CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

08-03 Jaarstukken 2023

Commissie Fysiek 6 mei 2024, gemeente VeendamBij agendapunt: Jaarstukken 2023, actualisatie begroting 2024, concept beleidsbegroting 2025 en Kaderbrief 2025-2028 GR Veiligheidsregio Groningen21.976 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Jaarstukken 2023 Versie 3.0 AB – 28 maart 2024

Inhoudsopgave 1

Inleiding

6

2 Resultaat en resultaatbestemming

7

3 Functioneel leeftijdsontslag

9

4 Programmaverantwoording

10

4.1

4.2 4.3 4.4

Brandweerzorg

10

4.1.1

13

Risicobeheersing

4.1.2 Baten en lasten programma Brandweer

16

Crisisbeheersing

17

4.2.1 Baten en lasten programma Crisisbeheersing

18

Gemeentelijke Kolom Groningen (GKG)

19

4.3.1 Baten en lasten programma GKG

19

Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR)

20

4.4.1 Baten en lasten programma GHOR

20

5 Paragrafen

21

5.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

21

5.2

Onderhoud kapitaalgoederen

25

5.3

Financiering

26

5.4

Bedrijfsvoering

28

5.5

Communicatie

30

5.6

Verbonden partijen

30

6 Balans en overzicht van baten en lasten

32

6.1

Balans

32

6.2

Overzicht van baten en lasten

34

6.3

Waarderingsgrondslagen en resultaatbepaling

35

7 Toelichtingen 7.1

37

Toelichting balans

37

7.1.1

37

Vaste activa

7.2

7.1.2

Vlottende activa

37

7.1.3

Vaste passiva

38

7.1.4

Vlottende passiva

41

7.1.5

Niet in de balans opgenomen verplichtingen

41

Toelichting baten en lasten

42

7.2.1

43

Brandweerzorg

7.2.2 Crisisbeheersing

47

7.2.3 Gemeentelijke kolom Groningen (GKG)

49

7.2.4 Geneeskundige hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR)

50

7.3

Rechtmatigheidsverantwoording

52

7.4

WNT-verantwoording 2023

53

8 Gebeurtenissen na balansdatum

55

9 Bijlagen

57

9.1

Gemeentelijke bijdrage

57

9.2

Rijksbijdrage BDuR en SiSa

59

9.3

Over te hevelen kredieten

60

9.4

Reserves

61

9.5

Risico’s

62

9.6

Geldleningen

66

9.7

Taakvelden

67

9.8

Begrotingsrechtmatigheid

69

3

4

Voorwoord Samen werken aan veiligheid in Groningen, elke dag steeds beter! In 2023 hebben we als Veiligheidsregio Groningen onze missie en visie herijkt en opnieuw beschreven voor een gedeeld beeld met medewerkers, crisisfunctionarissen, bestuurders en inwoners. 2023 was wederom een jaar waarin wij als uitvoeringsorganisatie voor de tien Groningse gemeenten hebben laten zien wat onze toegevoegde waarde is. Na de coronajaren en de daaropvolgende crisis in de asielketen waarin wij Ter Apel en de gemeente Westerwolde hebben bijgestaan, sloten we begin 2023 onze betrokkenheid af met de ondertekening van een bestuursovereenkomst. In deze overeenkomst hebben het Rijk en de tien Groningse gemeenten afspraken gemaakt over de opvang van vluchtelingen en ontheemden uit Oekraïne in 2023 en 2024, inclusief de ondersteuning en financiering. De bestuursovereenkomst is overgedragen aan de gemeenten die de uitvoering ter hand hebben genomen. Maar gedurende het jaar bleven we participeren in deze crisis. Onder andere met betrekking tot de veelbesproken “spreidingswet” die een evenredige verdeling van vluchtelingen over ons land gaat bevorderen. Wij zullen ons vanuit taakopvatting en solidariteit blijven inzetten voor gemeenten met betrekking tot deze problematiek. In 2023 kreeg onze regio te maken met een aantal forse natuurbranden, in Musselkanaal en Ter Apel.

Eens te meer een waarschuwing dat ook in onze regio de gevolgen van klimaatverandering merkbaar zijn. Het was fijn dat we bij de bestrijding van deze forse branden konden rekenen op de hulp van de brandweer uit Drenthe, Overijssel en Duitsland. Midden in de zomer kregen we te maken met de brand op de Fremantle Highway, een vrachtschip met aan boord duizenden (elektrische) auto’s. Het schip lag voor de kust van Schiermonnikoog en is onder begeleiding naar de Eemshaven gesleept. De coördinatie van de hulpverlening en het ruimen van het schip waren belegd bij Veiligheidsregio Groningen. Een nieuwe crisis met een lang verloop die eens te meer het belang onderstreept van het ontwikkelen van een nieuwe visie op Crisisbeheersing. Deze nieuwe visie wordt in 2024 aangeboden aan het bestuur, waarmee zowel Brandweerzorg als Crisisbeheersing duidelijke ambities binnen de financiële kaders hebben. In 2023 ging het bestuur akkoord met een volgende fase op het gebied van huisvesting in de regio en in de stad. De strategische vastgoedportefeuille werd bij elkaar gebracht, zodat nu voor alle gemeenten inzichtelijk is op welke wijze wij de komende jaren uitvoering willen geven aan nieuwbouw, verbouw en renovatie van onze gebouwen. We hebben in 2023 een belangrijke rol vervuld, zowel op inhoud als financieel in de eerste opvang van Oekraïners.

Deze autonome maar ook de niet-autonome ontwikkelingen, laten zien dat het steeds belangrijker wordt om financieel proactief en wendbaar te zijn. Dat sluit aan op de wendbaarheid en ontwikkeling die we als organisatie nastreven en doormaken. Daarnaast hebben we in 2023 nieuwe stappen gezet op het gebied van informatieveiligheid. We bouwen gestaag door aan ons digitale fundament met als ultiem doel dat wij als organisatie elke dag informatiegestuurd en resultaatgericht werken aan de veiligheid in Groningen. Een stevig fundament van IM/ICT is daarvoor onontbeerlijk. Daarbij sluiten wij aan op bestaande ontwikkelingen in NoordNederland en landelijk (hiervoor hebben wij de middelen al ontvangen). Veiligheidsregio Groningen zette verder grote stappen op het gebied van communicatie, zoals een nieuwe website met crisisweblog en bedrijfsfilms ten behoeve van arbeidsmarktcommunicatie. In 2024 gaan we hier uiteraard mee door. Onze financiële positie is helder en transparant. Genoemde thema’s krijgen in 2024 een nadere uitwerking, ook in relatie tot de landelijke opgaves en de versterking vanuit de BDUR. Zoals gezegd werken wij in 2024 samen verder aan veiligheid in Groningen, elke dag steeds beter. Wilma Mansveld Directeur Veiligheidsregio Groningen 5

1

Inleiding

In rust en ruimte leven en werken. Een gezond bestaan opbouwen. Dat wensen wij alle mensen in Groningen toe. Gevaren kunnen we niet wegnemen, maar we kunnen wel grip krijgen op de risico’s en de bestrijding van de gevolgen van incidenten. Daar werkt Veiligheidsregio Groningen dag en nacht aan. Binnen onze veiligheidsregio werken tien gemeenten, brandweer, geneeskundige diensten, politie, Openbaar Ministerie en andere publieke en private (veiligheids-)partners samen aan het beheersen van risico’s, brandweerzorg, hulpverlening en voorbereiding op crises. Dag in dag uit zijn we als netwerkorganisatie in overleg om te anticiperen op risico’s, samen te leren, crises te voorkomen, incidenten te bestrijden en ervoor te zorgen dat onze regio een veilige regio is. Binnen de veiligheidsregio is de brandweer de grootste uitvoerende organisatie. In de jaarstukken, bestaande uit het jaarverslag en de jaarrekening, rapporteren we over onze resultaten aan de hand van de indeling van de beleidsbegroting: vier programma’s met onze (wettelijke) taken, prestaties en wat we hebben gedaan in de genoemde programma’s. Dit is bedoeld om inzicht te geven in de manier waarop wij bijdragen aan de veiligheid in Groningen. Een groot deel van ons werk is heel zichtbaar, bijvoorbeeld wanneer de brandweer een brand blust. Maar achter de schermen gebeurt ook heel veel.

