06-02 Bijlage 1 Zonnevisie Veendam versie 01-2022 (oud)
Tekst van het document
Visie Zonne-energie Veendam “ZONNEVISIE VEENDAM”
Versie: Definitief Januari 2022 Behandeling gemeenteraad: 7 maart 2022
Inhoudsopgave 1. AANLEIDING .................................................................................................................................... 3 2. INLEIDING ....................................................................................................................................... 4 3. ZONNELADDER VAN VEENDAM........................................................................................................ 5 4. INPASSINGSVEREISTEN .................................................................................................................... 7 1. LANDSCHAPSTYPE............................................................................................................................................ 7 2. INPASSINGSPRINCIPES ...................................................................................................................................... 8 5. PROCES EN PARTICIPATIE................................................................................................................. 9 PARTICIPATIE EN (NADEEL)COMPENSATIE ......................................................................................................... 9 VOORBEREIDING ........................................................................................................................................ 9 1.
VOOROVERLEG ............................................................................................................................................... 9 2. MAATWERKPROCES ....................................................................................................................................... 10 3. OMGEVINGSVERGUNNING .............................................................................................................................. 10 UITVOERBAARHEID ................................................................................................................................... 11 6. INSPRAAK...................................................................................................................................... 12 BIJLAGE 1: GEBIEDSKENMERKEN .......................................................................................................... 13 BIJLAGE 2: OPBRENGST INSPRAAKAVOND D.D. 3 JUNI 2021 .................................................................. 17 BIJLAGE 3: NOTA BEANTWOORDING ZIENSWIJZEN................................................................................ 18
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 2
1. AANLEIDING In 2019 is het Klimaatakkoord opgesteld met als doelstelling om in 2050 CO2-neutraal te zijn. Om dat doel te bereiken zijn er verschillende stappen te zetten waaronder duurzame energieopwekking. In de Regionale Energie Strategie (RES) is die doelstelling uitgewerkt. In de RES 1.0 doet de regio Groningen een bod aan het Rijk voor de opwekking van duurzame energie tot 2030. De huidige duurzame opwekking van energie in Veendam is hierin meegenomen. Uitgangspunt bij de RES is dat de deelnemende gemeenten, waaronder Veendam, zelf beslissen hoe en waar ze ruimte bieden aan extra zonnepanelen en windmolens. In deze zonnevisie geeft de gemeente Veendam aan hoe zij invulling wil geven aan eventuele externe initiatieven tot duurzame energieopwekking in de vorm van zonne-energie. Gemeenten hebben volgens de provinciale verordening alle vrijheid hebben om te bepalen wat, waar en hoe zij met zonne-energie om wil gaan binnen het stedelijk gebied. Dit geldt ook voor initiatieven aangrenzend aan het stedelijk gebied, onder voorwaarden, en tot een maximale omvang van 1 hectare. De provinciale omgevingsverordening is van toepassing als het gaat om zonneparken in het buitengebied groter dan 1 hectare. Met deze visie wordt de vigerende werkwijze vastgelegd.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 3
2. Inleiding De Zonnevisie Veendam vormt het gemeentelijk toetsingskader voor grotere ruimtelijke initiatieven voor zonneparken. De provinciale omgevingsverordening speelt een rol bij de vestiging van zonneparken in het buitengebied, In het stedelijk gebied heeft de gemeente al de nodige ruimte geboden voor het aanleggen van zonnevelden, waaronder: - Zonnepark Veendam – gelegen tussen de Industrieweg en het A.G. Wildervanckkanaal; - Zonnepark Aardgasbuffer Zuidwending (Hystock); - Zonnepark voormalig Wilkensterrein - Zonnepark RWZI Veendam (nog niet gerealiseerd). De gemeente Veendam vindt dat de openheid en de karakteristieke diepen- en wijkenstructuur van het landschap zoveel mogelijk behouden moet blijven. Bovendien, het is nog onzeker hoe de mix van duurzame energieopwekking er in de toekomst uit komt te zien. Om die reden zal na maximaal 5 jaar de visie geëvalueerd worden. Met deze zonnevisie schetst de gemeente Veendam een kader aan onder welke voorwaarden zij planologische medewerking wil verlenen en een omgevingsvergunning wil afgeven. Het kader bestaat uit de volgende onderdelen: - Voorkeurslocaties voor plaatsen van zonnepanelen/zonneparken (de zonneladder); - Inpassingsvereisten bij het aanleggen van een zonnepark; - De wijze waarop omwonenden kunnen participeren.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 4
3. Zonneladder van Veendam De kern van de Zonnevisie Veendam laat zich samenvatten in de volgende zonneladder. De ladder geeft antwoorden op vragen van initiatiefnemers wanneer zij plannen hebben voor het opwekken van zonne-energie. Veendam heeft ambitie om op de volgende plekken duurzame zonne-energie op te laten wekken: 1. Bij voorkeur op daken van gebouwen; 2. Op lege industrieterreinen die niet meer als zodanig zullen of kunnen worden benut; 3. Op gronden die aantoonbaar nu of in de toekomst niet meer efficiënt zijn te gebruiken voor landbouw. De hierboven genoemde locaties zijn niet exclusief opeenvolgend. Zonnepanelen op locaties genoemd onder punt 1 wil de gemeente faciliteren, deze zijn veelal vergunningsvrij. Het initiatief hiervoor ligt primair bij de eigenaar van het gebouw. Het is echter ook mogelijk om zonne-energie op te wekken onder punt 2 en 3, terwijl er nog ruimte op de daken beschikbaar is. 1. Daken van gebouwen en bouwwerken Zonnepanelen kunnen meestal vergunningsvrij worden aangebracht, mits het geen monument of beschermd stadsgezicht betreft. Voor het vergunningsvrij plaatsen van zonnepanelen moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden: a. Het zonnepaneel wordt op een dak geplaatst; b. Het paneel vormt een geheel met de installatie voor het opwekken van elektriciteit.
Als dat niet het geval is, dan moet die installatie binnen in het betreffende gebouw worden geplaatst; c. Komt het zonnepaneel op een schuin dak, dan geldt dat: • Het paneel niet mag uitsteken en dus aan alle kanten binnen het dakvlakmoet blijven; • Het paneel in of direct op het dakvlak moet worden geplaatst; • De hellingshoek van het paneel hetzelfde moet zijn als die van het dakvlak waarop het staat. d. Komt het zonnepaneel op een plat dak, dan geldt dat het paneel ten minste net zo ver verwijderd moet blijven van de dakrand als het paneel hoog is. Is het hoogste punt bijvoorbeeld 50 centimeter, dan moet de afstand tot de dakrand(en) ook minimaal 50 centimeter zijn. 2. Op lege industrieterreinen die niet meer als zodanig kunnen worden benut Gronden op industrieterreinen die niet of niet meer geschikt zijn om als zodanig te worden benut, kunnen worden gebruikt om zonneparken te ontwikkelen. Als voorbeeld geldt het zonnepark aan de Industrieweg waar geen geluidsruimte meer aanwezig was waardoor vestiging van een nieuw bedrijf niet meer mogelijk was. 3. Op gronden die aantoonbaar nu of in de toekomst niet meer efficiënt zijn te gebruiken voor landbouw De gemeente Veendam hanteert als uitgangspunt dat (vruchtbare) productieve Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 5
landbouwgrond uitgesloten is voor het ontwikkelen van zonneparken. De eventuele langdurige ongeschiktheid moet door belanghebbende (de eigenaar, initiatiefnemer, aanvrager) worden aangetoond.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 6
4. Inpassingsvereisten Conform de Provinciale handreiking dienen passende maatregelen te worden genomen om een zorgvuldige integratie in het landschap te kunnen waarborgen. Het richt zich daarbij op het Landschap – de kavel – het object.
