06-04 Bijlage 1 Doelen sociale agenda
Tekst van het document
Doelen sociale agenda Voorwoord De parlementaire enquêtecommissie trok harde conclusies over hoe onze regio is behandeld. Daaruit vloeit een ereschuld voort aan Groningers en Noord-Drenten: het gebied verdient een betere toekomst, economisch en sociaal. Voor beide agenda’s is een generatie lang 100 miljoen per jaar beschikbaar om het tij te keren. Bij de aanvaarding van de opdracht als kwartiermaker voor de sociale agenda kreeg ik een grote opdracht mee. Zorg dat op de volgende vier gebieden de regio in 30 jaar weer op het landelijk gemiddelde komt: • • • •
Verbeteren van (mentale) gezondheid; Vergroten van de leefbaarheid; Kansen voor kinderen, jongeren en de volgende generatie; Deelnemen aan werk en verminderen van armoede.
Dat dat keuzes vergt, is duidelijk. Daarover gingen we de eerste maanden in gesprek. Natuurlijk met gemeenten en het Rijk, maar nog veel meer met maatschappelijke instellingen, scholen, huisartsen, zorgverleners, maatschappelijke initiatieven en inwoners. We bezochten andere nationale programma’s als Heerlen-Noord en Rotterdam-Zuid om ervan te leren. En we organiseerden vier publiek toegankelijke avonden, waar ruim 700 mensen op afkwamen. Daar is meegegeven wat zij van de sociale agenda verwachten. Waarop nu te focussen? Uit al die gesprekken en bijeenkomsten vielen me drie hoofdrichtingen op die breed gedragen zijn. Allereerst de zorg over de jeugd. Schoolprestaties lopen achter, schooluitval is te hoog, de mentale gezondheid staat onder druk. Als we intergenerationele problemen willen doorbreken, start het bij de jeugd en hun omgeving. Ten tweede de schrijnende armoedeproblematiek en de impact die dat heeft op het dagelijks functioneren: stress, schaamte en dagelijks overleven brengen diepere schade toe dan alleen financiële. En het probleem is groot. In Veendam, Pekela, Midden-Groningen en Oldambt heeft meer dan 10 procent van de huishoudens te kampen met geregistreerde problematische schulden. Dat geeft dus bij lange na niet het volledige beeld. En op straat zien we dagelijks mensen in prullenbakken zoeken naar blikjes of flesjes voor het statiegeld.
Ten derde en misschien wel het meest in het oog springende. Onze trots is door de jarenlange verwaarlozing en de aardbevingsellende gekrenkt. De identiteit is aangetast. Maar we zijn het wel. Op ons landschap, de mentaliteit en bovenal al die geweldige initiatieven die er zijn in onze provincie. Op gebieden van sport, cultuur, natuur en gemeenschapszin. Overal zijn inwoners actief die zeggen: bouw daarop voort en koester dat! Daarnaast kregen we een aantal heldere boodschappen mee. Stop met allerhande korte termijn projecten en richt je met de sociale agenda op aanpak van structurele problemen. Dat betekent ook structureel geld. En waak ervoor dat het geld terecht komt bij waarvoor het is bedoeld, niet bij consultants of allerhande tussenlagen. Die boodschap was unisono en is wel verstaan: het geld moet terechtkomen bij mensen in armoede, met onderwijsachterstanden en ten behoeve van de leefbaarheid en gezondheid. Op basis hiervan leggen we u nu een uitgewerkte visie voor. Waar is het in de sociale agenda nu echt om te doen. Wat ons betreft is dat de kwaliteit van leven voor Groningers en Noord-Drenten. We waarderen samenredzaamheid, gemeenschapszin en trots. We werken dat verder uit in een
1
Doelen sociale agenda aanscherping van de doelstellingen op de vier terreinen. En we stellen een aantal uitgangspunten vast bij de verdere uitwerking van het programma. In het najaar zullen we het plan presenteren hoe we deze doelen samen met overheden, maatschappelijke instellingen en inwoners het beste kunnen bereiken, zodat onze regio er structureel beter en mooier voor zal staan. Henk Nijboer, Kwartiermaker sociale agenda Groningen en Noord-Drenthe. Inleiding Met dit document worden de doelen voor de sociale agenda voor Groningen en Noord-Drenthe gepresenteerd. Met Nij Begun is structureel budget beschikbaar gekomen om op een aantal gebieden het verschil te maken. De sociale agenda staat niet op zichzelf. De sociale en economische agenda zullen naadloos op elkaar aansluiten en moeten elkaar versterken. Schade en herstel fatsoenlijk regelen is een noodzakelijke basis voor sociaal herstel. Dat moet op orde komen. Tegelijkertijd is het nodig om de structurele achterstanden op het gebied van onderwijs, gezondheid, armoede, participatie en leefbaarheid aan te pakken en te investeren in een betere toekomst. Daarvoor scherpen we in dit document de doelstellingen en missie aan. De opdracht Met maatregel 34 hebben regio en Rijk een kwartiermaker uitgenodigd om samen een sociale agenda op te stellen en de uitvoering vorm te geven.
De agenda zal bestaan uit concrete doelstellingen en investeringen die ten goede komen aan de leefbaarheid, onderwijskwaliteit, armoedebestrijding, gezondheid en arbeidsparticipatie van inwoners. Hierbij is specifiek aandacht voor kinderen en jongeren die opgroeien in een kansarme omgeving. Zo draagt de sociale agenda bij aan de duurzame inzetbaarheid van mensen en de toekomstbestendigheid van de regio, en sluit aan bij de economische transities die daarvoor nodig zijn. Verkenner Loes Mulder heeft op verzoek van minister Schouten en staatssecretaris Vijlbrief een opdracht voor de kwartiermaker opgesteld. Zij heeft daarbij een ronde gemaakt langs belangrijke partners en overheden in Groningen en Noord-Drenthe. De kwartiermaker sociale agenda werkt vanuit de regio. Hierbij wordt gewerkt vanuit samenhang met schadeherstel en de versterkingsoperatie, de economische agenda en Nationaal Programma Groningen. Deze trajecten moeten elkaar versterken. De opdracht is om samen met een brede maatschappelijke coalitie, bestaande uit inwoners, organisaties en bedrijven, en de regionale overheden de sociale agenda te ontwikkelen. De agenda voorziet in een verdeling van middelen gericht op mensen die dit het meeste nodig hebben, met bijzondere aandacht voor jongeren.
