CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

06-02 Bijlage 1 - Jaarplan en begroting Winkler Prins 2025

Gemeenteraad 31 maart 2025, gemeente VeendamBij agendapunt: Jaarplan en begroting 2025 Winkler Prins11.032 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarplan en begroting 2025

1

Jaarplan en begroting 2025

1.

INLEIDING

In ons Strategisch Beleidsplan 2024 – 2028 (SBP 24-28) geven we de koers weer waar we de komende jaren met onze medewerkers en leerlingen naar toe willen. Een strategiegroep van tien medewerkers heeft onder begeleiding van twee projectbegeleiders een belangrijk aandeel geleverd bij de totstandkoming van dit plan. Het SBP 24-28 is steeds het uitgangspunt bij het op te stellen jaarplan. De titel is ‘Onderwijs van vandaag … voor morgen’. Tijdens hun schoolloopbaan krijgen onze leerlingen de bagage die ze goed voorbereid de toekomst in laat gaan. Steeds weer zullen medewerkers van Winkler Prins zich de vraag moeten stellen of het huidige onderwijs optimaal aansluit bij datgene wat onze leerlingen nodig hebben. Dat betekent automatisch dat het curriculum en de gewenste vaardigheden waar nodig worden bijgesteld en aangepast. Winkler Prins kan trots zijn op een al jarenlange goede basiskwaliteit. Uit diverse tevredenheidsonderzoeken blijkt dat leerlingen en ouders/verzorgers de school waarderen. Wel staat de school de komende jaren voor een aantal uitdagingen: De komende vijf jaar wordt een daling van het leerlingenaantal van circa 10% verwacht. Dat betekent dat er een behoorlijke inspanning geleverd moet worden om het brede aanbod in stand te houden. De onderwijsinspectie heeft in mei 2024 het pedagogisch-didactisch handelen op de afdeling kader/basis als onvoldoende beoordeeld.

Tot op heden heeft Winkler Prins voldoende gemotiveerde en gekwalificeerde medewerkers weten aan te trekken. Waarbij alle medewerkers in eigen dienst zijn. Met de huidige personeelstekorten, zeker in het voortgezet onderwijs, blijft het een uitdaging om voldoende nieuwe medewerkers te vinden en te behouden. We gaan op weg naar inclusiever onderwijs. Binnen Winkler Prins zijn daarvoor al enkele stappen gezet, maar dit moet de komende jaren nog verder z’n beslag krijgen. De begroting laat zien dat de positie van Winkler Prins de komende jaren stabiel is. Voor 2025 is een resultaat (na bestemmingsreserves) van € -126.000 begroot. Gelet op de financiële positie is dit tekort geen enkel probleem. Het geld is tenslotte bedoeld voor het onderwijs. De Medezeggenschapsraad heeft 16 december 2024 een positief advies gegeven op deze begroting. De Raad van Toezicht heeft de begroting goedgekeurd op 17 december 2024. Op 19 december 2024 is de begroting vastgesteld door de bestuurder. Namens het managementteam, Jan de Wit Bestuurder Winkler Prins Veendam, 20 december 2024

2

Jaarplan en begroting 2025

STRATEGISCHE AGENDA Strategisch beleid in een oogopslag Onderstaand overzicht brengt de essentie van ons strategisch beleid compact in beeld. Dit strategisch beleid vormt de basis voor het dagelijkse gesprek in de school over doelen en resultaten.

Strategisch beleid Winkler Prins 2024 – 2028 Onderwijs van vandaag… …voor morgen Identiteit • Onderwijs van vandaag, voor morgen • Samen verschillend • De Veenkoloniën als basis, de wereld als speelveld

Visie • Leerlingen vandaag voorbereiden op hun leven in de wereld van nu en morgen. • Vakbekwame, betrokken en ontwikkelingsgerichte medewerkers die onze leerlingen ondersteunen. • Dialoog, samenwerking en vertrouwen zijn de sleutels tot de succesvolle ontwikkeling van onze leerlingen.

• • • •

Kernwaarden Vertrouwen Respect Verantwoordelijkheid Nieuwsgierigheid

Strategische doelen

Aantrekkelijk onderwijs

Samen verantwoordelijk

Een sterke basis, voor iedereen

Een gezonde organisatie

Identiteit Onderwijs van vandaag, voor morgen De maatschappij verandert voortdurend en daarmee ook de kennis en vaardigheden die leerlingen nodig hebben om hierin goed mee te kunnen komen. Ons onderwijs- en ondersteuningsaanbod ontwikkelen wij daarom in lijn met deze veranderende maatschappij. Daarbij bouwen wij voort vanuit onze herkenbare basiskwaliteit. Samen verschillend Samen verschillend gaat over de opdracht van het openbaar onderwijs: een huis voor iedereen, ongeacht godsdienst, levensovertuiging, afkomst, etniciteit, economische achtergrond, gender of seksuele geaardheid. Iedereen mag er zijn en we respecteren elkaars verschillen. Wij hebben oog en aandacht voor elkaar: leerlingen, medewerkers en ouders. Onze brede school is bij uitstek een plek waar mensen vanuit verschillende achtergronden elkaar kunnen ontmoeten. Hiermee creëren wij een veilig sociaal klimaat voor iedereen, als basisvoorwaarde voor leren en werken. De Veenkoloniën als basis, de wereld als speelveld Wij zijn een regioschool en sterk geworteld in de Oost-Groningse Veenkoloniale samenleving. Deze regionale functie vraagt van ons dat wij een breed, herkenbaar en aansprekend onderwijsaanbod hebben voor een diverse doelgroep. Al bijna 160 jaar is Winkler Prins een herkenbare en gewaardeerde partner voor vele generaties leerlingen, ouders, medewerkers, bedrijven en instellingen.

Als school sluiten wij aan bij de ontwikkelingen en behoeften in de regio. Tegelijkertijd is de wereld groter dan Veendam. Leerlingen van Winkler Prins vliegen uit naar alle hoeken van de wereld. Dat betekent dat wij als school ook de verbinding leggen met de wereld buiten de regio, in Nederland en daarbuiten.

3

Jaarplan en begroting 2025

Visie Onze visie bestaat uit drie pijlers: • Leerlingen vandaag voorbereiden op hun leven in de wereld van nu en morgen. • Vakbekwame, betrokken en ontwikkelingsgerichte medewerkers die onze leerlingen ondersteunen. • Dialoog, samenwerking en vertrouwen zijn de sleutels tot de succesvolle ontwikkeling van onze leerlingen. Kernwaarden Winkler Prins heeft een aantal herkenbare kernwaarden. Deze kernwaarden zijn richtinggevend voor hoe wij werken en zijn herkenbaar voor iedereen die Winkler Prins kent. • Vertrouwen is uitgaan van de eerlijkheid en oprechtheid van de ander. Mensen die elkaar vertrouwen gaan uit van de positieve bedoelingen van de ander. Dit uitgangspunt is in onze school in ieders houding zichtbaar. • Respect begint met respect voor jezelf en is het omzien naar en waarderen van de ander. Binnen onze school merkt iedereen dat anderen de eigen persoonlijkheid, kwaliteiten en behaalde resultaten waarderen. • Verantwoordelijkheid dragen betekent instaan voor het eigen handelen. In ons gedrag binnen en buiten de school is zichtbaar dat we onze verantwoordelijkheden ten opzichte van onszelf, de ander en de omgeving nakomen en ons laten aanspreken. • Nieuwsgierigheid betekent onderzoekend bezig zijn. Nieuwsgierigheid leidt tot leren. Iedereen is nieuwsgierig naar zichzelf, naar de toekomst, naar kennis en mogelijkheden van zichzelf in relatie tot de ander.

Samen zijn we nieuwsgierig naar de wereld binnen en buiten de school, om deze zo goed mogelijk te vertalen naar het onderwijs. De QR-code hiernaast verwijst naar het volledige Strategisch Beleidsplan 2024-2028:

4

Jaarplan en begroting 2025

2.

