08-05 Concept jaarstukken Omgevingsdienst Groningen 2022
Tekst van het document
Samen werken aan een veilige schone leefomgeving
Jaarstukken 2022 1
Jaarstukken 2022
Inhoud Samenwerking Provincie............................................................. 8
Toelichting balans....................................................................... 26
Voorwoord ...................................................................................... 3
Paragrafen ...................................................................................... 9
Vlottende activa ........................................................................... 26
Financiële samenvatting .............................................................. 4
Weerstandsvermogen en risicobeheersing .......................... 9
Liquide middelen ......................................................................... 26
Rekeningresultaat van het VTH-programma ....................... 4
Financiële kengetallen .............................................................. 11
Overlopende activa ..................................................................... 27
Rekeningresultaat van het Brzo-programma ....................... 5
Financiering ................................................................................... 12
Vaste passiva ................................................................................. 27
Programmaverantwoording ......................................................... 6
Bedrijfsvoering.............................................................................. 13
Datering en opmaak jaarrekening ............................................ 29
VTH-programma ............................................................................. 6
Onderhoud kapitaalgoederen ................................................. 13
Vaststelling Algemeen Bestuur ................................................ 30
.............................................................................................................. 6
Vennootschapsbelasting voor overheidsondernemingen13
Controleverklaring ...................................................................... 31
Brzo-programma............................................................................. 7
Personeel ........................................................................................ 14
Bijlagen ......................................................................................... 32
Ontwikkelingen ............................................................................. 8
Jaarrekening ................................................................................. 15
Implementatie van het VTH-systeem ..................................... 8
Overzicht van baten en lasten in 2022................................ 15
Bijlage 1: Overzicht van baten en lasten uitgesplitst naar taakvelden ...................................................................................... 32
Werkdruk en arbeidsmarkt.......................................................... 8
Toelichting op de baten en lasten ........................................ 18
Datagestuurd werken ................................................................... 8
Melding wet topinkomens ........................................................ 21
De Omgevingswet.......................................................................... 8
Balans............................................................................................ 23
Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel...... 8
Activa................................................................................................ 23
Specifieke uitkering toezicht en handhaving energiebesparingsplicht .............................................................. 8
Passiva ............................................................................................. 24
2
Jaarstukken 2022
Waarderingsgrondslagen .......................................................... 25
Bijlage 2: Deelnemersbijdragen ............................................. 33 Bijlage 3: Overzicht van materiële vaste activa ............... 34 Bijlage 4: Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen ..................................................................................... 35
Voorwoord Het afgelopen jaar stond weer in het teken van de grote dynamiek in ons werkveld. Desondanks constateren we een financieel resultaat van rond de nullijn (€ 37.000). Hoewel dit financieel gezien een positieve ontwikkeling is ten opzichte van een negatief resultaat vorig jaar, hebben we hiertoe in het afgelopen jaar keuzes moeten maken die ten kosten gingen van de productie en de voortgang van organisatorische en strategische ontwikkelingen.
krapte op de arbeidsmarkt en werd er veel tijd besteed aan het opleiden en inwerken van medewerkers.
In deze jaarstukken over 2022 rapporteren we over het financiële resultaat van het afgelopen jaar. De afwijkingen ten opzichte van de begroting worden benoemd en uitgelegd en relevante ontwikkelingen worden toegelicht.
Ondanks deze uitdagingen, hebben we ook een aantal hele mooie resultaten behaald. Zo hebben we een grote bijdrage geleverd aan de belangrijkste opgaven van ons land op het gebied van klimaat, energietransitie en de stikstof problematiek. Als dienst hebben we weer stappen gezet om efficiënter te werken in het primaire proces. En zijn we volop aan de slag geweest met de aanbesteding en voorbereiding voor de implementatie van het nieuwe VTH systeem - de ruggengraat van onze organisatie.
De inzet op majeure risicobedrijven verantwoorden we in deze jaarstukken onder de noemer Brzo1. Deze inzet levert de ODG voor de drie noordelijke provincies. Wat betreft de productie is er in 2022 sprake van een realisatie van circa 89% ten opzichte van het aantal ingekochte zaken in de jaaropdrachten. Dat de productieafspraken niet geheel vervuld zouden worden was al bekend: Met het bestuur is besproken dat de voorbereidingen op het nieuwe VTH-systeem en de Omgevingswet deels ten koste van de productie zouden gaan. Daarnaast was er sprake van een hoog ziekteverzuim,
Dit zorgde voor een beperkte capaciteit aan medewerkers, terwijl we zien dat regionale en landelijke inhoudelijke ontwikkelingen, zoals investeringen op het gebied van energietransitie, stikstof en een verhoogde complexiteit van het werk juist meer van ons vragen.
De jaarstukken zijn de laatste van de drie bedrijfsmatige verslagen die u over 2022 ontvangt. In 2022 ontving u reeds de voorjaarsnota over de eerste vier maanden van het jaar en de najaarsnota over de eerste acht maanden van het jaar. De informatie over inhoudelijke onderwerpen, de voortgang van de dienstverlening en productie kunt u vinden in de halfjaar- en jaarrapportages. Deze zijn reeds gedeeld met alle opdrachtgevers. Nienke Baars Directeur Omgevingsdienst Groningen
Daarnaast hebben we een zeer geslaagde arbeidsmarktcampagne gevoerd samen met de noordelijke omgevingsdiensten, waarbij we trainees en andere nieuwe medewerkers aan ons hebben verbonden die in 2023 voor ons aan de slag gaan.
Alle bedrijven die onder het Besluit risico zware ongevallen en Richtlijn Industriële Emissies categorie 4 voorschriften vallen, samen de majeure risicobedrijven, zijn per 1 juli 2017 verplicht onder gebracht bij een van de aangewezen zes diensten in Nederland. Voor Noord Nederland is dat de Omgevingsdienst Groningen. 1
3
Jaarstukken 2022
Financiële samenvatting We sluiten 2022 af met een financieel resultaat van rond de nullijn (€ 37.000). In deze paragraaf is het resultaat in hoofdlijnen weergegeven per programma. In de paragrafen hierna worden de resultaten verder toegelicht.
Rekeningresultaat van het VTH-programma De jaarrekening van 2022 laat voor het VTH-programma een negatief resultaat zien van € 483.000. Na onttrekking aan de Algemene Reserve voor VTH systeem (400k) en IT (100k) en vitaliteit (20k) conform besluiten van het Algemeen Bestuur, is het uiteindelijke resultaat € 37.000 positief. Het voorstel is om het resultaat te doteren aan de Algemene reserve, conform het op 30 maart 2023 uitgesproken voornemen van het Algemeen bestuur om de algemene reserve aan te vullen tot de risico's uit de begroting kunnen worden gedekt. Momenteel is de algemene reserve namelijk te laag en kunnen de risico's niet voldoende worden afgedekt. Het bestuur heeft hierop geacteerd door in 2023 de algemene reserve aan te vullen. Lagere personeels- en materiële lasten (€ 29.000 (V)) Door een iets gunstiger verdeling van licentiekosten van het huidige VTH-systeem met contractpartner RUD Drenthe, vielen de materiele kosten van het primair proces lager uit. Hogere lasten overhead (€ 93.000 (N)) Dit is met name veroorzaakt door hogere personeelskosten op het gebied van P&O en IT. Vanwege vervanging door ziekte zijn hier hogere (inhuur) kosten gemaakt. De voorbereidingen op onder andere de Omgevingswet en het nieuwe VTH systeem hebben op IT gebied
4
Jaarstukken 2022
extra inzet gevraagd. Daarnaast zorgt een intensievere benadering van de arbeidsmarkt ook voor extra inzet van P&O. Ten slotte is het kantoor aangepast in het kader van hybride werken. De gemeenschappelijke vergaderruimtes zijn voorzien van beeld- en geluidsfaciliteiten en de uitstraling van het kantoor is opgefrist. Hoger saldo treasury (€ 1.000 (V)) Dit betreft opbrengsten van de rente van de Rekening Courant met de Provincie Groningen (€ 1.000). Post onvoorzien (€ 100.000 (V)) De post onvoorzien is bedoeld ter dekking van onvoorziene uitgaven. Deze hebben zich ook specifiek voorgedaan in 2022, maar zijn (zoals beschreven in de BBV) geboekt op de betreffende posten, waardoor voor de post onvoorzien een voordeel ontstaat. Dit voordeel is verrekend met hogere kosten op de andere posten.
