CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

06-02 Buitenwoel, Golfkop - Pieter de Hooghkade vast te stellen compleet

Commissie Fysiek 6 mei 2024, gemeente VeendamBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan “Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade”22.621 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Buitenwoel, Golfkop - Pieter de Hooghkade

bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop - Pieter de Hooghkade

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Bijlage bij de toelichting

55

Bijlage 1

Ladderonderbouwing

56

Bijlage 2

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

65

Bijlage 3

Bodemonderzoek

105

Bijlage 4

Stikstofonderzoek

179

Bijlage 5

Quickscan flora en fauna

181

Bijlage 6

Uitgangspuntennotitie water

183

Regels

191

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

192 192 195

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels Woongebied

196 196

Hoofdstuk 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

199 199 200 201 202

Hoofdstuk 4 Artikel 8 Artikel 9

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

203 203 204

Bijlagen bij de regels

205

Bijlage 1

overzicht toegestane beroepen aan huis

206

Bijlage 2

overzicht toegestane bedrijven aan huis

207

2

Inhoudsopgave (vastgesteld)

bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop - Pieter de Hooghkade

Toelichting

Toelichting (vastgesteld)

3

Bestemmingsplan

Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade

April 2024

Vastgesteld

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade

Bestemmingsplan: IDN: Status: Datum:

Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade NL.IMRO.0047.08BPHooghkade-0401 Vastgesteld April 2024

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

2

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

TOELICHTING

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

3

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ...................................................................................... 6 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

AANLEIDING ......................................................................................................................................... 6 LIGGING VAN HET PLANGEBIED .................................................................................................................. 6 DE BIJ HET PLAN BEHORENDE STUKKEN ........................................................................................................ 7 HUIDIGE PLANOLOGISCHE REGIME .............................................................................................................. 7 LEESWIJZER .......................................................................................................................................... 8

HOOFDSTUK 2 DE HUIDIGE SITUATIE ........................................................................ 9 HOOFDSTUK 3 PLANBESCHRIJVING ........................................................................ 11 3.1 3.2

GEWENSTE ONTWIKKELING ..................................................................................................................... 11 VERKEER EN PARKEREN .......................................................................................................................... 12

HOOFDSTUK 4 BELEIDSKADER .............................................................................. 14 4.1 4.2 4.3 4.4

RIJKSBELEID ........................................................................................................................................ 14 PROVINCIAAL BELEID ............................................................................................................................. 16 REGIONAAL BELEID ............................................................................................................................... 19 GEMEENTELIJK BELEID ........................................................................................................................... 20

HOOFDSTUK 5 MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN..................................................... 25 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9

GELUID ............................................................................................................................................. 25 BODEMKWALITEIT ................................................................................................................................ 26 LUCHTKWALITEIT ................................................................................................................................. 27 EXTERNE VEILIGHEID ............................................................................................................................. 28 MILIEUZONERING ................................................................................................................................ 29 GEUR................................................................................................................................................ 31 ECOLOGIE .......................................................................................................................................... 32 ARCHEOLOGIE & CULTUURHISTORIE ......................................................................................................... 33 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE.......................................................................................................... 34

HOOFDSTUK 6 WATERASPECTEN........................................................................... 37 6.1 6.2

VIGEREND BELEID ................................................................................................................................. 37 WATERPARAGRAAF .............................................................................................................................. 38

HOOFDSTUK 7 JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING ............................... 40 7.1 7.2 7.3

INLEIDING .......................................................................................................................................... 40 OPZET VAN DE REGELS ........................................................................................................................... 40 VERANTWOORDING VAN DE REGELS .......................................................................................................... 41

HOOFDSTUK 8 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID ..................................................... 43 HOOFDSTUK 9 VOOROVERLEG, INSPRAAK EN ZIENSWIJZEN ......................................... 44 9.1 9.2 9.3

VOOROVERLEG .................................................................................................................................... 44 INSPRAAK .......................................................................................................................................... 44 ZIENSWIJZEN ...................................................................................................................................... 44

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING .................................................................................. 45 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2

LADDERTOETS.............................................................................................................................. 46 AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI .................................................................................. 47 BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

4

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6

VERKENNEND BODEMONDERZOEK .................................................................................................... 48 STIKSTOFONDERZOEK .................................................................................................................... 49 QUICKSCAN FLORA EN FAUNA .......................................................................................................... 50 UITGANGSPUNTENNOTITIE WATERSCHAP ............................................................................................ 51

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

HOOFDSTUK 1 1.1

INLEIDING

Aanleiding

Dit bestemmingsplan heeft betrekking op de locatie (hierna: plangebied) tussen de Mondriaanlaan en de Golflaan in de wijk Buitenwoel in het noorden van de kern Veendam. De locatie staat tevens bekend onder de naam “Golfkop”. Ter plaatse van het plangebied is in 2020, ten behoeve van een woningbouwontwikkeling elders in Veendam, de mogelijkheid om woningen te bouw ‘wegbestemd’. Door aanhoudende vraag naar woningbouw, heeft de gemeente Veendam het plan opgevat om ter plaatse van het plangebied woningbouw mogelijk te maken. Concreet ziet het voornemen op de realisatie van 16 rijwoningen en 12 rug-aan-rug woningen. De woning zijn geschikt voor starters en bedienen ook deze specifieke doelgroep. Het realiseren van 28 woningen is op basis van het geldende bestemmingsplan niet toegestaan. Om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken, dient het bestemmingsplan ter plaatse van het plangebied te worden herzien. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gewenste juridisch planologische kaders, waarbij wordt aangetoond dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

1.2

Ligging van het plangebied

Het plangebied ligt in het noorden van de kern Veendam, tussen de Mondriaanlaan en de Golflaan. De locatie staat kadastraal bekend als gemeente Veendam, sectie O, nummer 1914 (gedeeltelijk). De noordzijde van het plangebied wordt begrensd door een groenvoorziening langs de Golflaan. De oost- en zuidzijde van het plangebied worden begrensd door water. Aan de westzijde vormt de Mondriaanlaan de begrenzing. In afbeelding 1.1 is de ligging van het plangebied ten opzichte van Veendam en ten opzichte van de directe omgeving weergegeven. De rode ster en de rode omlijning geven respectievelijk de locatie en indicatieve begrenzing van het plangebied weer. Voor een exacte weergave van de begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding.

Afbeelding 1.1

Ligging van het plangebied ten opzichte van Veendam en de directe omgeving (Bron: Plattekaart.nl)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

6

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

1.3

De bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan “Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade” bestaat uit de volgende stukken: • •

verbeelding (NL.IMRO.0047.08BPHooghkade-0401) en een renvooi; regels (met bijbehorende bijlagen).

Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.

1.4

Huidige planologische regime

1.4.1

Algemeen

Het plangebied ligt binnen de begrenzing van de bestemmingsplannen “Bestemmingsplan Buitenwoel” en “Buitenwoel herziening”. Deze bestemmingsplannen zijn respectievelijk vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Veendam op 28 september 2009 en 14 december 2020. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding behorende bij de geldende bestemmingsplannen opgenomen. Het plangebied wordt hierop aangeduid met de rode omlijning.

Afbeelding 1.2

1.4.2

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan “Veendam Noord” (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Beschrijving bestemmingen

Bestemmingsplan “Bestemmingsplan Buitenwoel” Op basis van het “Bestemmingsplan Buitenwoel” is het plangebied voorzien van de bestemmingen ‘Woongebied’ en ‘Groen’. Hierna wordt op de geldende bestemmingen ingegaan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

7

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld Bestemming ‘Woongebied’ De voor ‘Woongebied’ aangewezen gronden zijn onder andere bestemd voor wonen en aan huis verbonden beroepen. Woningen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. Een bouwvlak ontbreekt binnen het plangebied. Bestemming ‘Groen’ De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor groenvoorzieningen, water en openbare nutsvoorzieningen. In de bouwregels is bepaald dat uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen mogen worden gebouwd. Hiervoor gelden maximale bouwhoogtes. Bestemmingsplan “Buitenwoel herziening” Op basis van het bestemmingsplan “Buitenwoel herziening” is het plangebied uitsluitend voorzien van de bestemming ‘Woongebied’. Bestemming ‘Woongebied’ De voor 'Woongebied' aangewezen gronden zijn onder andere bestemd voor wonen verkeer en verblijf. In de bouwregels is bepaald dat het bouwen van hoofdgebouwen (woningen) niet is toegestaan. 1.4.3

Strijdigheid

Doordat binnen de in het plangebied opgenomen bestemming ‘Woongebied’ het niet is toegestaan woningen te bouwen, is de voorgenomen ontwikkeling in strijd met het vigerend planologisch regime. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het benodigde juridische planologische kader waarmee de voorgenomen ontwikkeling mogelijk kan worden gemaakt.

1.5

Leeswijzer

Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie in het plangebied en de omgeving gegeven. Hoofdstuk 3 bevat een beschrijving van het gewenste plan. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het Rijk, de provincie Groningen en de gemeente Veendam beschreven. In hoofdstuk 5 passeren alle relevante milieu- en omgevingsaspecten de revue. Hoofdstuk 6 gaat in op de wateraspecten. In de hoofdstukken 7 en 8 wordt respectievelijk ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording en de economische uitvoerbaarheid. Hoofdstuk 9 gaat in op het vooroverleg en inspraak.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

8

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

HOOFDSTUK 2

DE HUIDIGE SITUATIE

Het plangebied bevindt zich in een omgeving waar functioneel gezien nagenoeg alleen woonfuncties aanwezig zijn. De ruimtelijke structuur rondom het plangebied wordt bepaald door de infrastructuur en water. Het plangebied zelf is in de huidige situatie ingericht als onbebouwd grasland. In afbeeldingen 2.1 en 2.2 is met een luchtfoto en straatbeelden de bestaande situatie in het plangebied weergegeven. Het plangebied is op de luchtfoto aangeduid met de rode omlijning.

Afbeelding 2.1

Luchtfoto ligging plangebied (Bron: PDOK)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

9

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

Afbeelding 2.2

Straatbeeld plangebied vanaf de Mondriaanlaan (Bron: Google Streetview)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

10

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

HOOFDSTUK 3 3.1

PLANBESCHRIJVING

Gewenste ontwikkeling

De voorgenomen ontwikkeling voorziet in het realiseren van in totaal 28 woningen. Het gaat hierbij om 16 rijwoningen en 12 rug-aan-rug woningen. Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling is door de gemeente Veendam een stedenbouwkundig plan opgesteld. In afbeelding 3.1 is de het stedenbouwkundig plan weergegeven.

Afbeelding 3.1

Stedenbouwkundig plan (Bron: Gemeente Veendam)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

11

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld De rijwoningen zijn aan de noordzijde van het plangebied beoogd en worden in vier blokken van vier gerealiseerd. De rug-aan-rug woningen zijn als één blok in het zuiden van het plangebied beoogd. Qua stedenbouwkundige structuur is aangesloten op het woongebied ten westen van het plangebied. De te realiseren woningen betreffen (goedkope)koopwoningen die geschikt zijn voor starters. Voor de ontsluiting van het plangebied worden twee nieuwe in- en uitritten gerealiseerd. Het gaat om een ontsluiting op de Mondriaanlaan en de Golflaan. Het betreft een feite één nieuwe weg die door het plangebied loopt. Aan deze weg, alsmede aan de Mondriaanlaan wordt voorzien in parkeergelegenheid. Het voornemen betreft een woongebied te realiseren in een groene woonomgeving. Om dit te realiseren worden in het plangebied meerdere bomen aangeplant. De bomen worden zodanig aangeplant, dat deze de rechtlijnige verkaveling in en om het plangebied benadrukken.

3.2

Verkeer en parkeren

3.2.1

Algemeen

Bij het opstellen van bestemmingsplannen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling, evenals een eventuele toename van de verkeersgeneratie. Voor het bepalen van de parkeerbehoefte hanteert de gemeente Veendam de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig Parkeren’. De hierin aangegeven parkeercijfers bestaan uit een minimum- en maximumwaarde. Er wordt hierbij gebruik gemaakt van de gemiddelde parkeerbehoefte en de gemiddelde verkeersgeneratie. 3.2.2

Uitgangspunten

In het kader van de voorgenomen ontwikkeling wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten: • • • 3.2.3

Stedelijke zone: schil centrum; Verstedelijkingsgraad: matig stedelijk; Gewenste functie: koop, huis, tussen/hoek. Parkeren

Op basis van de hiervoor genoemde uitgangspunten ontstaat de volgende parkeerbehoefte: Functie Koop, huis, tussen/hoek Totaal

Parkeerkencijfer 1,7 (per woning)

Aantal 28 woningen

Totale parkeerbehoefte 47,7 47,6

Op basis van bovenstaande berekening brengt de ontwikkeling een totale parkeerbehoefte van 48 parkeerplaatsen met zich mee. In totaal worden 48 parkeerplaatsen in het plangebied gerealiseerd. Hiermee wordt voldaan aan de parkeerbehoefte. Geconcludeerd wordt dat het aspect 'parkeren' geen belemmering oplevert voor het voorliggend voornemen. 3.2.4

