CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

08-02 Uitvoeringsplan Pilot verbetering Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte 2025-2027 (14-02-2025)

Gemeenteraad 31 maart 2025, gemeente VeendamBij agendapunt: Pilot Verbetering Beheer in Onderhoud Openbare Ruimte 2025-20273.529 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Pilot: verbetering Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte

Onkruidbestrijding op verharding & Onderhoud watergangen

UITVOERINGSPLAN planperiode 2025 t/m 2027

december 2024

1

Inhoudsopgave 1. Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Afbakening

3 3 3

2. Onkruidbestrijding op verharding A) Vegen en borstelen B) Onkruidbestrijding C) Inzet van heet water

4 4 4 5

2.1 Bestrijdingsmethodiek 2.1.1 Heet water 2.1.2 Borstelen / vegen 2.1.3 Omvorming 2.1.4 Databeheer 2.1.5 Planning en controle 2.1.6 Communicatie

6 6 6 7 7 7 7

2.2 Personele inzet 2.2.1 Formatie 2.2.2 Inzet mensen met afstand tot arbeidsmarkt

8 8 8

2.3 Financiën onkruidbeheersing 2.3.1 Wat hebben we nodig

9 9

3. Onderhoud watergangen 3.1 Waterkwaliteit 3.1.1 Functies water en beoogde beeldkwaliteit

10 10 10

3.2 Waterknelpunten

10

3.3 Aanpak woekerende soorten (invasieve exoten) 3.3.1. Planning 3.3.2. Data

11 12 12

3.4 Financiën beheer onderhoud water

13

2

1. Inleiding 1.1 Aanleiding De gemeente Veendam gebruikt voor het bestrijden van onkruid op verharding vanaf maart 2016 het middel glyfosaat niet meer en is overgestapt naar: het branden van onkruid, het borstelen uit de verharding en het vervolgens opvegen (verzamelen en afvoeren). Raadsvragen Bij de behandeling van het Groen-/Waterbeleidsplan - is gesproken over de afstemming tussen het onderhouds-niveau en de beeldkwaliteit in de openbare ruimte. In juni 2024 heeft de Raad vragen gesteld welke extra middelen er nodig zijn om het beheer en onderhoud van de openbare ruimte een kwaliteitsimpuls te geven. De deeltaken “onkruidbestrijding” en de “bestrijding van de invasieve exoten” behoeven een impuls. Door middel van een amendement heeft de Raad op 8 juli jl. voor de jaren 2025, 2026 en 2027 €1.200.000,= geoormerkt toegevoegd aan de Algemene Bestemmingsreserve voor een Pilot Verbetering Beheer en Onderhoud Openbare Ruimte, waarin extra inspanningen worden verricht op het gebied van beheer en onderhoud van de openbare ruimte en infrastructuur, en dan met name voor de onkruidbestrijding op verhardingen en het schoonhouden van de watergangen. Op 2 december 2024 is de Raad geinformeerd over hoe de doelstellingen willen realiseren op het gebied van onkruidbestrijding op verhardingen en het bestrijden van invasieve exoten in onze watergangen.

Hiervoor is een uitvoeringsplan opgesteld voor de komende drie jaren, waarin wordt aangegeven hoe en met welke middelen de doelstellingen kunnen worden bereikt.

1.2 Afbakening In het Groen-/Waterbeleidsplan 2021 is gekozen voor het onderhoud van het Centrum en de Begraafplaatsen op beheerniveau A, de buurten, bedrijventerreinen, sportcomplexen en hoofdontsluitingswegen op beheerniveau B en het buitengebied op beheerniveau C. Er wordt met ingang van 2025 afgestapt van beeldkwaliteit en er wordt ingezet op frequentie gestuurd werken.

Voorliggend plan is tot stand gekomen door ervaringen vanuit het beheer, de daadwerkelijke uitvoering (onkruidbestrijding in de afgelopen drie jaren) en een analyse van ontwikkelingen op het gebied van beheer van de openbare ruimte, naast wet- en regelgeving.

