CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

05-04 In 1, Langebosch, Kuifreiger-Oost vastgesteld 1

Commissie Sociaal Domein 8 april 2024, gemeente VeendamBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan “Langebosch, Kuifreiger-Oost”23.493 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Langebosch, Kuifreiger-Oost

bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Bijlage bij toelichting

55

Bijlage 1

Ladderonderbouwing

56

Bijlage 2

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

65

Bijlage 3

Bodemonderzoek

105

Bijlage 4

Notitie ecologisch onderzoek

238

Bijlage 5

Uitgangspuntennotitie Watertoets

242

Bijlage 6

Beeldkwaliteitsplan

250

Bijlage 7

Verslag inloopavond

263

Regels

267

Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2

Inleidende regels Begrippen Wijze van meten

268 268 271

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4

Bestemmingsregels Water Woongebied

272 272 273

Hoofdstuk 3 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

276 276 277 278 279

Hoofdstuk 4 Artikel 9 Artikel 10

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

280 280 281

Bijlagen bij de regels

283

Bijlage 1

284

2

overzicht toegestane bedrijven aan huis

Inhoudsopgave (vastgesteld)

bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost

Toelichting

Toelichting (vastgesteld)

3

Bestemmingsplan

Langebosch, Kuifreiger-Oost

Maart 2024

Vastgesteld

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost

Bestemmingsplan: IDN: Status: Datum:

Langebosch, Kuifreiger-Oost NL.IMRO.0047.05BPKuifreiger-0401 Vastgesteld Maart 2024

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

2

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

TOELICHTING

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

3

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ...................................................................................... 6 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

AANLEIDING ......................................................................................................................................... 6 LIGGING VAN HET PLANGEBIED .................................................................................................................. 6 DE BIJ HET PLAN BEHORENDE STUKKEN ........................................................................................................ 7 HUIDIG PLANOLOGISCH REGIME ................................................................................................................. 7 LEESWIJZER .......................................................................................................................................... 8

HOOFDSTUK 2 DE HUIDIGE SITUATIE ........................................................................ 9 HOOFDSTUK 3 PLANBESCHRIJVING ........................................................................ 10 3.1 3.2

GEWENSTE ONTWIKKELING ..................................................................................................................... 10 VERKEER EN PARKEREN .......................................................................................................................... 11

HOOFDSTUK 4 BELEIDSKADER .............................................................................. 13 4.1 4.2 4.3 4.4

RIJKSBELEID ........................................................................................................................................ 13 PROVINCIAAL BELEID ............................................................................................................................. 15 REGIONAAL BELEID ............................................................................................................................... 19 GEMEENTELIJK BELEID ........................................................................................................................... 19

HOOFDSTUK 5 MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN..................................................... 25 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9

GELUID ............................................................................................................................................. 25 BODEMKWALITEIT ................................................................................................................................ 26 LUCHTKWALITEIT ................................................................................................................................. 26 EXTERNE VEILIGHEID ............................................................................................................................. 27 MILIEUZONERING ................................................................................................................................ 28 GEUR................................................................................................................................................ 30 ECOLOGIE .......................................................................................................................................... 31 ARCHEOLOGIE & CULTUURHISTORIE ......................................................................................................... 32 BESLUIT MILIEUEFFECTRAPPORTAGE.......................................................................................................... 33

HOOFDSTUK 6 WATERASPECTEN........................................................................... 35 6.1 6.2

VIGEREND BELEID ................................................................................................................................. 35 WATERPARAGRAAF .............................................................................................................................. 36

HOOFDSTUK 7 JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING ............................... 38 7.1 7.2 7.3

INLEIDING .......................................................................................................................................... 38 OPZET VAN DE REGELS ........................................................................................................................... 38 VERANTWOORDING VAN DE REGELS .......................................................................................................... 39

HOOFDSTUK 8 ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID ..................................................... 41 HOOFDSTUK 9 VOOROVERLEG, INSPRAAK EN ZIENSWIJZEN ......................................... 42 9.1 9.2 9.3

VOOROVERLEG .................................................................................................................................... 42 INSPRAAK .......................................................................................................................................... 42 ZIENSWIJZEN ...................................................................................................................................... 42

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING .................................................................................. 43 BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4

LADDERONDERBOUWING ............................................................................................................... 44 AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI .................................................................................. 45 BODEMONDERZOEK ...................................................................................................................... 46 NOTITIE ECOLOGISCH ONDERZOEK .................................................................................................... 47

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

4

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld BIJLAGE 5 BIJLAGE 6 BIJLAGE 7

WATERTOETSNOTITIE/RESULTATEN ................................................................................................... 48 BEELDKWALITEITSPLAN .................................................................................................................. 49 VERSLAG INLOOPAVOND ................................................................................................................ 50

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

5

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

HOOFDSTUK 1 1.1

INLEIDING

Aanleiding

Dit bestemmingsplan heeft betrekking op de locatie (hierna: plangebied) tussen de Kuifreiger en de Nijveenlaan in de wijk Langebosch in het zuiden van de kern Wildervank. Door aanhoudende vraag naar woningbouw, heeft de gemeente Veendam het plan opgevat om ter plaatse van het plangebied woningbouw mogelijk te maken. Concreet ziet het voornemen op de realisatie van 12 vrijstaande woningen. Gelet op de waterrijke omgeving, wordt hier een kwalitatief hoogwaardig woongebied beoogd. Het realiseren van 12 woningen is op basis van het geldende bestemmingsplan niet toegestaan. Om de voorgenomen ontwikkeling mogelijk te maken, dient het bestemmingsplan ter plaatse van het plangebied te worden herzien. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gewenste juridisch planologische kaders, waarbij wordt aangetoond dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.

1.2

Ligging van het plangebied

Het plangebied ligt in het zuiden van de kern Wildervank, globaal tussen de Nijveenlaan, het Westerdiep en de Kuifreiger. Het plangebied ligt daarnaast op steenworp afstand van het gemaal Wildervank. De locatie staat kadastraal bekend als gemeente Wildervank, sectie N, nummer 777 (gedeeltelijk). Het plangebied wordt aan de noordzijde begrensd door de Nijveenlaan. Aan de oost- en zuidzijde vormen een woonperceel en oppervlaktewater (Westerdiep) de begrenzing. Aan de westzijde is het planbied begrensd door de Kuifreiger. In afbeelding 1.1 is de ligging van het plangebied ten opzichte van Wildervank en Veendam en ten opzichte van de directe omgeving weergegeven. De rode ster en de rode omlijning geven respectievelijk de locatie en indicatieve begrenzing van het plangebied weer. Voor een exacte weergave van de begrenzing van het plangebied wordt verwezen naar de verbeelding.