Verkeer

Met de voorliggende ontwikkeling worden 28 woningen gerealiseerd. Op basis van de vorenstaande uitgangspunten ontstaat qua verkeersgeneratie als gevolg van het plan het volgende beeld uitgaande van het gemiddelde: Functie Koop, appartement, midden Totaal

Verkeergeneratie 6,9 (per woning)

Aantal 28 woningen

Totale verkeersgeneratie 193,2 193,2

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

12

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld Op basis van de bovenstaande berekening brengt de ontwikkeling een totale verkeersgeneratie van 194 verkeersbewegingen per etmaal met zich mee. Dit verkeer zal het plangebied verlaten via een nieuw te maken ontsluiting op de Mondriaanlaan en een rechtstreekse aansluiting op de Golflaan. De omliggende wegenstructuur is van voldoende omvang om deze relatief kleine hoeveelheid aan verkeersbewegingen op een vlotte en verkeersveilige manier af te wikkelen. Geconcludeerd wordt dat het aspect 'verkeersgeneratie' geen belemmering oplevert voor voorliggend voornemen. 3.2.5

Conclusie

Gezien het vorenstaande wordt geconcludeerd dat er vanuit verkeerskundig oogpunt geen belemmeringen zijn voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

13

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

HOOFDSTUK 4

BELEIDSKADER

Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het Rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifiek voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven.

4.1

Rijksbeleid

4.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

4.1.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. 4.1.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal.

2.

Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair.

3.

Sterke en gezonde steden en regio’s Er zijn vooral in steden en stedelijke regio’s nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio’s behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio’s geborgd.

4.

Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

14

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan. 4.1.1.3 Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1.

2.

3.

Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van toekomstige generaties.

4.1.1.4 Toetsing van het initiatief aan de NOVI De NOVI laat zich niet specifiek uit over dergelijke kleinschalige ontwikkelingen. Het betreft een ontwikkeling waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in deze ruimtelijke onderbouwingbesloten ontwikkeling. 4.1.2

Ladder voor duurzame verstedelijking

4.1.2.1 Algemeen In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, de voorloper van NOVI, is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’.

4.1.2.2 Toetsing van het initiatief aan de Ladder voor duurzame verstedelijking Wat betreft de “Ladder voor duurzame verstedelijking” wordt opgemerkt dat toetsing noodzakelijk is bij “nieuwe stedelijke ontwikkelingen” (3.1.6 Bro). Hiervan is sprake. Er is dan ook een ladderonderbouwing

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

15

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld opgesteld door BJZ.nu. Deze is als bijlage 1 bijgevoegd. Uit de ladderonderbouwing volgt dat er sprake is van een binnenstedelijke ontwikkeling waar zowel kwalitatief als kwantitatief behoefte aan is. Het voornemen is dan ook in overeenstemming met de ladder voor duurzame verstedelijking. 4.1.3 Conclusie toetsing aan het Rijksbeleid Geconcludeerd wordt dat het voornemen in overeenstemming is met het rijksbeleid.

4.2

Provinciaal beleid

Het provinciaal beleid is verwoord in een tal van plannen. Het belangrijkste plan betreft de Omgevingsvisie provincie Groningen 2022 en de daarbij behorende Omgevingsverordening provincie Groningen. 4.2.1

Omgevingsvisie Groningen

4.2.1.1 Algemeen De Omgevingsvisie provincie Groningen is op 1 juni 2016 vastgesteld. Sindsdien is de visie een aantal keer gewijzigd en geactualiseerd. De meeste recente actualisatie is van mei 2022. De visie bevat een integrale lange termijnvisie van de provincie op de fysieke leefomgeving. Belangrijke onderwerpen in de Omgevingsvisie zijn het zorgen voor een aantrekkelijk woon- en leefklimaat, het benutten van ontwikkelingsmogelijkheden, het beschermen van karakteristieke bebouwde en onbebouwde elementen en het bieden van ruimte voor ondernemerschap. Een belangrijk doel van de Omgevingsvisie is om samenhang te brengen in het beleid voor de fysieke leefomgeving. Om dit te doen is al het provinciaal beleid in vijf thema’s en elf provinciale ‘belangen’ geordend. De thema’s en belangen zijn: Ruimte 1. Ruimtelijke kwaliteit 2. Aantrekkelijk vestigingsklimaat 3. Ruimte voor duurzame energie 4. Vitale landbouw Natuur landschap 5. Beschermen landschap en cultureel erfgoed 6. Vergroten biodiversiteit Water 7. Waterveiligheid 8. Schoon en voldoende water Mobiliteit 9. Bereikbaarheid Milieu 10. Tegengaan milieuhinder 11. Gebruik van de ondergrond Met de Omgevingsvisie wil de provincie Groningen aansluiting vinden bij maatschappelijke ontwikkelingen en hier samen met anderen aan werken.

De provincie ziet drie dominante ontwikkelingen, namelijk: bevolkingsontwikkeling, de digitale revolutie en de energietransitie. Uit afbeelding 4.1 blijkt dat het plangebied ligt in het stedelijk gebied. Het plangebied is met een rode omlijning aangeduid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

16

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

Afbeelding 4.1

Uitsnede kaart thema ‘ruimte’ Omgevingsvisie provincie Groningen (Bron: provincie Groningen)

De voorgenomen ontwikkeling heeft binnen de zojuist benoemde thema’s het meeste raakvlak met het thema Ruimte en dan specifiek de belangen ruimtelijke kwaliteit en aantrekkelijk vestigingsklimaat. Hierna wordt op de betreffende onderdelen nader ingegaan. 4.2.1.2 Ruimtelijke kwaliteit De provincie Groningen streeft naar een zo hoog mogelijke ruimtelijke kwaliteit. Ruimtelijke kwaliteit wordt bepaald door de mate waarin binnen een gebied de gebruikswaarde, de belevingswaarde en de toekomstwaarde in onderlinge verhouding geoptimaliseerd zijn. Een hoge ruimtelijke kwaliteit is van belang om de provincie aantrekkelijk te laten blijven om te wonen, werken en recreëren. Het omgevingsbeleid wordt zoveel mogelijk gericht op het bieden van kansen die zich voordoen in lokale en regionale situaties. Stedelijk gebied Onder stedelijk gebied wordt verstaan een stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel en horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en water en infrastructuur. De provincie wil stedelijke ontwikkelingen zo veel mogelijk laten plaatsvinden binnen bestaand stedelijk gebied, omdat de provincie het grote contrast tussen het stedelijk gebied en het buitengebied, dat zo bepalend is voor de identiteit van de provincie, wil behouden en versterken.