In dit hoofdstuk worden de uitgangspunten en principes voor landschappelijke inpassing benoemd. Zij vormen de leidraad voor de dialoog met een initiatiefnemer. Hieronder wordt het landschap eerst beschreven, waarna inpassingsprincipes worden gegeven. 1. Landschapstype Het Kenniscentrum Landschap van de Rijksuniversiteit Groningen definieert op haar website ‘Landschappen van Noord-Nederland’ deelgebieden die het landschap van Noord-Nederland karakteriseren. De gemeente Veendam is onderdeel van de Oude Veenkoloniën. De rechtlijnige verkavelingsopzet en de open velden zijn karakteristiek voor dit landschap. Het huidige landschap ontleent deze karakteristiek in hoofdzaak aan de rationele, systematische ontginning als veengebied. Op deze wijze is een sterk lineair landschap ontstaan, getypeerd door lange lijnen. In hun omvang en opbouw zijn de Veenkoloniën uniek in de wereld. De directe aanleiding voor de ruimtelijke transformatie van de Veenkoloniën ligt in de economische waarde van winbare turf. Vanaf de 17e eeuw werd de afvoer van turf verzorgd door het Winschoterdiep. Dat is nog steeds goed te zien in het landschap. Het open, rechtlijnige landschap levert prachtige vergezichten, grootse wolkenluchten en blikken op de horizon.
In de laatste decennia heeft de kern Veendam zich verder ontwikkeld in westelijke richting waarbij de overgang van woonbebouwing naar landschap vorm heeft gekregen in een brede groene rand waarin, sport, recreatie en natuur een plaats heeft gekregen.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 7
2. Inpassingsprincipes Voor de landschappelijke inpassing van zonnevelden gelden algemene inpassingsprincipes die van toepassing zijn bij elk initiatief. Algemene inpassingsprincipes
De algemene inpassingsvereisten die gelden zijn uitgewerkt en verbeeld in bijlage 1 en hebben betrekking op: De inpassing in de omgeving; Hoe om te gaan met randen en vlakken; Contactgegevens en entree-markeringen; Opstelling/oriëntatie en ordening en stijlelementen; Het behouden van het tijdelijke karakter; De ontwerpopgave en omgang met bijzondere objecten; Het aanleggen van zonnepanelen op een bouwkavel; Hoe omgaan met akkervogels en andere biodiversiteit.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 8
5. Proces en participatie Participatie en (nadeel)compensatie Het aanleggen van zonneparken heeft gevolgen voor de omgeving. Infrastructuur voor energie boven en onder de grond verandert en de productie van energie zal duidelijker zichtbaar worden. Het is daarom van belang dat bewoners, ondernemers, initiatiefnemer(s), belangenpartijen, nutsbedrijven en betrokken overheden met elkaar in gesprek gaan. Belangrijke gespreksonderwerpen zijn: Het creëren van draagvlak; Het compenseren van nadeel. Dat kan betrekking hebben op: o Inbreuk op openheid van het landschap; o Overlast tijdens de aanleg van het zonnepark. Zorgen voor een goede landschappelijke inpassing.
Voorbereiding Een initiatief voor een zonnepark moet door de initiatiefnemer zorgvuldig worden voorbereid, voordat deze kan leiden tot de uiteindelijke omgevingsvergunning. Dit is een proces met verschillende partijen die in het proces verschillende besluiten moeten nemen en / of afspraken maken. Voorbeelden van besluiten/afspraken zijn: een landschappelijk inpassingsplan, een aanwijsbesluit van Gedeputeerde Staten van de provincie, afspraken over de participatie, zorgvuldig contact en overleg met omwonenden, het oprichten/verwijderen van het zonnepark en meer. Om dat inzichtelijk te maken wordt in dit hoofdstuk ingegaan op de benodigde stappen in het proces. Van een idee tot en met het uiteindelijk verlenen van een omgevingsvergunning. Met het doorlopen van een zorgvuldig proces wordt invulling gegeven aan de uitwerking van een zonnepark. De stappen die moeten worden doorlopen zijn: Stap 1. Vooroverleg; Stap 2. Maatwerkproces met aanwijsbesluit; Stap 3. Omgevingsvergunning. De hierna genoemde procesomschrijving binnen de stappen is een handreiking voor initiatief-nemers en betrokkenen bij het proces van een idee tot omgevingsvergunning van een zonnepark. 1. Vooroverleg De initiatiefnemer geeft een onderbouwing van de geschiktheid van de locatie waarbij rekening is gehouden met de zonneladder Veendam in deze visie.
De gemeente zal een besluit nemen over de locatie, in afstemming met de provincie, deze afstemming zal inzicht geven of de locatie in aanmerking kan komen voor een aanwijsbesluit. Vervolgens wordt beoordeeld of er vanuit de gestelde ambitie ontwikkelmogelijkheden aanwezig zijn voor het starten van een proces. Wanneer die ontwikkelmogelijkheden aanwezig zijn, kan het vooroverleg worden vervolgd.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 9
Voor een zonnepark moet de initiatiefnemer zorgen voor draagvlak in de omgeving. Van Initiatiefnemers wordt daarom verlangd als onderdeel van het integrale conceptplan een participatieplan op te stellen. De gemeente zal dit beoordelen en aangeven of daarmee het proces van verdere uitwerking kan worden gestart. In het participatieplan moet in ieder geval worden ingegaan op welke wijze het proces om te komen tot zo veel mogelijk draagvlak wordt georganiseerd. In het participatieplan moet omschreven worden hoe wordt omgegaan met de volgende elementen: Transparantie van de plannen, overleg met de omgeving; Participatiemogelijkheid in de planvorming; Participatiemogelijkheid in de financiële zin; Participatiemogelijkheid in de vorm van eigenaarschap / zeggenschap. Tenslotte wordt gekeken op welke wijze de landschappelijke inpassing in het concept is vormgegeven. Als de locatie en het concept participatieplan positief zijn beoordeeld, kan het maatwerkproces worden gestart. 2. Maatwerkproces De gemeente is bevoegd gezag voor het afgeven van omgevingsvergunningen. Maatwerkgesprekken vinden plaats met gemeente en provincie samen over de uitwerking van zonneparken in het buitengebied. Daarbij worden verschillende deskundigen op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur betrokken.
Aan de hand van de in deze visie opgestelde algemene inpassingscriteria zal in een aantal maatwerkgesprekken het initiatief landschappelijk worden ingepast. 3. Omgevingsvergunning De definitieve omgevingsvergunning kan worden afgegeven, wanneer het maatwerkproces is afgerond en het integrale conceptplan definitief gemaakt kan worden met daarin de uitkomsten van het maatwerkproces. De aanvrager krijgt toestemming om een zonnepark op te richten en wordt ook aan voorwaarden gehouden. Zo zal verplicht worden gesteld om de landschappelijke inpassing te realiseren en in stand te houden en moet worden voldaan aan het hiervoor genoemde participatieplan. Bovendien zal als verplichting bij de omgevingsvergunning ook worden vastgesteld dat na de termijn van de vergunning de grond moet worden teruggebracht in de oorspronkelijke staat. Dit zal gelden voor degene die de houder (verantwoordelijke) is van de vergunning. Om duidelijk vast te stellen wat de oorspronkelijke staat is van een terrein is het daarom tevens verplicht om een nulmeting / rapport op te stellen voordat tot realisatie van het zonnepark wordt overgegaan. Aanvullend op de omgevingsvergunning wordt een overeenkomst afgesloten tussen de betrokken partijen om verantwoordelijkheden en verplichtingen over en weer vast te leggen.
