CConstaterende datVeendam
Koppel je AI →
Document · PDF

05-03 Bijlage 2- Was wordt tabel verordening 2022 opm. JZ 2

Commissie Sociaal Domein 5 oktober 2021, gemeente VeendamBij agendapunt: Raadsvoorstel: Verordening maatschappelijke ondersteuning Veendam 2022.4.470 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt-tabel Wijzigingsverordening ‘Verordening maatschappelijke ondersteuning Veendam 2020’ De Verordening maatschappelijke ondersteuning 2020 Veendam wordt als volgt gewijzigd: Artikel 2 wordt gewijzigd als volgt: Bestaande tekst Artikel 2. Aanbod algemene en maatwerkvoorzieningen 1. De volgende algemene voorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. Maatschappelijke begeleiding; b. Huishoudelijke ondersteuning. 2. De volgende maatwerkvoorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. Maatschappelijke begeleiding; b. Hulpmiddel; c. Woningaanpassing; d. Vervoersvoorziening; e. Beschermd wonen, opvang en kortdurend verblijf

Nieuwe tekst Artikel 2. Aanbod algemene en maatwerkvoorzieningen 1. De volgende algemene voorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. Maatschappelijke ondersteuning; b. Huishoudelijke ondersteuning. 2. De volgende maatwerkvoorzieningen zijn in ieder geval beschikbaar: a. Maatschappelijke begeleiding; b. Hulpmiddel; c. Woningaanpassing; d. Vervoersvoorziening; e. Beschermd wonen, opvang en kortdurend verblijf

Artikel 5 wordt gewijzigd als volgt: Bestaande tekst Artikel 5. Verslag Binnen 10 werkdagen na het onderzoek verstrekt het college aan de cliënt dan wel zijn vertegenwoordiger een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek (het verslag). Opmerkingen of latere aanvullingen van de cliënt worden aan het verslag toegevoegd.

Nieuwe tekst Artikel 5. Verslag Binnen 6 weken na de melding verstrekt het college aan de cliënt dan wel zijn vertegenwoordiger een schriftelijke weergave van de uitkomsten van het onderzoek (het verslag). Opmerkingen of latere aanvullingen van de cliënt worden aan het verslag toegevoegd.

Artikel 7 komt te luiden als volgt: Bestaande tekst Artikel 7. Criteria voor een maatwerkvoorziening 1. Het college neemt het verslag als uitgangspunt voor de beoordeling van een aanvraag om een maatwerkvoorziening. 2. Een cliënt komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening ter compensatie van de beperkingen in de zelfredzaamheid of participatie die de cliënt ondervindt, voor zover de cliënt deze beperkingen naar het oordeel van het college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk

Nieuwe tekst Artikel 7. Criteria voor een maatwerkvoorziening 1. Het college neemt het verslag als uitgangspunt voor de beoordeling van een aanvraag om een maatwerkvoorziening. 2. Een cliënt komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening ter compensatie van de beperkingen in de zelfredzaamheid of participatie die de cliënt ondervindt, voor zover de cliënt deze beperkingen naar het oordeel van het college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk

dan wel met gebruikmaking van algemeen gebruikelijke voorzieningen of algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het in artikel 4 bedoelde onderzoek, een passende bijdrage aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven. 3. Een cliënt met psychische of psychosociale problemen en een cliënt die de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening ter compensatie van de problemen bij het zich handhaven in de samenleving, voor zover de cliënt deze problemen naar het oordeel van het college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het onderzoek in artikel 4 , een passende bijdrage aan het voorzien in de behoefte van de cliënt aan beschermd wonen of opvang en aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld zo zich snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving.

4. Als het college van oordeel is dat een cliënt zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning redelijkerwijs van te voren had kunnen voorzien en met zijn beslissing had

dan wel met gebruikmaking van algemeen gebruikelijke voorzieningen of algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het in artikel 4 bedoelde onderzoek, een passende bijdrage aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven. 3. Een cliënt met psychische of psychosociale problemen en een cliënt die de thuissituatie heeft verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor zijn veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, komt in aanmerking voor een maatwerkvoorziening ter compensatie van de problemen bij het zich handhaven in de samenleving, voor zover de cliënt deze problemen naar het oordeel van het college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van algemene voorzieningen kan verminderen of wegnemen. De maatwerkvoorziening levert, rekening houdend met de uitkomsten van het onderzoek in artikel 5 , een passende bijdrage aan het voorzien in de behoefte van de cliënt aan beschermd wonen of opvang en aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld zo zich snel mogelijk weer op eigen kracht te handhaven in de samenleving. 4.