3

2. Onkruidbestrijding op verharding De scope van voorliggend uitvoeringsplan ‘onkruidbeheersing’ bestaat uit drie delen: A) Vegen en borstelen Het vegen omvat het vegen van alle straten met waterafvoerende (mol)goten, straat- en trottoirkolken. Het vegen vindt het gehele jaar (12 maanden) door plaats. Tijdens het vegen wordt één werkbreedte van een veegmachine uitgevoerd (breedte ca. 2,20 meter). Voorafgaand aan het vegen worden de straten geborsteld (ook 12 maanden lang). Na het borstelen wordt de goot of kantlaag langs de weg geveegd. Het doel hierbij is het opvegen van veegvuil (m.n. zand en zaadval) ten behoeve van de afwatering en ter voorkoming van zand in het riool. Bijkomend voordeel is dat hierdoor de voedingsbodem voor eventuele onkruiden wordt weggenomen. Op basis van ervaring en landelijk onderzoek is gebleken dat wanneer een veegfrequentie van 9 tot 12 beurten per jaar wordt aangehouden, de kwaliteitsbeleving als hoog wordt ervaren. Een hoge kwaliteitsbeleving ontstaat als het zwerfafval regelmatig wordt opgeveegd en er minder onkruid aanwezig is door het ontbreken van de voedingsbodem. Het vegen op pleinen / winkelstraten en dergelijke, na afloop van evenementen en/of de weekmarkt, is onderdeel van ‘reiniging openbare ruimte’ en valt onder het verwijderen van (zwerf)afval. Het is geen onderdeel van de ‘onkruidbestrijding’.

Het jaarlijks – in het najaar – snijden van graskanten langs de gazons valt niet onder onkruidbestrijding.

B) Onkruidbestrijding op verharding Hier gaat het over het bestrijden van ongewenste begroeiing op element- en halfverharding en de goten langs wegen. Het is gericht op het zoveel mogelijk bestrijden van ongewenste kruiden. Onkruid op verharding is veelal afkomstig van zaad, welke zich verspreidt door de lucht. Dit feit maakt dat vegen een belangrijk onderdeel is van onkruidbeheersing op verharding. De term onkruidbeheersing op verharding dekt daarmee dan ook de lading van het voorkomen én het bestrijden van onkruid. Het proces van onkruidbeheersing vindt het gehele jaar door plaats, zij het dat de diverse taken in bepaalde periodes plaatsvinden. Het branden / toepassen van heet water heeft bijvoorbeeld nauwelijks tot geen effect in de wintermaanden.

4

De omvang van het areaal is dusdanig dat er twee veegwagens per week moeten worden ingezet om de ca. 550 km aan goten en de 7.500 are aan verharding te borstelen en te vegen.

C) Inzet van heet water Het gebruik van heet water (ca. 70-80 graden Celcius) om onkruid te verwijderen is een milieuvriendelijke en chemisch-vrije methode. Het is een natuurlijke manier om ongewenste planten te doden zonder schade toe te brengen aan andere planten of het milieu. Heet water heeft geen negatieve invloed op de bodemkwaliteit. Bovendien is het gebruik van heet water een kosteneffectieve methode op de langere termijn, omdat er geen behoefte is aan de aanschaf van dure bestrijdingsmiddelen.

Heet water kan onkruid effectief doden door de celstructuur van de plant te vernietigen. Wanneer heet water op de bladeren en stengels van een plant wordt aangebracht, worden de cellen blootgesteld aan extreme hitte, waardoor ze barsten en afsterven. Dit proces zorgt ervoor dat het onkruid geen voedingsstoffen meer kan opnemen en uiteindelijk afsterft. Onderzoeken hebben aangetoond dat heet water een succes van ca. 80-90% kent. Met ingang van 2025 zal het onkruid dan ook worden bestreden met heet water.

5

2.1 Bestrijdingsmethodiek

2.1.1 Heet water De afgelopen jaren bestond de onkruidbeheersing in Veendam uit: branden, borstelen en vegen. Bij het branden wordt het groen boven de verharding verbrand, de wortels worden minimaal aangetast. Het verbrande groenafval werd uit de voeg/goten geborsteld en vervolgens opgeveegd. Het machinaal bestrijden van onkruid met heet water geeft een hoger rendement. Het onkruid wordt tot in de wortels aangetast en sterft sneller af. Met de ‘heet water’-methodiek is inmiddels door diverse partijen ervaring opgedaan. De systematiek is het zelfde als voorheen met glyfosaat. Nozzles op de sproeibalk spuiten heet water op het groen. Het groen – boven de verharding - wordt gedetecteerd door de sensoren in de sproeibalk. Bij elke detectie wordt heet water op het groen gespoten. De heetwater-methode wordt in de gehele gemeente toegepast op voetpaden en halfverhardingen. Samenvattend: de heetwater-methode levert (inmiddels bewezen) goede resultaten en biedt de mogelijkheid om het gehele areaal efficiënt te beheren. Wij hebben meerdere vormen van onkruidbestrijding op (half)verharding beschouwd. Onkruidbeheersing middels elektrocutie staat nog in de ‘kinderschoenen’ en moet nog verder worden doorontwikkeld. Het effect van zout op onkruid is gebaseerd op het feit dat zout water uit de plantencellen onttrekt, waardoor ze uitdrogen en uiteindelijk afsterven.