Belangrijk hierbij is dat duidelijk is hoe de financiën zijn geregeld ten aanzien van de participatie en het opruimen van het park aan het einde van de looptijd van de omgevingsvergunning. Dit kan bijvoorbeeld door een bedrag te reserveren (bij aanvang, of gedurende de looptijd) voor de latere sloop, een soort bankgarantie.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 10
Uitvoerbaarheid Om inzicht te krijgen in de uitvoerbaarheid van een initiatief wordt aan de aanvragers gevraagd enkele aspecten aan te tonen. Daaruit moet blijken dat een initiatief niet alleen vergund kan worden, maar dat ook daadwerkelijk tot realisatie over kan worden gegaan. Belangrijkste onderwerpen die de uitvoerbaarheid bepalen zijn: Realisatiemogelijkheid van de aansluiting op het elektriciteitsnetwerk; Financiële draagkracht van de ontwikkelende partij; Zicht op afhandeling van eventuele planschadeclaims en continuïteit van de eigenaar van het park (onderhoud en terugbrengen van het terrein in oorspronkelijke staat na de looptijd).
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 11
6. INSPRAAK De ontwerp-Zonnevisie Buitengebied Veendam heeft vanaf 17 juni 2021 acht weken ter inzage gelegen. Iedereen heeft de gelegenheid gekregen om hierop een zienswijze in te dienen. Het verslag is bijgevoegd in bijlage 2, waarin is aangeven tot welke aanpassingen de reacties hebben geleid op het definitieve ontwerp dat aan de raad op 2 februari 2022 is aangeboden ter vaststelling. Voorafgaand aan de terinzagelegging is in het kader van de totstandkoming van deze visie op 3 juni 2021 een voorlichtingsavond gehouden.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 12
BIJLAGE 1: gebiedskenmerken
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 13
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 14
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 15
Bronvermelding Beleidskader Zonneparken in gemeente Groningen (Gemeente Groningen, 2019) Provinciale Omgevingsverordening, Provincie Groningen (2016 en 2019) Zonnevisie Pekela, gemeente Pekela (2019) Vastgesteld beleid zonneparken Midden-Groningen 2019 Bijlagen: 1. Handreiking Locatiekeuze en Ontwerp Zonneparken Provincie Groningen feb. 2018 2. Actuele teksten m.b.t. Zonneparken Omgevingsvisie en –verordening Provincie feb. 2021 3. Algemene Inpassingsprincipes Zonnevisie Veendam
Werk toe naar een stijl Zonnepark met een eigen ‘Veendam-signatuur’
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 16
BIJLAGE 2: Opbrengst inspraakavond d.d. 3 juni 2021 Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veendam heeft – als beoogd gemeentelijk toetsingskader voor grotere ruimtelijke initiatieven voor zonneparken – het ontwerp van de zonnevisie Buitengebied Veendam (versie d.d. 15 juni 2021), vanaf donderdag 17 juni 2021 gedurende een periode van 8 weken voor een ieder ter inzage gelegd. Voorafgaande aan deze vaststelling is er een bewonersavond georganiseerd op 3 juni 2021. De inbreng van de bewoners en de op de hierop betrekking hebbende documenten, zijn te raadplegen via: https://www.veendam.nl/Onderwerpen/Actueel_en_nieuwsarchief/Nieuws/Archief/2021/Ontwerp_Zonne visie_Buitengebied_Veendam
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 17
BIJLAGE 3: Nota beantwoording zienswijzen Zienswijzen / herziene versie Zonnevisie
Tijdens de periode van de terinzagelegging zijn er naar aanleiding van de ontwerpvisie in totaal 33 schriftelijke zienswijzen naar voren gebracht. Vanaf 25 mei 2018 gelden de Europese privacy regels, de Algemene Verordening gegevensbescherming (AVG). Op grond hiervan zijn de ingediende zienswijzen niet bijgevoegd of volledig overgenomen, maar zijn de vragen en opmerkingen uit de verschillende zienswijzen (hier en daar) samengevat en gerubriceerd onder thema’s. De zienswijzen zijn genummerd op volgorde van binnenkomst / registratie. Diverse zienswijzen, waaronder die van LTO-Noord, hebben ons gewezen op het feit dat gebieden die na verloop van tijd natter worden (door bodemdaling), in droge tijden juist weer meer geschikt voor landbouw zullen zijn. Dit heeft tot gevolg dat er op dit moment geen logische plekken in het buitengebied van de gemeente zijn aan te wijzen waar de realisatie van zonneparken een optie is. Naast de hiervoor gemelde herzieningen, zijn er enkele tekstuele wijzigingen gesuggereerd, welke onder dankzegging aan de alerte lezers zijn overgenomen. De opmerkingen over de (verbetering) van de leesbaarheid hebben (hopelijk) ook geresulteerd in een beter resultaat. Met de herzieningen is ook aan een groot aantal van de zienswijzen (geheel of gedeeltelijk) tegemoet gekomen.
Bij de beantwoording van de zienswijzen is geen verwijzing opgenomen naar een paginanummer van de oorspronkelijke visie, gezien het feit dat deze nummering als gevolg van de herzieningen afwijkt.
Beantwoording zienswijzen Zonnevisie per thema Ziensw. nr.
Inhoud zienswijze
Antwoord
Thema: Zonneladder 2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente in haar visie een zonneladder op te nemen die op alle treden normstellend is op uitvoeringsniveau.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 18
De zonneladder van de gemeente Veendam beoogt niet normstellend te zijn. In de eerste trede zijn de normen opgenomen die gelden voor het vergunningsvrij realiseren van zonnepanelen op daken. Wanneer de panelen op daken niet vergunningsvrij kunnen worden gerealiseerd en in het geval van trede 2 en 3 geldt een vergunningsplicht, de eisen die daarbij gelden, zullen worden opgenomen in een omgevingsvergunning.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 12, 13, 15, 16, 17, 20, 32
Indieners verzoeken de gemeente te motiveren waarom zij niet alle treden van de nationale zonneladder heeft overgenomen in de zonneladder die is opgenomen in de ontwerp zonnevisie. Indieners verzoeken de gemeente een vierde trede aan de zonneladder toe te voegen: Op gronden die aansluiten op aanwezige doorgaande infrastructuur, bebouwd gebied of liggen nabij grootverbruikers van energie.
De visie betreft gemeentelijk beleid. Met de opgenomen zonneladder en het provinciale beleid opgenomen in de Handreiking Locatiekeuze en ontwerp zonneparken, denken wij dat er voldoende kader is om de aanvragen te kunnen behandelen.
3, 6, 9, 10, 15, 16, 17, 32
Indieners verzoeken de gemeente om verschillende termen en criteria uit de ontwerp zonnevisie nader te definiëren.
Dit gaat over de specifieke inpassingscriteria van het ontwerp, deze zijn niet meer opgenomen.
7, 8, 9, 16, 17, 20
Indieners geven aan dat de zonnevisie alleen maar draait om zonneparken op landbouwgebied. Wat heeft het dan voor zin om te spreken van een zonneladder ?
De visie heeft ook betrekking op (opwekking van zonneenergie in) het buitengebied, niet slechts op landbouwgrond. De zonneladder is relevant wegens het feit dat eerder genoemde stappen op de ladder daar in het gehele gebied van de gemeente Veendam.
31
Thema: Participatie/draagvlak algemeen 11, 21, 28, 29, 31
Indieners verzoeken de gemeente om op te komen voor de belangen van haar inwoners en het onderwerp participatie uitgebreider en breder te beschrijven, met inachtneming van de belangen van haar inwoners en met inachtneming van afspraken, regels en adviezen uit de navolgende documenten: - Klimaatakkoord, hoofdstuk bevordering draagvlak, het rijk, 2019; - Kaders voor het vormgeven van participatie bij duurzame projecten, ministerie BZK, november 2019; - Gedragscode zon op land, Holland Solar, 13-11-2019; - Q&A over afspraken participatie en lokaal eigendom in het klimaatakkoord, energie samen e.a. 30 april 2020
Wij achten het onderdeel participatie voldoende breed beschreven, het initiatief ligt volledig bij de aanvrager. Indien de participatie onvoldoende blijkt te zijn, zullen wij dat meewegen in de verdere procedure.