Dit in lijn met de 'ladder voor duurzame verstedelijking', die bij nieuwe stedelijke ontwikkeling vraagt om motivering en afweging van de ruimtevraag, de beschikbare ruimte en de ontwikkeling van de omgeving waarin het gebied ligt. Dit vraagt extra zorgvuldigheid bij ingrepen in het stedelijk gebied die een effect hebben op het buitengebied.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

17

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld 4.2.1.3 Aantrekkelijk vestigingsklimaat De provincie zet in op een leefbare omgeving, waar voldoende werk en dynamiek is. Een aantrekkelijk vestigingsklimaat wordt gerealiseerd door samen met gemeenten te werken aan een goede structuur voor wonen werken en opleiden. Gemeenten zijn goed op de hoogte van lokale omstandigheden en zijn vaak goed in staat maatwerkoplossingen te vinden voor de vraagstukken die op hen afkomen. Vraagstukken op het gebied van woningbouwlocaties, bedrijventerreinen en detailhandelslocaties zijn vaak gemeentegrens overstijgend. Gemeenten krijgen voor deze onderwerpen meer verantwoordelijkheid. Om te voorkomen dat gemeenten elkaar beconcurreren met een overaanbod vindt de provincie Groningen het belangrijk dat er in regionaal verband bij voorkeur integrale visies (structuurvisie, Omgevingsvisie of beleidsvisie) worden opgesteld. Daarbij moet worden voldaan aan de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' zoals die is opgenomen in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening. De rol van de provincie is om gemeenten hierbij te faciliteren/ondersteunen. Woningvoorraad De kwaliteit van het wonen levert een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid van de provincie.

Een hoge woonkwaliteit kan worden bereikt door het woningaanbod optimaal te laten aansluiten bij de wens van de inwoners; ook als het gaat om het soort kern waar men wil wonen: van een kleine kern tot een grote stad. Het is mogelijk om kleine kernen kleinschalig uit te breiden. Hiervoor worden primair de inbreidingsmogelijkheden benut. Door iedereen de mogelijkheid te bieden om daar te blijven of te komen wonen, wordt ook in de kleinere kernen een bijdrage geleverd aan het behoud van de sociale verbanden. 4.2.1.3 Toetsing van het initiatief aan de omgevingsvisie Voorliggend plan voorziet in het realiseren van 28 starterswoningen op een inbreidingslocatie in de kern Veendam. Door de beoogde woningen kunnen inwoners, en met name starters, van Veendam zich blijven vestigen binnen deze kleinere kern en wordt een bijdrage geleverd aan het behouden van lokale binding. Met het voornemen wordt een plek met weinig stedenbouwkundige kwaliteit ingevuld. De gewenste ontwikkeling zorgt voor een duurzame toekomstbestendige invulling van het plangebied en zorgt het voor een verbetering van de ruimtelijke en stedenbouwkundige kwaliteit in de omgeving. De voorgenomen woningbouwontwikkeling zorgt voor een logische afronding van de woonwijk. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de Omgevingsvisie van de Provincie Groningen. 4.2.2

Omgevingsverordening

Tegelijkertijd met de Omgevingsvisie is de bijbehorende Omgevingsverordening provincie Groningen vastgesteld. Ook de omgevingsverordening is een aantal keren partieel gewijzigd danwel geactualiseerd. In de verordening is aangegeven waarmee gemeenten bij ruimtelijke plannen rekening moeten houden. Voor de onderliggende onderbouwing is artikel 2.15.1 (Woningbouw) van de Omgevingsverordening van belang. 4.2.2.1 Artikel 2.15.1 (Woningbouw) 1.

2.

3.

Onverminderd artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening kan een bestemmingsplan alleen voorzien in de bouw van nieuwe woningen, voor zover deze woningbouwmogelijkheden naar aard, locatie en aantal overeenstemmen met een regionale woonvisie die rekening houdt met regionale woningbehoefteprognoses die de provincie elke twee jaar uitbrengt, of met nadere regels als bedoeld in het tweede lid. Wanneer niet binnen twee jaar na de inwerkingtreding van deze verordening een regionale woonvisie is vastgesteld, kunnen Gedeputeerde Staten op verzoek van de betrokken gemeenten nadere regels over de nieuwbouwruimte vaststellen. In afwijking van het eerste lid kan een bestemmingsplan - onverminderd artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening - voorzien in de bouw van nieuwe woningen, voor zover deze woningbouwmogelijkheden naar aard, locatie en aantal in overeenstemming zijn met: BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

18

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld a.

b.

een woonvisie of een woon- en leefbaarheidsplan waarover ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening overeenstemming bestaat met de gemeenten in het regionaal samenwerkingsverband waar de betreffende gemeente deel van uitmaakt, of bij het ontbreken van een dergelijk samenwerkingsverband, met de Groninger buurgemeenten van de betreffende gemeente; of de in het kader van de Regio Groningen-Assen tot stand gekomen regionale planningslijsten voor woningbouw.

4.2.2.2 Toetsing aan de omgevingsverordening Met de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling wordt goed aangesloten op het artikel 2.15.1 uit de verordening. Op een binnenstedelijke locatie wordt een ongebruikt perceel ontwikkeld tot een woongebied met starterswoningen. Hierbij wordt nadrukkelijk ingespeeld op het herbestemmen van een binnenstedelijke locatie. Hierdoor vindt geen extra ruimtebeslag plaats buiten het stedelijk gebied. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de Omgevingsverordening van de Provincie Groningen. 4.2.3

Conclusie toetsing aan het provinciaal beleid

Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Groningen verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.

