Financiering Door middel van onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de samenstelling, de grootte en de rentegevoeligheid van de opgenomen lening. Omschrijving bedrag

Stand per 1 januari Nieuwe leningen Reguliere aflossingen Vervroegde aflossingen Stand per 31 december

2.900 300 2.600

(Bedragen x € 1.000,-) gemiddelde invloed op rente rente 1,35% - 0,02% 1,33%

3.4 VERBONDEN PARTIJEN Wedeka B.V. Wedeka Bedrijven is enig aandeelhouder van de besloten vennootschap Wedeka B.V. In deze B.V. wordt in het kader van Beschut Werk ten behoeve van de gemeenten aan inwoners met een Beschut Werk indicatie een arbeidsovereenkomst aangeboden. De loonkosten hiervan worden aan Wedeka Bedrijven doorbelast aangezien Wedeka Bedrijven daadwerkelijk de werkzaamheden voor de B.V. uitvoert. De vergoedingen hiervoor worden vervolgens door Wedeka Bedrijven bij de gemeenten in rekening gebracht.

12 Begroting 2022

Wedeka Baanderij (Stichting Baanderij) De directie en het Dagelijks Bestuur van Wedeka vormen ook de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen van Stichting Baanderij. De samensmelting van de stichting met Wedeka Bedrijven blijkt ook uit de jaarstukken van de stichting; de lasten en baten van de stichting worden niet voor de stichting afzonderlijk begroot maar zijn geïntegreerd in de begroting en jaarstukken van Wedeka Bedrijven.

3.5 BEDRIJFSVOERING Wedeka Bedrijven kent sinds 2005 de controleverordening ex artikel 213 van de Gemeentewet waarin richtlijnen zijn opgenomen voor de accountantscontrole op het financieel beheer en de inrichting van de financiële organisatie. De accountant toetst onder meer of Wedeka Bedrijven zich conformeert aan de geldende in- en externe regelgeving zoals bedoeld in het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden. In onderstaande tabel is een niet-limitatief overzicht opgenomen van de voor Wedeka Bedrijven relevante regelgeving.

Interne regelgeving

Externe regelgeving

Financiële verordening Wedeka Bedrijven (ex artikel 212 CAO SGO Gemeentewet) CAO Wsw Treasurystatuut Coördinatiewet Sociale Verzekeringen (Europese) regelgeving inzake aanbesteding Gemeenschappelijke Regeling Wedeka Bedrijven (GR) Energiebesparingsplicht Fiscale wetgeving (omzet-, loon- en vennootschapsbelasting) Controleverordening Wedeka Bedrijven (ex artikel 213 Gemeentewet Gemeentewet) Grondwet Mandatering bestuur - directie - medewerkers Wedeka Informatieplicht energiebesparing Bedrijven Participatiewet inclusief overgangsbepalingen Wsw oud Externe regelgeving Pensioenwetgeving Aanbestedingsreglement werken (ARW) PGs15 Richtlijnen Aanbestedingswet Provinciewet Activiteitenbesluit milieubeheer Werk- en Rusttijden ADR (vervoer en handling gevaarlijke stoffen) Wet aanpak schijnconstructies (WAS) Ambtenarenwet Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) Arbobesluit Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) Arbeidstijdenwet Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) Arbowet Wet Markt en Overheid Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden Wet Milieubeheer Besluit begroting en verantwoording provincies en Wet normering topinkomens (WNT) gemeenten (BBV) Besluit uitvoering Sociale werkvoorziening en begeleid Zorgverzekeringswet werken (Buswbw) Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP) / Algemene Burgerlijk Wetboek Verordening Gegevensbescherming (AVG)

13 Begroting 2022

Human Resource Management (HRM) en Trajecten In 2022 zal verdere ontwikkeling van de organisatie richting een professioneel leer-werkbedrijf de nodige aandacht vragen. Aandacht voor de ontwikkeling van medewerkers en deelnemers staat centraal, dit in combinatie met het brede werkbedrijf dat nodig is om voldoende ontwikkelmogelijkheden te kunnen bieden aan mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. Er is veel aandacht voor klantgerichtheid, kwaliteit en het meten van resultaten, zodat wij goed aansluiten op onze stakeholders. Het HR-beleid zal deze ontwikkelingen intern ondersteunen, faciliteren en mede vormgeven. Dit gebeurt door advisering van het management, leidinggevenden en medewerkers, het begeleiden van veranderprocessen, beleidsontwikkeling en -implementatie en het verzorgen van uitvoerende taken zoals het organiseren van opleidingen en coaching, het verzorgen van administratie en het ondersteunen bij de communicatie naar medewerkers. De ontwikkeling van leer-werkactiviteiten en stages voor personen met afstand tot de arbeidsmarkt, onze dienstverlening aan externe klanten, is onderdeel van de afdeling Trajecten bij Wedeka. Belangrijk speerpunt van Wedeka is de professionalisering van het leer-werkbedrijf. Deze brede omslag moet gedragen worden door de hele organisatie en vraagt veel van alle leidinggevenden.