Alle onderdelen van ons werk komen aan bod in dit jaarverslag. Het afgelopen jaar heeft zich financieel gekenmerkt als het jaar waarin de diverse prijs- en loonstijgingen zijn geëffectueerd. De effecten van een eerste eigen CAO zijn zichtbaar geworden, maar ook de harmonisatie landelijk van regelingen zoals de reiskosten hebben effect op het resultaat. Gedurende het jaar is ervoor gekozen om deze prijs- en loonstijgingen grotendeels binnen de eigen begroting op te lossen. Daarnaast is ditzelfde principe ook toegepast voor de aanvullende dotatie in de FLO-voorziening. Deze autonome ontwikkelingen als gevolg van gewijzigde landelijke afspraken in het najaar van 2023 hebben grote impact op het resultaat over 2023. Deze autonome ontwikkelingen en een aantal kleinere niet autonome ontwikkelingen, zoals hogere kosten voor opleidingen van (brandweer)personeel, leiden tot een nadelig resultaat bij de jaarrekening 2023 van € 1.788.000. Het gedeelte van het resultaat zonder de aanvullende FLO-dotatie over 2023 bedraagt € 295.000 nadelig en is 0,5% ten opzichte van de geactualiseerde begroting 2023. Het resultaat is incidenteel; voor 2024 zijn de overschrijdingen structureel gedekt in de begroting. We zien echter dat we ons ten aanzien van het FLO-dossier in de komende periode moeten bezinnen over hoe we daar structureel vorm aan kunnen geven.

Het verder ontwikkelen en inzicht geven in de realisatie op belangrijke onderwerpen, gaan we in 2024 vormgeven door een aantal zaken separaat te rapporteren, in lijn met het door het Rijk voorgeschreven IV-3. Hierbij valt onder andere te denken aan onderwerpen zoals de BON, de meldkamer, overhead, brandweerzorg en crisisbeheersing. In de navolgende hoofdstukken wordt het jaarverslag en de jaarrekening aan u gepresenteerd. In hoofdstuk 2 wordt het resultaat en de resultaatsbestemming nader toegelicht. In hoofdstuk 3 geven we inzicht in de ontwikkeling van de FLO-voorziening. De programmaverantwoording over het gevoerde beleid in 2023 wordt afgelegd in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 worden de op grond van het BBV verplichte paragrafen opgenomen en nader toegelicht. Hoofdstuk 6 en verder behandelen de financiële verantwoording en de daarbij behorende toelichtingen.

6

2

Resultaat en resultaatbestemming

Het nadelige resultaat over 2023 kan als volgt worden samengevat: • Regulier resultaat € 295.000 • Resultaat FLO € 1.493.000

nadelig nadelig

Voorgesteld wordt het resultaat als volgt te bestemmen: • Onttrekking algemene reserve

nadelig

€ 1.788.000

Toelichting Het nadelige resultaat wijkt 2,8% af ten opzichte van de totale begroting. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door een aanvullende dotatie voor de FLO-voorziening van € 1.493.000. Deze dotatie is niet beïnvloedbaar voor ons als veiligheidsregio’s, omdat dit de uitvoering betreft van bestaande afspraken binnen de landelijke regeling. Het nadelige resultaat kan op hoofdlijnen als volgt worden verklaard: Regulier resultaat (excl. FLO) Bedrag Omschrijving

(x € 1.000)

Hogere baten Het voordeel heeft betrekking op de toegekende loon- en prijscompensatie over het jaar 2023. Daarnaast is sprake van diverse overige baten waaronder hogere detacheringsbaten.

1.126 V*

Salariskosten/Flexibele schil De afgelopen jaren is geïnvesteerd in het invullen van vacatures en regulier verloop. Het gerealiseerde voordeel wordt veroorzaakt doordat vacatures later in het jaar zijn ingevuld.

367 V

Vrijwilligersvergoedingen Het nadeel wordt grotendeels veroorzaakt door de nieuw afgesloten CAO (9,3% extra voor vrijwilligers). Daarnaast is sprake van meer inzet dan begroot, waarvoor vrijwilligers een vergoeding ontvangen.

728 N**

Opleidingen De overschrijding van de kosten wordt veroorzaakt door een hogere instroom van beroepskrachten, de extra bijscholing van personeel voor de nieuwe hoogwerkers en de versnelde vervanging van schuim. Bovendien leiden onvoldoende vouchergelden van het NIPV tot hogere kosten. Daarnaast leidt een hogere instroom van dagdienstmedewerkers tot hogere opleidingskosten.

404 N

Overige personele lasten Grotendeels wordt de overschrijding veroorzaakt door de gewijzigde CAO. Dit is met name zichtbaar door hogere reis- en verblijfkosten, vergoedingen inzake woon- werkverkeer en de thuiswerkvergoedingen. Deze componenten hebben tevens invloed op de eindafrekening werkkostenregeling.

310 N

Externe consultancy Op de diverse onderwerpen die hieronder vallen, is meer uitgegeven dan voorgaande jaren. Hierbij valt te denken aan juridische kosten en organisatieadvies.

135 N

Mobiliteit Het budget is overschreden als gevolg van het naar voren halen van de vervanging van het fluorhoudend blusschuim door fluorvrij blusschuim op grond van nieuwe wettelijke eisen. Daarnaast is sprake van meer correctief onderhoud en hogere kosten inzake het reinigen van materieel.

268 N

7

Overige Diverse kleinere afwijkingen leiden tot een nadeel.

107 N

Reservemutaties Het voordeel heeft voornamelijk betrekking op onttrekkingen ter dekking van bovenstaande kosten inzake informatisering/automatisering, project stedelijk gebied en het tweede loopbaanbeleid.

164 V

Totaal

295 N

Noot: Bovenstaand overzicht is gecomprimeerd weergegeven. In de toelichtingen per programma’s zijn de verschillen afzonderlijk en per programma nader toegelicht. * V= voordelig ** N= nadelig

Toelichting FLO-resultaat Het FLO-resultaat bedraagt € 1.493.000 nadelig. Als gevolg van landelijke wijzigingen in de NFST-bijdrage en de 52% eindheffing over de werkgeversbijdrage ‘netto FLO-spaartegoed’ voor 2022 en 2023 vallen de FLO-kosten hoger uit. Daarnaast leidt de doorrekening van de nieuwe CAO in de FLO-voorziening tot een nadeel. Resultaatbestemming 1. Het nadelige resultaat 2023 van € 1.788.000 ten laste te brengen van de algemene reserve.

Ad. 1. Onttrekking algemene reserve Voorgesteld wordt om het nadelige saldo van € 1.788.000 – conform de geldende gedragslijn - ten laste te brengen van de algemene reserve. Na verwerking van de voorgestelde resultaatbestemming heeft de algemene reserve een negatief saldo van € 1.770.000. Rekening houdend met de geraamde mutaties in 2024 ten aanzien van de algemene reserve (per saldo een toevoeging van € 1.857.00) is het saldo naar verwachting eind 2024 € 87.000 positief. We kiezen er daarmee voor om, in afwijking van de financiële hygiëneregels, het negatieve resultaat niet in rekening te brengen bij de deelnemende gemeenten. Dat betekent dat een deel van de CAO-verhoging alsmede de verhoging van de FLO-bijdrage in de begroting van de VRG wordt opgelost.

8

3

Functioneel leeftijdsontslag

Bij het opstellen van de jaarstukken 2019 is een voorziening tegen de netto contante waarde getroffen van € 15,2 mln. voor de toekomstige FLO-kosten tot en met 2045. Hierdoor is destijds een negatieve algemene reserve ontstaan van €12,5 mln. Om dit op te lossen zijn samengevat de volgende afspraken gemaakt ten aanzien van FLO: • In de periode 2020-2024 is de jaarlijkse deelnemersbijdrage met € 2.600.000 verhoogd om de negatieve algemene reserve in 5 jaar op te lossen. • In de periode 2020-2023 bleef de reeds opgenomen bijdrage van € 1.050.000 per jaar in stand ter dekking van de FLO-kosten. • Aan de gemeenten is voorgesteld om de bijdrage voor de periode 2025-2029 op €100.000 te stellen. Onderdeel van de afspraken met de gemeenten is dat de bijdrage FLO jaarlijks wordt nagecalculeerd. • Voor de jaren 2021-2024 wordt rekening gehouden met een indicatieve aanvullende dotatie (circa € 0,7 mln. per jaar). Deze toevoeging is bedoeld om landelijke wijzigingen op te vangen (bv. cao-afspraken) en de waarde van de voorziening op peil te houden (de voorziening is gewaardeerd tegen contante waarde). • De voorziening wordt jaarlijks geactualiseerd bij de jaarrekening door een externe adviseur. De FLO-kosten zijn bij de jaarrekening 2023 opnieuw herrekend door een externe adviseur, die landelijk adviseur is voor alle veiligheidsregio’s. In 2023 is een stijging van de FLO-kosten te zien.