UITWERKING STRATEGISCH BELEID 2024-2028

Inleiding Het Jaarplan en begroting 2025 beschrijft, naast het overzicht van inkomsten en uitgaven, de keuzen van de strategische doelen en welke effecten deze keuzen hebben op de ingezette middelen. In dit hoofdstuk worden de strategische doelen in 2025 beschreven met de daarbij behorende prestatie-indicatoren. Relatie SBP, jaarplan 2025 en deelschool-/dienstenplannen 2025 De kern van ons kwaliteitsbeleid vormt de beleidscyclus. In ons Strategisch Beleidsplan hebben we voor een periode van vier jaar onze ambities geformuleerd. In het schoolplan en in Jaarplan & begroting vertalen we deze doelen naar jaardoelen. Deze schoolbrede jaardoelen worden in deelschool/dienstenplannen concreet uitgewerkt en geëvalueerd. De schoolbrede werkgroepen werken vanuit een eenduidig opdrachtformulier dat ervoor zorgt dat er planmatig wordt gehandeld. Het jaarverslag gaat systematisch en inzichtelijk in op de in het betreffende jaar gerealiseerde onderwijskwaliteit en ontwikkeling. Aan de hand van het strategisch beleidsplan wordt per doel en indicator aangegeven hoe de realisatie ervoor staat en welke factoren van invloed zijn geweest op de mate waarin het betreffende doel is gerealiseerd. Strategische doelen en prestatie-indicatoren In het Strategisch Beleidsplan zijn de onderstaande doelen en onderliggende thema’s geformuleerd.

In dit hoofdstuk worden de indicatoren benoemd waaraan de voortgang gemeten kan worden. Aan de uitwerking van de thema’s wordt in 2025 gewerkt. De resultaten van deze uitwerking komen terug in het jaarverslag 2025. Pijler

Doel

Wanneer zijn we tevreden?

Uitgangspunt 1: • We geven aantrekkelijk onderwijs vorm • Docenten weten wat we verstaan onder Aantrekkelijk door te werken vanuit de de (goede) WP les. Deze Onderwijs ontwerpprincipes van de WP les, ontwerpprincipes zijn zichtbaar in de daarover in gesprek te zijn en onze lessen. eigen ontwikkeling ten aanzien van deze • We hebben op basis van monitoring een punten in beeld te brengen. aantal ontwikkelpunten in beeld. • We bieden professionalisering aan op die onderdelen. Uitgangspunt 2: • We verstevigen de samenwerking • We gaan in gesprek met ouders over Samen tussen leerlingen, ouders en wenselijke vormen van verantwoordelijk medewerkers. ouderbetrokkenheid. • Secties werken vanuit een vakwerkplan • Elke sectie heeft een vakwerkplan.

aan de doorlopende leerlijnen (en dus routes) in de school. Uitgangspunt 3: • We bieden leerlingen kansen, • We hebben de in-, door- en opstroom Sterke basis, voor bijvoorbeeld door het groeimodel, en beter in beeld en maken daarvan een iedereen bieden daarbij ondersteuning, maatwerk rapportage. en passende leerroutes. • We stellen vast wat succes factoren zijn in de ondersteuning van leerlingen bij opstroom. • We willen de afstroom beperken. • We richten KWT in op basis van diauitslagen, we werken met een ondersteunend programma en volgen de leerontwikkeling van leerlingen daarbij. • We werken een doelgericht en

samenhangend curriculum uit voor de basisvaardigheden, waarbij we een ondersteunend programma bieden voor leerlingen die dit nodig hebben.

5

• We hebben een doelgericht en

samenhangend curriculum burgerschap.

Jaarplan en begroting 2025

Uitgangspunt 4: • We organiseren professionalisering op • We richten de studiedagen op inspiratie Een gezonde rondom pedagogisch didactisch het vlak van pedagogisch didactisch organisatie handelen. handelen, passend bij de uitgangspunten van de WP les. We • Wanneer medewerkers tevreden zijn maken hierbij gebruik van expertise van over de mogelijkheden waarop ze zich eigen docenten in de kunnen ontwikkelen. professionalisering. • In de communicatie werken we aan een • Wanneer we meer zichtbaar zijn in herkenbaar en positief beeld van onze (lokale) media. We betrekken hier school. leerlingen, medewerkers en ouders bij. • We zoeken meer en actieve verbinding

met het bedrijfsleven.

• Wanneer we leerlingen meer

gelegenheid hebben kunnen geven op bedrijfsbezoek te gaan.

Overige strategische doelen: Samenwerking binnen het VO

Met het Aletta Jacobs College worden gesprekken gevoerd voor een vergaande samenwerking. Hierbij is het doel: in stand houden van een breed onderwijsaanbod en verminderde kwetsbaarheid.

Ontwikkeling in de toekomst

De eigen prognoses en de prognoses van DUO en VOION laten een krimp van ongeveer 10% zien voor de komen vijf jaar. Dat houdt voor Winkler Prins in dat het leerlingenaantal van 1.929 in 2024 naar ongeveer 1.765 leerlingen zal gaan in 2028. Strategisch HRM is essentieel voor een gezonde bedrijfsvoering.

Samenwerking VSO-PrO

Vanaf 2020 is landelijk ingezet op de samenwerking VSO-PrO. In Veendam werkt onze praktijkschool deels samen met de Margaretha Hardenbergschool.

Onderwijsregio's

De RAP-regio's gaan vervallen en in 2025 zal Nederland voor het VO worden verdeeld in onderwijsregio's. Op dit heeft Winkler Prins samen met de omliggende VO-scholen een aanvraag ingediend voor een onderwijsregio Groningen. Binnen de nieuw te vormen onderwijsregio's zal sterk samengewerkt gaan en moeten worden op het gebied van werving, matching, opleiden en professionalisering van personeel en in het bijzonder docenten.

Veiligheid in de regio

De VO-scholen in de provincie Groningen ervaren in toenemende mate ongewenst fysiek gedrag op de scholen. Dit ongewenst gedrag neemt steeds heftigere vormen aan. Winkler Prins wil samen met de politie, jongerenwerk en de gemeente optrekken om dit in banen te leiden. Mede vanwege veiligheid is een jongerenwerker in eigen dienst genomen.

6

Jaarplan en begroting 2025

3.

ONTWIKKELINGEN BUITEN WINKLER PRINS

Inleiding In dit hoofdstuk volgt een beschrijving van een aantal ontwikkelingen buiten Winkler Prins die van invloed zijn op het beleid en de begroting van Winkler Prins in 2025.

Beleidsvoornemens kabinet en de begroting OCW 2025 Tijdens Prinsjesdag presenteerde het kabinet de begroting voor 2025. Hieronder de begroting OCW 2025:

Een aantal beleidsvoornemens voor het onderwijs uit de begroting OCW: 1) Een sterke basis en hoge kwaliteit Het kabinet komt met een herstelplan gericht op de kwaliteit van het onderwijs met name in lezen, schrijven en rekenen-wiskunde. Het is een plan voor de langere termijn dat vraagt om een lange adem. Het plan is opgesteld met leerlingen, leraren, ouders, schoolleiders, lerarenopleiders en werkgevers. 2) Sociale veiligheid en gelijke behandeling OCW werkt aan sociale veiligheid en gelijke behandeling zodat iedereen in Nederland op een vrije en volwaardige manier kan deelnemen aan de samenleving. OCW wil de sociale veiligheid bevorderen en met de sectoren manieren ontwikkelen om dat te bereiken. Een sociaal veilige omgeving, is conditioneel voor de bevordering van kwaliteit in het onderwijs, cultuur en wetenschap.

7

Jaarplan en begroting 2025

3) Aanpak Lerarentekort Het grote tekort aan leraren en schoolleiders is een risico voor de kwaliteit en de continuïteit van het onderwijs. Daarom moeten we samen zorgen voor voldoende leraren en schoolleiders die goed zijn opgeleid, hun vakkennis bijhouden en met plezier in een aantrekkelijke omgeving werken. 4) Iedereen is nodig We hebben elk talent nodig om Nederland draaiende te houden en iedereen moet zo goed mogelijk mee kunnen doen in de samenleving, ook in het kader van welzijn voor iedereen. Ons onderwijs bereidt kinderen en jongeren daarop voor 5) Versterking culturele en creatieve sector Cultuur is een onmisbaar onderdeel van een democratische samenleving en de culturele en creatieve sector dragen bij aan het verdien- en concurrentievermogen van Nederland. OCW draagt bij aan het cultureel klimaat met de subsidies in de basisinfrastructuur (BIS) en de rijkscultuurfondsen 6) Versterking mediasector en hervorming landelijke publieke omroep Een sterke journalistieke sector is een belangrijke voorwaarde voor een goed functionerende democratische rechtsorde. Om ervoor te zorgen dat journalisten overal vrij en veilig kunnen werken, investeert het kabinet in het initiatief PersVeilig.