Er ligt een grote kans in de mogelijkheid om een lange termijn investering te doen, en het welzijn en de toekomst voor mensen in Groningen en Noord-Drenthe structureel te verbeteren. Met duidelijke focus en indicatoren die het verschil maken. De kwartiermaker heeft als taak een goede balans te vinden tussen de wensen van de regio en de beschikbare middelen. Verder is bij de totstandkoming van de sociale agenda de inbreng van de regio van belang. Hiermee is in theorie een basis gelegd voor de sociale agenda. Het Rijk heeft contouren geschetst in de reactie op de parlementaire enquête. De verkenner is tot een opdrachtomschrijving gekomen die dit verenigt.
2
Doelen sociale agenda Randvoorwaarden; voldoende financiering reguliere taken en bereikbaarheid Randvoorwaarde voor het slagen van de doelstellingen van Nij Begun is dat gemeenten en maatschappelijke instellingen voldoende Rijksfinanciering krijgen om hun reguliere taken uit te voeren. Deze staan voortdurend onder druk. De sociale agenda is niet bedoeld om gaten te vullen die dreigen te ontstaan, maar de doelstellingen komen wel onder druk als de basis onvoldoende door het Rijk wordt geborgd. Datzelfde geldt voor de bereikbaarheid. Dat is een groot probleem in deze en andere regio’s. Dat kan niet worden ondervangen met de middelen uit de sociale agenda. Het is een verantwoordelijkheid van het Rijk daarvoor zorg te dragen en het is noodzakelijk dat zij deze neemt. Anders blijven de sociale cohesie, toegankelijkheid van voorzieningen en leefbaarheid onder druk staan. Team Sociale Agenda Het team dat de sociale agenda ontwikkelt is samengesteld met medewerkers van Rijk en regio. Dit versterkt de betrokkenheid van beide bij de vormgeving en uitvoering van de sociale agenda. Op de vier pijlers van de sociale agenda zijn mensen met kennis van zaken op de beleidsterreinen gedetacheerd bij het team.
Vanuit Rijkszijde zijn dat experts vanuit de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, Sociale Zaken en Werkgelegenheid, Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Het team heeft een coördinator en wordt professioneel ondersteund. Het team is sinds 24 januari gehuisvest in de Oosterpoort in Groningen. Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat is aan het team verbonden vanwege de kabinetsverantwoordelijkheid voor Nij Begun en de samenhang met de andere maatregelen. Gesprekken Met alle colleges van B&W, Provincie Groningen en beide Waterschappen zijn gesprekken gevoerd over wat zij van de sociale agenda verwachten. Over focus op het lange termijn doel van de sociale agenda is brede overeenstemming: doorbreek intergenerationele problemen met scherpe keuzes en een langjarige aanpak. Ook vanuit het Rijk is daar zowel ambtelijk als politiek commitment op gegeven. De afgelopen maanden zijn door het team tal van gesprekken gevoerd met maatschappelijke organisaties, zorginstellingen, GGD, scholen, MBO’s, hogeschool, universiteit, huisartsen, sportverenigingen, Groninger Dorpen, Gasberaad, mensen uit de sport, cultuur, natuurbeleving, GBB, lokale initiatieven en zo meer. Al die gesprekken gebruiken we bij het verder vormgeven van de sociale agenda.
Regionale bijeenkomsten Om iedereen de gelegenheid te geven om input mee te geven bij de ontwikkeling van de sociale agenda zijn er vier openbare bijeenkomsten georganiseerd in maart. We hebben inwoners en maatschappelijke organisaties hiermee zo vroeg mogelijk in het proces de mogelijkheid geven om hun opvatting te berde te brengen. De bijeenkomsten waren publiek toegankelijk (ook voor de pers). De bijeenkomsten vonden plaats in Hoogezand (11 maart), Winschoten (14 maart), Tolbert (18 maart) en Delfzijl (21 maart). Op elke bijeenkomst deelden experts hun kennis m.b.t. de sociale agenda. Zo sprak prof. dr. Jochen Mierau over gezondheidsverschillen, prof. dr. Tialda Haartsen over voorzieningen en leefbaarheid, Marco Florijn over de aanpak van armoede en schulden, Marco Pastors over het Nationaal Programma Rotterdam-Zuid, Ron Meyer over het Nationaal Programma Heerlen-Noord en Frank Westerman over de geschiedenis van de delfstoffenwinning. Daarbij waren er eerste reacties van direct betrokkenen uit de regio: Herman Rinket (GBB), Ellen van Klaveren (wethouder Pekela), David de Jong (wethouder Eemsdelta), Piet Wolters (Kansen voor de 3
Doelen sociale agenda Veenkoloniën), Hiska Ubels (senior onderzoeker Hanzehogeschool Groningen), Hielke Westra (Vereniging Groninger Dorpen) en Karin van der Vries (De Hoven). Marcel Nieuwenweg (RTV Noord) leidde de bijeenkomsten. Er kwamen meer dan 700 mensen op af en het waren levendige avonden waar een grote betrokkenheid uit blijkt. Thema’s die mensen aansneden waren steevast: waardeer de initiatieven die er zijn en versterk deze, besteed aandacht aan de leefbaarheid in ons gebied, investeer in kinderen, pak armoede aan en laat niet zoals te vaak het geld aan de strijkstok hangen / zorg dat het echt bij de mensen terechtkomt waarvoor het bedoeld is. Ook konden mensen op een A4 achterlaten wat zij van de sociale agenda verwachten. Daarvan is veel gebruik gemaakt: 215 keer. In de bijlage treft u de analyse van de inbreng op de avonden. Op zaterdag 20 april waren er levendige discussies bij de gezamenlijke aftrap van Nij Begun op het provinciehuis. De inbreng van inwoners vormt een belangrijke en waardevolle basis voor de voorstellen in dit stuk. Voor jongeren zullen we een apart traject opzetten om hen meer te betrekken. Vanzelfsprekend kwamen zij niet met bussen vol op de bijeenkomsten af. Op 12 april is met een groep jongeren in Appingedam gesproken.