De oorzaak hiervan is dat per 1 januari 2024 de werkgeversbijdrage voor het netto FLO-spaartegoed gewijzigd is. Dit zorgt voor een daling van de kosten op korte termijn en een stijging van de kosten op lange termijn en daarmee ook van de benodigde voorziening. De stand die per einde 2023 benodigd is voor de resterende looptijd, is door deze aanvullende dotatie gestegen. De conclusie is dat de nacalculatie tot een tegenvaller in de FLO-kosten leidt. De verwachting is dat ondanks deze tegenvaller de verwachte eindstand van de algemene reserve positief is eind 2024 en daarmee wordt voldaan aan de gemaakte afspraken. De actualisatie leidt tot onderstaand beeld van de voorziening en de algemene reserve voor de periode 2020-2024:

Omschrijving

Totaal/ Stand

2019

2020

2021

2022

2023

15.195.365

15.195.365

15.502.658

13.629.263

13.161.488

12.531.522

15.195.365

FLO-kosten

-1.757.000

-2.430.162

-1.165.362

-1.321.421

-1.328.391

-8.002.336

Begrote dotatie

2.064.293

556.767

697.587

691.455

703.052

4.713.154

Stand per einde jaar

15.195.365

15.502.658

13.629.263

13.161.488

12.531.522

11.906.183

11.906.183

Algemene reserve

-12.522.774

-12.522.774

-10.282.067

-6.960.834

-2.898.421

-1.769.556

-12.522.774

2.600.000

2.600.000

2.600.000

2.600.000 2.600.000

13.000.000

1.050.000

1.050.000

1.050.000

1.050.000

pm

4.200.000

-58.000

-

-

-41.680

-40.334

-140.014

-2.064.293

-556.767

-697.587

-691.455

-703.052

-4.713.154

Rekeningresultaat

Resultaat FLO 2020

Stand voorziening FLOovergangsrecht

2024

713.000

228.000

1.110.000

-1.788.000

-

263.000

Stand per einde jaar

-12.522.774

-10.282.067

-6.960.834

-2.898.421

-1.769.556

87.058

87.058

87.058

87.058

Aanvulling door gemeenten Jaarlijkse bijdrage FLO WG-lasten (WIA-ZVW-etc.) Begrote dotatie

Naar Algemene reserve

9

4 Programmaverantwoording Het Algemeen Bestuur heeft in het programmaplan van de begroting 2023 de opdrachten en de daarvoor uit te voeren activiteiten vastgesteld. In dit hoofdstuk wordt per programma verantwoording afgelegd.

4.1

Brandweerzorg

Het grootste deel van de uren en middelen van de brandweer wordt ingezet voor de uitvoering van de reguliere taken: ervoor zorgen dat de brandweer vanuit 39 kazernes (2 continu bezet en 37 bezet door vrijwilligers) kan uitrukken bij incidenten met brand, technische hulpverlening, gevaarlijke stoffen en waterongevallen voor het redden van mens en dier. Hiervoor wordt geïnvesteerd in paraatheid, vakbekwaamheid en in aanschaf en onderhoud van het benodigde materiaal en materieel. Naast de basisbrandweerzorg en de organisatie van specialismen wordt een commandovoeringssysteem paraat gehouden voor leiding en coördinatie bij grote incidenten. Tot de reguliere taken behoort ook de instandhouding van 5 jeugdbrandweerploegen. In 2023 is de brandweer 4.185 keer uitgerukt. Bij de volgende incidenten was sprake van grote of bijzondere inzet: • De brand in de piepschuimopslag voor de ring Groningen op 12 februari, met een rookpluim die in de wijde omtrek zichtbaar was. • De brand in het crematorium in Hoogkerk op 17 maart, waarbij de oven vanwege kans op explosie niet geblust kon worden. • De gaslekkage in het winkelcentrum in Hoogezand op 24 april, waarbij grootschalig moest worden geëvacueerd. • De brand op een bitumentanker in Farmsum op 26 mei, waarbij naast het schip leidingen voor gevaarlijke stoffen over de verlaadsteiger liepen.

• Natuurbranden op 16 juni in Musselkanaal (met brandende populierenpluisjes) en op 18 juni in de voormalige vloeivelden in Ter Apel. • De scheepsbrand op het vrachtschip Fremantle Highway op 25 juli, waarbij Brandweer Groningen hulp kreeg van het landelijk specialisme scheepsbrandbestrijding. • De explosie in een beautysalon in Groningen op 13 september, in een reeks van geweldsincidenten in het criminele circuit. Ook in Winschoten en Oude Pekela hebben zich explosies voorgedaan. • De brand in een monumentale rietgedekte boerderij op 7 november in Onderdendam, waarbij de brandweer het voorhuis kon behouden. • De dreiging van een gasexplosie in een appartement in Delfzijl op 8 december door een bewoner met verward gedrag. • De jaarwisseling 2023/2024 met een drukke dag en nacht waarbij vanuit bijna alle brandweerposten moest worden uitgerukt. Naast de gebruikelijke meldingen van vuurwerk en buitenbrandjes was dit jaar sprake van dodelijke ongevallen in Oldehove en Oude Pekela en een zeer grote brand in Stadskanaal. In Bedum werden brandweermensen met vuurwerk belaagd en moest de ME optreden.

Figuur 1 en 2. Aantal uitrukken brandweerposten en aantal uitrukken vanuit de vrije instroomposten van de VRG

10

Figuur 3. Aantal opgeschaalde incidenten.

Visie Brandweerzorg Groningen 2030 De visie op brandweerzorg in 2030, het organisatieplan voor de jaren 2023-2026 en het Regionaal Dekkingsplan zijn voor zienswijze aan de gemeenteraden voorgelegd en in juli 2023 definitief vastgesteld door het Algemeen Bestuur. De visie is uitgewerkt in het Organisatieplan brandweerzorg in 4 programmalijnen: • • • •

Risicogerichte preventieve brandweerzorg Solide organisatie van de repressieve brandweerzorg Brandweerzorg in verbinding met de samenleving Duurzame bedrijfsvoering

Met de vaststelling van het organisatieplan heeft het bestuur de principes voor de organisatie van de brandweerzorg voor de komende jaren vastgelegd en bepaald welke ontwikkelingen verder moeten worden onderzocht. Het dekkingsplan laat de door ons verwachte kwaliteit van de brandweerzorg zien en voorziet in een systematiek waarbij de daadwerkelijke kwaliteit in een jaarlijkse cyclus met het openbaar bestuur wordt besproken. Als gevolg van het in 2023 vastgestelde Regionaal Dekkingsplan wordt de gerealiseerde dekking bij gebouwbranden conform de nieuwe landelijke methodiek van de Gebiedsgerichte Opkomsttijden verantwoord. Daarbij wordt ook gekeken naar de daarin opgenomen aandachtsgebieden. De gerealiseerde dekking op regioniveau wordt hieronder aangegeven, ter vergelijking met het vorige verslagjaar is de dekking in die periode met dezelfde methodiek bepaald. Daarnaast staat ook de gerealiseerde prestatie in het geval een gebouwbrand in een zogenoemd aandachtgebied plaats heeft gevonden.

Figuur 4 en 5. Gerealiseerde dekking en de prestaties bij gebouwbranden in een aandachtsgebied.

De mediane opkomsttijd bij alle spoedeisende incidenten is nagenoeg gelijk gebleven. 11

Figuur 6. Mediane opkomsttijd voor de regio.

Solide organisatie van de repressieve brandweerzorg Brandweer Groningen vormt een basisinfrastructuur voor fysieke veiligheid. Ook in 2023 stonden ruim 850 vakkundige brandweermensen, van wie bijna 90% vrijwilliger, dag en nacht klaar om onze inwoners bij te staan. Deze paraatheid is het belangrijkste product. Bij de beroepsbrandweer zijn zestien nieuwe collega’s (waaronder drie vrouwen) ingestroomd die met een intensief vakbekwaamheidstraject zijn opgeleid tot manschap. Met deze instroom blijft de beroepsbrandweer op sterkte. Om de paraatheid van alle posten ook in de toekomst goed te kunnen organiseren, is afgelopen jaar het programma paraatheid opgestart. Met het programma Vrijwilligheid dat eveneens afgelopen jaar is gestart, wordt ingezet op wat nodig is om brandweervrijwilligheid in de regio zo goed mogelijk in stand te houden.