Iedere leidinggevende dient te beseffen wat het belang is van meer aandacht voor ontwikkeling en wat dit vraagt van de leidinggevende. Duidelijkheid over de verschillende rollen en onderlinge afstemming staat voorop. Heldere communicatie is van groot belang. HRM begeleidt en ondersteunt dit veranderingsproces. Het tweede speerpunt is het verder ontwikkelen van de professionals zodat zij de koers handen en voeten gaan geven. Leidinggevenden, trajectbegeleiders, praktijkopleiders zullen de ontwikkeltrajecten gaan vormgeven. Het is duidelijk welke ontwikkeltrajecten er zijn, wat de inhoud is van deze trajecten en op welke wijze wordt gewerkt naar het eindresultaat. De professionals beschikken over de juiste competenties. Hiervoor zal coaching, intervisie, training en communicatie worden ingezet. Door het opstellen van competentieprofielen in samenwerking met betrokkenen wordt deze ontwikkeling verder ondersteund. Het derde speerpunt is gericht op ontwikkelen van medewerkers met afstand tot de arbeidsmarkt. In overleg met de gemeenten en met andere opdrachtgevers, zoals reclassering, het UWV en scholen of bedrijven, wordt hard gewerkt aan de ontwikkeling en uitvoering van trajecten door deelnemers. Er is een breed palet aan trajecten beschikbaar, variërend van een korte carrousel tot werkfit-trajecten en Praktijkleren. Waar mogelijk wordt maatwerk geleverd.

Het beschikbare aanbod is niet alleen voor externe klanten, maar ook voor onze eigen medewerkers beschikbaar. In 2022 zal er veel aandacht worden besteed aan het verlagen van de drempel voor het volgen van een opleiding of training door het inzetten van leerambassadeurs en actieve communicatie over de ontwikkelmogelijkheden. Een continu speerpunt voor Wedeka is het verlagen van ziekteverzuim door preventieve maatregelen. Denk hierbij aan het project “voel je goed” met aandacht voor fysiek en mentaal welzijn, de “gezonde kantine” en uitvoering van een vrijwillige preventieve medische check waar veel medewerkers aan deelnemen. In 2020 is de uitvoering van de maatregelen stil komen te liggen en is het ziekteverzuim met 0,5% gestegen. Dit valt grotendeels te wijten aan het corona virus, dat ook Wedeka zwaar heeft getroffen. Zodra het weer mogelijk is worden de maatregelen weer opgepakt. Ook hier is opleiding van leidinggevenden, voor een betere begeleiding bij ziekteverzuim, onderdeel van de aanpak. Naast deze speerpunten zal er in 2022 veel aandacht gaan naar wet- en regelgeving zoals de invoering van de nieuwe CAO Aan de Slag.

14 Begroting 2022

Informatisering en automatisering De missie van de afdeling ICT is het continue verbeteren van de efficiëntie door digitalisering van bedrijfsprocessen. Dit is een meerjarige strategie, die is ingezet met de introductie van Exact in 2020 en centrale computertechniek die dit mogelijk maakt. Voortbordurend op verbeterprojecten die de IT-board in 2021 in gang heeft gezet, zijn ook voor 2022 meerdere aanpassingen voorzien in het ICT-applicatielandschap. Uitgangspunt daarbij is de goedkeuring van het bedrijfsplan van Wedeka, het ombouwscenario zoals beschreven in Hoofdstuk 2 Programmaplan. Zo wordt het personeelsmanagementsysteem geschikt gemaakt voor trajectmedewerkers, om een verdiepingsslag te kunnen maken in de voortgang van de trajecten en de bijbehorende rapportages. Ook zullen daarin digitale werkstromen worden ingericht. Daarnaast zal in het decentrale inkoopproces een digitale verbeterslag worden doorgevoerd, die zowel gebruikersgemak zal bieden als meer financiële grip op het inkoopproces. Ook zal worden ingezet op meer uniformiteit in de logistieke processen, wat in Exact zal leiden tot efficiëntere financiële processen en een betere beheersbaarheid. Ten slotte zal het Synergy relatiebeheersysteem verder worden ingericht, voor een sneller en effectiever gebruik van klantinformatie.

Omdat de Wedeka-organisatie door de verdergaande digitalisering afhankelijker wordt van de beschikbaarheid van ICT-systemen is het voor 2022 ook de bedoeling om zowel de ICTbeveiliging te verhogen (preventieve maatregelen) als de ICT-continuïteit vergroten (perfectieve maatregelen). Investeringsbeleid Naast de normale investeringen in gebouwen, installaties, inventarissen etc. worden de investeringen bepaald door de eisen die de markt stelt aan Wedeka Bedrijven. Dit betreft zowel wijzigingen van werkzaamheden als efficiency- en kwaliteitsverbeteringen bij bestaande werkzaamheden. Het is daarom in de begroting niet mogelijk om alle voorgenomen investeringen per actief te benoemen, omdat veelal de ontwikkeling van de markt wordt gevolgd en een aantal keren per jaar Wedeka wordt geconfronteerd met niet voorziene vervangingsinvesteringen. In de begroting wordt dan ook volstaan met het noemen van de geraamde totaal benodigde investeringsbedragen per soort investering, omdat per soort investering verschillende afschrijvingstermijnen worden toegepast. Voorafgaand aan een investering dient een investeringsvoorstel te worden opgesteld. Aan de hand van dit voorstel wordt door de directeur beoordeeld of de geplande investering kan worden goedgekeurd. Hierbij wordt ook beoordeeld of de investering past binnen de in de goedgekeurde begroting geraamde investeringsbedragen.

Aan de begroting ligt dan ook een reële meerjarenplanning ten behoeve van alle investeringen ten grondslag. Daarnaast wordt bij investeringen gekeken naar de efficiency uitwerking op de reguliere productie om deze op peil te houden en zodoende voldoende opbrengsten te garanderen om het financiële tekort terug te dringen. In de begroting 2022 wordt het resterende investeringsprogramma 2021 niet weer vermeld, maar de effecten van deze investeringen zijn wel meegenomen bij de afschrijvingskosten.