En we zullen meerdere gesprekken met jongeren zelf voeren en de mogelijkheden verkennen om afstudeeropdrachten te doen en nieuwe vormen van participatie toe te passen (Hackathons). Het is noodzakelijk om naast deze bijeenkomsten sessies met experts te organiseren. Bijvoorbeeld over hoe we doelstellingen goed formuleren, hoe we gaan evalueren, als we maatregelen nemen, hoe we dat dan zo effectief mogelijk doen, etc. De inhoudelijke trekkers uit het team van de sociale agenda gaan hiermee volop aan de slag om scherpte aan te brengen in de doelstellingen op hun onderwerpen, waarbij er ook nadrukkelijk oog is voor de verbinding tussen onderwerpen en andere onderdelen uit Nij Begun. Opgave, missie, visie, waarden en uitgangspunten Alleen een inhoudelijk sterk programma kan het verschil maken voor de inwoners van Groningen en Noord-Drenthe. Een inhoudelijk programma dat gericht is op de lange termijn vraagt een duidelijke missie, visie en strategie om keuzes te maken en koers te houden. De opgave van Nij Begun is in de Kamerbrief helder verwoord. Het kabinet wil met alle betrokken partijen dat de regio binnen één generatie tenminste op het landelijk gemiddelde scoort op belangrijke indicatoren van brede welvaart. De sociale agenda draagt aan dit doel bij. Dit doel wordt vastgelegd in de Groningenwet en de voortgang wordt bijgehouden in de Staat van Groningen.
De sociale agenda zal bijdragen om op de terreinen kansen voor kinderen, gezondheid, leefbaarheid en sociale cohesie en armoede en (arbeids-)participatie in één generatie (30 jaar) op het landelijk gemiddelde te komen. Deze ambitie omarmen we maar is voor de sociale agenda alleen te algemeen om op te sturen. Daarom stellen we u een scherpere afbakening van de doelstellingen voor. Dat betekent dat deze ook meer afrekenbaar en sturend wordt bij de uiteindelijke sociale agenda die eind van het jaar wordt voorgesteld. Onder de doelen van de sociale agenda liggen de missie en visie van de sociale agenda. En we formuleren –mede op basis van de gesprekken en de openbare bijeenkomsten- ook een aantal uitgangspunten voor de verdere vormgeving van de sociale agenda. De missie en visie van de sociale agenda richten zich op de kwaliteit van leven van alle inwoners van Groningen en Noord-Drenthe. De vier aandachtsgebieden die onder de sociale agenda vallen vormen de reikwijdte van de aanpak. In de gesprekken in de regio is vaak naar voren gekomen dat de samenredzaamheid, de gemeenschapszin en de trots en identiteit van Groningers essentieel zijn om 4
Doelen sociale agenda op de lange termijn het verschil te maken. Daarnaast komt de situatie van jongeren vaak naar voren. Het gaat niet goed met de jeugd. Willen we met een generatielange aanpak het verschil maken dan moeten we daar beginnen. Deze elementen zijn gevat in onze missie en visie:
Opgave Nij Begun: Binnen één generatie (gesteld op 30 jaar) tenminste op het nationaal gemiddelde komen op de belangrijkste indicatoren van brede welvaart. De sociale agenda draagt daaraan bij. Missie: De sociale agenda bevordert de kwaliteit van leven van alle inwoners van Groningen en NoordDrenthe. Dit doen we op vier terreinen: gezondheid, kansengelijkheid, leefbaarheid en bestaanszekerheid. We waarderen samenredzaamheid, gemeenschapszin en trots. Visie: We willen de kwaliteit van leven in Groningen en Noord-Drenthe binnen één generatie (gezet op 30 jaar) op vier terreinen structureel verbeteren. Daarbij stimuleren we samenredzaamheid, gemeenschapszin en trots. Voor jongeren hebben we bijzondere aandacht. Strategie De Strategie vormt de route waarlangs we de doelen willen gaan realiseren. We onderscheiden waarden en operationele uitgangspunten die onze strategie vormgeven. Waarden vormen leidende principes waarmee de inhoud van de sociale agenda gestalte krijgt. Onze waarden: 1. De jeugd heeft de toekomst. De verbetering van de positie van onze inwoners begint daar. 2. We lopen een marathon en geen sprint. We investeren structureel in onze inwoners. 3. Maatschappelijke problemen vragen een samenhangende benadering. We voorkomen versnipperde deelbenaderingen en pakken vraagstukken collectief aan waar dat kan. 4. Voorkom in plaats van genees. We kiezen voor preventie.
Erger kan vaak worden voorkomen als er eerder aandacht is voor opkomende problemen: op school, in de financiële situatie en om gezond te blijven. 5. De gemeenschapszin wordt gewaardeerd en versterkt. We benutten de kracht van sport, cultuur en onze omgeving. 6. We waarderen waar we vandaan komen en dragen die waardering met gepaste trots uit. De operationele uitgangspunten gaan meer over de manier waarop het programma wordt ingericht. Beide elementen vormen zo belangrijke leidraden om afwegingen te maken over de inzet van de sociale agenda.
5
Doelen sociale agenda
Operationele uitgangspunten: 1. De doelen staan centraal. Daarmee brengen we focus aan en houden we oog voor de onderlinge samenhang tussen doelen. Zo gaan we daadwerkelijk het verschil maken. 2. We versterken, bestendigen en verbeteren wat er is. We sluiten aan bij de reeds lopende, regionale programma’s en de doelen die daarbij zijn geformuleerd. Daar werken betrokken partijen al reeds met elkaar samen en daar zit de (regionale) energie op. 3. We ontwikkelen alleen nieuwe plannen als ze noodzakelijk zijn om de doelen te realiseren. 4. We zetten in op effectieve aanpak om onze doelen te bereiken. Daarbij leren we voortdurend. We toetsen periodiek (3-5 jaar) of de aanpak de verwachte resultaten bereikt en of bijstelling nodig is. 5. Alle voorstellen worden gesteund door de partijen die ze uitvoeren en zij kunnen dat ook. 6. Geld komt terecht op de terreinen en bij mensen, waarvoor het bedoeld is. Er wordt geen geld verspild. 7. Maatschappelijke problemen zijn ook economisch van aard. De sociale en economische agenda sluiten naadloos op elkaar aan. Analyse en doelen voor de sociale agenda Met Nij Begun wordt de kans geboden om structureel het verschil te maken voor de Groningers en Noord-Drenten. Deze inzet is nodig. In te veel tabellen staan gemeenten in de regio onderaan.