Afbeelding 1.1

Ligging van het plangebied ten opzichte van Veendam en Wildervank en de directe omgeving (Bron: Plattekaart.nl)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

6

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

1.3

De bij het plan behorende stukken

Het bestemmingsplan “Langebosch, Kuifreiger-Oost” bestaat uit de volgende stukken: • •

verbeelding (NL.IMRO.0047.05BPKuifreiger-0401) en een renvooi; regels (met bijbehorende bijlagen).

Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.

1.4

Huidig planologisch regime

1.4.1

Algemeen

Het plangebied ligt binnen de begrenzing van het bestemmingsplan “Wildervank”. Dit bestemmingsplan is vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Veendam op 28 september 2009. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding behorende bij het geldende bestemmingsplan opgenomen. Het plangebied wordt hierop aangeduid met de rode omlijning.

Afbeelding 1.2

1.4.2

Uitsnede verbeelding bestemmingsplan “Wildervank” (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Beschrijving bestemmingen

Op basis van het “Wildervank” is het plangebied voorzien van de bestemmingen ‘Woongebied’ en ‘Groen’. Daarnaast geldt voor een deel van het plangebied de archeologische dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 3’ en geldt voor nagenoeg het gehele plangebied de gebiedsaanduiding ‘wro-zone – wijzigingsgebied 3’. Hierna wordt op de geldende bestemmingen en aanduidingen ingegaan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

7

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld Bestemming ‘Woongebied’ De voor ‘Woongebied’ aangewezen gronden zijn onder andere bestemd voor wonen en aan huis verbonden beroepen. Woningen dienen binnen het bouwvlak te worden gebouwd. Een bouwvlak ontbreekt binnen het plangebied. Bestemming ‘Groen’ De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor groenvoorzieningen, water en openbare nutsvoorzieningen. In de bouwregels is bepaald dat uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen mogen worden gebouwd. Hiervoor gelden maximale bouwhoogtes. Dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 3’ De voor 'waarde - archeologie 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor behoud van archeologische (verwachtings)waarden. Er geldt een archeologische onderzoeksplicht indien sprake is van bodemingrepen dieper dan 40 cm en groter dan 200 m². Gebiedsaanduiding ‘wro-zone – wijzigingsgebied 3’ Binnen de gebiedsaanduiding ‘wro-zone – wijzigingsgebied 3’ geldt een wijzigingsbevoegdheid om de bestemming te wijzigen naar een recreatieve en/of horecabestemming. 1.4.3

Strijdigheid

Doordat binnen de in het plangebied opgenomen bestemming ‘Woongebied’ het, door het ontbreken van een bouwvlak, niet is toegestaan woningen te bouwen, is de voorgenomen ontwikkeling in strijd met het vigerend planologisch regime. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het benodigde juridische planologische kader waarmee de voorgenomen ontwikkeling mogelijk kan worden gemaakt.

1.5

Leeswijzer

Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie in het plangebied en de omgeving gegeven. Hoofdstuk 3 bevat een beschrijving van het gewenste plan. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het Rijk, de provincie Groningen en de gemeente Veendam beschreven. In hoofdstuk 5 passeren alle relevante milieu- en omgevingsaspecten de revue. Hoofdstuk 6 gaat in op de wateraspecten. In de hoofdstukken 7 en 8 wordt respectievelijk ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording en de economische uitvoerbaarheid. Hoofdstuk 9 gaat in op het vooroverleg en inspraak.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

8

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

HOOFDSTUK 2

DE HUIDIGE SITUATIE

Het plangebied bevindt zich in een omgeving waar functioneel gezien nagenoeg alleen woonfuncties aanwezig zijn. Ten zuiden van het plangebied bevindt zich een gemaal. De ruimtelijke structuur rondom het plangebied wordt bepaald door de infrastructuur en het water. Het plangebied zelf is in de huidige situatie ingericht als onbebouwd grasland/weiland. Binnen het plangebied bevindt zich tevens een greppel waar water door stroomt. In afbeeldingen 2.1 en 2.2 is met een luchtfoto en straatbeelden de bestaande situatie in het plangebied weergegeven. Het plangebied is op de luchtfoto aangeduid met de rode omlijning.

Afbeelding 2.1

Luchtfoto ligging plangebied (Bron: PDOK)

Afbeelding 2.2

Straatbeeld plangebied vanaf de Nijveenlaan (Bron: Gemeente Veendam)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

9

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

HOOFDSTUK 3 3.1

PLANBESCHRIJVING

Gewenste ontwikkeling

De locatie is ten tijde van de ontwikkeling van de wijk Langebosch (eind jaren 1990) ook reeds in beeld geweest voor invulling. Met zowel een recreatieve functie als ook wonen. Uiteindelijk is deze invulling destijds gestokt. Een eerste aanzet in de fysieke ruimte is echter wel gedaan door middel van het bouwen van een aanlegsteiger en groene aanplant langs de waterkant. De omgeving die daarmee in de tussenliggende jaren tot stand is gekomen is die van een hele natuurlijke en verstilde plek (zie afbeelding 3.1). Dit gegeven is als principe genomen voor de nu beoogde invulling.

Afbeelding 3.1 Reeds bebouwde steiger in het verstilde gebied en zicht vanaf de Torenstraat. Met het blauwe dak van het gemaal zichtbaar (Bron: Gemeente Veendam)

Aansluitend op Langebosch en de overgang makend naar het lint aan het Westerdiep, wordt hier ruimte gemaakt voor een 12-tal vrijstaande woningen in het hogere koopsegment. De dichtheid komt hiermee overeen met bestaand Langebosch, de eilanden met vrijstaande woningen.

Afbeelding 3.2

Stedenbouwkundig plan

In afbeelding 3.2 is het stedenbouwkundig plan weergegeven. De inzet is om de bestaande omgeving zoveel mogelijk ongemoeid te laten. Bestaande bomen blijven zo veel mogelijk gehandhaafd. De groenwal achter de

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

10

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld boerderij (Torenstraat 5) wordt in tact gelaten. De groene waterrand langs de haven wordt geborgd met een brede groene rand van minimaal 10m, oplopend naar 15m nabij de sluis. Wel wordt gesnoeid in het aanwezige groen om zicht op het water vanuit de nieuwe buurt te herstellen. In het nieuw toe te voegen openbare gebied wordt een aantal bomen bij geplant. De rooilijn voor de nieuw toe te voegen woningen wordt aan deze zuidzijde bepaald door de projectmatig gebouwde pastelkleurige woningen westelijk van het plangebied. Aan de noordkant is de bestaande groene strook tussen sloot en Nijveenlaan gehandhaafd. De sloot wordt gedempt. Watercompensatie is in de basis geregeld met het Langeboschemeer. Meer specifiek zorgt het groene karakter van dit buurtje tezamen met de lage bebouwingsdichtheid voor de nodige infiltratie in de bodem waarmee recht wordt gedaan aan de trits vasthouden – bergen - afvoeren. Daarbovenop wordt verharding tot het minimum beperkt dan wel doorlatend uitgevoerd. De rooilijn aan deze noordzijde wordt bepaald door de nieuwe ontsluiting op de Grote Zilverreiger. Deze ontsluiting maakt een rondgang mogelijk rondom de 6 westelijke kavels, waarmee huisvuilinzameling aan deze zijde georganiseerd wordt. De 4 zuidoostelijke kavels worden doodlopend aangesloten op de Kuifreiger.

