05-04 bijlage 3a - Nadere Regel tot wijziging van de nadere regels subsidie CR Jeugd
Tekst van het document
(bijlage 3a bij voorstel aan AB PG&Z d.d. 19 juli 2024)
Nadere regel tot wijziging van de nadere regels subsidie gemeente …… of Nadere regels subsidie Centrumregeling Jeugdregio Groningen Het college van burgemeester en wethouders van ……, gelet op - de noodzaak nieuwe nadere regels vast te stellen voor de subsidiëring door de Centrumgemeente Groningen in het kader van de taken Centrumregeling Jeugdregio Groningen 2025; - de Algemene subsidieverordening gemeente …….
BESLUIT: de Nadere regels subsidie gemeente …. als volgt te wijzigen: Of: de Nadere regels subsidie Centrumregeling Jeugdregio Groningen als volgt vast te stellen: Artikel I Paragraaf … wordt gewijzigd en komt te luiden als volgt: Paragraaf (GRONINGEN: 4.21) Subsidie jeugdhulp Artikel 1: Doelgroep 1. Voor subsidie als bedoeld in deze paragraaf/regeling komen in aanmerking: a. aanbieders van jeugdzorg; en b. organisaties die ondersteunende taken bieden ten behoeve van de jeugdzorg; 2. onder jeugdzorg wordt verstaan in dit artikel jeugdhulpaanbieders en gecertificeerde instellingen die jeugdbescherming en jeugdreclassering uitvoeren in de provincie Groningen.
Artikel 2: Subsidiabele activiteiten Het college kan subsidie verstrekken voor de activiteiten van de in artikel 1 bedoelde doelgroepen die bijdragen of ondersteunend zijn aan de taken van het college op grond van artikel 2.6 en 2.8 van de Jeugdwet, of het belang van artikel 2, onder b, van de regeling.
Artikel 3: Subsidie per activiteit De subsidie voor activiteiten bedraagt maximaal 100% van de noodzakelijke kosten.
Artikel 4: Bijzondere bepalingen/verplichtingen 1. Voor zover op grond van artikel (zie tabel) ASV wordt afgeweken van artikel (nader in te vullen door de gemeente) ASV, wordt dit opgenomen in de verleningsbeschikking. 2. In de verleningsbeschikking kan worden besloten dat in plaats van een accountantsverklaring een andere vorm van financiële verantwoording wordt verlangd. 3. Aan de subsidieverlening kan het college de verplichting verbinden tot het aangaan van een uitvoeringsovereenkomst als bedoeld in artikel 4:36 Algemene wet bestuursrecht. Artikel 5: Weigeringsgronden Het college weigert een subsidieaanvraag die niet afkomstig is van in artikel 1 genoemde doelgroep, of die ziet op een ander soort activiteit dan beschreven in artikel 2.
Artikel 6:
subsidieplafond
Het college kan een subsidieplafond vaststellen.
Artikel II Deze regeling treedt in werking op de dag na de bekendmaking
Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van ……. op datum vaststelling.
burgemeester,
secretaris,
Bijlage1: tabel voor invullen artikel 4 lid 1 (Bijzondere bepalingen/verplichtingen) en toelichting.
Gemeente Eemsdelta Groningen Het Hogeland Midden-Groningen Oldambt Pekela Stadskanaal Veendam Westerkwartier Westerwolde
Eerste verwijzing 15 lid 3 10 15 lid 3 10 11 17 lid 3 11 17 lid 3 10 21 lid 4
Tweede verwijzing 15 lid 1 en 2 16 15 lid 1 en 2 15 17 17 lid 2 17 17 lid 1 15 21 lid 2 en 3
Met art. 4 lid 1 uit deze nadere regel is bedoeld aan te geven dat bij de verleningsbeschikking alternatieve verantwoordingseisen kunnen worden opgelegd dan de gemeenten hun ASV normaal verlangt (bijvoorbeeld in plaats van een accountantsverklaring een lichter middel). Het verdient aanbeveling dat de juristen van de gemeenten bij het invullen van de bepaling nagaan of zij ook menen dat hun ASV ruimte biedt voor een afwijkingsbevoegdheid bij de beschikking. Vooral bij de gemeente Eemsdelta en Het Hogeland is dit het geval. Hun bepaling luidt als volgt: ‘’Bij subsidieregeling kunnen andere termijnen worden vastgesteld of andere gegevens worden verlangd’’. De werkgroep PG&Z meent dat deze bepaling ruim kan worden gelezen, en dat op basis hiervan ook bij deze subsidieregeling kan worden bepaald dat pas bij beschikking de concrete afwijkende verantwoordingeisen worden bepaald. De werkgroep komt o.a. tot deze conclusie omdat wanneer er alleen in het voordeel van de subsidieontvanger wordt afgeweken, deze geen nadeel ondervindt door pas bij de verleningsbeschikking te weten welke gegevens hij bij de aanvraag tot vaststelling moet overleggen. Als er gemeentes zijn die toch tot de conclusie komen dat hun ASV niet voldoende grondslag biedt voor het huidige art. 4 lid 1, is nadere afstemming nodig over deze bepaling. Dan
1
Deze bijlage maakt geen onderdeel uit van de Nadere Regel; is bedoeld als handleiding, toelichting en instructie voor de ambtenaren die dit format gebruiken voor de besluitvorming.
moeten mogelijke afwijkende termijnen en/of gegevens concreet worden ingevuld in deze nadere regel.