4.3

Regionaal beleid

4.3.1

Regionale woondeal 2022-2030 Regio Oost-Groningen

De provincie werkt samen met gemeenten en het Rijk om 28.500 huizen in de provincie Groningen te bouwen. In 2030 moeten deze nieuwe woningen gebouwd zijn. Voor de regio's Eemsdelta, Oost-Groningen en Groningen-Assen hebben de gemeenten en provincies met de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening drie regionale woondeals ondertekend. In de woondeals staan afspraken over het aantal woningen dat per regio gebouwd wordt en wat de belangrijkste locaties, zogenaamde sleutelprojecten, zijn. In Oost-Groningen vindt een lichte toename van het aantal nieuwe woningen plaats. Daarnaast worden bestaande woningen vernieuwd en verduurzaamd. Dit betekent dat er ook woningen gesloopt zullen worden. De volkshuisvestelijke opgave in Oost-Groningen is naast een kwantitatieve opgave vooral kwalitatief van aard. De bevolkingssamenstelling verandert en woonwensen veranderen. De huidige woningvoorraad is daar nog niet goed op voorbereid. In deze regionale woondeal worden de provinciale afspraken tussen Rijk en provincie doorvertaald naar de gemeentelijke opgave. De gemeenten zetten zich, in samenwerking met corporaties en marktpartijen, in voor de realisatie van de opgave. Het gaat in de regio Oost-Groningen om de realisatie van in totaal 3.846 woningen in de periode tot en met 2030. Hiervan is minimaal 66% betaalbaar en betreft minimaal 30% sociale huurwoningen.

Het regionale aandeel van Veendam in deze deal betreft een bruto nieuwbouwambitie van 739 woningen. Er worden 64 woningen gesloopt. De beoogde netto uitbreiding komt daarmee op 675 woningen. Om deze opgave te kunnen realiseren zijn meerdere plannen in ontwikkeling die in totaal optellen tot netto 937 woningen. Hiervan zijn 305 woningen al planologisch vastgelegd in ruimtelijke plannen of zelfs al vergund. De overige plannen zijn minder hard en zullen niet allemaal gerealiseerd (kunnen) worden. De nadruk ligt op het ontwikkelen van betaalbare woningen

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

19

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

4.4

Gemeentelijk beleid

Het gemeentelijk beleid is verwoord in tal van plannen. Met betrekking tot de voorgenomen ontwikkeling zijn de hieronder genoemde beleidsstukken van belang. 4.4.1

Omgevingsvisie Veendam

4.4.1.1 Algemeen De gemeente Veendam heeft op 7 februari 2022 de Omgevingsvisie Veendam vastgesteld. De Omgevingsvisie Veendam laat zien waar de gemeente Veendam voor staat en waar de gemeente naar toe wil in de toekomst. De combinatie van ‘thema’s’, ‘waarden’ en ‘ambities’ bepaalt de mogelijkheden voor nieuwe initiatieven in de verschillende gebieden in de gemeente. Het plangebied valt binnen het gebied ‘woongebieden’. In de woongebieden wordt voornamelijk gewoond, maar er zijn ook verschillende voorzieningen te vinden. De woongebieden worden onderscheiden in drie wijken: Veendam Noord, Sorgvliet en Buitenwoel. Daarnaast maakt een gedeelte van Wildervank onderdeel uit van dit deelgebied. De woongebieden van Borgercompagnie, Bareveld, Wildervanksterdallen, Ommelanderwijk en Zuidwending en het overige deel van Wildervank zijn in de Omgevingsvisie beschreven onder het deelgebied lintdorpen. In voorliggend geval is het thema ‘Wonen’ van belang. Dit onderdeel wordt bij het aannemen van de nieuwe woonvisie (zie paragraaf 4.4.3) ook gewijzigd. Hieronder wordt op dit thema ingegaan. 4.4.1.2 Wonen In de gemeente Veendam is het fijn om te wonen en leven. Dat wordt ook wel een aantrekkelijk woon- en leefklimaat genoemd. Hoe ziet wonen in Veendam eruit? In de gemeente Veendam wordt op verschillende plekken gewoond.

Zo zijn veel woningen in het centrum te vinden, maar ook in de wijken Sorgvliet, Buitenwoel en Veendam Noord. Andere woongebieden zijn Wildervank en de kleinere lintdorpen: Borgercompagnie, Bareveld, Wildervanksterdallen, Ommelanderwijk en Zuidwending. Alle dorpen en wijken hebben hun eigen kenmerken en identiteit. Zo is de langgerekte structuur en het omliggende open landschap kenmerkend voor de lintdorpen. In de woongebieden en het centrum is relatief veel groen en water te vinden. Veendam wordt daarom ook wel Parkstad genoemd. Waar staat de Gemeente Veendam nu? In de gemeente Veendam stonden in 2021 in totaal 12.906 woningen. Van deze woningen zijn ongeveer 80% eengezinswoningen en het restant (20%) meergezinswoningen (appartementen). Circa 64% van de woningvoorraad zijn koopwoningen, 24% corporatiewoningen, 11% particuliere huurwoningen en 1% is onbekend. Op 1 januari 2021 telde de gemeente 27.417 inwoners. Volgens de bevolkingsprognose van de regio OostGroningen en provincie Groningen neemt de bevolkingsomvang af met ongeveer 1.000 personen in de periode 2020-2040. Ondanks deze verwachte bevolkingskrimp wordt voorspeld dat het aantal huishoudens in deze periode met ruim 600 huishoudens toeneemt . Dit komt omdat steeds meer mensen alleen wonen en vanuit de regio (Groningen en Assen) steeds meer richting Veendam trekken door de gevolgen van de overspannen woningmarkt.

Niet alleen de omvang van de bevolking verandert, ook de samenstelling. De voorspelling is dat door vergrijzing het aantal personen van 65 jaar of ouder sterk toeneemt tot 2040. Vooral het aantal 75-plussers groeit van circa 2.700 (10%) naar 4.700 (18%) personen. Dit heet dubbele vergrijzing. Tegelijkertijd is de verwachting dat het aantal personen jonger dan 30 afneemt. Dit wordt ontgroening genoemd. Wat komt er op de gemeente Veendam af?

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

20

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld De verwachting is dat de vraag naar woningen in de toekomst anders is dan nu. Dit vraagt om aanpassingen van de huidige woningvoorraad. Een ontwikkeling die hierbij meespeelt is dat ouderen langer zelfstandig blijven wonen in het kader van het scheiden van wonen en zorg. Doordat het aantal ouderen toeneemt, neemt de vraag naar levensloopbestendige woningen toe. De druk op de woningmarkt in de stad Groningen maar ook in Assen neemt steeds verder toe. Naar verwachting wijken steeds meer woningzoekenden uit naar omliggend gebied. Hierdoor neemt mogelijk de vraag naar woningen in Veendam toe. Door de energietransitie is het nodig in woningen energie wordt bespaard. Dit kan bijvoorbeeld door bestaande woningen (nog) beter te isoleren. Nieuwbouwwoningen kunnen bovendien zo gebouwd worden dat deze zo goed mogelijk omgaan met energie. Hoe ziet de gemeente Veendam de toekomst voor wonen? Om de groei van het aantal huishoudens op te kunnen vangen vindt de gemeente Veendam het belangrijk dat geïnvesteerd wordt in de woningvoorraad. De gemeente wil dat er nieuwe woningen worden gebouwd, maar ook dat de bestaande woningen verbeterd worden. Ook wil de gemeente dat een deel van de leegstaande winkelpanden getransformeerd wordt tot woningen.