De wet geeft echter aan dat geen andere middelen dan: water, lucht of mechanische onkruidbestrijding worden toegestaan. Zout is een middel dat in de bodem terecht komt en verzilting van het bodemwater veroorzaakt. Nu dit middel verboden is zal het niet worden ingezet.

2.1.2 Borstelen / Vegen Organisch materiaal (blad, gras, zand) is een voedingsbodem voor onkruid. Door frequent te borstelen en te vegen wordt de voedingsbodem (zoveel mogelijk) weggenomen. Eén veegronde betreft de gehele gemeente. We gaan ervan uit dat we 8 tot 10 keer per jaar de gemeente volgens vaste routes kunnen borstelen en vegen. We werken door de gehele gemeente conform een treintje: eerst bestrijden met heet water, vervolgens borstelen en daarna vegen.

->

->

6

2.1.3 Omvorming Om structurele verbeteringen in de openbare ruimte door te kunnen voeren, zodat onkruid op verharding minder kans krijgt, kan het nodig zijn om stukken openbare ruimte om te vormen. Het kan hierbij gaan om plekken, zoals middengeleiders, vluchtheuvels, verharde binnenterreinen, obstakels die verplaatst of niet-functionele verharding dat opgeruimd moeten worden.

2.1.4 Databeheer Aan de basis van onkruidbeheersing staat een database die op orde is. De gemeente Veendam werkt met het Integraal beheersysteem voor de openbare ruimte, ‘Obsurv’. Dit programma is altijd en overal beschikbaar, op de pc, laptop of tablet aan boord van de machine. Het is een online/realtime-systeem, zodat er voortdurend zicht is op de voortgang van de werkzaamheden.

2.1.5 Planning / controle In het eerste jaar is de planning voorlopig. De bestrijdingswerkzaamheden en het tempo waarin ze plaatsvinden zal nauwkeurig worden gevolgd. We streven ernaar om per periode (veegronde) een planning te geven aan de inwoners wanneer wij in hun leefomgeving actief zullen zijn. Hiermee creëren we een zekere mate van voorspelbaarheid. Naarmate we meer ervaring hebben zal de voorspelbaarheid groter worden. Eind oktober 2025 stopt de onkruidbestrijding met heet water. Dit is een geschikt moment om de eerste evaluatie van de onkruidbestrijding te doen.

2.1.6 Communicatie Via de social media zal aandacht worden besteed aan de nieuwe manier van onkruidbeheersing. De werkzaamheden vinden voor een belangrijk deel plaats langs de openbare weg. Daar staan in de woonwijken de langs geparkeerde auto’s en op de parkeerplaatsen staan auto’s. Om onze werkzaamheden zo goed en veilig mogelijk voor een ieder te kunnen verrichten moet de woonomgeving worden geinformeerd. Dat kan op een aantal manieren. Wij zullen het eerste jaar bezien wat de meest efficiënte wijze is.

7

2.2 Personele inzet

2.2.1 Formatie Onkruidbeheersing dient een ‘gesloten’ uitvoeringstaak te zijn binnen het fysieke domein. Dit wil zeggen: geen inzet vanuit deze discipline ten behoeve van andere uitvoeringstaken. Onkruidbeheersing betreft een wijkoverstijgende activiteit. De voorkeur geniet: invulling op basis van vaste medewerkers/structurele inzet gedurende het gehele jaar. De omvang bedraagt op basis van het zgn. ‘treintje-methodiek: ▪ borstelen: 2 voertuigen met aanbouwapparatuur → 2 machinisten (2 fte) | |-> uitwisselbaarheid ! ▪ vegen: 2 voertuigen met aanbouwapparatuur → 2 machinisten (2 fte) | ▪ aansturing / monitoring / planning: 1 fte losse medewerker -> ook inzet ter vervanging machinist

2.2.2 Inzet mensen met afstand tot arbeidsmarkt In het kader van de participatiewet zijn sinds 2016 mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en mensen uit de werkvoorziening ingezet voor het onderhoud van de openbare ruimte. Wij continueren de inzet van deze werknemers en zullen voor de nieuw te werven medewerkers zoveel mogelijk een beroep doen op deze doelgroep. Wij zetten in om personeel te betrekken vanuit de kaartenbak, de afspraakbanen en het SW-bedrijf.