Samengevat is het overschot ten opzichte van de begroting ontstaan door: Lagere personeels- en materiële lasten Hogere lasten overhead Hoger saldo treasury Post onvoorzien
€ 29.000 (V) € 93.000 (N) € 1.000 (V) € 100.000 (V)
Totaal
€ 37.000 (V)
Rekeningresultaat van het Brzo-programma Het Brzo-programma loopt volgens een andere methodiek dan het VTH-programma en kent een jaarlijkse eindafrekening. Dit betekent dat ontstane tekorten of overschotten ten opzichte van het reeds voldane voorschot, aan het eind van het jaar worden verrekend. Op deze manier komt het resultaat van het Brzo-programma na verrekening altijd uit op nul. Voor 2022 was sprake van een tekort van € 256.000 ten opzichte van de begroting. Dit werd voornamelijk veroorzaakt door hogere personele en materiële lasten (€ 194.000 N), hogere overheadkosten (€ 97.000 N) en lagere projectkosten (€ 35.000 V) ten gevolge van de aanhoudende groei van het aantal majeure risicobedrijven. Het totale tekort - inclusief de hogere bijdrage na de begrotingswijziging van december 2021- zal in de aanstaande eindafrekening met de deelnemers in rekening worden gebracht. Na de eindafrekening zal het resultaat op nul uitkomen. Deze eindafrekening ziet er als volgt uit: BRZO-afrekening
Totaal
Gefactureerd
Afrekening
Provincie Groningen
3.715.648
3.360.050
Provincie Drenthe
905.264
826.717
78.547
Provincie Fryslân Totaal
1.044.991 5.665.903
1.092.803 5.279.570
-47.812 386.333
5
Jaarstukken 2022
355.598
Programmaverantwoording In de programmaverantwoording worden de doelen en resultaten van het afgelopen jaar toegelicht voor de verschillende programma's. Informatie over weerstandvermogen, risico's en soortgelijke onderwerpen zijn te vinden onder de verplichte paragrafen.
VTH-programma
Missie In alles wat we doen dragen we bij aan een veilige schone leefomgeving in onze regio. Wij zijn een onafhankelijke betrouwbare kennispartner, die de klant centraal stelt. Wij doen dat door inwoners, bedrijven en overheden op een efficiënte wijze, proactief en met een transparante afweging van belangen te adviseren bij het inrichten van de leefomgeving. Wij geven de leefomgeving een eigen stem. Ontwikkelingen Over heel 2022 is het beeld dat sprake was van een grote vraag naar onze producten en diensten. De oorzaken hiervan zijn bekend: nieuwe wet- en regelgeving, investeringen in de industrie, de energietransitie en de vele bouwprojecten. Afgezet tegen de jaaropdracht is in 2022 een realisatie van circa 89% behaald. Deze realisatie laat zien dat we, conform eerdere prognoses, de productiedoelstellingen dit jaar niet geheel gehaald hebben.
6
Jaarstukken 2022
De oorzaken hiervan zijn ook bekend: we hebben veel tijd besteed aan het begeleiden en opleiden van nieuwe medewerkers, aan de voorbereiding op de inwerkingtreding van de Omgevingswet en de implementatie van een nieuw VTH-systeem. De deelnemers hebben in februari 2023 een uitgebreide toelichting ontvangen op de geleverde productie en doelstellingen voor het komende jaar.
VTH-taken Afgezet tegen de jaaropdracht is in 2022 een realisatie van circa 89% behaald.
Programmaverantwoording Brzo-programma
Dit programma heeft betrekking op de uitvoering van de VTH-taken voor zogenaamde majeure risicobedrijven (Brzo en RIE-4) in NoordNederland. Deze bedrijven werken met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen of hebben deze stoffen in opslag, daarom vallen zij onder het Besluit risico’s zware ongevallen (Brzo). RIE-4 bedrijven zijn complexe chemiebedrijven, die werken met milieuverontreinigende stoffen. Daarom vallen zij onder categorie 4 van de Richtlijn Industriële Emissies. Missie De ODG voert in opdracht van de drie noordelijke provincies de VTH taken uit met als doel om zware ongevallen bij en milieuschade door de majeure risicobedrijven te voorkomen.
Het werk voor de Brzo/RIE4-bedrijven stelt specifieke eisen aan medewerkers en de arbeidsmarkt is krap. Wij spelen hierop in door intern medewerkers op te leiden. Zoals eerder geschetst kost het intern opleiden tijd, hetgeen ten koste gaat van de productiviteit. In 2022 kon een (beperkt) aantal geplande actualisaties van vergunningen niet worden uitgevoerd vanwege een tekort aan capaciteit; intern en bij adviesbureaus. Begin 2023 wordt de opdrachtgevers een voorstel voorgelegd hoe om te gaan met het actualiseren van vergunningen.
Ontwikkelingen In 2022 zijn nagenoeg alle geplande inspecties bij de majeure risicobedrijven in Groningen, Fryslân en Drenthe uitgevoerd. In het begin van het jaar is vanwege krappe capaciteit een planning gemaakt waarbij elke inrichting minimaal één keer in het kader van de Wabo is bezocht. Alle Brzo-inrichtingen hebben één of meer Brzo-inspecties gehad. Naast de al lopende vooroverleggen en procedures bij de al aanwezige Brzo/RIE4-bedrijven zijn er vooroverleggen gestart voor een aantal nieuwe initiatieven op het gebied van duurzame energie. De trend dat het aantal Brzo/RIE4-bedrijven in Noord-Nederland toeneemt, zet door. Dit betekent dat de hoeveelheid werk voor vergunningverleners, adviseurs en toezichthouders toeneemt en de complexiteit toeneemt.
7
Jaarstukken 2022
Brzo-inspecties In 2022 zijn nagenoeg alle geplande inspecties bij de majeure risicobedrijven in Groningen, Fryslân en Drenthe uitgevoerd.
Ontwikkelingen
In de toelichting op de financiële tabellen zijn we al ingegaan op ontwikkelingen die invloed hebben gehad op het jaarrekeningresultaat. In dit hoofdstuk wordt aanvullend een aantal belangrijke ontwikkelingen besproken.
Implementatie van het VTH-systeem Het contract voor het huidige zaaksysteem LOS loopt dit jaar af. Via een aanbestedingstraject is in de eerste helft van 2022 nieuw VTH-systeem geselecteerd. Daarna is het implementatieproject gestart. Het streven is om de implementatie van het nieuwe VTH-systeem eind 2023 af te ronden. Zoals door het AB besloten is er in 2022 in totaal €400.000 onttrokken uit de algemene reserve om de kosten van het nieuwe zaaksysteem te kunnen dekken. Daarnaast is sprake van een bijdrage per deelnemer voor de dekking van de kosten van het VTH systeem.
Werkdruk en arbeidsmarkt Wetgeving en gerechtelijke uitspraken zorgen voor veel dynamiek in ons werkveld. Samen met de toename van bedrijven in het noorden, zorgt dat voor een toename van werk en complexiteit. In 2022 was er sprake van een stijging van de werkvoorraad, een hoger dan gebruikelijk ziekteverzuimpercentage en openstaande vacatures. Dit leidde tot een hoge werkdruk en oplopende personeelskosten (oa externe inhuur). Door vernieuwde interne werkwijzen proberen we de werkdruk te verlagen. We ontwikkelen deze nieuwe werkwijzen de komende periode steeds verder en voeren deze, in samenwerking met opdrachtgevers, in. Daarnaast hebben we
8
Jaarstukken 2022
een gezamenlijke arbeidsmarktcampagne met de noordelijke OD's om personeel aan ons te verbinden.
Specifieke uitkering toezicht en handhaving energiebesparingsplicht
Datagestuurd werken
In 2022 heeft het ministerie van Economische zaken en Klimaat een stimuleringsregeling opgestart om het toezicht op energiebesparing te versnellen en verbeteren, door middel een directe uitkering aan omgevingsdiensten. De regeling loopt van 2022 t/m 2027. In die periode moeten de diensten zorgen voor een uitbreiding van de capaciteit op energietoezicht en een vergroting van de kwaliteit van het toezicht. Inmiddels is in overleg met de opdrachtgevers een plan van aanpak gemaakt, dat in december 2022 goedgekeurd is door RVO. De werving van aanvullende energietoezichthouders is gestart en er zijn afspraken gemaakt met de RUDD en FUMO en andere diensten op het gebied van opleidingen en kennisuitwisseling.