7) Werken aan publieke dienstverlening OCW werkt aan herstel van vertrouwen in de overheid, door consequent te werken met en vanuit de mensen voor wie het OCW beleid geldt, en de professionals die met hen werken. De publieke dienstverleners en Inspecties worden vanaf het begin betrokken bij de beleidsontwikkeling. De CAO VO In september 2023 sloten sociale partners een cao-akkoord voor de periode 17 maanden, van 1 mei 2023 tot 1 oktober 2024. Inmiddels is deze periode verlopen en is er nog geen nieuwe CAO afgesloten. Hiermee blijft voorlopig de oude CAO 2023-2024 van kracht. Tussen vakbonden en werkgevers zijn drie knelpunten om tot een cao-akkoord te komen: - Het verkleinen van de klassengrootte; - Het maximeren van het aantal lessen per week; - De opslagfactor voor voorwerk en nawerk. Pensioen Sociale partners in de overheids- en onderwijssectoren en pensioenfonds ABP werken aan een overgang naar een nieuwe pensioenregeling per 1 januari 2027. Wet toekomst pensioenen De Eerste Kamer nam op 30 mei de Wet toekomst pensioenen aan. De nieuwe regels gelden per 1 juli 2023, maar pensioenfondsen krijgen een paar jaar de tijd om volgens deze regels te gaan werken. Nadat sociale partners besloten hebben hoe de ABP-pensioenregeling eruit komt te zien, zal ABP deze pensioenregeling implementeren. Per 2027 zal ABP dan volledig onder de Wet toekomst pensioenen vallen.

Toekomstbestendig pensioenstelsel Pensioen is een belangrijke arbeidsvoorwaarde. Met de komst van het nieuwe pensioenstelsel kan er iets gedaan worden aan de knelpunten van het huidige stelsel. De verwachting is dan ook dat het nieuwe stelsel toekomstbestendiger wordt. De wijzigingen moeten ervoor zorgen dat deze belangrijke arbeidsvoorwaarde meer zal worden gewaardeerd en op langere termijn betaalbaar blijft. Bron: VNG

8

Jaarplan en begroting 2025

4.

ONTWIKKELINGEN BINNEN WINKLER PRINS

Inleiding De belangrijkste zaken die in 2025 veel aandacht zullen vragen zijn: • Het nieuwe Strategische Beleidsplan 2024-2028 • Het masterplan verhogen basisvaardigheden • Versterken kwaliteitscultuur • Bestuurlijke samenwerking • Het pedagogisch-didactisch handelen, met name binnen de afdeling kader/basis. Deze onderwerpen worden hieronder toegelicht met daarnaast een aantal andere onderwerpen.

Het nieuwe Strategische Beleidsplan 2024-2028 In het najaar van 2022 is het proces gestart om te komen tot een nieuw strategisch beleidsplan 20242028. Het plan is opgesteld met inspraak van en in samenspraak met interne en externe stakeholders. Het plan is voor de zomer van 2023 vastgesteld en dient als basis voor het Jaarplan en begroting 2025. Bestuurlijke samenwerking in de provincie Sinds 2012 zijn alle Groninger V(S)O en MBO-schoolbesturen verenigd in een provinciaal Platform. Het doel van deze samenwerking is te zorgen voor een dekkend netwerk van breed en kwalitatief goed onderwijs in de provincie Groningen. Met het oog op de dalende leerlingaantallen is het lastig om dit overal te realiseren. Schoolbesturen hebben de ambitie uitgesproken dit toch te bereiken door minder te gaan concurreren en meer te gaan samenwerken. Binnen het Platform wordt nu verder gekeken naar de toekomst. Het in de lucht houden van de ondersteunende diensten wordt voor veel scholen steeds lastiger en samenwerking op dit gebied is onderwerp van gesprek. Op de wat langere termijn is het voor een aantal scholen de vraag hoe de aangeboden profielen binnen de diverse schoolsoorten rendabel gehouden kunnen worden wanneer de leerlingdaling in het Praktijkonderwijs, de bovenbouw van het vmbo en de bovenbouw havo/vwo gaat doorzetten.

In 2023 zijn een aantal omliggende schoolbesturen om deze reden gefuseerd. In 2022 is samen met het dr. Aletta Jacobs College uit Hoogezand onderzocht of en zo ja op welke wijze beide stichtingen door samenwerking in de toekomst elkaar zouden kunnen versterken. Dit alles vanuit de gezamenlijke verantwoordelijkheid die beide besturen hebben voor een regionaal dekkend, kwalitatief hoogstaand en zo divers mogelijk onderwijsaanbod dat de komende jaren onder druk komt te staan vanwege een dalend leerlingaantal. Dit onderzoek heeft in het najaar van 2022 vertraging opgelopen en is eerst in de pauzestand gezet. De gesprekken zijn in 2024 weer opgepakt. Binnen het Provinciaal Platform wordt gewerkt aan de ontwikkeling de samenwerking in onderwijsregio VO Groningen. Onderwijsregio’s richten zicht op de samenwerking tussen schoolbesturen, lerarenopleidingen en beroepsgroep om te zorgen voor voldoende en (blijvend) goed opgeleid onderwijspersoneel. Ze zetten zich in op het werven, matchen, opleiden, begeleiden en professionaliseren van onderwijspersoneel. De besturen van de VSO-school, Margaretha Hardenberg in Veendam en de PrO-school Winkler Prins in Veendam hebben in 2017 afgesproken meer samen te gaan werken voor leerlingen die zich bevinden in het grensgebied VSO-PrO. In 2022 is deze samenwerking op bestuurlijk en locatieniveau nieuw leven ingeblazen.

Deels vanwege de landelijke politieke intenties maar vooral vanwege de meerwaarde die deze samenwerking kan hebben voor de leerlingen van beide scholen. De kans is aanwezig dat deze samenwerking zal uitmonden in een voorstel het VSO in Veendam onder te brengen bij Winkler Prins. Zo’n besluit kan alleen genomen worden na instemming en goedkeuring door de diverse gremia als MT, MR en RvT. Basisvaardigheden Ten aanzien van de basisvaardigheden hebben scholen al eerder het masterplan basisvaardigheden gepresenteerd (mei 2022). Tegelijkertijd loopt er een traject rondom curriculumvernieuwing. De pijlers van het masterplan en de aanpassingen in het toezichtskader van de inspectie op dit punt vormen een duidelijke oproep om door middel van onderzoek en monitoring goed zicht te krijgen op de leerlingpopulatie, het neerzetten van een doelgericht/samenhangend curriculum en zicht op effect van ingezette interventies. In 2024 heeft Winkler Prins een aanzienlijke subsidie basisvaardigheden toegewezen gekregen voor de schooljaren 2024-2025 en 2025-2026.

9

Jaarplan en begroting 2025

Versterken kwaliteitscultuur Onderdeel van onze strategische agenda is het versterken van de kwaliteitscultuur binnen de school als onderdeel van de duurzame ontwikkeling. Een sterke kwaliteitscultuur is een cultuur die stimuleert dat alle betrokkenen, zowel intern als extern, zich continu richten op het definiëren en behalen van de gewenste kwaliteit en door middel van een constructief-kritische houding streven naar de daarvoor zo nodig vereiste kwaliteitsverbeteringen (Onderwijsraad, 2015). Om de gewenste versterking van de kwaliteitscultuur te bereiken zal het kwaliteitsteam zich het komende jaar richten op; • • • •

Het aanleveren van basisrapportages als de review en analyses van opbrengsten. Dit jaar ook specifieke aandacht voor een analyse van de hinkelpaden binnen de school, met het doel de interne leerlingstromen te optimaliseren. Op basis van het handboek kwaliteit voor de rollen in het rollenboek een jaarcyclus per rol beschrijven. Zicht op de effectiviteit van ingezette interventies door evicence informed werken. Denk daarbij aan ingezette ondersteuning en of (vernieuwende) aanpakken. In het kader van basisvaardigheden; het maken van een nul- en volgmeting van de basisvaardigheden bij onze leerlingpopulatie, in samenwerking met de schoolbrede werkgroepen en de projectondersteuning.

Het pedagogisch-didactisch handelen binnen de afdeling kader/basis Op 5 maart 2024 heeft de onderwijsinspectie de afdeling kader/basis bezocht. De inspectie heeft het pedagogisch didactisch handelen binnen deze afdeling als onvoldoende beoordeeld. Daarnaast zijn enkele verbeterpunten benoemd. In de eerste helft van 2025 zal de inspectie opnieuw een bezoek brengen. Onder leiding van de directeur Onderwijs & Kwaliteit en de betrokken deelschooldirecteuren is een verbeterplan opgesteld dat periodiek wordt geëvalueerd en bijgesteld. Voor de uitvoering van het plan is externe ondersteuning voor lesbezoeken. Het resultaat in 2025 De begroting 2025 sluit met een negatief exploitatieresultaat van - € 502.000, en met verrekening van een aantal bestemmingsreserves - € 126.000. Dat is ongeveer -0,5% van de baten. De financiële positie van de school is ernaar om een tekort te accepteren, zeker in het licht van het financiële meerjarenperspectief. Het verwachte resultaat over 2024 laat zien dat het niet lukt het eigen vermogen van de school te laten dalen, hoewel we al een aantal jaren een negatief resultaat begroten. Dit is voornamelijk het gevolg van veel, heel veel geld vanuit de rijksoverheid voor allerhande tussentijdse thema’s en hogere bekostigingen dan verwacht.