Een cliënt komt enkel in aanmerking voor een financiële maatwerkvoorziening voor zover: a. hiermee naar oordeel van het college een passende bijdrage wordt geleverd aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid of participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven, en b. het betreft een van de volgende voorzieningen: 1°. Kosten voor een niet voorzienbare verhuizing: een maximum van € 2.000,-. 5. Als het college van oordeel is dat een cliënt zijn behoefte aan maatschappelijke ondersteuning redelijkerwijs van te voren had kunnen voorzien en met zijn beslissing had

kunnen voorkomen, kan het college besluiten dat de cliënt niet in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening met betrekking tot zelfredzaamheid of participatie. 5. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is ter vervanging van een eerder door het college verstrekte voorziening, wordt deze slechts verstrekt als de eerder verstrekte voorziening technisch is afgeschreven, a. tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen; b. tenzij de cliënt geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten, of c. als de eerder verstrekte voorziening niet langer een oplossing biedt voor de behoefte van de cliënt aan maatschappelijke ondersteuning. 6. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst adequate tijdig beschikbare voorziening.

kunnen voorkomen, kan het college besluiten dat de cliënt niet in aanmerking komt voor een maatwerkvoorziening met betrekking tot zelfredzaamheid of participatie. 6. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is ter vervanging van een eerder door het college verstrekte voorziening, wordt deze slechts verstrekt als de eerder verstrekte voorziening technisch is afgeschreven, a. tenzij de eerder verstrekte voorziening verloren is gegaan als gevolg van omstandigheden die niet aan de cliënt zijn toe te rekenen; b. tenzij de cliënt geheel of gedeeltelijk tegemoet komt in de veroorzaakte kosten, of c. als de eerder verstrekte voorziening niet langer een oplossing biedt voor de behoefte van de cliënt aan maatschappelijke ondersteuning. 7. Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college de goedkoopst adequate tijdig beschikbare voorziening.

Artikel 10 wordt gewijzigd als volgt: Bestaande tekst Artikel 10. Regels voor pgb 1. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2. De hoogte van een pgb: a. wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan waarin in ieder geval uiteen is gezet: 1°. welke diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren de cliënt van het budget wil betrekken, en 2°. indien van toepassing, welke hiervan de cliënt wil betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk; b. wordt berekend op basis van een prijs of tarief: 1°. waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken; 2°. waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de cliënt

Nieuwe tekst Artikel 10. Regels voor pgb 1. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2. De hoogte van een pgb: a. wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan waarin in ieder geval uiteen is gezet: 1°. welke diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren de cliënt van het budget wil betrekken, en 2°. indien van toepassing, welke hiervan de cliënt wil betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk; b. wordt berekend op basis van een prijs of tarief: 1°. waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken; 2°. waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de cliënt

diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren wil betrekken; 3°. waarbij, voor zover van toepassing, rekening is gehouden met de in het derde lid gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welke de cliënt de mogelijkheid heeft om de betreffende diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk, en 4°. wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura. 3. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt kan diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk: a.

het tarief of de prijs, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1°, bedraagt voor maatschappelijke ondersteuning verleend door een derde, niet zijnde op onverplichte basis verleende maatschappelijke ondersteuning door een hulp uit het sociale netwerk als bedoeld in artikel 2 van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015, het wettelijke minimumloon of zoveel meer tot ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura, als noodzakelijk is om: 1°. te verzekeren dat het budget de cliënt in staat stelt tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en 2°. op gepaste wijze rekenschap te geven van de gezinssituatie en van de relevante werkervaring en kwalificaties van deze persoon. b. tussenpersonen of belangenbehartigers kunnen niet uit het pgb worden betaald.

diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren wil betrekken; 3°. waarbij, voor zover van toepassing, rekening is gehouden met de in het derde lid gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welke de cliënt de mogelijkheid heeft om de betreffende diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk, en 4°. wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura. 3. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt kan diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk: a.