Als ODG zetten we in op datagestuurd werken, dat wil zeggen: het verbeteren van de effectiviteit en efficiëntie van onze dienstverlening met inzichten uit data-analyse. In 2022 heeft de projectgroep gewerkt aan een gedeeld beeld over wat data gestuurd werken voor de ODG betekent. Dit beeld wordt begin 2023 uitgewerkt tot een visiedocument, met daarin de randvoorwaarden die nodig zijn om deze ambitie waar te maken.
De Omgevingswet
We werken toe naar de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024. De voorbereiding op inwerkingtreding heeft ook in 2022 een tijdsinvestering gevraagd. De impactanalyse Omgevingswet heeft laten zien dat zowel het aantal producten als de complexiteit wijzigt en dat de financiële impact minimaal €485.000 bedraagt (exclusief het inwerken op de nieuwe werkwijzes. Het bestuur heeft afgesproken dat de dienst dit zelf moet opvangen en zal daarmee ten koste gaan van de productiviteit). Het Algemeen Bestuur heeft afgesproken deze bijdrage na de eerste twee jaren na inwerkingtreding te evalueren.
Interbestuurlijk programma Versterking VTH-stelsel Met het Interbestuurlijk Programma (IBP) Versterking VTHstelsel geven het Rijk, het IPO, de VNG en OmgevingsdienstNL invulling aan de aanbevelingen van de Commissie Van Aartsen. Om een bijdrage te kunnen leveren aan de uitvoering van het IBP ontvangen de Omgevingsdiensten een subsidie van het Rijk. Voor de Omgevingsdienst Groningen betreft het een bedrag van €525.000. De middelen zijn bestemd voor de periode 15 september 2022 tot en met 31 december 2023.
Samenwerking Provincie Sinds de start van de dienst in 2013 maakt de ODG gebruik van de diensten van de provincie Groningen op het gebied van IT, HR en Financiën. De dienstverlening is vastgelegd in Service Level Agreements (SLA's), waarin afspraken staan over de dienstverlening. De SLA's dateren uit 2013/2014 en zijn sterk verouderd. Dit maakt dat de verwachtingen op het gebied van zowel financiën als werkzaamheden soms niet helder zijn. Momenteel voert een onafhankelijk bureau samen met de ODG en provincie een evaluatie uit naar de dienstverlening. Er wordt gekeken in hoeverre de samenwerkingsafspraken worden nagekomen en wat er nodig is voor eventuele toekomstige samenwerking. Daarnaast is het mogelijk dat de dienstverlening een andere prijs krijgt. Mocht dit grote invloed hebben op de begroting, dan zullen wij het bestuur hier apart over informeren en besluiten voorleggen.
Paragrafen In het Besluit Begroting Verantwoording (BBV) zijn zeven verplichte paragrafen opgenomen voor provincies, gemeenten en gemeenschappelijke regelingen. Deze paragrafen gaan over: • • • • • • •
Lokale heffingen; Weerstandsvermogen en risicobeheersing; Onderhoud kapitaalgoederen; Financiering; Bedrijfsvoering; Verbonden partijen Grondbeleid
De paragrafen: lokale heffingen, grondbeleid en verbonden partijen zijn voor de ODG niet relevant en zijn daarom niet opgenomen.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Weerstandsvermogen De omvang en beschikbaarheid van reserves bepalen mede de mogelijkheden om tegenvallers op te vangen. Uitgangspunt van het beleid voor de omvang van weerstandsvermogen is dat de weerstandscapaciteit tenminste voldoende moet zijn om de gekwantificeerde risico's op te vangen (hierover vindt momenteel nog het gesprek plaats in het AB). In de “Gemeenschappelijke Regeling” en de “Nota reserves en voorzieningen” is bepaald dat het weerstandsvermogen bestaat uit de algemene reserve en de post onvoorzien. De algemene reserve mag maximaal 5% van de jaaromzet bedragen. Voor het jaar 2022 is dit afgerond € 1.094.000.
9
Jaarstukken 2022
De algemene reserve is op 31 december 2022 € 179.000 (na dotatie positief resultaat) en blijft hiermee binnen de afgesproken bandbreedte. Het weerstandsvermogen bedraagt in totaal €279.000 (€ 179.000 algemene reserve plus € 100.000 onvoorzien). Risicobeheersing Voor het beoordelen van het weerstandsvermogen is inzicht nodig in de omvang en de achtergronden van de risico's en in de aanwezige weerstandscapaciteit. Anders gezegd: het weerstandsvermogen geeft inzicht in de weerstandscapaciteit in relatie tot de risico's. Het BBV definieert dit als volgt: De weerstandscapaciteit bestaat uit vrij aanwendbare middelen en mogelijkheden, die de ODG heeft, om financiële tegenvallers te dekken. De risico's relevant voor het weerstandsvermogen zijn risico's die niet op een andere manier te ondervangen zijn. Reguliere risico's - risico's die zich regelmatig voordoen en die veelal vrij goed meetbaar zijn - maken geen deel uit van de risico's in de paragraaf weerstandsvermogen. Begrote risico's In onderstaande tabel staan de risico's zoals deze begroot waren voor 2022 (stand van 1-12022).
Paragrafen
Daadwerkelijke realisatie van de begrote risico's
1. IT-ontwikkelingen Dit risico heeft zich in 2022 voorgedaan. IT krijgt een steeds grotere rol in onze organisatie. Dit komt enerzijds voort uit nieuwe regelgeving, zoals het DSO en anderzijds uit interne (door)ontwikkelingen. Het was de vraag of de voor IT beschikbare middelen in de begroting voldoende toereikend waren om alle aankomende ontwikkelingen te kunnen financieren. Het maximale risico van de kosten voor IT-ontwikkelingen werd geschat op €200.000, waarvan de helft in 2022 realiteit werd.
3. Register externe veiligheid Dit risico heeft zich in 2022 niet voorgedaan. Het opzetten van deze database, waarin de informatie over de veiligheidsrisico's wordt verzameld en inzichtelijk wordt gemaakt, is tevens gekoppeld aan de invoering van Omgevingswet.
2. Wet kwaliteitsborging bouw Dit risico heeft zich in 2022 niet voorgedaan. Aangezien de invoering van de wet kwaliteitsborging bouw gelijk loopt met de invoering van de Omgevingswet was dit door uitstel van deze wet voor 2022 nog niet van toepassing.
5. Nieuw financieringsmodel Dit risico heeft zich in 2022 niet voorgedaan. De ODG is met ingang van 2022 met een nieuw financieringsmodel gaan werken. Omdat het binnen deze vorm voor deelnemers mogelijk was de opdracht (beperkt) bij te stellen, bestond er een risico dat de ODG onvoldoende in staat is de kosten af te bouwen, indien alle deelnemers de opdracht zouden verlagen.
10
Jaarstukken 2022
4. Cao-afspraken Dit risico heeft zich in 2022 niet voorgedaan. De afgesproken loonstijgingen vielen binnen de vooraf in de begroting opgenomen bedragen.