De gemeente gaat in overleg met ondernemers die boven hun winkel ruimte beschikbaar hebben, met als doel deze ruimte in samenwerking met de ondernemer om te zetten in woningen. Dit draagt bij aan het verminderen van de leegstand. Bij de bestaande huurwoningen zet de gemeente in op verbetering, aanpassing en verduurzaming. Hiervoor maakt de gemeente prestatieafspraken met sociale verhuurders in de gemeente. De sociale verhuurders hebben in het Aedes-akkoord afgesproken dat hun woningvoorraad in 2050 CO2-neutraal en (aard)gasloos is. Daarnaast wil de gemeente het gesprek aangaan met particuliere beleggers die woningen verhuren, om hen aan te moedigen woningen te onderhouden, verbeteren en verduurzamen. Woningeigenaren stimuleert de gemeente door voorlichting (bijvoorbeeld via een website) over goede voorbeelden en mogelijkheden om de woning te verduurzamen. De gemeente maakt afspraken met projectontwikkelaars, bouwers, particuliere en sociale verhuurders over het realiseren van betaalbare woningen, met name voor één- en tweepersoonshuishoudens. De afspraken kunnen bijvoorbeeld gaan over de prijs van nieuwe woningen. De komende 20 jaar bouwt de gemeente circa 820 woningen in Veendam. Hiermee speelt de gemeente in op de verwachte veranderingen in de samenstelling van de bevolking.

De gemeente houd in de gaten of dit woningaantal, ook in de toekomst, past bij de vraag naar woningen. Daarom actualiseert de gemeente de Woonvisie in 2022 op basis van de laatste bevolkingsprognose en een woningmarktonderzoek. De gemeente heeft speciaal aandacht voor starters door duidelijk in beeld te brengen wat de wensen en behoeften zijn van starters. De gemeente wil maatwerkafspraken maken over huisvesting van kwetsbare doelgroepen. Zo heeft de gemeente Veendam net als andere gemeenten in Oost-Groningen een afspraak ondertekend dat mensen die uitstromen uit beschermd wonen, binnen drie maanden gegarandeerd op huisvesting kunnen rekenen. Daarnaast wil de gemeente in samenwerking met de jeugdzorg en het onderwijs kijken welke behoefte er is bij kwetsbare jongeren om begeleid te wonen. Tot slot wil de gemeente de vraag naar woonwagenstandplaatsen in kaart brengen. Bij voorkeur pakken we dit in regionaal verband op. De samenwerking tussen de sectoren Wonen en het Sociaal Domein wil de gemeente verbeteren. Wonen en zorg moeten bij zowel nieuwbouw als in de bestaande woningvoorraad beter op elkaar afgestemd worden. De gemeente houd daarom de vraag en aanbod van (voormalige) verzorgings- en verpleeghuizen in de gaten. Doordat ouderen steeds langer zelfstandig blijven wonen kan de vraag naar deze woonopties afnemen. Dit kan uiteindelijk leiden tot leegstand.

Door de vraag en het aanbod in de gaten te houden kan de gemeente op tijd inspelen op eventuele leegstand en nadenken over functieverandering. Er moet meer aandacht besteed worden aan de bouw van levensloopgeschikte woningen. Maar de gemeente wil ook ouderen informeren over (preventieve) woningaanpassingen, mogelijkheden voor zorg aan huis en mogelijkheden voor een verhuizing. Dit bij voorkeur in samenwerking met de huurdersorganisaties, ouderenbonden, corporaties en andere partijen. Samen met Acantus werkt de gemeente aan het opstellen

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

21

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld van Meerjarige Regionale Samenwerkingsafspraken onder andere met betrekking tot levensloopgeschikte woningen. De gemeente staat open voor creatieve oplossingen voor slim (her)gebruik van monumentale panden of het opzetten van creatieve woonconcepten. Er staan in de gemeente Veendam diverse oudere “bejaardenwoningen” die eigenlijk niet meer aan de eisen van de tijd voldoen. De gemeente is er een voorstander van om deze op den duur op een verantwoorde wijze te vervangen. Daarbij ziet de gemeente mogelijkheden voor tijdelijke verhuur aan starters onder voorwaarden (geen overlast). Omdat er veel onzeker is over de woningbouwontwikkeling en de vraag naar woningen blijft de gemeente continu peilen hoeveel woningen benodigd zijn. Mocht blijken dat er na de realisatie van de huidige woningbouwopgave meer woningen benodigd zijn, sluit de gemeente mogelijkheden voor verdere uitbreiding van het aanbod niet uit. De ruimtelijke structuur van Veendam is daarbij de leidraad. 4.4.1.3 Toetsing van het initiatief aan de ‘Omgevingsvisie Veendam’ In voorliggend bestemmingsplan is sprake van het toevoegen van 28 starterswoningen. Met de gewenste ontwikkeling wordt ingespeeld op de vraag naar starterswoningen. Met het voornemen wordt een bestaande woonwijk op logische wijze ‘afgerond’.

Daarnaast zorgt het voornemen voor een duurzame toekomstbestendige invulling van het plangebied. Al met al wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de ‘Omgevingsvisie Veendam’ is. 4.4.3

Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam

4.4.3.1 Algemeen In de Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam verwoordt het gemeentebestuur zijn visie op het toekomstbestendig houden van de bestaande woningvoorraad en de voornamelijk kwalitatieve nieuwbouw die als afgeleide daarvan nodig is. De gemeente wil door middel van nieuwbouw inspelen op de veranderende bevolkingssamenstelling. Centraal staat hierin de uitspraak in het Coalitieakkoord “Iedereen in Veendam moet geschikte woonruimte kunnen vinden die aansluit bij de eigen behoefte”. In de Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam is de woningbehoefte die naar voren komt uit de regionale huishoudensprognose 2016 en het regionaal woningmarktonderzoek 2017, als uitgangspunt genomen. Dit is in lijn met de afspraken die in de regio met provincie woningcorporaties en gemeenten in Oost-Groningen zijn gemaakt en vastgelegd in het Regionaal prestatiekader 2018-2023. 4.4.3.2 Nieuwbouw is noodzakelijk Nieuwbouw in Veendam wordt door de gemeente Veendam als essentieel onderdeel gezien om te komen tot modernisering van de woningvoorraad. Bij nieuwbouw gaat het voor Veendam enerzijds om uitbreiding van de voorraad en anderzijds om ‘verversing’ van de bestaande voorraad. In het regionaal prestatiekader is onder andere afgesproken dat de Oost Groninger gemeenten hun woningmarktbeleid vormgeven met de regionale bevolkingsprognoses als basis.