Het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs (SWV), goed voor ongeveer 10% van onze financiering, heeft ook te maken met tussentijdse budgetverhogingen. En omdat het SWV niet te veel reserves mag aanhouden, komt er ook al enige jaren op rij vlak voor het einde van het kalenderjaar een extra uitkering vanuit het SWV naar de scholen toe. Verder zorgt onderuitputting van de budgetten en de krapte op de arbeidsmarkt (andere verdeling OP en OOP) dat het niet altijd lukt het geld op te maken. Er zijn in deze begroting geen kostenbesparingen doorgevoerd t.o.v. de budgetten 2024. Conform eerdere gemaakte afspraken is in deze begroting de inzet van NPO gelden (behoudens de inzet van de "brugfunctionaris”) vanaf augustus 2025 gestopt. Een verdere toelichting op deze begroting is te lezen in hoofdstuk 6. Werkdrukmiddelen: collectief en individueel De collectieve werkdrukmiddelen moeten inzichtelijk gemaakt worden aan de organisatorische eenheden waaraan deze beschikbaar gesteld worden. Binnen deze eenheden maken medewerkers samen de keuze hoe deze middelen ingezet gaan worden. De PMR vergewist zich van een goede procesgang. Dit is niet anders dan de afgelopen jaren gebruikelijk was. Binnen Winkler Prins kozen teams veelal voor extra externe ondersteuning bij toetsweken dan wel voor uitbreiding van het mentoraat.

De individuele werkdrukmiddelen zijn ook niet nieuw, maar hierbij spelen wel twee belangrijke veranderingen ten opzichte van voorgaande jaren. In de eerste plaats is het volume van 50 klokuren op jaarbasis (bij een volledige fte) verhoogd naar 90 klokuren. Daarnaast is vanaf schooljaar 2024-2025 het verlofrecht voor maximaal 40 klokuren ingevoerd. Tot het schooljaar 2022-2023 was sparen en kapitaliseren een mogelijkheid voor medewerkers, maar dat spaarrecht vervalt. De gedachte hierachter is dat werkdrukverlaging ‘bestreden’ moet worden gedurende het lopende jaar. Wanneer medewerkers het urenbudget jarenlang kunnen sparen is de vraag of er dan wel sprake is van werkdruk. Daarnaast zorgt het stuwmeer aan gespaarde uren voor grote verstoringen van het lesprogramma wanneer medewerkers het budget eenmaal in de vier jaar opnemen voor langdurig verlof. Naast de mogelijkheden vanuit de CAO is de mogelijkheid gegeven om de individuele werkdrukmiddelen uit te keren. 10

Jaarplan en begroting 2025

Functiemix OP In het Convenant Leerkracht (2008) zijn afspraken gemaakt over de functiemix OP. Het gaat hierbij over de verdeling van het aantal LB-, LC- en LD-functies. De sociale partners gaan ervan uit dat de uitwerking van de functiemix is geborgd in het overleg tussen schoolbestuur en PMR. In het najaar van 2014 bleek dat Winkler Prins vanuit de rijksoverheid slechts 75% van de streefpercentages van de functiemix voor onze school gefinancierd krijgt. Met de PMR is toen een maatwerkafspraak gemaakt waarbij is afgesproken dat we jaarlijks tenminste 75% zouden realiseren, maar dat jaarlijks bepaald zal worden of een hoger percentage van maximaal 90% mogelijk en verantwoord is, gelet op de financiële positie van de school. In schooljaar 2023-2024 was 2,4 fte LC-functie beschikbaar en 1,8 fte LD-functie. De LD-functie ruimte is volgens afspraak toegekend aan twee collega’s die in 2023 zijn benoemd in LC-tussenstap. De 2,4 fte LCfunctie vacature is via een interne procedure ingevuld. Voor 2025 zal in overleg met de PMR gekeken worden op welke wijze er invulling gegeven gaat worden aan de ruimte binnen de functiemix. Formatieplanning Er wordt jaarlijks een kwalitatieve en kwantitatieve vlootschouw uitgevoerd. De gegevens die hieruit naar voren komen, vormen de basis voor de samenstelling van de teams.

Samen met de begroting wordt hiermee de formatieve ruimte bepaald, schoolbreed, in deelscholen en bij de ondersteunende diensten. Voor het schooljaar 2024 - 2025 is er vanuit het NPO nog een budget beschikbaar voor de extra personele inzet ten behoeve van klassenverkleining en ondersteuning voor NPO-activiteiten in de deelscholen. In de begroting is rekening gehouden met het stopzetten van voorgenoemde extra capaciteit vanaf augustus 2025. Gegeven de toenemende krapte op de arbeidsmarkt betstaat de kans dat we goed functionerende medewerkers, ook degenen die inzet plegen i.h.k.v. het NPO, blijvend aan onze school kunnen binden. Uiteraard zal dit ook worden afgewogen in het licht van de verwachte leerlingdaling. Scholing De cao vo kent een jaarlijks geldbedrag toe aan alle medewerkers t.b.v. hun professionalisering. Hiervan worden individuele scholingswensen gefinancierd als ook centrale scholingsactiviteiten. Het scholingsbudget voor 2025 bedraagt € 178.000. Uitgangspunt is dat iedere medewerker zijn/haar individuele scholingsbudget kan opnemen. Hierbij wordt geen correctie gedaan naar werktijdfactor (i.t.t. hetgeen in de cao staat). Daarnaast is € 50.000 extra scholingsbudget opgenomen vanuit de subsidie Basisvaardigheden. Daarnaast biedt het NPO-budget tot en met juli 2025 aanvullend voldoende ruimte voor aanvullende scholingswensen, individueel dan wel voor teamscholing.

De WP-academie vervult een spilfunctie tussen scholingsvragen van en -aanbod voor medewerkers. Ontwikkeling leerlingenaantallen Nagenoeg alle Nederlandse vo-scholen hebben te maken met krimp. De verwachting is dat het leerlingaantal voor onze school tot ongeveer 2035 daalt. Voor de komende periode tot en met 2028 is een daling van het leerlingaantal voorzien van ongeveer 11% ten opzichte van 2024.

Leerlingprognose Winkler Prins per 1 oktober

2024

2025

2026

2027

2028

Regulier PRO Totaal

1.819 110 1.929

1.794 112 1.905

1.749 104 1.853

1.671 94 1.765

1.632 92 1.724

Mutatie in aantal t.o.v. t-1 Cumulatieve mutatie in aantal t.o.v. 2024 Mutatie in % t.o.v. 2024 Cumulatieve Mutatie in % t.o.v. 2024

0 0 0% 0%

-24 -24 -1% -1%

-52 -76 -3% -4%

-88 -164 -5% -8%

-41 -205 -2% -11%

N.B. leerlingaantallen op 1-10-2024 zijn de basis voor de bekostiging in 2025; 1-10-2025 dus voor 2026 enz.

11

Jaarplan en begroting 2025

Historisch overzicht aantallen leerlingen, medewerkers en leerling-leraarratio Onderstaand overzicht geeft een beeld van de ontwikkeling van de aantallen leerlingen, medewerkers (onderverdeeld naar categorie) en de leerling-leraarratio over de afgelopen jaren. De leerling-leraarratio is een indicatie van het aantal leerlingen per leerkracht. De leerling-leraarratio is niet hetzelfde als de gemiddelde groepsgrootte. Er is immers ook onderwijsondersteunend personeel op school aanwezig dat niet direct voor de klas staat, maar andere belangrijke onderwijstaken in en rond de klas vervult, zoals onderwijsassistenten en praktijkassistenten. De leerling-leraarratio van Winkler Prins wordt vergeleken met de landelijke leerling-leraarratio zoals deze te vinden is bij het ministerie van OCW/DUO. Hieruit is af te leiden dat de leerling-leraarratio ten opzichte van het afgelopen begrotingsjaar licht is gestegen. De benchmark is in die jaren gelijk gebleven (14,6).