15 Begroting 2022

Activa Divisie Industrie Gebouwen Installaties Machines Inventarissen Vervoermiddelen

Levensduur in jaren 30 jaar 15 jaar 10 jaar 10 jaar 7 jaar

Investeringsbedrag € 1.011.300 20.500 141.000 105.000 110.000 € 1.387.800

Divisie Dienstverlening Gebouwen Machines Inventarissen Vervoermiddelen Divisie Bedrijfsvoering Gebouwen Computerapparatuur Inventarissen

Totaal

16 Begroting 2022

30 jaar 10 jaar 10 jaar 7 jaar

30 jaar 5 jaar 10 jaar

€ 179.000 465.000 59.500 260.000

€

€

963.500

€

154.775

7.500 139.775 7.500 € 2.506.075

Organisatiestructuur

17 Begroting 2022

HOOFDSTUK 4 BEGROTING EN MEERJARENRAMING 4.1 FINANCIËLE POSITIE

1-1-2022

31-12-2022

1-1-2022

Activa

Passiva

Vaste Activa

Eigen Vermogen

Immateriële activa

-

-

Materiële vaste activa

9.801

10.965

Financiële vaste activa

158 9.959

123 11.088

Algemene Reserve

0

0

Bestemmingsreserve

701

651

701

651

2.900

2.600

1.470 1.990 5.000 697 9.157

1.594 2.085 5.500 797 9.976

12.758

13.227

Vaste schulden Lening O/G

Vlottende activa Voorraden Uitzettingen Rekening-courant Liquide middelen Overlopende activa

Totaal

18 Begroting 2022

31-12-2022

Kortlopende schulden 276 1.660 144 278 441

201 1.340 49 208 341

2.799

2.139

12.758

13.227

Crediteuren Overige schulden Banken Overlopende passiva

4.2 OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN (x € 1.000,-) Omschrijving

Begroting 2022

Omzet Kosten grondstoffen e.d. Totaal netto opbrengsten

14.412 - 1.633

Overige pers.kosten Wsw Salariskosten ambtelijk personeel Kosten dienstverlening derden Afschrijvingskosten Overige bedrijfskosten Rentekosten Diverse lasten Diverse baten Bedrijfs- en financieringslasten

- 896 - 8.856 - 312 - 1.342 - 4.074 36 15 15

Rijksbijdragen Loonkosten Wsw-personeel Kosten Begeleid Werken Totaal kosten Wsw Subsidieresultaat (- = verlies) Totaal Resultaat Onttrekking bestemmingsreserve Onttrekking algemene reserve Gemeentelijke bijdragen Resultaat (+ = winst)

15.446 - 1.865

Boekjaar 2020

15.335 - 1.738

12.779

Bedrijfsresultaat (+ = winst) Loonkosten Beschut Werk Bijdragen Beschut Werk Resultaat Beschut Werk (+ = winst)

Begroting 2021

13.581 - 942 - 8.191 - 446 - 1.215 - 4.034 36 15 15

13.597 - 887 - 7.056 - 945 - 1.067 - 3.787 34 17 140

- 15.516

- 14.864

- 13.653

- 2.737

-

-

- 1.880 1.801

-

1.566 1.503

79

56

- 1.070 1.165 -

35.778 - 39.710 520

1.283

63

95

36.988

40.259

- 42.097 515

- 41.511 512

- 40.230 - 4.452

- 42.612 - 5.624

- 42.024 - 1.765

- 7.268 50 0 7.218

- 6.970 50 0 6.920

- 1.726 50 0 7.073

0

0

5.397

19 Begroting 2022

4.3

TOELICHTING OP DE FINANCIËLE POSITIE (x € 1.000,-) Begroting 2022

Materiële vaste activa Boekwaarde 1 januari Saldo investeringen / desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde 31 december

9.801 2.506 - 1.342 10.965

Voor een overzicht van de investeringen zie de paragraaf bedrijfsvoering op pagina 14 van deze begroting. Financiële vaste activa Boekwaarde 1 januari Saldo investeringen / desinvesteringen Aflossingen Boekwaarde 31 december

-

158 15 50 123

De (des-)investeringen en aflossingen betreffen de leningen aan het personeel in het kader van de fiets- en fitnessprojecten.

VLOTTENDE ACTIVA Voorraden Grondstoffen Halffabricaten Gereed product Diverse voorraden Totaal omvang voorraden per 31 december

153 13 34 1 201

De omvang van de voorraden is sterk afhankelijk van het feit of Wedeka of dat de opdrachtgever inkoopt. De aanwezige voorraden hebben voornamelijk betrekking op reeds geplaatste orders. Uitzettingen Debiteuren Vorderingen op openbare lichamen Subtotaal debiteuren Rijksschatkist Totaal uitzettingen per 31 december

1.045 245 1.290 50 1.340

Decentrale overheden zijn verplicht om hun tijdelijke overtollige middelen in de schatkist aan te houden. Bij een tegoed in rekening-courant bij de banken dat hoger is dan het drempelbedrag (zijnde een percentage van het totaal van de begroting), wordt het meerdere naar de schatkist afgeroomd.