Paragrafen Financiële kengetallen
Kengetallen geven de verhouding weer tussen onderdelen van begroting en/of balans en helpen bij de beoordeling van onze financiële positie. Deze kengetallen geven inzicht in hoeveel (financiële) ruimte wij hebben om structurele en incidentele lasten te dekken. De verplicht op te nemen kengetallen in de jaarrekening zijn aangegeven in artikel 11 van het BBV en in onderstaande tabel berekend en toegelicht. Ke nge ta lle n
R e a lisa tie 2 0 2 2 R e a lisa tie 2 0 2 1
Netto schuldenquote Netto schuldenquote(gecorrigeerd) Solvabititeitsratio
33,25% 33,25% 5,64%
Grondexploitatie
Structurele exploitatieruimte
40,25% 40,25% 15,28%
Nvt
Nvt
-2,21%
-4,98%
Nvt
Nvt
Belastingcapaciteit
Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) De netto schuldquote geeft de verhouding van de schuldenlast van de ODG ten opzichte van de jaarlijkse baten weer. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Zie regeling kengetallen, alinea 2 nota van toelichting. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen, wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Aangezien de ODG geen leningen heeft verstrekt, is de netto schuldquote gelijk aan voor leningen gecorrigeerde netto schuldquote. Ne tto schuld q uote Vaste schulden Netto vlottende schuld Overlopende passiva Financiële activa excl. verstrekte leningen Uitzettingen < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Saldo Totale baten (exclusief mutatie reserves) Saldo / totale baten
11
Jaarstukken 2022
R e a lisa tie 2022 € € 2.935.000 € 732.000 € € 2.925.000 € € 620.000 € 7.212.000 € 21.688.000 33,25%
€ € € € € € € € €
R e a lisa tie 2021 3.740.000 152.000 3.854.000 274.000 8.020.000 19.925.000 40,25%
Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de ODG in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Onder het eigen vermogen verstaan we de algemene reserve en de overige bestemmingsreserves en het resultaat uit het overzicht baten en lasten. Een solvabiliteit tussen 25% en 40% is goed. De solvabiliteit van de ODG voldoet hier niet meer aan. Dit brengt echter geen risico met zich mee daar de ODG een gemeenschappelijke regeling is. Solva b ilite itsra tio
R e a lisa tie
R e a lisa tie
2022 Eigen vermogen Balanstotaal Solvabiliteitsratio
€ €
2021
219.000 3.886.000
€ €
5,64%
702.000 4.594.000 15,28%
Structurele exploitatieruimte Voor de structurele exploitatieruimte geldt dat structureel evenwicht een voorwaarde is voor het toepassen van repressief toezicht. Dit betekent dat structurele lasten inclusief structurele toevoegingen aan bestemmingsreserves maximaal gelijk mogen zijn aan de structurele baten inclusief onttrekkingen aan bestemmingsreserves. Het saldo van structurele baten en lasten wordt nominaal weergegeven en als percentage van de totale baten. Aangezien de ODG geen grondexploitatie kent en geen eigen heffingen heeft, zijn de kengetallen voor grondexploitatie en belastingcapaciteit niet opgenomen Structure le e xp loita tie ruimte
R e a lisa tie
R e a lisa tie
Totale structurele lasten Totale structurele baten
2022 € 22.364.000 € € 21.881.000 €
2021 20.918.000 19.925.000
Totale structurele toevoegingen reserves Totale structurele onttrekkingen reserves Gerealiseerde totaalsaldo baten
€ € € 21.881.000
19.925.000
Structurele exploitatieruimte
-2,21%
€ € €
-4,98%
Paragrafen Financiering
Volgens de wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) is iedere gemeenschappelijke regeling verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en jaarrekening op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot treasury, geldleningen, kasgeldlimiet en renterisiconorm.
Het verloop van het kasgeldlimiet in 2022 was als volgt: Kasgeldlimiet Omvang begroting
€
kwartaal 1 20.775.000
kwartaal 2 20.775.000 €
kwartaal 3 20.775.000 €
kwartaal 4 20.775.000
€
8,2% 8,2% 1 .7 0 4 .0 0 0 € 1 .7 0 4 .0 0 0 €
8,2% 1 .7 0 4 .0 0 0 €
8,2% 1 .7 0 4 .0 0 0
1. Kasgeldlimiet in % in bedragen
€
2. Omvang vlottende schuld opgenomen gelden < 1 jaar
€ €
1.129.000 6.034.000
€
7 .1 6 3 .0 0 0
€ €
3.810.000 2.442.000
€ €
906.000 -
€ €
3.679.000 -
€ 6 .2 5 2 .0 0 0
€
9 0 6 .0 0 0
€
3 .6 7 9 .0 0 0
€ €
€ €
312.000
€ €
1.585.000
Treasurybeleid De treasuryfunctie van de ODG dient tot: • Het verzekeren van duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; • Het beschermen van vermogens- en renteresultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, liquiditeitsrisico’s en kredietrisico’s; • Het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities; • Het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet FIDO respectievelijk de limieten en richtlijnen van dit statuut. Het treasurybeleid is nader uitgewerkt in het treasurystatuut.
schuld in rekening courant
Geldleningen Aangezien de provincie Groningen het betalingsverkeer en financiering voor de ODG regelt, maakt de ODG voor de schommelingen in de liquiditeitspositie gebruik van de financiële middelen van de provincie Groningen. De hiervoor aan de provincie te betalen vergoeding op de rekening-courant verhouding is lager dan de geldende marktrente.
Renterisiconorm De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan één jaar. De renterisiconorm bedraagt 20% van de vaste schuld (er geldt een drempelbedrag van € 2,5 miljoen). Dat betekent dat in enig jaar 20% van de vaste schuld mag worden vernieuwd. De ODG heeft geen vaste schuld.
Kasgeldlimiet Het kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de Wet FIDO bedraagt de kasgeldlimiet van gemeenschappelijke regelingen 8,2% van het begrotingstotaal. De ODG heeft, gelet op het feit dat zijn “bankiert” bij de provincie Groningen, toestemming gekregen tot overschrijding van de kasgeldlimiet.
3. Vlottende middelen kasgelden tegoeden in rekening courant
€ €
overige uitstaande gelden < 1 jaar
€
3.768.000
€
3 .7 6 8 .0 0 0
totaal netto vlottende schuld (2-3)
€
toegestane kasgeldlimiet (1) ruimte
-
€
6.162.000
€
790.000
€
1.972.000
€ 6 .1 6 2 .0 0 0
€
1 .1 0 2 .0 0 0
€
3 .5 5 7 .0 0 0
3.395.000
€
90.000
€
-196.000
€
122.000
€
1.704.000
€
1.704.000
€
1.704.000
€
1.704.000
€
-1 .6 9 1 .0 0 0
€ 1 .6 1 4 .0 0 0
€
1 .9 0 0 .0 0 0
€
1 .5 8 2 .0 0 0
4. Toets kasgeldlimiet
Stap
Var iabelen Ren ter is ic o ( n o r m )
Jaar T:
Jaar T+ 1:
Jaar T+ 2:
Jaar T+ 3:
(1)
Renteherzieningen
(2)
Aflossingen
( 3)
Ren ter is ic o ( 1+ 2)
0
0
0
0
( 4)
Ren ter is ic o n o r m
4.155.000
3.793.800
3.907.600
4.024.800
(5a)=(4>3)
Ruimte onder renterisiconorm
4.155.000
3.793.800
3.907.600
4.024.800
(5b)=(3>4)
Overschrijding renterisiconorm
Ber eken in g
Ren ter is ic o n o r m
(4a)
Begrotingstotaal jaar T
20.775.000
18.969.000
19.538.000
20.124.000
(4b)
Percentage
20%
20%
20%
20%
Regeling
gemeenschappelijke regeling 3.793.800
3.907.600
4.024.800
(4)=(4ax4b/100) Ren ter is ic o n o r m ( v an alleen jaar T)
4.155.000
Schatkistbankieren De ODG maakt voor het schatkistbankieren gebruik van de provincie Groningen.
12
Jaarstukken 2022
Paragrafen Bedrijfsvoering
Bedrijfsvoering wordt beschouwd als de sturing en beheersing van de beleidsprocessen en de ondersteunende processen. Over de beleidsprocessen en de daaruit voortkomende prestaties en maatschappelijke doelen wordt gerapporteerd in de verschillende beleidsprogramma’s. In deze paragraaf geven wij, conform artikel 14 van het BBV, inzicht in de relevante ontwikkelingen van de ondersteunende processen en bedrijfsmiddelen en de rechtmatigheid. Rechtmatigheid Controleprotocol Met de controleverordening is de controle op het financiële beheer en de inrichting van de financiële organisatie geregeld. Deze controle wordt uitgevoerd door de accountants van Eshuis. De accountant controleert de jaarrekening en moet zich een oordeel vormen over: A. de vraag of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de lasten en baten en de grootte en samenstelling van het vermogen. B. de vraag of de lasten en baten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. Bij de getrouwheidsvraag gaat het om de vraag of de cijfers kloppen. De rechtmatigheidsvraag is complexer. Het gaat hier om de vraag of de interne en externe wet- en regelgeving is nageleefd. Deze interne en externe wet- en regelgeving is opgenomen in het normenkader. Dit normenkader is een bijlage van het Controleprotocol en dient jaarlijks geactualiseerd te worden.