De 2 noordoostelijke kavels krijgen een ontsluiting op de Nijveenlaan. Er wordt expliciet geen autoverbinding gemaakt tussen Nijveenlaan en Grote Zilverreiger/Oeverloper daar dit ongewenst sluipverkeer zou veroorzaken. De langzaam verkeersverbindingen maken daarentegen wel verbinding met de omliggende buurten. De kavels verschillen qua omvang. De westelijke 6 lopen uiteen van 570 m² tot circa 630 m². De oostelijke kavels hebben een omvang van ruim 800 m² tot ruim 1600 m². Deze laatste is gelegen aan het Westerdiep, en omvat 1 van de 2 waterkavels. Deze krijgen beide de mogelijkheid voor een eigen steiger. Voor de andere woningen is ruimte aan genoemde bestaande steiger. Verder krijgen de waterkavels een aanzienlijke bouwenveloppe ter beschikking. Hiertegenover staat dat het erf verder vrij blijft van gebouwen om zo enige doorzicht vanaf het Westerdiep (Torenstraat) naar het Langebosch, en vice versa, te behouden.

3.2

Verkeer en parkeren

3.2.1

Algemeen

Bij het opstellen van bestemmingsplannen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte die ontstaat door een nieuwe ontwikkeling, evenals een eventuele toename van de verkeersgeneratie. Voor het bepalen van de parkeerbehoefte hanteert de gemeente Veendam de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig Parkeren’. De hierin aangegeven parkeercijfers bestaan uit een minimum- en maximumwaarde. Er wordt hierbij gebruik gemaakt van de gemiddelde parkeerbehoefte en de gemiddelde verkeersgeneratie. 3.2.2

Uitgangspunten

In het kader van de voorgenomen ontwikkeling wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten: • • • 3.2.3

Stedelijke zone: rest bebouwde kom; Verstedelijkingsgraad: matig stedelijk; Gewenste functie: koop, huis, vrijstaand Parkeren

Op basis van de hiervoor genoemde uitgangspunten ontstaat de volgende parkeerbehoefte: Functie Koop, huis, vrijstaand Totaal afgerond

Parkeerkencijfer 2,2 (per woning)

Aantal 12 woningen

Totale parkeerbehoefte 26,4 27

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

11

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld Op basis van bovenstaande berekening brengt de ontwikkeling een totale parkeerbehoefte van afgerond 27 parkeerplaatsen met zich mee. De te realiseren vrijstaande woningen beschikken allemaal over een ruime kavel waarbij het realiseren van ten minste 2 tot 3 parkeerplaatsen op eigen terrein mogelijk is. Hiermee kan op eigen terrein aan de parkeerbehoefte worden voldaan. Geconcludeerd wordt dat het aspect 'parkeren' geen belemmering oplevert voor het voorliggend voornemen. 3.2.4

Verkeer

Met de voorliggende ontwikkeling worden 12 woningen gerealiseerd. Op basis van de vorenstaande uitgangspunten ontstaat qua verkeersgeneratie als gevolg van het plan het volgende beeld uitgaande van het gemiddelde: Functie Koop, appartement, midden Totaal

Verkeergeneratie 8,2 (per woning)

Aantal 12 woningen

Totale verkeersgeneratie 98,4 98,4

Op basis van de bovenstaande berekening brengt de ontwikkeling een totale verkeersgeneratie van 99 verkeersbewegingen per etmaal met zich mee. Dit verkeer wordt voor het grootste gedeelte via de Grote Zilverreiger en vervolgens de Oeverloper afgewikkeld op de bestaande infrastructuur. Een tweetal te ontwikkelen percelen wordt via de Nijveenlaan ontsloten op de bestaande infrastructuur. Er is voldoende capaciteit op de omliggende infrastructuur om de relatief kleine toename van verkeersbewegingen op een verkeersveilige wijze af te wikkelen. Geconcludeerd wordt dat het aspect 'verkeersgeneratie' geen belemmering oplevert voor voorliggend voornemen. 3.2.5

Conclusie

Gezien het vorenstaande wordt geconcludeerd dat er vanuit verkeerskundig oogpunt geen belemmeringen zijn voor de uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

12

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

HOOFDSTUK 4

BELEIDSKADER

Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het Rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifiek voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven.

4.1

Rijksbeleid

4.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

4.1.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. 4.1.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal.

2.

Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair.

3.

Sterke en gezonde steden en regio’s Er zijn vooral in steden en stedelijke regio’s nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio’s behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio’s geborgd.

4.

Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

13

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld 4.1.1.3 Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1.

2.

3.

Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van toekomstige generaties.

4.1.1.4 Toetsing van het initiatief aan de NOVI De NOVI laat zich niet specifiek uit over dergelijke kleinschalige ontwikkelingen. Het betreft een ontwikkeling waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in deze ruimtelijke onderbouwing besloten ontwikkeling. 4.1.2

Ladder voor duurzame verstedelijking

4.1.2.1 Algemeen In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, de voorloper van NOVI, is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’.

4.1.2.2 Toetsing van het initiatief aan de Ladder voor duurzame verstedelijking Wat betreft de “Ladder voor duurzame verstedelijking” wordt opgemerkt dat toetsing noodzakelijk is bij “nieuwe stedelijke ontwikkelingen” (3.1.6 Bro). Hiervan is sprake. Er is dan ook een ladderonderbouwing opgesteld door BJZ.nu. Deze is als bijlage 1 bijgevoegd. Uit de ladderonderbouwing volgt dat er sprake is van een binnenstedelijke ontwikkeling waar zowel kwalitatief als kwantitatief behoefte aan is. Het voornemen is dan ook in overeenstemming met de ladder voor duurzame verstedelijking.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

14

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld 4.1.3 Conclusie toetsing aan het Rijksbeleid Geconcludeerd wordt dat het voornemen in overeenstemming is met het rijksbeleid.