20 Begroting 2022

Begroting 2022 Rekening-courant niet financiële instellingen Wedeka B.V. POC Noord-Nederland Saldo per 31 december

-

65 16 49

De wederzijdse vorderingen en schulden tussen Wedeka Bedrijven en Wedeka B.V. worden in rekening-courant verrekend. Het Provinciaal Ondernemingsraad Contact Noord-Nederland is een platform voor ondernemingsraden van sw-bedrijven uit de drie noordelijke provincies. Sinds 2017 verzorgd Wedeka hiervoor het geldverkeer. Liquide middelen Banken Kassen Totaal liquide middelen per 31 december

202 6 208

De liquide middelen staan vrij ter beschikking. Overlopende activa Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen Totaal overlopende activa per 31 december

298 43 341

De nog te ontvangen bedragen betreft voornamelijk het Lage Inkomens Voordeel (LIV), over het vorig boekjaar, dat in het begrotingsjaar door de belastingdienst zal worden betaald. Bij de vooruitbetaalde bedragen gaat het om verzekeringspremies, motorrijtuigenbelasting, huren en kosten voor onderhoudscontracten. Algemene reserve Saldo per 31 december

0

Bestemmingsreserve Saldo 1 januari Onttrekking Saldo per 31 december

701 - 50 651

De bestemmingsreserve is gevormd uit de kapitaaluitkering na liquidatie van Werkstad B.V. Sinds 2013 wordt jaarlijks een bedrag van € 50.000,- aan de reserve onttrokken ten behoeve van de exploitatie van de (ver-) nieuwbouw van de Kringloop Stadskanaal. Leningen bank Saldo 1 januari Aflossingen Saldo per 31 december

-

2.900 300 2.600

21 Begroting 2022

Vervroegd aflosbare leningen zullen, indien volgens de leningsvoorwaarden mogelijk, bij een gunstige rentestand en bij voldoende liquiditeit, worden afgelost, hetgeen (op termijn) een lager bedrag aan te betalen rente oplevert. Voor een nadere toelichting zie de paragraaf financiering op pagina 11 van deze begroting. Begroting 2022 Crediteuren Omvang per 31 december

1.594

Overige schulden Omzetbelasting Loonheffing Overige schulden Totaal overige schulden per 31 december

316 1.691 78 2.085

Dit betreft de premies en belastingen over de laatste maanden van het vorig boekjaar, dat in het begrotingsjaar in de maand januari aan de belastingdienst zal worden betaald. Banken Saldo per 31 december

5.500

Dit betreft een kasgeldlening met een looptijd van maximaal zes maanden die, zolang het rentepercentage gunstiger uitvalt dan een langlopende lening, na looptijd opnieuw voor een zelfde periode wordt afgesloten. Overlopende passiva Vooruit ontvangen bedragen Nog te betalen bedragen Diversen Totaal overlopende passiva per 31 december

22 Begroting 2022

77 642 78 797

4.4

TOELICHTING OP HET OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN (x € 1.000,-)

BEDRIJFSRESULTAAT Netto-opbrengsten

Begroting 2022

Begroting 2021

Boekjaar 2020

Divisie Industrie Divisie Dienstverlening Totaal netto opbrengsten

3.615 9.164 12.779

3.766 9.815 13.581

3.584 10.013 13.597

De netto-opbrengsten laten ten opzichte van de begroting 2021 een daling zien van € 802.000,ofwel 6,3%. Ten opzichte van de jaarrekening 2020 is er een daling van € 818.000,Oorzaken van de daling zijn een lagere vergoeding van uit de gemeente Veendam voor reintegratie van trajecten en het teruglopen van het aantal sw-medewerkers. Waar er in 2020 nog gemiddeld 1.282 fte sw-medewerkers waren, is de verwachting dat er in 2022 nog gemiddeld over het jaar 1.148 fte’s zijn. Een daling van 134 over een periode van 2 jaar. Daarnaast stromen er wel Nieuw Beschut medewerkers in, echter deze instroom, 75 personen in 2020 naar 90 in 2022, is lager dan de uitstroom van sw-medewerkers. De geraamde opbrengsten van de Divisie Industrie zijn ten opzichte van de begroting 2021 € 151.000,- lager begroot. De verlaging wordt veroorzaakt door het teruglopen van het aantal swmedewerkers werkzaam in de Divisie Industrie. Waar in 2021 de verwachting is dat er totaal 572 fte’s werkzaam zullen zijn, is de verwachting dat dit in 2022 gemiddeld 539 fte’s zullen zijn. Voor de Divisie Dienstverlening, die bestaat uit de afdelingen Kringloop & Milieu, Groen & Infra, Detacheringen, Schoonmaak, Carcleaning en Trajecten, zijn de opbrengsten € 251.000,- lager begroot dan voorgaand begrotingsjaar.

De opbrengsten van Kringloop & Milieu en Carcleaning zijn voor 2022 op hetzelfde niveau gehouden als voorgaande begroting. Voor Groen & Infra zijn de opbrengsten voor 2022 € 189.000,- lager begroot dan in 2021. Dit wordt volledig veroorzaakt door een afname van het personeelsbestand. Ook binnen de afdeling Schoonmaak en de afdeling Detacheringen lopen de personeelsaantallen terug waardoor ook binnen deze afdelingen de opbrengsten teruglopen. Voor Schoonmaak is de verwachting dat de opbrengsten € 20.000,- lager zullen zijn en voor Detacheringen € 42.000,-. Daarnaast is de afdeling Detachering binnen Wedeka verantwoordelijk voor het plaatsen van mensen bij reguliere werkgevers in het kader van Begeleid Werken. Op dit moment zijn er 41 fte’s in het kader van Begeleid Werken werkzaam bij derden. Dit aantal is op hetzelfde niveau gehouden als voorgaand jaar. De opbrengsten van de afdeling Trajecten, waar ook de opbrengsten uit de TDC’s onderdeel van uit maken, zijn voor 2022 met € 400.000,- lager begroot als in de begroting van 2021. Overige personeelskosten Wsw

896

942

887

Hieronder vallen o.a. de reiskosten woon-werkverkeer, bedrijfsgeneeskundige zorg, opleidingskosten, kosten voor werkkleding, kosten voor kerstpakketten, vakbondsbijdrage en kosten voor jubilea. Door afname van het aantal sw-medewerkers nemen de Overige personeelskosten af.