het tarief of de prijs, bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, onder 1°, bedraagt voor maatschappelijke ondersteuning verleend door een derde, niet zijnde op onverplichte basis verleende maatschappelijke ondersteuning door een hulp uit het sociale netwerk als bedoeld in artikel 2 van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015, het wettelijke minimumloon of zoveel meer tot ten hoogste de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura, als noodzakelijk is om: 1°. te verzekeren dat het budget de cliënt in staat stelt tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en 2°. op gepaste wijze rekenschap te geven van de gezinssituatie en van de relevante werkervaring en kwalificaties van deze persoon. b. tussenpersonen of belangenbehartigers kunnen niet uit het pgb worden betaald. 4. Voor de persoonsgebonden budget tarieven geldt het volgende:

a. Bij de vaststelling van de pgb tarieven wordt onderscheid gemaakt tussen formele en informele hulp en / of ondersteuning. b. Bij de tarieven voor (in)formele hulp worden de volgende vormen van hulp onderscheiden: begeleiding individueel basis en speciaal, begeleiding groep basis en speciaal, dagbesteding, vervoer van en naar dagbesteding, kortdurend verblijf en persoonlijke verzorging. c. Indien de werkelijke kosten van de voorziening lager liggen dan de in deze verordening genoemde maximale bedragen, worden de werkelijke kosten in de vorm van een pgb toegekend. d. De tarieven die zijn opgenomen in deze verordening zijn de maximale tarieven die belanghebbende via het pgb mag declareren bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Artikel 11 wordt gewijzigd als volgt: Bestaande tekst Artikel 11. Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen of pgb’s en bij verordening aangewezen algemene voorzieningen 1. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening of pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt. 2. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een bij verordening aangewezen algemene voorziening zolang de cliënt van deze voorziening gebruik maakt. 3. De bij verordening aangewezen voorzieningen zijn: a. Algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning.

4. De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen of pgb en voor bij verordening aangewezen algemene voorzieningen, zijn gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste € 19,00 per maand voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij

Nieuwe tekst Artikel 11. Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen of pgb’s en bij verordening aangewezen algemene voorzieningen 1. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening of pgb, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt. 2. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een bij verordening aangewezen algemene voorziening zolang de cliënt van deze voorziening gebruik maakt. 3. De gemeenteraad wijst bij verordening de volgende voorzieningen aan, die onder het abonnementstarief Wmo vallen: a. Algemene voorziening huishoudelijke ondersteuning. b. Algemene voorziening maatschappelijke ondersteuning 4. De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen of pgb en voor bij verordening aangewezen algemene voorzieningen, zijn gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste € 19,00 per maand voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij

overeenkomstig artikel 2.1.4a, vijfde lid, van de wet, hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 of het volgende lid geen of een lagere bijdrage is verschuldigd. 5. In afwijking van het tweede lid is geen bijdrage verschuldigd voor de volgende bij verordening aangewezen algemene voorzieningen: a. algemene voorziening maatschappelijke begeleiding 6. In afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet bedraagt de hoogte van de eigen bijdrage voor de maatwerkvoorziening voor vervoer € 0,30 per kilometer, met een instaptarief van € 0,85.

7. De kostprijs van een: a. maatwerkvoorziening of bij verordening aangewezen algemene voorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder; b. maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woningaanpassing wordt tevens bepaald door de wijze van beschikbaarstelling van de voorziening; c. een pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb. 8. In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4b, tweede lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door de centrumgemeente vastgesteld en geïnd. 10. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.

overeenkomstig artikel 2.1.4a, vijfde lid, van de wet, hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 of het volgende lid geen of een lagere bijdrage is verschuldigd. 5. In afwijking van het tweede lid stelt de gemeenteraad de eigen bijdrage op € 0,- vast voor de volgende bij verordening aangewezen algemene voorzieningen: a. algemene voorziening maatschappelijke ondersteuning 6. In afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet bedraagt de hoogte van de eigen bijdrage voor de maatwerkvoorziening voor vervoer € 0,30 per kilometer, met een instaptarief van € 0,85. 7. De eigen bijdrage maatwerkvoorziening voor vervoer, bedoeld in het zesde lid, geldt niet voor vervoer van en naar een locatie van de algemene voorziening maatschappelijke ondersteuning. 8. De kostprijs van een: a. maatwerkvoorziening of bij verordening aangewezen algemene voorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder; b. maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woningaanpassing wordt tevens bepaald door de wijze van beschikbaarstelling van de voorziening; c. een pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb. 9. In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4b, tweede lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door de centrumgemeente vastgesteld en geïnd. 10.

De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.

Artikel 12e wordt gewijzigd als volgt: Bestaande tekst Artikel 12e. Regels Pgb maatwerkvoorziening Beschermd Wonen en Opvang

Nieuwe tekst Artikel 12e. Regels Pgb maatwerkvoorziening Beschermd Wonen en Opvang

1. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was.