Figuur 7 en 8. Aantal vrijwilligers en verloop vrijwilligers

Vakbekwaam worden en vakbekwaam blijven vormen een belangrijke basis voor goede brandweerzorg. Voor vakbekwaam worden houden we rekening met een gemiddeld verloop van 7% manschappen en 10% bevelvoerders, waardoor ieder jaar gemiddeld ca. 75 nieuwe manschappen en bevelvoerders worden opgeleid. Daarnaast hebben tussen de 350 en 400 andere reguliere opleidingsactiviteiten plaatsgevonden, van bijvoorbeeld brandweerchauffeurs, bedieners redvoertuig, zwemmers oppervlaktereddingsteam en verkenningseenheden brandweer, tot duikers en leerwerkplekbegeleiders. Bij de dagdienst stond in 2023 een aantal vacatures open bij taken als kennisregie, vakbekwaamheidsregistratie en verbindingen. Met het (deels tijdelijk) aanstellen van twee Arbo-adviseurs is in het najaar gestart om op het gewenste niveau te geraken op het gebied van risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). De dagelijkse operatie en de repressieve organisatie hebben niet onder druk gestaan en inmiddels zijn de meeste vacatures ingevuld.

Risicogerichte preventieve brandweerzorg Alle branden die niet ontstaan, hoeven ook niet te worden geblust. Daarom wordt ingezet op risicogerichte preventie in het voorkomen van incidenten. Keuzes worden daarbij continu risicogericht gemaakt. De voorkant (preventie) van de brandweerzorg is in balans met de achterkant (repressie), bijvoorbeeld door het opstellen van dekkingsplannen waarin risico’s (gebouwen, locaties) nauwkeurig in kaart zijn gebracht.

12

Brandweerzorg in verbinding met de samenleving Onderdeel van brandweerzorg in verbinding met de samenleving is het team Brandveilig Leven. Brandveilig Leven heeft in 2023 ondersteund bij de uitrol van de landelijke en regionale campagnes.

Duurzame bedrijfsvoering In 2022 is de verbouw van de brandweerkazerne in Haren afgerond en in 2023 is de kazerne feestelijk geopend. Hiermee kwam een einde aan een lange zoektocht naar een locatie. Alle voertuigen van de post Haren die over verschillende locaties verspreid stonden, kunnen nu onder één dak worden gestald. Daarnaast moest de dagdienst in het gebied Noord-West het kantoor in het oude gemeentehuis in Bedum verlaten en is nu gehuisvest in een gehuurde kantoorruimte in Winsum. Het materieel van de brandweer is opgenomen in de investeringsplanning van de VRG. Met noodzakelijke vervangingen wordt de basis op orde gehouden en ontstaat uniformiteit. Het onderhoud van materieel en materiaal is in 2023 volgens planning verlopen, maar de aanschaf loopt uit in 2024. Vanwege nieuwe wettelijke milieu-eisen is de vervanging van het fluorhoudend blusschuim door fluorvrij blusschuim naar voren gehaald. Eind dit jaar zijn beide schuimblusvoertuigen overgegaan op fluorvrij blusschuim en zijn honderd bedieners getraind om met het nieuwe schuim te blussen. Voor de operationele informatievoorziening is overgegaan naar een nieuw systeem op tablets waarmee tijdens incidenten nog beter en sneller een beeld gevormd kan worden. Daarnaast is de beheerinrichting ingericht op basis van ‘enkelvoudige opslag, meervoudig gebruik’. Dit is de eerste stap naar informatiegestuurd werken.

In 2023 zijn zeven nieuwe en identieke redvoertuigen (hoogwerkers) uitgeleverd en drie vaartuigen voor de oppervlaktereddingsteams. Ook hebben alle repressieve medewerkers een nieuw uitruktenue ontvangen. Aan het eind van het jaar is begonnen met de uitlevering van het nieuwe operationele uniform met een nieuwe, moderne en herkenbare uitstraling voor de brandweermedewerkers.

4.1.1

Risicobeheersing

Een essentieel onderdeel van het programma brandweerzorg is het adviseren over verschillende onderwerpen zoals brandveiligheid en het houden van toezicht op bouwwerken en evenementen. Het doel is bij te dragen aan een veilige leefomgeving. Er wordt nauw samengewerkt met crisisbeheersing op onder andere het regionaal risicoprofiel, op het gebied van waterveiligheid en de versterking van zelfredzaamheid.

Omgevingsveiligheid Voor omgevingsveiligheid heeft de VRG in 2023 veel geïnvesteerd om vroegtijdig betrokken te worden bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en is de adviespositie van de VRG versterkt. Bij concrete ontwikkelingen in de leefomgeving is geadviseerd over onder andere omgevingsveiligheid, zoals klimaat, externe veiligheid en bluswater en bereikbaarheid. Een voorbeeld hiervan in de ontwikkeling van de Oostpolder. Deze adviezen leiden tot meer bewuste keuzes over veiligheidsrisico’s en maatregelen. In totaal is in 2023 over 167 ruimtelijke plannen advies gegeven over omgevingsveiligheid. De VRG heeft zich in 2023 ook voorbereid op de invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging bouw. Er is grote betrokkenheid bij de relevante processen, overleggen en activiteiten van de Groningse overheden op het gebied van de Omgevingswet en de VRG sluit aan bij de nieuwe werkprocessen vanaf 1 januari 2024. Energietransitie In de regio participeert de VRG als klankbord in energieprojecten van verscheidende stakeholders zoals gemeenten of nutsbedrijven en wordt de VRG vroegtijdig betrokken bij alle maatgevende ontwikkelingen op het gebied van energietransitie. De expertise van de VRG is het afgelopen jaar vergroot door deelname aan Communities of Practice en bijscholing in samenwerking met landelijke kennisinstituten. Daarnaast is aansluiting 13

gezocht bij de ambtelijke werkgroepen van de Regionale Energie Strategie (RES). Hierdoor draagt de VRG bij aan een veilige energietransitie. Een goed voorbeeld is de betrokkenheid bij de ontwikkeling van een waterstofwijk in Wagenborgen. Daar wordt als eerste proefproject in Nederland een bestaande woonwijk omgebouwd naar een waterstofwijk. Klimaatadaptatie De VRG is in 2023 actief betrokken geweest bij het thema klimaatadaptatie, door onder andere deel te nemen aan het kader van het Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie. Zo wordt een vinger aan de pols gehouden als het gaat over initiatieven om de ruimte anders in te richten voor klimaatadaptieve doeleinden. Ook is in 2023 een actieve bijdrage geleverd aan het jaarlijkse Deltacongres, dat plaatsvond in de stad Groningen. Daarbij is een aanzet gedaan om te komen tot handelingsperspectieven voor de inwoners, dit wordt samen met Veiligheidsregio Fryslân opgepakt.

Industriële veiligheid De VRG heeft een wettelijke taak inzake het Besluit Risico’s Zware Ongevallen 2015 (Brzo). Hierbij wordt door inspecteurs getoetst of de meest complexe chemische industrie voldoet aan diverse eisen. In 2023 zijn bij de 51 bedrijven in Brzo-regio Noord dit jaar 44 inspecties uitgevoerd. Ook vond een bedrijfsbrandweerinspectie plaats op het Chemiepark Delfzijl, is aandacht besteed aan de herziening van de bedrijfsbrandweeraanwijzingen en heeft de VRG een bijdrage geleverd aan diverse landelijke projecten. Extra inspanning werd gevraagd door de nieuwe LNG-terminal in de Eemshaven, het faillissement van een Brzo-inrichting en diverse handhavingszaken en beroepsprocedures.

Evenementen Er zijn twee soorten evenementenadvisering: monodisciplinair en multidisciplinair. In 2023 zijn in totaal 326 monodisciplinaire adviezen gegeven en zijn 11 multidisciplinaire adviesprocessen doorlopen. Het werk op evenementengebied kenmerkt zich door een steeds groter aanbod van evenementen. Deze toename is een landelijke trend. Dit brengt de noodzaak met zich mee van het goed volgen van procedures en termijnen van zowel organisatoren, gemeenten als de veiligheidsregio. Tijd en capaciteit is schaars, waardoor het vooruit kunnen kijken en plannen zeer belangrijk is. De samenwerking met partners zoals de politie en andere partijen is daar onderdeel van. Met deze randvoorwaarden kan goed advies worden gegeven, waarin balans gevonden wordt tussen goede veiligheidsmaatregelen en voldoende ruimte om een mooi evenement te organiseren. Hier is het afgelopen jaar stevig op ingezet en heeft zichtbare resultaten opgeleverd, maar hier is ook nog veel te winnen. Om verder te ontwikkelen, is een goede evaluatie na afloop van (grotere) evenementen van belang, hier zijn in het afgelopen jaar de nodige stappen gezet. Daarnaast hebben een goede jaarkalender van alle evenementen en de optimalisatie van de operationele voorbereiding en planvorming bijgedragen aan deze ontwikkeling.