Onder andere op het gebied van arbeidsparticipatie, armoede, schoolprestaties en gezondheid scoort de regio slechter dan het landelijk gemiddelde. Het CBS monitort de brede welvaart per provincie. Landelijk scoort de provincie Utrecht het best in 2022. Met name de provincie Groningen scoort laag, met significant meer ongunstige dan gunstige aspecten van brede welvaart. Groningen scoort relatief vooral erg laag op onder andere BBP en vertrouwen in instituties. De provincie scoort juist hoog op het thema arbeid en vrije tijd. Het laagste geografische niveau waarop brede welvaart regelmatig wordt gemonitord is het gemeentelijk niveau. Meerdere partijen publiceren jaarlijkse monitoren brede welvaart, elk met verschillende voor- en nadelen. Het is belangrijk hierbij de beperkingen te benoemen. Veel overzichten gaan uit van gemiddelden binnen gemeenten. Het is essentieel om te erkennen dat binnen een gemeente vaak significante verschillen bestaan binnen de verschillende indicatoren van brede welvaart. Een eerste voorbeeld hiervan doet zich voor in Het Hogeland. Het zuidelijk deel van deze gemeente scoort in bepaalde opzichten bovengemiddeld op brede welvaart, terwijl dichter naar het Wad zeer lage scores voorkomen. Dat verschil zien we ook binnen de stad Groningen terug, waarbij de Noordelijke wijken veelal slecht en de zuidelijke wijken bovengemiddeld goed scoren.
Het gemiddelde van een gemeente verhult in deze gevallen dus de zeer lage brede welvaart die er ook voorkomt. Hetzelfde speelt binnen de regio Noord-Drenthe. Een eerste indicatie van de stand van zaken is zichtbaar in figuur 1. Deze visualiseert hoe de regio Groningen en Noord-Drenthe op brede welvaart scoort ten opzichte van de rest van Nederland. Een lager percentage betekent dat relatief weinig indicatoren van brede welvaart boven het Nederlands gemiddelde scoren. Het beeld dat hier wordt geschetst is weinig positief; de regio Groningen en Noord-Drenthe scoort over het algemeen onder het Nederlands gemiddelde.
6
Doelen sociale agenda
Figuur 1. (Links) Visualisatie van hoe de regio Groningen en Noord-Drenthe scoort op brede welvaart ten opzichte van de rest van Nederland (bron: Sociaal Planbureau Groningen/CMO STAMM). Naast de geografische spreiding in brede welvaart bestaan er ook tussen bevolkingsgroepen grote verschillen in brede welvaart. In Groningen en Drenthe staat de brede welvaart duidelijk onder druk voor jongvolwassenen en mensen met lage inkomens, een slechtere gezondheid en/of zonder vervolgopleiding. Dit is ook zichtbaar in de grote uitdagingen die het Planbureau Groningen en Trendbureau Drenthe schetsen. Daarnaast wordt voor Groningen ook de brede welvaart onder jongvolwassenen en de somberheid over de toekomst aangestipt als uitdaging. In Drenthe gaat het om een dalende beroepsbevolking en gezondheidsachterstanden. Doelen voor de sociale agenda De brede welvaartcijfers laten zien dat er grote verschillen bestaan tussen gemeenten en tussen de verschillende onderdelen van brede welvaart. Een nadeel van de manier waarop brede welvaart wordt gemeten is dat dit zich niet een-op-een laat vertalen in bruikbare doelen voor een sociale agenda. Hiervoor moeten we een slag dieper en binnen de verschillende thema's kijken waar de grootste uitdagingen liggen.
De inhoudelijke thema’s waarop de sociale agenda zicht richt zijn hoog over beschreven in de kabinetsreactie en vragen een nadere concretiseringsslag. Zo kunnen we tot een set van doelen komen waarop gestuurd kan worden en waarbij de inspanningen geëvalueerd kunnen worden. We onderscheiden hierbij een aantal doelen per gebied. Deze verdiepende stap zetten we hieronder in de onderbouwing van tien doelen voor de sociale agenda. Kansen vergroten voor kinderen en jongeren De jeugd heeft de toekomst. De verbetering van de positie van onze inwoners begint daar. Ieder kind in Groningen en Noord-Drenthe moet de mogelijkheid hebben om zich optimaal te ontwikkelen, zonder dat zij daarbij belemmerd worden door factoren die zij zelf niet kunnen beïnvloeden. Alleen het gezin waar je in geboren wordt, mag niet bepalen hoe je leven eruit gaat zien: je inkomen, of je een huis kunt vinden, of je een vast contract krijg of zelfs hoe je (in gezondheid) leeft. Hiervoor slaan we de handen ineen met leraren, kinderopvang, jeugd –en jongerenwerk, jeugdgezondheidszorg, ondernemers, verenigingen van sport tot muziek en alle andere mensen die eraan kunnen bijdragen. Wat er nodig is, is een lange adem, langdurige samenwerkingen en het zetten van steeds weer kleine stappen voor duurzame en structurele oplossingen.
Kinderen en jongeren in Groningen en Noord-Drenthe hebben recht op betere ontwikkelkansen, groeien gezonder op en hebben meer perspectief op werk. Ze groeien op met een sterk en breed netwerk om zich heen. Dat brengt ons tot de eerste doelstelling:
7
Doelen sociale agenda 1. Vergroten van gelijke kansen voor kinderen en jongeren. Vijf gemeenten in Groningen en Noord-Drenthe staan in de top 10 van meest kansarme gemeenten (Kansenkaart van de Erasmus school of Economics, 2020). In grote delen van onze regio is sprake van intergenerationele armoede, een hoog percentage lager opgeleiden en mensen met weinig arbeidsperspectief. Opgroeien in een arm gezin kan de ontwikkeling van kinderen en jongeren negatief beïnvloeden. En daarmee hun toekomstperspectief. Leren en spelen zijn belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen. Dit doen zij niet alleen thuis, maar ook in hun buurt (wijk of dorp), op de peuterspeelzaal of kinderopvang en op school. Op al deze plekken ontwikkelen kinderen zich. Ze leren met elkaar spelen, ruzie maken en deze weer oplossen. Ze leren lezen, schrijven en rekenen. En ze leren ontdekken waar ze goed in zijn, wat ze leuk vinden om te doen, in sport, muziek en meer. Ze leren van fouten en vertrouwen op hun eigen kunnen. En kunnen daarmee trots op zichzelf zijn. Het samenspel tussen gezin, school en wijk of dorp is daarom belangrijk voor de ontwikkeling van kinderen, zeker voor kinderen waar dit thuis minder vanzelfsprekend is. Het vergroten van deelname aan de samenleving van kinderen en jongeren in gezinnen vanuit een meer gelijke basis vormt een belangrijke bijdrage in de bevordering van kansengelijkheid.
Door in te zetten op een gelijke start en basis vergroten we de kansen van alle kinderen en jongeren in onze regio. Dit zal ook leiden tot minder onderadvisering.