8

2.3 Financiën onkruidbeheersing

Vanwege gewijzigd beleid wordt overgestapt van het (uitbesteed) branden naar bestrijden met heet water en het frequenter borstelen in eigen regie. 2.3.1 Wat hebben we nodig ? Hiervoor is jaarlijks (afgerond) nodig: ▪ ▪

een heet-watermachine en borstel-/veeg-machines De kapitaal-en exploitatielasten bedragen Twee machinisten en een voorman Op tijdelijke inhuurbasis kost dat

Totaal geraamde kosten voor de onkruidbeheersing

€ 147.000,€ 230.000,---------------€ 377.000,-

Het structureel beschikbare budget is € 77.000,-. Voor de uitvoering van deze pilot is ingaande 2025 jaarlijks € 300.000,- extra nodig.

9

3. Onderhoud watergangen Er is veel water aanwezig in Veendam. Dit draagt bij aan de leefbaarheid van de gemeente Veendam. De Oude AE is het meest authentieke voorbeeld van een meanderende watergang door Veendam. Veel waterpartijen zijn strak en netjes aangelegd, met name daar waar de oeverlijn begint. Dit is zichtbaar door gebruik van een harde beschoeiing (houten oeverrand), en korte (gras)vegetatie op de oever, die goed onderhouden wordt. Stromend water zorgt voor verkoeling van het stadsklimaat, verbetert de luchtvochtigheid en voert het overtollig water af. Een deel van de waterstructuren maakt ‘het verleden in Veendam zichtbaar’. 3.1 Waterkwaliteit Op plekken waar water bedoeld is als ‘beleving’ en ‘recreatie’, zijn de waterprofielen hierop aangepast. Vanaf de kant gezien zijn de wateren ondiep aangelegd (o.a. in het kader van veiligheid), wat vervolgens geleidelijk dieper verloopt. Dit geldt voor de meeste vijvers in Veendam. De waterkwaliteit en -helderheid is goed. Dit komt onder andere door stabilisatie van de bodem in de afgelopen decennia. Aanwezigheid van waterplanten draagt positief bij aan dit proces (zelfs de woekerende soorten bieden stabiliteit aan de bodem). Watergangen waar doorstroming in zit, behouden het langst een goede waterkwaliteit, ook als de temperatuur toeneemt.

Hiermee blijven deze waterpartijen lang geschikt voor recreatief vermaak (als bootje varen, zwemmen en/of kanoën). 3.1.1 Functies water en beoogde beeldkwaliteit. In het groen-waterbeleidsplan 2021 zijn watergangen als volgt getypeerd: ▪ Functie Kijken beoogde kwaliteit A: De beleving en het gebruik van groen en water vergt een optimale beeldkwaliteit. De inrichting geeft invulling aan de identiteit en uitstraling van Veendam als Parkstad. ▪ Functie Recreatie beoogde kwaliteit B / C: Er is sprake van georganiseerde recreatie: groen en water zijn ondergeschikt aan de recreatieve functie en dit vergt (kosten)effectief beheer (beeldkwaliteit B). Bij niet-georganiseerde recreatie is juist het natuurlijke karakter dat bezoekers aantrekt, verrast en uitdaagt. Het beheer wordt hierop aangepast (beeldkwaliteit C). ▪ Functie Natuur beoogde kwaliteit C: In gebieden met de functie natuur staan natuurlijke processen centraal. Waar mogelijk wordt beheer ecologisch uitgevoerd. Niet de beeldkwaliteit, maar het uitvoeringsmoment van de beheermaatregel, is leidend. ▪ Functie Overig (groenaankleding, hoofdwater) beoogde kwaliteit B: De groenaankleding in o.a. buurten en het borgen van een doorvoer van water (hoofdwatersysteem) vergen voortdurende aandacht. 3.2 Waterknelpunten Onderstaande knelpunten geven aan waar binnen de waterstructuur (vijvers en sloten) de kansen voor verbetering liggen.