De ODG heeft in 2022 bij het inhuren van extern personeel de aanbestedingsregels zo consequent mogelijk toegepast. In het Besluit accountantscontrole Decentrale Overheden zijn minimumeisen voor de in de controle te hanteren goedkeuringstoleranties voorgeschreven. De goedkeuringstolerantie is het bedrag dat de som van fouten in de jaarrekening of onzekerheden in de controle aangeeft, die in een jaarrekening maximaal mogen voorkomen, zonder dat de bruikbaarheid van de jaarrekening voor de oordeelsvorming door de gebruikers kan worden beïnvloed.
13
Jaarstukken 2022
Voor 2022 zijn de volgende toleranties van toepassing: Fouten: maximaal 1% van de lasten inclusief toevoegingen aan reserves Onzekerheden: maximaal 3% van de lasten inclusief toevoegingen aan reserves
€ 224.000 € 671.000
Onderhoud kapitaalgoederen De ODG heeft geen eigen gebouw. De huur van het gebouw aan de Lloydsweg is verlengd tot en met 31 augustus 2024 met een verlengingsoptie van nog één jaar. Bij het aangaan van de huurovereenkomst in 2013 is het gebouw deels voor rekening van verhuurder en deels voor rekening van de ODG verbouwd. De kosten van de verbouw die voor rekening van de ODG komen, zijn geactiveerd. Momenteel zijn wij in onderhandeling met de verhuurder voor een verlenging van 10 jaar waarbij het streven is om het gebouw duurzamer te maken.
Vennootschapsbelasting voor overheidsondernemingen
Met ingang van 1 januari 2016 zijn overheidsondernemingen belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb-plicht). Dit is geregeld in de wet “Modernisering Vpb-plicht overheidsondernemingen”. De omgevingsdiensten hebben samen met de Belastingdienst de consequenties van de wetsaanpassing besproken. Het resultaat van dit overleg is dat, wanneer een Omgevingsdienst kan aantonen dat de overheidstaken op basis van wetgeving zijn uitgevoerd en dat op alle andere (commerciële) activiteiten geen winst is behaald, een Omgevingsdienst geen Vpb aangifte hoeft te doen. De ODG kan voor 2021 aantonen dat de overheidstaken op basis van wetgeving zijn uitgevoerd en dat op alle overige activiteiten geen winst is behaald. De ODG hoeft daarom geen Vpb aangifte te doen.
Personeel Onderstaande figuur geeft een overzicht van de ontwikkelingen op personeelsgebied in 2022. Deze informatie is hieronder aangevuld met een aantal specifieke onderwerpen.
Stagiaires Er zijn 3 stagiaires geweest in 2022. Prestaties In zogenaamde planningsgesprekken maken leidinggevenden met de medewerkers afspraken over de te leveren jaarlijkse prestaties. Deze bijdragen worden vastgelegd in een planningsgesprek. Onder andere op basis hiervan worden beoordelingsgesprekken gevoerd.
Geschillen De Regionale Geschillencommissie Groningen heeft in 2022 geen geschillen behandeld. Vertrouwenspersoon Aan de tijdsbesteding van de vertrouwenspersonen in 2022 is te zien dat de medewerkers de vertrouwenspersonen goed weten te vinden. In 2022 werd de rol van de vertrouwenspersoon breed ingezet vanwege de vele interne en externe ontwikkelingen.
Opleidingsplan en kwaliteitscriteria In de begroting is 2% van de totale loonsom opgenomen voor opleidingen. De werkelijke opleidingskosten waren echter een stuk hoger. Dit werd voornamelijk veroorzaakt door inzet op het opleiden van junioren en het intern opleiden van medewerkers in verband met de krapte op de arbeidsmarkt. Met het algemeen bestuur zijn afspraken gemaakt over een incidentele verhoging van de bijdrage aan de collectieve taken. Bedrijfsongevallen Er heeft zich in 2022 geen bedrijfsongeval voorgedaan.
14
Jaarstukken 2022
Jaarrekening Overzicht van baten en lasten in 2022 In dit hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van de baten en lasten in 2022. Eerst op totaalniveau en vervolgens uitgesplitst per programma. Totale baten en lasten in 2022
15
Jaarstukken 2022
Jaarrekening
Baten en lasten van het VTH-programma in 2022
16
Jaarstukken 2022
Jaarrekening
Baten en lasten van het Brzo-programma in 2022
17
Jaarstukken 2022
Jaarrekening
Toelichting op de baten en lasten Lasten VTH- en Brzo-taken
De personele en materiële lasten zijn € 165.000 hoger dan begroot. Dit wordt veroorzaakt door hogere personeelskosten, door hoofdzakelijk de inhuur van extern personeel. Omdat het aantrekken van personeel nog steeds lastig is, zijn we genoodzaakt om tegen hogere kosten personeel in te huren om het hoge werkaanbod te kunnen verwerken. Overhead
De personeelskosten overhead en materieel omvatten de uitvoering van projecten en de kosten van de algemene bedrijfsvoering. De werkelijke kosten zijn € 190.000 hoger dan begroot. De hogere personeelslasten worden met name veroorzaakt door vervanging van ziekte in het management en P&O. Het verschil bestaat uit:
18
Jaarstukken 2022
Jaarrekening Projecten Projecten Lasten Projecten Totaal
Begroting 2022 € €
Begroting 2022 na wijziging
379.000 € 379.000 €
787.000 € 787.000 €
Realisatie
V erschil V oordeel/ Nadeel
590.000 € 590.000 €
197.000 197.000
V
V
De reguliere landelijk gefinancierde projecten die waren opgenomen in de oorspronkelijke begroting zijn achtergebleven in de realisatie. In de begrotingswijzing is GSP opgenomen voor € 431.000 en zijn de projecten Brzo met € 23.000 naar beneden bijgesteld, en is er op het GSP project minder uitgegeven doordat personeel later binnen is gestroomd dan begroot. Daarnaast zijn er in 2022 twee SPUK projecten gestart, SPUK IBP VTH en SPUK T&H Energiebesparing, deze projecten zijn in de totale projecten verwerkt. Een specificatie voor de SISA is toegevoegd in de bijlagen. Tegenover de lagere kosten uit projecten staan ook lagere opbrengsten, aangezien de werkelijke voortgang wordt gefactureerd. Meerwerk
Meerwerk
Lasten Meerwerk Totaal
Begroting 2022 € €
Begroting 2022 na wijziging
282.000 € 282.000 €
282.000 € 282.000 €
Realisatie
V erschil V oordeel/ Nadeel
256.000 € 256.000 €
26.000 26.000
V
V
De omvang van de met de bevoegde gezagen overeengekomen meerwerkopdrachten valt lager uit dan begroot. Tegenover de lagere kosten staan echter ook lagere opbrengsten, waardoor de baten en lasten met betrekking tot meerwerk tegen elkaar opwegen. Toelagen
Toelagen
Lasten Toelagen Totaal
Begroting 2022 € €
Begroting 2022 na wijziging
155.000 € 155.000 €
155.000 € 155.000 €
Realisatie
V erschil V oordeel/ Nadeel
156.000 € 156.000 €
-1.000 - 1.000
N
N
Conform de uitgangspunten in het Bedrijfsplan behouden medewerkers die zijn overgedragen van een deelnemer aan de ODG, hun recht op de vergoeding horende bij uitlooprangen en eventuele garantietoelagen. De kosten hiervan komen voor rekening van de betreffende deelnemer, die deze kosten dan al ook (eerder) in hun begroting hebben opgenomen. Tegenover deze kosten staan ook opbrengsten. In 2022 zijn er geen nieuwe medewerkers overgenomen. De kleine afwijking in de lasten, zien we ook terug bij de opbrengsten en wordt veroorzaakt door de loonsom van deze medewerkers. Onvoorzien Onvoorzien
Lasten Onvoorzien Totaal
Begroting 2022
€ €
Begroting 2022 na wijziging
100.000 € 100.000 €
100.000 € 100.000 €
Realisatie
-
V erschil V oordeel/ Nadeel
€ €
100.000 100.000
V
V
De post onvoorzien is ter dekking van onvoorziene uitgaven. Volgens de BBV regels boeken we deze kosten waar ze thuishoren in de boekhouding en niet op de post onvoorzien.
