05-11-07 bijlage reactie-ienw-op-advies-structurele-overwegenaanpak-risicoclassificatie-prorail
Tekst van het document
> Retouradres Postbus 20901 2500 EX Den Haag
ProRail BV T.a.v. Mevr. Rietstra Postbus 2038 3500 GA Utrecht
Bestuurskern Dir.Openbaar Vervoer en Spoor Veiligheid en Goederen 's-Gravenhage Postbus 20901 2500 EX Den Haag Ons kenmerk IENW/BSK-2021/321538 Uw kenmerk VT20160001-9406636033121
Datum Betreft
2 december 2021 Advies Structurele Overwegenaanpak & Risicoclassificatie Overwegenregister
Geachte mevrouw Rietstra, Hartelijk dank voor uw brief, ontvangen op 28 oktober jl., over het door ProRail opgestelde advies over hoe de overwegenaanpak in Nederland structureler zou kunnen worden aangepakt. Het advies is een mooi product geworden en dat tot stand is gekomen in het licht van de verdere professionalisering van de adviesfunctie van ProRail. De eerste stap in dit adviestraject was dat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat op 23 juni 2020 aan ProRail heeft gevraagd om de omvang van de overwegenopgave in relatie tot toekomstige mobiliteitsontwikkelingen in kaart te brengen en hierover een advies te geven. Samen zijn we het eens dat de afgelopen decennia een programmatische aanpak van overwegen positief heeft bijgedragen aan het beveiligen of saneren van overwegen om daarmee verkeersslachtoffers te voorkomen. Tegelijkertijd maakt uw advies inzichtelijk dat het noodzakelijk is om te blijven investeren in het opheffen en beveiligen van overwegen omdat er helaas nog steeds (dodelijke) ongevallen op overwegen te betreuren zijn. Uw advies agendeert daarmee de nut en noodzaak van een structurele overwegenaanpak. In het advies komt goed naar voren hoe veiligheid en mobiliteit samenkomen in de overwegenopgave en hoe belangrijk de relatie met decentrale overheden en andere partijen is voor een gedegen uitvoering van een structurele overwegenaanpak.
De opvolging van het advies is in ieder geval afhankelijk van de besluitvorming over de beleidsmatige en budgettaire kaders van het nog te vormen kabinet. Wel geef ik u een aantal aandachtspunten mee voor de verdere besluitvorming. Het is van belang dat dit advies integraal met andere (spoorse) opgaves wordt afgewogen, niet alleen met betrekking tot kosteneffectiviteit maar ook om de maakbaarheid te kunnen waarborgen. Ook het verder uitwerken van cofinanciering is noodzakelijk om de financiële opgave te kunnen detailleren. Daarnaast heeft het advies nog tot een aantal, al eerder gestelde, vragen geleid, die het advies en de uitvoering daarvan nog verdere scherpte kunnen brengen. Bijvoorbeeld hoe vervoerders en decentrale overheden betrokken kunnen worden bij de uitwerking van dit advies naar een programma. Ik verzoek u om met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat nog nader het gesprek te voeren over hoe deze vragen kunnen worden verwerkt in het advies. Na uitwerking van deze Pagina 1 van 2
aspecten kan nadere besluitvorming gaan plaatsvinden over de programmering van de structurele aanpak. Naast het voorgaande wil ik ook uw aandacht nog vragen voor het volgende. ProRail en de ILT en DGMo/OVS hebben op woensdag 24 november jl. gesproken over de risicoclassificatie die ten grondslag ligt aan het overwegenregister. ILT heeft aan ProRail toegelicht dat haar huidige risicoanalyse ten aanzien van overwegen niet als een adequate risicobeoordelingsmethode beschouwd kan worden, zoals is voorgeschreven in EU-Verordening (EU)2018/762. De ILT kwalificeert dit dan ook als een tekortkoming. ProRail heeft hierop aangegeven het beeld over het overwegenregister te delen en dit, als verantwoordelijke voor de veiligheid, per direct te willen gaan aanpakken. In de driehoek uitvoering – toezicht – beleid wordt een actieplan afgestemd. ProRail heeft hierbij de toezegging gedaan uiterlijk in februari 2022 de eerste contouren van een nieuwe risicobeoordelingsmethode te bespreken. ILT zal de ontwikkelingen met betrekking tot een adequate risicobeoordelingsmethode in het eerstvolgende bestuurdersgesprek tussen ILT en ProRail agenderen. Een aangescherpte risicobeoordelingsmethode is ook nodig om het advies voor een structurele aanpak van overwegen te vertalen naar een doelmatige programmering van de overwegenaanpak en daarmee ook voor de besluitvorming hierover.
Bestuurskern Dir.Openbaar Vervoer en Spoor Veiligheid en Goederen 2 december 2021 Ons kenmerk IENW/BSK-2021/321538
Tot slot wil ik nog een keer benadrukken dat ik blij ben met dit advies. Ten eerste omdat het inhoudelijk het belang van overwegveiligheid, ook in kader van mobiliteitsgroei, benadrukt. Ten tweede omdat dit adviestraject een mooie pilot is voor de adviesrol van ProRail zoals deze wettelijke verankerd wordt wanneer ProRail wordt omgevormd tot zbo. Hierbij is het uiteraard goed om stil te staan bij zaken die beter kunnen in het proces en waar we de adviesfunctie nog verder kunnen versterken. De eerste afspraken zijn hiervoor al gepland. Met vriendelijke groet, Directeur-Generaal Mobiliteit,
drs. C. van der Burg
Pagina 2 van 2