Datum

Leerling Leerling aantal incl aantal excl vavo vavo

Fte totaal

Fte directie

Fte OOP

Fte OP

Benchmark Leerlingen/ Leerlingen/ leerlingen/ fte totaal fte OP fte OP

Okt. 2010

2.022

2.011

219,9

12,0

49,2

158,7

9,1

12,7

14,4

Okt. 2011

1.980

1.972

202,9

12,0

45,8

145,1

9,7

13,6

14,9

Okt. 2012

2.023

2.017

202,4

8,0

42,7

151,7

10,0

13,3

15,3

Okt. 2013

2.068

2.061

197,0

9,0

42,3

145,7

10,5

14,1

15,4

Okt. 2014

2.079

2.074

201,0

9,0

44,0

148,0

10,3

14,0

15,4

Okt. 2015

2.138

2.131

201,6

8,0

42,1

151,5

10,6

14,1

15,4

Okt. 2016

2.061

2.057

197,6

8,0

42,9

146,8

10,4

14,0

15,4

Okt. 2017

1.975

1.970

195,0

9,2

41,4

144,4

10,1

13,6

15,4

Okt. 2018

2.018

2.011

197,3

10,0

43,3

144,0

10,2

14,0

15,3

Okt. 2019

2.053

2.050

194,4

10,0

42,1

142,3

10,5

14,4

15,2

Okt. 2020

1.969

1.968

187,0

10,0

40,1

136,9

10,5

14,4

15,1

Okt. 2021

1.962

1.960

196,8

9,5

43,4

144,0

10,0

13,6

14,6

Okt. 2022

1.951

1.951

199,5

10,1

43,1

146,5

9,8

13,3

14,6

Okt. 2023

1.961

1.956

205,8

9,9

49,5

146,4

9,5

13,4

14,6

Okt. 2024

1.935

1.929

204,3

9,9

54,9

139,5

9,4

13,8

nnb

Schoolkosten en vrijwillige ouderbijdrage Het voortgezet onderwijs in Nederlands is bijna geheel kosteloos voor leerlingen en hun ouders. Wij doen ons best zo weinig mogelijk kosten bij ouders in rekening te brengen door veel kosten voor rekening van de school te laten vallen. De volgende soorten schoolkosten worden onderscheiden: 1. Kosten voor school: het gaat om lesmateriaal dat een leerling gedurende het schooljaar nodig heeft, waaronder leerboeken, werkboeken, digitaal lesmateriaal, examentrainingen en examenbundels. 2. Kosten voor ouders: het gaat hierbij om kosten voor voorgeschreven persoonsgebonden materiaal dat langer dan een jaar meegaat, waaronder rekenmachine, schrift, multomap, pennen en dergelijke, gereedschap, sportkleding, praktijkkleding. De kosten verschillen per deelschool/leerjaar. 3. Elektronische informatiedragers: scholen kunnen ouders vragen een device (laptop of iPad) aan te schaffen. Als ouders dit niet (kunnen) doen, moet de school voor een volwaardig alternatief zorgen. 4. Vrijwillige ouderbijdrage: scholen kunnen ouders een vrijwillige ouderbijdrage vragen voor extra activiteiten. Als ouders deze bijdrage niet voldoen, dan mag de school een leerling niet uitsluiten van deelname. De kosten voor activiteiten binnen het verplichte programma moeten door de school worden betaald.

De school kan besluiten een activiteit niet door te laten gaan als er onvoldoende financiering voor is. Het gaat hierbij om schoolreizen, kampeerweken en internationale uitwisselingsactiviteiten. Onze school kent een rijke cultuur van schoolreizen, internationale uitwisselingsactiviteiten en kampeerweken. Elke leerling kan aan deze activiteiten deelnemen, ongeacht of zijn/haar ouders de kosten hiervan willen of kunnen betalen. De kosten hiervoor zijn afhankelijk van de reis en verschillen per deelschool. Ouders ontvangen per activiteit een betalingsverzoek. De school kan besluiten een activiteit niet door te laten gaan als er onvoldoende financiering voor is.

12

Jaarplan en begroting 2025

Binnen onze school is een aantal financiële coaches actief die ouders kunnen ondersteunen bij kosten voor ouders (categorie 2), het onderzoeken van betalingsregelingen en financieringsmogelijkheden bij de aanschaf van een elektronische informatiedragers (categorie 3) en de schoolreizen, kampeerwerken en internationale uitwisselingsactiviteiten (categorie 4). Huisvestingslasten Na eerst een aanbesteding is in 2024 begonnen met het opstellen van nieuwe meerjarenonderhoudsplannen (mjop). Begin 2025 zullen deze klaar zijn. Deze plannen zijn noodzakelijk om het onderhoud aan onze panden gestructureerd uit te kunnen voeren. Een mjop geeft daarnaast ook houvast met betrekking tot de financiële verplichtingen die op de school af komen. Duurzaamheid Duurzaamheid heeft al jaren een prominente rol gespeeld bij Winkler Prins. Ieder jaar werd er een mooi bedrag ter beschikking gesteld. Hierdoor hebben wij jaarlijks kunnen investeren in zonnepanelen, elektrische auto's, bedrijfsfietsen, laadpalen etc. Het belang van duurzaamheid zal alleen nog maar toenemen. Naast eigen initiatieven is het nu ook de overheid die via de regeling “energiebesparingsplicht” grootverbruikers verplicht steeds verder te gaan in het besparen van energie.

Verbruiken worden gecontroleerd door de omgevingsdiensten en grootverbruikers moeten jaarlijks aangeven wat voor energiebesparende maatregelen men heeft getroffen om een energiebesparing te bewerkstelligen. Uiteindelijk moet dit resulteren in een verlaging van het energie verbruik van 9% in 2030 (bron: rijksoverheid/nieuws/energiebesparingsplicht). Investeringen Mede gezien de investeringen van de laatste jaren in de nieuwe schoolgebouwen en de inrichting daarvan zullen we het investeringsniveau terugbrengen naar een lager niveau om de daarmee samenhangende afschrijvingslast niet te veel te laten oplopen. Op ICT-gebied zijn er in 2024 verdere stappen genomen om de ICT-beveiliging weer op een hoger niveau te tillen. Adviezen vanuit een ICT-beveiligingsrapport zijn opgevolgd en uitgevoerd. Een grotere investering in 2025 is de uitrol van nieuwe laptops voor medewerkers die van belang zijn voor medewerkers om goed hun werk goed te kunnen blijven uitvoeren. Liquiditeit De liquiditeit in 2025 daalt ten opzichte van 2024. Deze daling in 2025 is mede als gevolg van het opnemen van onder andere de door de overheid vooruitbetaalde subsidie NPO. Vanaf 2026 loopt de liquiditeit dan weer langzaam op, bij ongewijzigd beleid (zie hiervoor ook hoofdstuk 6 met de Meerjarenbegroting)

Verwachte ontwikkeling liquiditeit in 2025 Verwachte eindstand 31-12-2024 Resultaat 2025 exclusief afschrijvingen/egalisatie/rente €

154.000

Investeringen 2025

€

-520.000

Rente

€

238.000

Aflossing lening Noorderpoort

€

-30.000

Verwachte eindstand 31-12-2025

13

€

7.159.000

€

7.001.000

Jaarplan en begroting 2025

14

Jaarplan en begroting 2025

6. BEGROTING 2024: TOTAALOVERZICHT EN TOELICHTING

Begroting 2025: totaaloverzicht Hieronder volgt het totaaloverzicht van de begroting 2024, afgezet ten opzichte van een aantal jaren daarvoor, inclusief een toelichting op de baten en de lasten. De integrale begroting 2024 is in een apart document beschikbaar. Begroting 2025

Begrotingsonderdelen

Begroting 2024

Begroting 2023

Exploitatie 2023

Baten Rijksbijdragen € 24.460.000 Overige rijksbijdragen-/subsidies € Overige baten € 529.000

€ 22.787.000 € € 529.000 € 24.989.000

Totaal baten

€ 22.359.000 € € 472.000 € 23.316.000

€ 23.432.787 € € 631.090 € 22.831.000

€ 24.063.876

Lasten Personele lasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige instellingslasten

€ 20.919.000 € 953.000 € 1.194.000 € 2.666.000

€ 20.063.000 € 854.000 € 1.163.000 € 2.381.000

€ 18.690.000 € 870.000 € 1.065.000 € 2.408.000

€ 19.056.207 € 829.957 € 1.177.316 € 2.430.973

Totaal lasten

€ 25.732.000

€ 24.461.000

€ 23.033.000

€ 23.494.453

Saldo baten en lasten

€

€ -1.145.000

€

€

569.423

-743.000

-202.000

Financiële baten en lasten Financiële baten € Financiële lasten €

€ €

241.000 -

€ €

200.000 -

€ €

-

259.072 -

Saldo financiële baten en lasten

€

241.000

€

200.000

€

-

€

259.072

Nettoresultaat

€

-502.000

€

-945.000

€

-202.000

€

828.495

€

48.000

€ €

96.000 411.000

-58.000

-185.000

167.000 762.000 19.000 -161.000

€

€

€ € € €

€ € € €

-207.669 -427.075 30.774 -198.028

Bestemmingsreserve doorontwikkeling onderwijs

€

54.000

Nettoresultaat na bestemmingsreserves

€

-126.000

€

-158.000

€

-212.000

€

26.497

Bestemmingsreserve aanvullende bekostiging Bestemmingsreserve maatwerktrajecten Bestemmingsreserve NPO Bestemmingsreserve Capaciteitstesten Bestemmingsreserve Collectieve Werkdrukmiddelen Bestemmingsreserve Professionalisering leraren