19
Jaarstukken 2022
Jaarrekening Baten
Baten
Bijdrage VTH & Brzo-taken Projecten Meerwerk Toelagen Treasury Overige inkomsten Totale baten
Begroting 2022
Begroting 2022 na wijziging
Realis atie
€ -19.811.000 € -379.000 € -282.000 € -155.000 € € -148.000 € - 20.775.000
€ -20.316.000 € -787.000 € -282.000 € -155.000 € € -148.000 € - 21.688.000
€ -20.607.000 € -590.000 € -256.000 € -156.000 € -1.000 € -271.000 € - 21.881.000
V ers chil V oordeel/ N adeel € € € € € € €
291.000 -197.000 -26.000 1.000 1.000 123.000 193.000
V N N V V V
N
Bijdrage VTH & Brzo-taken De bijdrage VTH & Brzo-taken is per saldo € 291.000 hoger dan begroot. Dit wordt veroorzaakt door de hogere omzet van het Brzo-programma (zie pagina 5 voor meer informatie). Projecten De reguliere landelijk gefinancierde projecten die waren opgenomen in de oorspronkelijke begroting zijn achtergebleven in de realisatie. In de begrotingswijzing is GSP opgenomen voor € 431.000 en zijn de projecten Brzo met € 23.000 naar beneden bijgesteld, de realisatie van GSP is achter gebleven. Daarnaast zijn er in 2022 twee SPUK projecten gestart, SPUK IBP VTH en SPUK T&H Energiebesparing, deze projecten zijn in de totale projecten verwerkt. Een specificatie voor de SISA is toegevoegd onder de bijlagen. De totale de opbrengsten uit projecten zijn lager dan begroot. Hiertegenover staan echter ook lagere kosten. Meerwerk De omvang van de met de bevoegde gezagen overeengekomen meerwerkopdrachten valt lager uit dan begroot. Tegenover de lagere opbrengsten staan echter ook lagere kosten, waardoor de baten en lasten met betrekking tot meerwerk tegen elkaar opwegen. Toelagen Conform de uitgangspunten in het Bedrijfsplan behouden medewerkers die zijn overgedragen van een deelnemer aan de ODG, hun recht op de vergoeding horende bij uitlooprangen en eventuele garantietoelagen.
De kosten hiervan komen voor rekening van de betreffende deelnemer, die deze kosten dan al ook (eerder) in hun begroting hebben opgenomen. Tegenover deze opbrengsten staan ook kosten. In 2022 zijn er geen nieuwe ambtenaren overgenomen. De kleine afwijking in de lasten, zien we ook terug bij de opbrengsten en wordt veroorzaakt door de gestegen loonsom van deze ambtenaren. Treasury Dit betreft de rente opbrengst van de Rekening Courant met de Provincie Groningen en wordt veroorzaakt door de gestegen rente. Overige inkomsten Dit betreft hogere in rekening gebrachte uitleen/detacheringsvergoedingen.
20
Jaarstukken 2022
Jaarrekening Melding wet topinkomens Op 1 januari 2013 is de Wet normering topinkomens (WNT) in werking getreden. De WNT is van toepassing op de ODG. Het voor de ODG toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2022 € 216.000. Dit maximum is van toepassing op de directeur en de plaatsvervangend directeur. Voor de leden van het algemeen en dagelijks bestuur bedraagt het WNT-maximum 10% van het bezoldigingsmaximum (€ 21.600) en voor de voorzitter van het algemeen/dagelijks bestuur 15% (€ 32.400). Voor de bezoldiging van topfunctionarissen geldt naast de maximering een publicatieverplichting in de jaarrekening. Dit geldt eveneens voor bezoldiging van niet-topfunctionarissen, indien zij de maximale bedragen van topfunctionarissen overschrijden. Zowel het Dagelijks Bestuur als het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst Groningen wordt gevormd door leden die deze functie vervullen vanuit de rol van lid van een College van Burgemeesters en Wethouders of Gedeputeerde Staten. Voor alle leden van het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst Groningen geldt dat de omvang van het dienstverband (in FTE) nihil bedraagt. Bestuursleden ontvangen geen vergoeding voor de werkzaamheden verricht voor de Omgevingsdienst Groningen. Daarnaast is geen sprake van belastbare onkostenvergoedingen en/of uitgekeerde beloningen betaalbaar op termijn.
Dit betekent dat de bezoldiging over 2022 voor alle leden van het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst Groningen nihil bedraagt. In 2022 zijn geen bezoldigingen of ontslagvergoedingen betaald boven de WNT-maxima.
21
Jaarstukken 2022
Jaarrekening Jaarrekening Vervolg: Overzicht van topfunctionarissen
22
Jaarstukken 2022
Balans Activa
23
Jaarstukken 2022
Balans Passiva
24
Jaarstukken 2022
Balans
Waarderingsgrondslagen De jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling met inachtneming van het 'Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeente' (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het bestuur de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop zij betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode
25
Jaarstukken 2022
waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegelden verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op een andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties), dient wel een verplichting te worden opgenomen. Grondslagen voor het opstellen van de balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut en overige investeringen met economisch nut Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten). Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Investeringen, zoals hieronder zijn opgenomen, worden met ingang van het jaar nadat de investering is gereed gekomen of
is verworven, op jaarbasis afgeschreven. De afschrijving geschiedt op basis van annuïteit. De volgende afschrijvingstermijnen worden gehanteerd: Actief Technische installaties in gebouwen Veiligheidsvoorzieningen in bedrijfsgebouwen Kantoormeubilair Software, automatiseringsapparatuur en telefooninstallaties Verbouwingen
Afschrijvingstermijn in jaren 15 10 10 3 tot 5 1 tot 10*
*Termijn is afhankelijk van looptijd huurcontract, inclusief optietermijn verlenging
Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Balans Toelichting balans
Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende investeringen met een economisch nut:
Vorderingen op openbare lichamen Vord e ringe n op op e nb a re licha me n Onderliggende aard Deelnemersbijdragen Meerwerk Projecten Toelagen RUDD bijdrage LOS Overig T ota a l
Onderstaand overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met economisch nut weer: Boe kwa a rd e Bedragen Bedrijfsgebouwen Machines, apparaten, installaties Overige materiële vaste activa T ota a l
Inve s- De sinve s-
Afschrij -
Bij d ra ge n
3 1 -1 2 -2 0 2 1
te ringe n
te ringe n
vinge n
197.000 18.000 251.000
18.000 16.000 26.000
-
92.000 6.000 87.000
va n d e rd e n -
4 6 6 .0 0 0
6 0 .0 0 0
-
1 8 5 .0 0 0
-
Afwa a r-
Boe kwa a rd e
d e ringe n
3 1 -1 2 -2 0 2 2
-
123.000 28.000 190.000
-
3 4 1 .0 0 0
Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan één jaar De in balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden:
Jaarstukken 2022
Nog te fa cture re n 164.000
T ota a l 164.000
0
145.000
145.000
52.000 23.000 1.000 43.000
33.000 18.000 73.000 732.000
85.000 41.000 74.000 775.000
2 8 3 .0 0 0
1 .0 0 1 .0 0 0
1 .2 8 4 .0 0 0
Rekening-courantverhouding met niet-financiële instellingen Dit betref de rekening-courantverhouding met de Provincie Groningen.
Vlottende activa
26
De b ite ure n
Overige vorderingen op openbare lichamen Dit betreft onder andere de afrekening Brzo 2022 van € 386.000 bij de 3 provincies en de afrekening GSP bij de Provincie Groningen van € 338.000. Aangevuld met een overige vordering van € 8.000 voor de Arbeidscampagne.
Liquide middelen
De ODG heeft geen eigen bankrekening en houdt geen kas aan.