4.2

Provinciaal beleid

Het provinciaal beleid is verwoord in een tal van plannen. Het belangrijkste plan betreft de Omgevingsvisie provincie Groningen 2022 en de daarbij behorende Omgevingsverordening provincie Groningen. 4.2.1

Omgevingsvisie Groningen

4.2.1.1 Algemeen De Omgevingsvisie provincie Groningen is op 1 juni 2016 vastgesteld. Sindsdien is de visie een aantal keer gewijzigd en geactualiseerd. De meeste recente actualisatie is van mei 2022. De visie bevat een integrale lange termijnvisie van de provincie op de fysieke leefomgeving. Belangrijke onderwerpen in de Omgevingsvisie zijn het zorgen voor een aantrekkelijk woon- en leefklimaat, het benutten van ontwikkelingsmogelijkheden, het beschermen van karakteristieke bebouwde en onbebouwde elementen en het bieden van ruimte voor ondernemerschap. Een belangrijk doel van de Omgevingsvisie is om samenhang te brengen in het beleid voor de fysieke leefomgeving. Om dit te doen is al het provinciaal beleid in vijf thema’s en elf provinciale ‘belangen’ geordend. De thema’s en belangen zijn: Ruimte 1. Ruimtelijke kwaliteit 2. Aantrekkelijk vestigingsklimaat 3. Ruimte voor duurzame energie 4. Vitale landbouw Natuur landschap 5. Beschermen landschap en cultureel erfgoed 6. Vergroten biodiversiteit Water 7. Waterveiligheid 8. Schoon en voldoende water Mobiliteit 9. Bereikbaarheid Milieu 10. Tegengaan milieuhinder 11. Gebruik van de ondergrond Met de Omgevingsvisie wil de provincie Groningen aansluiting vinden bij maatschappelijke ontwikkelingen en hier samen met anderen aan werken.

De provincie ziet drie dominante ontwikkelingen, namelijk: bevolkingsontwikkeling, de digitale revolutie en de energietransitie. Uit afbeelding 4.1 blijkt dat het plangebied deels ligt in het stedelijk gebied en deels in het buitengebied. Het plangebied is met een rode omlijning aangeduid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

15

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

Afbeelding 4.1

Uitsnede kaart thema ‘ruimte’ Omgevingsvisie provincie Groningen (Bron: provincie Groningen)

De voorgenomen ontwikkeling heeft binnen de zojuist benoemde thema’s het meeste raakvlak met het thema ‘Ruimte’ en dan specifiek de belangen ruimtelijke kwaliteit en aantrekkelijk vestigingsklimaat. Hierna wordt op de betreffende onderdelen nader ingegaan. 4.2.1.2 Ruimtelijke kwaliteit De provincie Groningen streeft naar een zo hoog mogelijke ruimtelijke kwaliteit. Ruimtelijke kwaliteit wordt bepaald door de mate waarin binnen een gebied de gebruikswaarde, de belevingswaarde en de toekomstwaarde in onderlinge verhouding geoptimaliseerd zijn. Een hoge ruimtelijke kwaliteit is van belang om de provincie aantrekkelijk te laten blijven om te wonen, werken en recreëren. Het omgevingsbeleid wordt zoveel mogelijk gericht op het bieden van kansen die zich voordoen in lokale en regionale situaties. Buitengebied Onder het buitengebied wordt verstaan, de gebieden die buiten stedelijke gebieden liggen en een overwegend agrarische-, natuur- en recreatieve functie hebben. De provincie wil de waarde van het buitengebied voor natuur en recreatie ontwikkelen en de landschappelijke kernkarakteristieken behouden en waar mogelijk versterken. Ook wil de provincie het buitengebied als woongebied aantrekkelijk houden en bedrijven de mogelijkheid bieden om zich te vestigen in vrijkomende bebouwing en zich daar te ontwikkelen.

Omdat de inrichting van het buitengebied zowel vitaal als duurzaam dient te zijn, is daarnaast zuinig ruimtegebruik een belangrijk uitgangspunt. Hiervoor zijn regels opgenomen in de Omgevingsverordening. Stedelijk gebied Onder stedelijk gebied wordt verstaan een stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel en horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en water en infrastructuur. De provincie wil stedelijke ontwikkelingen zo veel mogelijk laten plaatsvinden binnen bestaand stedelijk gebied, omdat de provincie het grote contrast tussen het stedelijk gebied en het buitengebied, dat zo bepalend is voor de identiteit van de provincie, wil

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

16

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld behouden en versterken. Dit in lijn met de 'ladder voor duurzame verstedelijking', die bij nieuwe stedelijke ontwikkeling vraagt om motivering en afweging van de ruimtevraag, de beschikbare ruimte en de ontwikkeling van de omgeving waarin het gebied ligt. Dit vraagt extra zorgvuldigheid bij ingrepen in het stedelijk gebied die een effect hebben op het buitengebied. 4.2.1.3 Aantrekkelijk vestigingsklimaat De provincie zet in op een leefbare omgeving, waar voldoende werk en dynamiek is. Een aantrekkelijk vestigingsklimaat wordt gerealiseerd door samen met gemeenten te werken aan een goede structuur voor wonen werken en opleiden. Gemeenten zijn goed op de hoogte van lokale omstandigheden en zijn vaak goed in staat maatwerkoplossingen te vinden voor de vraagstukken die op hen afkomen. Vraagstukken op het gebied van woningbouwlocaties, bedrijventerreinen en detailhandelslocaties zijn vaak gemeentegrens overstijgend. Gemeenten krijgen voor deze onderwerpen meer verantwoordelijkheid. Om te voorkomen dat gemeenten elkaar beconcurreren met een overaanbod vindt de provincie Groningen het belangrijk dat er in regionaal verband bij voorkeur integrale visies (structuurvisie, Omgevingsvisie of beleidsvisie) worden opgesteld.

Daarbij moet worden voldaan aan de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' zoals die is opgenomen in artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening. De rol van de provincie is om gemeenten hierbij te faciliteren/ondersteunen. Woningvoorraad De kwaliteit van het wonen levert een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid van de provincie. Een hoge woonkwaliteit kan worden bereikt door het woningaanbod optimaal te laten aansluiten bij de wens van de inwoners; ook als het gaat om het soort kern waar men wil wonen: van een kleine kern tot een grote stad. Het is mogelijk om kleine kernen kleinschalig uit te breiden. Hiervoor worden primair de inbreidingsmogelijkheden benut. Door iedereen de mogelijkheid te bieden om daar te blijven of te komen wonen, wordt ook in de kleinere kernen een bijdrage geleverd aan het behoud van de sociale verbanden. 4.2.1.3 Toetsing van het initiatief aan de omgevingsvisie Voorliggend plan voorziet in het realiseren van 12 duurdere vrijstaande woningen op een locatie die deels binnen bestaand stedelijk gebied ligt en deels in het buitengebied maar wel aansluitend op het stedelijke gebied. Hierbij wordt benadrukt dat het plangebied aan nagenoeg alle zijden is omsloten door bestaand stedelijk gebied.