Rentabiliteit na bestemmingsreserve

-0,5%

-0,7%

-0,9%

0,1%

Toelichting baten Rijksbijdragen De Rijksbijdragen (van € 20.460.000) zijn het totaal van onder andere de vereenvoudigde basisbekostiging, Subsidie Sterk Techniek Onderwijs, Subsidie Basisvaardigheden, Subsidie Ontwikkelkracht, lerarenbeurzen, bijdragen Samenwerkingsverband GO 20.02, de Prestatiebox, werkdrukmiddelen en subsidie leerplusarrangement. De inkomstenberekeningen 2025 zijn gemaakt op basis van de leerlingenaantallen per 1 oktober 2024. Bij het berekenen van de lumpsum is rekening gehouden met de laatste informatie vanuit de rijksoverheid (Staatscourant), informatie vanuit de VO-raad, VOSABB en het samenwerkingsverband GO 20.02. Op advies van de verenigingen is een stijging in de basisbekostiging ad € 3,2% ten opzichte van 2024 opgenomen als verwachte baten in 2025 ter dekking van de indexatie van de verwachte CAO-stijging 2024 voor het geheel jaar 2025. Overige overheidsbijdragen en -subsidies De Overige overheidsbijdragen en -subsidies betreffen een deel van de in het verleden ontvangen doelsubsidies, waarmee een deel van de afschrijvingslasten wordt gedekt. Overige baten In totaal wordt € 529.000 aan Overige baten begroot. Het betreft hier onder andere: • de bijdragen aan werkweken en excursies, • uit de balans vrijvallende bedragen van in het verleden ontvangen doelsubsidies. Hiermee wordt een deel van de afschrijvingslasten gedekt.

15

Jaarplan en begroting 2025

Toelichting lasten Personele lasten De lonen en salarissen zijn gebaseerd op de formatieplanning voor het schooljaar 2024 - 2025. Deze kosten zijn gebaseerd op de uitgegeven formatie in de salarismaand september 2024. De berekeningssystematiek maakt gebruik van de actuele gegevens van de database met personeelsgegevens, gebaseerd op de meest actuele salaristabellen en secundaire arbeidsvoorwaarden. Daarnaast is uitgegaan van het eindigen van de NPO-gelden en extra formatie ten behoeve van de basisvaardigheden. In de begroting 2025 is tevens rekening gehouden met de verwachte verhogingen en overige afspraken uit die worden verwacht uit nog te af te sluiten Cao-akkoord per 1 oktober 2024. In de begroting is geen rekening gehouden met mogelijke premiewijzigingen in 2025 in de sociale lasten en/of in de pensioenen. Bij de baten voor 2025 is daar ook geen rekening mee gehouden. In de begroting 2025 is geen rekening gehouden met een aanpassing van het aantal fte’s als gevolg van een mutatie van het aantal leerlingen. Naast de lonen en salarissen zijn er nog aanvullende personele lasten. Hierbij gaat het onder andere om uitgaven voor vervanging, het uitbesteden van bepaalde werkzaamheden, scholing en overige personele kosten. Afschrijvingen De Afschrijvingen zijn het totaal van de lasten van de huidige activa plus de afschrijvingslasten van de verwachte investeringen voor 2024.

In het aanschafjaar wordt een halve afschrijvingstermijn gehanteerd. De afschrijvingslasten hebben als kenmerk dat de lasten van reeds geïnvesteerde activa in de toekomst niet meer te beïnvloeden zijn. De afschrijvingslast voor 2025 is als volgt onderverdeeld:

Verdeling afschrijvingslast Afschrijvingslast investeringen t/m 2024 Afschrijvingslast investeringen 2025

€ €

900.000 53.000

Totale afschrijvingslast

€

953.000

Huisvestingslasten De Huisvestingslasten bedragen € 1.194.000. De voornaamste kosten die hier zijn begroot zijn Huren, Onderhoud, Schoonmaakkosten, Aanschaf klein inventaris, Gas, water, elektra en Heffingen. Er is ook een bedrag ad € 180.000 opgenomen voor de kosten van de WOZ-belasting. Dit bedrag is ook opgenomen in de baten, omdat we dit bedrag weer terug kunnen factureren aan de gemeente Veendam. Overige instellingslasten De Overige instellingslasten bedragen € 2.666.000 en bestaan onder andere uit de uitgaven van Vakgroepen, Leermiddelen, Administratie beheer en bestuur, Uitgaven werkweken en excursies en Overige instellingslasten. Toelichting Financiële baten en lasten Het Saldo financiële baten en lasten is begroot op € 238.000. Om te vermijden dat we rente moesten betalen over onze financiële middelen zijn we in 2020 overgestapt op Schatkistbankieren. Dat houdt in dat we onze financiële middelen aanhouden bij het ministerie van Financiën (de schatkist). Vanaf eind 2022 wordt weer rente betaald en deze is stijgende. Voor het jaar 2024 zijn we uitgegaan van een gemiddeld percentage ad € 3,4%.

16

Jaarplan en begroting 2025

Toelichting saldo exploitatie Het nettoresultaat bedraagt - € 502.000. In voorgaande jaren hebben we bekostiging en subsidies ontvangen waaruit we bestemmingsreserves (Maatwerktrajecten, NPO) hebben gevormd. In 2025 worden hiervoor nog kosten gemaakt, die dan nu uit deze bestemmingsreserves (maatwerktrajecten ad € 96.000, NPO ad € 411.000) worden onttrokken. Daarnaast zal een bedrag worden onttrokken uit de bestemmingsreserve Doorontwikkeling Onderwijs ad € 54.000. In deze begroting wordt uitgegaan van meer bekostiging dan uitgaven aan collectieve werkdrukmiddelen, zodat € 185.000 wordt toegevoegd aan deze bestemmingsreserve. Het nettoresultaat na bestemmingsreserve wordt dan - € 126.000. De rentabiliteit komt daarmee uit op –0,5%.

17

Jaarplan en begroting 2025

7. RISICOMANAGEMENT EN MEERJARENBEGROTING Strategische risicoanalyse Begin 2023 is een nieuwe strategische risicoanalyse uitgevoerd waarbij aan een divers aantal medewerkers binnen de school is gevraagd om de belangrijkste risico’s, zoals deze kunnen gelden voor een school voor voortgezet onderwijs onafhankelijk van elkaar te beoordelen. Deze analyse is de tweede in deze vorm. In september 2020 heeft deze analyse ook plaatsgevonden. Ten opzichte van 2020 zijn er nieuwe inzichten en waardering in de risico’s. Uit de analyse is de top 10 aan risico’s bepaald met een substantiële financiële impact. Deze 10 risico’s bepalen voor 2/3 de uitkomsten van de risicosimulatie. Beheersing van deze risico’s (indien mogelijk) leidt tot een verlaging van de simulatie uitkomsten. In de kolom 2020 is van de risico’s aangegeven welke plaats zij in 2020 hadden in de top 10. De kleur blauw geeft aan dat de positie gelijk is gebleven, groen dat het risico is afgenomen en oranje dat het risico is toegenomen. Onderstaand is dit in een overzicht weergegeven. Het proces van de herijking van deze risicoanalyse is in gang gezet. We verwachten deze te kunnen publiceren bij de jaarrekening van 2024.