23 Begroting 2022

Begroting 2022

Begroting 2021

Boekjaar 2020

8.706 150 8.856

8.047 144 8.191

6.972 84 7.056

111,3 0,3 111,0

108,8 - 0,5 108,3

93,1 - 1,6 91,5

Salariskosten c.a. ambtelijk personeel Salariskosten ambtelijk personeel Overige personele kosten ambt. personeel Totaal salariskosten ambt. personeel Aantal fte’s Gedetacheerde ambtenaren

-

Er is een flinke stijging van de salariskosten voor ambtelijk personeel zichtbaar in de jaren vanaf 2020, dit heeft meerdere verklaringen. Allereerst is in 2021 een stijging van het aantal ambtenaren en de kosten zichtbaar doordat de SGO-medewerkers (11 medewerkers) die voorheen via Wedeka B.V. werden verloond, in 2021 binnen Wedeka Bedrijven vallen. De kosten hiervan vielen voorheen onder kosten dienstverlening derden. Bij de kosten dienstverlening derden is dezelfde daling zichtbaar. Daarnaast is er sprake van een stijging van het aantal ambtelijke werkleiders als gevolg van vervanging van Wsw-werkleiding (pensioendatum bereikt) door ambtelijke werkleiding. De werkelijke kosten in 2021 (in de begroting was rekening gehouden met een geleidelijke vervanging in de loop van het jaar) bedroegen € 8,4 miljoen. Voor 2022 is nog een stijging van de formatie met 2,7 fte meegenomen. Hier is al sprake van een daling van de eerder verwachte kosten omdat Wedeka vooruitlopend op het bedrijfsplan al bezig is met de uitvoering van kostenbesparende maatregelen, zoals verhoging van de span of control en waar nog mogelijk interne vervanging of taakuitbreiding van bestaande functionarissen realiseert. De CAO voor het ambtelijk personeel loopt tot en met 31 december 2020. In de begroting voor 2022 is rekening gehouden met een structurele loonsverhoging van 1%. Kosten dienstverlening derden

312

446

945

Naast de kosten van externe ondersteuning, worden onder ‘kosten dienstverlening derden’ onder andere begrepen de kosten van uitbesteding salarisadministratie, juridische expertise en de kosten welke samenhangen met ISO- en VCA-certificering. De daling van de kosten in 2021 is hierboven verklaard, zij het dat in 2021 nog wel extra kosten zijn gemaakt voor de ondersteuning van het bedrijfsplan. Deze kosten vervallen in 2022. Afschrijvingskosten

1.342

1.215

1.067

De afschrijvingskosten zijn gebaseerd op de investeringsmeerjarenplanning. Hierin is met de investeringen rekening gehouden met duurzaamheid, waarbij tijdens vervanging gekeken wordt naar elektrificeren van voertuigen en gereedschappen. Overige bedrijfskosten Huur- en leasekosten Onderhoudskosten Energiekosten Belastingen en verzekeringen Indirecte productiekosten Algemene kosten Totaal overige bedrijfskosten 24 Begroting 2022

383 1.351 956 438 298 648 4.074

379 1.338 946 434 295 642 4.034

315 1.418 836 382 207 630 3.787

De overige bedrijfskosten zijn begroot op basis van het werkelijke niveau over 2020 en het verwachte niveau over 2022, waarbij rekening is gehouden met een algemene prijsindexering van 1%. Begroting 2022 Rentekosten

36

Begroting 2021 36

Boekjaar 2020 34

De begrote rentelasten zijn voor 2022 gebaseerd op de lasten van de vaste geldleningen van Wedeka en een gering bedrag voor rentekosten, verband houdend met rekeningcourantkrediet. Daarnaast financiert Wedeka al enkele jaren haar liquiditeitstekort, veroorzaakt door aflossing van langlopende leningen, door het aantrekken van kasgelden via de BNG-bank. Het rentepercentage voor kasgeldleningen is al geruime tijd negatief wat voor Wedeka een voordeel oplevert. In de begroting is gerekend met de rekenrente voor de lopende kasgeldlening bij de BNG van -0,1%. Aan het begin van het jaar loopt er een kasgeldlening van totaal € 5.000.000,-

Diverse lasten

15

15

17

In deze post worden de incidentele lasten, zoals onder andere voorraadverschillen, afboekingen op debiteuren en schades verantwoord. Diverse baten

15

15

140

In deze post worden de incidentele baten zoals o.a. voordelige herwaarderingsverschillen van voorraden, schade-uitkeringen, ziekengelden van Wedeka B.V. en boekwinsten bij verkoop van activa verantwoord.

RESULTAAT BESCHUT WERK Loonkosten Beschut Werk

1.880

1.566

1.070

Loonkostensubsidie Begeleidingssubsidie Totaal Bijdragen Beschut Werk

1.175 626 1.801

983 520 1.503

585 580 1.165

Jaarlijks legt het ministerie iedere gemeente een quotum op, met bijbehorende financiële middelen, voor het aantal mensen dat via Nieuw Beschut Werken aan een baan geholpen moet worden. De deelnemende gemeenten van Wedeka, met uitzondering van de gemeente MiddenGroningen, hebben met Wedeka een overeenkomst afgesloten waarbij ze de mensen die hiervoor in aanmerking komen bij Wedeka zullen plaatsen. De loonkosten Beschut Werk bestaan uit de kosten van de uitbetaalde lonen die gebaseerd zijn op het minimumloon voor maximaal 31 uur per week, waarbij voor het aantal te realiseren plekken in het begrotingsjaar 90 personen als taakstelling is opgenomen.