Tevens is ter plaatse van het plangebied een wijzigingsbevoegdheid opgenomen die ziet op het wijzigen van de bestemming naar onder andere horeca of recreatie. Hierbij blijkt het plangebied al beoogd als gebied met een stedelijke functie. Gelet hierop kan wordt gesteld dat er sprake is van een inbreidingslocatie. Door het beoogde woningbouwplan wordt invulling gegeven aan een concrete kwantitatieve en kwalitatieve woonbehoefte. Het vorenstaande wordt in paragraaf 4.3.3 nader getoetst. Met het voornemen wordt een plek met weinig stedenbouwkundige kwaliteit ingevuld. De gewenste ontwikkeling zorgt voor een duurzame toekomstbestendige invulling van het plangebied en zorgt voor een verbetering van de ruimtelijke en stedenbouwkundige kwaliteit in de omgeving. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de Omgevingsvisie van de Provincie Groningen. 4.2.2

Omgevingsverordening

Tegelijkertijd met de Omgevingsvisie is de bijbehorende Omgevingsverordening provincie Groningen vastgesteld. Ook de omgevingsverordening is een aantal keren partieel gewijzigd danwel geactualiseerd. In de verordening is aangegeven waarmee gemeenten bij ruimtelijke plannen rekening moeten houden. Voor het onderliggend bestemmingsplan zijn artikel 2.13.1 (Nieuwvestiging of uitbreiding van niet-functioneel aan het buitengebied gebonden functies) en artikel 2.15.1 (Woningbouw) van de Omgevingsverordening van belang.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

17

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld 4.2.2.1 Artikel 2.13.1 (Nieuwvestiging of uitbreiding van niet-functioneel aan het buitengebied gebonden functies) 1. 2.

Een bestemmingsplan dat betrekking heeft op het buitengebied bevat geen bestemmingen die voorzien in een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Het eerste lid is niet van toepassing: a. op een stedelijke ontwikkeling die aansluit op het bestaand stedelijk gebied, op voorwaarde dat in de plantoelichting is aangetoond dat voor deze ontwikkeling binnen het bestaand stedelijk gebied geen ruimte beschikbaar is of na intensivering, revitalisering en herstructurering kan worden verkregen.

4.2.2.1 Artikel 2.15.1 (Woningbouw) 1.

2.

3.

Onverminderd artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening kan een bestemmingsplan alleen voorzien in de bouw van nieuwe woningen, voor zover deze woningbouwmogelijkheden naar aard, locatie en aantal overeenstemmen met een regionale woonvisie die rekening houdt met regionale woningbehoefteprognoses die de provincie elke twee jaar uitbrengt, of met nadere regels als bedoeld in het tweede lid. Wanneer niet binnen twee jaar na de inwerkingtreding van deze verordening een regionale woonvisie is vastgesteld, kunnen Gedeputeerde Staten op verzoek van de betrokken gemeenten nadere regels over de nieuwbouwruimte vaststellen. In afwijking van het eerste lid kan een bestemmingsplan - onverminderd artikel 3.1.6, tweede lid, van het Besluit ruimtelijke ordening - voorzien in de bouw van nieuwe woningen, voor zover deze woningbouwmogelijkheden naar aard, locatie en aantal in overeenstemming zijn met: a. een woonvisie of een woon- en leefbaarheidsplan waarover ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening overeenstemming bestaat met de gemeenten in het regionaal samenwerkingsverband waar de betreffende gemeente deel van uitmaakt, of bij het ontbreken van een dergelijk samenwerkingsverband, met de Groninger buurgemeenten van de betreffende gemeente; of b. de in het kader van de Regio Groningen-Assen tot stand gekomen regionale planningslijsten voor woningbouw.

4.2.2.2 Toetsing aan de omgevingsverordening Ten aanzien van artikel 2.13.1 wordt opgemerkt dat in voorliggend geval niet echt sprake is van een ontwikkeling in het buitengebied. Het plangebied ligt deels binnen het gebied dat is aangeduid als stedelijk gebied en wordt hier tevens aan nagenoeg alle zijden door omsloten. Bovendien zijn reeds stedelijke functies, al dan niet via een binnenplanse wijzigingsmogelijkheid, toegestaan. Aangezien het plan aansluit op stedelijk gebied en na realisering hier op compacte wijze sprake is van een binnenstedelijke ontwikkeling wordt een nadere toetsing aan artikel 2.13.1 niet noodzakelijk geacht. Met de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling wordt goed aangesloten op het artikel 2.15.1 uit de verordening. Op een binnenstedelijke locatie wordt een ongebruikt perceel ontwikkeld tot een woongebied met woningen waar behoefte aan is. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de Omgevingsverordening van de Provincie Groningen. 4.2.3

Conclusie toetsing aan het provinciaal beleid

Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Groningen verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

18

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

4.3

Regionaal beleid

4.3.1

Regionale woondeal 2022-2030 Regio Oost-Groningen

De provincie werkt samen met gemeenten en het Rijk om 28.500 huizen in de provincie Groningen te bouwen. In 2030 moeten deze nieuwe woningen gebouwd zijn. Voor de regio's Eemsdelta, Oost-Groningen en Groningen-Assen hebben de gemeenten en provincies met de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening drie regionale woondeals ondertekend. In de woondeals staan afspraken over het aantal woningen dat per regio gebouwd wordt en wat de belangrijkste locaties, zogenaamde sleutelprojecten, zijn. In Oost-Groningen vindt een lichte toename van het aantal nieuwe woningen plaats. Daarnaast worden bestaande woningen vernieuwd en verduurzaamd. Dit betekent dat er ook woningen gesloopt zullen worden. De volkshuisvestelijke opgave in Oost-Groningen is naast een kwantitatieve opgave vooral kwalitatief van aard. De bevolkingssamenstelling verandert en woonwensen veranderen. De huidige woningvoorraad is daar nog niet goed op voorbereid. In deze regionale woondeal worden de provinciale afspraken tussen Rijk en provincie doorvertaald naar de gemeentelijke opgave. De gemeenten zetten zich, in samenwerking met corporaties en marktpartijen, in voor de realisatie van de opgave. Het gaat in de regio Oost-Groningen om de realisatie van in totaal 3.846 woningen in de periode tot en met 2030. Hiervan is minimaal 66% betaalbaar en betreft minimaal 30% sociale huurwoningen.

Het regionale aandeel van Veendam in deze deal betreft een bruto nieuwbouwambitie van 739 woningen. Er worden 64 woningen gesloopt. De beoogde netto uitbreiding komt daarmee op 675 woningen. Om deze opgave te kunnen realiseren zijn meerdere plannen in ontwikkeling die in totaal optellen tot netto 937 woningen. Hiervan zijn 305 woningen al planologisch vastgelegd in ruimtelijke plannen of zelfs al vergund. De overige plannen zijn minder hard en zullen niet allemaal gerealiseerd (kunnen) worden. De nadruk ligt op het ontwikkelen van betaalbare woningen.