Gebied

Omschrijving

Leerlingen

Onzekerheid omtrent verevening en financiering passend onderwijs

ICT

2020

Kans van optreden

Max financieel gevolg

1

57%

€ 1.000.000

Onbevoegden verschaffen zich middels hacking toegang tot informatiesystemen, waardoor data wordt gestolen dan wel gekidnapt (ransomware)

3

50%

€ 1.000.000

Personeel & Organisatie

Inzetbaarheid leraren is lager dan gepland (ziekteverzuim, burnout)

6

90%

€ 300.000

Leerlingen

Negatieve ontwikkeling leerlingenaantallen (komende 5 jaar)

2

60%

€ 350.000

Huisvesting

Onvoorziene reparatie/aanpassing aan schoolgebouw

4

32%

€ 500.000

Financiën

Vermindering/wegvallen van incidentele gelden waarmee structurele lasten zijn aangegaan

9

60%

€ 250.000

Leerlingen

Leerlingen met een ondersteuningsbehoefte kunnen onvoldoende worden bediend binnen onze eigen ondersteuningsstructuur

-

60%

€ 225.000

Personeel & Organisatie

Lerarentekort / Onvoldoende gekwalificeerd personeel (OP en OOP en directie)

-

70%

€ 162.000

Leerlingen

Toename van leerlingen die eigenlijk op het VSO thuishoren in verband met aanname stop VSO. Dit leidt tot extra inzet op ondersteuningsstructuur

-

65%

€ 150.000

Leerlingen

Onzekere financiering leerlingenstromen (lagere bekostiging per leerling doordat het ministerie bekostigingsvoorwaarden aanscherpt of delen uit de bekostiging bezuinigt)

-

42%

€ 200.000

Er zijn 4 nieuwe risico’s in de top 10 terecht gekomen op plekken 7 tot en met 10. Deze risico’s stonden in 2020 niet in de top 10 of zijn nieuw toegevoegd. De komst van 4 nieuwe risico’s betekent ook dat 4 risico’s de top 10 hebben verlaten (lager gewaardeerd), te weten: • Ontstaan van werkloosheidsuitkeringen; • Materiële bekostiging (voor onderhoud gebouwen) vanuit het Rijk structureel onvoldoende hetgeen leidt tot overschrijding van de begroting; • Aanbod van aantal zorgleerlingen neemt toe in VSO • Vermindering en/of wegvallen van incidentele gelden waarmee structurele lasten zijn aangegaan; • Mislopen en/of terugvordering (te) ontvangen subsidiegelden. De strategische risicoanalyse (risicomanagement) is bedoeld om te laten zien dat we onze organisatie in control hebben en dat wij goed zicht hebben op toekomstige ontwikkelingen en mogelijke risico’s die deze ontwikkelingen met zich meebrengen. Risicomanagement is geen doel op zich maar een middel dat ons helpt in het verwezenlijken van de doelstellingen uit ons meerjarenbeleid. Risicomanagement is daarom ook niet een louter financiële exercitie, maar een schoolbreed aandachtspunt dat betrokkenheid vereist vanuit meerdere geledingen binnen de school. Daarnaast biedt risicomanagement de mogelijkheid een onderbouwing van het weerstandsvermogen te geven.

Het weerstandsvermogen dient te worden aangehouden om potentiële risico’s te kunnen afdekken en om toekomstige activiteiten te financieren. Voor de bepaling van de beschikbare weerstandscapaciteit is de liquiditeitspositie als uitgangspunt genomen, gecorrigeerd voor de nog te betalen verplichting en uitgaven 18

Jaarplan en begroting 2025

in de komende jaren. Risicomanagement helpt de organisatie om succesvol haar doelen te realiseren door de belangrijkste risico’s te beheersen die doelstellingen of processen kunnen bedreigen. Deze risicoanalyse heeft geleid tot een rangschikking van de belangrijkste risico’s voor onze school en een herberekening van het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen geeft inzicht in hoeveel risico’s de school kan hebben in relatie tot haar vermogenspositie. In onderstaand schema zijn de belangrijkste risico’s weergeven en geclusterd naar gebied. 1. Passend onderwijs VO-scholen hebben de zorgplicht voor alle aangemelde leerlingen. Binnen het samenwerkingsverband zijn scholen verplicht te zorgen voor een dekkend netwerk van passend onderwijs. De hulpvragen waarmee leerlingen de school binnen komen, nemen toe in intensiteit en complexiteit. Er is een landelijk verbeterplan met 25 verbeterpunten voor meer inclusief onderwijs opgesteld door de minister. In de provincie Groningen is door het VSO een volverklaring afgegeven waardoor er geen uitstroom vanuit het VO naar her VSO kan plaatsvinden. Daarnaast wordt de financiering door de rijksoverheid van het voormalig lwoo en pro de komende jaren herzien met verwachte negatieve herverdeeleffecten voor ons samenwerkingsverband en daarmee ook voor onze school.

Wat kunnen de gevolgen zijn? • Meer leerlingen met specifieke ondersteuningsbehoeften verhogen de werkdruk voor medewerkers • Onzekere financiering budget ondersteuning SWV en school • Medewerkers zijn onvoldoende geëquipeerd om passende leertrajecten waar te maken waardoor leerlingen niet goed geholpen kunnen worden • Ambitie en verwachtingen van ouders en leerlingen zijn niet in lijn met mogelijkheden van de school

Beheersingsmaatregelen • Continueren en opzetten diverse arrangementen en maatwerktrajecten • Continueren landelijke lobby t.b.v. de verevening LWOO/PRO middelen • Investeren in professionalisering medewerkers

2. Krimp Winkler Prins bevindt zich in een regio die te maken heeft met krimp van de bevolking. Deze krimp is de komende jaren van grote invloed op het leerlingaantal van Winkler Prins. De verwachte afname van het leerlingaantal tussen 2023-2030 ligt rond de 10%-15%. Wat kunnen de gevolgen zijn? • Minder leerlingen betekent minder bekostiging • Minder leerlingen betekent dat de huidige stafondersteuning niet houdbaar is • Verschraling onderwijsaanbod: een lager leerlingaantal kan betekenen dat het huidige pallet van het onderwijsaanbod niet houdbaar is

Beheersingsmaatregelen • Bestuurlijke samenwerking binnen de provincie onderzoeken • Bestuurlijke samenwerking schoolbesturen Platform V(S)O-MBO Groningen continueren • Strategische personeelsplanning continueren • Optie shared services voor OOP open houden om kosten te delen

3. ICT Het grootste risico van ICT is dat derden zich toegang verschaffen tot de systemen van de organisatie. Dit kunnen criminelen zijn die bijvoorbeeld ransomware installeren, dan wel leerlingen die data in systemen manipuleren. Het platleggen van de ICT structuur heeft grote consequenties voor de continuïteit en kan veel geld kosten. Wat kunnen de gevolgen zijn? • Afhankelijkheid van digitale systemen en internet kunnen ervoor zorgen dat het onderwijs en het secundaire proces stil komen te liggen door criminele manipulaties • Een ransomware aanval kan betekenen dat de school losgeld moet betalen om weer toegang te krijgen tot de systemen en de data 19

Beheersingsmaatregelen • Continue monitoring op beveiliging netwerk • Inzet ethical hacking • Investeren in kennis van medewerkers ICT • Verbinding zoeken met andere professionele netwerken ICT • Bewustwording bij medewerkers vergroten Jaarplan en begroting 2025

4. Huisvesting De huisvestingtransitie is eind 2022 zijn afgerond. Het grootste deel hiervan is betaald door de gemeente Veendam. Winkler Prins heeft zelf ook bijgedragen ook bij in de kosten van nieuwbouw/verbouw en door investeringen t.b.v. duurzaamheid, gebouw gebonden inrichting en inventaris. Winkler Prins heeft zelf een sportvoorziening op het Leer- en Sportpark gefinancierd en gerealiseerd. De ervaring leert dat vernieuwde onderwijskundige inzichten kunnen leiden tot nieuwe interne huisvestingsbehoeften. Daarnaast blijven als gevolg van een pandemie extra kosten mogelijk om te voldoen aan de voorwaarden op het gebied van bijvoorbeeld ventilatie. De energie fluctueren de laatste jaren enorm hetgeen grote gevolgen heeft voor de exploitatie van de school. Ook kunnen bodemdalingen zorgen voor extra kosten aan gebouwen. Wat kunnen de gevolgen zijn? • Extra kosten in verband met pandemie waaronder kosten vervanging medewerkers, verbetering ventilatie, extra energiekosten i.v.m. ventileren in de winter, beschermingsmiddelen • Onvoorziene noodzakelijke aanpassing aan gebouwen a.g.v. onderwijskundige inzichten • Door bodemdaling kan beschadiging aan gebouwen optreden • Bekostiging (voor onderhoud en exploitatie van de gebouwen) vanuit de overheid structureel onvoldoende, hetgeen leidt tot overschrijding van de begroting

Beheersingsmaatregelen • Wensen t.a.v. nieuwe investeringen begrenzen • Investeringen Winkler Prins t.b.v. huisvesting moeten vooral bijdragen aan een lagere exploitatielast • Afstemming met de gemeente Veendam over ieders rol en verantwoordelijkheid bij het oplossen van het ventilatievraagstuk • Invloed uitoefenen t.a.v. de landelijke lobby voor extra bekostiging voor exploitatie