25 Begroting 2022

Om de kosten te dekken betaalt de gemeente waar de werknemer uit afkomstig is, aan Wedeka een loonkostensubsidie ter hoogte van het percentage dat de werknemer conform de loonwaardemeting van het UWV zelf niet kan verdienen. Daarnaast betaalt de gemeente een begeleidingsvergoeding, die door het ministerie wordt bepaald, naar evenredigheid van het aantal maanden dat er is gewerkt. De begeleidingsvergoeding bedraagt in het begrotingsjaar € 7.700,waar deze in het jaar 2020 nog € 8.500,- bedroeg. Daarnaast zijn de loonkosten gestegen doordat met ingang van 2021 de werknemers deelnemer zijn geworden van het PWRI-pensioenfonds. Het saldo van bovengenoemde punten is de reden dat er in het begrotingsjaar een negatief resultaat wordt behaald. De medewerkers werken mee en genereren voor Wedeka toegevoegde waarde. Deze marge is opgenomen onder de post bedrijfsopbrengsten. Begroting 2022

Begroting 2021

Boekjaar 2020

Rijksbijdrage Corona compensatiemiddelen Totaal Rijksbijdrage

35.778 0 35.778

36.988 0 36.988

37.364 2.895 40.259

Aantal s.e.’s (incl. Begeleid Werken) Aantal s.e.’s Begeleid Werken Subsidie per s.e.

1.236 42 28.947

1.307 42 28.300

1.374 42 27.189

SUBSIDIERESULTAAT Rijksbijdrage

De Rijksbijdrage wordt ontvangen via de aangesloten gemeenten middels het participatiebudget. Voor de medewerkers die werkzaam zijn bij Wedeka maar niet wonen binnen de schapsgrenzen fungeert de gemeente Stadskanaal hierbij als centrumgemeente waardoor zij de subsidie ontvangen voor deze medewerkers en deze daarna weer beschikbaar stelt aan Wedeka. Vanaf 2015 is er geen nieuwe instroom meer in de SW, waardoor het aantal s.e.’s jaarlijks zal teruglopen. Het budget per gemeente wordt berekend door het macrobudget te delen door het aantal geïndiceerden in Nederland. Vervolgens krijgt iedere gemeente op basis van het aantal geïndiceerden uit het vorige jaar (T-1) dat vermenigvuldigd wordt met een door het ministerie berekende blijfkans voor het huidige jaar een evenredig deel van het totale budget. De subsidie wordt eerst in de meicirculaire voorlopig vastgesteld, waarna het in de septembercirculaire definitief wordt vastgesteld. Bij het opmaken van de begroting is de definitieve rijksbijdrage voor het lopende jaar nog niet bekend. Ook is niet bekend hoeveel arbeidsjaren er in 2022 nog zijn. Het berekenen van de subsidie voor 2022 is hierdoor een schatting die is gebaseerd op de cijfers uit de laatst bekende septembercirculaire van 2020.

Op basis van het macrobudget en de door het ministerie in de septembercirculaire van 2020 afgegeven gemiddelde blijfkans wordt er voor Wedeka in 2022 een rijksbijdrage van € 28.947,per s.e. verwacht. 26 Begroting 2022

In juni 2020 is er voor de SW-sector een nieuwe Cao afgesloten. In deze Cao, die liep tot en met december 2020, is afgesproken dat de SW-lonen jaarlijks zullen stijgen gelijk aan de Wettelijk Minimum Loon (WML) indexatie. Deze indexatie wordt gefinancierd door de compensatie voor loon- en prijsontwikkeling (LPO) die gemeenten van het Rijk ontvangen middels de Rijksbijdragen voor de Wsw. Voor het jaar 2021 is dit percentage 1,6% per jaar. Met deze kostenstijging is, door het ontbreken van nieuwe afspraken, bij de berekening van de rijkssubsidie in 2022 geen rekening gehouden (zie ook loonkosten Wsw). Begroting Begroting Boekjaar 2022 2021 2020 Loonkosten Wsw-personeel Lonen Wsw Ontvangen transitievergoeding UWV Totaal loonkosten Wsw

39.710 0 39.710

42.097 0 42.097

42.506 - 995 41.511

Aantal fte’s (exclusief Begeleid Werken) Loonkosten per fte (in euro’s)

1.148 34.591

1.217 34.591

1.281,8 32.385

De post Wsw-loonkosten is ten opzichte van de begroting 2021 salderend met € 2.387.000,gedaald. Deze daling aan loonkosten is volledig toe te schrijven aan de daling van het te begroten aantal fte’s met 69. In de Cao voor de Sociale Werkvoorziening, die liep tot en met december 2020, is opgenomen dat de werknemers jaarlijks een loonsverhoging zullen ontvangen gelijk aan de indexering van het Wettelijk Minimum Loon (WML). Door het, op moment van opmaken van deze begroting, ontbreken van nieuwe afspraken is voor de begroting van 2022 bij zowel de Rijksbijdragen als de loonkosten Wsw geen indexering meegenomen. Kosten Begeleid Werken

520

515

512

Wedeka voert het Begeleid Werken zelfstandig uit. Het kabinet heeft als beleid om zoveel mogelijk werknemers bij reguliere werknemers te plaatsen. Op dit moment (maart 2021) zijn er 42 s.e.’s in Begeleid Werken geplaatst. De doelstelling is om in 2022 dit aantal vast te houden. De kosten hiervan zijn gebaseerd op de te betalen loonkostensubsidie aan externe werkgevers en incidentele externe ondersteuning. Onttrekking bestemmingsreserve

50

50

50

Met ingang van 2013 wordt er jaarlijks een bedrag van € 50.000,- ten gunste van het resultaat en ten laste van de bestemmingsreserve geboekt. Deze bestemmingsreserve is gevormd uit de algemene reserve die bij de overname van Baanderij is meegekomen. Een deel van deze reserve, een bedrag van € 1.140.788,- moet volgens afspraak gebruikt worden voor nieuwe huisvesting, waardoor het op de balans als bestemmingsreserve is opgenomen. In de loop van 2013 is de bouw van de nieuwe kringloopwinkel afgerond waarna het nieuwe gebouw in gebruik is genomen. De vrijval van de bestemmingsreserve is gelijk aan de afschrijvingskosten.