Figuur 2. Minderjarige kinderen met armoederisico (bron CBS). Figuur 3. Prevalentie van onder- en overadvisering in Nederland. Naar verhouding groeien in de provincie Groningen veel kinderen op in een huishouden met risico op armoede. In heel Nederland leefde in 2022 5,2 procent van de minderjarige kinderen in een gezin dat moest rondkomen van een laag inkomen; 2,2 procent langdurig. In de provincie Groningen was dat 5,8 procent van alle minderjarige kinderen (jonger dan 18 jaar) en 2,8 procent langdurig. Het gaat dan in totaal om ongeveer 5.400 minderjarige kinderen in een huishouden met een laag inkomen en 2.500 kinderen in een huishouden met een langdurig laag inkomen. 2. Stimuleren van meer taalbevordering, in het bijzonder voor kinderen en jongeren Een goede kennis van de Nederlandse taal is belangrijk om volwaardig deel te kunnen nemen aan de maatschappij. Om onderwijs te kunnen volgen, maar ook voor de communicatie met overheden, en
8
Doelen sociale agenda bij het vinden van een baan. Het aandeel laaggeletterden in een aantal gemeenten in Groningen en Noord-Drenthe is met 19 procent hoog. Taalontwikkeling van kinderen draagt bij aan het verkleinen van het percentage laaggeletterdheid. De basis van taalvaardigheid wordt gelegd in de vroege kindertijd. Kinderen leren taal niet vanzelf, maar moeten daarbij geholpen worden door hun omgeving. Kinderen van ouders die moeite hebben met taal, lopen zelf een grotere kans taalproblemen te krijgen. Zo kan een cyclus van laaggeletterdheid ontstaan waarbij taalproblemen van generatie op generatie worden doorgegeven. In Groningen en Noord-Drenthe is circa 12 procent van de mensen laaggeletterd. Dit is ongeveer gelijk aan het landelijk gemiddeld. Het aantal laaggeletterden verschilt sterk per gemeenten. Onder andere in de gemeenten in Eemsdelta, Pekela en Aa en Hunze is de laaggeletterdheid met 19 procent hoger dan gemiddeld.
Figuur 4. Aandeel laaggeletterdheid per gemeente in 2018 (bron: ROA/Geletterdheidinzicht.nl) Gezondheid Op het gebied van gezondheid zijn de opgaven groot. Er zijn in Groningen hardnekkige en toenemende (intergenerationele) ongezondheid en gezondheidsachterstanden. Tegelijkertijd is er sprake van regionale verschillen. In de Ommelanden is de gezondheid veel minder goed dan in de rest van Nederland. In de gemeente Groningen is er een jonge en relatief gezonde bevolking. Tegelijkertijd zijn de verschillen tussen wijken in de stad Groningen groot. Hoewel de inwoners van Noord-Drenthe over het algemeen tevreden zijn over hun gezondheid zijn er tussen en binnen gemeenten verschillen. De onderliggende factoren zoals een groot aantal inwoners met een lage sociaaleconomische status, problemen op het gebied van inkomen, schulden, armoede, laaggeletterdheid en de aardbevingsproblematiek zijn van invloed op het aantal gezonde jaren. Ook met de mentale gezondheid van veel inwoners gaat het niet goed. Jongeren in het bijzonder hebben een tik gekregen door de stress van aardbevingen en de coronaperiode. Bij oudere leeftijdsgroepen zien we vaak eenzaamheid die leidt tot minder mentale veerkracht. Met de sociale agenda sluiten we aan bij de landelijke en regionale beweging die onder meer via het Integraal Zorgakkoord en het Gezond en Actief Leven Akkoord in gang is gezet.
De betrokken partijen werken op regionale schaal al goed en intensief samen aan de opgaven. Inhoudelijk richten we ons met de sociale agenda op het terugdringen van gezondheidsachterstanden bij de toekomstige generatie. Dit doen we door in te zetten op preventie en het bevorderen van het brede welzijn vanaf 9
Doelen sociale agenda de jonge jaren van een kind. Zo voorkomen we dat kinderen opgroeien met een gezondheidsachterstand. We investeren daarom vanaf jonge leeftijd en gedurende de hele levensloop in gezondheid en een gezonde leefstijl. Dat begint al bij de eerste duizend dagen van het leven die sterk bepalend zijn voor de gezondheid op latere leeftijd. Een gezonde generatie betekent een generatie die niet alleen fysiek gezond is, maar ook mentaal weerbaar is en leeft in een gezonde omgeving. De volgende doelen sluiten aan bij de doelen die onder meer zijn vastgesteld in het Regioplan ‘Gezonde Groningers, Gezonde Zorg’ en ook het Drentse Regioplan ‘Gezonde Marke’. 3. Meer gezonde levensjaren Iedere inwoner van Groningen en Noord-Drenthe moet zo lang mogelijk zo gezond mogelijk blijven. Gezondheid is breder dan de afwezigheid van ziekte en fysieke en mentale klachten. Gezondheid gaat over kwaliteit van leven en is belangrijk voor het geluksgevoel. Gelukkige mensen leven gezonder en blijven langer gezond.