Veel gemeenten zien een meerwaarde in het ontwikkelen van een zonnepark volgens de Gedragscode Zon op Land en verwijzen in hun zonnebeleid naar deze gedragscode. Wij verzoeken u om in de Zonnevisie op te nemen dat bij de ontwikkeling van een zonnepark moet worden voldaan aan de Gedragscode zon op Land van Holland Solar. 11, 18, 19, 20
Indieners verzoeken de gemeente ‘draagvlak’ SMART in te vullen.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 19
Zie de beantwoording van de vorige vraag.
18, 19, 20
Indieners stellen dat duidelijk is dat onderscheid nodig is tussen procesparticipatie en financiële participatie en dat participatie moet starten ruim voor het indienen van de aanvraag tot een omgevingsvergunning.
Onderscheid is zeker van belang, zowel financiële participatie als procesparticipatie. Participatie dient in een vroeg stadium - voor de aanvraag van een vergunning - door de initiatiefnemer georganiseerd te worden.
Thema: Participatie bij de visie 2, 3, 4, 8, 9, 10, 11, 17, 18, 19, 20
Indieners verzoeken de gemeente het door haar gekozen participatieproces voor het opstellen van de zonnevisie te motiveren en aan te geven waarom de input uit de meepraat avond niet gebruikt is.
Zie deze versie van de Zonnevisie.
2, 3, 4, 5, 7, 8, 9, 10, 14, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om een gebiedsanalyse toe te voegen aan de zonnevisie en aan de hand hiervan nogmaals een mee-praatavond te organiseren en de zonnevisie daarna nogmaals ter inzage te leggen. Daarbij dient aandacht te zijn voor het veenkoloniale cultuur landschap en het onderliggende prehistorische dekzandlandschap. De gemeente wordt verzocht om expliciet en onderbouwd te motiveren op welke manier zij het culturele en archeologische erfgoed gaat beschermen in zowel aanleg-, gebruiks- en nazorgfasen.
De (huidige versie van de) Zonnevisie is geschreven als toetsingskader voor reeds ingediende en toekomstige initiatieven. Er is (nog) geen reden om specifieke criteria op te nemen m.b.t. bescherming van culturele en archeologische erfgoed.
1, 2, 4, 5, 7, 8, 9, 10, 11, 18, 20
Indieners verzoeken in het belang van een zorgvuldige participatie in de beleidsfase en omdat de wijzigingen mogelijk nadelige gevolgen kunnen hebben voor indieners, een tweede ontwerp zonnevisie ter inzage te leggen.
De huidige versie wordt na vaststelling door ons college, gedurende twee weken, voorgelegd aan de indieners van de zienswijzen.
2, 7, 11, 18, 19, 20
Indieners verzoeken de gemeente eerlijk te zijn, betreffende de planning van de ontwerp zonnevisie en de werkelijk gevolgde planning duidelijk te maken.
De strekking van deze vraag / opmerking is duidelijk, maar gezien de voorliggende versie van de Zonnevisie niet meer relevant.
6, 12, 13, 14, 20, 33
Indieners geven aan dat in de zonnevisie wordt aangegeven dat binnen 5 jaar een evaluatie dient plaats te vinden. Voor indieners is niet duidelijk op welke punten dan wordt geëvalueerd en wie bij die evaluatie zal worden betrokken.
Met de gemeenteraad zal een evaluatie plaatsvinden om te bezien of de geformuleerde ambitie nog steeds een verantwoordelijke ontwikkeling is met een passende aanpak voor de planvorming en realisatie.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 20
26
Indiener verzoekt de gemeente om de digitale bijeenkomsten van 3 juni 2021 nietig te verklaren en buiten Corona- en vakantietijd een nieuwe ‘normale’ voor iedereen toegankelijke bijeenkomst te organiseren, waarbij alle belanghebbenden aanwezig kunnen zijn en alle informatie transparant gedeeld kan worden, zodat tot een evenwichtige zonnevisie gekomen kan worden.
Het organiseren van een digitale informatieavond is al geruime tijd standaard praktijk. In beginsel kan een ieder daarbij aanwezig zijn, zonder te reizen. Dat er op dat moment nog Corona-maatregelen van kracht waren doet hieraan niet af. De zomervakanties in het noorden zijn begonnen op 10 juli, de informatieavond heeft dus niet plaatsgevonden in vakantietijd.
Thema Projectparticipatie 3, 10
Indieners verzoeken de gemeente om aan te geven hoe zij nu en in de toekomst van plan is om draagvlak te creëren en behouden bij inwoners, zodat protesten die bijvoorbeeld zijn ontstaan bij het windpark N33 voorkomen kunnen worden.
Het is niet mogelijk om volledig uit te sluiten dat er tegen een initiatief wordt geprotesteerd. Het doel van de gemeente is altijd om een zo groot mogelijk draagvlak te verkrijgen.
2, 3, 4, 7, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente aan te geven hoe zij bewoners meeneemt in planologische processen en op welke wijze informatie toegankelijk en begrijpelijk wordt gemaakt.
Onder het verlenen van planologische medewerking kan worden verstaan: het verlenen van medewerking in het passend maken van het initiatief in het geldende bestemmingsplan, bijvoorbeeld door het verlenen van een omgevingsvergunning of het vaststellen van een nieuw bestemmingsplan. Bewoners zullen worden meegenomen in deze procedures zoals dat gebruikelijk is bij de gemeente. De wettelijk vastgestelde procedures voor publicatie / zienswijzen / bezwaar zullen worden gevolgd.
4, 10
Indieners verzoeken de gemeente een proces uit te werken waarin de bewoners (en belangenorganisaties, ondernemers) duidelijk een actieve rol hebben.
Momenteel wordt in zonnevisie al aangegeven dat een participatieplan opgesteld dient te worden. In het kader van maatwerk wordt niet vanuit de gemeente opgelegd wie betrokkenen zijn en welke vormen van participatie gehanteerd dient te worden. Per geval moet dit door de initiatiefnemer beargumenteerd worden om zo tot de beste keuzes per geval te komen.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners stellen dat de gemeente niet volledig is, waar het de maatwerkgesprekken bij de provincie betreft en verzoeken de gemeente de tekst te corrigeren naar ‘maatwerkmethode: methode van overleg via keukentafelgesprekken met als doel overeenstemming te bereiken over omvang, situering en inrichting van een project binnen een plangebied’. Tevens wordt de gemeente verzocht om (een afvaardiging van) omwonenden als derde partij toe te voegen bij de keukentafelgesprekken.
Participatie van omwonenden wordt in een eerder stadium geregeld door de initiatiefnemer. Maatwerkgesprekken vinden plaats tussen de gemeente en provincie. Deze hebben betrekking tot de omvang, situering en inrichting van een project binnen een plangebied. Daarbij worden verschillende deskundigen op het gebied van stedenbouw en landschapsarchitectuur betrokken. De in een eerder stadium opgehaalde inbreng van betrokkenen, wordt daarin ook meegenomen.
9, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente SMART geformuleerde eisen op te stellen ten aanzien van project participatie.
De gemeente beoordeelt het participatieplan, we vinden dat dit niet vooraf volledig “dichtgetimmerd” moet zijn.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 21
11, 18, 19, 20
Indieners verzoeken de gemeente om omwonenden te betrekken bij landschappelijke inpassing.
Het is, zoals eerder gesteld, aan de initiatiefnemers om betrokkenen via procesparticipatie mee te nemen in het proces.