3. De hoogte van een pgb: a. wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan over hoe hij het pgb gaat besteden;

1. Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 2.3.6 van de wet. 2. Onverminderd artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de wet verstrekt het college geen pgb: a. voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag, doch niet eerder dan 4 weken voor de melding, heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was; b. voor zover de cliënt het beheren van het persoonsgebonden budget overlaat aan de aanbieder die de ondersteuning levert of een persoon die werkzaam is bij of voor deze aanbieder. Dit geldt niet voor zover de beheerder behoort tot het sociale netwerk van de cliënt en er geen andere passende oplossingen mogelijk zijn; c. ten behoeve van tussenpersonen of belangenbehartigers. 3. Een pgb kan alleen worden besteed voor de daadwerkelijke ondersteuning in de vorm van gedeclareerde uren, een vast maandloon, en daadwerkelijk en aantoonbaar gemaakte kosten. Hiervan zijn in elk geval uitgesloten: bemiddelingskosten en administratiekosten. 4. Een pgb kent geen vrij besteedbaar bedrag of feestdagenuitkering. 5. Een pgb kan niet worden besteed in het buitenland. Een uitzondering hierop is palliatieve zorg. Het pgb-budget wordt in dat geval aangepast naar de levensstandaard van het desbetreffende land. 6. De hoogte van een pgb: a.

wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld plan waarin in ieder geval uiteen is gezet: - welke diensten en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren de cliënt van het budget wil betrekken; - indien van toepassing, welke hiervan de cliënt wil betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk en; - welke doelen en resultaten ten behoeve van het bevorderen van de participatie en zelfredzaamheid, dan wel beschermd wonen of opvang worden nagestreefd en de termijn waarbinnen deze worden behaald;

b. wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten van derden te betrekken, en

c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst adequate in de gemeente beschikbare maatwerkvoorziening in natura. 4. Het college stelt nadere regels ten aanzien van de berekeningswijze van pgb’s. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen verschillende vormen van zorg en ondersteuning en, voor zover van toepassing, in ieder geval in verband met de te bieden deskundigheid en/of het vereiste opleidingsniveau en/of er gewerkt wordt volgens toepasselijke professionele of kwaliteitsstandaarden. 5. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt kan diensten betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk als: a. deze persoon hiervoor een tarief hanteert dat niet hoger is dan het bij de uitvoering van de Wet langdurige zorg gangbare tarief voor informele hulpverleners, b. tussenpersonen of belangenbehartigers niet uit het pgb worden betaald c. is komen vast te staan dat de hulpverlener afkomstig uit het sociaal netwerk in staat is tot het verrichten van de zorg op kwalitatieve, doelmatige en veilige wijze. 6. Het pgb-tarief voor Beschermd wonen is modulair samengesteld en opgebouwd uit de volgende onderdelen: toezicht, begeleiding, persoonlijke verzorging, verpleging en dagbesteding. a. Dagbesteding is altijd formeel en professioneel b.

Het pgb-tarief voor het onderdeel 24-uurs toezicht bedraagt 10% van het Wettelijk minimumloon per jaar OF per dag 1 maal het wettelijk minimum(uur)loon. c. De informele tarieven voor de onderdelen begeleiding, persoonlijke verzorging en

b. wordt berekend op basis van een prijs of tarief waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; c. bedraagt niet meer dan de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura.

7. Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt kan diensten, hulpmiddelen woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren van een derde betrekken.

8. De hoogte van een pgb voor: a. beschermd wonen (formeel en ZZP) op de onderdelen: 1. ‘verblijf accommodatie met toezicht op afroep of 24 uurstoezicht’ bedraagt 100% van het inkooptarief Zorg in Natura (ZIN) per etmaal indien de zorg bij een instelling wordt ingekocht. Indien de zorg een ZZP-er wordt ingekocht bedraagt het tarief 85% van het inkooptarief ZIN, na aftrek huisvestingscomponent;

verpleging zijn tarieven gebaseerd op ondersteuning die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep en gebaseerd zijn op het bij de uitvoering van de Wlz gangbare tarief voor informele hulpverleners. d. Naast de informele ondersteuning voor de onderdelen onder c. genoemd kan ook professionele ondersteuning worden ingekocht.