Figuur 5. (Links) Levensverwachting bij geboorte per gemeente (bron: CBS/RIVM) Figuur 6. (Rechts) Levensverwachting in als goed ervaren gezondheid bij geboorte per gemeente (bron: CBS/RIVM) De levensverwachting bij geboorte is in Groningen lager dan gemiddeld in Nederland, 80 jaar gemiddeld in Groningen en 81,4 jaar gemiddeld in Nederland. Voor Drenthe geldt dat de levensverwachting in 2022 81,3 jaar was. Dit is vrijwel gelijk aan het Nederlands gemiddelde. De levensverwachting in als goed ervaren gezondheid bij geboorte is het gemiddeld aantal levensjaren dat mensen zouden mogen verwachten in goede ervaren gezondheid door te brengen. In Groningen was de levensverwachting in goede ervaren gezondheid en zonder lichamelijke beperkingen respectievelijk 65,5 en 71,4 jaar in 2020. De levensverwachting in goede ervaren gezondheid was in Nederland bijna 1,5 jaar hoger. In Drenthe was de levensverwachting in goede ervaren gezondheid en zonder lichamelijke beperkingen ongeveer gelijk aan het landelijk gemiddelde. In de provincie Groningen heeft 69 procent van de volwassenen een goed ervaren gezondheid. Landelijk gaat het om 70 procent. Tussen 2020 en 2022 is de ervaren gezondheid in de provincie Groningen verslechterd. De onderlinge verschillen binnen de regio zijn behoorlijk. 10
Doelen sociale agenda 4. Verbeteren van mentale gezondheid We zetten in op het verbeteren van de mentale gezondheid. We investeren in het versterken van de mentale weerbaarheid en het wegnemen van het grote aantal stressfactoren (armoede, schulden, laaggeletterdheid, etc.) die een negatieve invloed hebben op mentale (en ook de fysieke) gezondheid. Uit het regiobeeld van de provincie Groningen blijkt dat de opgaven op het gebied van mentale gezondheid groot zijn. Er is sprake van een toename van het aantal verwijzingen voor mensen met psychische klachten, de eenzaamheid stijgt en het aantal zelfdodingen ligt hoger dan het landelijk gemiddelde. In Drenthe is de psychische ongezondheid het hoogst bij volwassenen met de laagste inkomens, praktisch geschoolde volwassenen, jongvolwassenen en vrouwen en is het aandeel jongeren met jeugdhulp hoger dan in Nederland. 5. Meer bewegen en gezonder leven We zetten in op meer bewegen en gezonder leven. Dit draagt bij aan het verbeteren de algehele gezondheid en de mentale gezondheid. Uit onderzoek blijkt namelijk dat een ongezonde leefstijl verantwoordelijk is voor 20 procent van de ziektelast. Het percentage mensen met overgewicht in Groningen is hoger dan het gemiddelde in Nederland en neemt de komende jaren verder toe.
Ook in Drenthe zijn relatief meer mensen met matig en ernstig overgewicht dan gemiddeld in Nederland en ook daar neemt dit de komende jaren naar verwachting verder toe. We zien daarnaast dat leefstijl ook samenhangt met de sociaaleconomische positie die iemand heeft. Armoede Cijfers van het CBS laten zien dat inwoners in onze regio relatief vaak een (langdurig) laag inkomen en schuldenproblematiek hebben. Armoede kan iedereen overkomen, maar huishoudens met een (langdurig) laag inkomen lopen een groter risico op armoede. Dan gaat het veelal om huishoudens in de bijstand. Armoede is meer dan een individueel probleem. Het werkt door in families. Een kind dat in armoede opgroeit, heeft een grotere kans om later als volwassene ook in armoede te leven. Nergens in Nederland komt zoveel armoede voor als in de plattelandsregio in het zuidoosten van Groningen en het oosten van Drenthe. Ook intergenerationele armoede komt in het gebied veel voor. Een huishouden dat in armoede leeft, heeft een grote kans om schulden te krijgen. Uit het eindrapport van de Commissie sociaal minimum blijkt dat huishoudens net boven het bijstandsniveau zeer kwetsbaar zijn, omdat zij een te kleine financiële buffer hebben. Vermindering van armoede is dus ook belangrijk om schulden terug te dringen. Maar het ontstaan van schulden kan ook andere oorzaken hebben. Daarom zijn er verschillende interventies nodig.
De gevolgen voor mensen die leven met armoede en schulden kunnen ingrijpend zijn. Daarom willen we inzetten op: 6.
Verlaging van (intergenerationele) armoede.
Een toereikend en zeker inkomen helpt om armoede te verminderen. De Commissie sociaal minimum adviseert een nieuwe minimumnorm en dat het stelsel o.a. eenvoudiger, voorspelbaarder en toegankelijker moet zijn. Het is aan een nieuw kabinet om met deze aanbevelingen aan de slag te gaan. Daarom is inkomensverhoging geen onderdeel van de sociale agenda. Weliswaar is acuut geldgebrek vaak het startpunt van armoede, maar geldgebrek blijft niet altijd het grootste ervaren probleem. Sociale uitsluiting, verslaving, slechte gezondheid, of verstoorde familierelaties kunnen belangrijker worden dan geldgebrek. Langdurige en samenhangende ondersteuning op meerdere leefgebieden helpt om dit te doorbreken. Doe dit vanuit de leefwereld van mensen. 11
Doelen sociale agenda 7.
Minder problematische schulden
Schulden kunnen in een rap tempo oplopen door een stapeling van rentes, incassokosten en de kosten voor gerechtelijke procedures. Zo kan een kleine schuld een problematisch schuld worden. We willen er eerder bij zijn. Als er eenmaal problematische schulden zijn, heeft dit een grote impact op het leven van mensen. Denk aan chronische stress, relatieproblemen en ook gezondheidseffecten zijn niet gering. Mensen met schulden krijgen meer en vaker psychische klachten en stoornissen, ze ervaren meer en vaker lichamelijke klachten en beperkingen, en ze overlijden eerder dan mensen zonder schulden. Hoe sneller mensen uit de schulden zijn, des te eerder hebben zij weer een gezond financieel toekomstperspectief.
Figuur 7. (Linksboven) Personen van 15 jaar of ouder met een uitkering. Figuur 8. (Rechtsboven) Huishoudens met geregistreerde problematische schulden. Figuur 9. (Linksonder) Kinderen in bijstandsgezinnen. Figuur 10. (Rechtsonder) Mediaan besteedbaar inkomen per huishouden. Arbeidsparticipatie Onderdeel van de ambitie van de sociale en economische agenda is het verhogen van arbeidsparticipatie in de regio Groningen en Noord-Drenthe. Gemiddeld genomen nemen in onze regio minder mensen deel aan de arbeidsmarkt dan in de rest van Nederland. We weten dat mensen 12
Doelen sociale agenda door werk gelukkiger en gezonder zijn en minder risico hebben op bijvoorbeeld armoede en schulden. Het is daarom essentieel dat meer inwoners van onze regio deelnemen aan de arbeidsmarkt en participeren in de samenleving. Vanwege vergrijzing is er de komende decennia sprake van een langdurig tekort aan personeel. Dit betekent dat een kanteling in ons denken nodig is. De jaren van structurele werkloosheid lijken achter ons te liggen. Er is meer inzet nodig op het naar werk helpen van mensen.