11, 18, 19, 20
Indieners verzoeken de gemeente om het criterium ‘transparantie van plannen’ waar het participatieplan aan moet voldoen, concreter te maken en duidelijk te maken wat de toetsingscriteria bij dit criterium zijn.
Zie het antwoord t.a.v. het participatieplan.
32
Deze bladzijde begint met de volgende zin: “Voor een zonnepark moet de initiatiefnemer zorgen voor draagvlak in de omgeving. Initiatiefnemer wordt daarom gevraagd om als onderdeel van het integrale conceptplan een participatieplan op te stellen.” In de vervolg-tekst wordt alleen aandacht besteed aan het proces om te komen tot zo veel mogelijk draagvlak. Zo te lezen is de uitkomt verder niet interessant als het proces maar duidelijk is. Niet duidelijk is uit de tekst op te maken wat er bedoeld wordt met “zoveel mogelijk” draagvlak. Wie toetst en waaraan wordt er getoetst of er voldoende draagvlak is en wat als blijkt als er geen draagvlak is en wanneer is er geen draagvlak? Dat alles nog los van de vraag wat bedoeld wordt met ‘'voldoende”. Deze eerste alinea op blz. 11 vraagt dan ook om duidelijke uitleg over hetgeen er geschreven staat en bedoeld wordt.
Draagvlak is een moeilijk te beoordelen concept. Aangenomen wordt dat door middel van de door de initiatiefnemer passende participatie, het draagvlak voor duurzame energieprojecten wordt vergroot. Van een concrete toetsing van dat draagvlak kan geen sprake zijn, waar dat wel het geval is voor de inspanningen die een initiatiefnemer levert om de omgeving middels participatie te betrekken.
Thema: Financiële participatie 3, 4, 10
Indieners verzoeken de gemeente om compensatie een waarde te geven met inachtneming van de belangen van de bewoners.
Compensatie kan op grond van het geldende recht aangevraagd worden bij geleden nadeel. De omvang van die compensatie is sterk individueel bepaald en hangt af van persoonlijke omstandigheden van elk geval.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20, 21
Indieners verzoeken de gemeente om toetsbare eisen op te nemen ten aanzien van financiële compensatie en financiële participatie. Daarbij niet uit te gaan van het kopen van aandelen in een zonnepark maar voor te schrijven dat omwonenden / aanwonenden aandelen krijgen. Hierbij is van belang dat de gemeente definieert wat aanliggende woningen en wat omliggende woningen zijn.
Wat betreft nadeelcompensatie kan aangesloten worden bij het vorige antwoord. Indien blijkt dat de participatie onvoldoende wordt geacht door de bewoners zal dat meewegen in de besluitvorming.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 22
2, 3, 4, 8, 9, 10, 16, 17, 20, 21
Indieners verzoeken de gemeente in de zonnevisie in te gaan op een gebiedsfonds en daar kaders, normen en uitwerkingen bij te beschrijven.
Per initiatief uit te werken, m.a.w. geen specifiek antwoord.
11, 18, 19, 20
Indieners verzoeken de gemeente om SMART toetsbare eisen op te nemen ten aanzien van financiële compensatie en financiële participatie. Daarbij niet uit te gaan van het kopen van aandelen in het zonnepark. En daarbij het belang van haar inwoners voorop te stellen.
Zie eerdere antwoorden.
Thema Regionale Energiestrategie 2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om aan te geven waarom zij binnen de RES 1.0 een hogere ambitie nastreeft dan is afgesproken met de provincie Groningen en de raad van Veendam.
De provincie is weliswaar één van de deelnemers aan de RES 1.0, maar er zijn geen afspraken met de provincie gemaakt. In de RES 1.0 is door de gemeente Veendam ook geen ambitie vastgelegd. Daarvoor is deze Zonnevisie nu geschreven.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente de op pagina 10 genoemde ambitie nader te duiden. Welke ambitie wordt hier bedoeld, van de initiatiefnemer? van de gemeente Veendam zoals is vastgelegd in de RES 1.0 of de ambitie van de provincie Groningen zoals vastgelegd in de RES 1.0?
Het gaat hier om de ambitie van de initiatiefnemer. De gemeente heeft aangegeven alleen een faciliterende rol te willen spelen bij zonneparken.
Thema Inpassingscriteria/maatwerk 3, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente de genoemde inpassingscriteria SMART te maken.
Zie eerdere antwoorden.
1, 14, 20
Indieners verzoeken de criteria waaraan landbouwgronden moeten voldoen om geschikt te zijn voor zonneparken SMART te formuleren.
Idem.
14
Indieners verzoeken de gemeente de hoogte van de zonnepanelen nader te duiden en de specifieke eisen tot verdiepte aanleg te stellen aan storende faciliteiten zoals transformatorhuisjes.
Indien van toepassing, zal dit in de omgevingsvergunning worden geregeld.
31
Indieners verzoeken de gemeente het inpassingsvereiste: niet nabij doorgaande infrastructuur en bebouwing niet op te nemen. Zonneparken zijn juist bij uitstek goed in te passen nabij doorgaande infrastructuur zoals deels ook volgt uit de RES Groningen.
Nabij infrastructuur is goed te beargumenteren vanuit het gebruik van dubbelfuncties en een het besparen van de openbare ruimte. “Het vereiste niet nabij doorgaande infrastructuur” is derhalve geschrapt.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 23
31
Indiener verzoekt de gemeente het inpassingsvereiste dat er geen opgaande structurerende beplantingelementen mogen worden gebruikt, omdat dit vrijwel altijd nodig zal zijn om een zonnepark ruimtelijk in te passen. Indien de gemeente hiertoe niet bereid is verzoekt indiener om het inpassingsprincipe dat spiegeling moet worden voorkomen te laten vallen.
Met opgaande structurerende beplantingselementen worden voornamelijk bomen bedoeld. Het is wel mogelijk om gebruik te maken van bosschages of ander struweel.
31
Er wordt onder "Algemene inpassingsprincipes - Ordening en stijl van elementen" aangegeven dat moet worden toegewerkt naar een stijl Zonneparken met een eigen 'Veendam-signatuur'. Er zijn geen criteria opgenomen waaruit blijkt wat een zonnepark met een eigen 'Veendamsignatuur' inhoud. Wij verzoeken u toe te lichten wanneer sprake is van een zonnepark met een eigen 'Veendam-signatuur'.
Wij hadden gehoopt dat de indiener dit voldoende uit de tekst van de visie had kunnen opmaken.
32
Ik acht deze stap vele stappen te ver in de zonnevisie buitengebied. Waarom nu al spreken over het toepassen van een maatwerkmethode als er nog niet eens een visie geschreven is over zonne-energie opwekken in alle delen van het buitengebied?.
Het toepassen van maatwerk past bij het projectgericht werken en het zo goed mogelijk inspelen op specifieke omstandigheden per geval.
Thema Selectiecriteria 2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17
Indieners verzoeken de gemeente om de zin ‘de gemeente kiest ervoor om op beperkte schaal grotere initiatieven te faciliteren’ duidelijker en concreter te formuleren en nader toe te lichten.
Met de toevoeging zoals thans is opgenomen in de visie (Mits aantoonbaar nu en in de toekomst landbouwgrond dat niet als zodanig geschikt is…) lijkt het ons voldoende toegelicht.
3, 10, 28
Indieners verzoeken de gemeente het keuzemodel voor locaties van zonneparken in het buitengebied duidelijker te onderbouwen, en daarbij andere potentieel geschikte locaties ook te benoemen.
Zie eerdere antwoorden en de aangepaste tekst in de visie.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente Veendam om in de zonnevisie expliciet aan te geven aan welke criteria een onderbouwing van geschiktheid van een locatie, rekening houdend met de zonneladder, moet voldoen.