De netwerkdag met gemeenten en hulpdiensten rondom het thema evenementen met diverse workshops werd zeer gewaardeerd en zal jaarlijks worden herhaald. Ook het Groninger Evenementen Overleg is opgezet waarin gemeenten en hulpdiensten 2x per jaar een specifiek thema bespreken en uitdiepen.

Brandveiligheid Om de brandveiligheid bij bouw te vergroten heeft de VRG een adviseringstaak bij vergunningsprocedures en ingebruikname. In 2023 zijn 963 adviezen voor bouwwerken gegeven en 231 adviezen voor ingebruikname. Vanwege de extra instroom van vluchtelingen is op diverse plekken extra opvangcapaciteit gerealiseerd en bij diverse locaties is de VRG betrokken geweest om de brandveiligheid op een adequaat niveau te borgen.

14

Brandveilig leven en toezicht In 2023 is het toezicht op de bestaande bouw geoptimaliseerd en meer risicogericht uitgevoerd. En ondanks ziekte en relatief hoog verloop binnen de formatie (onder andere vertrek van ervaren toezichthouders) leverde dit voor de bestaande bouw het volgende resultaat op: • • •

Er is op 55 evenementen toezicht gehouden. Op verzoek van de gemeenten is bij 48 vergunningaanvragen voor nieuwbouw toezicht gehouden op de brandveiligheid. Deze controles zijn uitgevoerd samen met een bouwinspecteur van de gemeente. Er zijn 51 activiteiten geweest vanuit Brandveilig Leven (BVL), van voorlichting tot campagnes, waaronder de uitrol van de landelijke en regionale campagnes. Daarnaast zijn stappen gezet om te komen tot een programma BVL. Dit programma is risicogericht, datagestuurd en sluit aan bij de thema’s van de toezichthouders.

In 2022 is ruim 72% van de controles volgens het gebouwenrisicoprofiel uitgevoerd en in 2023 is ruim 83% van de risicovolle panden gecontroleerd op brandveiligheid. Risico Analyse Monitor Vanuit het dekkingsplan en de daaruit voortkomende aandachtobjecten is in 2023 de keuze gemaakt om voor een aantal zorginstellingen de RAM (Risico Analyse Monitor)-systematiek toe te passen. De ervaringen met de RAMsystematiek zijn uitgebreid geëvalueerd en er zijn ondertussen een aantal aanbevelingen geformuleerd. Eén hiervan is dat het risicomodel regionaal wordt uitgevoerd door een vast team van ervaren en speciaal opgeleide toezichthouders. Onderzoek Containerwoningen Landelijk is veel aandacht geweest voor de brand in de containerwoningen in Amsterdam. De factoren die geleid hebben tot de brand, zijn in 2023 ook onderzocht bij de containerwoningen in onze provincie. Uit onderzoek blijkt dat deze risico’s niet of nauwelijks aanwezig zijn in onze regio bij dit type woningen. Project Kamergewijze Verhuur In het kader van risicogericht werken is in 2023 een gezamenlijk BVLT-project uitgevoerd voor de kamergewijze verhuur in de gemeente Groningen. Samen met het team Communicatie en deels met de gemeente Groningen is dit project uitgevoerd. Vooraf werden de grootste risico's op brand in studentenpanden bepaald en deze waren leidend in de controles.

Tegelijkertijd is een bewustwordingscampagne gestart voor de verhuurders, studentenverenigingen en studenten. Deze aanpak is succesvol gebleken. Aandachtsgebieden, aandachtsgebouwen Uit de nieuwe systematiek voor het dekkingsplan blijkt dat er gebieden zijn die buiten de normtijden worden bereikt. Dit zijn de zogenaamde aandachtsgebieden. Voor de aandachtsgebieden is in 2023 een uitgebreide analyse gemaakt met daarin de demografische gegevens, ruimtelijke profielen en risicogegevens. Deze analyse is besproken met Brandweerzorg en vakmanschap in de gebieden om in het kader Brandweerzorg 2030 gezamenlijk te werken aan oplossingen. Aandachtsgebouwen komen ook voort uit de systematiek voor het dekkingsplan. Dit zijn gebouwen waarin zorg wordt verleend, hoogbouw of portiekflats. Een aanpak volgt komend jaar. Systeemtoezicht Bij een aantal bijzondere gebouwen is in 2023, in samenwerking met diverse afdelingen/teams binnen de VRG, de gemeente Groningen en de betreffende organisaties, een begin gemaakt met systeemtoezicht. Deze methode van toezicht wordt de komende jaren nog verder verfijnd. De VRG helpt de organisaties om zelf het interne toezicht te versterken zodat ze beter hun primaire verantwoordelijkheid voor brandveiligheid kunnen invullen.

De organisaties waarbij in 2023 gestart is met deze toezichtmethode zijn het UMCG, Martini Ziekenhuis, Rijksuniversiteit Groningen, MartiniPlaza, openbaar onderwijs, Vastgoedbedrijf Gemeente Groningen en het ORKZ. 15

4.1.2 Baten en lasten programma Brandweer (* € 1.000)

Primitieve begroting

Actuele begroting Realisatie

Verschil

Baten

51.439

53.675

54.494

819 V

Lasten

48.411

50.165

54.021

3.856 N

Resultaat voor reserve mutaties

3.028

3.510

473

3.307 N

Reserve mutaties

-3.028

-3.510

-3.380

130 V

-

-

-2.907

-2.907 N

Resultaat na reserve mutaties

Een nadere toelichting op de verschillen is opgenomen in hoofdstuk 7.2 Toelichting baten en lasten.

16

4.2

Crisisbeheersing

De kerntaak van het programma Crisisbeheersing is zorgen voor een professionele multidisciplinaire crisisbeheersing en rampenbestrijding en het voeren van de regie hierop. Risico’s worden geïdentificeerd, gemonitord, gemitigeerd en er vindt gerichte preparatie plaats op geduide risico’s ter ondersteuning van de crisisorganisatie. Dit doet de sector Crisisbeheersing niet alleen, maar als netwerkorganisatie, samen met onze partners en andere relevante organisaties. In 2023 is gewerkt aan de totstandkoming van de visie op crisisbeheersing welke in 2024 voor zienswijze aan de gemeenteraden wordt aangeboden. De visie sluit aan bij de veranderingen in crisisbeheersing die de VRG de afgelopen jaren heeft ervaren, bij 'de Groningse situatie ‘en bij de inzichten uit de evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s. Er is ingezet om informatiegestuurd aan de voorkant van veiligheid te komen en te prepareren op rampen en crises van de toekomst. Hedendaagse en toekomstige crises zijn vaker complex, grensoverschrijdend en niet altijd plaatsgebonden. Daarom is afgelopen jaar gewerkt aan het verbreden van het risicoprofiel, het versterken van de samenwerking tussen regio’s (zo is de operationele en tactische samenwerking op het niveau van '3Noord' geïntensiveerd) met crisispartners en is gestart met het opbouwen van informatiegestuurd werken.

In 2024 volgt het organisatieplan met daarin de concrete vertaling van de ambities uit de visie en wordt het Veiligheid Informatie Knooppunt gerealiseerd.

Continuïteit van de crisisorganisatie Het continueren van de crisisorganisatie heeft het afgelopen jaar veel aandacht gehad, er is veel en divers getraind en geoefend en er wordt gewerkt aan het duurzamer inrichten van de piketorganisatie. Naar aanleiding van de brand aan boord van de Fremantle Highway worden er ook diverse evaluaties uitgevoerd, door de Onderzoeksraad voor Veiligheid, maar ook door de VRG zelf. De uitkomsten hiervan worden onder andere gebruikt voor de leertafels. Verbreden risicoprofiel Het vernieuwde regionale risicoprofiel is tot stand gekomen, deze zal samen met de visie op Crisisbeheersing in 2024 worden voorgelegd aan het bestuur en voor zienswijze naar de gemeenten worden gestuurd. Ook is er een eerste bijeenkomst geweest voor het zorgrisicoprofiel met de zorgpartners Noord-Nederland, waarin de vijf belangrijkste scenario's geprioriteerd zijn. In 2024 wordt hier een vervolg aan gegeven. Inzetten op samenwerking in een breder netwerk Om te komen tot een landelijk beeld wordt er regio-overstijgend gewerkt aan een centraal koppelvlak waarin informatiestromen van vitale ketens naar regio's en andersom samenkomen, genaamd KCR2. Zo ontstaat er overzicht om kwalitatief de ketens in iedere fase (koud, lauw en warm) met elkaar te verbinden.

