08-03 reactienota 4 mei 2021 zw ontwerp bp Veendammer Poort
Tekst van het document
Bestemmingsplan Veendammer Poort N33 Reactienota zienswijzen ontwerpbestemmingsplan Veendammer Poort N33 4 mei 2021 Het o t erp este i gspla Vee da er Poort N heeft et i ga g a aart gedurende zes weken ter inzage gelegen. In die periode lag ook de ontwerp-omgevingsvergunning ter i zage oor de ou a ee M Do ald’s-restaurant met bijbehorende voorzieningen in verband met de gecoördineerde voorbereiding van plan en vergunning. Tijdens de genoemde periode zijn drie zienswijzen bij de gemeente ingediend en één reactie van een overlegpartner. De zienswijzen zijn hierna kort samengevat en van een gemeentelijke reactie voorzien. Tevens is aangegeven of en in hoeverre zienswijzen worden gehonoreerd en of dit leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan. De zienswijzen zijn waar nodig op basis van de Wet bescherming persoonsgegevens geanonimiseerd. Daar is bepaald dat NAW-gegevens (Naam, Adres en Woonplaats van de indiener van de zienswijze) van natuurlijke personen niet elektronisch beschikbaar mogen worden gesteld. De reacties van de overlegpartners worden aan het eind van deze Reactienota kort besproken. ZIENSWIJZEN 1. Indiener 1 a. geen toegevoegde waarde I de zie s ijze ordt gesteld dat de estigi g a ee waarde heeft voor Veendam.
o diale fastfoodkete
geen toegevoegde
Reactie Gemeente: De meerwaarde van de door M Do ald’s eoogde vestiging zit onder andere in het bieden van gelegenheid voor verkeersdeelnemers tot het nuttigen van dranken en spijzen ter plaatse met daarbij de kans op vervolgbezoek aan het centrum van Veendam. Een vergelijkbare formule is er in de gemeente niet. Hiermee wordt invulling gegeven aan het meerwaarde-criterium uit het geldende horecabeleid. b. concurrentie Indiener van de zienswijze vreest voor grote concurrentie voor bestaande onafhankelijke (fastfood)restaurants (MKB) in de gemeente. Reactie Gemeente: Door Stec is onderzoek gedaan naar de behoefte aan een fastfoodrestaurant en de mogelijke effecten daarvan (mei 2020, bijlage 13 bij de Toelichting). Daaruit blijkt dat er nog ruimte is voor toevoeging in deze sector en dat de effecten op bestaande restaurants in Veendam (zeer) gering zullen zijn. Dit komt onder andere omdat het nieuwe restaurant door de ligging aan een verkeersknooppunt zich mede richt op passa te e o dat ee M Do ald’s-vestiging voor een deel zijn eigen vraag creëert (in plaats van een alternatief te vormen voor bestaande horeca).
c. zwerfafval Indiener stelt dat de vestiging van het restaurant tot een significante toename van zwerfafval zal leiden. Reactie Gemeente: Zoals in de Toelichting op het ontwerpbestemmingsplan al is aangegeven (par. 3.9) neemt M Do ald’s de aa pak e strijd tege z erfaf al heel serieus. Op de lo atie orde oldoe de afvalbakken geplaatst, op de juiste plek, en frequent geleegd. Dagelijks zijn er afvalopruimrondes van de restaurantteams, niet alleen op het eigen terrein, maar in de wijde omgeving. Daarnaast worden er landelijk campagnes gevoerd gericht op de gasten om te stimuleren dat afval in de afvalbakken wordt gedaan. Verder zal aan de omwonenden een telefoonnummer beschikbaar worden gesteld, waar zij bij klachten over zwerfvuil naar kunnen bellen. Medewerkers van McDonald's zullen dan zorgen voor verwijdering van dit zwerfvuil. Als vangnet tot slot wordt met de gemeente een convenant gesloten om zo nodig een aanvullend plan van aanpak overeen te komen, waarbij McDonald's een bijdrage in de kosten daarvan doet. d. werkgelegenheid In de zienswijze wordt betwijfeld of de vestiging van het restaurant per saldo tot meer (echte) werkgelegenheid zal leiden. Reactie Gemeente: M Do ald’s i dt ee eilige, i lusie e e respe t olle erkplek heel ela grijk. Het edrijf iedt medewerkers, ook degenen met afstand tot de arbeidsmarkt de kans op ontwikkeling en opleiding.
M Do ald’s ee t daarnaast sinds 2018 deel aan het Global Initiative on Decent Jobs for Youth, opgezet door de International Labor Organization. Dit initiatief wil uitdagingen op het gebied van jeugdwerkgelegenheid aanpakken. Een en ander leidt in het algemeen tot tevreden werknemers: acht op de tien medewerkers bevelen het bedrijf aan bij vrienden en familie. Zoals onder b al gesteld zal bovendien slechts in geringe mate zijn van verdringing op de markt en dus ook geen of slechts een zeer klein effect op bestaande werkgelegenheid. Conclusie Uit bovenstaande behandeling van de ingebrachte zienswijzen blijkt dat deze geen aanleiding vormen om het bestemmingsplan bij de vaststelling aan te passen noch om de (ontwerp)omgevingsvergunning voor de bouw van een restaurant met bijbehorende voorzieningen aan te passen.