5. Personeel en organisatie Het grootste risico met betrekking tot personeel is een lagere inzetbaarheid dan gepland door ziekteverzuim en burn-out. Daarnaast speelt het probleem van een krapper wordende arbeidsmarkt. Dit wordt versterkt door de extra werkdrukmiddelen waardoor medewerkers minder inzetbaar zijn. Ondanks een hoog percentage functiemix OP gaan medewerkers op zoek naar een hogere functieschaal bij een andere werkgever. Wat kunnen de gevolgen zijn? • Prestaties van medewerkers lijden onder hoge werkdruk • Een hoog ziekteverzuim • Door toegenomen werkdruk is er onvoldoende tijd voor scholing van medewerkers en ontwikkeling van het onderwijs • Hogere kosten aan bijdragen school aan kosten WIA of WW • Door een verslechterende arbeidsmarkt kan de school onvoldoende bevoegde en/of bekwame medewerkers aantrekken • Wisselingen in het personeelsbestand hebben een negatief effect op de kwaliteit van de school • Wetgeving staat in de weg bij het vasthouden van bevoegde en bekwame medewerkers waardoor deze moeten vertrekken

20

Beheersingsmaatregelen • Strategische personeelsplanning continueren • Inzetten op tijd voor ontwikkeling en werkdrukvermindering voor medewerkers • Medewerkertevredenheid blijven monitoren en a.d.h.v. rapport oplossingen afspreken • Inzetten op ondersteuning van het primaire proces • Actieve ondersteuning van medewerkers voordat de werkdruk te hoog wordt • Inzetten op vitaliteit medewerkers • Deelname aan de Opleidingsschool Ommelanden • Deelname aan Regionale aanpak lerarentekort • Bij- en omscholing zittende medewerkers • Samenwerking met regionale schoolbesturen bij het opnemen van elkaars medewerkers die vanwege wetgeving geen vaste aanstelling kunnen krijgen • Aantrekkelijkheid als werkgever blijven nastreven • Profilering Winkler Prins als goede werkgever • De meest optimale functiemix aanbieden

Jaarplan en begroting 2025

6. Financiën De bekostiging van het voorgezet onderwijs door de rijksoverheid is grillig. De afgelopen jaren is de materiële bekostiging onvoldoende geïndexeerd, worden structurele middelen vervangen door incidentele middelen waarmee structurele verplichtingen moeten worden aangegaan. Er is een risico op terugvordering van (te) ontvangen subsidiegelden. Wat kunnen de gevolgen zijn? • Grillige financiering van het onderwijs door de overheid kan impact hebben op de exploitatie en het vermogen van Winkler Prins • Na jaren van een stortvloed aan subsidies, moet de broekriem weer worden aangehaald

Beheersingsmaatregelen • Invloed uitoefenen op landelijk beleid via regionale en landelijke gremia • Actualisatie jaarlijkse meerjarenbegroting en huidig financieel beheer continueren • Tijdig voorsorteren op magere jaren • Inzet bovenmatig eigen vermogen in magere jaren

7. Risk en Compliance De wet- en regelgeving moeten worden nageleefd. Het niet of onjuist naleven van bijvoorbeeld AVG wetgeving en datalekken kunnen boetes opleveren. Ook een onjuiste naleving van fiscale wetgeving kan significante financiële gevolgen hebben. Wat kunnen de gevolgen zijn? • Het opgelegd krijgen van niet voorziene boetes en daardoor verlaging van de liquiditeit

Beheersingsmaatregelen • Verhoging privacy awereness van alle medewerkers middels een AVG E-learning training in 2024 • Investeren in expertise: het in dienst hebben van een eigen functionaris AVG + professionele externe functionaris gegevensbescherming • Jaarplannen AVG voor elke deelschool/dienst • Monitoring van fiscale wet- en regelgeving

8. Onderwijs De kwaliteit van het onderwijs is ons primair belang. Het niet monitoren van de kwaliteit kan gevolgen hebben voor de resultaten. Maatschappelijke ontwikkelingen maken andere vormen van onderwijs en mogelijk. Het is eenvoudiger om een nieuwe school te stichten. Wat kunnen de gevolgen zijn? Beheersingsmaatregelen • Continuering kwaliteitsteam en bijbehorende • Er is onvoldoende zicht op de kwaliteit van het methodiek van kwaliteitsgericht werken onderwijs • Medewerkers faciliteren voor opleiding en • Ons onderwijs sluit niet meer aan bij de deelname aan kwaliteitsteams verwachtingen en wensen van ouders en • Goede omgevingsanalyse blijven maken: hoe leerlingen houden we ons onderwijs eigentijds en relevant • Onderwijsresultaten- en scores blijven achter bij en wat gebeurt er om ons heen de doelstellingen • Inzetten op monitoring resultaten en opbrengstgericht werken 9. Bestuur en toezicht De kwaliteit, diversiteit en het functioneren van het bestuur en intern toezicht zijn van groot belang voor de toekomstbestendigheid van de school. In de periode 2023 t/m 2025 vinden er grote transities plaats bij het bestuur en intern toezicht van de school.

Wat kunnen de gevolgen zijn? • Continuïteitsvraagstukken als gevolg van de veranderingen bij bestuur en intern toezicht • Onvoldoende zicht op het bestuurlijk handelen als gevolg van de wisselingen in bestuur en intern toezicht • Onvoldoende diversiteit bij het interne toezicht levert problemen op bij het externe toezicht

21

Beheersingsmaatregelen • Bewustwording creëren bij de relevante stakeholders • Een goede overdracht bij de bestuurlijke transitie • Tijdig inzetten op werving en selectie nieuwe leden intern toezicht. • Een goede overdracht bij de nieuwe samenstelling van het interne toezicht Jaarplan en begroting 2025

WEERSTANDSVERMOGEN Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de benodigde weerstandscapaciteit (o.b.v. het risicoprofiel) en de beschikbare weerstandscapaciteit (vermogenspositie). Inzicht in het weerstandsvermogen helpt om verantwoorde keuzes te maken met betrekking tot het aangaan van nieuwe risico’s in de toekomst. Uitgangspunt is dat de benodigde weerstandscapaciteit niet groter mag zijn dan de beschikbare weerstandscapaciteit. Het weerstandsvermogen, zoals deze door de overheid wordt aangegeven is het eigen vermogen uitgedrukt in een percentage van alle baten in een jaar, inclusief de financiële baten en exclusief de buitengewone baten. Het eigen vermogen van onze school bestaat uit een algemene reserve en bestemmingsreserves. Deze algemene reserve is vooral bedoeld voor het afdekken van (toekomstige) risico’s in de financiële bedrijfsvoering en als financieringsbron voor nieuwe activiteiten en investeringen. De bestemmingsreserves zijn bedoeld om activiteiten te financieren waarvoor in het verleden financiering is ontvangen die in dat jaar niet ingezet konden worden. Als zodanig kunnen de bestemmingsreserves niet worden gezien als vrij te besteden eigen vermogen omdat er immers een bestemming aan gekoppeld is. Door het ministerie wordt een bandbreedte voor het weerstandsvermogen voorgeschreven van ten minste 5%.

Het weerstandsvermogen van Winkler Prins eind 2025 bedraagt 40,23%. Uit de meerjarenbegroting 2025-2028 blijkt dat het weerstandsvermogen nagenoeg licht stijgende is gedurende deze jaren. Uit het bovenstaande zou de conclusie kunnen worden getrokken dat het minimale weerstandsvermogen ruimschoots wordt overschreden en Winkler Prins (te) veel geld in kas zou laten liggen. In deze benadering worden de begrippen eigen vermogen en liquide middelen met elkaar verward. Het eigen vermogen bestaat zowel uit een deel liquide middelen, maar ook een groot deel van het eigen vermogen is vastgelegd in materiële vaste activa, zoals de nieuwe huisvesting en inventaris die dagelijks wordt gebruikt in het primair proces. Begin 2023 is opnieuw onderzoek gedaan naar de relatie tussen de benodigde weerstandscapaciteit o.b.v. het risicoprofiel en de beschikbare weerstandscapaciteit. Op basis van een groot aantal voor het voortgezet onderwijs bekende risico’s is een Monte-Carlosimulatie (een model dat gebruikt kan worden bij de bepaling van waarschijnlijkheden van uitkomsten) uitgevoerd waarmee de benodigde weerstandscapaciteit is bepaald. De uitkomst van deze simulatie is dat Winkler Prins met 90% zekerheid voldoende heeft aan € 2,6 miljoen benodigde weerstandscapaciteit. De afgelopen jaren was het weerstandsvermogen van Winkler Prins hoog.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15282585/1