Er zijn daarbij afspraken gemaakt met ketenpartners (waaronder de politie en de meldkamer) en de samenwerking met 3Noord is bevestigd. De jaarwisseling 2023-2024 was het eerste project om te kijken hoe er landelijk een beeld gegeven kan worden. Binnen 3Noord ligt de focus op de inrichting van een goed proces, zodat dit bij andere projecten ook gebruikt kan worden.

Flexibel en proactief optreden In 2023 is hard gewerkt aan een visie op Crisisbeheersing, waaruit verschillende ambities naar voren komen. Een belangrijk onderdeel hiervan is om aan de voorkant van de veiligheidsketen te komen. Hiervoor is scenariodenken een belangrijke ontwikkeling en is een kernteam gestart op dit onderwerp. Daarin worden risico's gemonitord en beoordeeld of eventuele actie noodzakelijk is. Uiteindelijk is de wens om tot een Veiligheidsinformatieknoopkunt (VIK) te komen waarin continu risico's gemonitord kunnen worden. Zo wordt er geprepareerd voor zowel langdurige als flitsincidenten.

17

Uitvoeren programma aardbevingen gericht op drie pijlers De VRG richt zich op drie pijlers: de fysieke effecten van seismiciteit, de effecten van de gaswinning op gezondheid en sociale veiligheid en de effecten hiervan op maatschappelijke onrust. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de financiering van projecten vanuit het Nationaal Programma Groningen, dat zich voornamelijk richt op Toekomstperspectief. Ook in 2023 nam de VRG deel aan de kopgroep Gaswinning. Daarnaast is in 2023 een start gemaakt met de doorontwikkeling van het lesprogramma en de website ‘Aardbevingenwijzer’ voor de basisschool. Ook heeft TNO in opdracht van de VRG een handboek burgerhulp voor de hulpdiensten ontwikkeld. Dit wordt in 2024 vertaald naar handelingsperspectief voor inwoners op www.ehbj.nl (Eerste Hulp Ben Jij). Het handboek is een basis om dit handelingsperspectief voor inwoners te verduidelijken. Ten slotte heeft het bureau ARQ IVP Veiligheidsregio Groningen geadviseerd over handelingsperspectief op het gebied van psychosociale ondersteuning voor crisisfunctionarissen bij verschillende soorten crises. Deze projecten krijgen in 2024 een vervolg. Vanuit de provincie Groningen is de schriftelijke toezegging ontvangen voor een bedrag van € 650.000 voor een periode van twee jaar, waaruit de VRG de activiteiten financiert.

4.2.1 Baten en lasten programma Crisisbeheersing (* € 1.000)

Primitieve begroting

Actuele begroting Realisatie

Verschil

Baten

1.240

2.754

3.905

1.151 V

Lasten

1.203

2.754

3.129

-375 N

Resultaat voor reserve mutaties

37

-

776

776 V

Reserve mutaties

-37

-

-

-

-

-

776

776 V

Resultaat na reserve mutaties

Een nadere toelichting op de verschillen is opgenomen in hoofdstuk 7.2 Toelichting baten en lasten.

18

4.3

Gemeentelijke Kolom Groningen (GKG)

In opdracht van de Gemeentelijke Kolom Groningen (GKG) wordt voor gemeenten het programma Bevolkingszorg als integraal onderdeel van de sector Crisisbeheersing op regionaal niveau uitgevoerd. Dit gebeurt ter preparatie en uitvoering van adequate, toekomstgerichte en onderling samenhangende bevolkingszorgprocessen in het kader van Rampenbestrijding en Crisisbeheersing. Hier vallen ook de multidisciplinaire processen Crisiscommunicatie en Nafase onder. De uitvoering en coördinatie van het programma gebeurt regionaal, lokaal verbonden, doelmatig en integraal. Multidisciplinaire opgaven Het programma Bevolkingszorg heeft in 2023 bijgedragen aan de realisatie en implementatie van de Uitvoeringsregeling Regionaal Crisisplan en de hoofdprocessen binnen Crisisbeheersing zoals het beheer crisisorganisatie, vakbekwaamheid, netwerkmanagement en informatiemanagement. Ook is bijgedragen aan de crisisprojectorganisatie voor de vluchtelingenproblematiek (opvang Oekraïners en asielzoekers), aardbevingen, maatschappelijke onrust en protest, de realisatie en beheer van het dynamisch veiligheidsbeeld, multiplanvorming (Incident- en Rampbestrijdingsplannen), advisering van bestuur en directie en de verdere integratie van het opleiden, trainen en oefenen binnen de sector Crisisbeheersing.

Monodisciplinaire opgaven Daarnaast is ingezet op het beheer van de regionale crisisorganisatie voor bevolkingszorg. De werving, selectie en het vakbekwaam maken en houden van crisisfunctionarissen blijft een aandachtspunt gelet de toename van de uitstroom van crisisfunctionarissen. Hierdoor is meer geïnvesteerd in werving en selectie en het behouden van mensen. Zo wordt de informatievoorziening richting sleutelfunctionarissen versterkt. Met ingang van 2023 heeft de VRG voor bevolkingszorg een samenwerkingsovereenkomst met het Nederlands Rode Kruis. In 2023 is het Nederlands Rode Kruis ook ingezet. Daarnaast is er vooruitgang geboekt in de doorontwikkeling van crisiscommunicatie. Ook is door het Algemeen Bestuur ingestemd met het advies van het Veiligheidsberaad voor een uniform kwaliteitsniveau voor bevolkingszorg. Dit advies draagt bij aan de doorontwikkeling van bevolkingszorg. Het aantal inzetten in 2023 door met name de Officieren van Dienst Bevolkingszorg is ongeveer gelijk aan het aantal van 2022. Deze groep behartigt bij uitstek de belangen van de gemeente bij incidenten en daarom is er regelmatig contact geweest met andere crisisfunctionarissen, zoals de OvD’s Brandweer.

4.3.1 Baten en lasten programma GKG (* € 1.000)

Primitieve begroting

Actuele begroting Realisatie

Verschil

Baten

1.259

1.324

1.324

-

Lasten

1.259

1.324

1.262

62 V

Resultaat voor reserve mutaties

-

-

62

62 V

Reserve mutaties

-

-

-

-

Resultaat na reserve mutaties

-

-

62

62 V

Een nadere toelichting op de verschillen is opgenomen in hoofdstuk 7.2 Toelichting baten en lasten.

19

4.4

Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR)

De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) coördineert en regisseert de processen acute en publieke gezondheidszorg in voorbereiding op en tijdens (dreigende) rampen en crises. Ook adviseert de GHOR andere overheden en organisaties op het gebied van rampen en crises. De GHOR werkt op de snijvlakken van de drie domeinen openbaar bestuur, gezondheidszorg en veiligheid onder verantwoordelijkheid van de Directeur Publieke Gezondheid (DPG). Het team GHOR is in 2023 zichtbaarder geworden, zowel binnen de sector crisisbeheersing als in de algehele zorgketen. Via diverse projecten en werkgroepen is de Noord-Nederlandse samenwerking tussen de GHORbureaus verstevigd: zowel operationeel, tactisch als strategisch vindt er regelmatig afstemming plaats over gezamenlijke prioriteiten in het zorgnetwerk dat ook Noord-Nederlands is ingericht. Zo zijn de eerste bijeenkomsten voor de uitwerking van het zorgrisicoprofiel geweest en zijn de contracten getekend voor aansluiting op LCMS-Gz ten behoeve van KCR-2 (uitwisseling informatie Rijk-regio). Verder is het convenant voor Grootschalige Geneeskundige Bijstand ondertekend. Netwerkmanagement Naast Noord-Nederlandse samenwerking tussen de GHOR-bureaus is er ook meer samengewerkt in de keten.