Balans Het verloop van het eigen vermogen is als volgt:
Overlopende activa
De overlopende activa betreffen: Bedragen Vooruitbetaalde serverskosten Vooruitbetaalde bedragen die ten laste van het huidige begrotingsjaar komen Vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen T ota a l
Ba la nswa a rd e 3 1 -1 2 -2 0 2 1 -
-
-
Ba la nswa a rd e 3 1 -1 2 -2 0 2 2 -
-
-
-
-
274.000 2 7 4 .0 0 0
-274.000 -2 7 4 .0 0 0
620.000 6 2 0 .0 0 0
620.000 6 2 0 .0 0 0
vrij ge va lle n
toe voe ging
In 2022 is € 620.000 aan facturen betaald die ten laste dienen te komen van het huidige begrotingsjaar, dit betreft: • overige vooruitbetaalde kosten ad € 127.000 voor onder andere verzekeringen, opleidingen, abonnementen, automatisering. • De vooruitbetaalde kosten voor het nieuwe zaaksysteem bedragen € 493.000
Boe kwa a rd e
R e sulta a t
re sulta a t
voor
3 1 -1 2 -2 0 2 1
vorig
T oe voe ging
Onttre kking
Voorge ste ld e
Alge me ne re se rve Be ste mmingsre se rve s Reserve Arbeidsvoorwaarden Resultaat voor bestemming 2022
T ota a l
916.000
-274.000
-
-500.000
9 1 6 .0 0 0
-2 7 4 .0 0 0
-
-5 0 0 .0 0 0
-
na muta tie s
Bedragen 142.000
37.000
179.000
1 4 2 .0 0 0
3 7 .0 0 0
1 7 9 .0 0 0 40.000 4 0 .0 0 0
40.000
60.000 6 0 .0 0 0
-
-
-20.000 -2 0 .0 0 0
-
4 0 .0 0 0
-
-274.000
274.000
-
-
37.000
37.000
-37.000
-
-2 7 4 .0 0 0
2 7 4 .0 0 0
-
-
3 7 .0 0 0
3 7 .0 0 0
-3 7 .0 0 0
-
7 0 2 .0 0 0
-
-
-5 2 0 .0 0 0
3 7 .0 0 0
2 1 9 .0 0 0
-
2 1 9 .0 0 0
Doel en besteding van de reserves: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2021 31-12-2020
Reserve
Doel
Besteding
Arbeidsvoorwaarden
Het dekken van kosten die voortkomen uit In 2022 is er € 20.000 het onderzoek naar het verbeteren (meer besteed aan de marktconform) van de arbeidsvoorwaardenbij ouderenregeling. de ODG en duurzame inzetbaarheid. Hiervoor werd medio 2019 een onderzoek gestart, waarna het bestuur eind 2019 een besluit genomen heeft.
60.000
80.000
Voorzieningen In 2021 is de voorziening wachtgeldverplichting volledig vrijgevallen in de exploitatie. In 2022 zijn er geen nieuwe voorzieningen gevormd. Vlottende passiva Onder de vlottende passiva zijn opgenomen:
Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva T ota a l
Jaarstukken 2022
3 1 -1 2 -2 0 2 2 d ota tie voorge ste ld e
b oe kj a a r
Bedragen
27
Boe kwa a rd e Boe kwa a rd e
b e ste mming 3 1 -1 2 -2 0 2 2
b oe kj a a r
Vaste passiva Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten: Boe kwa a rd e Boe kwa a rd e Bedragen 3 1 -1 2 -2 0 2 2 3 1 -1 2 -2 0 2 1 Algemene reserve 142.000 916.000 Bestemmingsreserves 40.000 60.000 Gerealiseerde resultaat 37.000 -274.000 T ota a l 2 1 9 .0 0 0 7 0 2 .0 0 0
Be ste mming
Boe kwa a rd e
Boe kwa a rd e
3 1 -1 2 -2 0 2 2
3 1 -1 2 -2 0 2 1
2.935.000
3.740.000
732.000
152.000
3 .6 6 7 .0 0 0
3 .8 9 2 .0 0 0
Balans Netto-vlottende schulden korter dan één jaar Bedragen
Boe kwa a rd e 3 1 -1 2 -2 0 2 2
Loonheffing & pensioenpremie Crediteuren Reserve verlof uren
1.132.447 533.833 -
Nog te betalen kosten
1.268.719
T ota a l
2 .9 3 5 .0 0 0
Niet in de balans opgenomen verplichtingen De ODG is voor een aantal toekomstige jaren verbonden aan verschillende, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen: a. Huurovereenkomsten b. Operationele leasecontracten c. Overige meerjarige verplichtingen a. Huurovereenkomsten De huurtermijn van het pand te Veendam loopt tot en met augustus 2024, met de optie voor nog een jaar. De waarde van de meerjarige verplichting bedraagt nog € 200.000. Er is een huurovereenkomst getekend voor een verlenging van 10 jaar. b. Leasecontracten Per 1 januari 2020 heeft de ODG een leaseovereenkomst met Van Mossel Lease voor acht bedrijfsauto's. Per voertuig is een specifiek en operationeel contract aangegaan. In verband met leveringsproblemen van de autofabrikanten is de feitelijke omwisseling geleidelijk in het 1e kwartaal 2020 gedaan waarbij voor 1 auto geldt dat die pas in het 3e kwartaal 2020 is omgewisseld. De totale waarde van de meerjarige verplichting bedraagt € 91.000. Voor een overzicht wordt verwezen naar onderstaande tabel.
28
Jaarstukken 2022
Voertuig aantal startdatum aantal maanden leasebedrag Toyota Corolla 1 jan-20 60 € 594,00 Toyota Yaris 3 jan-20 60 € 354,00 Ford Transit 2 jan-20 60 € 439,00 Skoda Fabia 1 jan-20 60 € 436,98 Suzuki Vitara 1 sep-20 60 € 606,53 c. Meerjarige verplichtingen De ODG heeft de ondersteuning van de financiële en personele en salarisadministratie voor de periode van 1 november 2018 t/m 31 december 2023 bij de Provincie Groningen. De waarde van de meerjarige verplichting bedraagt nog € 237.000 De ODG Groningen heeft de inrichting van de infrastructuur en het beheer van de ICTvoorzieningen bij de Provincie Groningen inbesteed. De periode is 1 september 2018 t/m 31 december 2023. De waarde van de meerjarige verplichting bedraagt nog € 542.000. Aan het einde van het boekjaar vindt een afrekening plaats op basis van de werkelijke lasten per jaar.
Datering en opmaak jaarrekening
Veendam, 16 juni 2023
IJ. Rijzebol
N.D.Baars
(voorzitter)
(secretaris)
29
Jaarstukken 2022
Vaststelling Algemeen Bestuur Vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de Omgevingsdienst Groningen in de openbare vergadering van 29 juni 2023.
Veendam, 29 juni 2023 IJ. Rijzebol
N.D.Baars
(voorzitter)
(secretaris)
30
Jaarstukken 2022
Controleverklaring In april vindt de accountantscontrole plaats. Zodra het resultaat hiervan beschikbaar is zal dit worden toegevoegd aan de jaarstukken.
31
Jaarstukken 2022
Bijlagen Bijlage 1: Overzicht van baten en lasten uitgesplitst naar taakvelden Totaal ODG inclusief BRZO Lasten
Begr.2022
Real. 2022
Afw ijking Voordeel/Nadeel
€
52.000 €
52.000 €
39.000 €
13.000
V
0.4 Overhead (inclusief zaaksysteem)
€
5.672.000 €
6.776.000 €
6.574.000 €
202.000
V
0.5 Treasury
€
€
-
N
0.8 Overige baten & lasten
€
403.000 €
403.000 €
156.000 €
247.000
V
7.4 Milieubeheer
€
13.537.000 €
13.546.000 €
13.525.000 €
21.000
V
8.3 Bouw en & Wonen
€
1.431.000 €
1.431.000 €
2.069.000 €
-638.000
N
€
21.095.000 €
22.208.000 €
22.363.000 €
-155.000
N
Begr.2022
2022 na W.
Real. 2022
Afw ijking Voordeel/Nadeel
Totaal Baten
-
€
-
€
-
0.1 Bestuur
€
-52.000 €
-52.000 €
-52.000 €
-
0.4 Overhead (inclusief zaaksysteem)
€
-5.898.000 €
-5.898.000 €
-5.854.000 €
-44.000
N
0.5 Treasury
€
€
-1.000 €
1.000
V
0.8 Overige baten & lasten
€
-403.000 €
-403.000 €
-527.000 €
124.000
V
7.4 Milieubeheer
€
-12.867.000 €
-13.781.000 € -13.834.000 €
53.000
V
8.3 Bouw en & Wonen
€
-1.554.000 €
-1.554.000 €
-1.612.000 €
58.000
V
€
-20.775.000 €
-21.688.000 € -21.880.000 €
192.000
V
2022 na W.