27 Begroting 2022

Gemeentelijke bijdragen

Begroting 2022

Begroting 2021

Boekjaar 2020

7.218

6.920

7.073

Aangezien de verliezen van de afgelopen jaren volledig uit de algemene reserve van Wedeka zijn gedekt waardoor deze is teruggelopen tot nihil, zullen de aangesloten gemeenten het gehele exploitatietekort van Wedeka, conform artikel 21 uit de Gemeenschappelijke Regeling Wedeka Bedrijven, moeten dekken. Dit bedrag zal verdeeld worden op basis van het aantal ingezetenen van die gemeente dat als werknemer bij Wedeka werkzaam is op basis van fte’s.

Op basis van de huidige personeelsstand zou dit voor de gemeentelijke bijdragen het volgende beeld geven. Gemeente Borger-Odoorn 8,8% 635 623 637 Gemeente Midden-Groningen 7,7% 556 526 537 Gemeente Stadskanaal 42,5% 3.068 2.886 2.950 Gemeente Veendam 22,8% 1.645 1.661 1.699 Gemeente Westerwolde 18,2% 1.314 1.225 1.251 Totaal 100,0% 7.218 6.920 7.073 Resultaat na bestemming

28 Begroting 2022

0

0

5.397

4.5

MEERJARENRAMING (x € 1.000,-)

Exploitatierekening

Begroting 2022

Meerjarenraming 2023 2024 2025

Netto-opbrengsten

12.779

12.536

12.298

11.951

Overige personele kosten Wsw Salariskosten c.a. ambtenaren Kosten dienstverlening derden Afschrijvingskosten Overige bedrijfskosten Rentekosten Diverse lasten Diverse baten Bedrijfs- en financieringslasten

- 896 - 8.856 - 312 - 1.342 - 4.074 36 15 15 - 15.516

- 842 - 9.208 - 315 - 1.342 - 4.115 36 15 15 - 15.858

- 833 - 9.324 - 318 - 1.342 - 4.154 36 15 15 - 16.007

- 808 - 9.489 - 321 - 1.342 - 4.196 36 15 15 - 16.192

Bedrijfsresultaat

- 2.737

- 3.322

- 3.709

- 4.241

Loonkosten Beschut Werk Bijdragen Beschut Werk Resultaat Beschut Werk

- 1.880 1.801 79

- 2.048 1.954 95

- 2.220 2.108 - 111

- 2.395 2.265 - 130

Rijksbijdragen

35.778

34.406

33.503

32.440

Loonkosten Wsw-personeel Kosten Begeleid Werken Totaal loonkosten Wsw

- 39.710 520 - 40.230

- 38.015 525 - 38.540

- 36.459 531 - 36.990

- 34.384 536 - 34.920

Subsidieresultaat

- 4.452

- 4.134

- 3.487

- 2.480

Totaal exploitatieresultaat Onttrekking bestemmingsreserve Gemeentelijke bijdragen Resultaat na bestemming

- 7.268 50 7.218 0

- 7.551 50 7.501 0

- 7.307 50 7.257 0

- 6.851 50 6.801 0

Per fte / se (bedragen in euro’s) Aantal fte’s (excl. Begeleid Werken) Fte’s in Begeleid Werken Fte’s in Beschut Werken

1.148 41 71

1.099 41 77

1.054 41 83

994 41 89

Aantal s.e.’s Rijkssubsidie per s.e.

1.236 28.947

1.185 29.035

1.139 29.414

1.077 30.121

Loonkosten Wsw per fte Netto toegevoegde waarde per fte

34.591 11.132

34.591 11.407

34.591 11.668

34.592 12.023 29 Begroting 2022

Verdeling meerjarenraming Op basis van de huidige fte-verdeling zouden de gemeenten de volgende bedragen moeten bijdragen:

Percentage Gemeente Borger-Odoorn 8,8% Gemeente Midden-Groningen 7,7% Gemeente Stadskanaal 42,5% Gemeente Veendam 22,8% Gemeente Westerwolde 18,2% Totaal 100,0%

2022 635 556 3.068 1.645 1.314 7.218

2023 660 578 3.188 1.710 1.365 7.501

(bedragen x € 1.000,-) 2024 2025 638 598 559 524 3.084 2.890 1.655 1.551 1.321 1.238 7.257 6.801

4.6 VASTSTELLING Aldus vastgesteld en goedgekeurd in de vergadering van het Algemeen Bestuur van Wedeka Bedrijven te Stadskanaal, gehouden op 5 juli 2021.