4.4

Gemeentelijk beleid

Het gemeentelijk beleid is verwoord in tal van plannen. Met betrekking tot de voorgenomen ontwikkeling zijn de hieronder genoemde beleidsstukken van belang. 4.4.1

Omgevingsvisie Veendam

4.4.1.1 Algemeen De gemeente Veendam heeft op 7 februari 2022 de Omgevingsvisie Veendam vastgesteld. De Omgevingsvisie Veendam laat zien waar de gemeente Veendam voor staat en waar de gemeente naar toe wil in de toekomst. De combinatie van ‘thema’s’, ‘waarden’ en ‘ambities’ bepaalt de mogelijkheden voor nieuwe initiatieven in de verschillende gebieden in de gemeente. Het plangebied valt binnen het gebied ‘woongebieden’. In de woongebieden wordt voornamelijk gewoond, maar er zijn ook verschillende voorzieningen te vinden. De woongebieden worden onderscheiden in drie wijken: Veendam Noord, Sorgvliet en Buitenwoel. Daarnaast maakt een gedeelte van Wildervank onderdeel uit van dit deelgebied. De woongebieden van Borgercompagnie, Bareveld, Wildervanksterdallen, Ommelanderwijk en Zuidwending en het overige deel van Wildervank zijn in de Omgevingsvisie beschreven onder het deelgebied lintdorpen. In voorliggend geval is het thema ‘Wonen’ van belang. Dit onderdeel wordt bij het aannemen van de nieuwe woonvisie (zie paragraaf 4.4.3) ook gewijzigd. Hieronder wordt op dit thema ingegaan. 4.4.1.2 Wonen In de gemeente Veendam is het fijn om te wonen en leven. Dat wordt ook wel een aantrekkelijk woon- en leefklimaat genoemd.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

19

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld Hoe ziet wonen in Veendam eruit? In de gemeente Veendam wordt op verschillende plekken gewoond. Zo zijn veel woningen in het centrum te vinden, maar ook in de wijken Sorgvliet, Buitenwoel en Veendam Noord. Andere woongebieden zijn Wildervank en de kleinere lintdorpen: Borgercompagnie, Bareveld, Wildervanksterdallen, Ommelanderwijk en Zuidwending. Alle dorpen en wijken hebben hun eigen kenmerken en identiteit. Zo is de langgerekte structuur en het omliggende open landschap kenmerkend voor de lintdorpen. In de woongebieden en het centrum is relatief veel groen en water te vinden. Veendam wordt daarom ook wel Parkstad genoemd. Waar staat de Gemeente Veendam nu? In de gemeente Veendam stonden in 2021 in totaal 12.906 woningen. Van deze woningen zijn ongeveer 80% eengezinswoningen en het restant (20%) meergezinswoningen (appartementen). Circa 64% van de woningvoorraad zijn koopwoningen, 24% corporatiewoningen, 11% particuliere huurwoningen en 1% is onbekend. Op 1 januari 2021 telde de gemeente 27.417 inwoners. Volgens de bevolkingsprognose van de regio OostGroningen en provincie Groningen neemt de bevolkingsomvang af met ongeveer 1.000 personen in de periode 2020-2040. Ondanks deze verwachte bevolkingskrimp wordt voorspeld dat het aantal huishoudens in deze periode met ruim 600 huishoudens toeneemt .

Dit komt omdat steeds meer mensen alleen wonen en vanuit de regio (Groningen en Assen) steeds meer richting Veendam trekken door de gevolgen van de overspannen woningmarkt. Niet alleen de omvang van de bevolking verandert, ook de samenstelling. De voorspelling is dat door vergrijzing het aantal personen van 65 jaar of ouder sterk toeneemt tot 2040. Vooral het aantal 75-plussers groeit van circa 2.700 (10%) naar 4.700 (18%) personen. Dit heet dubbele vergrijzing. Tegelijkertijd is de verwachting dat het aantal personen jonger dan 30 afneemt. Dit wordt ontgroening genoemd. Wat komt er op de gemeente Veendam af? De verwachting is dat de vraag naar woningen in de toekomst anders is dan nu. Dit vraagt om aanpassingen van de huidige woningvoorraad. Een ontwikkeling die hierbij meespeelt is dat ouderen langer zelfstandig blijven wonen in het kader van het scheiden van wonen en zorg. Doordat het aantal ouderen toeneemt, neemt de vraag naar levensloopbestendige woningen toe. De druk op de woningmarkt in de stad Groningen maar ook in Assen neemt steeds verder toe. Naar verwachting wijken steeds meer woningzoekenden uit naar omliggend gebied. Hierdoor neemt mogelijk de vraag naar woningen in Veendam toe. Door de energietransitie is het nodig in woningen energie wordt bespaard. Dit kan bijvoorbeeld door bestaande woningen (nog) beter te isoleren.

Nieuwbouwwoningen kunnen bovendien zo gebouwd worden dat deze zo goed mogelijk omgaan met energie. Hoe ziet de gemeente Veendam de toekomst voor wonen? Om de groei van het aantal huishoudens op te kunnen vangen vindt de gemeente Veendam het belangrijk dat geïnvesteerd wordt in de woningvoorraad. De gemeente wil dat er nieuwe woningen worden gebouwd, maar ook dat de bestaande woningen verbeterd worden. Ook wil de gemeente dat een deel van de leegstaande winkelpanden getransformeerd wordt tot woningen. De gemeente gaat in overleg met ondernemers die boven hun winkel ruimte beschikbaar hebben, met als doel deze ruimte in samenwerking met de ondernemer om te zetten in woningen. Dit draagt bij aan het verminderen van de leegstand. Bij de bestaande huurwoningen zet de gemeente in op verbetering, aanpassing en verduurzaming. Hiervoor maakt de gemeente prestatieafspraken met sociale verhuurders in de gemeente. De sociale verhuurders hebben in het Aedes-akkoord afgesproken dat hun woningvoorraad in 2050 CO2-neutraal en (aard)gasloos is. Daarnaast wil de gemeente het gesprek aangaan met particuliere beleggers die woningen verhuren, om hen aan te moedigen woningen te onderhouden, verbeteren en verduurzamen. Woningeigenaren stimuleert de gemeente door voorlichting (bijvoorbeeld via een website) over goede voorbeelden en mogelijkheden om de woning te verduurzamen.