Naar aanleiding van het incident met de Fremantle Highway is voor het eerst een zorgketenevaluatie uitgezet met alle betrokken zorgpartners tijdens het incident. Uit de evaluatie zijn concrete verbeterpunten naar voren gekomen voor de verbinding tussen het bureau en de zorgketen. Deze verbeterpunten worden meegenomen in een aantal acties voor 2024. Zowel de warme als de koude GHOR-organisatie hebben in 2023 bijgedragen aan de diverse flexibele opschalingen en langdurige onderwerpen. De asielproblematiek heeft geleid tot een verstevigde samenwerking met nieuwe partners binnen het zorgdomein, zoals het Rode Kruis en Gezondheidszorg Asielzoekers. Er is regelmatig afstemming met alle betrokken zorgpartners rondom dit onderwerp. De GHOR coördineert en zorgt voor de verbinding tussen deze partners. Piketorganisatie Door diverse wisselingen in het team heeft de GHOR (warm en koud) het afgelopen jaar schaarste in capaciteit ervaren. Om wel aan de wettelijke taken te blijven voldoen moesten er creatieve oplossingen gevonden worden om de bezetting in tijden van opschalingen te garanderen. Daarom is in het laatste kwartaal van 2023 een pilot begonnen waarbij de Hoofd Ondersteuning (Geneeskundige Zorg) van hard piket naar kanspiket is gezet. Uit de diverse poules van crisisfunctionarissen zijn collega’s bereid om naast hun harde piket ook op zacht piket mee te draaien voor de HON-functie.

In de tussentijd zijn er nieuwe crisisfunctionarissen geworven die in de loop van 2024 kunnen worden ingezet. De pilot zal in de loop van 2024 worden geëvalueerd met alle betrokken crisisfunctionarissen.

4.4.1 Baten en lasten programma GHOR (* € 1.000)

Primitieve begroting

Actuele begroting Realisatie

Verschil

Baten

1.792

1.831

1.921

90 V

Lasten

1.792

1.831

1.640

191 V

Resultaat voor reserve mutaties

-

-

281

281 V

Reserve mutaties

-

-

-

Resultaat na reserve mutaties

-

-

281

281 V

Een nadere toelichting op de verschillen is opgenomen in hoofdstuk 7.2 Toelichting baten en lasten. 20

5

Paragrafen

5.1

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De beoordeling van de robuustheid van het weerstandsvermogen bestaat uit de volgende componenten: • Het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s. • Een inventarisatie van de beschikbare weerstandscapaciteit: bestaande uit de middelen en mogelijkheden waarover de gemeenschappelijke regeling beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. • Een inventarisatie van de benodigde weerstandscapaciteit. De in de beleidsnota risicomanagement en weerstandsvermogen voor de periode 2023-2026 opgenomen kaders, worden gebruikt om de risico’s in te schatten en om het weerstandsvermogen te bepalen. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in het volgende verhoudingsgetal: Ratio weerstandvermogen =

beschikbare weerstandcapaciteit (vrij beschikbare reserves) benodigde weerstandcapaciteit (uitkomst risicoanalyse)

Gemeenten verwachten dat de VRG risicobewust handelt en de gevolgen van financiële calamiteiten zoveel mogelijk zelf opvangt. Een ratio tussen 1,0 en 1,4 wordt als voldoende beoordeeld, hier werken we in de komende periode naar toe. Zoals bekend heeft de VRG bij de jaarrekening 2019 een voorziening moeten treffen van ruim €15 miljoen inzake de kosten van de Regeling FLO-overgangsrecht. Dit had een grote impact op de algemene reserve van de VRG, die daardoor €12,5 miljoen negatief werd. Op grond van de gemeenschappelijke regeling vangen de deelnemende gemeenten eventuele tekorten op in de gemeenschappelijke regeling. Na overleg met de gemeenten en de toezichthouder Provincie Groningen is een herstelplan voor het negatief eigen vermogen overeengekomen. Op 2 oktober 2020 heeft het dagelijks bestuur ingestemd met het 5-jaars scenario. Binnen de termijn van deze MJB (2021-2024) inclusief het jaar 2020 zal door een jaarlijkse extra gemeentelijke bijdragen het negatief eigen vermogen aangezuiverd worden zodat een positief saldo van de algemene reserve ontstaat in 2024.

31-12-2022

Resultaatbestemming 2022

1-1-2023

Mutatie 2023

31-12-2023

Beschikbare weerstandscapaciteit

-4.009

1.110

-2.899

2.917

18

-

Materieel VRG

1.911

-

1.911

-100

1.811

-

Huisvesting

328

-

328

-111

217

-

Egalisatiereserve kapitaallasten

1.674

-

1.674

795

2.469

-

Tweede loopbaanbeleid

356

-

356

-55

301

-

ICT

370

-

370

-65

305

-

Totaal

630

1.110

1.740

3.381

5.121

Algemene reserve VRG Bestemmingsreserve

21

De algemene reserve van de VRG wordt tot de beschikbare weerstandscapaciteit gerekend. Door de getroffen voorziening bij de jaarrekening 2019 is de algemene reserve ultimo 2023 minimaal en onvoldoende om tegenvallers op te vangen. Niet tot de beschikbare weerstandscapaciteit worden de bestemmings- en egalisatiereserves gerekend: • Materieel VRG: deze reserve is bestemd om de kapitaallasten op toekomstige investeringen in activa die eenmalig door het Rijk zijn geschonken te dekken. In 2021 is geïnvesteerd in vier grootwatersystemen. De reserve wordt ingezet om de jaarlijkse kapitaallasten te dekken met ingang van 2022. • Huisvesting: de reserve is bestemd om fluctuaties in de vastgoedopgave op te kunnen opvangen. • Kapitaallasten: deze reserve is bestemd om vrijvallende kapitaallasten te reserveren en om schommelingen in werkelijke kapitaallasten op te vangen. • Tweede loopbaanbeleid: de reserve is bestemd voor kosten voor opleiding en ontwikkeling en loopbaaninstrumenten inzake het tweede loopbaanbeleid. • ICT: deze reserve is bestemd voor projecten met een informatievoorzieningscomponent.

Benodigde weerstandscapaciteit De risico’s voor uitvoering van de veiligheidsregiotaken worden conform vastgesteld beleid gemonitord in het kader van de P&C-cyclus. Zoals in de kaderbrief benoemd zal met name de herhuisvesting van de kazerne aan de Sontweg in Groningen en het huisvestingsplan voor de rest van de regio in de toekomst tot een forse financiële opgave leiden. Niet alle risico’s zijn op dit moment te kwantificeren. Deze risico’s zijn als PM-post opgenomen en worden zodra dit mogelijk is, nader uitgewerkt en gekwantificeerd. Hierbij is onderscheid gemaakt in incidentele en structurele risico’s, waarbij structurele risico’s voor twee jaar worden voorzien. Onderstaand overzicht geeft een beeld van de risico’s, die de VRG onderkent, met mogelijke financiële consequenties: Risico

Actueel vanaf

Impact*

Kans

I/S Risicobedrag

Paraatheid vrijwilligers

2019

600.000

30%

S

180.000

Programma aardbevingen

2024

550.000

10%

S

55.000

Achterstallig onderhoud

2023

500.000

50%

I

250.000

Opleidingen als gevolg van tweede loopbaanbeleid

2026

500.000

70%

I

350.000

Omgevingswet

2023

100.000

50%

S

50.000

FLO

2023

2.000.000

50%

I

1.000.000

Hardheidsclausule na dienstongevallen

2024

450.000

10%

I

45.000

Totaal

1.930.000

Risicobedrag (*0,9)

1.737.000

*I/S; Structureel bedrag wordt voor 2 jaar voorzien

22

De onderstaande risico’s zijn op dit moment nog niet goed te kwantificeren. Deze risico’s zijn daarom als p.m. opgenomen: Risico

Actueel vanaf

Bedrag

Klasse

I/S*

Risicobedrag

Wet op de Veiligheidsregio's

2019

PM

50%

S

PM

Taakdifferentiatie/WNRA

2019

PM

70%

S

PM

Asiel- en vluchtelingencrisis

2021

PM

30%

I

PM

BON

2021

PM

70%

S

PM

Cyber- en informatiebeveiliging

2021

PM

50%

S

PM

Cybercriminaliteit

2022

PM

50%

S

PM

Brandkranen

2024

PM

50%

I

PM

Beoordeling weerstandsvermogen De VRG voert tweemaal per jaar een inventarisatie uit naar alle strategische risico’s. Het risicobedrag wordt bepaald aan de hand van: • de geschatte financiële omvang van het risico; • de waarschijnlijkheid dat het risico zich daadwerkelijk voordoet; • het effect van bijsturingsmaatregelen. Structurele risico’s worden voor twee jaar voorzien. Binnen deze twee jaar moet door middel van bijsturing en/of aanpassing van het beleid het risico geminimaliseerd dan wel opgevangen worden binnen de begroting. Omdat de kans klein is dat alle risico’s zich gelijktijdig voordoen, corrigeren we het totale risicobedrag met een waarschijnlijkheidsfactor van 90%. Bovenstaand overzicht laat zien dat de benodigde weerstandscapaciteit ruim € 1,7 miljoen bedraagt. Op dit moment is er geen tot nihil weerstandsvermogen beschikbaar, wat betekent dat indien deze risico’s zich voordoen, de VRG zich moet beroepen op de deelnemende gemeenten. In de nota risicomanagement en weerstandsvermogen is het uitgangspunt gehanteerd dat de VRG zelf weerstandscapaciteit opbouwt om potentiële financiële calamiteiten op te kunnen vangen. Hierbij wordt uitgegaan van een ratio tussen de 1,0 en 1,4 (verhouding beschikbaar en benodigd weerstandsvermogen). Hier kan de komende jaren niet aan worden voldaan.