Drs. G. Kalfsbeek, directeur

H.J. Hamster, voorzitter

T. Houwing-Haisma, secretaris

30 Begroting 2022

Bijlage 1: Geprognosticeerde balans Begrotingsjaar T = 2022 Activa (im) Materiële vaste activa Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekkingen Financiële vaste activa: Leningen Financiële vaste activa: Uitzettingen > 1 jaar Totaal Vaste Activa

T-2

T-1

T

T+1

T+2

T+3

31-12-2020

31-12-2021

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

8.753

9.801

10.965

10.965

10.965

10.965

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

0 0

138

158

123

123

123

123

8.891

9.959

11.088

11.088

11.088

11.088

244

151

101

101

101

101

152

125

100

100

100

100

7.689 368 561

1.804 278 441

1.389 208 341

1.389 158 341

1.389 108 341

1.389 58 341 +

9.014

2.799

2.139

2.089

2.039

1.989

17.905

12.758

13.227

13.177

13.127

13.077

31-12-2020

31-12-2021

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schuld Totaal Vaste Passiva

6.148 0 3.200

701 0 2.900

651 0 2.600

601 0 2.300

551 0 2.000

501 0 1.700 +

9.348

3.601

3.251

2.901

2.551

2.201

Vlottende schuld Overlopende passiva Totaal Vlottende Passiva

7.960 597

8.460 697

9.179 797

9.479 797

9.779 797

10.079 797 +

8.557

9.157

9.976

10.276

10.576

10.876

Totaal Passiva

17.905

12.758

13.227

13.177

13.127

13.077

Voorraden: Onderhanden werk & Overige grond- en hulpstoffen Voorraden: Gereed product en handelsgoederen & vooruitbetalingen Uitzettingen <1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal Vlottende Activa Totaal Activa

Passiva

Toelichting geprognosticeerde balans In deze begroting is ook een balansprognose opgenomen tot en met het jaar 2025. In de weergegeven saldi is rekening gehouden met de aflossingen op de langlopende leningen, waardoor de vaste schuld daalt. Jaarlijks is het af te lossen bedrag € 300.000,-. Deze aflossing wordt gefinancierd middels een kasgeldlening, waardoor de vlottende schuld met hetzelfde bedrag stijgt. In de begroting 2022 en de ramingen 2023-2025 is rekening gehouden met een jaarlijkse onttrekking van € 50.000,- uit de bestemmingsreserve ten behoeve van de exploitatie van de (ver)nieuwbouw van Kringloop Stadskanaal (zie verder de toelichting in paragraaf 4.3). De overige saldi zijn benaderd vanuit het huidige begrotingsjaar. Deze saldi zijn op voorhand niet exact te bepalen. Het aldus ontstane verschil in saldi tussen de activa en passiva is verdisconteerd in het saldo liquide middelen.

31 Begroting 2022

+

Bijlage 2: Emu-saldo

In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is de verplichting vastgesteld dat Gemeenschappelijke Regelingen ramingen van het EMU-saldo dienen te verstrekken over het voorgaande jaar, het begrotingsjaar en de drie jaar volgend op het begrotingsjaar. Het EMU-saldo is het saldo van inkomsten en uitgaven met derden (dus geen afschrijvingen, waarde mutaties, etc.) van de overheid op transactiebasis in een bepaalde periode. Eenvoudig gezegd geeft het EMU-saldo aan of er in een bepaald jaar met reële transacties meer geld uitgegeven is dan er in dat jaar is binnengekomen, of dat er geld is overgehouden. Het EMU-saldo is daarmee een indicatie voor de ontwikkeling van de liquiditeits- en financiële positie (eigen vermogen en schulden) van de Gemeenschappelijke Regeling.

2021

2022 2023

-6.375

-1.139

-50

-50

-50

Financiële vaste activa Kapitaalverstrekkingen en leningen

0

0

0

0

0

Uitzettingen

20

-35

0

0

0

Uitzettingen

-5.885

-415

0

0

0

Liquide middelen

-90

-70

-50

-50

-50

Overlopende activa

-120

-100

0

0

0

Vaste schuld

-300

-300

-300

-300

-300

Vlottende schuld

500

719

300

300

300

100

100

0

0

0

0

0

0

0

0

EMU-SALDO

Activa Mutaties (1 januari tot 31 december)

Vlottende activa

Vaste Passiva Passiva Vlottende passiva

Overlopende passiva Eventuele boekwinst bij verkoop effecten en (im)materiële vaste activa

32 Begroting 2022

2024 2025

Bijlage 3: Overzicht van baten en lasten naar taakveld (x € 1.000,-) Volgens de richtlijnen in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) dient er in de begroting een overzicht gepresenteerd te worden van de baten en lasten naar taakvelden. Hierbij wordt aansluiting gezocht met de periodieke opgave aan het CBS in het kader van de Regeling vaststelling taakvelden en verstrekking informatie voor derden (lv3). De uitvoering van de Wsw, het Begeleid Werken en het Nieuw Beschut Werken vallen onder het taakveld 6.4. De lasten en baten van de centrale stafafdeling en de werkleiding van de vestigingen zijn gerubriceerd onder overhead, taakveld 0.4. Omschrijving

Begroting 2022

Taakveld 6.4 begeleide participatie Omzet Kosten grondstoffen e.d. Totaal netto opbrengsten

14.412 - 1.633

Overige pers.kosten Wsw Salariskosten ambtelijk personeel Kosten dienstverlening derden Afschrijvingskosten Overige bedrijfskosten Rentekosten Diverse baten / lasten Bedrijfs- en financieringslasten

- 741 - 2.371 - 176 - 1.190 - 3.313 46 0

12.779

- 7.837

Bedrijfsresultaat (+ = winst) Loonkosten Beschut Werk Bijdragen Beschut Werk Resultaat Beschut Werk (+ = winst) Rijksbijdragen Loonkosten Wsw-personeel Kosten Begeleid Werken Totaal kosten Wsw Subsidieresultaat (- = verlies) Resultaat uit gewone bedrijfsvoering Gemeentelijke bijdrage Totaal taakveld 6.4 begeleide participatie Taakveld 0.4 overhead Taakvelden 0.1 – 0.11 Onttrekking bestemmingsreserve Totaal resultaat (+ = winst)

4.942 - 1.880 1.801 -

79 35.210

- 38.291 520 - 38.811 - 3.601 1.262 7.218 8.480 - 8.529 50 0

33 Begroting 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10239153/1