Het opstellen van deze prognoses (elke 4 jaar) is daarnaast een verplichting die is opgenomen in de Provinciale Omgevingsverordening. Voor het bepalen van de ‘eigen woningbehoefte’ voor de gemeente Veendam gaat de gemeente uit van de meest recente regionale prognose uit 2020. In de gemeentelijke Woonvisie 2019-2023 is nog uitgegaan van de regionale prognose uit 2016. In de meest recente prognose uit 2020 is de verwachte huishoudensontwikkeling in diverse scenario’s doorgerekend. Om rekening te houden met alle onzekerheden die zich binnen deze bandbreedte van verschillende scenario’s voordoen, wordt uitgegaan van het midden (trend)scenario. In dit scenario groeit het aantal huishoudens in de gemeente Veendam tot 2030 met +640 huishoudens. De verschuivingen in de prognoses worden veroorzaakt door veel positievere binnenlandse en buitenlandse migratie. Om voldoende

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

22

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld ruimte te bieden aan de vernieuwingsopgave en rekening te houden met planuitval, accepteert de gemeente hier bovenop een overcapaciteit 20%. Hiermee komt de totale ‘eigen woningbehoefte’ tot 2030 uit op +770 woningen. In het Regionaal Prestatiekader RWLP Oost-Groningen wordt Wildervank als stedelijke kern en als lintdorp aangeduid met o.a. een hoog voorzieningenniveau en een regionale verzorgingsfunctie. Dit maakt het plangebied bij uitstek geschikt voor het realiseren van levensloopgeschikte woningen, met name in de vorm van appartementen, zowel in huur als in koop. Daar zet de gemeente dan ook op in. Kwalitatief gezien is onder andere sprake van een nadrukkelijke behoefte aan duurdere grondgebonden koopwoningen, zoals twee-onder-één-kap woningen en vrijstaande woningen. 4.4.3.3 Toetsing van het initiatief aan de Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam Met de gewenste ontwikkeling worden 28 grondgebonden starterswoningen gerealiseerd. Opgemerkt wordt dat in de nog geldende woonvisie wordt gesproken over een overschot aan starterswoningen. De woonvisie wordt binnenkort echter vervangen door de ‘Woonvisie Veendam 2023 – 2027’. In deze woonvisie wordt nadrukkelijk een kwalitatieve behoefte aan starterswoningen beschreven.

In kwantitatieve zin is eveneens sprake van een grote woningbouwopgave in de gemeente Veendam. Geconcludeerd wordt dat in voorliggend geval sprake is van een woningbouwplan waar zowel kwalitatief als kwantitatief behoefte aan is. 4.4.4

Woonvisie gemeente Veendam 2023-2027

De woonvisie gemeente Veendam 2023-2027 wordt naar verwachting in oktober 2023 vastgesteld. Het plan past binnen het kwantitatief en kwalitatief woningbouwprogramma uit de nieuwe Woonvisie. 15% van de nieuwe woningbouwplannen is bedoeld voor dure koop van boven 355.000 euro. Voorliggend plan sluit hierbij aan. Het is in lijn met de gebiedsgerichte accenten die in de Woonvisie zijn geformuleerd voor Wildervank, waarbij er ruimte is voor toevoeging van woningen via nieuwbouw en transformatie. Het plan draagt bij aan de doelstelling uit de Woonvisie om minimaal 100 woningen tot 2030 toe te voegen in Wildervank. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de nieuwe Woonvisie Veendam 2023-2027. 4.4.5

Mobiliteitsplan Veendam 2022-2030

4.4.5.1 Algemeen In het Mobiliteitsplan Veendam 2022-2030 is een actueel en toekomstgericht verkeer- en vervoersbeleid geformuleerd op basis van 4 pijlers (thema’s), met de eigen specifieke doelstellingen en ambities, te weten: • • • •

Verkeersveilig en Toegankelijk; Duurzaam en Vitaal; Aantrekkelijk en Leefbaar; Bereikbaar en Bedrijvig.

Het nieuwe mobiliteitsplan heeft een ‘planhorizon’ tot en met 2030 en bepaalt de koers zodat bewoners en de gasten zich prettig, veilig en duurzaam kunnen (blijven) verplaatsen. In het uitvoeringsprogramma is een concrete doorvertaling daarvan gegeven voor de jaren 2022-2030. Zodoende komt de gemeente tot realisatie van de doelen en ambities van de vier thema’s waarop het Mobiliteitsplan is gestoeld. Het gaat er daarbij om de knelpunten van de huidige situatie op te lossen en antwoord te geven op zich aandienende problemen in de toekomst.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

23

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld 4.4.5.2 Toetsing van het initiatief aan het Mobiliteitsplan Veendam 2022-2030 Voor het voornemen, beschreven in voorliggend bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade, gaat het dan onder meer om een stedelijke inbreidingslocatie in de wijk Buitenwoel. Het plangebied wordt via de bestaande Mondriaanlaan ontsloten op de Golfkop. Daarnaast wordt een extra ontsluiting gerealiseerd op de Golfkop Geconcludeerd wordt dat de ontwikkeling zoals omschreven in dit bestemmingsplan niet conflicteert met de uitgangspunten in het Mobiliteitsplan. 4.4.6.

Welstandsnota

Per 7 juni 2004 beschikt de gemeente Veendam over een welstandsbeleidsnota. In de nota staan de welstandseisen omschreven die aan een bouwwerk worden gesteld. Het gaat om welstandscriteria die betrekking kunnen hebben op onder andere de hoofdvorm, het materiaalgebruik, de kleurkeuze en de detaillering van een concreet bouwwerk. Het doel van de nota is het streven naar behoud en zo nodig versterking van de beeldkwaliteit in het algemeen en die van beschermde dorpsgezichten in het bijzonder. In voorliggend geval wordt gesteld dat met het voornemen aangesloten wordt op het bestaand stedelijk gebied. Qua architectuur zal worden aangesloten op de bebouwing en maat van naastgelegen woonwijk (bestaand stedelijk gebied). Geconcludeerd wordt dat het voornemen in overeenstemming is met de Welstandsnota. 4.4.7

Conclusie toetsing aan het gemeentelijk beleid

Geconcludeerd wordt dat het initiatief in overeenstemming is met de gemeentelijke beleidsambities zoals verwoord in het hiervoor behandelde gemeentelijk beleid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

24

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld

HOOFDSTUK 5

MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN

Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening moet in de toelichting op het bestemmingsplan een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop de milieukwaliteitseisen bij het plan zijn betrokken. Daarbij moet rekening gehouden worden met de geldende wet- en regelgeving en met de vastgestelde (boven)gemeentelijke beleidskaders. Bovendien is een bestemmingsplan vaak een belangrijk middel voor afstemming tussen de milieuaspecten en ruimtelijke ordening. In dit hoofdstuk worden de resultaten van het onderzoek naar de milieukundige uitvoerbaarheid beschreven. Het betreft de thema’s geluid, bodem, luchtkwaliteit, externe veiligheid, milieuzonering, geur, ecologie, archeologie & cultuurhistorie en het Besluit milieueffectrapportage.