2. op de onderdelen Woonbegeleiding complex (intra- en extramuraal) bedraagt 85% van het inkooptarief ZIN per uur; 3. ‘Thuis plus’ bedraagt 85% van het inkooptarief ZIN per etmaal; 4. activering en participatie bedraagt 100% van het inkooptarief ZIN per dagdeel en kan, indien noodzakelijk, een tarief voor vervoer worden gehanteerd van € 5,58 per dagdeel; b. beschermd wonen ingeval verblijf en inwoning plaatsvindt bij een instelling die de wooncomponent in rekening brengt is 100% van het Zorg in natura tarief; c. beschermd wonen (informeel) is modulair samengesteld en opgebouwd uit de volgende onderdelen: 1. toezicht, waarvan het tarief wordt vastgesteld op basis van één wettelijk minimumuurloon per dag; 2. begeleiding/ondersteuning, waarvan het tarief € 20,- per uur bedraagt en 3. vakantie/respijtzorg waarvan de hoogte gelijk is aan 8,33% van de voorgaande onderdelen zoals onder h. genoemd en voor zover noodzakelijk; d. dagbesteding kan in het kader van beschermd wonen niet informeel worden geleverd; e. naast de informele ondersteuning kan ook professionele ondersteuning worden ingekocht;

7. Het college geeft bij nadere regels verdere invulling aan het bepaalde in de voorgaande leden. 8. Onder formele ondersteuning wordt verstaan ondersteuning door cliënt met een pgb ingekocht van derden op basis van een door het college goedgekeurde overeenkomst en bij natuurlijke personen bovendien in het kader van een hulpverlenend beroep. 9. Onder informele ondersteuning wordt verstaan ondersteuning die niet wordt verleend in het kader van een hulpverlenend beroep. Artikel 13 wordt gewijzigd als volgt: Bestaande tekst Artikel 13. Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning

Nieuwe tekst Artikel 13. Kwaliteitseisen maatschappelijke ondersteuning

1. Aanbieders zorgen voor een goede kwaliteit van voorzieningen, eisen met betrekking tot de deskundigheid van beroepskrachten daaronder begrepen, door: a. het afstemmen van voorzieningen op de persoonlijke situatie van de cliënt; b. het afstemmen van voorzieningen op andere vormen van zorg en ondersteuning; c. erop toe te zien dat beroepskrachten tijdens hun werkzaamheden in het kader van het leveren van voorzieningen handelen in overeenstemming met de professionele standaard; d. voor zover van toepassing, erop toe te zien dat de kwaliteit van de voorzieningen en de deskundigheid van beroepskrachten tenminste voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de in de toepasselijke sector erkende keurmerken. 2. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de aanbieders, een jaarlijks cliënt ervaringsonderzoek, en het zo nodig in overleg met de cliënt ter plaatse controleren van de geleverde voorzieningen.

Artikel 20 komt te luiden als volgt: Bestaande tekst Artikel 20. Klachtregeling

1. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van de klachtregelingen van aanbieders door periodieke overleggen met de aanbieders en een jaarlijks cliënt ervaringsonderzoek.

1. Aanbieders zorgen voor een goede kwaliteit van voorzieningen, eisen met betrekking tot de deskundigheid van beroepskrachten daaronder begrepen, door: a. het afstemmen van voorzieningen op de persoonlijke situatie van de cliënt; b. het afstemmen van voorzieningen op andere vormen van zorg en ondersteuning; c. erop toe te zien dat beroepskrachten tijdens hun werkzaamheden in het kader van het leveren van voorzieningen handelen in overeenstemming met de professionele standaard; d. voor zover van toepassing, erop toe te zien dat de kwaliteit van de voorzieningen en de deskundigheid van beroepskrachten tenminste voldoen aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor de in de toepasselijke sector erkende keurmerken. 2. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van deze eisen door periodieke overleggen met de aanbieders, een jaarlijks cliënt ervaringsonderzoek, en het zo nodig in overleg met de cliënt ter plaatse controleren van de geleverde voorzieningen. 3. Het college kan bij nadere regeling bepalen welke verdere eisen worden gesteld aan de kwaliteit van de voorzieningen, eisen met betrekking tot de deskundigheid van beroepskrachten daaronder begrepen.

Nieuwe tekst Artikel 20. Klachtregeling 1. Aanbieders stellen een regeling vast voor de afhandeling van klachten van cliënten ten aanzien van alle voorzieningen. 2. Onverminderd andere handhavingsbevoegdheden ziet het college toe op de naleving van de klachtregelingen van aanbieders door periodieke overleggen met de aanbieders en een jaarlijks cliënt ervaringsonderzoek.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10566379/1