Afw ijking Voordeel/Nadeel
Totaal Saldo van lasten en baten Saldo van lasten en baten
0.10 Ontrekkingen Milieubeheer Saldo reservemutaties
Jaarstukken 2022
€
320.000 € Begr.2022
-
Real. 2022
520.000 € 2022 na W.
483.000 € Real. 2022
37.000
V
Afw ijking Voordeel/Nadeel
€
-320.000 €
-520.000 €
-520.000 €
-
N
€
-320.000 €
-520.000 €
-520.000 €
-
N
Begroot resultaat Begroot resultaat
-
Begr.2022 €
Reserve M utaties
32
2022 na W.
0.1 Bestuur
Begr.2022 €
-
2022 na W. €
-
Real. 2022 €
-37.000 €
Afw ijking Voordeel/Nadeel 37.000
V
Bijlage 2: Deelnemersbijdragen Deelnemersbijdrage
0.1 Bestuur
0.4 Overhead
0.8 Overige baten en lasten
7.4 Milieubeheer
8.3 Bouwen en wonen
Totaal
Eemsdelta
5.303
420.000
10.169
-
-
435.471
Groningen
4.851
368.000
9.303
-
-
382.154
Het Hogeland
3.676
213.000
7.049
-
-
223.724
Midden-Groningen
7.731
975.000
14.826
-
1.191.000
2.188.557
Oldambt
2.310
160.000
4.430
-
-
166.739
Pekela
1.099
112.000
2.107
-
-
115.205
Stadskanaal
3.337
399.000
6.399
-
363.000
771.737
Veendam
2.874
186.000
5.511
-
-
194.385
Westerkwartier
3.961
297.000
7.595
-
-
308.556
Westerwolde
1.894
245.000
3.632
-
-
250.527
Provincie Totaal
15.112 52.148
935.000 4.310.000
28.980 100.000
-
1.554.000
979.092 6.016.148
BRZO-bijdrage Provincie Groningen Provincie Drenthe Provincie Fryslân Totaal
33
Jaarstukken 2022
0.1 Bestuur
0.4 Overhead -
1.012.869 246.771 284.860 1.544.499
0.8 Overige baten en lasten -
7.4 Milieubeheer 2.702.779 658.493 760.131 4.121.404
8.3 Bouwen en wonen -
Totaal 3.715.648 905.264 1.044.991 5.665.903
Bijlage 3: Overzicht van materiële vaste activa
Omschrijving
berekening loopptijd afschrijving
aanschafwaarde vermeerdering vermindering aanschafwaarde 1/1 dienstjaar dienstjaar 31/12
afschrijving 1/1
afschrijving dienstjaar
boekwaarde 1/1
boekwaarde 31/12
kapitaallast
Gebouwen investering gebouw
linear
10 € 42.084,64 €
420.846,42 €
-
€
-
€
420.846,42 €
336.677,13 € 42.084,64 € 84.169,29 € 42.084,65 €
42.084,64
investering inrichting gebouw
linear
10 € 33.460,05 €
334.600,50 €
-
€
-
€
334.600,50 €
267.680,40 € 33.460,05 € 66.920,10 € 33.460,05 €
33.460,05
Systeemwand 2018
linear
5 € 2.478,80 €
12.394,00 €
-
€
-
€
12.394,00 €
7.436,40 €
2.478,80 €
2.478,80 €
2.478,80
Verbouwing toilleten 2018/2019
linear
5 € 8.232,21 €
41.161,03 €
-
€
-
€
41.161,03 €
16.464,42 €
8.232,21 € 24.696,61 € 16.464,41 €
8.232,21
Revisie Klimaat Installatie
linear
5 € 5.482,60 €
27.413,00 €
-
€
-
€
27.413,00 €
10.965,20 €
5.482,60 € 16.447,80 € 10.965,20 €
5.482,60
Tussenwand/schuifdeur/vloer
linear
5 €
-
€
17.830,00 €
-
€
17.830,00 €
-
€ 91.738,30 €
836.414,95 €
17.830,00 €
-
€
854.244,95 €
18.022,00 €
-
-
€
18.022,00 €
-
€
€
15.769,00 €
-
€ €
-
€
€
-
€
4.957,60 €
-
€ 17.830,00 €
639.223,55 € 91.738,30 € 197.191,40 € 123.283,10 €
91.738,30
Machines en apparaten Geluidsmeter 2021
linear
3 € 6.007,33 €
Geluidsmeter 2022
linear
3 €
-
€
-
€
€
15.769,00
€ 6.007,33 €
18.022,00 €
15.769,00 €
-
€
33.791,00 €
-
6.007,33 € 18.022,00 € 12.014,67 € -
€
-
€ 15.769,00 €
6.007,33 -
6.007,33 € 18.022,00 € 27.783,67 €
6.007,33
Overige MVA Werkplekken ca 2014
linear
10 € 3.654,92 €
36.549,18 €
-
€
-
€
36.549,18 €
25.584,43 €
3.654,92 € 10.964,75 €
7.309,83 €
3.654,92
Geluidschermen 2016
linear
10 € 1.451,00 €
14.510,00 €
-
€
-
€
14.510,00 €
7.255,00 €
1.451,00 €
7.255,00 €
5.804,00 €
1.451,00
Belcellen 2022
linear
10 €
-
25.880,00 €
-
€
25.880,00 €
-
-
-
Laptops+ass 2019
linear
3 € 6.486,50 €
19.459,50 €
-
€
-
€
19.459,50 €
12.973,00 €
Ipads & Iphones 2021
linear
3 € 75.509,52 €
226.528,55 €
-
€
-
€
226.528,55 €
ICT gerelateerde investeringen 2022
linear
3 €
-
€
100.000,00 €
-
€
100.000,00 €
297.047,23 €
125.880,00 €
-
€
422.927,23 €
45.812,43 € 87.101,93 € 251.234,80 € 290.012,87 €
87.101,93
€ 1.151.484,18 €
159.479,00 €
-
€ 1.310.963,18 €
685.035,98 € 184.847,57 € 466.448,20 € 441.079,64 €
184.847,57
-
-
€
€
€ 87.101,93 €
34
Jaarstukken 2022
€
€
€
6.486,50 €
€ 25.880,00 €
6.486,50
-
€ 75.509,52 € 226.528,55 € 151.019,03 €
75.509,52
-
€
€
-
-
-
€
-
6.486,50 €
€ 100.000,00 €
-
Bijlage 4: Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen
Ontvanger
E93
Juridische grondslag
Uitkeringscode
IenW
Specifieke uitkering
Verstrekker
SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2022 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 14-2-2023
Regeling specifieke uitkering Interbestuurlijk programma VTH
Indicator Totale besteding (jaar T)
Indicator Cumulatieve besteding (t/m jaar T)
Aard controle R Indicator: E93/01 € 41.273 Naam activiteit
EZK
F21
Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van extra ondersteuning voor toezicht op en handhaving van de energiebesparingsplicht
Aard controle n.v.t. Indicator: E93/02 € 41.273 Besteding (jaar T)
€ 20.213
Jaarstukken 2022
Indicator
Indicator
Aard controle n.v.t. Indicator: E93/03 Nee Cumulatieve besteding (t/m jaar T)
Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Aard controle n.v.t. Indicator: E93/04 Indicator: E93/05 Indicator: E93/06 2 Aanleveren van data voor het IPB (Pijler 1 t/m 6) € 2.266 € 2.266 3 Scholing en opleiding (Pijler 1 t/m 6) € 10.094 € 10.094 8 Landelijke arbeidsmarktcampagne (Pijler 4) € 19.416 € 19.416 15 materiele kosten (max 10% van bedrag genoemd € 9.497 € 9.497 in bijlage 2 SPUK) Besteding (jaar T) Cumulatieve besteding (t/m jaar Wordt voldaan aan het bepaalde Wordt voldaan aan het bepaalde Eindverantwoording (ja/nee) T) in artikel 6, tweede lid van de in artikel 6, zesde lid, van de Regeling (ja/nee) Regeling (ja/nee)