5.1

Geluid

5.1.1

Algemeen

De Wet geluidhinder (Wgh) bevat geluidnormen en richtlijnen over de toelaatbaarheid van geluidniveaus als gevolg van rail- en wegverkeerslawaai en industrielawaai. De Wgh geeft aan dat een akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd bij het voorbereiden van de vaststelling van een bestemmingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning indien het plan een geluidgevoelig object mogelijk maakt binnen een geluidszone van een bestaande geluidsbron of indien het plan een nieuwe geluidsbron mogelijk maakt. Het akoestisch onderzoek moet uitwijzen of de wettelijke voorkeurswaarde bij geluidgevoelige objecten wordt overschreden en zo ja, welke maatregelen nodig zijn om aan de voorkeurswaarde te voldoen. 5.1.2

Situatie plangebied

5.1.2.1 Wegverkeerslawaai Woningen worden op basis van de Wet geluidhinder (Wgh) aangemerkt als geluidsgevoelig object. Dit bestemmingsplan voorziet in het planologisch toevoegen van woningen. Het plangebied ligt binnen de wettelijke geluidszone van diverse wegen. Gelet hierop is door BJZ.nu een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. Het onderzoeksrapport is als bijlage 2 bijgevoegd. Hierna wordt op de resultaten ingegaan. De geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeerslawaai van Middenweg bedraagt hoogstens 32 dB. De geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeerslawaai van de Beneden Dwarsdiep bedraagt hoogstens 40 dB. De geluidbelasting ten gevolge van het wegverkeerslawaai van Beneden Verlaat bedraagt hoogstens 45 dB. De cumulatieve geluidbelasting bedraagt 53 dB. Het woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren woning wordt hiermee aanvaardbaar geacht. Resultaat en conclusie akoestisch onderzoek De geluidsbelasting ten gevolge van het verkeer van de Buitenwoellaan en Golflaan bedragen, inclusief 5 dB reductie, hoogstens respectievelijk 46 dB en 45 dB. Met deze waarden wordt voldaan aan de voorkeurswaarde van 48 dB. Met het in achtnemen van voorstaande is er sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren woningen.

5.1.2.2 Railverkeerslawaai Het plangebied ligt niet binnen een wettelijke geluidszone van een spoorweg. Een akoestisch onderzoek railverkeerslawaai kan achterwege blijven.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

25

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld 5.1.2.3 Industrielawaai Het plangebied ligt niet binnen de zone van een gezoneerd bedrijventerrein, het aspect industrielawaai kan buiten beschouwing worden gelaten. In paragraaf 5.5 wordt nader ingegaan op de in de omgeving aanwezige individuele bedrijvigheid (milieuzonering). 5.1.3

Conclusie

Het aspect geluid vormt geen belemmering voor de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling.

5.2

Bodemkwaliteit

5.2.1

Algemeen

Bij het vaststellen van bestemmingsplan dient te worden bepaald of de aanwezige bodemkwaliteit past bij het toekomstige gebruik van die bodem en of deze aspecten optimaal op elkaar kunnen worden afgestemd. Om hierin inzicht te krijgen, dient doorgaans een bodemonderzoek te worden verricht conform de richtlijnen NEN 5740. 5.2.2

Situatie plangebied

Door Klijn bodemonderzoek is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van het plangebied. Het volledige onderzoeksrapport is in bijlage 3 opgenomen. Hierna wordt ingegaan op de resultaten. Resultaat en conclusie bodemonderzoek Gezien de resultaten van het onderzoek wordt geconcludeerd dat de voor de onderzoekslocatie opgestelde hypothese “niet verdachte locatie met verdacht deellocatie”, gedeeltelijk wordt verworpen. De hypothese voor het onverdachte deel wordt verworpen en de hypothese voor het verdachte deel kan worden gehandhaafd, dit aangezien er op de deelpercelen licht verhoogde gehalten zijn aangetroffen. De geconstateerde verhoogde gehalten liggen onder de indexwaarde van 0,5 en/of interventiewaarde en vormen géén aanleiding tot het instellen van een nader bodemonderzoek. Tevens kan, op basis van de analyseresultaten, worden geconcludeerd dat de voormalige sloot vermoedelijk is gedempt met gebiedseigen grond. Op basis van de onderzoeksresultaten bestaan er, vanuit milieuhygiënisch oogpunt gezien, geen belemmeringen ten aanzien van het gebruik van het terrein en de afgifte van een omgevingsvergunning ten behoeve van de geplande bouwactiviteiten en ontwikkeling van het terrein.

Asbest Op basis van de historie van het perceel, de uitgevoerde maaiveldinspectie en de zintuiglijke waarnemingen tijdens de boorwerkzaamheden -waarbij geen asbestverdachte materialen zijn aangetroffen- is het aannemelijk dat er geen sprake is van een verontreiniging van de bodem met asbest. Hergebruik van grond Voor de volledigheid kan nog worden vermeld dat de grond naar verwachting niet als schone grond kan worden hergebruikt. Voor grond welke op het perceel wordt toegepast gelden ons inziens, gezien de geringe overschrijding(en) ten opzichte van de achtergrondwaarden, geen gebruiksbeperkingen. Hierbij dient te worden opgemerkt dat dit een indicatieve toetsing aan de Regeling en het Besluit Bodemkwaliteit betreft; het uitgevoerde onderzoek betreft immers geen partijkeuring conform BRL SIKB 1000, protocol 1001.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

26

Bestemmingsplan Buitenwoel, Golfkop – Pieter de Hooghkade Vastgesteld 5.2.3

Conclusie

Gelet op het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de bodemkwaliteit de voorgenomen ontwikkeling niet in de weg staat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14083731/1