De gemeente maakt afspraken met projectontwikkelaars, bouwers, particuliere en sociale verhuurders over het realiseren van betaalbare woningen, met name voor één- en tweepersoonshuishoudens. De afspraken kunnen bijvoorbeeld gaan over de prijs van nieuwe woningen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

20

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld De komende 20 jaar bouwt de gemeente circa 820 woningen in Veendam. Hiermee speelt de gemeente in op de verwachte veranderingen in de samenstelling van de bevolking. De gemeente houd in de gaten of dit woningaantal, ook in de toekomst, past bij de vraag naar woningen. Daarom actualiseert de gemeente de Woonvisie in 2022 op basis van de laatste bevolkingsprognose en een woningmarktonderzoek. De gemeente heeft speciaal aandacht voor starters door duidelijk in beeld te brengen wat de wensen en behoeften zijn van starters. De gemeente wil maatwerkafspraken maken over huisvesting van kwetsbare doelgroepen. Zo heeft de gemeente Veendam net als andere gemeenten in Oost-Groningen een afspraak ondertekend dat mensen die uitstromen uit beschermd wonen, binnen drie maanden gegarandeerd op huisvesting kunnen rekenen. Daarnaast wil de gemeente in samenwerking met de jeugdzorg en het onderwijs kijken welke behoefte er is bij kwetsbare jongeren om begeleid te wonen. Tot slot wil de gemeente de vraag naar woonwagenstandplaatsen in kaart brengen. Bij voorkeur pakken we dit in regionaal verband op. De samenwerking tussen de sectoren Wonen en het Sociaal Domein wil de gemeente verbeteren. Wonen en zorg moeten bij zowel nieuwbouw als in de bestaande woningvoorraad beter op elkaar afgestemd worden.

De gemeente houd daarom de vraag en aanbod van (voormalige) verzorgings- en verpleeghuizen in de gaten. Doordat ouderen steeds langer zelfstandig blijven wonen kan de vraag naar deze woonopties afnemen. Dit kan uiteindelijk leiden tot leegstand. Door de vraag en het aanbod in de gaten te houden kan de gemeente op tijd inspelen op eventuele leegstand en nadenken over functieverandering. Er moet meer aandacht besteed worden aan de bouw van levensloopgeschikte woningen. Maar de gemeente wil ook ouderen informeren over (preventieve) woningaanpassingen, mogelijkheden voor zorg aan huis en mogelijkheden voor een verhuizing. Dit bij voorkeur in samenwerking met de huurdersorganisaties, ouderenbonden, corporaties en andere partijen. Samen met Acantus werkt de gemeente aan het opstellen van Meerjarige Regionale Samenwerkingsafspraken onder andere met betrekking tot levensloopgeschikte woningen. De gemeente staat open voor creatieve oplossingen voor slim (her)gebruik van monumentale panden of het opzetten van creatieve woonconcepten. Er staan in de gemeente Veendam diverse oudere “bejaardenwoningen” die eigenlijk niet meer aan de eisen van de tijd voldoen. De gemeente is er een voorstander van om deze op den duur op een verantwoorde wijze te vervangen. Daarbij ziet de gemeente mogelijkheden voor tijdelijke verhuur aan starters onder voorwaarden (geen overlast).

Omdat er veel onzeker is over de woningbouwontwikkeling en de vraag naar woningen blijft de gemeente continu peilen hoeveel woningen benodigd zijn. Mocht blijken dat er na de realisatie van de huidige woningbouwopgave meer woningen benodigd zijn, sluit de gemeente mogelijkheden voor verdere uitbreiding van het aanbod niet uit. De ruimtelijke structuur van Veendam is daarbij de leidraad. 4.4.1.3 Toetsing van het initiatief aan de ‘Omgevingsvisie Veendam’ In voorliggend bestemmingsplan is sprake van het toevoegen van 12 woningen. Met de gewenste ontwikkeling wordt ingespeeld op de vraag naar woningen in het duurdere segment. Daarnaast zorgt het voornemen voor een duurzame toekomstbestendige invulling van het plangebied. Al met al wordt geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming met de ‘Omgevingsvisie Veendam’ is. 4.4.3

Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam

4.4.3.1 Algemeen In de Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam verwoordt het gemeentebestuur zijn visie op het toekomstbestendig houden van de bestaande woningvoorraad en de voornamelijk kwalitatieve nieuwbouw die als afgeleide daarvan nodig is. De gemeente wil door middel van nieuwbouw inspelen op de veranderende bevolkingssamenstelling. Centraal staat hierin de uitspraak in het Coalitieakkoord “Iedereen in Veendam moet geschikte woonruimte kunnen vinden die aansluit bij de eigen behoefte”. In de Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam is de woningbehoefte die naar voren komt uit de regionale huishoudensprognose 2016 en het regionaal woningmarktonderzoek 2017, als uitgangspunt genomen. Dit is in

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

21

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld lijn met de afspraken die in de regio met provincie woningcorporaties en gemeenten in Oost-Groningen zijn gemaakt en vastgelegd in het Regionaal prestatiekader 2018-2023. 4.4.3.2 Nieuwbouw is noodzakelijk Nieuwbouw in Veendam wordt door de gemeente Veendam als essentieel onderdeel gezien om te komen tot modernisering van de woningvoorraad. Bij nieuwbouw gaat het voor Veendam enerzijds om uitbreiding van de voorraad en anderzijds om ‘verversing’ van de bestaande voorraad. In het regionaal prestatiekader is onder andere afgesproken dat de Oost Groninger gemeenten hun woningmarktbeleid vormgeven met de regionale bevolkingsprognoses als basis. Het opstellen van deze prognoses (elke 4 jaar) is daarnaast een verplichting die is opgenomen in de Provinciale Omgevingsverordening. Voor het bepalen van de ‘eigen woningbehoefte’ voor de gemeente Veendam gaat de gemeente uit van de meest recente regionale prognose uit 2020. In de gemeentelijke Woonvisie 2019-2023 is nog uitgegaan van de regionale prognose uit 2016. In de meest recente prognose uit 2020 is de verwachte huishoudensontwikkeling in diverse scenario’s doorgerekend. Om rekening te houden met alle onzekerheden die zich binnen deze bandbreedte van verschillende scenario’s voordoen, wordt uitgegaan van het midden (trend)scenario.

In dit scenario groeit het aantal huishoudens in de gemeente Veendam tot 2030 met +640 huishoudens. De verschuivingen in de prognoses worden veroorzaakt door veel positievere binnenlandse en buitenlandse migratie. Om voldoende ruimte te bieden aan de vernieuwingsopgave en rekening te houden met planuitval, accepteert de gemeente hier bovenop een overcapaciteit 20%. Hiermee komt de totale ‘eigen woningbehoefte’ tot 2030 uit op +770 woningen. In het Regionaal Prestatiekader RWLP Oost-Groningen wordt Wildervank als stedelijke kern en als lintdorp aangeduid met o.a. een hoog voorzieningenniveau en een regionale verzorgingsfunctie. Dit maakt het centrum bij uitstek geschikt voor het realiseren van levensloopgeschikte woningen, met name in de vorm van appartementen, zowel in huur als in koop. Daar zet de gemeente dan ook op in. Kwalitatief gezien is onder andere sprake van een nadrukkelijke behoefte aan duurdere grondgebonden koopwoningen, zoals twee-onder-één-kap woningen en vrijstaande woningen. 4.4.3.3 Toetsing van het initiatief aan de Woonvisie 2019-2023 gemeente Veendam Met de gewenste ontwikkeling worden 12 duurdere vrijstaande woningen gerealiseerd. Zoals blijkt uit bovenstaande beschrijving is in de gemeente Veendam een totale ‘eigen woning behoefte’ van 770 woningen tot 2030.