2. Indiener 2 In deze zienswijze wordt gewezen op de overlast van zwerfafval die valt te verwachten van de vestiging van een fastfoodrestaurant. Tevens worden voorstellen gedaan om deze problematiek aan te pakken Reactie Gemeente: Voor de behandeling van dit onderwerp kan verwezen worden naar de gemeentelijke reactie op de zienswijzen van Indiener 1, onder c. Conclusie Uit bovenstaande behandeling van de ingebrachte zienswijze blijkt dat deze geen aanleiding vormt om het bestemmingsplan bij de vaststelling aan te passen noch om de
(ontwerp)omgevingsvergunning voor de bouw van een restaurant met bijbehorende voorzieningen aan te passen. 3. Trip advocaten – mw. mr. IJ. Wind-Middel, namens Stinoil Holding b.v., Demeterlaan 30 Veendam Namens indiener wordt onder verwijzing naar een eerder ingediende zienswijze tijdens de inspraak op het voorontwerp van het bestemmingsplan opgemerkt dat bij de planvorming onvoldoende rekening wordt gehouden met (mogelijke) beperkingen ten gevolge van de aanstaande inwerkingtreding van de Omgevingswet op uitbreidingsmogelijkheden van het bedrijf door de vestiging van het restaurant. Wel wordt erkend dat de huidige activiteiten en mogelijke uitbreiding van het bedrijf onder de huidige regelgeving niet worden beperkt door de komst van het restaurant en dat het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning nog onder de huidige regelgeving zullen worden afgerond. Gevreesd wordt echter dat onder de komende regelgeving de uitbreidingsmogelijkheden kunnen worden belemmerd doordat het restaurant dan binnen het zogenaamde gifwolkaandachtsgebied zou liggen. Reactie Gemeente: Naar aanleiding van de eerdere zienswijze is bijgevoegde nadere onderbouwing van Aviv ontvangen. Hierin is aangegeven hoe het aspect omgevingsveiligheid onder de Omgevingswet vorm zal krijgen, waarbij overigens opgemerkt moet worden dat het op dit moment niet zeker is of deze wet per 1 januari a.s.
in werking zal treden. Onder de Omgevingswet komen er rond risicobronnen drie aandachtsgebieden: explosie-, brand- en gifwolkaandachtsgebieden. Deze liggen schilvormig rond een risicobron: het brandaandachtsgebied is de binnenste schil, het gifwolkaandachtsgebied de buitenste. Omdat binnen de binnenste schillen de gevolgen van een incident het grootst kunnen zijn, kan de gemeente hier door het vaststellen van een voorschriftengebied het treffen van (extra) bouwkundige maatregelen opleggen, bijvoorbeeld om binnen een dergelijk aandachtsgebied een zeer kwetsbaar gebouw (d.w.z. een gebouw waarin minder zelfredzame personen verblijven) te realiseren. Binnen het gifwolkaandachtsgebied kan dat niet. In dit aandachtsgebied is (alleen) een motivering nodig of en onder welke voorwaarden de aanwezigen binnen het gebied voldoende beschermd zijn. Dit is vergelijkbaar met de huidige verantwoording van het groepsrisico. Het gaat dan bijvoorbeeld om goede en duidelijke instructies hoe te handelen in het geval van een calamiteit. Hoewel in aanloop naar de Omgevingswet het beleid ten aanzien van de nieuw geïntroduceerde aandachtsgebieden in samenspraak met de Omgevingsdienst Groningen (ODG) nog vorm dient te krijgen, kan ten aanzien van Stinoil in relatie tot het restaurant wel alvast een inschatting gemaakt worden.
Daarbij is in de eerste plaats van belang dat het restaurant (blijkens opgaven van Stinoil zelf) zich aan de rand van het gifwolkaandachtsgebied bevindt, wat dus sowieso al de buitenste ring is. In de tweede plaats is het restaurant een (beperkt) kwetsbaar object, waar oor risi o’s i pri ipe eerder aanvaardbaar zijn dan in het geval van bijv. woningen (kwetsbare objecten) of ziekenhuizen (zeer kwetsbare objecten). In de derde plaats is van belang dat Stinoil zelf in de eerdere zienswijze heeft aangegeven dat bij de mogelijke uitbreiding van het bedrijf er slechts geringe verruimingen van de berekende aandachtsgebieden zullen optreden ten opzichte van de huidige omvang. En ten vierde zal het restaurant ook nu al over goede vluchtroutes beschikken voor het geval van calamiteiten, in verband met de nabijheid van de transportroute van gevaarlijke stoffen over de N33. Gelet op deze punten tesamen is het hoogst onwaarschijnlijk dat een afweging van het aspect omgevingsveiligheid bij uitbreiding van het bedrijf uitsluitend vanwege de aanwezigheid van het restaurant zodanig anders zou uitpakken dan de huidige verantwoording van het groepsrisico dat die uitbreiding op grond van dat aspect ontoelaatbaar geacht zou moeten worden.
Conclusie Uit bovenstaande behandeling van de ingebrachte zienswijze blijkt dat deze geen aanleiding vormt om het bestemmingsplan bij de vaststelling aan te passen noch om de (ontwerp)omgevingsvergunning voor de bouw van een restaurant met bijbehorende voorzieningen aan te passen.
REACTIE OVERLEGPARTNER De NAM (Nederlandse Aardolie Maatschappij) heeft per mail laten wegen geen opmerkingen op het plan te hebben. Van de overige overlegpartners is geen reactie ontvangen.