De geschiktheid moet door de initiatiefnemer worden onderbouwd, mede aan de hand van de genoemde inpassingsprincipes.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente de criteria ter selectie van geschikte landbouwgronden voor aanleg zonneparken duidelijker en concreter te maken en om daar een gedegen gebiedsanalyse aan vooraf te laten gaan.
Niet (meer) aan de orde.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 24
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om ‘komvormige verdichtingen in lintbebouwing’ op te nemen als criterium voor de selectie van voorkeurslocaties nu dit in de Handreiking locatiekeuze en ontwerp zonneparken van de Provincie Groningen wordt genoemd als een mogelijke locatie voor zonneparken.
De Handreiking locatiekeuze en ontwerp zonneparken van de Provincie Groningen wordt met name genoemd. Initiatieven worden hieraan getoetst.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken om de zonnevisie aan te passen en in lijn te brengen met de uitgangspunten en richtlijnen zoals beschreven in ‘Handreiking locatiekeuze en ontwerp zonneparken’ van de Provincie Groningen. Hierin staat aangegeven dat de ruimtelijke opbouw van dorpslinten te kwetsbaar is voor grote zonneparken.
De Handreiking locatiekeuze en ontwerp zonneparken van de Provincie Groningen hoeft niet (in alle gevallen) letterlijk te worden geciteerd.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20, 30
Indieners verzoeken de gemeente de zinssnede ‘de weging van deze principes blijft maatwerk per initiatief’, dat slaat op de specifieke inpassingsprincipes, te verwijderen.
De specifieke inpassingsprincipes en de daarbij behorende tekst zijn volledig verwijderd.
1, 7
Indieners verzoeken de gemeente om een gebiedsanalyse toe te voegen, met inachtneming van de input van 3 juni 2021, de zienswijzen, de zonneladder in de Nationale omgevingsvisie en de provinciale omgevingsverordening inclusief uitwerking.
Niet (meer) noodzakelijk.
1, 5, 14
Indieners verzoeken de gemeente om een bovengrens voor grotere zonneparken te definiëren en op te nemen in de zonnevisie.
Wat een passende grootte voor een zonnepark is, is o.a. locatie afhankelijk. Per initiatief zal dit apart worden beoordeeld en dient de draagvlak door de initiatiefnemer te worden aangetoond.
1, 5, 14, 20
Indieners verzoeken ter verduidelijking van het gekozen toetsingskader in de zonnevisie de voorwaarden ‘niet gelegen zijn bij’ ter invulling van ‘niet meer efficiënte te gebruiken’ concreet te definiëren: hoeveel meter dient er tussen boerderij en perceel aanwezig te zijn?
Deze voorwaarde is niet meer opgenomen in deze versie van de visie.
11, 19, 20
Indieners verzoeken de gemeente het criterium maatschappelijk belang specifieker en concreter uit te werken zodat duidelijk is waaraan een initiatiefnemer moet voldoen.
Dit criterium is niet meer opgenomen in deze versie van de visie.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 25
20
Indiener verzoekt om een gebiedsanalyse toe te voegen aan de zonnevisie met inachtneming van de input van 3 juni 2021, de zienswijzen, de zonneladder in de nationale omgevingsvisie en de provinciale omgevingsverordening inclusief uitwerking.
De gemeente acht haar analyse van het grondgebied van de gemeente, opgenomen in hoofdstuk 4, in deze voldoende.
20
Indiener geeft aan dat uit de zonnevisie volgt dat er ruimte is voor 820 ha aan zonnepanelen. Indiener vindt dit een onevenredig groot oppervlak. De gemeente onderbouwd niet dat dit voor de gemeente Veendam nodig is om energieneutraal te zijn. Indiener verzoekt de gemeente om een bovengrens voor grotere zonneparken te definiëren en op te nemen in de zonnevisie.
Zie eerder antwoord over het vaststellen van een bovengrens.
22
Indiener verzoekt om de concept zonnevisie aan te passen in de zin van dat het gebied ‘Energielandschap Zuidwending’ wordt aangewezen voor de duurzame productie van energie door onder meer zon-PV.
De gemeente wijst in deze visie geen specifiek gebied aan voor de vestiging van zonneparken. Uit de zonneladder en een nadere onderbouwing van een initiatiefnemer zal moeten blijken of een bepaalde locatie geschikt is.
23, 26
Indiener verzoekt de gemeente om een bredere definitie te geven van hoe wordt bepaald welke landbouwgronden geschikt zijn voor het realiseren van een zonnepark.
Het is aan een initiatiefnemer om aan te tonen dat grond onbruikbaar is of wordt voor landbouw.
Thema Onrendabele landbouwgrond 29
Indiener verzoekt het college nadrukkelijk om de beschikbare wetenschappelijke informatie over onrendabele landbouwgrond, op te nemen in de zonnevisie en toe te passen bij de afwegingskeuze voor zonneparken en dus ook bij het zonnepark Veendam (Borgercompagnie).
Zienswijzen hebben er toe geleid dat in deze versie van de zonnevisie is opgenomen dat de initiatiefnemer dient aan te tonen dat grond onbruikbaar is of wordt voor landbouw. Vooraf wordt niet langer een afweging gemaakt voor een specifieke locatie.
Thema Kenmerken buitengebied 2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17
Indieners geven aan dat de zonnevisie op verschillende plekken verwijst naar kenmerken en criteria die van belang zijn voor het stedelijk gebied, maar niet voor het buitengebied, de gemeente wordt verzocht dit aan te passen. Het gaat om: - De foto op de voorzijde van de visie; - De incorrecte verwijzing naar de vastlegging van de vigerende werkwijze; - De opsomming van zonneparken in het stedelijke gebied van Veendam - De verwijzing naar de onmogelijkheid van zonnepanelen op dak in beschermde stadsgezichten.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 26
Hier betreft het in de meeste gevallen aanvullende informatie, hoe naast de vast te stellen visie er al beleid bestaat en / of al daadwerkelijk zonneparken zijn ingericht in het stedelijk gebied. De foto op de voorzijde is een zonnepark in Veendam en inderdaad in het stedelijk gebied. Een willekeurige foto van een zonnepark in een buitengebied van een andere gemeente was o.i. minder logisch en had wellicht weer andere vragen opgeroepen. De verwijzing naar de onmogelijkheid van zonnepanelen op daken in beschermde stadsgezichten, is een (deel van de) toelichting op de zonneladder van Veendam. Voluit: “Zonnepanelen kunnen meestal vergunningsvrij worden aangebracht, mits het geen monument of beschermd stadsgezicht betreft.” De beoordeling hierop geldt voor heel Veendam.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 21, 28
Indieners verzoeken de gemeente voorwaarden ten aanzien van stimulering van biodiversiteit en behoud van cultuurtechnische bodemkwaliteit op te nemen in de zonnevisie.
De zonnevisie is bedoeld om op beperkte schaal zonneparken te faciliteren. Daarin kan worden opgenomen welke structuren van het landschap zoveel mogelijk behouden moeten blijven. De visie is minder geschikt om voorwaarden op te nemen ter stimulering van biodiversiteit en behoud van cultuurtechnische bodemkwaliteit, omdat dit uitwerkingen zijn bij de eventuele realisatie van een zonnepark. In het maatwerktraject hierbij behorend, kunnen deze zaken worden besproken.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente op te nemen in de zonnevisie dat met de nulmeting vastgelegd moet worden: - De cultuurtechnische kwaliteit van de grond (organische stof, mineralen, bemestingswaarde, bodemziekten, drainage); - De milieu hygiënische kwaliteit; - De maaiveld hoogtes; - De sloten en wijken. En dat het terrein op deze aspecten weer teruggebracht moet worden in oude staat, naast het opruimen van alle bouwwerken, hekken, panelen en verhardingen. Indieners verzoeken de gemeente daarbij een onderzoeksprotocol voor de nulmeting vast te leggen.