• Belangrijk knelpunt in de bestaande waterstructuren is de aanwezigheid van woekerende soorten, dit zijn veelal de invasieve exoten. Het ongelijkbladig vederkruid en de grote waternavel leiden hierin tot de grootste problemen. Het bestrijden van deze soorten is tijdrovend en kostbaar. Een inheemse woekeraar is riet. Door de toepassing van natuurlijke oevers gaan rietkragen zich verder uitbreiden en behoeven ze een adequaat onderhoudsmethodiek. • Krabbescheer is enerzijds een indicator van schoon water. Het is onderdeel van het leefgebied van de groene glazenmaker, een beschermde libellesoort. Anderzijds heeft Krabbescheer een woekerend karakter en kan op die manier zorgen voor overlast. Het vergt specifiek beleid om binnen kaders van wet- en regelgeving te voorkomen dat krabbenscheer structureel tot overlast leidt. 10

3.3 Aanpak woekerende soorten (invasieve exoten) Exoten zijn planten, dieren of andere organismes die van nature niet voorkomen in Nederland. Als een exoot schadelijk is voor de natuur, noemen wij deze invasief. Op basis van een verordening van de Europese Unie zijn de Europese lidstaten verplicht om uitroeiingsmaatregelen, beheersmaatregelen en herstelmaatregelen te treffen ten aanzien van invasieve exoten. Op 18 december 2024 heeft staatssecretaris Rummenie een aanbiedingsbrief gezonden naar de Tweede Kamer over het op te stellen landelijk Aanvalsplan Invasieve Exoten. Het planmatig aanpakken van woekerende soorten is één van de belangrijke speerpunten binnen het waterbeheer en -onderhoud in Veendam. Regionaal is in samenwerking met ambtelijke organisaties, natuurbeheerders en derden gewerkt aan een strategie (EXIT: exoten in toom) ten aanzien van aanpak van woekerende soorten. De strategie bestaat in de kern uit: ▪ Keuze maken voor beheersen of bestrijden / elimineren; ▪ Een set van soortspecifieke maatregelen. Deze maatregelen zijn voor de gemeente Veendam niet nieuw. Er is al veel ervaring opgedaan met het bestrijden van woekerende soorten en dan met name op en langs het water; de sloten en waterpartijen. Dat zijn de plekken waar op dit moment de meeste urgentie ligt.

Voor de toekomst wordt verwacht dat dit steeds verder zal uitbreiden naar bestrijding van woekerende soorten op het land, zoals de Japanse duizendknoop en de Berenklauw. Naast wat benoemd is zijn er meer soorten die tot overlast en hinder kunnen leiden. Het is nodig om telkens risico gestuurde maatregelen te bepalen en te prioriteren. De basis in de aanpak van de invasieve exoten ligt in : ▪ Preventie: zorg dat invasieve soorten niet op het land, in wateren of in de lucht (binnen)komen. ▪ Vroege signalering en snelle eliminatie: als invasieve soorten toch voorkomen, dan zo snel mogelijk elimineren en vestiging voorkómen. ▪ Beheersing: als een invasieve soort zich toch vestigt, dan proberen de verdere verspreiding en de schadelijke effecten tegen te gaan. ▪ Herstel: herstel van de schade aan ecosystemen. ▪ Acceptatie: En als voorgaande stappen niet mogelijk zijn of niet lukken dan resteert accepteren en ermee leren omgaan. Het beheer van de watergangen bestaat in hoofdlijnen uit: ▪ Het verwijderen van de exoten: Ongelijkbladig Vederkruid, Grote Waternavel en de Smalle Waterpest. Dit is een wettelijke verplichting. ▪ Het schonen en beheren van de Krabbenscheer. Dit is een wettelijke verplichting i.v.m. de mogelijke aanwezigheid van de beschermde libellesoort, de Groene Glazenmaker, op de plant. ▪ Het verwijderen van riet volgens het ritssluiting systeem, i.v.m.

aanwezige flora en fauna.

Het verwijderen van invasieve exoten begint in april/mei en eindigt in oktober, wanneer de flora en fauna in haar ruststand komt. Het verwijderen gebeurt met een zgn. harkboot of een maaibalk, die de watervegetatie met wortel en al uit de bodem verwijdert. Her-en-der vinden ook handmatige werkzaamheden plaats. 11