Figuur 11. (Linksboven) netto arbeidsparticipatie. Figuur 12. (Rechtsboven) aandeel onbenut arbeidspotentieel. Figuur 13. (Linksonder) Arbeidsdeelname jongeren 15-27 jaar. Figuur 14. (Rechtsonder) Voortijdig schoolverlaters. Momenteel nemen in Groningen en Noord-Drenthe relatief weinig inwoners deel aan de arbeidsmarkt. Diverse partijen en netwerken zijn al betrokken bij het verbeteren van deze situatie. Hierdoor is de situatie de afgelopen jaren al verbeterd en hebben we onze achterstand verkleind ten opzichte van de rest van Nederland. Dit is een resultaat van de inspanningen van de huidige betrokken
13
Doelen sociale agenda partijen. Samen met deze partijen bouwen we verder aan het verbeteren van de situatie van onze regio. We versterken en bestendigen wat er al is. We sluiten aan bij de reeds lopende regionale programma’s en de doelen die daarbij zijn geformuleerd. Daar werken betrokken partijen al met elkaar samen en daar zit de (regionale) energie op. Hierbij gaat het onder andere om Werk in Zicht en Werken aan Ontwikkeling. Samen met de partijen in het veld onderzoeken we gezamenlijk hoe we de huidige inzet kunnen verbreden en langdurig kunnen borgen. Daarnaast gaan we met partijen in gesprek over welke aanvullende inzet er eventueel wenselijk is vanuit de sociale agenda om samen nog meer resultaat te kunnen halen op de doelstellingen. Om de arbeidsparticipatie te verhogen richten we ons in het bijzonder op het volgende doel: 8. Vergroten van (arbeids-)participatie van jongeren en inwoners die langdurig aan de kant staan Jongeren in onze regio hebben specifieke aandacht nodig. Een deel van deze jongeren valt uit in het onderwijs, haalt geen startkwalificatie, is niet bekend bij UWV of gemeente en kent verschillende vormen van problematiek. Relatief veel jongeren in onze regio verlaten voortijdig (zonder startkwalificatie) het onderwijs. Hierdoor hebben zij minder perspectief op de arbeidsmarkt en hebben zij onder andere een risico op armoede en gezondheidsproblemen.
Deze ontwikkeling willen we keren met een samenhangende aanpak en meer samenwerking tussen verschillende betrokken partijen vanuit onderwijs, werkgevers en overheid. Momenteel staat nog een te grote groep inwoners langs de kant. Dit heeft grote gevolgen voor het welzijn van deze inwoners. Deze groep willen we ondersteunen om weer deel te nemen aan de samenleving en/of aan het werk te gaan. Specifiek richten we ons op inwoners met een arbeidsbeperking omdat deze groep veelal in een kwetsbare positie verkeerd waarbij problemen op meerdere leefgebieden zijn ontstaan. Deze groep willen we weer betrekken bij de samenleving en arbeidsmarkt. Hierdoor worden problemen op meerdere leefgebieden in één keer opgelost. Dit kan met een samenhangende aanpak vanuit onderwijs, werkgevers en overheid. Vergroten van de leefbaarheid en de sociale cohesie 9. Versterken van de sociale leefbaarheid We versterken de sociale leefbaarheid in Groningen en Noord-Drenthe. Belangrijk hiervoor zijn een prettige woon- en leefomgeving, goede maatschappelijke voorzieningen, een goed verenigingsleven, burgerinitiatieven, een rijk palet aan sociale en culturele activiteiten en een sterk netwerk van vrijwilligers. Voor veel mensen is de aanwezigheid van een ontmoetingsplaats voor dorps- of buurtgenoten essentieel. Juist veel van deze voorzieningen staan onder druk in kleinere kernen.
Dit moet in de directe omgeving aanwezig zijn om de sociale leefbaarheid te stimuleren. Bovenlokale maatschappelijke voorzieningen zijn in de grotere kernen of centra aanwezig. We zien dat er in Groningen en Noord-Drenthe sprake is van een dubbele vergrijzing die harder uitpakt dan in de rest van het land. In 2040 is naar verwachting in onze regio de verhouding beroepsbevolking vs. gepensioneerden 1:2, terwijl het Nederlands gemiddelde 1:1 is. Daarnaast is de verwachting dat de krapte op de arbeidsmarkt blijft bestaan. Met deze ontwikkelingen zal een deel van de vraag naar ondersteuning zich richten op de sociale spankracht van wijk en dorp. Vooral in de gebieden waar de financiële draagkracht onder druk staat heeft dit grote gevolgen. We waarderen en
14
Doelen sociale agenda versterken de vele mooie maatschappelijke initiatieven die er zijn en worden genomen. We koesteren noaberschap. 10. Vergroten van zelfbewustzijn, trots en regionale identiteit. Nij Begun biedt bij uitstek een mogelijkheid om een nieuwe impuls te geven aan het regionale zelfbewustzijn. Want die heeft de afgelopen periode schade opgelopen. Een zeker zelfbewustzijn ontbreekt maar al te vaak in onze regio of is (te) verholen aanwezig. Terwijl onze regio letterlijk en figuurlijk een rijke culturele erfenis kent en we trots zijn op ons gebied, onze cultuur en onze initiatieven. Kennismaken, leren waarderen en het gesprek over ons (im-)materiële erfgoed is een verrijking voor jong en oud. Het spreekt tot de verbeelding en het biedt vooral de mogelijkheid om op een open manier cultureel zelfbewust te zijn. Weten waar we vandaan komen, vormt de brandstof voor onze (gewenste) toekomstige ontwikkeling. En is ook een bindmiddel, een ‘gemeenschappelijke ruimte’ in onze regio. Een regio om trots op te zijn! Afrondend: opgave, missie, visie, waarden, uitgangspunten en afbakening De opgave van Nij Begun is helder. Breng de regio binnen 30 jaar op de belangrijke indicatoren van brede welvaart naar het landelijk gemiddelde. De sociale agenda draagt daaraan bij. De thema’s van de sociale agenda zijn zeer breed geformuleerd.
Niet alle problemen op de gebieden van gezondheid, armoede en inkomen, leefbaarheid en onderwijs kunnen echter worden opgelost. Dat vraagt om een duidelijke afbakening. Allereerst is gekozen voor de focus op de jeugd. De jeugd heeft de toekomst. Als we intergenerationeel achterstanden willen doorbreken moeten we vroeg bij jongeren en hun omgeving beginnen. Breed onderkend in de regio wordt het belang van bereikbaarheid. De leefbaarheid staat onder druk. Openbaar vervoer is veelal van onvoldoende kwaliteit of zelfs afwezig. En voor veel mensen (te) duur. Dit zet gemeenschappen en sociale samenhang onder druk en maakt dat voorzieningen nog minder in de benen kunnen blijven. Daar ligt dus een taak voor het Rijk. Bereikbare voorzieningen op een betaalbare manier is een conditio sine qua non voor de toekomstige leefbaarheid. Ons voorstel is echter om uit de sociale agenda geen (openbaar) vervoer projecten te financieren. Dat is immers begrotelijk. De financiële polsstok reikt simpelweg niet ver genoeg om hiermee echt het verschil te kunnen maken. Dat neemt niet weg dat hier naar onze mening wel een taak voor het Rijk ligt. Armoedebestrijding is ook een opdracht voor de sociale agenda. In 2023 publiceerde de Commissie sociaal minimum een advies over het bestaansminimum. Vastgesteld is dat deze voor Nederland te laag is.