De initiatiefnemer zal moeten zorgen voor inpassing van een zonnepark. Daarbij hoort een zogenaamde nulmeting (een zo nauwkeurig mogelijke inventarisatie van de huidige situatie). We denken dat het niet opportuun is om vooraf door middel van een protocol te bepalen welke onderdelen hierin (limitatief?) moeten worden opgenomen (en daarmee automatisch welke niet?). Ook dit zal een onderdeel kunnen / moeten zijn van de participatie, de inbreng door de belanghebbenden.
3, 10
Indieners verzoeken de gemeente voor de locaties waar nog een dubbelbestemming in het kader van archeologie geldt een aanvullende eis op te nemen dat bij het ontmantelen en/of verwijderen, dan wel terugbrengen van gronden in de oorspronkelijke staat, de ondergrond niet geroerd mag worden bij deze werkzaamheden zonder voorafgaand aan de werkzaamheden een archeologisch onderzoek uit te voeren.
Zie de beantwoording van de vorige zienswijze.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente in haar visie eenduidig te zijn en overal te spreken/schrijven over het terugbrengen in oorspronkelijke staat zodat er geen misverstanden ontstaan.
Zie de beantwoording van de vorige zienswijze.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente in de visie het volgende aan te passen: ‘karakteristieke diepen en wijken’ in plaats van ‘karakteristieke kanalen en wijken. In de (Groningse) veenkoloniën kent men diepen en geen kanalen.
De tekst is aangepast.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 27
Het terugbrengen in de oorspronkelijke staat is een vereiste. Ook de invulling hiervan is niet (of moeilijk) vooraf vast te stellen. Voor het opruimen van het park zijn er enkele voorbeelden opgenomen in de Zonnevisie (een bedrag reserveren of een bankgarantie), maar ook dit zal d.m.v. maatwerk nader ingevuld moeten worden bij de behandeling van de aanvraag omgevingsvergunning.
1, 5, 20
Indieners verzoeken de gemeente om de energiebalans van de gemeente Veendam uit te werken en de omvang van zonneparken in het buitengebied van Veendam de eerste 5 jaar te limiteren op 30% van het benodigde oppervlak.
Niet (meer) relevant in deze versie van de Zonnevisie.
1, 5, 20
Indieners verzoeken ‘’vernatting’’ niet als argument voor het realiseren van zonneparken op te nemen.
Deze term wordt niet meer gebruikt in deze visie.
1, 5, 14, 20
Indieners verzoeken de gemeente het herstellen van de situatie, van zowel zonnepark als groene zone, om weer landbouwkundig gebruik mogelijk te maken en in de situatie van de groene zone een definitieve natuurfunctie mogelijk te maken, een nadrukkelijke plek te geven in de zonnevisie, waarin opgenomen een zuid opstelling van de panelen, inclusief een beschrijving van de eisen waaraan een initiatiefnemer moet voldoen.
Zie de beantwoording m.b.t. de nulmeting.
30
Indiener geeft het volgende aan: om lager gelegen gronden met een hoog waterpeil niet als efficiënt te kwalificeren is landbouwkundig gezien niet automatisch logisch. De meeste landbouwbedrijven beschikken over hoger en lager gelegen percelen (of delen daarvan). Dit geeft meteen ook een spreiding van risico’s en arbeid. In een droog jaar zal een lager perceel een betere opbrengst geven terwijl in een nat jaar de hogere delen in het voordeel zijn. Gemiddeld genomen zal de vruchtbaarheid van lagere percelen hoger zijn dan van hooggelegen percelen.
Dit is aangepast. In deze visie is opgenomen dat het aan de initiatiefnemer is om aan te tonen om welke reden grond niet langer bruikbaar is voor landbouwdoeleinden.
30
Indiener verzoekt de gemeente om aan te geven hoe er in de praktijk om wordt gegaan met genoemde mogelijkheid van zonnevelden plaatsen op voor de landbouw inefficiënte gronden enerzijds en de ontwikkeling van zonnevelden van meerdere tientallen tot honderden hectares anderzijds? In de gemeente Veendam zijn naar mening van de indiener geen gebieden groter dan een paar hectare aanwezig die niet geschikt zijn voor landbouwkundig gebruik. Welke waarborgen kan de gemeente geven m.b.t. het ontstaan van eventuele vervuilingsschades bij aanliggende landbouwpercelen? Dit met in het achterhoofd de gebeurtenissen afgelopen mei in Noardburgum.
Niet (meer) relevant in deze versie van de Zonnevisie.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 28
31, 32
Indiener verzoekt de gemeente aan te geven wat er wordt bedoeld met ‘de inrichting van het zonnepark moet aansluiten en anticiperen op de specifieke kenmerken van het buitengebied’
Dit gaat over de specifieke inpassingscriteria van het ontwerp, deze zijn niet meer opgenomen.
2, 3, 4, 7, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om aan te geven wat zij verstaat onder planologische medewerking en aan te geven hoe zij dit gaat doen.
Dit is theoretisch bedoeld. Planologische medewerking betreft het proces van vergunningverlening in geval er sprake is van strijdigheid met het bestemmingsplan.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om aan te geven wat de consequenties zijn als het proces zoals beschreven niet wordt gevolgd. Daarbij wordt tevens verzocht aan te geven dat de stappen van het proces opeenvolgend en met een duidelijke afronding per stap uitgevoerd moeten worden.
Niet (meer) relevant in deze versie van de Zonnevisie.
31
In de paragraaf Omgevingsvergunning wordt gesproken over de looptijd van de omgevingsvergunning. In de Zonnevisie is nergens de lengte van de looptijd van de omgevingsvergunning benoemd. Wij verzoeken u in de Zonnevisie op te nemen dat de omgevingsvergunning voor een zonnepark voor een exploitatieperiode van 30 jaar verleend wordt. Deze periode sluit aan bij de onder "Algemene inpassingsprincipes Akkervogels" genoemde termijn voor natuurvriendelijk beheer. Onder "Algemene inpassingsprincipes - Akkervogels" wordt aangegeven dat natuurvriendelijk beheer voor 30 jaar moet worden geborgd. Na de exploitatieperiode wordt de locatie van het zonnepark teruggebracht in de oorspronkelijke staat. Het is daarom van belang dat de periode waarin natuurvriendelijk beheer moet worden uitgevoerd in alle gevallen aansluit bij de exploitatieperiode van het zonnepark. Wij verzoeken u hiervoor zorg te dragen.
De genoemde periode van (maximaal) 30 jaar is opgenomen als voorwaarde in de provinciale omgevingsverordening.
Thema Zon op dak 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indiener verzoeken de gemeente haar rol bij zon-op-dak te beschrijven, inclusief doelstellingen.
3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om meer nadruk te leggen op daken van Bijna energie Neutrale Daken
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 29
De rol van de gemeente is beschreven in de gemeentelijk Zonneladder, op nummer 1, bij voorkeur op daken van gebouwen. Zie ook de toelichting hierbij.
Thema Zoekgebied 2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17
Indieners verzoeken de gemeente de (voormalige) industrieterreinen binnen haar grondgebied te benoemen als mogelijke locaties en eveneens acties van gemeentelijke zijde ten aanzien van de realisatie van zonneparken op deze locaties te benoemen en uit te werken.
Uit de zonneladder volgt wat door de gemeente geschikte locaties voor zonneparken worden geacht. Het is aan initiatiefnemers, in geval van een benodigde vergunning, om uit te leggen waarom een specifiek gebied in het bijzonder geschikt is. De gemeente speelt hierin enkel een faciliterende rol.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om de voormalige stortplaats te benoemen in de zonnevisie en te motiveren waarom de gemeente en/of de provincie Groningen wel of niet een zonnepark hier gaan realiseren.