Met de gewenste ontwikkeling wordt de bestaande woningvoorraad van Veendam uitgebreid en wordt ingespeeld op de vraag naar duurdere grondgebonden woningen. Het plan voorziet dan ook zowel in de kwantitatieve als kwalitatieve behoefte. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met het woonbeleid van gemeente Veendam. 4.4.4

Woonvisie gemeente Veendam 2023-2027

De woonvisie gemeente Veendam 2023-2027 is op 30 oktober 2023 vastgesteld. Het plan past binnen het kwantitatief en kwalitatief woningbouwprogramma uit de nieuwe Woonvisie. 15% van de nieuwe woningbouwplannen is bedoeld voor dure koop van boven 355.000 euro. Voorliggend plan sluit hierbij aan. Het is in lijn met de gebiedsgerichte accenten die in de Woonvisie zijn geformuleerd voor Wildervank, waarbij er ruimte is voor toevoeging van woningen via nieuwbouw en transformatie. Het plan draagt bij aan de doelstelling uit de Woonvisie om minimaal 100 woningen tot 2030 toe te voegen in Wildervank. Geconcludeerd wordt dat het plan in overeenstemming is met de nieuwe Woonvisie Veendam 2023-2027.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

22

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld 4.4.5

Mobiliteitsplan Veendam 2022-2030

4.4.5.1 Algemeen In het Mobiliteitsplan Veendam 2022-2030 is een actueel en toekomstgericht verkeer- en vervoersbeleid geformuleerd op basis van 4 pijlers (thema’s), met de eigen specifieke doelstellingen en ambities, te weten: • • • •

Verkeersveilig en Toegankelijk; Duurzaam en Vitaal; Aantrekkelijk en Leefbaar; Bereikbaar en Bedrijvig.

Het nieuwe mobiliteitsplan heeft een ‘planhorizon’ tot en met 2030 en bepaalt de koers zodat bewoners en de gasten zich prettig, veilig en duurzaam kunnen (blijven) verplaatsen. In het uitvoeringsprogramma is een concrete doorvertaling daarvan gegeven voor de jaren 2022-2030. Zodoende komt de gemeente tot realisatie van de doelen en ambities van de vier thema’s waarop het Mobiliteitsplan is gestoeld. Het gaat er daarbij om de knelpunten van de huidige situatie op te lossen en antwoord te geven op zich aandienende problemen in de toekomst. 4.4.5.2 Toetsing van het initiatief aan het Mobiliteitsplan Veendam 2022-2030 Voor het voornemen, beschreven in voorliggend bestemmingsplan Langebosch Kuifreiger-Oost, gaat het dan onder meer om het verkeersveiliger maken van de Oeverloper door de inrichting en aanwijzing tot 30 km weg en de introductie van het concept GOW30 op de route Woortmanslaan-Apollolaan-C.W. Lubbersstraat. Daarnaast is de afwikkeling van het verkeer vanuit Veendam-Zuid/Wildervank van en naar de N33 problematisch. In het verleden is als mogelijke oplossing hiervoor een verbinding van de Industrieweg via de DWM-weg met het Boven Oosterdiep en de Bendikstraat/Skagerrak bedacht en uitgewerkt.

Met een verkeersmodelstudie wordt onderzocht of en in welke mate deze oplossing voldoende robuust is om de huidige en toekomstige problemen op het gebied van de verkeersafwikkeling in dit gedeelte van Veendam op te lossen. Geconcludeerd wordt dat de ontwikkeling zoals omschreven in dit bestemmingsplan niet conflicteert met de uitgangspunten in het Mobiliteitsplan. 4.4.6.

Welstandsnota

Per 7 juni 2004 beschikt de gemeente Veendam over een welstandsbeleidsnota. In de nota staan de welstandseisen omschreven die aan een bouwwerk worden gesteld. Het gaat om welstandscriteria die betrekking kunnen hebben op onder andere de hoofdvorm, het materiaalgebruik, de kleurkeuze en de detaillering van een concreet bouwwerk. Het doel van de nota is het streven naar behoud en zo nodig versterking van de beeldkwaliteit in het algemeen en die van beschermde dorpsgezichten in het bijzonder. Zoals te zien in afbeelding 4.2 (zware omlijning) ligt het plangebied in de Welstandsnota in gebied 1, “Historische linten in het buitengebied”. En tevens in de directe nabijheid van 2 als bijzondere projecten gedefinieerde gebieden.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

23

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

Afbeelding 4.2

Uitsnede Welstandsnota 2004 (Bron: gemeente Veendam)

Voor voorliggende locatie is dan ook een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Het ‘Beeldkwaliteitsplan – Grote Zilverreiger/Kuifreiger Wildervank’ is zodoende bepalend voor toetsing van de ruimtelijke kwaliteit van het gebied. Het beeldkwaliteitsplan dient als toetsingskader voor de welstandscommissie en bron van inspiratie voor de architect. 4.4.7

Conclusie toetsing aan het gemeentelijk beleid

Geconcludeerd wordt dat het initiatief in overeenstemming is met de gemeentelijke beleidsambities zoals verwoord in het hiervoor behandelde gemeentelijk beleid.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

24

Bestemmingsplan Langebosch, Kuifreiger-Oost Vastgesteld

HOOFDSTUK 5

MILIEU- EN OMGEVINGSASPECTEN

Op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening moet in de toelichting op het bestemmingsplan een beschrijving worden opgenomen van de wijze waarop de milieukwaliteitseisen bij het plan zijn betrokken. Daarbij moet rekening gehouden worden met de geldende wet- en regelgeving en met de vastgestelde (boven)gemeentelijke beleidskaders. Bovendien is een bestemmingsplan vaak een belangrijk middel voor afstemming tussen de milieuaspecten en ruimtelijke ordening. In dit hoofdstuk worden de resultaten van het onderzoek naar de milieukundige uitvoerbaarheid beschreven. Het betreft de thema’s geluid, bodem, luchtkwaliteit, externe veiligheid, milieuzonering, geur, ecologie, archeologie & cultuurhistorie en het Besluit milieueffectrapportage.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13943365/1