Financiële kengetallen Realisatie 2023

Begroting 2023

Rekening 2022

Netto schuldquote

32,5%

57,3%

30,7%

46,9%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

32,5%

57,3%

30,7%

46,9%

Solvabiliteitsratio

14,2%

6,6%

1,9%

0,0%

Structurele exploitatieruimte

0,4%

1,0%

0,6%

-0,1%

Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Belastingcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Kengetallen

Begroting 2022

23

Netto schuldquote Netto schuldquote: het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen • 0% t/m 100%: normaal • 100%: weinig leencapaciteit • 130%: zeer hoge schuld De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De VRG scoort normaal. Dit betekent dat de VRG ruim voldoende mogelijkheden heeft tot het opnemen van langlopende geldleningen. De netto schuldquote is ten opzichte van vorig jaar gestegen, hetgeen voornamelijk wordt veroorzaakt door een toename van de netto vlottende schulden (zie ook toelichting balans 7.1.4).

Solvabiliteitsratio Solvabiliteitsratio: het eigen vermogen als percentage van het vreemd vermogen. Hoe hoger de ratio, hoe groter de weerbaarheid. Een normaal solvabiliteitsratio is tussen de 20% en 70%. De ratio is ten opzichte van 2022 gestegen, dat wordt voornamelijk veroorzaakt door een stijging van het eigen vermogen.

Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan welke structurele ruimte de VRG heeft om de eigen lasten te dragen. Daarmee wordt de weerbaarheid van de VRG aangegeven. Een positief percentage geeft een overschot aan en een negatief percentage een tekort. Het verschil ten opzichte van vorig jaar is minimaal.

24

5.2

Onderhoud kapitaalgoederen

Vastgoed De VRG werkt vanuit meerdere locaties die overwegend in eigen bezit zijn en voor een aantal locaties is een huurovereenkomst afgesloten. Daarmee draagt de VRG zorg voor het onderhoud en beheer van 39 gebouwen, waarvan 28 in eigendom. De boekwaarde van de gebouwen in eigendom bedraagt tezamen ultimo 2023 € 11.979.000. Voor de gebouwen in eigendom is het gewenste kwaliteitsniveau gesteld op niveau drie (redelijk) volgens NEN 2767. Om deze kwaliteit te waarborgen zijn voor de eigendomslocaties meerjarige onderhoudsplanningen opgesteld. De planningen worden periodiek tegen het licht gehouden en zo nodig op onderdelen herijkt. Bij de huurlocaties wordt gestreefd naar een vergelijkbaar kwaliteitsniveau. Aangezien de kosten van groot onderhoud fluctueren is ervoor gekozen deze te egaliseren met behulp van de in 2017 gevormde voorziening groot onderhoud. In juli 2023 is het Strategisch Huisvestingsplan (SHP) bestuurlijk vastgesteld. Vooruitlopend daarop is een uitvoeringsplanning opgesteld en zijn diverse hieruit voortvloeiende werkzaamheden opgepakt. Dit betreft vooroverleg over verwerving van bouwkavels voor de kazernes Delfzijl, Harkstede (Meerstad), Ten Boer en Ter Apel. In 2023 is een begin gemaakt met het opstellen van een voorlopige koopovereenkomst voor de bouwlocatie in Ten Boer.

De bouw van de kazerne zal naar verwachting begin 2025 starten en zal daarmee de eerste nieuw te bouwen kazerne uit het SHP zijn. Binnen het SHP is als een van de uitgangspunten gekozen om kazernes te gaan standaardiseren op basis van opgestelde functionele eisen, die zowel ambtelijk als bestuurlijk zijn vastgesteld. De noodzakelijke Europese aanbestedingsprocedure voor de architectendiensten voor de nieuwbouw van zeven kazernes in de komende tien jaar is in 2023 opgestart en zal begin 2024 worden afgerond. Net als in 2022 was in 2023 duidelijk merkbaar dat aannemers en onderaannemers regelmatig met personeelstekorten te maken hebben. Het gevolg was dat onderhoudswerkzaamheden regelmatig vertraging opliepen en incidenteel uitgesteld moesten worden naar 2024.

Materieel De VRG beschikt over een groot arsenaal aan materieel en materiaal. Ruwweg is dit op te delen in materieel dat voor operationele taken wordt ingezet (zoals tankautospuiten, redvoertuigen, vaartuigen, containers, piketvoertuigen, etc.), en algemene dienstvoertuigen. Om de materiële paraatheid te borgen is het merendeel van het onderhoud en keuringen uitbesteed aan derden middels onderhoudscontracten. Daarnaast voert de VRG ook zelf regulier onderhoud uit. Het bijbehorende onderhoudsbudget voor 2023 en werkelijke uitgaven worden in onderstaande tabel weergegeven: Onderhoud materieel

Begroting 2023 € 1.116.000

Werkelijk 2023 € 1.417.000

Saldo -/- € 301.000

In 2023 is het budget overschreden doordat de vervanging van het fluorhoudend blusschuim door fluorvrij blusschuim naar voren is gehaald. Dit gebeurde op grond van nieuwe wettelijke eisen. Ook heeft er meer correctief onderhoud plaatsgevonden. In 2023 is het volgende gerealiseerd en opgestart: • Ingebruikname van 7 redvoertuigen; 3 brandweervaartuigen; 100 4- gasmeters; 2 personeel/materieelvoertuigen en een haakarmvoertuig. • Uitrol van operationele informatie voor alle brandweervoertuigen en piketfunctionarissen. • Aanbesteding van de nieuwe serie (29 stuks) tankautospuiten en 2 schuimblusvoertuigen is opgestart. 25

5.3

Financiering

Het financieringsbeleid is erop gericht dat de VRG in beginsel haar investeringen financiert uit eigen middelen. Indien de middelen ontoereikend zijn, worden de financieringsrisico’s eerst zoveel mogelijk afgedekt door kortlopende financiering/ kasgeldleningen (tot de kasgeldlimiet) omdat de meerjareninvesteringsbegroting qua bedragen en timing met onzekerheden gepaard gaat. Indien blijkt dat de financieringsbehoefte structureel van aard is, wordt deze afgedekt met langer lopende vastrentende leningen. Het type, de omvang en looptijd van deze leningen zijn afgestemd op de spreiding in de leningportefeuille van de VRG. De aflossing is gepland binnen de kaders voor de renterisiconorm en de kasgeldlimiet, zoals vastgelegd in de Wet financiering decentrale overheden. Het beleid is defensief en risicomijdend en erop gericht om de financieringsrisico's zo goed als mogelijk te beheersen. Bij de financiering worden geen zekerheden verstrekt en geen afgeleide financiële instrumenten ingezet. Eind 2023 staan er elf leningen in de boeken voor een totaalbedrag van € 11,3 miljoen.

Liquiditeitspositie Met de huisbankier, Bank Nederlandse Gemeenten (hierna: BNG), is een krediet- en depotarrangement vastgelegd van € 3,3 miljoen voor de kortlopende negatieve saldi in rekening-courant. In 2023 zijn geen kasgeldof langlopende leningen aangetrokken.

Schatkistbankieren De ‘Wet verplicht schatkistbankieren’ verplicht overheden om overtollige liquide middelen aan te houden in de schatkist. Hiervoor geldt een drempelbedrag va n 2% van het begrotingstotaal met een minimum van € 1 miljoen. Voor de VRG is het drempelbedrag voor 2023 berekend op € 1.053.300. De naleving van de regeling is opgenomen in de toelichting op kortlopende vorderingen van de balans.

Kasgeldlimiet Berekening kasgeldlimiet Kasgeldlimiet moet berekend worden bij de aanvang van elk kalenderjaar en bij wijziging van elk percentage Begrotingstotaal 2023

€

Het bij ministeriele regeling vastgestelde percentage

8,2%

Kasgeldlimiet

€

52.665.000

4.318.530

In het overzicht op de volgende bladzijde is de werkelijke omvang van de kasgeldlimiet getoetst aan de norm overeenkomstig de Wet FIDO.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14083768/1