Sommige mensen komen tot honderden euro per maand tekort om toereikend te kunnen leven. Dit advies onderschrijven wij. Tegelijkertijd zien wij het niet als opdracht van de sociale agenda om het minimum specifiek voor deze regio op een hoger niveau te leggen. Ook daar ligt een opdracht voor het Rijk. De focus zal op dit gebied dan ook liggen op het voorkomen en aanpakken van problematische schulden. Een enorm probleem voor mensen die in armoede leven en dat verder strekt dan geldelijke zorgen alleen. Het leidt tot stress, spanningen in het gezin en minder deelname aan de maatschappij. Randvoorwaarde voor het slagen van de doelstellingen van Nij Begun is dat gemeenten en maatschappelijke instellingen voldoende Rijksfinanciering krijgen om hun reguliere taken uit te voeren. Deze staan voortdurend onder druk. De sociale agenda is niet bedoeld om gaten te vullen die dreigen te ontstaan, maar de doelstellingen komen wel onder druk als de basis onvoldoende door het Rijk wordt geborgd. Daarom stellen we hier expliciet dat de sociale agenda is bedoeld om structurele, intergenerationele problemen aan te pakken. De middelen worden daarvoor ook bestemd. 15
Doelen sociale agenda Tegelijkertijd wordt deze agenda alleen een succes als het Rijk er zorg voor draagt dat de basisfinanciering op orde is. Uit alle publieke bijeenkomsten kwam de expliciete wens naar voren om de gemeenschapszin te versterken en waarderen. De identiteit van de regio heeft door de jarenlange ellende een enorme knauw gekregen. Maar er is een enorme trots. Ook wordt breed gedeeld dat alle inwoners hun leven moeten kunnen verbreden: jong en oud. Kennismaken met een muziekinstrument, met sport, met cultuur en met de unieke landschappen wordt breed onderkend als van grote waarde. Dat behoort daarmee tot de focus van de sociale agenda. Bovendien stellen we waarden en operationele uitgangspunten voor. Zo doen we liever een aantal dingen goed, dan van alles een beetje. En kiezen we zoveel mogelijk voor voorkomen en koesteren we de structurele aanpak die we kunnen plegen, omdat er al veel te vaak sprake is van projectfinanciering. En we waken ervoor de uitvoeringskosten minimaal te houden, zodat de euro’s terechtkomen waarvoor ze zijn bedoeld. Op basis van deze missie, visie, waarden, doelen en uitgangspunten willen we eind van dit jaar het voorstel voor de sociale agenda Groningen en Noord-Drenthe aan u voorleggen.
16
Doelen sociale agenda
Opgave Nij Begun: Binnen één generatie (gesteld op 30 jaar) tenminste op het nationaal gemiddelde komen op de belangrijkste indicatoren van brede welvaart. De sociale agenda draagt daaraan bij. Missie: De sociale agenda bevordert de kwaliteit van leven van alle inwoners van Groningen en Noord-Drenthe. Dit doen we op vier terreinen: gezondheid, kansengelijkheid, leefbaarheid en bestaanszekerheid. We waarderen samenredzaamheid, gemeenschapszin en trots. Visie: We willen de kwaliteit van leven in Groningen en Noord-Drenthe binnen één generatie (gezet op 30 jaar) op vier terreinen structureel verbeteren. Daarbij stimuleren we samenredzaamheid, gemeenschapszin en trots. Voor jongeren hebben we bijzondere aandacht. Onze waarden: 1. De jeugd heeft de toekomst. De verbetering van de positie van onze inwoners begint daar. 2. We lopen een marathon en geen sprint. We investeren structureel in onze inwoners. 3. Maatschappelijke problemen vragen een samenhangende benadering. We voorkomen versnipperde deelbenaderingen en pakken vraagstukken collectief aan waar dat kan. 4. Voorkom in plaats van genees. We kiezen voor preventie. Erger kan vaak worden voorkomen als er eerder aandacht is voor opkomende problemen: op school, in de financiële situatie en om gezond te blijven. 5. De gemeenschapszin wordt gewaardeerd en versterkt. We benutten de kracht van sport, cultuur en onze omgeving. 6.
We waarderen waar we vandaan komen en dragen die waardering met gepaste trots uit. Operationele uitgangspunten: 1. De doelen staan centraal. Daarmee brengen we focus aan en houden we oog voor de onderlinge samenhang tussen doelen. Zo gaan we daadwerkelijk het verschil maken. 2. We versterken, bestendigen en verbeteren wat er is. We sluiten aan bij de reeds lopende, regionale programma’s en de doelen die daarbij zijn geformuleerd. Daar werken betrokken partijen al reeds met elkaar samen en daar zit de (regionale) energie op. 3. We ontwikkelen alleen nieuwe plannen als ze noodzakelijk zijn om de doelen te realiseren. 4. We zetten in op effectieve aanpak om onze doelen te bereiken. Daarbij leren we voortdurend. We toetsen periodiek (3-5 jaar) of de aanpak de verwachte resultaten bereikt en of bijstelling nodig is. 5. Alle voorstellen worden gesteund door de partijen die ze uitvoeren en zij kunnen dat ook. 6. Geld komt terecht op de terreinen en bij mensen, waarvoor het bedoeld is. Er wordt geen geld verspild. 7. Maatschappelijke problemen zijn ook economisch van aard. De sociale en economische agenda sluiten naadloos op elkaar aan. Onze Doelen: 1. Vergroten van gelijke kansen voor kinderen en jongeren. 2. Stimuleren van meer taalbevordering, in het bijzonder voor kinderen en jongeren 3. Meer gezonde levensjaren 4. Verbeteren van mentale gezondheid 5.
Meer bewegen en gezonder leven 6. Verlaging van (intergenerationele) armoede. 7. Minder problematische schulden 8. Vergroten van (arbeids-)participatie van jongeren en inwoners die langdurig langs de kant staan 9. Versterken van de sociale leefbaarheid 17 10. Vergroten van zelfbewustzijn, trots en regionale identiteit.