De gronden van de voormalige vuilstort zijn in beheer bij de provincie. Zie ook het antwoord op de volgende zienswijze.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 17
Indieners verzoeken de gemeente een kaart met voorkeursgebieden aan de zonnevisie toe te voegen.
De gemeente wijst in deze visie geen voorkeursgebieden aan. Of een locatie geschikt is zal moeten blijken aan de hand van de zonneladder en uit de onderbouwing van de initiatiefnemer.
29
In de zonnevisie wordt niet gesproken over het inpassen van zonneparken in natuurgebieden. Waarom is dat niet mogelijk? Bij menig plan voor de aanleg van een zonnepark wordt namelijk aangehaald dat de plaatsing van zonnepanelen een verbetering van de biodiversiteit oplevert. Dan lijkt het ons geen probleem om zonnepanelen te plaatsen in natuurgebieden, want het bijt mekaar niet en levert zelfs een verbetering van diverse soorten op.
Zie beantwoording vorige vraag.
Thema Nadeel en hinder omwonenden 3, 2, 4, 7, 8, 9, 10, 16
Indieners verzoeken de gemeente vollediger te zijn in de beschrijving van het werkelijke nadeel dat de omwonenden van een zonnepark gaan ervaren.
Het beschrijven van werkelijk te leiden nadeel is vooraf niet goed mogelijk en is persoonlijk.
14
Indieners verzoeken de gemeente in de ontwerp-zonnevisie op te nemen dat zonneparken geen onevenredig hoge belasting voor inwoners morgen vormen, bijvoorbeeld in het geval van stapeling van een windmolenpark met een beoogd zonnepark zoals in Borgercompagnie.
Niet (meer) relevant in deze versie van de Zonnevisie.
25, 27
Indiener verzoekt de gemeente de locatie te heroverwegen omdat hij bang is dat zijn uitzicht wordt verpest en dat de verkeerssituatie op de sluiproute tussen Veendam en de A7 over de Tripscompagniesterweg gevaarlijker gaat worden.
Niet (meer) relevant in deze versie van de Zonnevisie.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 30
31
Onder Participatie en (nadeel)compensatie wordt aangegeven dat het van belang is dat bewoners, ondernemers, initiatiefnemer(s), belangenpartijen, nutsbedrijven en betrokken overheden met elkaar in gesprek gaan over onder andere: Het compenseren van nadeel. Dat kan betrekking hebben op; Inbreuk op openheid van het landschap; Overlast tijdens de aanleg van het zonnepark. Een zonnepark kan goed landschappelijk worden ingepast met gebruikmaking van opgaande structuren met een beperkte hoogte waarmee tevens overlast door lichtschittering wordt tegengegaan. Dit betekent dat een zonnepark geen inbreuk hoeft te maken op de openheid van het landschap. Wij verzoeken u daarom dit bespreekpunt te nuanceren.
Een detaillistische vraag, die naar onze mening niet (meer) relevant is in deze versie van de zonnevisie.
31
Het bespreekpunt overlast tijdens de aanleg van het zonnepark is pas aan de orde nadat toestemming is gegeven (vergunning verleend) voor het realiseren van een zonnepark. Hinder als gevolg van de aanleg van een zonnepark zal zoveel mogelijk beperkt worden. Hierdoor zal geen sprake zijn van overlast. Wij verzoeken u daarom dit bespreekpunt te nuanceren.
Zie vorige antwoord.
Thema Windmolens 2, 3, 4, 7, 8, 10, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente aan te geven wanneer er een visie zal worden vastgesteld over windmolens, nu daarover wordt gesproken in de visie.
Het spreken over windmolens betreft een algemene beschrijving van de uitgangspunten van de RES.
31
Indiener verzoekt het aanwezig zijn van voorzieningen voor gebouwde windmolens (opstelplaats, fundament en ontsluiting) te beschouwen als reden waarom gronden niet meer efficiënt te gebruiken zijn voor landbouw als bedoeld in trede 3 van de zonneladder.
Het is aan de initiatiefnemers om aan te geven waarom een locatie specifiek geschikt is.
Taalkundig 2, 3, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente de zin ‘de hierna genoemde …. tot een omgevingsvergunning van een zonnepark’ aan te passen nu deze taalkundig niet klopt.
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 31
Alle taalkundige opmerkingen / vragen zijn – onder dankzegging – overgenomen en / of daar waar van toepassing is de tekst van de visie verduidelijkt.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 16, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om de 3e alinea op pagina 9 [van de eerste versie] van de visie te herschrijven tot een logische en leesbare alinea.
2, 3, 4, 7, 8, 10, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente een niet correcte en niet relevante zinssnede op pagina 7 [van de eerste versie] aan te passen en te vervangen door de aangeleverde tekst.
2, 3, 4, 7, 8, 9, 10, 17, 20
Indieners verzoeken de gemeente om op pagina 10 [van de eerste versie] een alinea een ander kopje te geven.
Zie vorig antwoord
Thema Technische eisen 24, 26
Zo is in artikel 2.40, onder e, van de Omgevingsverordening met het oog op de beoogde integraliteit van de visie bepaald dat de gebiedsvisie het gehele grondgebied van de gemeente dient te bestrijken en aan de hand van een gebiedsanalyse de locaties of gebieden aanwijst die in beginsel geschikt kunnen worden geacht voor de realisering van kleine en/of grote zonneparken en inzicht biedt in de mogelijkheid voor omwonenden om te participeren in de ontwikkeling en opbrengst van een zonnepark. Geconstateerd dient te worden dat in weerwil hiervan de voorliggende gebiedsvisie alleen betrekking heeft op het buitengebied, en er geen locaties of gebieden worden aangewezen die in beginsel geschikt kunnen worden geacht; er worden slechts enkele min of meer algemene inpassingsprincipes geformuleerd, waardoor er geen duidelijkheid ontstaat welke gebieden wel en welke gebieden niet in aanmerking komen. Ook voor wat betreft de mogelijkheden voor omwonenden om te participeren in de ontwikkeling en opbrengst van zonneparken geeft de visie geen ambitieniveau weer. Dit klemt des te meer nu in onze Omgevingsvisie expliciet is gesteld dat omgevingskwaliteit en participatie belangrijke voorwaarden zijn voor het aanwijzen van locaties door ons college.
De zienswijze is overgenomen, waardoor deze niet (meer) relevant is in deze versie van de Zonnevisie.
31
Onduidelijk is waarom over 5 jaar de zonnevisie geëvalueerd dient te worden. Met welke visie op de toekomst is dit geschreven? Wat wordt bedoeld met hoe een mix van duurzame energieopwekking er in de toekomst uit zal komen te zien? Welke visie heeft de gemeente Veendam, ifany, op “een mix van duurzame energieopwekking”?
Het evalueren van de visie gebeurt met het oog op het waarborgen van de openheid en karakteristieke eigenschappen en van het landschap. Daarnaast komt duurzame energieopwekking de komende jaren op particulier initiatief op gang. Daar wil de gemeente ook met het oog op de omgevingswet ruimte aan geven. Hoe de mix van verschillende vormen van opwekking zich ontwikkelt, staat daarom niet vast. Met het oog
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 32
daarop, is het verstandig de uitwerking van dit beleid te evalueren. 32
Voor het faciliteren van grotere zonneenergie projecten dient de gemeente rekening te houden met het provinciale beleid. In de” Handreiking locatiekeuze en ontwerp zonneparken” staat dat beleid verwoord. Wat wordt er precies bedoeld met “grotere zonne-energie projecten”? Hoe groot is “grotere”?
Zonnevisie Veendam; versie 01-2022
blz. 33
Zal per initiatief worden beoordeeld. De vraag lijkt niet (meer) relevant in deze versie van de Zonnevisie.