Een kenmerk van de aangehaalde watervegetatie is, dat het zich zeer snel vermenigvuldigt bij optimale omstandigheden. Ook in de relatief nieuwere watergangen, bij nieuwbouwwijken, wordt een snelle opmars van de ongewenste watervegetatie waargenomen. Biodiversiteit en klimaatveranderingen vragen anticipatie op de bedrijfsvoering en het huidig beleid. Zo wordt er momenteel in de disciplines Openbaar Groen & Water beleid, beheer- en onderhoudsplannen voorbereid hoe om te gaan met natuurvriendelijk oevers en het ecologisch maaien. Beide items hebben een raakvlak met onkruidbeheersing op verhardingen en het bestrijden van invasieve exoten in en nabij onze watergangen. Een wegberm heeft o.a. een water-afvoerende taak. Het maaien van de bermen is een separate onderhoudstaak. Deze taak wordt m.n. vanuit het weg- en groenbeheer bezien en valt buiten de scope van het bestrijden van watergangen en daarmee de invasieve (water)exoten. 3.3.1. Planning Schonen en baggeren is het gehele jaar door mogelijk zonder maatregelen, indien er geen beschermde soorten of broedvogels aanwezig zijn in de directe omgeving van de maaiactiviteit. Indien er wel beschermde soorten of broedvogels aanwezig zijn op de plaats waar werkzaamheden worden uitgevoerd, dan dienen bij de werkzaamheden bepaalde gedragsregels te worden gevolgd (dit is m.n. in de gele periode).

Sinds 2021 wordt het schonen van de watergangen door een externe partij uitgevoerd. Dit gebeurt op regiebasis, waaraan een bestek met hoeveelheden en tarieven, verwoord in een raamovereenkomst aan ten grondslag ligt. Voorafgaand aan de werkzaamheden vindt er een flora en faunatoets plaats. Daar waar exoten worden waargenomen, worden de watergangen (en directe omgeving) conform de regelgeving geschoond. Dit geldt ook voor de watergangen waarin de doorstroming wordt belemmerd. Dit kan betekenen dat het waterprofiel wordt geschoond, maar de vijverrand bv. niet. Tevens worden watergangen geschoond die de belevingswaarde aantasten en waarvan meldingen binnenkomen. We schonen niet alle watergangen jaarlijks. 3.3.2. Data De snelle aanwas van de watervegetatie leidt tot een meer intensievere bestrijding. De groeiaanwas is afhankelijk van de omstandigheden ter plaatse van de watergang. Daarom zijn alle watergangen geografisch in beeld gebracht, zodat de onderhoudsmaatregel en de frequentie ervan gemonitord kan worden. Het monitoren, visueel schouwen in het veld, bepaalt welke watergangen wel of niet onderhoud behoeven. De gemeente Veendam telt circa 170 watergangen (diepen, kanalen, sloten, vijvers en recreatieve plassen) en een wateroppervlakte van ca. 2,6 km2. 12

In Veendam is sprake van ca. 2,3 km2 te onderhouden wateroppervlakte, door zowel de gemeente, het waterschap, de provincie en particulieren. Het onderhoud aan de gemeentelijke watergangen dat door de gemeente wordt weggezet - richt zich in hoofdlijn op: ~ 101.880 m2 wateroppervlakte (m.n. vijvers) waaruit watervegetatie (2x per jaar) wordt getrokken, ~ 115.325 m1 (1 of 2 zijdig-klepel-)maaien langs watergangen (m.n. sloten), ~ 74.000 m1 slib scheppen uit de sloten; waarvan ca. 42.000 m1 afgevoerd wordt, ~ ca. 1.100 ton af te voeren watervegetatie. 3.4 Financiën beheer onderhoud water Niet alle watergangen worden jaarlijks geschoond. Wel worden alle watergangen jaarlijks geschouwd. Op basis van de schouwbevindingen wordt er een uitvoeringsplanning met prioritering opgesteld. Het bestrijden van de exoten is wettelijk verplicht. Bij langdurige hoge temperatuur is er soms ook nog sprake van een explosieve groei van watervegetatie in de vijvers en overige waterpartijen. De bestrijding ervan wordt prioritair uitgevoerd en slokt een groeiend deel van het structureel beschikbare jaarbudget van € 185.000,- op. De ervaring heeft geleerd dat het niet nodig is om alle watergangen jaarlijks te schonen, maar ook dat sommige watergangen juist een keer extra geschoond moeten worden.

In de afgelopen jaren is het resterende deel van het jaarbudget - dat kan worden ingezet om de doorstroming van de watergangen (waterhuishouding) in stand te houden en het volume watervegetatie (belevingswaarde) te beperken - aanzienlijk afgenomen. Om in de komende 3 jaar extra inzet te kunnen plegen op de niet wettelijke verplichtingen wordt voorgesteld om ingaande 2025 een budget van € 285.000,- te hanteren. Er is dan € 100.000,- extra nodig per jaar.

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15282591/1